2.6 Notulen Gemeente Dordrecht Commissie Fysieke Leefomgeving 6 oktober 2021 - getekend.pdf
Tekst van het document
De raad van Dordrecht is het hoogste orgaan van de stad. Die nemen een besluit. Die nemen een verkeersbesluit. In 2025 hoop ik, maar misschien wel in 2035. En daar baal ik van, maar ik ga er niet over. De raad van Dordrecht gaat erover.
44
De heer Oostenrijk: Voorzitter. Ja, toch een interruptie. Alles goed en aardig, maar ik zie graag een wethouder die zelf ook lets vindt. De heer Van der Linden: Nou, ik wil het wel herhalen. Ik denk dat wij ingehaald worden door de tijd. Dat zelfs al mijn optinnisme nog te weinig is. Want elke ondernemer denkt hier allang over na. Ook mensen die zeggen: ik heb er geen geld voor of ik heb een nieuwe bus. Die denken er wel over na. Daar ben ik echt van overtuigt. En ik ben er ook van overtuigt dat dit een heel logisch plan is om in 2025 te kunnen uitvoeren. We gaan zeker een heleboel dingen ontmoeten en tegenkomen waar we nu te weinig zicht op hebben. We gaan ook ondernemers tegenkomen die zeggen: zijn jullie al zover? Nou, nou, nou. Ik heb het allang geregeld. Dat merken we ook bij de verduurzaming van woningen. Soms konn je bij voordeuren waar mensen zeggen: we hebben absoluut hier nog geen energie voor. En soms kom je ook ergens waar mensen zeggen: we hebben het natuurlijk allang geregeld. Je had 5 jaar terug moeten komen. Zoveel verschil is er. Dat gaan we hier ook zien. De voorzitter: U krijgt nu een interruptie, want nu ga ik u wel even onderbreken. De heer Van der Linden: Ja, is goed. De voorzitter: Want mijnheer Jansen zit al heel lang te wachten. Een korte interruptie zei die. De heer Jansen: Een hele korte vraag. Een gesloten vraag.
Waar de wethouder ook heel kort ja dan wel nee op kan antwoorden. Die is vooral bedoelt even voor de mensen die twijfelen tussen VVD en de GroenLinks motie. Hoorde ik u zeggen dat als wij deze routekaart aannemen er geen point of no return gepasseerd wordt en er op elk moment nog in de toekomst besloten kan worden: we halen het toch niet, dus nu gaan we toch andere maatregelen nemen om de ondernenners te helpen of andere maatregelen toevoegen om de ondernenners te helpen, dan wel het toch nog uitstellen. Dus hoor ik u zeggen dat we hier niks definitiefs nnee passeren? De voorzitter: Ja of nee zei die. De heer Van der Linden: Nou, dit is een gesloten vraag met 17 bijzinnen. Maar het antwoord is ja. Want wij gaan nu een route. Ik ga hem even toelichten. Wij gaan een route op. Zeker, graag gedaan. Maar we gaan een route op waarvan ik niet helennaal zeker weet wat er allemaal uitkomt. We hebben wel een hoop indruk, maar in 2025 of eerder of later gaat u zeggen: nou, inderdaad. Het is precies zoals we hadden gedacht. En nu kunnen we het verkeersbesluit nemen of lets anders. Dus dat is aan de hand. De voorzitter: Nu ga ik echt er een eind aan breien, want anders dan komen we niet meer van deze plek. En mu j maakt het niet ult. Al zitten we hier tot 1 uur. Dat hebben we al eens een keer gedaan. Ik ben in dienst van deze commissie. We hebben nu de bespreking gehad.
Het is tot in den treure is het uitgediscussieerd. Het voorstel, wederonn, als hamerstuk naar de raad kan. Als de VVD en GroenLinks al dan niet gewijzigd sowieso zullen gaan indienen wordt het een bespreekstuk voor de raad waarbij
45
wellicht alleen gestemd hoeft te worden, omdat de modes vanavond al besproken zijn. Kan ik, en ik kijk de commissie rond. Ik ga van links naar rechts nu. Akkoord. Akkoord. Mijnheer Oostenrijk is niet akkoord.
De heer Oostenrijk: Nou, u noemt 2 woorden. U noemt het woord bespreekstuk en stennnnen. Ik zou mu j willen beperken tot het stemmen over de nnotie zonder bespreking. De voorzitter: Ja, nee, maar dat bedoelde ik ook. Dan heb ik mij versproken. Ja, kan de commissie daarmee akkoord gaan? Heel goed. Dan dank ik u voor dit vrij ingewikkelde stuk. Ja, nee. Het roept toch best wel wat emoties op. Dat mag best. Ik stel nu even voor onn 5 minuten te pauzeren. En de andere mensen die nu zitten te wachten even binnen te laten. Dan kunnen jullie even de benen strekken en even snel wat te drinken en een plaspauze houden. Zo, beste mensen. Ik wil eerst even toch de mensen die zo geduldig hebben zitten wachten. Ja, het is niet op de publieke tribune, maar hier buiten in de zaal. Het is wat uitgelopen. Excuses daarvoor. Maar ja, zo gaat dat sonns in de politiek.
