CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

2022-09-06 Notulen Gemeente Dordrecht Dordtse Dinsdag - vastgesteld.pdf

Dordtse Dinsdag – Beeld- en oordeelsvormende commissies 6 september 2022, gemeente Dordrecht52.715 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 5 van 5

Dat die ook die vrijheid voelen om dat te kunnen doen en als er regels zijn of belemmeringen daarin zijn, die op een nnensgerichte manier werken in de weg staan, dan moeten we dat niet doen. De voorzitter: Helder. Wie nog reactie? Dan gaan we door naar stelling vier.

Mevrouw Van Oostrom-van der Merden: Ja, het enige wat ik nog wilde opmerken is inderdaad ik hoor maatwerk en uiteraard het is mensenwerk, het is maatwerk, maar verordening is er ook voor inderdaad om toch een bepaalde uniformiteit, waar voor iedere inwoner duidelijk is wat je wel en wat je niet kan krijgen. Dus helemaal, ik snap

80

jullie punt. Ergens moet je natuurlijk ook wel een generiek lets hebben en moet je natuurlijk om ervoor te zorgen dat iedere professional op een unifornne wijze in ieder geval zaken bespreekt met een client en nou

De voorzitter: De heer Den Heijer wil nog een korte toevoeging doen naar aanleiding van wat u zegt. De heer Den Heijer: Ja, ook vanuit een ander perspectief wat u zegt is dat je ook door heldere regels te stellen ook de professionals, hoe zeg je dat In een veilige sfeer laat werken, want als het op een gegeven moment onduidelijk is wat wij verwachten en onduidelijk is wat de regels zijn en alles wordt weg Het is nu helemaal hip om over alles menselijke maat en dat neigt dan naar willekeur en als die professioneel echt alles zelf moet kiezen en helemaal geen handvatten meer heeft, dus in dat opzicht zou zes nnaanden een richtpunt kunnen zijn, maar het zou Mevrouw Van Oostrom-van der Meijden: Nou ja, je wil willekeur voorkomen en professionals willen natuurlijk ook voorkomen, tegenwoordig iedereen is heel mondig en alles en inderdaad, waar nnensen denken recht op te hebben zijn ze Dus daar moet je natuurlijk ook mee oppassen, dus voor professionals is het ook heel fijn om gewoon duidelijke regels te hebben en dat is niet alleen voor de inwoner maar ook voor de professionals. Ja, eens. Dan de laatste stelling en dan gaat het over het perspectiefplan. Dat is een plan wat je als professionals samen opstelt met de jeugdigen en zijn of haar ouders en verzorgers.

Daarvan zeggen we eigenlijk is het nou belangrijker dat een inwoner helemaal blij is, helemaal achter zijn eigen plan staat, is dat dan belangrijk? En zich echt eigenaar voelt van dat plan. Of is het belangrijker dat het helemaal klopt en volledig is volgens de jeugdprofessional? De voorzitter: Goed, wie wil het woord? Moet het voor de inwoners senang voelen of voor de professionals goed voelen? Mevrouw Van Engelen. Mevrouw Van Engelen: Ja, dank u wel, voorzitter. Ik ben hier op tegen het heeft vooral te nnaken dat ik heel erg geloof in juist de goede jeugdprofessionals bij de client zoeken. Dat is misschien een beetje een luxe streven of een luxewens, maar daar moeten we wel voor gaan, denk ik. En ja, ik vind het wel heel erg belangrijk dat ze zich eigenaar van het plan voelen en dat je zelf ook de leiding over pakt waar je zelf aan bij hebt gedragen, maar ik denk als je de goede professional koppelt aan de client, want het is toch, je houdt prive en werk gescheiden, maar je hebt toch menselijk werk, dus ja, menselijke band. Dan denk ik ja, dan moet die professionals en ook achter staan. Ik denk dat dat de gouden combinatie is. De voorzitter: Wie reageert? Mijnheer De Heer. De heer De Heer: Ja. Het is een - dank u, voorzitter - het is toch een beetje een woordenspel. Connplinnenten voor de stellingen overigens, want ze zijn goed scherp.

Waar ik dan naar kijk is vooral het woord volledig. Dat de jeugdprofessional volledig achter het perspectiefplan staat. Ik denk dat ik dan liever heb dat een inwoner blij is en dat die jeugdprofessionals een beetje water bij de wijn heeft moeten doen, dan dat de

81

jeugdprofessional er volledig achter staat, maar de inwoner niet blij is met het perspectiefplan De voorzitter: Dat is weer vanuit een iets ander perspectief belicht. Wie wil reageren? Mijnheer Boersma. De heer Boersma: In aanvulling daarop, want ik zat net al even te kijken dat BMCverhaal. Daar staat juist in dat uit onderzoek is gebleken dat de invloed van de inwoner op de gestelde doelen en het plan van aanpak cruciaal zijn voor het slagen van dit plan. Dus het is wel duidelijk dat de bewoner of het gezin voldoende betrokken moet zijn bij dat perspectiefplan, want dat is bepalend of dat gaat slagen of niet. Er wordt ook geconstateerd dat er eigenlijk wel vaker onvoldoende tijd en continuiteit is in dan de professionals qua tijd, qua wisselen van professionals, om dan daar voldoende aandacht aan te besteden.

Dus ik denk dat je vooral daarop ook moet investeren en dat je dan uiteindelijk Nou ja, goed, ik ben altijd een beetje een middenman, dus ik heb altijd moeite met dit soort stellingen, maar dat je volgens mu j ook dan ook ergens misschien in het midden uit moet komen en dat je een perspectiefplan hebt waar dus iemand bij betrokken is en ook gelooft dat die draagkracht weer gaat versterken en dat zo'n gezin of een jongere dan weer op eigen kracht verder kan, maar uiteindelijk moeten professionals er ook in geloven en als een professionals niet in het plan gelooft, dan kan ik me niet voorstellen dat je als professionals dan hard gaat lopen om dat plan te verwezenlijken. Ondanks dat misschien zo'n gezin denkt van yes, dit is het, dit gaan we fiksen. Dus, nou ja, denk dat ze er alle twee achter moeten staan, maar dat je wel en dat zou misschien nog beter kunnen en dat zegt dat BMC-rapport ook, zorg dat dan de betrokkenen daar ook in ruime mate onvoldoende bij betrokken is en daar ook achter staat. De voorzitter: Bedankt. Het woord is aan de heer De Boer. De heer De Boer: Dank u wel, voorzitter. Het plan moet staan als een huis, een.

Daarna moet de inwoner of de client vertrouwen hebben natuurlijk in het plan en ook in de jeugdprofessionals, maar goed, als die jeugdprofessional nou eens een keer weggaat en er komt een ander en er komt weer een ander en er komt weer een ander, dan krijg je zoiets van ja, dan moet ik in m'n jeugdprofessional dus ik zeg het plan moet echt wel leidend zijn en dan maakt het niet uit wie dat begeleidt. Het liefst door een persoon. De voorzitter: Oke, bedankt. Wie volgt? Mijnheer Van Ballegooijen. De heer Van Ballegooijen: Ja, dank u wel. Ik wilde even reageren op wat de heer Boersma zei. Waar ik het wel mee eens ben dat, uiteindelijk is het natuurlijk een stuk balans, maar ik vind het belangrijk om een ander deel uit het rapport, of dat de glossy te noemen. Ja, glossy, dat is hoe het heet, dus dan ga ik het noemen ook. Nee er wordt ook gezegd dat het belangrijk is dat het proces veilig is, maar dat er ook niet teveel gepannperd moet worden. Dat er soms ook best een klein beetje druk op iemand moeten worden gezet om aan een verbeterproces te beginnen en najaar, maar ook uit eigen ervaring kan ik zeggen ja, dat is af en toe nodig en daarnnee moet het ook niet te veilig zijn dat perspectiefplan dat een inwoner heel blij met een perspectiefplan moet niet

82

betekenen dat daar zeer weinig tot geen voortgang uiteindelijk uitkomt. Die kant van de balans wil ik toch ook heel even benoemen.

