20211007 RvdL memo cie. Sociaal m.b.t. toezicht JBW.pdf
Tekst van het document
MEMO
Contactpersoon H. van der Linden T (078) 770 4114
Van
Wethouder H. van der Linden
Aan
Raadscommissie Sociale Leefomgeving
Datum
6 oktober 2021
Betreft
Vragen BVD tijdens cie. 07/07 m.b.t. toezicht JBW
In de commissie sociale leefomgeving van 7 juli jl. zijn er door BVD 2 vragen gesteld over het verscherpte toezicht waaronder de jeugdbescherming (JB) in de gehele regio Zuid-West opnieuw is geplaatst. In deze terugkoppeling geef ik antwoord op deze vragen. 1. Gisteren ontvingen wij allen het bericht dat de JB wederom onder verscherpt toezicht is geplaatst in onze regio. Een hoogleraar pedagogiek zei in haar reactie: “de kwaliteit van de Jeugbescherming is in 30 jaar nog nooit zo slecht geweest en geeft daar ook argumenten bij waarom dit zo is”. Voor de jeugdbeschermingsketen maar ook zeker voor ouders en kinderen is dit dramatisch. Wat gaat u hieraan doen? U koopt immers de JB in? Wat betekent dit volgens u bijv voor de Stichting JT, de Sociale wijkteams en de verdere uitvoering van de Jeugdwet voor onze inwoners? De gehele regio Zuid-West deelt de zorgen en urgentie van de Inspectie over het belang van het bieden van tijdige passende hulp voor kinderen met een jeugdbeschermingsmaatregel. De afgelopen maanden is door alle betrokkenen hard gewerkt aan het realiseren van duurzame verbeteringen. Ondanks de goede resultaten is het niet gelukt het aantal wachtende jeugdigen volledig te reduceren tot nul. Dit heeft de volledige aandacht. Op 15 oktober 2020 verscheen een tussenrapportage van de IGJ, “Kwetsbare kinderen onvoldoende beschermd”.
In die tussenrapportage werd geconcludeerd dat er nog altijd kinderen met een beschermingsmaatregel zijn die wachten op jeugdhulp. In Zuid-Holland Zuid geven de GI's in november 2020 gezamenlijk aan dat het gaat om 96 jeugdigen die langer dan 3 maanden wachten op zorg. De inspectie riep de jeugdzorgregio's op om tot een doorbraakaanpak te komen. In onze regio is hiervoor een belangrijke rol bij het regionale expertteam passende zorg belegd, waarbij zorgaanbieders gezamenlijk verantwoording nemen om passende zorg te organiseren. Het team is uitgebreid in formatie en waardoor zij beter konden aansluiten op de behoeften van professionals en cliënten. Door deze samenwerking zijn mooie 'out of the box' oplossingen voortgekomen. Door de vraag van de jeugdige centraal te stellen en hierbij aanbieders met uiteenlopende expertise te verbinden kwamen nieuwe samenwerkingen op gang, waarin er 'om de schotten' heen gewerkt werd. Hierin werd bijvoorbeeld de focus gelegd op het passend(er) maken van de huidige plek in plaats van het zoeken naar een schaarse "passende" plek met een wachtlijst. Ook werd geconcludeerd dat het wachten op zorg soms te verantwoorden is als blijkt dat de jeugdige hier uiteindelijk beter mee geholpen is. Een voorbeeld hiervan is de inzet van speltherapie voor een jeugdige binnen een 24 uurs voorziening.
