CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

2.2 Notulen Gemeente Dordrecht Gemeenteraad 14 juli 2021 - getekend.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 13 juli 2021, gemeente DordrechtBij agendapunt: 39: Notulen en besluitenlijst Gemeenteraad 13 en 14 juli 202132.985 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

U heeft natuurlijk ook nadrukkelijk het instrument van de verordening tot uw beschikking en dat kun u natuurlijk op een bepaalde nnanier scherp formuleren dat die nadere regels moeten altijd binnen de verordening passen. Dus ik zou u als raad willen nneegeven van probeer niet al te veel op die details te sturen maar daar wel wat ruimte in te geven. Ik kom straks nog wel even bij meneer Portier terecht over een initiatief in de Drecht raad van hem.

De voorzitter: Ik ga hier echt een punt zetten want die komt maar niet. Ik ga even naar meneer Portier want die heeft een interruptie geplaatst een tijdje geleden. Gaat uw gang. De heer Portier: Even een vraag over nadere regels aan de hand van een voorbeeld. Kijk, wij vinden natuurlijk dat iedereen die een werkloosheidsuitkering krijgt dat die in principe bereid moet zijn en moet laten zien dat hij bereid is, dat hij of zij of het aan het werk wil. Maar dat kun je uitleggen als van als er werk aangeboden wordt dan moet je dat accepteren. Je kunt het uitleggen als van zeker eens in de maand moet je een actieve sollicitatie gedaan hebben of iedere week moet je vier of vijf sollicitatiebrieven hebben geschreven. Dat is lets wat je denk ik, maar misschien kunt u mu j daarop corrigeren, in nadere regels vastlegt wat voor het leven van clienten toch heel veel uit kan maken. De heer Heijkoop: Voorzitter, richting meneer Portier zou ik dan toch willen aangeven, als dit soort zaken binnen de uitvoering van een participatiewet voor u heel belangrijk is en voor de gehele raad dan kunt u een aantal van deze zaken natuurlijk ook in de verordening vastleggen en dan binnen die verordening worden die nadere regels uitgewerkt. Dus ik zou daar echt niet te angstig voor zijn, volgens mij gaat u dat via die verordening, dat verordening instrument echt wel voor elkaar krijgen.

Ik ga ook nog even naar uw, naast de voorzitter ga ik nog even naar u in het kader van, want dat wil ik wel nageven, waar het gaat over die hoger beroepszaken, daar heeft u in de Drecht raad ook een punt van gemaakt van ja bestuur, delegeer dat niet, breng dat niet

20

volledig bij je annbtenaren. Dat heeft mu j wel, dat zeg ik ook in alle eerlijkheid, ik vind dat wel een verrijking dat ik nu oak hoger beroepszaken op mijn bureau krijg, over zaken die mensen in de participatiewet die uiteindelijk in hoger beroep zijn beland en dat hebben we in het verleden gedelegeerd en daarvan hebben we nu gezegd van bestuurder kijkt mee. Dat heeft er zelfs al een keer toe geleid dat ik een actie vanuit sociale dienst gecorrigeerd heb waarbij de juristen perfect werk hebben geleverd, de wet helemaal toegepast zoals het moest en de rechter hen oak gelijk had gegeven, of ons gelijk had gegeven en waarbij ik toch de afweging heb gemaakt am daar een ander besluit in te nemen omdat uiteindelijk de wet daar gewoon niet correspondeerde met de ondersteuning die de inwoner op dit vlak nodig had en wat uiteindelijk onderaan de streep oak voor de sociale dienst helemaal geen goede uitkomst opleverde. Dus in die zin ben ik het wel met u eens dat je niet klakkeloos altijd alles maar moet delegeren maar waar het gaat am de nadere regels voortkomend uit verordeningen zou ik toch uiteindelijk wel beginnen bij vertrouwen. Vertrouwen in de uitvoering en vertrouwen in uw eigen verordening. Overigens ook lokaal werken we met nadere regels, bijvoorbeeld het beschikken van subsidies gebeurt oak annbtelijk dus dat is op zich oak niet ongebruikelijk.