De voorzitter: De heer Van Dam. De heer Van Dam Timmers: Dank, voorzitter. Ja, ik kan me hier wel bij aansluiten wat de heer Van Ballegooijen ook zegt. Ik denk het is denk ik belangrijk als je het hebt over het respectieve plan heeft een inwoner natuurlijk een hulpvraag en daar komen soms dingen uit die je zelf niet fijn vindt, maar die wel goed voor je zijn. Ja en dan ben je het er misschien op dat moment nog zelf niet mee eens, maar is dat juist onderdeel van je probleem. Dus als je dan alleen maar er blij nnee moet zijn, dan kom je niet op de plek waar je uiteindelijk, of waar je uiteindelijk met elkaar wil komen. Dus ik denk dat het juist heel logisch is dat je in het begin niet zo blij bent met je plan, omdat je nog een hoop stappen zetten. De voorzitter: Wie dan nog? Ja, mevrouw Simon. Mevrouw Simon -van Waardhuizen: Dank, voorzitter. Ik sluit me ook in grote lijnen aan bij de heer Van Ballegooijen. Voor nnij is het echter enige aversie in het woordje belangrijker, dat is alsof je een soort van waardeoordeel aan de voorkant dan neerlegt over wat in het traject belangrijker is in dit geval.

Ja, ik zou bijna zeggen in geval van twijfel moet je er misschien niet aan beginnen, zowel als client die eigenaar moet zijn van het plan als de jeugdprofessional die je dan vervolgens ook achter moet gaan staan en de client moet gaan begeleiden en pamperen, geenszins, maar ik denk dat er voor beide kanten wel enig gevoel van comfort moet zijn.

De voorzitter: Mevrouw Van Engelen nog. Ja. 0, ik dacht dat je gebaarde. Ja. Is er iemand die nog wil reageren op wat er is ingebracht? De heer Boersma: Voorzitter, nog een opnnerking dan misschien erover De voorzitter: Ja, de heer Boersma. De heer Boersma: Ja, dat pamperen, met het gevaar dat het een beetje een woordenstrijd wordt, want er staat niet teveel pamperen. Kijk, een aantal collega raadsleden die weten innniddels met een klein baby'tje begingen met pamperen, dan begin je met kleine pampertjes en na verloop van tijd wordt dat allemaal wat harder dat spul en dan ga je een keer zo'n kind eens op zo'n potje zetten, dat hij helemaal niet leuk vindt. Dus daar zit ook een soort opbouw in. Dat is terecht van niet alleen pamperen of niet teveel pamperen, er mag ook best een beetje druk op. Er mag ook een beetje een uitdaging in zitten die niet leuk is. Maar goed, dat zijn dus twee kanten van de medaille en volgens nnij zijn we het allennaal best met elkaar eens. De voorzitter: We zijn het best wel met elkaar eens. Nou, wie weet zijn we het best wel met elkaar eens. Het woord is nog even aan mevrouw Van Oostrom onn die stellingen, dat gedeelte af te sluiten, om eventuele vragen nog te beantwoorden.

83

Mevrouw Van Oostrom-van der Meijden: Ja, vragen heb ik niet echt gehoord. Ik heb inderdaad eens, oneens gehoord. Ook alweer de middenmoot inderdaad. Ja, inderdaad en ik vond de klik oak inderdaad wel een hele mooie, want wij zullen allebei vertrouwen in moeten hebben, maar eerst natuurlijk wie moet er dan Ik hoorde op een gegeven moment water bij de wijn of die moeten dan even wat Nou ja, daar gaat het natuurlijk am. Ja, we nemen het mee. De voorzitter: Bedankt, ja. Mevrouw Van Oostrom-van der Meijden: Dan ben ik, zijn wij klaar met onze stellingen. De voorzitter: Ja. Mooi, dank u wel. Dan gaan we deze vergadering oak maar afsluiten. Procesvraag, ja, dat kan u. De heer Den Heijer: Nu zijn de stellingen gedaan, heeft iedereen op kunnen reageren. Dat heet dan consultatie en wat gebeurt daar dan nu precies mee? Dat verschilt nannelijk wel wat voor iedereen gezegd heeft in deze tafel. De voorzitter: Nou ja, dat heb ik aan het begin even genoemd en dat wilde ik sowieso nog even noemen. Onze input wordt nneegenomen door de annbtelijke ondersteuning. Dat verwerken ze wel of niet in wat het uiteindelijk wordt en het college neemt dat wel of niet over. Maar we zijn wel geconsulteerd, ja.

Daar kan ik nog aan toevoegen dat er volgende week nog een sessie is over jeugd Of nee, over twee weken, over jeugdhulp en dan gaat het over sturen op jeugdhulp en daar wordt natuurlijk oak onze input weer verwacht en dan kunnen we oak weer bijsturen waarschijnlijk. Zijn er nog andersoortige vragen over? Nee?

Sluiting De voorzitter: Dan sluiten we deze vergadering en dan hebben we even pauze. Mooi.

12.RV inzet POK-middelen voor kerntaken Sociaal Wijkteam Voorzitter: mevr. Pichel Raadsgriffier: mevr. Van Poppel Verslag: NotuBiz

Opening De voorzitter: Goedenavond, iedereen. Moet ik de gong aanzetten? Wat leuk, ik mag oak op het belletje drukken. Welkom iedereen. De voorzitter: Welkom bij oordeelsvormende sessie van het instemmen met de inzet van de POK-middelen voor de kerntaak van het Sociaal Wijkteam. Voordat we ermee gaan beginnen, gaan we even een rondje maken wie allemaal aanwezig zijn en dan ga ik achteraan beginnen om u even voor te stellen. De heer Van Dam Timmers: Jan van Dam Tinnnners, CDA Dordrecht.

84

De heer Remijn: Mathijs Remijn, CDA Dordrecht. Mevrouw Van Engelen: Yara van Engelen, GroenLinks Dordrecht. De heer Burakgin: Necdet Burakgin, GroenLinks Dordrecht. De heer Boersma: Jan Willem Boersma, ChristenUnie/SGP. De heer De Heer: Robert de Heer, ChristenUnie/SGP. Mevrouw Vol -van der Hoist: Danielle Vol -van der Hoist, Partij voor de Dieren. De heer Van Ballegooijen: Luca van Ballegooijen, Dordtse VVD. De heer Van Leeuwen: Van Leeuwen, PVV. Mevrouw Van Poppel: Denise van Poppel, commissiegriffier. Mevrouw Van Benschop: Chris van Benschop, wethouder WMO. Mevrouw Verkade: Dorrit Verkade, annbtelijke ondersteuning. De heer Van der Spoel: Wouter van der Spoel, PvdA Dordrecht. De heer Katif: Jacques Katif, Beter Voor Dordt. De heer De Boer: Robbert de Boer, Op Ons Eiland. De heer Kolkilic: Masum Kolkilig, DENK. Mevrouw Striebeck: Bernadette Striebeck, VSP. De heer De Vries: Andre de Vries, VSP. De heer Okkerse: Mario Okkerse, SP Dordrecht. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk even achter me. Dat is niet nodig. Ik wist even niet wie er zat. Ruby Pichel, voorzitter, voor wie het niet weten, nnaar ik denk dat iedereen het wel weet. Ja, laten we even kijken naar het doel van de bespreking.

