20220415 Bestuurlijke notitie TenneT start project hoogspanningsverbinding.pdf
Tekst van het document
NOTITIE
Bestuurders gemeenten en provincies binnen zoekgebied voor een nieuwe hoogspanningsverbinding tussen de hoogspanningsstations Geertruidenberg en Krimpen aan den IJssel
AAN
CLASSIFICATIE DATUM
C1 - Publieke Informatie 15 april 2022
REFERENTIE VAN
Lith, Itske van
TER INFORMATIE
TER BESLUITVORMING
NIEUWE 380KV-HOOGSPANNINGSVERBINDING GEERTRUIDENBERG – KRIMPEN AAN DEN IJSSEL of CRAYESTEIN Aan de manager/wethouder/gedeputeerde wordt gevraagd: •
Kennis te nemen van de voornemens van TenneT en het ministerie van EZK om de mogelijkheid van een nieuwe (extra) 380kV-hoogspanningsverbinding tussen de hoogspanningsstations Geertruidenberg en Krimpen aan den IJssel of Crayestein te onderzoeken en voor te bereiden;
•
Akkoord te gaan met ambtelijke deelname aan het voorbereidingsproces;
•
Zomer 2022 deel te nemen aan een bestuurlijk overleg met EZK, TenneT en betrokken gemeenten en provincie(s) over het voornemen en het participatieplan.
Inleiding Verwacht wordt dat het elektriciteitstransport en het elektriciteitsverbruik in Nederland, als gevolg van de energietransitie, de komende (tientallen) jaren sterk gaat stijgen. Als gevolg hiervan voorziet TenneT dat er omstreeks 2030 een extra 380kV-hoogspanningsverbinding nodig is in het gebied tussen de hoogspanningsstations Geertruidenberg en Krimpen aan de IJssel. Hierbij zijn er twee nettechnische oplossingen mogelijk voor het oplossen van het knelpunt in het transportnet: •
Een nieuwe hoogspanningsverbinding tussen Geertruidenberg en Krimpen aan de IJssel;
•
Een nieuwe hoogspanningsverbinding tussen Geertruidenberg en Crayestein.
TenneT heeft aan het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) gevraagd voor deze opgave een projectprocedure met toepassing van de Rijkscoördinatieregeling (voor energieprojecten van nationaal belang)te starten. EZK en TenneT willen hierbij met de betrokken provincies, gemeenten en de regionale netbeheerders een regionale werkgroep inrichten, om – in lijn met de toekomstige Omgevingswet – gezamenlijk toe te werken naar een ruimtelijk besluit over de inpassing van de nieuwe hoogspanningsverbinding. In 2022 wordt hiermee gestart. Het voorkeurstracé wordt naar verwachting in 2024 vastgesteld. De gewenste ingebruikname van de verbinding is 2030.
DATUM PAGINA
TenneT TSO B.V. 15 april 2022 2 van 4
De opgave De bestaande 380kV-hoogspanningsverbinding tussen de hoogspanningsstations Geertruidenberg en Krimpen aan den IJssel maakt onderdeel uit van de landelijke ringstructuur van 380kV-verbindingen. Het 380kV-net is de ruggengraat van het landelijk hoogspanningsnet. Het 380kV-net transporteert de grootschalig opgewekte energie door heel Nederland én van en naar het buitenland. De ringstructuur van het 380kV-net zorgt voor en vergroot de robuustheid van het elektriciteitsnet in Nederland en daarmee de leveringszekerheid. Het Nederlandse 380kV-net heeft verbindingen naar kustlocaties waar grootschalig productievermogen is aangesloten en verbindingen met Duitsland, België, Noorwegen, Groot-Brittannië en Denemarken. De verbinding tussen Geertruidenberg en Krimpen aan den IJssel is een belangrijke verbinding in de landelijke 380kV-ring. De verbinding faciliteert een grote energiestroom vanuit o.a. het Eemshavengebied in het noorden van Nederland (en Duitsland) naar de Randstad en het zuiden (en België). TenneT ziet op basis van analyses, die uitgevoerd zijn als onderdeel van het tweejaarlijkse Investeringsplan, een knelpunt op de verbinding Geertruidenberg – Krimpen aan den IJssel ontstaan. Voorzien wordt dat het energietransport tussen het noordoosten en het zuidwesten van Nederland sterk zal groeien.