De zorg kon over 3 maanden starten bij een aanbieder in een andere gemeente, echter zou de jonge jeugdige hier met een taxi naartoe gebracht en weer opgehaald moeten worden, terwijl hij op hetzelfde terrein als de woning over 5 maanden geholpen kon worden. In dit voorbeeld was de conclusie dat het bieden van speltherapie op het eigen terrein minder belastend was voor de jeugdige en de afstemming tussen behandelaar en woongroep beter vorm gegeven kon worden. Op dit moment zijn er in Zuid-Holland Zuid 32 jeugdigen met een beschermingsmaatregel die langer dan 3 maanden wachten op passende zorg. Zijn hebben allen een procesregisseur die de jeugdige aan dient te melden bij het expertteam wanneer de wachttijd van 3 maanden
Pagina 1/3
overschreden wordt. In de aanlevering van de casuïstiek wordt door het expertteam gevraagd om de veiligheid te beoordelen op een schaal van 0-3 (3 (0= veilig, 1= onder de omstandig redelijk veilig, 2= onveilig, 3= zeer onveilig) om zo enige vorm van prioritering aan te brengen. In de meest recente verantwoording van het expertteam passende zorg aan de bestuurlijk opdrachtgever van 27 augustus j.l. wordt aangegeven dat één casus is geduid met een 2. De andere casussen scoren hieronder. Voor het merendeel van de jeugdigen die wachten op zorg is bekend welke zorg nodig is, maar is er sprake van een wachtlijst. In die situaties wordt bekeken hoe er overbruggingszorg kan worden ingezet. Daarnaast zijn er 3 zeer complexe casussen waarbij jongeren al in een 24 uurs voorziening verblijven, maar waarbij de problematiek dermate complex is dat bovenregionale expertise nodig is. In deze casussen wordt verbinding gezocht met het bovenregionale expert netwerk, het CCE en/of OZJ. Het rapport van de Inspectie legt knelpunten bloot die zowel regionaal als landelijk herkenbaar zijn, zoals het tekort van kleinschalige voorzieningen. Het rapport roept de regio's op om de knelpunten die zijn geconstateerd op te heffen. We erkennen de noodzaak van het wegnemen van belemmeringen en nemen deze ook mee in het nieuwe inkoopkader en opgaven als Veilig Opgroeien is Teamwerk.
Onderlinge samenwerking met partners als Stichting Jeugdteams, de Sociale wijkteams, zorgaanbieders, SOJ en de gemeenten is hierin essentieel. Tegelijkertijd moeten we ons ook realiseren dat het tijd kost om veranderingen te implementeren en bestendigen en dat de doelgroep waarmee jeugdbeschermers dagelijks werken zeer complex is en specifieke vaardigheden vraagt. Personeelsverloop en een krappe arbeidsmarkt vormen hierin op dit moment een grote belemmering, die door de SOJ zowel op bovenregionaal als landelijk niveau is teruggekoppeld als zorg. 2. Kortgeleden hadden we de JB in onze commissie. Zij vertelden over de hoge caseloads en over taken die zij eigenlijk niet uit konden voeren omdat deze qua tijdsinvestering zeer groot zijn, zoals het begeleiden van bezoeken van pupillen en het vervoeren van pupillen. Ook gaven zij hiervoor een oplossing aan waar de SO naar zou gaan kijken, namelijk uitbesteding van die taak aan een andere organisatie, zoals dat in andere regio’s het geval is. Wat heeft u en wat heeft de SO hiermee gedaan? De werkdruk bij de GI is ons bekend. De complexiteit van hun caseload, de schaarste van passende zorg en het uitvoeren van tijdrovende taken zoals bezoek begeleiden en zorg organiseren dragen hier aan bij. Er is daarom met Enver afgesproken dat zij een groot deel van de begeleide bezoeken overnemen.
Daarnaast is het regionale expertteam passende zorg (voorheen expertiseteam) uitgebreid en vindt hier een doorontwikkeling plaats om gezinsvoogden en jeugdprofessionals beter te ondersteunen in het vinden en organiseren van passende zorg. Zij vormen een gezamenlijke intake waardoor professionals niet meer bij de verschillende partijen aan hoeven te melden, maar zij als aanbieders samen met de professional, ouder en jeugdige besluiten hoe en waar de jeugdige het best geholpen kan worden. Daarnaast zijn er 3 procesregisseurs beschikbaar die tijd en kennis hebben om naast de professional te staan, mee te denken en uitvoering te geven aan het maatwerkplan. Een afspraak die voortkomt uit het bovenregionale verbeterplan is dat alle jeugdigen met een beschermingsmaatregel die langer dan 3 maanden wachten op zorg, aangemeld worden bij het expertteam passende zorg. Naast dat professionals op deze manier ondersteuning krijgen, fungeert het expertteam op deze manier ook als centrale plek om (structurele) knelpunten te inventariseren en op te lossen. De coördinator van het expertteam heeft direct contact met de bestuurlijke opdrachtgever van het bovenregionale verbeterplan om hem te informeren over de voortgang. Bij knelpunten die niet opgelost kunnen worden binnen het expertteam wordt de SOJ geïnformeerd.
Pagina 3/3
Zowel binnen de regio als binnen Dordrecht zijn we bezig om meer samenhang en verbinding te brengen tussen de verschillende partijen en opgaven die te maken hebben met veiligheid en zorg, omdat we zien dat hier nog kansen liggen om inwoners sneller en beter te helpen. In het najaar zal de SOJ aan het AB een terugkoppeling geven over de voortgang van het bovenregionale verbeterplan van de jeugdbescherming. Uiteraard wordt u hierna ook als raad geïnformeerd.
Pagina 3/3