De agendaconnmissie heeft 21 juni besloten naar aanleiding van een funderingsverzoek van CDA, GroenLinks en SP een beeldvornnende en oordeelsvornnende vergadering in te plannen met de volgende politieke vragen. Ja, ik wil echt beginnen om de partijen het woord te geven en deze vragen te behandelen en wie zou daarmee willen beginnen? Gaat uw gang. De heer Remijn: Dank u wel, voorzitter. CDA Dordrecht vindt het van groot belang dat het Sociaal Wijkteam haar kerntaken naar behoren kan uitvoeren en vooral blijvend kan uitvoeren. Wijkteams zijn in de uitgelezen positie om problemen in gezinnen vroegtijdig te signaleren en snel in te kunnen grijpen. Juist in deze tijden van crisis hebben we de

85

ogen en de oren in de wijk nodig, hard nodig. Als gemeente kunnen we de waarde van het vangnet dat het Sociaal Wijkteam biedt niet tekort doen. Om de kerntaken goed uit te kunnen voeren is het van belang dat deze structureel gefinancierd warden. De POKnniddelen waarover het raadsvoorstel gaat zijn namelijk incidentele middelen en geen structurele middelen. Het CDA Dordrecht vindt dat onwenselijk. Er zijn gezinnen met kinderen die vrijwel continu zorgen hebben. Zoals bekend stapelen de problemen zich monnenteel op. Het is steeds meer duidelijk dat de incidentele inzet van middelen die nu geboden wordt geen duurzame oplossing is. Om structurele problemen aan te pakken is er oak structurele barging nodig. Wij vragen ons af op welke wijze de wethouder voornennens is de wijkteams te financieren en of dit op structurele basis mogelijk is na volgend jaar. Dank u wel, voorzitter. De heer Van Leeuwen: Even een vraag als het mag, voorzitter. De voorzitter: Gaat uw gang. De heer Van Leeuwen: Nou, de PVV is volledig met u eens dat de sociale wijkteams een hele nuttige positie hebben binnen elke wijk, dus wat dat betreft prima. We vinden dus oak dat die wijkteams gefinancierd nnoeten warden, alleen ik heb begrepen uit de stukken dat er problemen ontstaan.

Dus er is nu incidenteel geld, laat ik het zo even zeggen en volgend jaar, het jaar erop, ontstaan er problemen omdat een deel van het incidentele geld wegvalt. Dat zou je dus kunnen gaan opvullen met andere incidenteel geld. Wat ons betreft, je zou kunnen zeggen nou, dan zijn die wijkteams gewoon de komende jaren gefinancierd zoals in het collegevoorstel staat weergegeven. Wij hebben wat moeite met het op dit moment invullen, structureel invullen van allerlei budgetten omdat we te nnaken hebben op dit moment met een enorme crisis, zoals u weet. Voor de Dordtse inwoners onder andere de energiecrisis. Wij kunnen die niet als genneente oplossen, laten we even duidelijk zijn, maar ik vind wel dat wij als gemeenteraad een verantwoordelijkheid hebben naar de inwoners toe am in ieder geval een stukje prioritering aan te brengen van wat willen wij nou. Dat debat, dat kunnen wij geven aan de inwoners van Dordt, hoe kunnen we ze ondersteunen, is nog niet gevoerd en daarom vind ik het nu wat te vroeg am nu op dit moment al te spreken van structureel geld. Dus het invullen, zoals het collegevoorstel aangeeft, met incidenteel geld dit jaar, het jaar daarop vind ik prima, want de wijkteams moeten toch door kunnen. Maar het beslismoment dat vind ik dat het wat later moet komen als je het hebt over structureel geld. Dus hoe staat u daar tegenover? De heer Remijn: Ja, een vrij lange vraag.

De heer Van Leeuwen: Sorry voor de lange vraag. (buiten microfoon) De heer Remijn: Geen probleem. Volgens mu j is de vraag met name hoe wij tegenover structurele financiering staan in het kader van de crisis. De vraag is aan de wethouder, is het mogelijk am op structurele basis naar de komende jaren te financieren en oak zo de crisis in ogenschouw houdend. Dus ik denk dat dat in de vraag opgesloten zit. De heer Van Leeuwen: Ja, ik zie al een beetje, nnaar

86

De voorzitter: Mijnheer Van Leeuwen, kunnen wij misschien nog andere vragen tot later bewaren. Ik wil graag eerst deze partijen de kans geven om hun vragen te stellen en de portefeuillehouder te beantwoorden. Dan kunnen we daarna nog vragen stellen. Aan wie kan ik verder het woord geven van de andere partijen? 0, ja, mijnheer De Boer, is dit Want ik wilde eigenlijk eerst ook de GroenLinks en SP nog het woord geven, tenzij dat niet De heer De Boer: 0, u gaat een rondje? Oke. Ik kan heel kort zijn, dan heb ik gelijk mijn woordvoering gehad want ik sta volledig achter de woorden van mijnheer Van Leeuwen. De voorzitter: Dank u wel. De heer De Boer: Ja. De voorzitter: Ik zie mijnheer Burakcin naar de microfoon grijpen. Gaat uw gang. De heer Burakcin: Ja, dank u wel, voorzitter. Om in te gaan op de gestelde politieke vragen, gaat de connnnissie akkoord met het incidenteel financieren van structureel gat in de financiering om de kerntaak van het Sociaal Wijkteam uit te voeren. Kijk, zoals het CDA ook verwoordde, vinden wij natuurlijk dat de kerntaken van het wijkteam gewoon goed uitgevoerd nnoeten worden en het is natuurlijk geen gewenste ontwikkeling dat dit incidenteel gefinancierd wordt. Dus voor de toekonnst zouden wij zeker willen zien dat dit op een gepaste manier opgelost wordt en dat dit structureel gefinancierd wordt.

Nou goed, we hebben natuurlijk op dit moment ook te maken met enorme ontwikkelingen binnen het zorgdomein, dus wat ons betreft kan dit nu ingezet worden, nnaar voor de toekomst zouden we het daar toch graag verandering in willen zien. We hebben zelf ook een politieke vraag gesteld. Ja, hoe kunnen we POK-nniddelen inzetten voor innovatie en werkelijk structureel oplossingen vinden voor de problemen zoals de wachtlijsten. Ja, voorzitter, wij vinden toch wel dat een van de belangrijkste is, gezien de ontwikkelingen, de huidige ontwikkelingen met arbeidstekorten, of tenminste, arbeidskrachtentekorten, dat we het college willen vragen om daar gewoon echt vaart te maken, om daar een oplossing voor te vinden, want de wachtlijsten die gaan dadelijk nog verder omhoog en daar zit volgens mij niemand op te wachten. Dus ik zou graag van de wethouder willen horen van of dat zij daar ideeen bij hebben. De voorzitter: Dank u wel. Kan ik nog iennand anders het woord geven? Ja, gaat uw gang. De heer Okkerse: Dank u wel, voorzitter. Ja, het is niet mijn dossier, Ronald z'n dossier, maar die zit hiernaast in de vergadering en wij steunen namelijk wel het voorstel van GroenLinks en CDA.

Ik snap wel de bezorgdheid van de heer Van Leeuwen, aangezien dat we dus crisis hebben en dat het structureel misschien op te lossen is, nnaar wij zien toch graag nieuwe, of sorry, structureel TerwijI u zegt van incidenteel. Wij zien toch llever graag de structurele oplossing. De voorzitter: Dank u wel voor uw input.

87

Mevrouw Vol -van der Hoist: Mag ik ook nog, voorzitter? Sorry. Is dit de standpuntenronde, neem ik aan? De voorzitter: Ik wilde graag inderdaad eerst even nu het woord geven aan de portefeuillehouder am te reageren op deze vragen en vervolgens konnt er een tweede termijn waarop u nog oak vragen kunnen stellen. De voorzitter: Ik denk dat mijn uw gang.

Je hebt gelijk, sorry. Nee, u heeft gelijk, sorry. Gaat

Mevrouw Vol -van der Hoist: Dank u wel, voorzitter. Het doel van de POK-middelen is am dienstverlening aan kwetsbare inwoners te versterken, ontstaan vanwege de toeslagenaffaire. Het Rijk heeft hiervoor 150 miljoen per jaar beschikbaar gesteld. Ik heb uitgezocht dat het tot en met 2027 geldt. Dan volgt evaluatie. Het Dordtse college wil de POK-nniddelen inzetten via sociale wijkteams. Op die manier kunnen er ruinn honderd gezinnen in Dordrecht die te maken hebben met de toeslagenaffaire geholpen warden en bereikt warden. Daarbij wordt er een structurele veiligheid ingebouwd voor alle kwetsbare groepen. Dat is wat ik gelezen heb in het raadsvoorstel en dat vind ik heel mooi. Wij ondersteunen wel de vragen van het agenderingsverzoek. We zijn heel benieuwd naar de uitleg hierover, dus dank aan CDA, GroenLinks en SP en daarnaast kunnen we van de Partij voor de Dieren niet terugvinden hoe de uitvoering gemonitord gaat warden. Dus kan de wethouder daarover nog meer vertellen? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel voor uw vraag. Mijnheer Van Leeuwen? De heer Van Leeuwen: Ja. Ik heb eigenlijk mijn woordvoering al voor een deel gedaan, maar Nou, het Sociaal Wijkteam vervult een belangrijke rol in de wijk als het gaat am het vroegtijdig signaleren van problemen in de wijk op wijkniveau, maar oak zeker op persoonsniveau.