Maar ik hoop dat ik u hiermee gerust kan stellen dat u daar echt wel in gezien bent. Dan voorzitter ga ik misschien wel naar het punt wat het meest besproken is ook in uw raad en dat gaat over ook de stemverhoudingen in het algemeen bestuur in de regio. U heeft daarover vandaag een brief ontvangen die we gister hebben vastgesteld. Ik begrijp de opmerking van mevrouw Kruger: hadden we die brief niet gister al nnoeten krijgen? Daar heeft u eigenlijk wel gelijk in. Dat is mijn onnissie geweest. Ik had gewoon gelijk in het college nnoeten aangeven dat deze brief gelijk door moest naar de raad. Dat heb ik nagelaten maar ik ben blij dat u hem nu tot uw beschikking heeft en hem kunt betrekken bij u beraadslagingen. Op zich is die brief niet heel spannend, in die zin die brief past goed bij de kaders die u heeft meegegeven in de eerdere commissiebesprekingen en de eerdere debatten en oak de nnotie, dan ga ik oak naar de nnotie van een aantal partijen VVD, CDA, D66, ik geloof dat nog meer de partijen de nnotie indienen, die motie is oak wel in lijn met het onderhandelingsresultaat in die brief. Dat is niet onndat wij die motie al kenden maar omdat die motie heel consistent is met de lijn die u vanuit uw raad altijd heeft ingezet. Deze motie is eigenlijk een soort afhechting van een boodschap die u aan het college meegeeft am dat zo te doen. De heer Van der Net: Voorzitter.

De voorzitter: Ik heb u gehoord, mijnheer Van der Net. Ik was op zoek naar de punt maar die heeft u nu zelf gezet, gaat uw gang. De heer Van der Net: We waren allebei op zoek naar de punt, denk ik, voorzitter. Het probleem is dit stuk komt nu net binnen en wij hebben het binnen onze fractie hier nog niet over gehad. Ik persoonlijk word hier nog niet helemaal gelukkig van maar ik wil gewoon eerst even inhoudelijk eropin gaan want als ik hem dan lees dan wordt de stemverdeling binnen het AB gebaseerd op het aantal inwoners. Dat klinkt natuurlijk heel redelijk, waren het niet dat wij natuurlijk hier in Dordrecht te maken hebben met sociaaleconomische situatie die wel heel duidelijk afwijkt van de ons omringende

21

gemeenten. In hoeverre ruimt u dan, op het op die nnanier te verdelen met ook de financiele bijdrage aan het aantal clienten van Dordrecht? De vraag richting de wethouder, voorzitter. De heer Heijkoop: Voorzitter, meneer Van der Net die vat eigenlijk in een paar zinnen heel goed samen waar we talloze ochtendsessies met alle colleges aan besteed hebben. Wellicht hadden we dat nog wat efficienter en effectiever kunnen doen. Nee kijk, waar het gaat over het vinden van een compromis betekent dat je allemaal water bij de wijn doet. Het betekent ook dat je je probeert te verplaatsen in de ander waar het gaat over de zorgen van die ander, bijvoorbeeld in die stemverhoudingen. Als je kijkt naar waar we in de regio vandaan komen, er waren een enkele gemeenten en die vonden het principe one man one vote al heel erg aantrekkelijk, dus dat iedere gemeente evenveel, sorry ik krijg, daar vond ik wat van en daar vonden de collega's wat van. De voorzitter: Zullen we daar niet te lang bij stil blijven staan. De heer Heijkoop: Daar hebben we niet al te lang bij stil gestaan, ook in het overleg niet. Overigens ook andere gemeenten zeiden van nou dat lijkt ons niet redelijk. Het andere uiterste is nou ja dat Dordrecht het ongeveer alleen voor het zeggen heeft of zo goed als alleen voor het zeggen heeft. Daarbinnen nnoet je uiteindelijk op zoek naar het compromis.

U heeft de ambtelijke tussenstand gezien waarbij een zestal gemeenten aangaven van we willen een soort stemgewicht, daar komt Dordrecht uit op zo'n 30% en dan moeten er ten minste drie gemeenten zijn om een voorstel er doorheen te krijgen. Dat vonden wij vanuit Dordrecht nog te ver af staan, ook van onze inzet vanuit Dordrecht en vanuit wat we van u hebben meegekregen en meneer Van der Net verwoordde dat net goed die corn binatie van die omzet en het inwoneraantal. Uiteindelijk, daar hebben we nog een aantal keren over gesproken en uiteindelijk zijn we er op uit gekomen dat Dordrecht 4 1 % van het stemgewicht krijgt en dat je ten nninste een andere gemeente nodig hebt om een meerderheid te krijgen en op enkele vitale P&C documenten dat je dat in ieder geval met drie gemeenten besluit. Dat is uiteindelijk een compromis geworden waarbij de andere zes gemeenten dus nog een forse betekenisvolle beweging naar Dordrecht heeft gemaakt en waarbij wij hebben gezegd dat is voor ons ook acceptabel. Het lijkt inderdaad op het Drecht raad model. Het Drecht raad model is meen ik wel, er zijn hier wel een paar Drecht raad experts, is wel gebaseerd ook op de opkomst bij de verkiezingen en nu gaat het echt over het inwoneraantal.