13.Raadsinformatiebrief over voortgang uitwerking verkeerstructuurplan Spuiboulevard e.o. — Raadsinformatiebrief 14.Raadsinformatiebrief verkenning ligplaats Res Nova i.c.m. Futuro — Raadsinformatiebrief De voorzitter: Wij gaan nu verder met raadsinformatiebrief verkenning ligplaats Res Nova in connbinatie met Futuro. Vind ik altijd een nnoeilijk woord om uit te spreken. De portefeuillehouder is wethouder Burggraaf. Deze RIB is geagendeerd op verzoek van GroenLinks met als politieke vraag of het college adequaat omgaat met het aangenonnen amendement en met de eigenaren c.q. bewoners. Vorige week heeft ook een technische sessie over deze RIB plaatsgevonden. Een terugkoppeling daarvan is bij de stukken van vanavond opgenomen. Voordat ik het woord geef eerst twee insprekers. Dat is mevrouw Karlijn Pols-Barone en mijnheer Elio Barone. Mevrouw Karlijn Pols-Barone heeft eerder ingesproken over voorliggende raadsinformatiebrief. Daarom is het verzoek gedaan vooral in te gaan op de nieuwe ontwikkelingen die sindsdien hebben plaatsgevonden. Mijnheer Elio Barone wil kort toelichten wat er sinds de raadsinformatiebrief is gebeurd ten aanzien van de Futuro. En beide insprekers krijgen 5 minuten waarna de commissie nog vragen kan stellen. En uiteraard is het woord altijd aan de dame, dat is nnevrouw Karlijn Pols-Barone. Gaat uw gang. U krijgt 5 minuten van ons.
De heer Kleinpaste: Voorzitter. De voorzitter: Ja? De heer Kleinpaste: Ik zou graag een ordevoorstel willen doen. De voorzitter: Dat mag altijd, mijnheer Kleinpaste. Gaat uw gang.
46
De heer Kleinpaste: Mijn voorstel zou zijn onn de insprekers die heel geduldig hebben zitten wachten vooral het woord te geven en te laten inspreken. En daarna ten wille van de tijd het agendapunt te verdagen naar een andere vergadering. De voorzitter: Dan kijk ik even rond in de connnnissie. Wie is het eens met het ordevoorstel? De heer Nederhof: Een vraag. Zit er geen linniet nergens aan? Dus we kunnen gewoon uitstellen? Geen probleem. De voorzitter: Ik kijk dan even naar de griffier. De heer Nederhof: Onndat er iets met 1 januari 2022 gaat er gehandhaafd worden. Dus dat moet daarvoor wel besproken worden. De voorzitter: Uiteraard. Nee, dan wordt het. De heer Nederhof: Als daar ruinnte voor is. Anders doet het geen recht aan de zaak. De heer Kleinpaste: We hebben sowieso een extra datum in november. De heer Nederhof: Ja. De voorzitter: Dus dan kijk ik even. Ja, ja, ja of nee. Ik denk dat mijnheer Nederhof heel duidelijk aangeeft over de termijn die eraan vast zit. Kan de commissie met het voorstel van mijnheer Kleinpaste akkoord gaan? Dat we de insprekers het woord geven en in ieder geval in november van dit jaar dit nog op de agenda zetten. De heer Kuhlmann: Voorzitter, ik heb moeite met die combinatie versus 1 januari.
Als we dit onderwerp in november gaat bespreken en er zou uitkomen dat 1 januari geeffectueerd gaat worden, dan hebben wij een probleem en dan hebben de betrokkenen een probleem. Dat laatste nnoeten we niet willen. Dus ik vind het prima, het ordevoorstel van mijnheer Kleinpaste, nnaar eigenlijk zouden we dan nu moeten beslissen over die 1 januari. De voorzitter: Dan kijk ik even. Uw punt is duidelijk. Dan kijk ik even naar de connmissie en naar de griffier. Nee, laat ik even naar. Mijnheer Burggraaf die zit ook naast mu. Die had ik helemaal nog niet gezien. Die zit een beetje naar achteren. Mijnheer Burggraaf, kunt u daar misschien even kort en bondig antwoord op geven? De heer Burggraaf: Ja hoor, voorzitter. Als u voor een goede bespreking vraagt om wat ruimte met betrekking tot die datum, dan kan die gegeven worden. Dan is het niet zo absoluut dat daar niet nog verder in geschoven kan worden. De voorzitter: Oke. Nou, dat is dan duidelijk. Dus dan doen we de insprekers vanavond en in november gaan we dan in ieder geval het op de agenda zetten. De heer Struilk: Voorzitter, een korte.
47
De voorzitter: Ja, nnag. Mijnheer Struijk. De heer Struijk: Misschien is het wel mogelijk dat de wethouder op de insprekers kort reageert als er wat nieuws boven tafel konnt? Nieuwe gezichtspunten. Niet? Heeft geen zin? Oke. De voorzitter: Nou, kijk eens aan. Duidelijk. Nou, dan geef ik nu echt het woord aan u. Gaat uw gang. Even op het knopje drukken. Mevrouw Pols-Barone: Beste leden van de commissie fysieke leefonngeving. Oke. Beter? Oke. Dank u dat ik in mag spreken en u mij de kans geeft onze kant van het verhaal te belichten. De kernvraag van mijn inspraak is: kan de Res Nova op haar huidige ligplaats een vergunning krijgen of kan dat alleen naast de Erasmus in het Wantij? Tot op heden is daar nog geen volledige duidelijkheid over ons inziens. We zijn in november 2020 een traject gestart voor een alternatieve ligplaats bij de Erasmus. Die plek is aangedragen door het college en we hebben op 15 juni een gesprek gehad met de stedenbouwkundige om de Res Nova daar in te passen zonder dat de boot ligt voor de Futuro. Met die aanpassing was er stedenbouwkundig gezien geen bezwaar nneer. Op het advies van het college hebben wij vervolgens een vergunningsaanvraag gedaan voor die locatie. Vervolgens hebben we voor een tweede keer geprobeerd om een gesprek met de eigenaren van de Erasmus aan te gaan, ook op advies van de annbtenaren. Dit wilden zij niet.
