CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

2.9 Concept notulen Gemeente Dordrecht Commissie Sociale Leefomgeving 14 december 2021.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 1 februari 2022, gemeente DordrechtBij agendapunt: 2: Vaststellen van de notulen van de Gemeenteraad 21 december 2021, de commissie Sociale Leefomgeving 24 november 2021, de commissies Bestuur & Middelen, - Fysieke Leefomgeving - Sociale Leefomgeving 30 november 2021, de commissie Grote Projecten 8 decembe22.594 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Maar nou even verder gedacht, hè? De wethouder noemt het voorbeeld van Reeland, waar dus sportverenigingen zelf besluiten om die samenwerking aan te gaan. Je zou er ook voor kunnen kiezen om zo’n samenwerkingsvorm iets meer een formele structuur te geven en dan te zeggen: dan is dat dus dat hele Reeland-verhaal, daar is bijvoorbeeld één gezamenlijke club verantwoordelijk voor het totaal van het hele sportpark, de accommodaties die erop staan en dan zorgen wij als gemeente dat daar subsidie is, zodat zij de mogelijkheid hebben om dat ook te onderhouden. Maar dan hebben we in ieder geval duidelijkheid dat we niet een soort hybride situatie blijven houden dat een accommodatie van een vereniging is, de grond van de gemeente is, de accommodatie van de vereniging, de grond van de gemeente, de spulletjes op de grond weer van de verenigingen zijn. Dat zou ook bijvoorbeeld een optie zijn om bijvoorbeeld over dat eigendom te kunnen nadenken, of dat je voor een hele andere constructie kiest. Maar ik mis nog steeds een beetje, nou ja … Op zich, het idee dat we nu dat juridisch eigendom en dat economisch eigendom van accommodaties in één hand geven, dat verhaal, geloof ik.

Ik denk, dat vind ik prima, maar waar ik nog steeds wel moeite mee blijf houden is dat uiteindelijk dat gebouw staat op gemeentegrond, dus als er echt fundamenteel eens een keer iets misgaat, of een sportvereniging toch niet in staat blijkt om dat pand te onderhouden, we als gemeente uiteindelijk toch aan de lat blijven staan. Kunnen we daar niet iets anders voor verzinnen? Dat is nog steeds eigenlijk de vraag die blijft staan. De heer Stam: Voorzitter, ik denk dat we hier altijd voor aan de lat staan. Om te beginnen, dat Sportpark Reeland hebben ze daar toen een stichting opgericht, dus daar kan je als gemeente ook in participeren, dus dan heb je al enige ingang om juridisch gezien je positie veilig te stellen. Maar anderzijds, de vragen die u stelde. Stel dat nou het juridisch eigendom, of dat nou economisch is of juridisch, op het moment dat daar een clubhuis staat en we stimuleren een sport en opeens valt die vereniging om. Dan heb je altijd vraag. Als we nu kijken naar de sportparken – en dan relateer ik het toch weer aan het verleden en dat is geen verwijt aan het verleden, maar dat is gewoon een

19

constatering op basis van de besluitvorming die in het verleden is gemaakt – zien we twee vraagstukken. Enerzijds dat er vernieuwing nodig is bij sportverenigingen om toe te groeien naar moderne accommodaties. De meeste sportverenigingen hebben een accommodatie van ongeveer 50-55 jaar oud, voldoen nergens meer aan. Dat willen we eerst stimuleren. Hoe gaan we dat doen? Nou, daar hebben we subsidiemogelijkheden voor. En natuurlijk zitten daar duurzaamheidsaspecten aan vast en natuurlijk zitten daar de moderne ledverlichting en technieken aan vast. De tweede vraag die daaraan gekoppeld is: hoe ga je dan met elkaar kijken hoe we dat onderhoud op zo’n sportpark vorm gaan geven? Dat kan je ook via een stichting vormgeven. Alleen, waar ik een beetje bevreesd voor was, op het moment dat wij nog spraken over koepelverenigingen en we hebben gezegd: maak toch een stichting. Dan sta je al met tien-nul achter, omdat die sportverenigingen waren al uitgesproken op het moment dat het woord koepelvereniging werd gesproken. Dus wat wij nu proberen te doen is de omgedraaide weg: ga je accommodatie vernieuwen, kijk daar goed om je sportpark heen welke verenigingen er zitten, hoe je die verbinding met elkaar kan leggen, zonder überhaupt in één clubhuis te hoeven zitten, kijk wel hoe je die verbinding kan leggen.

En tegelijkertijd en daarna moeten we met elkaar kijken: als je nou die vernieuwing hebt gedaan, dat brengt meer onderhoudskosten met zich mee, hoe ga je dat dan vormgeven? Nou, dat kan volgens mij heel goed via een stichting, maar die voorwaarden waarin we die clubs willen stimuleren om die vernieuwingen verder tot uiting te brengen om onze inwoners goed te laten kunnen sporten, die gaan we opnemen in die subsidievoorwaarden. Dus wat dat betreft ligt er volgens mij best wel een goed uitgewerkt plan wat alleen verder ter hand moet worden genomen in stappen. Nou, dit is de eerste stap: willen we deze sportparken houden? Twee: subsidie. Drie: onderhoud en beheer. De voorzitter: Goed, ik vind het weer helder beantwoord. Inmiddels hebben twee andere mensen zich gemeld voor een interruptie. Dat is de heer Van Dam Timmers en mevrouw Stolk. Mijnheer Boersma, bent u tevreden met de beantwoording en zegt u: voor dit moment voldoende? De heer Boersma: Voor dit moment voldoende. Dank u, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van Dam Timmers. De heer Van Dam Timmers: Voorzitter, ik had een hele korte, eigenlijk verhelderende vraag. Net had de heer Boersma en ook de wethouder hadden het ook over de rollen en verantwoordelijkheden en ook over die voorwaarden voor subsidie, en de heer Den Heijer refereerde er al kort aan.

Wat ik nou niet helemaal begrijp, en ik probeer te begrijpen: wat is nou de reden dat dat soort dingen nou niet in dit programma terecht zijn gekomen? Ik begrijp dat gewoon niet helemaal. De voorzitter: Mijnheer Stam. De heer Stam: Voorzitter, volgens mij heb ik dat proberen helder te maken. We proberen het gefaseerd aan te pakken. Wat heeft het nou voor mij nu en voor de organisatie nut om een aantal subsidievoorwaarden uit te werken, als we niet eens zekerheid hebben dat u dit sportparken fysieke programma ondersteunt? Dus wat we echt willen, dat is: laten we nou eerst vaststellen hoe we met die sportparken omgaan en daarna gaan we die subsidie uitwerken. Dat is gewoon de reguliere weg.

20

De heer Van Dam Timmers: Voorzitter, ja, ik begrijp uw antwoord, ik hoor wat u zegt, maar ik begrijp het niet. Want wat ik niet begrijp is, dat hoort toch ergens bij elkaar? U wil graag een programma presenteren. Dat mag, hè, er is om een visie gevraagd en u komt met een programma. Nou, u bent voortvarend aan de slag, dat juich ik toe. Maar dan vervolgens als het dan gaat over dit soort dingen. Het hoeft niet op concrete projecten, maar er is toch zoiets als gedachtes die daarover zijn? Dan vind ik het eigenlijk raar als er een hele paragraaf over rolneming, verantwoordelijkheden en dergelijke in staan, dat dit soort overwegingen waar u nu wel een beetje mee komt, dat die er dan niet in staan. Ik probeer dat echt te begrijpen, wat is nou de reden om daarin dan niet door te pakken? De heer Stam: Nou, laten we zeggen dat dat vooruitziende blik is en dat we daar nu steeds verder over nadenken nadat dit Sportparkenprogramma bij u neer is gelegd. Wij zitten daar natuurlijk ook niet in stil, dus wij zijn ook aan het nadenken: als dit programma wel wordt vastgesteld, hoe gaan we dat dan oppakken en welke lijnen leggen we eronder? Die hebben we natuurlijk vooraf wel besproken, maar we hebben heel lang gewerkt aan een directe financiering, om daar middelen beschikbaar voor te stellen.

