20220126 Beantwoording vraag over onvoorzien tijdens de commissie grote projecten.pdf
Tekst van het document
Vraag over de risicobuffer in het budget van Huis van Stad en Regio Tijdens de technische sessie is door de bouwdirecteur op een vraag van BvD geantwoord dat in de berekening van de investeringskosten rekening is gehouden met 6% onvoorzien. BvD vraagt zich af of dit percentage een voldoende grote risicobuffer oplevert en of er niet beter rekening gehouden kan worden met 10% onvoorzien. Antwoord De gemeenteraad van Dordrecht heeft geen besluit genomen over de maximale investeringskosten. De raad heeft een besluit genomen over de maximale jaarlijkse huisvestingslasten. Deze zijn vastgesteld op 3,3 miljoen met ingang van 2024. Op deze budgettering wordt het project gestuurd. Tijdens de technische sessie is toegelicht op welke wijze de jaarlijkse huisvestingslasten worden beïnvloed door de investeringskosten. Daarbij is ook inzicht gegeven in de wijze waarop de investeringen zijn opgebouwd. De hoofdcomponenten zijn: grondkosten, bouwkosten (te betalen aan de aannemers), honoraria en bijkomende kosten, prijsstijgingen en onvoorzien. Voor de post onvoorzien is een gemiddeld percentage van 6% toegepast. Het percentage van 6% is realistisch voor nieuwbouwprojecten van deze omvang, waarbij geen sprake is van complexe ondergrondse constructies of verbouwingen van reeds bestaande (monumentale) gebouwen.
Tijdens de technische sessie is ook duidelijk aangegeven dat de gemeente op dit moment rekening moet houden met excessieve prijsstijgingen op de bouwmarkt. Dergelijke prijsstijgingen kunnen niet worden opgevangen met de post onvoorzien. Tijdens de technische sessie zijn investeringsbedragen genoemd voor verschillende onderdelen van het project. De daaruit volgende consequenties voor de jaarlijkse huisvestingslasten zijn eveneens inzichtelijk gemaakt. Daarbij is rekening gehouden met het voornemen om voor dit project een specifieke lening aan te trekken. Uit de getoonde doorrekeningen blijkt dat het project met de huidige investeringen binnen het door de raad vastgestelde budget van 3,3 miljoen kan worden gerealiseerd. Er is ook inzicht gegeven in het effect van een forse aanvullende stijging van de bouwkosten voor de jaarlasten van de gemeente. Ook deze zijn op te vangen binnen het budget. Daarmee kan worden vastgesteld dat de budgettaire ruimte om onvoorziene omstandigheden op te vangen veel groter is dan 6%.