Zelf was ik samen met andere raadsleden in het voorjaar op werkbezoek bij een wijkteam en ik was onder de indruk van de inzet van de mensen daar. Ik was echt onder de indruk, maar niet alles lijkt goed te gaan, maar daar kom ik zo nog even op terug aan het eind van mijn woordvoering. Eerst even over de financien. In de decembercirculaire heeft het kabinet vastgesteld dat een bedrag beschikbaar komt voor onder andere de wijkteams. Dit is incidenteel geld zodat naar de wijkteams toe zou kunnen, zoals in het collegevoorstel is opgenomen. Dus wij staan achter het collegevoorstel. Het is inderdaad waar dat sociale wijkteams te kampen hebben met een structureel tekort, zoals enkele partijen aangeven. Inderdaad zou het financieel juist zijn am voor structurele tekorten met een structureel budget te komen. Echter, we kampen op dit moment met enorme crisis en raad of college zullen zich eerst op korte termijn zich moeten uitspreken over hoe wij de inwoners van Dordrecht kunnen helpen op dat vlak. PVV is er daarom op tegen am nu al structureel geld te gaan bestemmen.

Dat zou bijvoorbeeld wel kunnen over twee jaar of over een jaar als er meer inzichtelijk is of misschien wel in de oktoberronde als het duidelijk is wat wij aan de inwoners van Dordrecht gaan bieden, maar op dit moment vinden we dat wat te snel, maar wel kunnen incidentele gelden voor warden aangewend, zoals in het collegevoorstel is beschreven. Dan even nog een vraag aan de wethouder. Over het werk aan het Sociaal Wijkteam, mijn indruk en die van vele raadsleden is goed. Tennninste, dat hoor ik dan

88

van andere mensen, maar ik hoor ook van verschillende inwoners wat klachten. Nou, afhandeling van zaken duurt soms lang en soms voelt men zich niet geholpen. Mijn vraag aan de wethouder, wellicht is het ook een idee als ook aan de inwoners wordt gevraagd wat zij van het wijkteam vinden en nog breder, hoe het wijkteam nog meer zou kunnen betekenen voor de wijk. Dus kortom, positief gevoel, maar ja, hoe denkt de wethouder erover hoe het wijkteam in de wijk staat, zou het beter kunnen? Dank u wel. De voorzitter: Mooi, dank u wel. De heer Katif: Voorzitter, nnag ik een vraag aan mijnheer Van Leeuwen? We hebben het hier over een structureel probleenn, laten we er eerlijk over zijn. Wijkteams. En u zegt nou, laten we nou incidenteel geld inzetten voor twee jaar. Welke zekerheden geven wij namelijk aan de inwoners als wij lets wat structureel is incidenteel geld moeten gaan financieren? Want in mijn gevoel, financieel klopt dat namelijk niet. Je wil iets doen voor lange termijn en je zet alleen maar indicent... Voor hetzelfde geld is dat incidenteel geld helemaal niet. Ik bedoel, komt die uit de reserves, komt die ergens uit een of andere hoge hoed, ik noem maar wat. De heer Van Leeuwen: U bent al aan het zoeken, zie ik. De heer Katif: Nou ja, ja.

Precies, ik probeer wel even, want '...' waar wil je het zelf even halen? Dus ik zit even te Mijn twijfels Ik wil best het voorstel ondersteunen, maar ik ondersteun hem alleen op het moment dat nnij gegarandeerd kan worden dat een structureel probleenn ook opgelost kan worden. De heer Van Leeuwen: Nou, ik denk dat wij op dit moment, laat ik het zo zeggen, het is hoe je de crisis inschat en hoe je ook je wil laten zien naar de inwoners toe. Ik denk dat er op dit moment gewoon grotere, belangrijkere prioriteiten liggen. Dus eigenlijk vind ik niet dat we nu op 6 septennber kunnen besluiten onn nu structureel dat gat te dichten, want dat gat is al gedicht voor dit jaar, jaar en het jaar erop. Dus in principe, ik zeg absoluut niet dat er geen geld naartoe nnoet. Die incidentele gelden kunnen er direct aan toe, wat de PVV betreft, alleen het moment waarop je zegt van gaan we het structureel dichten, ik vind het netter, ook naar de inwoners toe, om dat wat later te doen. Het zou ook kunnen zijn dat het in oktober of in november at gebeurt met de begroting, als duidelijk is wat gaat er gebeuren richting de inwoners. Dat kan, dan zullen we het voorstel ook ondersteunen, maar op dit moment zoals het nu voorligt zeggen we van laten we ons beperken tot het collegevoorstel. Incidenteel geld de komende tijd en ja, dan kunnen we over enkele maanden nog verder kijken.

Ik vind het net wat te vroeg. De voorzitter: Is uw vraag zo beantwoord? Dan ga ik graag verder met ... De heer Van Leeuwen: Maar even nog een kort antwoord De voorzitter: Mag ik heel even ons, want ... De heer Van Leeuwen: Ik wil een zin toevoegen, als je het niet erg vindt.

89

De voorzitter: Ja, gaat uw gang. De heer Van Leeuwen: In principe heeft u natuurlijk hartstikke gelijk. Ik ben econoom, dus structurele tekorten moet je structureel afdekken. Ik vind ook nood breekt wet op een gegeven moment. Ik vind dat je echt nu richting de inwoners moeten laten zien van wat zijn op dit moment voor ons de prioriteiten. Maar goed. De voorzitter: Dank u wel. Er komt nog een tweede term ijn am verder nog te debatteren. Is er nog iemand die het woord wil nemen? 0, ik zie een hand. Sorry. Gaat uw gang. De heer Van Ballegoollen: Dank u, voorzitter. Ik kan me aansluiten bij de eerdere woordvoeringen dat inderdaad belangrijk is dat de tekorten die er nu zijn kerntaken van het Sociaal Wijkteam warden ingevuld. Ik kan het oak helemaal eens zijn met wat mijnheer Van Leeuwen al zegt vanuit zijn economische achtergrond. In principe is dat het erg belangrijk is am structurele gaten structureel te dichten en niet met incidentele middelen. Dus in die zin steun ik ook wat het CDA zegt. Wat ik me afvroeg, dat is een vraag richting wethouder. Op dit moment, als ik het goed lees, wordt er voor de periode 2023 tot 2026, het wordt over vier jaar worden incidentele middelen ingezet am een structureel gat.

Met eigenlijk tussen de regels door hoar ik bij de heer Van Leeuwen oak al de vraag misschien wel, ik wil niet al te zeer voor hem invullen, maar is dat nodig am dat voor zo'n periode te doen? Want dat principe, structurele middelen met structurele Sorry. Structurele opgaven vullen met structurele middelen is de enige juiste uiteindelijk. Dus voor vier jaar dan incidenteel geld gebruiken van POK-middelen voor het structurele gat, ik hoop dat de wethouder een nnogelijkheid kan vinden met eventueel wat schuiven met middelen onn daar een structurele oplossing voor te vinden. Sneller dan pas over vier jaar. De voorzitter: Dank u wel. Ja. Mevrouw Striebeck: De VSP die gaat akkoord met incidenteel financieel financieren, maar wil oak inzetten op structureel financieren. Met name inzet am wachttijden en wachtlijsten te beheersen is zeer belangrijk, zodat snelle en passende hulp geboden kan warden. Oak is begrijpelijk dat structureel financieren momenteel erg moeilijk is, omdat wij in onzekere tijden zitten. Wij sluiten ons dus oak aan bij de heer Van Leeuwen. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Striebeck. Dan kijk ik nog even rand of ik nog wat zie. Ja. De heer Kolkilic: Dank, voorzitter. Nou, er is natuurlijk heel veel gezegd over het economisch gedeelte, maar bij mijn fractie komt de vraag naar voren, de POK-middelen waren natuurlijk am het vertrouwen in de overheid te winnen.