Eigenlijk lerende vanuit de Eneco-middelen hebben we eigenlijk gekeken: als er nou niet voldoende middelen zijn, hoe kan je dan toch zo snel mogelijk je verenigingen helpen? Dan kom je in de subsidiestructuur en dan moet je op een gegeven ogenblik die fasering echt gaan hanteren, want anders hadden we nog drie jaar kunnen wachten, bij wijze van spreken. De heer Van Dam Timmers: Die fasering begrijp ik, maar dat is een tijdpad en dat je dan zegt: we doen verschillende stappen. Maar dat heeft toch niets met gedachtes over voorwaarden te maken? Dat begrijp ik niet zo goed. Maar goed, ik denk niet dat we er op dit moment uitkomen, dus laten we even verdergaan. De heer Stam: Nou, nog één poging. Ik heb ook al gezegd: we werken ook samen met Stichting Waarborgfonds Sport en die hebben ook een aantal voorwaarden en natuurlijk kijken we daarnaar. Dus daar hebben we wel degelijk over nagedacht en die zullen dadelijk ook zijn weg gaan vinden in het protocol subsidievoorwaarden die wij gaan opstellen. De heer Van Dam Timmers: Oké. De voorzitter: Goed, u kunt er zo direct op terugkomen in uw tweede termijn, mijnheer Van Dam Timmers. Mevrouw Stolk, een korte vraag. Mevrouw Stolk: Ja, een korte vraag. Het sluit een beetje aan bij de heer Van Dam Timmers.

Want stel nou, er zijn verenigingen die met elkaar samen willen gaan werken, maar die willen samen ook in één clubgebouw gaan zitten, dan zou je een accommodatiewijziging moet er dan komen. Maar hoe ga je dat dan aanpakken, hoe ziet u dat dan voor zich? De heer Stam: Allereerst, voorzitter, zou ik het toejuichen als er verenigingen zijn die zeggen: dat willen wij doen. Want meerdere verenigingen in één accommodatie levert sowieso al een kostenbesparing op. Hoe wij dat dan gaan aanpakken, dat is eigenlijk het goede voorbeeld hoe we dat hebben uitgewerkt met vv Dubbeldam, we kijken dan ook

21

naar de voorwaarden die de sportbonden met aantallen vierkante meters worden gesteld en zo gaan we dan die accommodatie opbouwen met de verenigingen die daarin gehuisvest willen worden. De voorzitter: Een heel praktisch antwoord op een hele praktische vraag. Mevrouw Stolk: Ja, nee, ik ga daar niet op in. Ik laat hem even gaan, voorzitter, dank. De voorzitter: Oké, dank u wel. Ik wilde het woord geven aan de heer Van Dam Timmers van het CDA. De heer Van Dam Timmers: Dank, voorzitter. Even kijken, ja, ik moet even erbij pakken. Zoals eerder ik ook al aangaf, hadden wij ervoor gekozen om nu geen zienswijze op dit moment in te dienen, omdat eigenlijk onze woordvoering vorige keer al grotendeels onze zienswijze is ook op dit stuk. Ik wilde eigenlijk een paar korte dingetjes nog even aanstippen, wat ik eigenlijk ook al deels eerder heb gedaan, maar nog even wat concreter. We hebben natuurlijk met elkaar gesproken uitgebreid over dit programma, ook de woordvoering van vanavond laat dat veel verschillende woordvoerders eigenlijk het ingewikkeld vinden om het programma te duiden. Maar uiteindelijk voor de meeste mensen voldoet het soort van niet aan de verwachtingen en dat geldt ook een beetje voor ons. Dat gaat dan met name over het punt als je het hebt over visie en projecten en ook programma’s, we blijven daar toch een beetje het ingewikkeld vinden.

Dat komt omdat als je het programma zo leest, dan blijft er eigenlijk enorm veel onduidelijkheid. Wij zien een programma als eigenlijk een verzameling projecten en dat je dan zo’n project, die kun je dan verder gaan uitvoeren, maar ook die verzameling van projecten is eigenlijk nog onduidelijk. Dan is er ook onduidelijk wat precies dan het doel is, hoe dat er precies uit zou moeten zien, welke activiteiten, maar ook het tijdplaatje, het eindplaatje. Dat vinden we gewoon ingewikkeld te duiden en wij vragen ons gewoon af: is het nou niet beter om die drie ton die nu al gereserveerd is, om daarmee deze gegevens in te vullen en dan op basis daarvan verder te gaan? Dan maak je echt een concreet programma en dan kun je eigenlijk aan de slag richting dat eindplaatje. Leidt dat nou niet tot veel snellere resultaten dan als we op deze manier verder gaan? Daar wil ik het eigenlijk even bij laten, want al die andere dingen zijn al veel benoemd, maar daar komen we toch nog niet echt verder in. Zo ook het punt van de rolneming en verantwoordelijkheden waar ik het net over had en waarvan ik denk: dat hoort hier dan toch echt in te staan. Ik mis dat. De voorzitter: Goed. De heer … Even een momentje, mijnheer Stam. De heer Den Heijer heeft zich gemeld om een vraag te stellen aan de heer Van Dam Timmers.

De heer Den Heijer: Mijnheer Van Dam Timmers stipt eigenlijk precies aan waar ik nou heel erg over twijfel en een beetje mee worstel, eerlijk gezegd. Ga maar aan de slag met die drie ton en kijk maar hoever je komt, eigenlijk daar komt het op neer. Maar denkt u dat als de wethouder hiermee aan de slag gaat en die plannen uitwerkt, dat hij voldoende kaders heeft of dat dit voldoende houvast biedt om dan ooit een keer terug te komen met een voorstel? Waar wij gelukkig wat geld voor hebben, maar dat is een beetje de vraag waar we volgens mij nu staan. Hoe kijkt u daarnaar? Misschien laat ik het dan maar zo vragen.

22

De voorzitter: De heer Van Dam Timmers. De heer Van Dam Timmers: Allereerst dank voor de vraag. Hele goede vraag, denk ik, die de heer Den Heijer daar stelt. Ik denk, als ik zo alle verschillende woordvoeringen ook kijk, alle aandachtspunten die daarbij gegeven zijn, is dat we elkaar op veel punten eigenlijk helemaal niet heel veel ontlopen en als die concrete punten verder worden toegepast, dat we dan een heel eind moeten komen. Als ik zo even rond mij heen kijk – dat doe ik dan imaginair een beetje hier in de digitale snelweg – dan denk ik dat we allemaal met elkaar het goede voorhebben met de Dordtse sport, dat we daar op basis van concrete en heldere uitgangspunten en plannen meer uitvoering willen. Alleen, dat we die helderheid en ook de visie daarachter, dat we die missen op verschillende punten, waardoor het een beetje vaag blijft en dat je er net niet komt en dat je je dan afvraagt: als je nu daar op die manier op verder gaat, waar kom je dan? Ik denk, als je een concretere uitwerking hebt, want deels zitten er wel concrete uitwerkingen in en daar zijn ook goede dingen opgehaald waarvan ik denk: daar kun je echt mee aan de slag, daar kunnen die verenigingen mee aan de slag. Dan denk ik: dat zouden we dan op meer plekken moeten doen en dan moeten we dat met elkaar integraal beoordelen met een tijdpad erbij, met een urgentie erbij.

Ja, kijk, ik ben geen ambtenaar, dus ik kan die urgentie ook niet maken, maar ik denk dat dat wel zou moeten kunnen. Waarom zouden we dat niet kunnen met elkaar? Ik geloof daar wel in dat dat wel kan en dat we dat ook zouden moeten willen. De voorzitter: Goed. De heer Den Heijer: Nou, aan die Erica Terpstra-vibe van mijn collega van het CDA zal het in ieder geval niet liggen. Dank, voorzitter. De heer Stam: Voorzitter, een hele korte reactie. Ik heb de heer Van Dam Timmers horen praten over de drie ton. Ja, dat klopt en op het moment dat u een Sportparkenprogramma zoals deze vaststelt wordt die drie ton geactiveerd waardoor wij de uitvoeringsprogramma’s en de punten die u opnoemt kunnen gaan uitwerken. De heer Van Dam Timmers: Voorzitter? De voorzitter: Ja, gaat uw gang. De heer Van Dam Timmers: Daar ben ik het … Volgens mij ben ik het daar niet mee eens. Die drie ton is gereserveerd, dat hangt toch helemaal niet meer af van de vaststelling van dit stuk, of welk voorstel dan ook? De heer Stam: De vraag van het college is of u op basis van dit Sportparkenprogramma bereid bent om drie ton beschikbaar te stellen om uitvoeringsprogramma’s te stellen.

De heer Van Dam Timmers: Maar die hebben we toch al gereserveerd eerder? De heer Stam: Dus u zegt nu eigenlijk tegen mij: die drie ton kunt u gewoon mooie programma’s gaan maken, Sportparkenprogramma stellen we dan niet vast en als u die programma’s hebt, dan is dat een stukje maatwerk?