En ze stelden dat ze rechten hadden met betrekking tot het water naar de Erasmus waar wij de ligplaats voor de Res Nova ingetekend hadden. Als dat zo zou zijn zou dat natuurlijk een complicerende factor kunnen zijn. Daaronn hebben wij aan de havenmeester van de gemeente gevraagd welke contracten daarover zijn. We hebben daar helaas nooit antwoord op gekregen en overwegen daarom nu een Wob-verzoek te doen, omdat het van cruciaal belang is voor het verdere traject. Maar ja, uiteraard willen we dit liever niet. Volgende week hebben wij een gesprek met de omgevingsdienst over onze vergunningsaanvraag en het traject dat doorlopen nnoet worden. Op eigen kosten hebben wij daar de benodigde onderzoeken laten doen die nog ontbraken. En daaruit blijkt dat alle vakjes bij de Erasmus nu wel op groen staan. Wat de inpassing van onze huidige ligplaats in de Kalkhaven betreft vinden wij het wel opvallend dat er nu pas een rapport van het OZHZ ligt. We zijn er tegelijkertijd wel blij mee, omdat we daar een contraexpertise op los kunnen laten. Deze rapportage geeft de cijfers weer van de geluidsbelasting op onze huidige ligplaats in de Kalkhaven. En verder heeft het verslag er alle schijn van dat er alleen gezocht is naar afwijzingsgronden. Wat ons betreft is er onvoldoende aandacht besteed aan de mogelijkheden om de belennmeringen op te heffen.
Indien dat zo is, dan is ons inziens tot op heden nog maar half tegemoet gekomen aan het amendement van uw raad. We willen het boek voor de Kalkhaven vanavond dan ook nog niet volledig sluiten, want mogelijk is het daar toch in te passen als wij een expert op dit gebied vinden die bekend is met deze kennelijk lastige materie. Helaas is de connmunicatie zeer stroef geworden in ons laatste annbtelijk gesprek op 11 mei toen we geheel onverwacht onder druk zijn gezet. In onze ervaring nnoesten wij met het nnes op de keel opeens beslissen om te kiezen voor een ligplaats in de Wolwevershaven. Ons werd medegedeeld: we gaan vanaf januari 2022 handhaven op de ligplaats van de Res Nova en bieden jullie daarom de oplossing om voor juli te besluiten
48
met de Res Nova naar de Wolwevershaven te gaan. Daarop hebben wij geantwoord dat we overdonderd waren door deze nnededeling, onndat we op aanraden van het college een ruinntelijke procedure waren gestart waar zeker een half jaar voor nodig was. Onze huidige ligplaats zou totdat dit geregeld is gedoogt kunnen blijven worden totdat dat geregeld is. We werken ten slotte graag nnee aan een integrale oplossing en we willen dan ook graag in gesprek met de nieuwe wethouder om een oplossing te vinden. Wel zouden we eerst de ingeslagen trajecten volledig willen doorlopen en vandaaruit op zoek gaan naar een oplossing. En daarna willen we zeker nadenken over eventueel naar de Wolwevershaven gaan. Ondertussen hebben wij noodgedwongen een jurist in de hand genonnen, want die is van nnening dat in het proces tot legalisatie van onze huidige ligplaats, maar ook rond de alternatieve ligplaats bij de Erasmus, sprake is van onbehoorlijk bestuur en willenkeur. En hij heeft ons aangeraden om een AWB klacht hierover in te dienen. Maar dat willen wij liever niet. Wij willen nannelijk met de nieuwe wethouder tot een oplossing komen. Dat is denk ik een kans die de scheepseigenaren van De Vertrouwen en De Friedrich Voss ook graag willen. Dat was hem. Dank u wel.
De voorzitter: Dank u wel. En dan kijk ik even naar de commissie. Want als we een inspreker hebben gehad, dan mogen we altijd natuurlijk nog vragen stellen. Ik zie de eerste hand van nnijnheer Portier. Gaat uw gang. De heer Portier: Ja, voorzitter. Ik heb naar het geluidsonderzoek gekeken en daar was op een hoogte van 3,3 meter, dus ver boven het schip, genneten. Dat zou noodzakelijk zijn vanwege het maaiveld en dat soort zaken. Maar wat vinden jullie ervan dat op die hoogte van 3,3 meter is genneten in plaats van eigenlijk op hoogte van het schip? En wat vinden jullie eigenlijk van het idee dat eigenlijk de kade al een soort met van geluid, een geluidswal aan te leggen. Eigenlijk is de kade die het schip afschernnt van de weg al een soort geluidswal. Wat vindt u daarvan? De voorzitter: Gaat uw gang. Hij staat nog aan hoor, ja. Mevrouw Pols-Barone: Nou ja, dat is zeker inderdaad een punt. Ons schip verschuift natuurlijk vanwege eb en vloed. En wij liggen alleen met hoog water, volgens mu, echt flink boven de wal die daar loopt. Dus ja, in principe weet ik niet hoe het geluid is op onze hoogte. Dus dat is zeker iets om mee te nemen. En dat is ook iets wat we nnisschien in ons contraonderzoek zouden kunnen na laten kijken. Hoe zit het dan op dat vlak, zeg nnaar. Op dat gebied. De voorzitter: Dank. Mijnheer Van der Meer. De heer Van der Meer: Ja, dank voor uw toelichting.