Sociale wijkteams bestaan momenteel uit kleine partners, bijvoorbeeld de wachttijden verlagen dat zal in de huidige situatie heel moeilijk gaan. Kan de wethouder oak vertellen van wat de uitbreidingsnnogelijkheden zijn van de sannenwerkingspartners bij de sociale wijkteams? En mijn tweede vraag, is er oak een controlemogelijkheid over het uitvoeren van de kerntaak?

90

De voorzitter: Dank u wel voor uw vragen. Zijn er nog andere vragen? Iennand die nog lets wil opmerken? Nee? Wethouder Benschop, dan geef ik u graag het woord.

Mevrouw Van BenschoD: Ja, dank u wel. Ja, allereerst ben ik heel blij om te horen dat de nut en noodzaak van het wijkteam in ieder geval ondersteund wordt en dat deze comnnissie in ieder geval bereid is al dan niet incidenteel of structureel deze kerntaken te versterken. Dus daarnnee beginnend. Iedere collegeperiode wordt er ingespeeld op de ontwikkeling in het sociaal domein en wordt er opnieuw gekeken wat er nodig is en hoe dat gefinancierd zou moeten worden en deze POK-middelen worden ingezet voor twee jaar. Dus daar kan twee jaar nnee gedekt worden en de volgende twee jaar is er geld opgenomen in het politiek akkoord, waarmee de laatste twee jaar ook gedekt wordt. Dus is het incidenteel? Ja, want het is voor vier jaar, nnaar de aanbesteding is ook voor vier jaar en daarna kan er weer een nieuwe afweging gemaakt worden op basis van de dan geldende situatie wat er nodig is. Die POK-middelen zijn bedoeld, werd hier ook al een aantal keer gezegd, om dienstverlening te verbeteren. Dat kunnen we doen door middel van de kerntaken van het Sociaal Wijkteann te versterken. Dus in die zin komende POKnniddelen ook echt ten goede aan daar waar het voor bedoeld is en zetten we ze in via de sociale wijkteanns om de inwoners beter te bereiken en een goede dienstverlening te hebben. Dan werd er nog wat gevraagd over het monitoringverhaal.

In de aanbesteding worden natuurlijk gewoon de opdracht meegegeven wat we verwachten van deze opdracht, wat er verwacht wordt van de sociale wijkteanns en daar worden ook de KPI's in opgenomen onn te kunnen nnonitoren of daaraan voldaan wordt. Er wordt ook jaarlijks gekeken wat er bijgesteld zou nnoeten worden voor dat bed rag wat we in de aanbesteding hebben uitgezet. Dus er is ook nog wel een mogelijkheid onn in te spelen op de actualiteiten. Wel wetende dat de druk op de sociale wijkteanns natuurlijk enorm is toegenomen. Of het nou gaat om de coronacrisis of de opvangtoeslagaffaire, de Oekrainecrisis. Er speelt natuurlijk ontzettend veel, dus het is ook de vraag hoe je de wijkteams zo in positie kan brengen dat de vragen van inwoners en dat de hulpvragen van inwoners ook goed beantwoord worden. Even kijken, wat hadden we nog meer voor vragen. Volgens mij Ja, er was dan nog een vraag of we het structureel kunnen maken. Ja, nou goed, de vraag is of je voor vier jaar of dat dan niet structureel genoeg is, onndat je dus iedere collegeperiode weer opnieuw moet kijken, of dat doen we in ieder geval in Dordt, of het nog aansluit bij de ontwikkeling in het sociaal donnein. 0 ja, de innovatie, sorry. De vraag van GroenLinks.

Ja, de POK-middelen inzetten voor innovatie dat wordt niet voorgesteld, nnaar er is wel in het programma rekening nnee gehouden dat er innovatiemogelijkheden zijn. Daarnaast is ook in het coalitieakkoord geld opgenomen onn innovatie te stimuleren. Dus dat staat in die zin buiten dit raadsvoorstel. Dat was het.

De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk even rond of de partijen vinden dat hun vragen zo voldoende beantwoord zijn. Ja, ga je gang.

De heer Van Ballegooijen: Dank u, voorzitter. Even voor de absolute duidelijkheid, begrijp ik goed dat het dus hier niet gaat om een structureel progrannnna, een incidenteel programma dat incidenteel wordt bekostigd?

91

Mevrouw Van Benschop: Nou ja, kijk, de inzet van de Sociaal Wijkteams is hoop ik structureel, alleen wat er tot nu toe gebeurd is, is dat er iedere vier jaar of, nou ja, vanaf 2015 ... Mevrouw ...: Of elk jaar Mevrouw Van Benschop: Of elk jaar en er wordt elk jaar gekeken, maar er is in iedere collegeperiode gekeken hoe kunnen we dat financieren en we hebben nu eigenlijk aan het begin van de collegeperiode de situatie dat we het al voor vier jaar gedekt kunnen hebben. Dus nee, het is niet de bedoeling dat het hierna stopt, maar er wordt wel ieder jaar gekeken of er nog de juiste dingen doen en we hebben nu voor vier jaar de dekking met dit voorstel. De voorzitter: Is uw vraag zo beantwoord? Is er gaat uw gang.

0, zie ik daar een vinger? Of ... Ja,

De heer Rennijn: Ja, ik had nog een vraag van de heer Van Leeuwen onn antwoord op te geven. De vier jaar die mevrouw Van Benschop, de wethouder, schetst vinden wij voldoende als ijkpunt. Dus kunnen we mee leven. De vier jaar vinden wij voldoende om opnieuw te gaan ijken wat nodig is. De voorzitter: Dan kijk ik nog even rond. Zijn er nog vragen? Ja. Mijnheer Boersma. De heer Boersnna: Geen vraag, u had van ons nog geen voorlopig standpunt gehoord, maar eigenlijk alles wat ter sprake moest konnen is op tafel gelegd en volgens mij heeft de wethouder daar een goed antwoord op gegeven. Kijk, wat mij opvalt is dat structureel en incidenteel een eigen leven gaan leiden. Structureel is in dit geval eigenlijk een nneerjarenprogramma wat voor vier jaar vastgesteld in deze raad en waar nu dus geld voor is. Nou, waarvoor complimenten, want het is bij sommige meerjarenprogramnna's wel eens lastiger geweest, dus dat is allemaal mooi. Ik denk dat het wel goed is dat we ruim voor de afloop van die vier jaar met elkaar dus ook gewoon goed evalueren. Even ontgrendelen, hoor ik hier naast me, maar dat even goed kijken van nou, hoe loopt het, waar is de bijstelling nodig en dan zal ongetwijfeld dat geldverhaal ook weer op tafel konnen en we gaan natuurlijk ook het verhaal spelen waar de heer Van Leeuwen het over heeft van hoeveel geld hebben we op dat moment.

Aan de andere kant heb ik ook meerdere partijen horen zeggen hoe belangrijk wij met z'n alien de sociale wijkteanns vinden. Dus dat die structuur en dat systeem gewoon voorlopig gehandhaafd moet worden en geintensiveerd moet worden en liefst ook nog een beetje geInnoveerd moet worden, zijn we volgens mij allemaal over eens. Dus wij kunnen het voorstel van het college zeker steunen en dan als laatste opnnerking, laten we ook wel goed met elkaar in de gaten houden waar dit geld vandaan kwam, want dit kwam vanuit hele sociale, de toeslagenaffaire, waarbij dus ook een heel stuk vertrouwen in de overheid gewoon door het toilet weggespoeld is, onn het zo maar even te zeggen. Dus laten we ook vooral dan als we dit geld investeren in sociale wijkteams met elkaar in de gaten houden dat dat ook gaat hoe wij onze bewoners helpen en hoe ook dat vertrouwen van de overheid, ook onze gemeentelijke overheid de komende jaren weer met z'n alien terug aannemen.