23

De heer Van Dam Timmers: Nee, nu interpreteert u hem denk ik weer verkeerd. Maar u doet nu net alsof die drie ton afhangt van exacte aanneming van dit programma, maar dat klopt niet. De heer Stam: Oké. De heer Van Dam Timmers: Ik zou daar wel verheldering op willen, maar volgens mij is dat niet hoe in het in elkaar steekt. Misschien kan de voorzitter ons verlichten. De voorzitter: Volgens mij, mijnheer Van Dam Timmers, heeft de heer Stam in wezen gelijk. Er ligt een voorstel, geheten het Programma Sportparken 2021, en in dat voorstel is opgenomen drieënhalve ton, 330.000 geloof ik, ter besteding van de uitwerking van de verschillende onderdelen in dat voorstel. Dat er weliswaar dat bedrag gereserveerd is in de begroting, daar heeft u een punt, dus daar hoeft niet apart nog een begrotingswijziging voor 2022 te worden gedaan. Maar dit programma is wel de inhoudelijke onderbouwing van die uitgaven, dus zal eerst moeten worden vastgesteld alvorens dat geld kan worden uitgegeven. De heer Van Dam Timmers: Ja, misschien zit daar mijn verwarring. Ja, dank. De voorzitter: Oké. Goed, het is nu 21:20, ik zou willen voorstellen om tot half tien te pauzeren en dan verder te gaan met mevrouw Stevens van de PvdA. Schorsing De voorzitter: Dames en heren, ik wilde de vergadering gaan voortzetten. Wij waren gebleven bij de woordvoering van mevrouw Stevens van de PvdA.

Mevrouw Stevens, komt er eens in. Mevrouw Stevens: Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Zo. Mevrouw Stevens: Ben ik te te horen? De voorzitter: Inderdaad. Mevrouw Stevens: Nou, ik heb wat problemen, dus het zou kunnen dat het allemaal wat vastloopt. Nou ja, goed, wij hebben als Partij van de Arbeid wel de zienswijze ingediend en als het goed is hebben mijn collega’s die ook allemaal kunnen lezen. Ook uit de discussie voor vanavond merk je ook gewoon dat er toch nog heel veel vragen en onduidelijkheden zijn. Ik begrijp van de wethouder dat hij ook best wel de laatste jaren daar hard aan heeft gewerkt, maar dat heeft er nog niet toe geleid dat er bij ons heel veel vragen nog steeds aanwezig zijn en nog steeds nog niet helemaal geconcretiseerd zijn. Nou kan ik die wel allemaal weer opnoemen zoals die in de zienswijze staan, maar die integraliteit, daar missen we toch nog wel een aantal dingen in. Ons voorstel is dan ook – en daar zou ik ook wel met betrekking tot de woordvoering van mevrouw Stolk, want dat is wel hetgeen wat wij ook zouden willen benoemen – is om te kijken, want dat heeft de wethouder ook net al aangegeven, om een aantal dingen die snel gerealiseerd

24

zouden kunnen worden – zoals zo’n warmtehal-ding voor de hockeyclub, ik weet niet meer hoe die naam ervan was – dat je daar wel van kan zeggen: laten we daar dan snel wat mee doen. Dus hele concrete dingen. Verder zou toch het voorstel zijn om opnieuw de vragen goed te beantwoorden, zodat er een duidelijke visie en een duidelijker stuk komt te liggen en die mee te nemen naar toch de volgende periode, zodat er niet nu heel snel allerlei zaken op gedaan worden. Of de kans bestaat toch dat volgende week in de raad allerlei amendementen en moties komen, en dan te kunnen zeggen: laten we hem dan doorschuiven naar na de verkiezingen. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Stevens. De heer Stam. De heer Stam: Voorzitter, dank u wel. Ik heb niet echt vragen gehoord. Ik kan alleen maar een opmerking maken over de stelling die mevrouw Stevens neemt namens de PvdA. Ik zou het ontzettend jammer vinden als we dit zouden doorschuiven tot na de verkiezingen, omdat nogmaals het vaststellen van dit programma juist het geld gaat activeren om die uitvoeringsprogramma’s te maken. Op het moment dat we ons enkel en alleen gaan richten bijvoorbeeld op zo’n opblaashal, dan heb je echt niet meer over een Sportparkenprogramma, maar dan heb je het echt over een individueel stukje maatwerk wat totaal los staat van dat Sportparkenprogramma.

En ja, daar wil ik het eigenlijk even bij laten. De voorzitter: Helder. Mevrouw Stevens, nog een reactie, of is dit voor u … Mevrouw Stevens: Nou ja, ik kan me voorstellen dat de wethouder dit jammer vindt, maar ik denk aan de andere kant, als je volgende week in de raad verschillende amendementen of moties gaat krijgen, is de kans ook heel groot dat het daarmee ook uitgesteld wordt en we gaan alleen maar verder. We hebben vorige keer ook gehoord van de sportmensen dat zij al drie jaar zitten te wachten. Dus ja, dan is dat heel vervelend, maar dan heb ik liever dat het nog een half jaar dat je dan een goed, gedegen programma ziet waarin heel veel dingen duidelijk geworden zijn. De voorzitter: Dat is een opvatting. De heer Stam: Dank u, voorzitter. Ja, ik snap de opmerking, maar dan is mijn vraag: stel dat we nu besluiten om dit programma niet vast te stellen en u wil verdere uitvoeringsprogramma’s hebben, dan ga ik toch de vraag weer bij u neerleggen, dan moet ik wel middelen hebben om die programma’s op te kunnen stellen. Dus dan blijft de vraag hetzelfde en dat zou ontzettend jammer zijn. Aan de andere kant, mocht dit struikelen in de gemeenteraad, dan kunnen de sportverenigingen ook zien hoe er met hun participatie wordt omgegaan. De voorzitter: Goed, dat is ook een antwoord. De heer Boersma.

De heer Boersma: Voorzitter, ik heb nog een vraag naar aanleiding van de woordvoering van mevrouw Stevens en met name eigenlijk de zienswijze die door de PvdA ingediend is en die vraag is dan gericht aan de wethouder. Want er staan wat mij betreft best een paar hele concrete zaken in die zienswijze en bij een aantal wordt ook zelfs opgemerkt: dit zou eigenlijk redelijk eenvoudig, hoef niet al te uitgebreid omschreven te worden in het programma. Dus ik weet niet of de wethouder de zienswijze heeft gezien en of hij

25

misschien kan aangeven: er zitten best wel een aantal dingen in waarvan ik denk dat we die op een redelijk eenvoudige manier gewoon aan het programma toe zouden kunnen voegen. De heer Stam: Voorzitter, ik heb inmiddels twee zienswijzes gezien, die van de Partij van de Arbeid en van GroenLinks. Wellicht dat andere zienswijzes in de organisatie zijn, de VSP hebben wij niet gezien, bij de griffie niet en ook niet bij Sport. Maar wij zijn bezig met het beantwoorden van die vragen, dus ik kan me wel voorstellen dat wij die u voor de raadsvergadering doen toekomen, zodat u daarover dan uw mind kunt opmaken wat dat betekent voor een eventuele raadsbehandeling. De heer Boersma: Oké, dank u. De voorzitter: Oké. Voor de volledigheid, wethouder, was er een zienswijze van Gewoon Dordt en D66 en die waren al verzonden ver voor dit weekend. Maar goed, helder. De heer Stam: Ik heb artikel 40-vragen gezien Gewoon Dordt, die worden beantwoord. Maar van D66 kan ik niet voor de geest halen, maar dat kan aan mij liggen. Maar ze liggen in ieder geval alle zienswijzen die er zijn, die zijn voorgelegd aan de organisatie ter beantwoording. De voorzitter: Oké, helder. Ik ga over naar de heer Den Heijer van de VVD. De heer Den Heijer: Dank u wel, voorzitter. Ik moest afgelopen week even goed bedenken wat er nou in de eerste termijn allemaal gebeurd is.

Ben ik wel goed hoorbaar? Want ik zie niemand meer in beeld. Ja? Oké. De voorzitter: U bent heel goed hoorbaar en we geven u het volledige podium, zodat u helemaal in beeld bent voor alle mensen in Dordrecht. De heer Den Heijer: Nou voel ik me helemaal een schreeuwende in de woestijn. Nee. De eerste afdronk van de eerste termijn en dat was ook met de woorden waaraan de wethouder eigenlijk de avond afsloot. Eerst, de kritiek van de commissie was, en dat in velerlei verpakkingen verpakt, de een wat netter dan de ander en de een wat directer dan de ander: u heeft geparticipeerd, u bent sportclubs langsgegaan en wat hier voorligt is inderdaad een programma – nou ja, dat is afwijkend waar we om gevraagd hebben, vraag ik me nog steeds af waarom, maar daar kom ik zo even op terug – en tegelijkertijd biedt het dus geen houvast, geen visie, geen integrale blik over hoe we dat dan willen. Dan sluit de wethouder vervolgens de avond af: maar ik wil hier toch benadrukken dat ik met alle sportverenigingen goed gesproken heb. Ja, dat geloof ik allemaal wel, maar dat betekent niet dat als we dat allemaal in één stuk zetten, dat we daarmee een goed stuk hebben. Volgens mij ademt dat ook uit alle stukken die ook individuele fracties hebben gestuurd.