Ik had een vraag over wat u gezegd heeft over contraexpertise. Kunt u iets meer zeggen over waarom u daar kansen in ziet? Met andere woorden, wat is reden om te twijfelen aan het onderzoek wat tot nu toe is gedaan? Mevrouw Pols-Barone: Omdat, ja. Wij lopen natuurlijk al best wel lang dit traject en dat heeft ons, ja, toch een beetje wantrouwend gennaakt. Dat willen wij niet. Wij willen vooral vanuit een positieve inslag erin gaan. Maar tegelijkertijd is er ons inziens wel heel
49
erg gekeken naar hoe het niet kan. Wij zouden graag willen weten: kan het wel? Of het vervolg dan ook redelijk is, is de volgende vraag natuurlijk. Maar kan het? En van daaruit kunnen we dan kijken: is het redelijk of is het beter om naar de Erasmus te gaan. En is het niet mogelijk bij de Erasmus, wat volgens het onderzoek wat wij al hebben laten doen wel kan. Maar is het dan nog niet mogelijk. Ja, dan kan je ook weer naar de Wolwevershaven gaan. Maar ja, het zou wel fijn zijn als er gewoon redelijk naar gekeken wordt in plaats van alleen niet.
De voorzitter: Dan nog een vraag van mijnheer Kleinpaste. De heer Kleinpaste: Ja, die sluit een beetje aan op wat mijnheer Porter net ook at zei. Dat het geluid genneten is op een zekere hoogte. Dus dat is zeg maar het meetresultaat. Dat noemen we dan in onze taal zo mooi objectief. Maar ik ben ook wel heel nieuwsgierig naar de subjectieve beleving van het geluid. Met andere woorden, aan boord, als jullie daar !even, wonen, werken, wat dan ook. Hoeveel hinder geeft dat eigenlijk, dat geluid in jullie omgeving? Mevrouw Pols-Barone: Ik heb er geen last van, eerlijk gezegd. Het is nneer dat het schijnbaar, vanuit de gemeente aangegeven, voor ons niet gezond is. Maar, ja. Of niet goed is. Nou, ja. Wij hebben er zelf geen last van. Zeker niet als het gewoon normaal eb en vloed is. Dan komen we toch niet hoog. En uiteindelijk is het idee dat we in het ruim gaan leven. De heer Kleinpaste: Ik vraag het ook hierom, omdat je normaal. Ik kijk weleens naar programma's als de rijdende rechter. Dan meten ze je woonruinnte of hoe het geluid daar is. Daar zou nnijn nieuwsgierigheid dan ook naar uit gaan. De voorzitter: Dan hebben we nog een vraag van mijnheer Nederhof. Gaat uw gang. De heer Nederhof: Dank u wel, voorzitter. Nou, in ieder geval aansluitend op wat mijnheer net zei. Stel de boot mag blijven liggen. Aileen je mag er niet blijven wonen.
Stel nou dat je zegt van: oke, ik zie af van bezwaren betreffende geluidsbelasting in de toekomst. Dat zal ik nooit doen. Zou dat kunnen? Dat je zegt van: wij gaan nooit bezwaar aantekenen dat wij zeggen van: wat er ook gebeurt qua herrie. Mevrouw Pols-Barone: Wat ons betreft is dat geen probleem. Maar ik heb van de annbtenaren begrepen dat het juridisch niet kan. De heer Nederhof: Oke. Nee, maar ik vraag het maar. We hebben niet alle ambtenaren, dat horen we de volgende ronde wel. Want het is natuurlijk ook zo. Op 28 september kregen we de Quick scan. Daar was ik ook heel verbaasd over. Op de dag van. Dus het geluid. U zegt: het is acceptabel voor ons en wij wonen er al een poosje. Dus dat springt er ook ult. Mevrouw Pols-Barone: la, hiervoor woonde ik aan het spoort. Ja. De heer Nederhof: Ja, nee. Ik heb ervaring.
50
De voorzitter: Dan nog een vraag van mijnheer Polat. De heer Polat: Ja, voorzitter. Nog een klein vraagje over de Erasmus. Ik heb begrepen dat alle lichten op groen staan om naast de Erasmus te gaan liggen. Maar hebben jullie al contact gehad met de Erasmus? Want ik heb begrepen dat daar gewoonweg de contacten vrij stroef zijn en dat daar geen contacten mee zijn. Hebben jullie wel nadien contacten gehad met ze? Mevrouw Pols-Barone: Elio heeft het een keer geprobeerd en ik heb het een keer geprobeerd. Maar zij hebben aangegeven dat ze dat niet willen. Zij hebben aangegeven dat ze alleen contact willen als echt zeker is dat wij daar komen liggen en dan zien ze wel verder. Maar eigenlijk willen ze dat allemaal niet aangaan. Dus, ja. De heer Nederhof: Een korte aanvulling. Was dat de huidige bewoner of de koper? Mevrouw Pols-Barone: Ja, de huidige bewoner. En de nieuwe bewoner heeft aangegeven dat die ook niet met ons in gesprek wilt. De voorzitter: Zijn er nog vragen van de commissie? Mijnheer Jansen, gaat uw gang. De heer Jansen: 3a, om te beginnen de vraag: wat waren precies de bezwaren waarom de Wolwevershaven voor jullie niet zo interessant was? Kunt u dat duiden? Mevrouw Pols-Barone: Ja. Nou, wij zijn natuurlijk eigenlijk vanaf het begin eigenlijk. We gingen met de intentie erin dat we graag in de Kalkhaven wilden blijven liggen.