92

De voorzitter: Dank u wel. De heer Van der Spoel: Voorzitter. De voorzitter: Ja. De heer Van der Spoel: Mag ik het CDA even een vraag stellen? De voorzitter: Uiteraard. De heer Van der Spoel: Want ik ben toch wel nieuwsgierig naar wat er vanavond precies is gezegd door de wethouder, waardoor jullie nu wel deze vier jaar,, dat dat oke is, want dat was al bekend en jullie hebben flink wat werk verzet om dit op de agenda te krijgen, maar dit ging vrij makkelijk. Wat is er vanavond gebeurd? De heer Boersma: Bedankt. Het was ons vanuit het raadsvoorstel niet duidelijk dat het echt om vier jaar ging. Dus vandaar dat wij het op de agenda hebben gezet. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Van Benschop: Voorzitter, nnag ik nog een nabrander doen? De voorzitter: Ja, sorry. Mevrouw Van Benschop: Even in reactie op de heer Boersma, er konnt binnenkort een RIB richting de Raad waarin we de raad infornneren over de aanbesteding van het Sociaal Wijkteam en daar zullen we ook aandacht besteden aan het vertrouwen en hoe we de inwoners goed willen bedienen. De voorzitter: Dan kijken we nog een keer rond of er nog vragen zijn en anders is mijn vraag aan u allemaal of ik kan concluderen dat dit als hamerstuk naar de raad kan? De heer Katif: Ja. De voorzitter: Mijnheer Katif. De heer Katif: Ja, maar wel met een stemverklaring, maar dat zullen vinden. De voorzitter: U bent vrij om dat te doen.

Sluiting De voorzitter: Goed, Dank u wel, dan gaan wij dat noteren en dan dank ik u alien voor uw aanwezigheid en inzet.

13.Stand van zaken dossier Chemours-Dupont (technische briefing)

93

Voorzitter: mevr. Boom-Vos Raadsgriffier: mevr. Vermeulen Verslag: NotuBiz

De voorzitter: Welkom allemaal voor de tweede spannende commissie van vandaag. Het tweede, ik vond die van ‘...' ook wel behoorlijk interessant, wat me na aan het hart ligt. Ik wil eigenlijk iedereen welkom heten. De kijkers thuis, aanwezige pers, wethouder. Ik zie ook ambtenarenondersteuning en alle raads- en commissieleden. Voor het verslag Sorry? Voor het verslag zou ik eigenlijk vragen of dat iedereen zich voor wil stellen en ik begin hier links van me. De heer Versluis: Pieter Versluis, Forum voor Democratie. De heer Safranti: Mehmet Safranti, DENK Dordrecht. De heer Van der Spoel: Wouter van der Spoel, PydA Dordt. De heer Groenewege: Pieter Groenewege, Partij voor de Dieren. De heer De Boer: Robbert de Boer, Op Ons Eiland. Mevrouw Striebeck: Bernadette Striebeck, VSP. De heer Den Dulk: Antony den Dulk, PVV Dordrecht. De heer Okkerse: Mario Okkerse, SP Dordrecht. De heer Wringer: Jan -Willem Wringer, Beter voor Dordt. Mevrouw Van den Akker: Karin van den Akker, ik ben de regisseur van het dossier Chemours en Dupont in Dordrecht van de gemeente Dordrecht. De heer Kooman: Ronald Kooman, ondersteuner van Karin. Mevrouw De Jonge: Tanja de Jonge, wethouder. De heer Den Helier: Rolin den Heijer, Dordtse VVD. Mevrouw Lammens: Jeanine Lammens, Dordtse VVD. De heer Struijk: Leen Struijk, ChristenUnie/SGP. De heer Kleinpaste: Gert Jan Kleinpaste, Gewoon Dordt.

De heer Van Dam Timmers: Jan Willem van Dam Timmers, CDA Dordrecht. De heer Uysal: Abdullah Uysal, GroenLinks Dordrecht. Mevrouw Kruger: Kitty Kruger, GroenLinks Dordrecht.

94

Mevrouw Vermeulen: En Laurette Vermeulen, commissiegriffier. De voorzitter: Dank en ik zal nog even herhalen en nog een keer extra mevrouw Van den Akker, Karin van den Akker, welkom heten. Ze is regisseur van Chemours en Dupont vanuit de gemeente Dordrecht en zal dadelijk ons informatie verschaffen. De voorzitter: Het doel van deze bespreking is vooral om met een raadsvoorstel verklaringen van geen bedenkingen beeldvormend te bespreken. Daarnaast wordt er ook informatie gegeven over de laatste stand van zaken van het dossier Chemours. Als tijdens de presentatie blijkt dat het sonns de laatste actualiteit nog te technisch is of we hebben geen moment in deze vergadering hiervoor, kunnen we altijd nog later een tweede overleg of commissie hiervoor instellen, want vandaag is dus vooral bedoeld voor de verklaring van geen bedenkingen. Deze wordt jaarlijks aan de provincie voorgelegd en de genneenteraad. Meestal technisch, maar gezien de huidige informatie en actualiteiten doen we het extra benadrukken en beeldvormend neerleggen. Onderleg is een aanleiding voor de te voeren gesprekken in de raad, is een raadsinformatiebrief uit juni met de stand van zaken destijds. Actueel is het RIVM GGD-rapport van gisterochtend vijf uur, waarop het embargo op vervalt.

Uit het rapport betreft moestuinonderzoek, dat is uitgevoerd door het RIVM in de gemeente Dordrecht, Papendrecht, Sliedrecht en Molenlanden wordt dadelijk dan nog extra aandacht aan besteed en dan zou ik graag nu het woord willen geven aan nnevrouw Den Akker voor de presentatie. Mevrouw Van den Akker: Dank u wel. Het zijn een paar onderwerpen die ik even wil verduidelijken. We behandelen eerst de verklaring van geen bedenkingen. Dat is een toestemnning die aan de raad gevraagd wordt omdat de Chemours een vergunning moet krijgen. Die heeft een vergunning aangevraagd bij de provincie en vanuit het bestemmingsplan moeten wij vanuit de raad een verklaring van geen bedenkingen geven. Daar geef ik een toelichting op. Daarnaast is gisteren het moestuinonderzoek voor Dordrecht, Sliedrecht, Papendrecht en Molenlanden gepubliceerd door het RIVM. Daar ga ik verder ook op in en is er tijd, wat de voorzitter al zegt, de raadsinfornnatiebrief is gisteren ook vrijgegeven. Die gaat over het hele dossier, maar we hebben geen tijd om dat helemaal te behandelen, maar als we tijd hebben kunt u daar ook nog vragen over stellen. Dan start ik met de verklaring van geen bedenkingen, dat ligt voor het raadsvoorstel en daar heeft u ook, hebben we een besluit voor nodig. Gaat deze ook nog aan? Weet iemand hoe dit werkt? Ook deze niet. Die zit gewoon vast. Ja. Ja.

De verklaring van geen bedenkingen, die presentatie bestaat uit twee delen, want het is vrij technisch, dus ik heb llever geen vragen per dia, want dan wordt het voor de anderen nnisschien wat te verwarrend. Dus ik ga eerst in op de regels en op het verzoek van de vorige vvgb. Dan kunt u daar vragen over stellen en daarna ga ik verder in over op de aspecten externe veiligheid, groepsgebonden en plaatsgebonden risico en is er daarna ook weer tijd om vragen te stellen. Hij stond ult. Dank u wel. Waarom een vvgb? Een verklaring van geen bedenkingen. Vroeger, dus voor de Wabo in 2010, nnoest een bedrijf voor alles een deelvergunning aanvragen. Dus bij de provincie een afwijking voor het bestennmingsplan, bij de gemeente, bij de provincie een milieuvergunning, misschien nog wel bij de gemeente een kapvergunning en zo stapelden de vergunningen

95

zich op. De Wabo heeft opgelost doordat bij de milieuvergunning, dat is het bevoegd gezag van de provincie in dit geval voor dit bedrijf en aan de genneente wordt gevraagd om een verklaring van geen bedenkingen af te geven voor een afwijking van het bestemmingsplan. Want dat is uw bevoegdheid van de raad. Dat is het vergemakkelijken van de regels, plus dat je het ook op elkaar af kan stennmen. Even een korte terugblik op het hele dossier. Dupont zat vanaf vorige eeuw al op de staart. Het zit er al jaar in, jaar uit. Maakt teflon, teflonfabriek en in 2015 heeft Chemours een deel van Dupont overgenomen. Dus er was een bedrijf, nu waren het er twee en in 2018 hebben ze allebei een vergunning aangevraagd bij de provincie en in 2020 heeft Dupont weer gesplitst met de Dow, performance chemicals. Dus je krijgt in plaats van een bedrijf, drie bedrijven op dat perceel en nu ligt er een vergunningaanvraag voor Chemours. Die heeft de provincie al in ontwerp beschikt verleend. Daar hebben wij ook al in ontwerp heeft de raad daar at een verklaring van geen bedenkingen voor afgegeven en nu vraagt, Dupont heeft al een vergunning met een verklaring van geen bedenkingen en voor Chemours vragen we nu aan uw raad een verklaring van geen bedenkingen. Dus even resunnerend, voor Dow is er at een vergunning verleend, want daar is geen vvgb voor nodig.