Als u dan nu weer vandaag begint over Movado, ja, dat vind ik mooi en ik vind het goed dat we dat bereikt hebben en ook complimenten voor de wethouder daarvoor, maar ik wil een beetje ontstijgen uit dat niveau eerlijk gezegd van een veldje hier, een veldje daar, een lampje daar erin. Dat is volgens mij juist het niveau waar we dus met deze raad niet in willen werken, dat we juist op een hoger niveau sport een veel betere plek in deze stad willen geven. Als ik dan kijk naar hoe we dan omgaan met al die Dordtenaren, want u sneert net naar anderen: dan kunnen mensen zien hoe er met

26

participatie om is gegaan. Nou, dat vind ik vanuit uw blik, omdat u gesprekken met de verenigingen heel serieus neemt en dat prijst ook deze wethouder, snap ik die opmerking. Aan de andere kant, zeventien procent van de Dordtenaren is lid van een vereniging. Wat doen we dan met de rest? Daar biedt dit document geen houvast in, dus daar kan ik niks mee. Als u dan zegt, zo moet ik het dan maar opvatten: alle ruimtelijke en sociale vraagstukken, die landen in de Omgevingsvisie, daar sturen we daar dan mee en alle andere vraagstukken, dus hoe we dat exact gaan doen, de vertaling lijkt me dan daarvan, landt in dit sportpark. Nou, die Omgevingsvisie, dat gaat nog heel lang duren. Dat zou zomaar tot 2029 kunnen duren. Je ziet heel veel overheden ook een beetje heen en weer hikken: hoe gaan we daar nou mee om? Dat is ook de vraag aan deze wethouder: hoe gaan we daar dan nu mee om? Want ik denk, ik ben het ook echt eens met de ChristenUnie dat we dus niet voldoende goed dit doorvertalen naar een programma, omdat we het op een andere manier vormgegeven hebben. Dan heb ik nog de wethouder horen zeggen: ik juich toe dat verenigingen samengaan. Ik heb niks aan een wethouder die toejuicht dat verenigingen samengaan, ik denk dat we dat best op een stevige manier ook mogen bespreken of binnen een kader samen moeten vatten.

Ik ben ook niet per se tegen een koepelvereniging, ik snap wel dat we vanuit praktische overwegingen het loslaten. Maar ik denk niet dat je in een tijd waarin er geen vrijwilligers zijn, waarin verenigingen eigenlijk door zeventien procent van de stad bemenst worden en de rest ook aan het sporten moet gaan, dan snap ik niet dat de wethouder gaat staan juichen. Ik wil dat we daar kaders opstellen en dat we daar meer moeten doen dan tot nu toe gelukt is. Ik snap dat dat een moeilijke is, dat het ook gepaard gaat met vertrouwen, maar het gaat ook gepaard met heldere uitgangspunten daarop. Een ander punt wat ik in mijn eerste termijn genoemd heb is hoe we omgaan, als je toch in die integraliteit bekijkt, hoe we omgaan met commercieel gebruik. Dus hoe gaan we bijvoorbeeld ook met ons vastgoed om, als we commercieel ons vastgoed af gaan stoten? Of als we commerciële aanbieders hebben die bijvoorbeeld op een bepaalde plek willen zitten, bijvoorbeeld in dat Stadspark XL? Ik kan me zomaar voorstellen. Hoe integreren we dat daarin, hoe kijken we daar dan naar? Dat mis ik echt in dit verhaal. De wethouder heeft een hoop gezegd, maar bijvoorbeeld dat woord vitaal waar iedereen op aanslaat.

Ik zou eigenlijk wel willen dat de wethouder meer ingaat op de zienswijzen, want de heer Van Verk kan vandaag het woord niet voeren omdat hij onze voorzitter vandaag is, maar hij heeft echt een uitstekende zienswijze ingediend en ik denk dat de wethouder daar toch niet op zijn minst in zijn volledigheid op in is gegaan. Terwijl ik kan me voorstellen dat de heer Van Verk er veel tijd voor heeft genomen om dit op papier te schrijven, dus misschien kan de wethouder daar misschien later schriftelijk dan nog op ingaan. Dan blijf je toch een beetje zitten: wat is vitaal, wat verstaan we daaronder, wat voor rol hebben onderwijs en zorg daar dan in en waarom, en waarom niet iets anders, hoe toets je dat? Wat ik ook een lastige vond, ik heb de wethouder horen zeggen over de subsidie. Dat subsidiekader, ik denk dat we eigenlijk juist hier nu staan om dit te bespreken. Ik denk dat dat noodzakelijk is om nu dat helder te hebben, voordat je dat verder gaat uitwerken. Als ik de wethouder dan nog hoor zeggen: ik ga zelf misschien nog maatwerk per sportpark leveren. Ja, ik ben dan bang dat we op het niveau van veldjes en lampjes blijven hangen en niet op dat hogere metaniveau komen.

Dat vind ik lastig en ik heb ook de vorige keer gezegd: ik blijf ook constructief kritisch, want dit komt gewoon recht uit mijn hart, ik maak me hier oprecht zorgen om en ik twijfel gewoon of we met dit programma het goede doen, of we een goed besluit nemen als raad. Dus dat is nog het laatste wat ik wou zeggen. En terugkomend op die blaashal begreep ik, zojuist werd mij

27

ingestoken dat er geen aanvraag is ingediend specifiek over die blaashal, dus volgens mij klopt dat niet. Maar dat snap ik ook dat we niet staande de vergadering hier hoeven te behandelen, dus wat mij betreft, als het contact met de wethouder goed is met die club, dan vertrouw ik dat en dan laten we dat gewoon hier zitten. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Den Heijer. Zijn er vragen naar aanleiding van het betoog van de heer Den Heijer? Ja, de heer Boersma. De heer Boersma: Dat was nog van de vorige keer, voorzitter. De voorzitter: O, sorry. Nou, dan kan de wethouder ingaan op het betoog van de heer Den Heijer. De heer Stam: Voorzitter, allereerst, ik hoor mensen continu zeggen: als de Omgevingsvisie vast wordt gesteld. Maar bij mijn weten is de Omgevingsvisie 1.0 door uw raad vastgesteld, dus laten we daar geen meningsverschillen over hebben en die wordt verder ingevuld. Luisterend naar het betoog van de heer Den Heijer, dan ga ik daar toch even op reageren. Dat ik dingen toejuich, dat moeten we natuurlijk wel in de juiste context zien, hè? Mevrouw Stolk, u gaf aan: stel dat er verenigingen zijn die willen samenwerken en hoe kijkt u daarnaar? Dat juich ik toe en dan gaan we ze ondersteunen. Dus als je die woorden los gebruikt, dat juich ik toe, dat is wat anders als ondersteuning en uitwerken.

Dus wat dat betreft, ja, wel jammer dat dat zo wordt vertaald dan. En ook hier weer de opmerking, ik begrijp continu de vraag: wat moet je nou in dit programma uitwerken? Nogmaals, het gaat nu om het vaststellen van dit programma, drie ton alloceren en uitvoeringsprogramma’s maken. Ik heb al aangegeven dat de vragen van de PvdA worden beantwoord, maar betrekking tot die vitale parken kan ik dan zeggen: in het Programma Sportparken wordt dat volgens mij nader uitgelegd wat daarmee bedoeld wordt. Wij zien graag de combinatie met onderwijs en zorg, maar de definitie van een vitaal sportpark zoals beschreven op pagina vier, daar zeggen we eigenlijk: “Een vitaal sportpark kenmerkt zich door aandacht voor, functiemenging en optimalisatie van ruimtegebrek, ruimtelijke integratie, openheid, bestuurlijke vitaliteit, duurzaamheid.” De term vitale sportparken komt niet uit de lucht vallen, dus ja, wat dat betreft zijn we daar volgens mij op ingegaan, maar daar zullen we in de beantwoording van de Partij van de Arbeid nader op ingaan.

