CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

2.II_regels na gewijzigde vaststelling.pdf

Dordtse Dinsdag – Beeld- en oordeelsvormende commissies 10 juni 2025, gemeente DordrechtBij agendapunt: 4: Bestemmingsplan Maasterras fase 1 - Raadsvoorstel11.264 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

26

(vastgesteld)

bestemmingsplan Maasterras fase 1 1. een overdruk van 10 kPa, voor zover de geveldelen zicht hebben op het spoor moet deze overdruk met een factor 2,5 verhoogd worden; 2. een ontwerpafstand van 80 meter; of zoveel meer als het gebouw is gelegen op een afstand meer dan 80 meter en minder dan 200 meter, gemeten loodrecht vanaf de buitenste spoorstaaf; een maximale overdruk van 17 kPa op een ontwerpafstand van 80 meter of zoveel minder als het gebouw is gelegen op een grotere afstand, gemeten loodrecht vanaf de buitenste spoorstaaf, voor zover de geveldelen zicht hebben op het spoor moet deze overdruk met een factor 2,5 verhoogd worden; e. in afwijking van het bepaalde onder d hoeft scherfvrij glas niet te worden toegepast indien initiatiefnemer aantoont dat: 1. ter plaatse van de beglazing de overdruk minder bedraagt dan 10 kPa; 2. het glas bij een incident geen scherfwerking in de achterliggende ruimte heeft; 3. de achterliggende ruimte geen bescherming behoeft tegen scherfwerking omdat personen er slechts zeer kortstondig verblijven en er geen sprake is van een vluchtroute; f. mag op platte daken geen gebruik worden gemaakt van losliggend hard dakbedekkingsmateriaal, zoals grind als afdeklaag; aaneengesloten tegelverharding, sedumdaken of vergelijkbare toepassingen zijn wel toegestaan; g.

toepassing van losliggend hard afdekkingsmateriaal is wel toelaatbaar mits is aangetoond dat de grindlaag op het dak voldoende is afgeschermd tegen de drukgolf; h. zijn grote evenementen uitgesloten, zie artikel 3.4; i. het groepsrisico mag niet hoger zijn dan 4 x de oriëntatiewaarde; en j. a t/m g geldt ook voor uitbreiding van gebouwen. 13.5.3 advies Voordat burgemeester en wethouders een omgevingsvergunning verlenen wordt advies gevraagd van de veiligheidsregio. 13.6

Vrijwarringzone vaarweg

13.6.1 Gebruiksregels Het gebruik van deze gronden ter plaatse van de aanduiding 'vrijwaringszone - vaarweg' mag geen belemmering vormen voor: a. de zichtlijnen van de bemanning en de op het schip aanwezige navigatieapparatuur voor de scheepvaart; b. het contact van de scheepvaart met bedienings- en begeleidingsobjecten; c. de toegankelijkheid van de rijksvaarweg voor hulpdiensten; en d. het uitvoeren van beheer en onderhoud van de rijksvaarweg. (artikel 5.161 Bkl) e. De gronden zijn, behalve voor de daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor de bescherming van de veiligheid van het vaarwegverkeer. 13.6.2 Bouwregels Binnen de aanduiding ‘vrijwarringszone – vaarweg’ mogen in afwijking van de bouwregels in hoofdstuk 2, geen bouwwerken worden gebouwd met uitzondering van bouwwerken ten dienste van de vaarweg. 13.6.2 Afwijken van de gebruiks- en bouwregels (bestemmingsplanactiviteit) 1. Burgemeester en wethouders kunnen met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in de leden 13.6.1 en 13.6.2 ten behoeve van het bouwen en/of gebruiken van bouwwerken, onder de voorwaarde dat deze op grond van de daar voorkomende bestemmingen zijn toegestaan en belemmeringen voor het vaarwegverkeer worden voorkomen, zoals opgenomen in artikel 5.161 Bkl. 2.

Een omgevingsvergunning als bedoeld in het vorige lid wordt niet eerder verleend dan nadat instemming is verkregen van de waterbeheerder van de rijksvaarweg.

(vastgesteld)

27

bestemmingsplan Maasterras fase 1

Artikel 14 14.1

Algemene afwijkingsregels

Afwijken

Burgemeester en wethouders kunnen met een omgevingsvergunning afwijken van: a. het bepaalde in deze regels voor de bouw van niet voor bewoning bestemde bouwwerken van openbaar nut; b. het bepaalde in deze regels voor wat betreft de bouw van kunstobjecten (uitingen van beeldende kunst) tot een bouwhoogte van maximaal 20 m; c. het bepaalde in deze regels voor wat betreft de bouw van geluidafschermende voorzieningen voor zover die nodig zijn voor een akoestisch aanvaardbaar leefmilieu; d. de op de verbeelding dan wel in de regels aangegeven maten en getallen, mits: 1. de afwijking niet meer dan 10% bedraagt; 2. de bestemmingsgrens niet wordt overschreden; e. de in de verbeelding dan wel in de regels toegestane maximale bouwhoogten, anders dan bedoeld onder d, voor lift- en trappenhuizen, centrale verwarmingsinstallaties, schoorstenen, glasbewassingsinstallaties, ventilatie-inrichtingen, vlaggenmasten, antennes en bouwwerken voor de opwekking van duurzame energie, zoals windmolens, zonnepanelen en zonneboilers, mits de overschrijding niet meer dan 5 m bedraagt; f. de plaats en richting van bouwgrenzen, voor het aanbrengen van geringe veranderingen tot niet meer dan 5 m.