Voor Dupont, de vergunning is verleend, een vvgb is afgegeven en er loopt nog wel beroep, nnaar uw raad heeft wel de vvgb afgegeven en voor Chemours willen we nu nog, vragen we nu nog een verklaring van geen bedenkingen. Wat vragen we nou precies? Het is een toestemming om af te wijken van het bestemmingsplan De Staart en voor Chemours betekent dat dat afwijken van een plaatsgebonden risico en daar ga ik later op een, die term en dat is net even aan twee kanten van de inrichting verandert er lets aan de contouren van het plaatsgebonden risico. En een soort rekken en tekening in een kaartje even laten zien. Dan behandel ik het even inhoudelijk. Hij voldoet aan de structuurvisie Dordrecht. Het is een, je hebt drie bedrijven, die veranderen in principe niks aan de bedrijfsactiviteiten. Ze vragen alleen drie verschillende vergunningen aan, dus daarom moeten ze nu een nieuwe vergunning hebben. Als gevolg van een modelwijziging is het groepsrisico waarin heel veel mensen kunnen overlijden, wordt fors minder en het plaatsgebonden risico wijkt wel een beetle af, nnaar zijn er geen nieuwe risico's te zijn.

Ik begrijp dat dit echt wat te technisch is, nnaar ik moet eerst even op de juridische zaken ingaan en als je een verklaring van geen bedenkingen Als de vergunning verleend is, dan ligt er in plaats van zo'n pak allerlei vergunningen en toestemmingen en wijzigingen voor Chemours, ligt daar een vergunning, een zogenaamde revisievergunning voor het hele bedrijf, met nieuwe actuele voorschriften. De toezichthouder kan als het in papier nog zou zijn onder de arm de vergunning meenemen, in plaats van in een doos, dus allennaal een set voorschriften. Dus dat is al sowieso een voordeel van een vergunning. De afwijking van het bestemmingsplan is zodanig klein dat het niet opweegt tegen de nieuwe voorschriften Chemours want ze gaan ook een forse emissieverlaging eisen. Ja, dat is naar mening van het college wel meer van invloed. Het is beter om de emissie te verlagen dan om die externe veiligheidscontouren in de gaten te houden en wat nog meer is de wijziging is alleen tijdelijk voor deze vergunning. Dus op het moment dat er een nieuw bedrijf komt met een nieuwe vergunning, is de oude contour weer van toepassing en moet die weer opnieuw. Dus het is niet zo dat het voor eeuwig toestemming is. Uw raad kan ook niet vaststellen. Dat leidt dus tot een oude vergunning. Omdat ik al zeg, met verouderde voorschriften en waarschijnlijk ook wat meer een nnissie, moeilijker te handhaven en de

96

vvgb is niet van toepassing op de emissieverlaging, maar alleen op de wijziging van het bestemmingsplan. Dus u houdt daar niet de emissie nnee tegen. Ergo, de emissiereductie die in de vergunning zit is dan niet geldig. Heeft u vragen? De voorzitter: Kijk eens, dat ging hard. Ik hoorde hier at, ik ga eerst bij degenen die ik het minste hoor, dus ik ga even naar de heer De Boer, Op Ons Eiland. De heer De Boer: Dank u wel, voorzitter. Ik denk ja, ik wil het feestje niet bederven vanavond, maar ik heb hem toch maar even meegenomen, de krant van vanmorgen, drie pagina's groot en ik moet eerlijk zeggen dat ik volg dit dossier al enige tijd en ik heb vandaag twintig mensen gesproken. Zeventien hebben mij benaderd en drie heb ik zelf benaderd en ja, ik weet niet of we die discussie hier nnoeten gaan voeren nu, maar

De voorzitter: Mijnheer De Boer, dan ga ik u toch even, want u stelt de vraag al en u weet denk ik ook al het antwoord op de vraag. Het gaat nu om het andere voorstel. Een verklaring van geen bedenkingen. Wilt u daar en volgens mu j heeft u het over het moestuinonderzoek. De heer De Boer: Nee, nee, maar in ieder geval, dat gaan we dus niet steunen. Nu. De voorzitter: Nee, we kunnen wel een paar technische vragen stellen, geen politieke vragen en als we zeggen van nou, we hebben te weinig tijd, dan kunnen we nog een aparte beeldvornnende sessie over dat onderwerp stellen. Nou, u heeft wel gelijk voor vuurwerk gezorgd. Mijnheer Kleinpaste. De heer Kleinpaste: Ja, voorzitter, even in die zin een vraag. Ik was wat verbaasd, maar dat zal aan mij hebben gelegen, dat we inmiddels drie bedrijven hebben, want we hebben ooit die splitsing van die bedrijven nneegemaakt met een verklaring van geen bedenkingen omdat het allemaal overzichtelijker werd. Een derde bedrijf is nu Dow wat erbij gekomen is. Ik begrijp dat daar geen verklaring van geen bedenkingen bij nodig is. Mijn vraag is waarom is dat dan precies? Want dat is het derde bedrijf binnen diezelfde ruimtelijke onngeving.

Dus dat verbaasde me in die zin wat en is er nog lets meer te vertellen over als je die verklaring van geen bedenkingen niet zou afgeven, waarom je dan terugvalt op een oude vergunning en welke consequenties dat precies heeft. Want ook dat vind ik wel tricky, want dan heb je zoiets van ja, je staat met je rug tegen de muur en je moet wel wat, anders ben je slechter af. Dus ik vind dit juridisch ook een beetje een, mag ik het chantage noemen? Ik weet niet goed, ik vind het lastig. De voorzitter: Mijnheer Kleinpaste, wat is uw vraag? Want het gaat om een De heer Kleinpaste: De vraag is hoe is dan precies die positie van Dow, waarom is die verdere splitsing toegepast en wat heeft dat voor consequenties? Aanvullend is dan onze vraag en hoeveel invloed heb je lokaal? Daar was het laatste stukje van de vraag voor. Mevrouw Van den Akker: Op die vraag kan mijn collega antwoord geven wat Dow in ieder geval is, maar voor die twee andere bedrijven is al een vergunning verleend, dus

97

het is geen chantage, maar dit is eigenlijk de laatste vergunning die wordt verleend voor dat gebied. Misschien kan Ronald een toelichting geven op Dow. De heer Koonnan: Ja, er was sprake, wat zij al zei, sprake van een bedrijf. Dat ene bedrijf is gesplitst, dat werd dan Chennours en Dupont samen, vervolgens via Dupont nog een keer alliantie aangaan nu met DOW en er komt nu een apart bedrijfje. Het bedrijfje Dow is niet een bedrijf van dezelfde orde als Chemours en Dupont. Dat is een. Er komen in ieder geval geen gevaarlijke stoffen niet ... Er komen geen gevaarlijke stoffen bij vrij, ze hebben geen ennissie, dus dit is veel meer een verwerker van vaste kunststoffen. Het past binnen het bestemmingsplan. Het bestemmingsplan geeft aan welke categoriebedrijven er zitten. Het bedrijfje Dow is een bedrijfje van de categorie 4.2, is maximaal categorie 5 op dat terrein toegestaan en er is dus eigenlijk geen enkele aanleiding om ruimtelijk te zeggen van dit kan niet. Wat er wel was is wij wilden eigenlijk maar in ons oorspronkelijke bestemmingsplan maar een zo'n bedrijf hebben. We hebben er nu twee, dat was de reden dat er nu twee vergunningen aangevraagd zijn en een keer kwam er een derde. Waarom hebben we toen gezegd van ja, dat kan eigenlijk nog wel.