Dan gaan we weer een stapje verder: wat betekent dat nu, na de vaststelling van het Sportparkenprogramma en de uitwerking van een subsidiekader, hoe zie ik nou dat gebruik van onderwijs en zorg? We hebben daar een sportpark wat volgens mij multifunctioneel gebruikt moet gaan worden in de toekomst, dus dat betekent dat onderwijs daar veel meer moet gaan gymmen. Maar als je kijkt naar zorg, we kunnen veel meer gebruik maken van die accommodaties om oudere mensen en mensen die aan het revalideren zijn, om die gebruik te laten maken van het park. En die neem ik dan voor mijn eigen rekening, als bijvoorbeeld, kijk naar jeugdzorg, je kan twee dingen doen. Je kan met een begeleider bij iemand op bezoek gaan, maar je kan ook zeggen: kom eens even lekker mee naar een sportpark, we gaan een praatje maken en we gaan tegelijkertijd eens even wat hockeyen of we gaan wat voetballen. Dat zijn de wilde ideeën die daarachter zitten, maar nogmaals, dat is wel de fasering die ik zie in de plannen die we tot nu toe gaan uitwerken. Daar heb je als allereerste voor nodig dat er eerst een update komt van al die accommodaties en die velden. Daar heb ik drie ton voor nodig om daar de uitvoeringsplannen voor te maken en die gaan we nader aan u voorleggen.

28

De voorzitter: Dank u wel. De heer Tiebosch. De heer Tiebosch: Voorzitter, dank u wel. Ik hoor de wethouder steeds zeggen: de vragen van de Partij van de Arbeid. Maar ik heb toch goed gehoord dat de toezegging is gedaan dat op alle zienswijzes die ingediend zijn het college een reactie geeft? Dat betekent dat dat dan voor de raadsvergadering van dinsdag op tijd bij alle fracties binnen moet zijn. De heer Stam: Voorzitter, terechte opmerking. Ik heb gelijk even in de woordvoering van de heer Den Heijer gevraagd welke we allemaal hebben en die van D66 zijn ook bij ons bekend. Dus de toezegging die ik heb gedaan, alle zienswijzes die wij hebben en artikel 40-vragen, die zullen u voor het weekend worden aangeleverd. De heer Tiebosch: Oké, en dan vervolg, voorzitter. Dat betekent dus dan toch, u gaat vanavond dan straks vragen een conclusie en u wilt politieke vragen geformuleerd hebben, maar dat betekent toch ook dat we dan de vrijheid mogen nemen om op basis van de antwoorden die het college geeft op die zienswijzen, dat dan ook vervolgens in de raad als politieke vraag te gaan meenemen? De voorzitter: Dat lijkt mij primair overigens een vraag richting de commissie en het lijkt mij evident dat dat mogelijk moet zijn. Goed, … De heer Stam: Voorzitter, het is natuurlijk wel een ongebruikelijke weg, die zienswijzes beantwoorden en meenemen naar de raad.

Maar als u daar als raad toe beslist, dan wil ik die toezegging wel invulling geven. De voorzitter: En zullen wij als partijen daar ook weer op kunnen reflecteren, op die invulling, los van de politieke vragen. Mijn advies richting de commissie zou zijn een politieke vraag te formuleren die in dit geval wat breed is. De heer Boersma. De heer Boersma: Voorzitter, dank u. Ik wou nog even ingaan op de opmerking van de wethouder over het verbreden met zorg en jeugdzorg. Op zich hele goede voorbeelden ook, denk ik. Ik zat me alleen wel af te vragen: hoe gaat dat precies vorm krijgen? Want wordt dat straks een onderdeel van al die verschillende uitvoeringsprogramma’s zeg maar per sportpark, of gaan we daar ook nog iets breder op door? Want ik herinner me nog de discussies over een perceelstadion met zorgfuncties en dat bleek toch altijd wel heel lastig te zijn om die partijen uiteindelijk erbij te trekken. Dus concreet, is de bedoeling om dan per uitvoeringsprogramma en per sportpark dan gewoon heel expliciet te gaan kijken: welke partners gaan er meedoen? Of gaan we ook nog daar bovenover zeg maar en misschien toch nog een stukje visie ontwikkelen: hoe gaan we dan al die partners daarbij betrekken? De heer Stam: Voorzitter, volgens mij heb ik ook in die reactie gezegd: dat is een puur persoonlijke mening hoe ik dat zie.

Als je dat gestaag wil doen, dan heb je daar natuurlijk wel een bredere kijk op nodig en daarom, wat ook in de eerste termijn van de commissie is aangegeven, is dat daar veel breder over gesproken moet worden van mensen van het sociale domein en van het onderwijsdomein hoe we daar invulling aan kunnen geven. Ik heb daar nog wel een wild idee bij. Ik bedoel, jongeren zitten veelal in huis, hoe ga je die verleiden? Dat kan je doen door een stukje e-sports toe te voegen aan sportparken of

29

per vereniging. Maar dat zijn allemaal ideeën die wel tot uitvoering komen. Dus we scheppen gewoon allemaal mogelijkheden die we kunnen invullen in de vervolgstappen die we willen zetten. De heer Boersma: Ja, oké, duidelijk. De voorzitter: Goed. Ik ga over naar de volgende spreker en dat is de heer Schalken van Beter Voor Dordt. De heer Schalken-den Hartog: Voorzitter, dank u wel. Ik probeer het niet te lang te maken, want volgens mij is er sowieso heel veel al gezegd. Maar vanuit Beter Voor Dordt wil ik in ieder geval aangeven dat wij echt hopen dat het Programma Sportparken volgende week in de raad kan worden vastgesteld, en wellicht met aanpassingen en aanvullingen zoals die door de commissie en door de verschillende partijen worden aangegeven. Niet zozeer alleen voor die verenigingen, wat wel heel belangrijk is omdat die verenigingen al echt lang wachten en heel veel geduld hebben gehad en vanuit Beter Voor Dordt denken dat wanneer wij nu niet met elkaar in staat zijn om een programma vast te stellen, dat er een hele grote teleurstelling zal zijn voor de verenigingen en zij wellicht wel gaan afhaken om weer opnieuw te gaan kijken naar wat we dan wel met elkaar kunnen doen. Mijnheer Den Heijer had het net er ook over, zeventien procent van onze Dordtse inwoners is betrokken of aangesloten bij verenigingen.

Maar met het vaststellen van het Sportparkenprogramma en dadelijk de uitwerking richting die uitwerkingsagenda’s is het ook de bedoeling dat er juist meer mogelijkheden en kansen gaan komen voor het ongeorganiseerd en het individuele sporten in de wijken. Vanuit Beter Voor Dordt juichen we dat echt toe en hopen we ook echt dat met de uitwerking van die verschillende uitwerkingsagenda’s dat heel nadrukkelijk meegenomen wordt. Vooral de oproep en ik had eigenlijk gehoopt dat we vanavond al wat meer met concrete voorstellen zouden kunnen komen, die wellicht wel of niet meegenomen kunnen worden in die uiteindelijke vaststelling volgende week, maar ik snap ook dat er zorgvuldig gekeken moet worden naar de verschillende zienswijzes die zijn ingediend. Maar vanuit Beter Voor Dordt vooral de oproep en de vraag: jongens, laten we met elkaar in ieder geval laten zien richting de Dordtenaren en richting de sporters, maar ook richting de verenigingen en de ongeorganiseerde sporters, dat we met elkaar hetzelfde belang zien om een volgende stap te maken en aan de gang kunnen gaan met die uitwerkingsagenda’s, waarbij dus al die individuele sportverenigingen op die verschillende locaties ook worden betrokken bij de uitwerking. Daar wil ik het bij laten, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Schalken. Mevrouw Stolk: Voorzitter? De voorzitter: Mevrouw Stolk.

Mevrouw Stolk: Mijn … Hoe heet dat? Mijn chat doet het niet, dus vandaar dat ik even zo interrumpeer. Ik wil toch even iets vragen aan de heer Schalken, via u. Hoe reflecteert de heer Schalken over de afgelopen zes jaar op het sportbeleid? Zeker wat er in het coalitieakkoord staat, doet u een dringende oproep aan ons, aan de gemeenteraad, om te vragen om hier ermee akkoord te gaan, omdat het allemaal hosanna in uw ogen is.

30

Maar hoe reflecteert u terug op de afgelopen jaren en wat er in het coalitieakkoord staat, hoe kijkt u daarop terug? De heer Schalken-den Hartog: Voorzitter, als ik daarop mag reageren, dan kan ik in ieder geval aangeven dat ook wat wethouder Stam al aangaf, dat we een aantal dingen in de loop van de jaren hebben losgelaten, omdat die ook onvoldoende draagvlak bleken te hebben, en zijn we vanuit Beter Voor Dordt vooral blij dat met wat er nu ligt het Programma Sportparken wat nadere uitwerking nodig heeft, dat dat een eerste stap is om samen met al die verenigingen tot de uitwerking te komen per sportpark. En ja, voorzitter, mevrouw Stolk vraagt het aan mij persoonlijk, maar ik denk dat we vooral ons als raad goed elkaar in de ogen moeten kijken, want we hebben soms ook volgens mij onze wethouder en de organisatie wel met bijna onmogelijke opdrachten op pad gestuurd. Daar ga ik niet van zeggen dat Beter Voor Dordt daar ook niet medeschuldig aan is, maar voorzitter, daar heeft ook mevrouw Stolk samen met de VSP en andere partijen een flinke duit in het zakje gedaan. Dat ontslaat ons op dit moment niet van de verantwoordelijkheid om met wat er nu ligt te kijken hoe we tot elkaar kunnen komen om wel die volgende stap te maken. Dat hoop ik van harte dat we dat met elkaar kunnen laten zien voor al die verenigingen en ook voor al die ongeorganiseerde en individuele sporters.