14.2 Voorwaarde De in lid 14.1 bedoelde omgevingsvergunning wordt slechts verleend indien daardoor geen onevenredig afbreuk wordt gedaan aan de ruimtelijke structuur en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en opstallen.

28

(vastgesteld)

bestemmingsplan Maasterras fase 1

Artikel 15 15.1

Algemene bouwregels

Bestaande bouwwerken

In die gevallen dat hoogten, inhoud, aantallen en/of oppervlakten van bestaande bouwwerken, die gebouwd zijn met inachtneming van het bepaalde bij of krachtens de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, op de dag van de terinzagelegging van het ontwerp van het plan meer of minder bedragen dan ingevolge hoofdstuk 2 is voorgeschreven, mogen de bestaande maten en hoeveelheden als maximaal respectievelijk minimaal toelaatbaar worden aangehouden. 15.2

Herbouw

In het geval van (her)oprichting van gebouwen is het bepaalde in lid 15.1 uitsluitend van toepassing indien het geschiedt op dezelfde plaats. 15.3

Ondergronds bouwen

15.3.1 Algemeen De regels inzake de toelaatbaarheid, de aard, de omvang en de situering van gebouwen zijn ingeval van ondergrondse bouw van overeenkomstige toepassing, met dien verstande, dat deze uitsluitend is toegestaan met inachtneming van de volgende voorwaarden: a. ondergrondse bouw is uitsluitend toegestaan onder de oppervlakte van bovengronds gelegen gebouwen, alsmede ter verbinding van gebouwen; en b. gebouwd mag worden tussen peil en 3,5 m onder peil. 15.3.2 Afwijken Burgemeester en wethouders kunnen met een omgevingsvergunning afwijken van lid 15.3.1 onder a. voor ondergrondse bouw buiten de oppervlakte van bovengronds gelegen gebouwen, met inachtneming van de volgende voorwaarden: a. de kelders beneden peil worden gebouwd; b. de afstand tot de zijdelingse perceelsgrens en de openbare weg bedraagt ten minste 1 m, met dien verstande dat ingeval van kelderbouw in belendende percelen in de zijperceelsgrens mag worden gebouwd; en c. kelders mogen niet worden voorzien van een dakraam of lichtkoepel.

15.4 Ondergeschikte bouwdelen Bij de toepassing van het bepaalde ten aanzien van het bouwen binnen de aanduiding 'bouwvlak' worden ondergeschikte bouwdelen als geluidafschermende voorzieningen, zonnepanelen, plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen, schoorstenen, gevel- en kroonlijsten, overstekende daken en reclame-uitingen, buiten beschouwing gelaten, mits de bouw- c.q. bestemmingsgrens met niet meer dan 0,50 m wordt overschreden. 15.5

Parkeren, laden en lossen

15.5.1 Parkeren voor auto Het aantal parkeerplaatsen in het plangebied dat voorziet in de parkeerbehoefte van de woningen en voorzieningen binnen de bestemming Woongebied, mag maximaal 900 bedragen, inclusief parkeerplaatsen voor bezoekers. 15.5.1 Parkeren voor auto en fiets Een bouwwerk, waarvan een behoefte aan parkeergelegenheid wordt verwacht, kan niet worden gebouwd wanneer op het bouwperceel niet in voldoende parkeergelegenheid is voorzien en in stand wordt gehouden. Bij de beoordeling van een aanvraag van een omgevingsvergunning activiteit bouwen wordt aan de hand van de "Beleidsregels parkeren bij nieuwbouwprojecten" bepaald of er sprake is van voldoende parkeergelegenheid. Indien deze beleidsregels gedurende de planperiode worden gewijzigd, wordt rekening gehouden met de wijziging. 15.5.2 Laden en lossen Indien de bestemming van een gebouw aanleiding geeft tot een te verwachten behoefte aan ruimte voor het laden of lossen van goederen, moet in deze behoefte in voldoende mate zijn voorzien aan, in of onder dat gebouw, dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij dat gebouw behoort. (vastgesteld)

29

bestemmingsplan Maasterras fase 1 15.5.3 Afwijking Burgemeester en wethouders kunnen met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in de leden 15.5.1 en 15.5.2: a. indien het voldoen aan die bepalingen door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit; of b. voor zover op een andere wijze in de nodige parkeer- of stallingruimte, dan wel laad- of losruimte wordt voorzien. 15.5.4 Functiewijzigingen De regels over parkeren, laden en lossen bij functiewijzigingen zijn onverkort van toepassing, ook ingeval hiervoor geen omgevingsvergunning nodig is.