Dit komt door de toenemende elektriciteitsproductie in het Eemshavengebied en door toenemende internationale energietransporten tussen Noord-Duitsland en België. Daarnaast wordt er een substantiële groei van duurzaam opgewekte energie, zoals zonne-energie, voorzien en een sterke verhoging van het elektriciteitsverbruik, als gevolg van de energietransitie. Door de toenemende druk op het 380kV-net zal de huidige (opgewaardeerde) verbinding tussen Geertruidenberg en Krimpen aan den IJssel omstreeks 2030 niet meer kunnen voldoen aan de benodigde transportcapaciteit. Zonder uitbreiding van het 380kV-net gaat dit leiden tot het niet kunnen aansluiten van zowel leveranciers als gebruikers op het elektriciteitsnet en risico’s met betrekking tot de leveringszekerheid. Een nieuwe hoogspanningsverbinding tussen Geertruidenberg en Krimpen aan de IJssel of Crayestein betekent ook dat de hoogspanningsstations, waarop de verbinding aansluit, moeten worden uitgebreid. Iedere twee jaar maakt TenneT een Investeringsplan. Dan wordt de nut en noodzaak van alle nieuw geplande verbindingen (opnieuw) bekeken. Uit de meest recente analyses van TenneT, die gedaan zijn voor het Investeringsplan 2022 komt de noodzaak voor de nieuwe verbinding tussen Geertruidenberg en Krimpen aan den IJssel naar voren. Eenzelfde capaciteitsprobleem ontstaat tussen Vierverlaten en Ens en tussen Diemen en Ens.
Ook hier is gestart met het onderzoek naar de mogelijkheid van een nieuwe (extra) 380kV-hoogspanningsverbinding.
DATUM PAGINA
TenneT TSO B.V. 15 april 2022 3 van 4
Huidige capaciteitsuitbreiding Op dit moment wordt de capaciteit van de bestaande hoogspanningsverbinding tussen de hoogspanningsstations Geertruidenberg en Krimpen aan den IJssel verhoogd van 2,5 kA naar 4,0 kA1. Deze capaciteitsvergroting leidt er toe dat de bestaande knelpunten, die er nu op de verbinding zijn, opgelost worden. Bij de uitgevoerde analyses is al rekening gehouden met deze capaciteitsvergroting. TenneT voorziet echter dat de huidige capaciteitsuitbreiding omstreeks 2030 niet meer voldoende is om de verwachte groei van het elektriciteitstransport op te vangen. Dus ondanks de opwaardering van de bestaande verbinding is er toch een nieuwe hoogspanningsverbinding nodig. Uitgangspunten In het proces om te komen tot een tracé voor de nieuwe hoogspanningsverbinding gaan we oplossingsvrij met de omgeving in gesprek. Dit betekent dat er nog niet door EZK en TenneT varianten zijn bedacht, maar dat we gezamenlijk met de stakeholders gaan onderzoeken welke varianten we moeten gaan onderzoeken. Wel zijn er een aantal uitgangspunten waar de te onderzoeken varianten aan moeten voldoen: •
•
De nieuwe hoogspanningsverbinding verbindt de stations: o
Geertruidenberg en Krimpen aan den IJssel ofwel;
o
Geertruidenberg en Crayestein met elkaar;
De nieuwe hoogspanningsverbinding komt apart van de bestaande hoogspanningsverbinding en bevat dus nieuwe masten. In de toekomstige situatie zijn de nieuwe en bestaande verbinding elkaars back up, in verband met de leveringszekerheid. Om die reden mag een verstoring van de ene verbinding niet leiden tot een verstoring van de andere;
•
De nieuwe hoogspanningsverbinding komt bovengronds. Daar waar inpassing bovengronds echt niet mogelijk is, kan onderzocht worden of over korte afstand de verbinding ondergronds kan worden aangelegd;
•
De nieuwe hoogspanningsverbinding krijgt direct de capaciteit, die de nog op te waarderen bestaande hoogspanningsverbinding tussen Krimpen en Geertruidenberg nu ook krijgt.