Mevrouw Stolk: Voorzitter, het is een mooi betoog, maar het is in mijn ogen, om maar een beetje in uw termen te praten, het is gewoon een natte scheet wat de heer Schalken nu aangeeft. Dus ik laat het erbij. De heer Schalken-den Hartog: Nou, voorzitter, ik ben niet zo gediend van dit soort uitlatingen. Ik vind het een beetje flauw. Maar volgens mij moeten we hier ook niet te lang bij stilstaan. De voorzitter: Nee, lijkt mij ook niet. Goed, dat gezegd hebbende, ga ik over naar de laatste inspreker op dit punt en dat is mevrouw De Fouw van Gewoon Dordt. Ga uw gang. Mevrouw De Fouw: Dank u wel. Ik hoor collega’s deze en vorige vergadering veel belangrijke punten maken over hun visie op sport. Maar gezien de toezegging en de uitleg over het doel van dit programma en het voorstel, bekijken we het als een raamwerk, als een basis voor nadere uitwerking per sportpark. In deze uitwerking kunnen en zullen we – de nieuwe raad waarschijnlijk – ook weer inzoomen op details en zaken bijschaven, mochten die inderdaad nog niet voldoende uit de verf zijn gekomen in dit programma of gezien de Sportvisie. We gaan ervan uit dat ook alle betrokken partijen weer worden betrokken in dat verhaal.

We willen het proces vooral niet verder ophouden en overwegen in te stemmen met het voorstel, met mogelijk een aanpassing op de door ons eerder genoemde gewenste concretisering van de toegankelijkheid van de parken en accommodaties. Dat was het, voorzitter. De voorzitter: Excuses, mijn geluid stond nog uit. De heer Tiebosch wil eerst even een interruptie plaatsen.

31

De heer Tiebosch: Voorzitter, dank u wel. Mevrouw De Fouw, dat betekent dus eigenlijk als u nu akkoord al geeft op die Programma Sportparken, dan hoeft u de artikel 40vragen toch niet meer in te dienen? Mevrouw De Fouw: Daar zit wat in. Ik hield ook nog een slag om de arm, zoals u net heeft gehoord. Want die wacht ik wel af, maar ondertussen is er ook alweer zoveel gebeurd en hebben we zoveel andere informatie ingewonnen en gekregen dat daar ook al een aantal zaken duidelijker zijn geworden op de vragen die we gesteld hebben. We hebben al een gedeeltelijk antwoord binnen, laat ik het zo zeggen. De heer Tiebosch: Oké, dus dat scheelt zo meteen weer tijd, voorzitter, dan hoeven we ze niet door te geleiden naar het college. De voorzitter: Nee, dat lijkt me dan ook. Mevrouw Stolk wil hier ook op reageren. Mevrouw Stolk: Ja, voorzitter, daar wil ik zeker even op reageren. Want als Gewoon Dordt die vragen al beantwoord heeft gekregen – want ik heb die vragen gezien van Gewoon Dordt en dat zijn geen slechte vragen – zou ik het wel op prijs stellen dat die vragen met de hele commissie gedeeld worden. Dus ja, als u meer weet dan wij, zou ik graag willen dat u dat met deze commissie zou willen delen. Mevrouw De Fouw: Als ik daarop mag reageren, voorzitter.

Zoals ik al aangaf, is vooral ons standpunt veranderd in de loop van de tijd – mijn standpunt met name, en dat heeft ook te maken met een stukje onbekendheid met het hele verhaal. In eerste instantie hadden wij ook de neiging: een hele hoop over visie op sport staat er niet in. Ondertussen is het duidelijker geworden dat we het vooral moeten zien als een raamwerk voor uitwerking voor de volgende stap. Dus in die zin heb ik denk ik genoeg antwoord gekregen over het doel van dit programma en hoe we daar verder mee verder gaan. En zoals ik ook al zei, op de nadere details per park kunnen we dan ook weer kijken of daar dan inderdaad zaken goed geregeld zijn of niet liggen. Het gaat er nu vooral even om dat we voortgang krijgen in dit verhaal, want ik heb er niet veel van meegekregen, maar wel dat het al erg lang duurt. De voorzitter: Mevrouw Stolk, dit is een antwoord van Gewoon Dordt. Mevrouw Stolk: Ja, ik krijg geen antwoord, dus ik laat het. De voorzitter: Nee, dat zou u kunnen vaststellen. In ieder geval, we weten nu de opvatting van Gewoon Dordt en volgende week in de raad kunnen we daar dan ons voordeel mee doen of niet. De heer Stam, heeft u nog behoefte om hierop te reageren? De heer Stam: Op wat mevrouw De Fouw van Gewoon Dordt zegt, dat we dit eigenlijk moeten zien als een raamwerk.

In de discussie die tussen mijnheer Schalken en mevrouw Stolk was denk ik wel dat het goed is om nogmaals te benadrukken dat we een coalitieakkoord hebben en dat we wel in de gelukkige omstandigheid verkeren dat we dan wel proberen te luisteren naar onze inwoners en de sportverenigingen dat dat niet het juiste is, en dat ik daarom wel de vrijheid heb genomen om daar toch enigszins van af te wijken en een andere koers te gaan varen. Ik denk dat we het daar wel over eens zijn dat de koers die vastgesteld was, dat we die allemaal niet meer onderschreven. Dus

32

wat dat betreft gaan we wel dezelfde lijn op. De vraagpunten die we hier nu nog allemaal met elkaar hebben, die gaan wij proberen zo goed mogelijk te beantwoorden in al die zienswijzes die er zijn en dan hoop ik in ieder geval dat we met elkaar de schouders eronder kunnen zetten om de Dordtse sportwereld te doen toekomen waar ze recht op hebben en wat ze eigenlijk – en dat is wel een stukje verwijt – tien, vijftien jaar niet hebben gehad. De voorzitter: Nou, dat is dan ook een statement van u, wethouder. Waarbij het mij niet ontgaan is dat u weliswaar een coalitieakkoord hebt en nog een coalitie, maar de meerderheid daar verder van zoek is. Maar mijnheer Van Dam Timmers wil daar in ieder geval ook nog op reageren. De heer Van Dam Timmers: Dank, voorzitter. Hele korte vraag daarop. U beaamt dat het een raamwerk is, maar waarom blijft u het dan een programma noemen? Ik snap dat nog steeds niet, ik probeer daar toch iedere keer weer helderheid over te krijgen. Noem het dan ook anders, dan is het ook gewoon duidelijker. De heer Stam: Ja, voorzitter, laat mijnheer Van Dam het dan noemen zoals hij het wil. De voorzitter: Nou, goed, laten we die discussie nu maar stoppen. Het is het programma van 2021 tot 2030, geloof ik, en het is wat het is.

Volgens mij zijn wij zo langzamerhand tot een afronding bekomen van deze beraadslaging over dit onderwerp en komen we bij de hamvraag: wordt dit een bespreekstuk of een hamerstuk voor 12 december? 21 december, mijn excuus. De heer Van Dam Timmers. De heer Van Dam Timmers: Voorzitter, dat lijkt me toch een bespreekstuk dan, hè? De voorzitter: Dat lijkt mij ook. De heer Stam: Wat verrassend. De voorzitter: Wat wordt dan de politieke vraag? Robbert … De heer De Boer, u drukte op het knopje. De heer De Boer: Ik druk weer op het handje inderdaad. Sorry, voorzitter. De voorzitter: Dat maakt niet zoveel uit. De heer De Boer: Ik wil nog even aansluiten bij mijn voorganger om dit als bespreekpunt naar de gemeenteraad door te zetten. Ik heb even geen politieke vraag op dit moment. De voorzitter: Oké. De heer Tiebosch. De heer Tiebosch: Dank u wel, voorzitter. De politieke vraag zou wat D66 betreft zijn: is dit programma eigentijds, vitaal en integraal genoeg om richting 2030 het vizier te zetten? De voorzitter: Eigentijds, vitaal en … Wat was het laatste? De heer Tiebosch: Integraal.