Vervolgens is in het gesprek aangegeven van: weetje, dat wordt waarschijnlijk lastig. Maar de Erasmus kan wel. Dus, nou ja. Dan nnoeten we ons ook flexibel opstellen en redelijk opstellen. Dus daar zijn we mee akkoord gegaan. Dat leek ons interessant. Maar toen kwam de Wolwevershaven. Ja, nu wordt het een soort, gaat het voelen alsof je continue van haven naar haven gepingpongd wordt. En ja, daar heb ik niet zo'n zin in. De heer Jansen: Je voelt je vooral onder druk gezet, zeg maar. Mevrouw Pols-Barone: Ja, ja. De heer Jansen: De tweede vraag. Ik begrijp uit alle verhalen dat de Erasmus, de eigenaren van de Erasmus, willen de nieuwe eigenaren toch wel vrij duidelijk maken jullie niet als buren te wensen. Dat is een gewetensvraag, maar wat doet dat met je gevoel daar naartoe te verhuizen. En als je daar naartoe verhuist bent het gevoel dat je er eigenlijk niet welkom bent. De voorzitter: Mevrouw Pols-Barone. Mevrouw Pols-Barone: Dat maakt het wel lastig. Maar ik denk dat. Het is gewoon ook raar gestart. Want ons is aangeraden om gewoon die nnensen maar te gaan bellen en te zeggen van: we komen misschien naar jullie toe. la, we worden misschien jullie buren, dus we nnoeten eens praten. En omdat zij nu ook bezig zijn met het verkopen van het schip, en onze aanwezigheid dan misschien die verkoop zou kunnen bemoeilijken, maakt
51
dat hun ook, dat ze het niet zo graag willen. Maar ik denk dat als we gewoon aan tafel zouden kunnen zitten met die mensen dat je echt wel ergens kan komen. Maar ja, zover zijn we niet gekomen. De heer Jansen: Oke. De voorzitter: Even via de voorzitter. De heer Jansen: Mevrouw de voorzitter, mag ik wat vragen stellen? Ja, goed. Dus ik begrijp dat er vanuit de farnilie Barone geen voorkeur is en het standpunt van de Erasmusbewoners eigenlijk best begrepen wordt? Mevrouw Pols-Barone: Zeker, absoluut. Ja. De heer Jansen: Nou, begrip is het begin denk ik van een goed gesprek. De voorzitter: Dank. Dan mijnheer Struijk. En dan komt mijnheer Nederhof hoor. De heer Struijk: Dank u wel, voorzitter. Mevrouw Barone, dank u wel dat u hier bent. Ik heb een vraagje. Wij hebben bij de technische sessie gehoord: er is teveel geluid. Bij een woning zou je wat kunnen doen met isolatie, maar bij, zo werd het genoemd, woonboten en woonwagens is dat niet mogelijk, is dat niet aan de orde. Dus daar kan nooit een uitzondering voor gemaakt worden. Hebben jullie wat gedaan aan isolatie van het schip met betrekking tot geluid of zien jullie daar mogelijkheden in? Valt dat ook onder de contraexpertise eventueel? Mevrouw Pols-Barone: Dat is een hele goede vraag. Ik denk deels wel, maar Elio kan het straks misschien beter beantwoorden. Die is de techneut van ons twee.
De heer Struijk: Ik heb wel even geduld. De voorzitter: Dan nog een vraag van mijnheer Nederhof. Maar misschien als het te technisch wordt is het misschien beter dat mijnheer Barone dadelijk wat antwoord. Is dat beter? De heer Nederhof: Nee. Voor A kwadraat plus B kwadraat kom ik bij hem. De voorzitter: Oke. De heer Nederhof: Maar er is verteld dat, ook in die sessie, dat dus de Wolwevershaven een tijdelijke ligplaats is. Weet je dat? Mevrouw Pols-Barone: Ja. De heer Nederhof: Ja. En hoe is dat dan naar jullie gecommuniceerd? Hoe lang is tijdelijk?
52
Mevrouw Pols-Barone: Nou, we konden. Ons is verteld dat het als een tijdelijke of een blijvende konden zien. En het voelde daardoor wel alsof het zo was van: we verschuiven jullie daar naartoe en dan zien we daarna wel weer verder. De heer Nederhof: Dat gevoel was er. Mevrouw Pols-Barone: Ja. De heer Nederhof: Ja, ja. Mevrouw Pols-Barone: En daarom hebben wij ook zoiets van: nee. De heer Nederhof: Want hij ligt nu tjokvol, de Wolwevershaven. Mevrouw Pols-Barone: Ja, volgens mij wel. De heer Nederhof: Daar kan niks meer bij, denk ik. En dan heb je ook nog de schouwcomnnissie, die heb je ook nog. Dan moet je aan criteria voldoen. Weet je dat? Mevrouw Pols-Barone: Ja, maar die hebben wij al gehad. De heer Nederhof: Die heb je al gehad. Oke. De voorzitter: Mijnheer Nederhof, ook even via de voorzitter. Want het wordt zo een soort. Ja, we zitten gewoon in een officiele. Hoe zeg je dat? In een officiele vergadering. Dus een tweetjes doen we dan gewoon even op de gang. Ja, ja, ja. Zijn dat zo voldoende vragen aan mevrouw Barone? Want dan stel ik voor dat we nnijnheer Barone even naar voren halen, want die kan vast wat meer technische dingen zeggen. Ik dank u voor uw inspreken en toch nog ook op de technische antwoorden hoor. Want u staat uw vrouwtje. Ja. Dan krijgt nu nnijnheer Barone het woord en die heeft volgens mu j een paar sheets die die kort even wilt toelichten. Gaat uw gang.