1 Meer informatie over dit project is te vinden op: Beter Benutten Krimpen a/d IJssel - Geertruidenberg - TenneT
DATUM PAGINA
TenneT TSO B.V. 15 april 2022 4 van 4
Het proces Formeel gezien is het ministerie van EZK – op grond van de rijkscoördinatieregeling - verantwoordelijk voor de inpassing van nieuwe hoogspanningslijnen van 220 kV of hoger. Het ministerie van EZK wil de voorbereiding van de ruimtelijke besluiten bij voorkeur in gezamenlijk overleg met de betrokken provincies en gemeenten doen. Aan de betrokken provincies en gemeenten zal ter zijner tijd een advies gevraagd worden ten aanzien van het meest gewenste tracé, het zogenaamde voorkeurstracé. Gezamenlijke uitvoering Om gezamenlijk uitvoering te geven aan het proces stellen EZK en TenneT voor om een ambtelijke werkgroep in te stellen van de provincies, gemeenten en regionale netbeheerders binnen het zoekgebied. In de werkgroep worden de benodigde stappen gezamenlijk voorbereid en vastgesteld. Daarbij kan voor de periode tot het vaststellen van het ruimtelijke plan aan de volgende processtappen gedacht worden: •
Formuleren van kaders en randvoorwaarden voornemen en participatieplan (Q2 2022);
•
Reageren op zienswijzen kennisgeving voornemen en kennisgeving participatieplan (Q3 2022);
•
Formuleren van Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) ten behoeve van de milieueffectrapportage (Q3 en Q4 2022);
•
Reageren op zienswijzen NRD (Q1 2023);
•
Formuleren van milieueffectrapportage en integrale effectanalyse (2023);
•
Formuleren/onderbouwen van voorkeurstracé (2024);
•
Vaststellen van ruimtelijk inpassingsplan (onder Omgevingswet “projectbesluit”, gewenst eind 2026).
Eerste processtap In het kader van de eerste processtap (het formuleren van het voornemen en participatieplan) is het voorstel om de werkgroep (via gezamenlijke bijeenkomsten) te betrekken bij: •
Het formuleren van de kaders en randvoorwaarden die aan de opgave verbonden worden;
•
Het in beeld brengen van relevante stakeholders;
•
Het opstellen van een participatieplan (voor het betrekken van stakeholders bij het proces);
•
Inbrengen van gebiedsinformatie.
Het is de bedoeling dat deze stap leidt tot de concept-beschrijving van het voornemen en participatieplan. Beide stukken worden in een bestuurlijk overleg (van gemeenten, provincie(s), TenneT en EZK), vastgesteld, alvorens EZK over gaat tot publicatie. Tijdsinvestering Van betrokken gemeenten en provincies wordt niet gevraagd om zelf stukken te schrijven. Wel wordt van hen gevraagd om inhoudelijk mee te denken, deel te nemen aan ambtelijke werkgroepbijeenkomsten en geschreven stukken te becommentariëren. Het tijdsbeslag dat dit vraagt zal per fase van het project variëren. Het gemiddelde verwachte tijdsbeslag is circa 1 tot 2 dagdelen per maand. Let wel: hierin zit niet het verwachte tijdsbeslag opgenomen van werkzaamheden voortvloeiend uit dit project, zoals het adviseren en informeren van lokaal bestuur en politiek. Omdat dit zeer van de lokale situatie en wensen afhangt, valt hier geen algemene inschatting van te maken.