33

De voorzitter: Integraal genoeg om voor 2030 het vizier te zetten. Mevrouw Stolk: Voorzitter? De voorzitter: Ja, mevrouw Stolk, ik kom bij u. Mevrouw Stolk: Ik sluit me aan bij de heer Tiebosch. De voorzitter: De heer Van Dam Timmers. De heer Van Dam Timmers: Ik heb ook van gelijke strekking die richting wilden we op. Het gaat om het langetermijnplan, dus dan ga ik geen andere vraag formuleren. De voorzitter: Zijn er nog meer mensen die … Eens met D66. Is deze vraag breed genoeg om alle aspecten mee te nemen die we willen meenemen? De heer De Boer. De heer De Boer: Jazeker, voorzitter. Wij gaan ook voor dezelfde vraag, ja. De voorzitter: Oké. Mevrouw Stevens. Mevrouw Stevens: Sluiten wij ons bij aan. De voorzitter: Oké, dan is dat de politieke vraag, met de inachtneming dat de beantwoording van de verschillende zienswijzes door de organisatie ook nog onderdeel kunnen zijn van het betoog in de raad, mocht dat enigszins afwijken van de politieke vraag. Maar de politieke vraag is inderdaad zo breed geformuleerd dat iedereen wel zijn zegje kan doen. De heer Boersma meldt zich om iets te vragen of te zeggen, of een politieke vraag. De heer Boersma: Voorzitter, nou ja, een vraag. Ik zat me even af te vragen wanneer we ongeveer dan de reactie van de wethouder kunnen verwachten, want gezien alle zienswijzen … De voorzitter: Voor het weekend.

De heer Boersma: Wat zegt u? De voorzitter: Voor het weekend, dat heeft hij namelijk toegezegd. De heer Boersma: O, voor het weekend. Ah nee, dan is het goed, want dan hebben we nog ruim tijd om na te denken over de consequenties voor moties of amendementen. Dank u. De voorzitter: Momentje. De heer Boersma, wilt u nog wat zeggen? De heer Tiebosch, ja. De heer Boersma: Nee, hoor. De voorzitter: Nee, de heer Tiebosch heeft zich opnieuw gemeld.

34

De heer Tiebosch: Voorzitter, ik wilde inderdaad dat wat u zei over wat mogelijk als antwoord wordt gegeven op die zienswijze, dat dat nog zou kunnen leiden tot een aanvulling op de politieke vraag. Maar u heeft het goed geformuleerd. De voorzitter: Dank u. Dan kunnen wij dus vaststellen dat de politieke vraag geformuleerd door D66 wordt meegenomen in de oplegnotitie en dat wij daar volgende week dinsdag verder mee praten. Hoeveel tijd hebben we daarvoor nodig, vijf of twee minuten? Ik vermoed, ik zou voorstellen vijf, gezien de vele aspecten. Kunt u daarmee instemmen? De heer Van Dam Timmers stak zijn duim op. Vijf, de heer Boersma. Zijn er mensen die het er niet mee eens zijn? Niet? Dan wordt er een spreektijd van vijf minuten vastgesteld. Goed, dan sluiten we dit punt af en is het inmiddels tien over tien. Ik zit even in dubio, want vorige week is de beantwoorde artikel 40-vragen van GroenLinks, ‘Aanpak discriminatie en racisme’, die is doorgeschoven naar eigenlijk ook deze vergadering. Ik stel u voor … Moment. Mevrouw Van Poppel: Die komt op 25 januari. De voorzitter: Oké. Het voorstel vanuit ons, en dan dus vanuit de griffie is die verschoven naar 25 januari inderdaad. Dus dan komen we daarop terug. Dan zijn we zo’n beetje aan de andere punten toe. 2.

Vaststellen besluitenlijst Commissie Sociale Leefomgeving 30 november 2021 De voorzitter: Dat is om te beginnen, even terug naar het begin van de agenda, het ‘Vaststellen van de besluitenlijst van de commissie Sociaal van 30 november 2021’. Er zijn geen wijzigingsvoorstellen binnengekomen, dus we nemen aan dat ze zonder meer kunnen worden vastgesteld en zonder wijziging. Dat klopt, want ik zie verder geen reactie in de chat. Daarmee zijn ze vastgesteld. 3. Vragen aan het College De voorzitter: Dan komen we toe aan het onderdeel ‘Vragen aan het College’ en de heer De Boer gaf aan dat hij een dergelijke vraag had of heeft. De heer De Boer: Dank u wel, voorzitter. Mijn vraag is voor onze wethouder Gezondheid, ik denk mijnheer Heijkoop. Die gaat over de boosterprikken in Dordrecht. Ik heb al verschillende berichtgevingen voorbij zien komen die jullie waarschijnlijk ook hebben gezien over de boosterprik, dat huisartsen moeten gaan meehelpen met het geven van de boosterprikken, naast ook dat er op het AD gesproken is dat militairen een spoedcursus moeten krijgen om te gaan boosteren. Nou, het vreemde is eigenlijk even dat van de week stond er ook een artikeltje in van een van onze huisartsen die graag wil meeprikken, alleen niet gevraagd wordt op de een of andere manier. Ik heb zelf een aantal GGD-medewerkers gesproken die in de eerste ronde vorig jaar hebben geprikt, gevaccineerd.

Het gaat om een groep van twintig verpleegkundigen en doktersassistenten die nu niet zijn opgeroepen voor de tweede ronde, dus ook niet opgeroepen zijn voor de boosterprik. Wat verbaast mij enigszins ook is dat als je googelt en kijkt naar de vacatures die er zijn in Dordrecht, dan staan er bij diverse uitzendbureaus wordt er dringend gevraagd om mensen die kunnen vaccineren. Dus ja,

35

ik snap het niet helemaal meer, dus mijn vraag aan de wethouder is: kunt u nagaan bij de GGD of mijn bevindingen die ik u schets, of die ook kloppen? De voorzitter: U geeft aan dat deze vraag voor de heer Heijkoop is. Volgens mij is de heer Heijkoop niet aanwezig bij deze vergadering, noch de heer Van der Linden als voorzitter van de Dienst Gezondheid & Jeugd. Dus wij zullen uw vraag doorspelen richting college en dan zult u per omgaande beantwoord worden. De heer De Boer: Dank u wel. De voorzitter: En ik neem aan dat dan de hele commissie met dat antwoord in kennis wordt gesteld. De heer De Boer: Oké, dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Oké, dat was … Zijn er nog meer vragen aan het college? Ik zie nergens … Nee, geen mensen meer die zich melden. 6. Voordracht bestuurder Stichting Dordrechts Museum Fonds De voorzitter: Goed, dan gaan wij over naar de nieuwe behandelvoorstellen. Ik hoor wel wanneer u vindt dat iets besproken moet worden. Dat is punt 6, raadsvoorstel ‘Voordracht bestuurder Stichting Dordrechts Museum Fonds’. Hamerstuk. 7. Vaststellen Besteding GIDS middelen 2022 - Raadsvoorstel De voorzitter: ‘Vaststelling Besteding GIDS middelen 2022’. Dat is een raadsvoorstel als hamerstuk te agenderen. 8. Vaststellen Technische verrekening bijdrage Sportboulevard - Raadsvoorstel De voorzitter: Raadsvoorstel ‘Vaststellen Technische verrekening bijdrage Sportboulevard’.

Voorstel om dat als hamerstuk naar de raad te sturen. 9. Raadsinformatiebrief Aanbieden eindrapport over het Algemeen aanbod in Dordrecht - Raadsvoorstel De voorzitter: Dan een ‘Raadsinformatiebrief Aanbieden eindrapport over het Algemeen aanbod in Dordrecht’. Voorgesteld wordt om deze raadsinformatiebrief te agenderen in de commissie met een politieke vraag die nog geformuleerd moet worden. Daarbij wordt aangetekend dat op 18 januari 2022 een themabijeenkomst over de Sociale Wijkteams is gepland. Bestuurders van MEE, Vivenz en Stichting Jeugdteams Zuid-Holland Zuid zijn uitgenodigd om hierbij aan te sluiten. Wethouder Van der Linden heeft eerder aangeboden u mee te nemen in thema’s zoals toegang, de integrale klantroute en de vraagverheldering en aansluiting onderwijs en jeugdhulp. U heeft bij de bespreking van de rapportage Advies- en Meldpunt Jeugd aangegeven in gesprek te willen gaan met de uitvoerende partijen. Welke politieke vraag wilt u hieraan ten grondslag leggen? Even voor de duidelijkheid, het lijkt mij wel handig om een politieke vraag te formuleren,