De heer Barone: Ja, hij doet het. De technische vragen achteraf dan, denk ik. Juist. Ik
ga erbij staan, want ja, we zitten al zolang. Ik sta mijn mannetje, maar gelukkig met heel veel mensen om mu j heen, waaronder deze studenten. De bootlift van de Futuro wordt dus sannen met studenten ontwikkelt. En soms is dat 80% raak, maar dit keer was het 100% raak. Want deze mannen hebben gewoon een traject doorlopen en een werkend systeem gemaakt voor die bootlift. Dat vind ik gewoon heel knap, want het is best wel ingewikkeld bleek uiteindelijk. En zij hebben een oplossing gevonden die werkt. Dus dat wou ik even zeggen. Dat dat dus heel leuk is om samen te werken. Ja, de Futuro. Dit is de Futuro op dit moment. Ik moet weg uit de loods. Ik ben stom geweest. Ik heb mijzelf in mijn voet geschoten door te zeggen in december: nou, ik ben wel klaar in de zomer. Want innovatie kan je niet plannen. Hopelijk heb ik morgen een gesprek waar die heen kan. Maar eigenlijk zou die in de bootlift moeten, want dan zou ik daar alle installaties kunnen doen. Maar ja, die bootlift is natuurlijk nog niet klaar. Want alle innovatie duurt lang. Ja. Bij de Res Nova in de Kalkhaven, dat werd hem niet. De locatie voor de bootlift. Vervolgens naast de Erasmus, ook niet. Want ja, zichtlijnen stedenbouw. En eerlijk is eerlijk: het is ook wel een beetje veel. Dat snap ik zelf ook
53
wel. Maar ja, waar dan. Nou, vervolgens kwam natuurlijk in nnei het verhaal dat die niet bij de Erasmus kon. Ja, toen dacht ik van: ja, maar dat watertransferium. Daar wordt in de wandelgangen over gepraat. Is dat niet een optie? Want ja, die steiger ligt er nu. En mogelijk wordt het ooit anders. Daar hebben jullie kennelijk binnenkort ook een gesprek over, over de Wantij-West visie. En wat is die bootlift dan? Nou, het heeft dus meerdere functies. Want het watertransferiunn heeft, denk ik, als belangrijkste functie, de parkeergarage ligt daar, om van de auto of lopen het water op te gaan en dan verder te varen met een watertaxi, met een rondvaartboot. Eventueel ook suppend. Ik weet het allemaal niet. Maar dat zou mooi gecombineerd kunnen worden aan die bootlift. Ik nnaak graag lets wat bijdraagt aan die functie. Dus een opstaplaats, maar ook een remise voor bijvoorbeeld rondvaartboten van concurrenten. Ja, het aanzicht vanaf de parkeergarage. Daar zie je het. Ik wil graag een open aangezicht. Wel met zonnepanelen, maar ook met groen. Ik heb niet een dure architect in de hand. Maar ik probeer toch straks als ik bij de welstandscommissie mag komen, want dat is eerder een keer getorpedeerd door ambtenaren, dat voelde heel zuur, om lets te maken wat men mooi vindt. Want ik weet niet wat men mooi vindt, maar ik weet wel dat ik het nodig heb.
Maar ik pas het graag aan, mocht dat budgettair mogelijk zijn, aan de wensen. Dus bijvoorbeeld met groene gevels, nestelplaatsen, mooie verlichting en materiaal gebruiken waarvan ik het in ieder geval kan betalen maar die ook geacht wordt in zo'n ontwikkeling. Nou, het aangezicht vanaf het Wantij. Ja, kijk. Ik denk dat het wel kan. Ik hoop dat het kan. Ik hoop dat het ook meegenomen gaat worden na 4 jaar zoeken in de Wantij-West visie. En ik ben natuurlijk bereid, hier zien we een plaatje van het groenplan. Ja, het is inpasbaar. Het is een puzzelstukje. Het drijft. Ik wil graag kijken hoe dat inpasbaar is. Ik wil daar graag aan bijdragen, ook aan heel het gebied. Aan de verdere gebiedsontwikkeling. Op dit moment loopt er een subsidie aanvraag bij de provincie voor deze bootlift om al die dingen als zonnepanelen, oplaadplaatsen voor elektrische boten buiten de Futuro zeg maar, die groene gevels in het kader van toerisme, dus ook opstappen van passanten eventueel, om dat te subsidieren. Maar daarvoor moest ik wel een aanvraag doen. Dus er ligt nu een aanvraag omdat dat procedureel nodig was. Maar ik hoop dat het uiteindelijk ingepast kan worden. En dan kan ik eindelijk eens gaan ondernemen en geld gaan verdienen na al die jaren investeren en geld in het water gooien. Dat was nnijn presentatie.