30

(vastgesteld)

bestemmingsplan Maasterras fase 1

Artikel 16 16.1

Algemene gebruiksregels

Algemeen

Onder strijdig gebruik als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid onder c van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht wordt in ieder geval begrepen: a. het opslaan van hout en aannemersmaterialen, behoudens voor zover zulks noodzakelijk is in verband met het op de bestemming gericht gebruik van de gronden; b. het gebruik als opslagplaats van onbruikbare of althans aan hun persoonlijk gebruik onttrokken voorwerpen, stoffen en materialen, behoudens voor zover zulks noodzakelijk is in verband met het op de bestemming gerichte gebruik van de gronden; c. het gebruik van onbebouwde gronden of het gebruik van bouwwerken voor seksinrichtingen; d. het gebruik van bijgebouwen of bijbehorende bouwwerken voor zelfstandige bewoning, tenzij het huisvesting in verband met mantelzorg betreft; e. het gebruik van bouwwerken als belhuis/internetcafé; f. het gebruik van bouwwerken waarin detailhandel is toegestaan voor de verkoop van vuurwerk; en g. het gebruik van bouwwerken voor de opslag van vuurwerk; h. een gebouw of locatie binnen het explosieaandachtsgebied te gebruiken voor een zeer kwetsbare activiteit.

16.2 Beroepsuitoefening aan huis 16.2.1 Gebruiksregels Het gebruik van ruimten van een woning ten behoeve van de uitoefening van een vrij beroep en/of een aan huis verbonden beroep, waaronder mede verstaan de uitoefening van een bed & breakfastvoorziening met maximaal 4 bedden, is niet in strijd met de regels van dit plan voor zover wordt voldaan aan de volgende voorwaarden: a. maximaal 25% van het vloeroppervlak van de woonruimten met inbegrip van bijbehorende bouwwerken tot een maximum van 50 m2 mag worden gebruikt voor het vrije beroep of het aan huis verbonden beroep; b. degene die de beroepsactiviteit in de woonruimten uitvoert dient tevens bewoner van die woonruimten te zijn; c. vergunningsplichtige (aspect milieu) ingevolge de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht of meldingsplichtige activiteiten ingevolge de Wet milieubeheer zijn niet toegestaan; d. de activiteit dient qua aard, omvang en uitstraling te passen in een woonomgeving; e. er mag geen detailhandel plaatsvinden; f. aan de buitenzijde van de woonruimten of elders op het bouwperceel mogen geen uiterlijke kenmerken ten behoeve van het vrije beroep of het aan huis verbonden beroep worden aangebracht; en g. de uitoefening van een vrij beroep en/of een aan huis verbonden beroep is niet toegestaan in bijgebouwen.

16.2.2 Afwijken Burgemeester en wethouders kunnen met een omgevingsvergunning afwijken van lid 16.2.1 voor: a. een maximum vloeroppervlak van 75 m2; b. het hebben van meer dan één arbeidsplaats; c. meldingsplichtige activiteiten ingevolge de Wet milieubeheer voor zover die activiteiten blijkens een advies van de Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid geen onevenredige hinder voor de omgeving zullen veroorzaken en vanuit planologisch oogpunt ter plaatse acceptabel kunnen worden geacht; d. voor een beperkte verkoop als ondergeschikte activiteit, uitsluitend in verband met het vrije beroep en/of het aan huis verbonden beroep dat in de woonruimten wordt uitgeoefend.

(vastgesteld)

31

bestemmingsplan Maasterras fase 1

Artikel 17

Anti-dubbeltelregel

Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

32

(vastgesteld)

bestemmingsplan Maasterras fase 1

Hoofdstuk 5 Artikel 18 18.1

Overgangs- en slotregels

Overgangsrecht bouwen

Overgangsrecht

Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, a. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; en b. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. 18.2 Afwijking Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van het eerste lid een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in het eerste lid met maximaal 10%. 18.3

Illegale bebouwing

Het eerste lid is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder omgevingsvergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.

(vastgesteld)

33

bestemmingsplan Maasterras fase 1

Artikel 19 19.1

Overgangsrecht gebruik

Overgangsrecht

Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. 19.2

Veranderen gebruik

Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in het eerste lid, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdige gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind 19.3

Onderbreking gebruik

Indien het gebruik, bedoeld in het eerste lid, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. 19.4

Reikwijdte

Het eerste lid is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

34

(vastgesteld)

bestemmingsplan Maasterras fase 1

Artikel 20

Slotregel

Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan 'Maasterras fase 1'.

(vastgesteld)

35

bestemmingsplan Maasterras fase 1

Bijlagen bij de regels

36

(vastgesteld)

bestemmingsplan Maasterras fase 1

Bijlage 1

(vastgesteld)

Stedenbouwkundig Masterplan Maasterras

37

bestemmingsplan Maasterras fase 1

Bijlage 2

38

Nadere regels hogere waarden

(vastgesteld)

bestemmingsplan Maasterras fase 1

Bijlage 3

(vastgesteld)

Handboek NIBO

39

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/1024/documents/40403