36

omdat we anders een avondje borrelpraat hebben, wat uitstekend en heel … Dat doe ik liever thuis met de benen op tafel. De heer Boersma. De heer Boersma: Voorzitter, ik denk dat de politieke vraag zou kunnen zijn of er voldoende aanbod is en of dat aanbod ook voldoende bereikbaar en beschikbaar is. De voorzitter: Is dat een po… De heer Boersma: Dat is misschien een beetje algemeen geformuleerd, maar dan hebben we eigenlijk volgens mij alle thema’s in één politieke vraag gevat. De voorzitter: Maar is dat nu een politieke vraag of meer een veel technischer vraag? De heer Boersma: Ja, het is een … Ja, ja, ja, dat is ook weer een goeie, scherp. Dan zit ik even na te denken, want dan zouden we hem ietsje scherper moeten formuleren. De voorzitter: Wellicht denkt u nog even na, dan gaan we even verder met de rest van de lijst en komen we daar aan het eind nog een keer op terug. 10.Raadsinformatiebrief Het Dordts Leerprogramma en de voortgang moties M10 ‘Achterstanden weg na corona’, M11 ‘Alle kinderen tellen mee’ en M12 ‘Verrekening Rijksbijdrage’ - Raadsinformatiebrief De voorzitter: Op 10, een ‘Raadsinformatiebrief over Het Dordts Leerprogramma en de voortgang moties M10 ‘Achterstanden weg na corona’, M11 ‘Alle kinderen tellen mee’ en M12 ‘Verrekening Rijksbijdrage’. Voorgesteld wordt de brief ter kennisgeving aan te nemen.

11.Raadsinformatiebrief Huisvesting statushouders en opvang asielzoekers Raadsinformatiebrief De voorzitter: 11, ‘Raadsinformatiebrief Huisvesting statushouders en opvang asielzoekers’. Voorstel om deze raadsinformatiebrief ter kennisgeving te agenderen voor de gemeenteraad. Via een telefoongesprek met Chris van Benschop van GroenLinks heeft zij mij medegedeeld dat GroenLinks deze brief graag zou willen betrekken bij een themabijeenkomst die ook nog schijnbaar op de rol staat over asielzoekers. Nou zie ik hem niet zo … Ja, een themabijeenkomst had zij het over. Mij is daar ook niet verder … De heer Van Dam Timmers, wilt u daar … De heer Van Dam Timmers: Voorzitter, bedoelt zij dan die bijeenkomst eind januari die gepland staat? Dat is het enige wat ik me kan indenken wat er op de rol staat op dat vlak. Dat schuurt daar wel aan natuurlijk. De voorzitter: Ik zie hem alleen niet op eind januari staan. Ik zie alleen eind januari ‘Afdoening toezegging opbouw tarifering en financiering kunstgrasvelden’ en ‘Beantwoorden artikel 40-vragen van GroenLinks met betrekking tot discriminatie’. Ik kijk even naar de griffie.

37

De heer Van Dam Timmers: Dit ging meer over huisvesting wat er wel in die tijd op de rol staat, hè? Maar niet bij onze commissie, maar … De voorzitter: O, bij de commissie Fysiek. De heer Van Dam Timmers: Ja, volgens mij staat dat daar. De voorzitter: Oké. De heer Van Dam Timmers: Dus misschien bedoelt ze dat, maar ik gis, hè? De voorzitter: Nou ja, dan stel ik voor … Ik gis met u mee, maar ik vind uw giswerk niet ondenkbaar. Dan stel ik voor dat deze brief ter beschikking wordt gesteld aan de commissie Fysiek om te betrekken bij de … Grote Projecten hoor ik nu. Op woensdag 26 januari hebben die een besloten presentatie over motie M10, ‘Tijdelijke woningen en opvang vluchtelingen en statushouders’. Dan zou ik daar die brief bij willen betrekken, is dat goed, kunt u daarmee instemmen? Dan gaat de brief door naar de commissie Grote Projecten. De heer Van Dam Timmers: Daar gaat GroenLinks over, wilde ik toch even … Dat was hun verzoek, toch? De voorzitter: Het staat nu op de agenda van de commissie Sociaal en wij nemen nu een besluit. De heer Van Dam Timmers: Nee, maar dat lijkt me prima, het past daar het beste bij, ja. De voorzitter: Ja, en ik heb gezien dat GroenLinks, mevrouw Kruger wel in de vergadering zit. Dus als ze het daar niet mee eens zou zijn, dan zou ze zich nu onmiddellijk wel melden. Dat doet ze niet, dus ik denk dat zij dat ook wel een strak plan vindt.

Wij gaan door. 12.Raadsinformatiebrief Stand van zaken mantelzorgbeleid 2021 Raadsinformatiebrief De voorzitter: De ‘Raadsinformatiebrief over de Stand van zaken mantelzorgbeleid’. Voorstel ter kennisgeving aannemen. 13.Raadsinformatiebrief Raamwerk monitoren en volgen Agenda 2030 Raadsinformatiebrief De voorzitter: ‘Raadsinformatiebrief Raamwerk monitoren en volgen Agenda 2030’. Nu wordt voorgesteld de raadsinformatiebrief ter kennisgeving te agenderen voor de gemeenteraad. GroenLinks heeft wel een politieke vraag, namelijk: weerspiegelt de indicator voor opleidingen wat we willen? Toelichting: de indicator is een aantal leerlingen en studenten dat hoger onderwijs volgt. Je zou ook bijvoorbeeld kunnen denken aan de mate waarin wordt voorzien in de behoefte die er is aan technisch personeel en personeel voor de zorg en onderwijs. De suggestie is ook deze vraag mee te geven aan het college en de uitwerking van dat raamwerk. Lijkt mij een zinvolle.

38

14.Beantwoorden artikel 40-vragen PVV Uitspraken wethouder Stam inzake huisvesting statushouders - Antwoordbrief artikel 40/41 De voorzitter: Dan gaan we naar punt 14, ‘Beantwoorden artikel 40-vragen van de PVV over de uitspraken van wethouder Stam inzake huisvesting statushouders’. Mijn voorstel zou zijn … Sorry. Mijn voorstel zou zijn om deze brief dan ook door te sturen naar Grote Projecten en bij hetzelfde punt te betrekken. Dat gaat … 15.Beantwoording artikel 40-vragen RvO van de fractie VSP inzake de problemen rond vaccineren ouderen in Dordrecht tegen COVID-19’ De voorzitter: ‘Beantwoording van artikel 40-vragen van de fractie VSP inzake de problemen rond vaccineren van ouderen in Dordrecht tegen COVID-19’. Mevrouw Stolk. Mevrouw Stolk: Voorzitter, die vragen hebben wij in april van dit jaar gesteld en daar hebben we ook heel snel antwoord op gekregen. De voorzitter: Dat is mooi. Mevrouw Stolk: Dus dat wilde ik wel even benoemen, want ze staan nu bij de nieuwe behandelvoorstellen, maar ik wil wel aangeven dat onze fractie de antwoorden heel snel heeft gekregen en zijn ook naar tevredenheid beantwoord. De voorzitter: Dus dankzegging richting college dat het zo snel ging en eigenlijk jammer dat het zo laat bij ons op de rol staat. Mevrouw Stolk: Precies.

16.Artikel 40-vragen RvO van fractie Gewoon Dordt over Programma Sportparken De voorzitter: ‘Artikel 40-vragen van de fractie Gewoon Dordt over het Programma Sportparken’. Voorgesteld wordt om deze door te geleiden naar het college. Er staat: om in afwachting van beantwoording van het college. Vraag is of … Oké. 17.Informatiebrief Serviceorganisatie Jeugd ZHZ over ontwikkeling jeugdhulpuitgaven 2021 2e bestuursrapportage SOJ De voorzitter: ‘Informatiebrief Serviceorganisatie Jeugd Zuid-Holland Zuid over de ontwikkeling jeugdhulpuitgaven 2021 2e bestuursrapportage van de Serviceorganisatie Jeugd’. Agendapunten 17 en 18 zijn via de e-mail door wethouder Van der Linden aan de commissie gestuurd. In zijn begeleidend schrijven geeft hij aan dat de impact van de bestuursrapportage voor de gemeente Dordrecht een extra uitgavenpost is van 477.000 euro. Dit wordt echter grotendeels gecompenseerd door de extra rijksmiddelen uit de septembercirculaire van 2021 ter hoogte van 434.000 euro. Het nadelig saldo voor 43.000 euro wordt verwerkt in het jaarrekeningresultaat van 2021. De commissie heeft een voorstel voor een begrotingswijziging van de Dienst Gezondheid & Jeugd voor 2022 ontvangen waarin onder meer de actuele ontwikkelingen van het jeugdhulpdossier zijn verwerkt. Op 23 november heeft u aangegeven hier een zienswijze over te willen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/395/documents/15342