De voorzitter: Dank, mijnheer Barone, voor deze ook visuele sheets. Wie van de connmissie heeft een vraag aan mijnheer Barone. En ik zie als eerste mijnheer Kleinpaste naar de knop gaan. De heer Kleinpaste: Een puur praktische vraag. Ik neem aan dat we de sheets krijgen? De heer Barone: Ja, hij is al in het bezit van de griffier. En dat geldt ook voor Karlijns verhaal, dat krijgen jullie ook. De voorzitter: Mijnheer Van der Meer. De heer Van der Meer: Ja, voorzitter. Het is een nnooie presentatie. Dank daarvoor. Het is nnij niet helemaal duidelijk. U heeft het over een concrete plek waar die Futuro bootlift
54
zou kunnen komen. Hoe zeker is het nou dat die plek beschikbaar is? U heeft het wel over een subsidie gehad, maar dat is mij niet helemaal duidelijk geworden.
De voorzitter: Mijnheer Barone. De heer Barone: Dat is mu j ook nog niet duidelijk. De voorzitter: Mijnheer Van der meer. De heer Van der Meer: U heeft daar dus nog geen reactie van. Wie nnoet daar een reactie op geven? De gemeente? En daar heeft u nog geen reactie van? De heer Barone: Nee. Toen ik in mei voorstelde om naar die locatie te gaan, toen heb ik te kennen gekregen van een gebiedsnnanager waar wij toch wel een slechte ervaring nnee hadden rondom de Erasmus. 3a, men is daar nog niet aan toe aan die gebiedsontwikkeling. Dus ja, u kunt daar nu nog niet een aanvraag voor indienen. En zodoende is ook de voorlopige aanvraag, de conceptaanvraag. Wat je dan kan doen voor een pure welstandstoets. Van: hoe willen ze hem hebben als die er kan komen. Is toen getorpedeerd op het laatste moment. En dat doet wel pijn. De voorzitter: Mijnheer Oostenrijk, gaat uw gang. De heer Oostenrijk: Ja, voorzitter. Ik meen mu j te herinneren dat heel lang terug, toen het nog ging over de ligplaatsen in de Kalkhaven, dat er toen sprake was van een verzoek om de tillift daar aan vast te koppelen. De twee eenheid, om het maar zo te zeggen. Begrijp ik nu met zoveel woorden dat, zeker gelet op nu de presentatie, dat de tillift losgekoppeld wordt van de woonboot, om het maar zo te zeggen? Want dat biedt natuurlijk andere mogelijkheden.
Want eerder begreep ik dat de tillift ook graag op de plek naast de Erasmus zou gaan komen. Of is dit een next best situatie? Of andersom, is dit eigenlijk een veel betere situatie? De heer Barone: Voortschrijdend inzicht brengt je tot de laatste conclusie. Dit is beter. En ik denk sowieso ook beter voor mu j en Karlijn. Want werken, dat moet ik thuis niet doen. De voorzitter: Ik kijk nog even rond naar de commissie. Zijn er nog vragen aan mijnheer Barone? 3a, u zou nog even. Ja, nee, klopt. U zou nog even antwoord geven over het technische gedeelte, dus gaat uw gang. De heer Barone: Ja. Ook ik ben een leek op dat gebied van geluid. Dat is gewoon echt lastige materie. Wij hebben voor de Erasmus wel een onderzoek laten doen. Daarin kwamen dingen naar voren. Daar was geen probleem. Maar dat onderzoek gaf ook hoop, want dat gaf ook maximale waarden die vergunt kunnen worden. Die hoger lagen als wat op de Kalkhaven genneten is. Dus we hebben die nnensen ook gevraagd: kunnen jullie motiveren hoe dat dan te vergunnen is? Misschien is dat op een nnanier die niet wenselijk is. Ik bedoel: dat is de volgende vraag natuurlijk. Dus dat is een ding wat we echt willen onderzoeken. Anderzijds, ja, die hoogtes, maar ook de binnen
55
geluidsbelasting. Ja, dat is dus heel gek. Er is een soort uitzondering ontstaan voor varende woonschepen ten opzichte van woonboten. De ene is wel een geluidsgevoelig object en de ander niet. Maar omdat een varend woonschip dus geen geluidsgevoelig object is, is het terrein dat. Oftewel, de ligplaats is een geluidsgevoelig terrein. En ja, een geluidsgevoelig terrein is moeilijk te isoleren. Dat is het verhaal van wat de wethouder, de vorige wethouder, ook zei. Ja, dan moet er een geluidsscherm omheen. Ik kan mij ook voorstellen dat dat onwenselijk is. Aan de andere kant, ja. Wat beleef je nou daadwerkelijk. Dat is niet wat de geluidsdruk op het terrein is, maar de geluidsdruk binnen. Nou, wij wonen nu in de oude roef van de schipper. Schippers, een gezin. Ja, dat is natuurlijk niet echt geisoleerd. Dat is dun. En anders wordt het wel heel erg krap. Maar ja, de woonruimte die wij gaan creeren, waarvoor we eigenlijk het staalwerk allennaal af hebben, dat wordt een woonruimte waar we dus wel flink isolatie kunnen toepassen en ook isolatie zouden kunnen toepassen waarvan een expert zou zeggen: als je dit en dit en dit doet kunnen we op die manier een vinkje hier maken. En dan kom je toch tot bepaalde waarden waarbij wij kunnen zeggen dat het wel zou kunnen in de regelgeving. Nou, daar zijn wij toe bereid. Want nu kan het nog.
Maar ja, nognnaals, daar hebben wij geen zicht op, omdat wij geen contraexpertise hebben. En isolatie is niet alleen tegen geluid, maar ook natuurlijk om zo weinig mogelijk stookkosten te hebben. En ja, in die zin heeft het 2 voordelen. Dus dat gaan we sowieso doen. Maar ik kan behalve dit, dat een expert dat moet uitwijzen, niet meer zeggen op dit moment. Maar de nnogelijkheden liggen er wel, omdat je staat nog vooraan aan een verbouwing. Dat was het eigenlijk.