Een, dat bedrijfje Dow is ook weer een naannsverandering, het is dus een andere entiteit met een andere directeur, maar doet nog steeds hetzelfde als dat ze voorheen deden. Twee, het is een, wij willen dit graag of het bedrijf wil daar zitten en kan daar zitten en normaal gesproken bij een vreennd bedrijf zouden we zeggen van nou, dat gaan we niet doen, want dat bedrijf, een timnnerbedrijf is op dat terrein niet geschikt omdat die nnensen geen idee hebben hoe te werken met gevaarlijke stoffen is. Hebben geen benul van de bedrijfsbrandweer. Ze hebben eigenlijk niets met gevaarlijke stoffen. Dit is een afsplitsing. Ze zeggen alle procedures, alle veiligheidsprocedures, alles zit al strak in elkaar en is goed verweven. Dus Dow ... De voorzitter: Ik denk dat dit uw vraag beantwoordt, mijnheer Kleinpaste. Want ik zie u helemaal los gaan. De heer Kleinpaste: Ik ben blij dat u dat denkt, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Kruger, u had ook een vraag. Mevrouw Kruger: Ja, dank u wel. Ik hoorde net zeggen over de wijziging is tijdelijk, alleen als er een nieuw bedrijf komt, nou ja, nieuw bedrijf, dan moet dat toch een heel ander bedrijf zijn, denk ik. 0, dan mag ik ook allemaal niet zeggen. Moeilijk, toch echt dat beeldvormend.

Alleen bij een nieuw bedrijf, maar dit is toch een nieuw bedrijf nu? Of? Mevrouw Van den Akker: Ja, het zijn dezelfde bedrijfsactiviteiten en dit is nu een nieuwe vergunning, dus daar wordt de verklaring voor geen bedenkingen voor gevraagd en daarnnee is de vergunning met de verklaring van geen bedenkingen de nieuwe vergunning en wordt er straks voor een nieuw bedrijf een nieuwe vergunning aangevraagd, dan vallen we weer terug op het oude bestemmingsplan. Mevrouw Kruger: Oke, dan heb ik nog een aanvullende vraag. Ja, kort. Klopt het nog steeds dat die drie bedrijven, omdat ze zo uit elkaar gekomen zijn enzovoort, allianties

98

aangaan, dat het schakelbedrijven zijn en wat gebeurt er dan als we een bedrijf geen vergunning geven, kunnen die andere twee bedrijven dan ook niet werken? Op onze vergunning. Mevrouw Van den Akker: Nou, het zijn drie bedrijven die een eigen verantwoordelijkheid hebben. Daarom is het ook fijn dat ze alle drie hun eigen vergunning hebben, want dan kan de provincie veel beter toezicht houden op, dat heet dan de drijver van de inrichting. We weten precies waar de verantwoordelijkheden liggen, welke bedrijfsactiviteiten bij welke bedrijven horen en is er een consequentie als we voor een bedrijf geen Wat ik nog wel wil vertellen is dat die drie bedrijven wel een gezamenlijke bedrijfsbrandweer hebben, gezamenlijke kantine, gezamenlijke EHBO. Dat is ook wel lets wat de veiligheidsregio op heeft gehamerd. Het is toch een terrein, dus als er bij een calamiteit moet alles goed werken. Dus dat hebben ze in ieder geval wel allennaal in een vergunning staan. En als we voor een bedrijf geen vergunning verlenen, dan wordt het een beetje lastig, want dan zou de provincie voor dat ene bedrijf de oude vergunning moeten pakken, maar dan een beetje de plattegrond kapot nnoeten knippen om te weten wat er dan precies van toepassing is en u moet weten, je hebt een vergunning, vaak is er een wijziging, krijg ongeveer drie, vier, vijf wijzigingen per jaar.

Op een gegeven moment wordt dat een enorm pak papier met allerlei verschillende voorschriften. Voorschriften die vervallen zijn, die weer opnieuw zijn. Voor toezicht is dat echt wel heel erg lastig. En ja, wat hier de bedrijfsactiviteiten wijzigen niet. Dus eigenlijk alleen een adnninistratieve vergunning. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Van der Spoel. De heer Van der Spoel: Dank u wel, voorzitter. Nee, ik ga gewoon gelijk een concrete vraag stellen, want het is ... Ja. De sheet redenen om de vvbg vast te stellen, staat dan het groepsrisico neennt fors af vanwege de nieuwe meetmethode. Blijft dan alles gewoon hetzelfde alleen nneten we het opnieuw? 0. Maar hoe moet ik dat zien? Mevrouw Van den Akker: Ja, het model is gewijzigd. De heer Van der Spoel: Het model is anders, maar de uitstoot blijft hetzelfde? Mevrouw Van den Akker: De uitstoot blijft hetzelfde. De externe veiligheid heeft niet zoveel te maken met uitstoot, maar daar kom ik in de tweede helft op terug. Dat is meer de inhoudelijke De heer Van der Spoel: Ja, ik ben heel benieuwd, want we krijgen dus eigenlijk een soort andere liniaal om te meten. Mevrouw Van den Akker: Ja. De heer Van der Spoel: Al het andere blijft hetzelfde. Oke. Mevrouw Van den Akker: Nieuwe inzichten.

99

De voorzitter: Dank u wel. Dan gaat die naar de tweede sessie. Mevrouw Lammens, u had ook een vraag. Mevrouw Lammens: Dow Chemicals, dat dat een bedrijfje is. Nou schiet die net uit, maar Dow Chemicals is een company met het derde chemische bedrijf ter wereld, na BASF en Dupont. In plastic is het bedrijf het grootste. In 2017 had de onderneming 178 productievestigingen in 35 landen. Ik noem dat geen bedrijfje. De voorzitter: Wat is uw vraag, mevrouw Lammens? Mevrouw Lammens: Mijn vraag is ook eigenlijk, dit zag ik net voorbij konnen, dus nnijn vraag is waarom noennt u dit een bedrijfje, terwijI het gewoon een van de grootste bedrijven is ter wereld en mijn andere vraag is, gaat het bedrijf, gaat de vergunning die we nu nnoeten toegaan, gaat dat over GenX of gaat dat over een andere stof die uitgestoten wordt? Mevrouw Van den Akker: Nou, het gaat niet over een stof die uitgestoten wordt. Het gaat puur en alleen over wijzigingen van de risicocontour.

Mevrouw Lammens: 3a, maar het bedrijf, want het bedrijf is nu in drieen gedeeld en vroeger was het de lycra en nu is het de GenX, wat vroeger PFAS was en waar we nu over beslissen, gaat dat over een bedrijf? Wat maken ze? Stoten zij GenX uit of stoten ze gewoon alleen maar water uit? Mevrouw Van den Akker: Nee, ze stoten nog steeds GenX uit helaas, maar de bedrijfsactiviteiten wijzigen niet, dus wat ze uitstoten voor de vergunning, stoten ze nu ook uit. De voorzitter: Mevrouw Lammens, mag ik u vragen beeldvormende vragen te stellen. Mevrouw Lammens: 3a, voor de beeldvorming, hoeveel stoten ze dan nog uit van de GenX? Want de beeldvorming stond vandaag in de krant en dat is niet zo fijn dat baby's moedermelk krijgen met heel veel De voorzitter: En dan ga ik ook weer ingrijpen, net zoals mu j mijnheer De Boer, want dit gaat, als wij hier een beeldvornnende sessie apart willen houden en ik denk als ik het zo'n beetje volg, willen we dat, stellen we die daar. We hebben het nu vooral over geen bedenkingenverklaring. Ik ga nog heel even, want er zijn nog een heleboel vragen, dus ik ga even door, want ik zie nog vijf of zes vragen. Nee, mijnheer Van Dam Timnners die was als eerst. De heer Van Dam Timmers: 3a, dank, voorzitter. la, ik denk dat het inderdaad goed is om ook meer over uitstoot en emoties een keer op een ander moment te hebben, hoe vervelend we dat ook allemaal nu vinden.

Ik denk dat het belangrijk is, het gaat hier over iets anders en ik probeer te begrijpen hoe dit nu precies werkt en ik ben er nog niet helemaal achter. Hoe werkt dat precies dat als je geen nieuwe vergunning afgeeft, dat je

100

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/523/documents/19744