De voorzitter: Mijnheer Jansen, had u nog een vraag? De heer Jansen: Ja. Ik sta even verwondert. Begrijp ik het nou goed dat als je de bougies uit je motor haalt en het dus geen varend woonschip meer is maar een gewoon woonschip dat je er dan wel zou mogen blijven liggen? Maar omdat er een motor in zit dat je daar niet mag blijven liggen, want dan neemt het geluid over. Begrijp ik dat zo goed? De heer Barone: Ja, bijna wel. Er is een verschil tussen een woonboot en een varend woonschip juridisch. En het gekke is, het is gedaan onn mensen met een varend woonschip, een historisch schip, te beschermen. Want de meeste van die schepen, die zijn niet geluid te isoleren. Ik bedoel: als je kijkt naar de schepen in de Wolwevershaven. 25 meter. Als je dat moet gaan isoleren namens de nornnen voor gebouwen, dan kan je daar niet meer wonen. Dus er is een uitzonderingsregel gecreeerd die nu tegen ons werkt, omdat we te laat als het ware gelegaliseerd gaan worden. Want was het zo dat voor 2012 de ligplaats al een vergunning had, dan kon er zonder enige geluidstoets kon de ligplaats nu een omgevingsvergunning krijgen. Dat is het zure, ja. De voorzitter: Dank. Dan heb ik nog als voorzitter misschien even een vraag aan mijnheer Barone. U had het over de contraexpertise. Misschien is dat wel handig voor deze commissie.
Wanneer denkt u dat u die contraexpertise heeft? Want we gaan dit natuurlijk in november gaan we dit bespreken. Dat hebben we net afgesproken. Heeft u daar enig zicht op?
56
De heer Barone: Ik heb gisteren een uitvraag gedaan naar een aantal experts op het gebied van geluid, waaronder diezelfde die de toets had gedaan bij de Erasmus. Ja, ik weet niet wanneer zij klaar zijn. Meestal duurt dat toch wel enkele weken tot een maand. Het zijn toch kantoren die het druk hebben en het ook willen laten checken door meerdere partijen in zo'n kantoor. We zitten nu 6 oktober. Ja, dan is 6 november wel heel snel natuurlijk. De voorzitter: 16 november, toch, de commissie? Ja, we hebben nog tot eind november. De heer Barone: Ja. Nou ja, goed. Ik denk dat dat sowieso nnoet lukken. En ja, wat heel fijn zou zijn is los van die contraexpertise is gewoon een gesprek met de wethouder. Ik denk niet dat ik de enige ben die graag een gesprek wil met de wethouder. De voorzitter: Dank. En dan kijk ik. Dan dank ik u voor het inspreken en de toelichting. Volgens mu j houden we dit dan aan en gaan we in ieder geval, en dan kijk ik de griffier aan, een avond plannen waarin we in ieder geval met elkaar dit nog een keer gaan bespreken. Iedereen kan het even mee terugnemen naar de fractie. Dan gaan we over tot het laatste. U mag even blijven zitten hoor, als u dat wilt. Ja, hoor.
15.Rondvraag De voorzitter: Dan gaan we over tot de rondvraag. Zijn er nnensen voor de rondvraag? Mijnheer Kleinpaste. De heer Kleinpaste: Ja, ik durf het bijna niet, voorzitter. Maar toch nog even. Dat wat ik in de rondvraag ga zeggen heeft ook geen betrekking op uw voorzitterschap. Maar het moet nn i j toch van het hart na deze vergadering vanavond dat ik de collega's zou willen oproepen om met elkaar wat meer discipline te betrachten als het gaat om bij agenderingsverzoeken het echt alleen maar over het agenderen te hebben en niet over de inhoud. Bij vragen aan het college of vragen in de algemene zin niet stiekenn nog een politieke vraag erin te fietsen waarvan ik denk: zou je dat niet eerst met de commissie eens moeten bespreken. En ik zou het ook prettig vinden dat als we de afspraak maken dat we het alleen over moties hebben, dat we dan niet een complete vergadering overnieuw gaan doen, maar dat we het echt alleen over de moties hebben. Want ik vond het, laat ik het woord maar noemen, ronduit genant dat we 1,5 uur moesten doen om 2 kleine moties met elkaar te bespreken. Waarbij ik het overigens ook een opvallende figuur vond dat conceptmoties worden gewisseld en worden besproken met de wethouder. Conceptmoties, dat is iets aan de gemeenteraad en dus aan de commissie. Daar hebben we geen wethouder bij nodig. Dat kun je met elkaar bespreken.
Dat had misschien ook wat tijd gescheeld. Ik wou dat toch gezegd hebben, want het maakt eigenlijk dat we hier een vergadering hebben gehad die ik in ieder geval weinig effectief vond. En ja, de rondvraag is dan toch het moment om daar iets van te vinden. De voorzitter: Die is daar eigenlijk niet voor bedoelt, maar u mag altijd iets zeggen. Waarvan akte, zou ik zeggen. Als voorzitter probeer ik altijd een beetje toch iedereen het woord te geven en ook de ruimte. Ik dank iedereen voor deze avond.
57
16.Sluiting De voorzitter: Ik ga afsluiten met deze vergadering. Allemaal wel thuis, fijne avond nog en morgen gezond weer op. Dank.
Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van 9 novennb-2021. De griffier,
voorzitter, /1
Kolff
.E.T. Wep
58