De opkomst is in Dordrecht over het algemeen lets lager dan in de omliggende gemeenten dus in die zin zou Dordrecht daar nog relatief ietsje beter uit kunnen komen maar uiteindelijk die stenngewichten die leg je allemaal heel strak vast in statuten om ze hopelijk nooit te hoeven toepassen. Als ik kijk naar nnijn bestuurlijke jaren hier in de regio dan heb ik eigenlijk nog nooit met nnijn collega's sociale zaken in de regio tot stemmen over moeten gaan. Het is eigenlijk altijd goed gegaan, als je met goede voorstellen komt dan komt daar gewoon steun voor en dan ga je naar het AB, naar de Drecht raad, heb je het debat en uiteindelijk neemt het AB de Drechtraad een besluit. Een keer heeft het echt geleid tot een forse crash, noem ik het maar, dat was het moment dat we ons allemaal goed kunnen herinneren, toen kwamen er opeens ook andere krachten in het spel. Maar even voor de goede orde, dat kan wel vanuit een

22

nood van gemeenten die gewoon bijna onder verscherpt toezicht kwamen te staan en gewoon een soort van paniek op dat moment ervaarden. Nou ja goed, dat is allemaal niet fraai geweest, ook het bestuur heeft zich toen niet van de meest niet fraaie kant laten zien en dat heeft ook wel aangetoond dat we op onderdelen met elkaar toch wat andere keuzes moeten maken en dat is ook eigenlijk denk ik wel een van de redenen waarom we nu hier met elkaar zitten onn de genneenschappelijke regeling te herijken. Voorzitter, ik ben volgens mu j redelijk opgeschoten met het beantwoorden van de vragen. Ik wil ook nog even ingaan op de rekening. De rekening moet opgebracht worden, dat raakt ook wel het punt van meneer Van Verk eerder aangaf. We zijn op dit moment ook bezig met het herijken van de verdeelsleutel, dus de verdeelsleutel. Met name collega Burggraaf en ik trekken daarin samen op omdat dat echt wel gaat over inhoud en financien. Die gesprekken zijn ook best pittig verlopen omdat je ziet daar natuurlijk wel dat die solidariteit die we allemaal hoog in het vaandel hebben staan, nnevrouw Kruger refereert daar terecht aan, dat dat soms wel op gespannen voet kan staan met het feit dat je als gemeente wel redelijke bijdrage wil leveren en redelijk is dan ook weer net niet helemaal te objectiveren in die zin dat iedereen daar hetzelfde onder verstaat.

Ook daar hebben we toevallig vandaag ook een belangrijke stap in gezet. Die brief waar u net aan refereerde, mijnheer Van der Net, dat hebben we dit weekend is dat beslecht dus dat is ook echt nog vers van de pers. Ook die verdeelsleutel dat gaat toch ook echt wel over getallen, over flinke bedragen en daar gaan we u kort na de zomer over informeren want het is toch wel heel belangrijk dat je uiteindelijk ook met elkaar afspreekt hoe je de rekening van die begroting die u vaststelt verdeelt. Even concreet naar de amendennenten.

De voorzitter: Interruptie voordat u naar de amendementen gaat, mijnheer Van Verk. De heer Van Verk: Voorzitter, twee vragen naar aanleiding van de stemverhoudingen. Waarom wordt er bij financiele zaken een gekwalificeerde meerderheid nodig geacht van drie gemeentes die daar minimaal mee moeten instennnnen? Als Dordrecht samen met Zwijndrecht of Papendrecht vindt dat lets niet nnoet dan hebben ze in principe de meerderheid en dan nnoet er toch nog een derde gemeente bij. Kunt u mu j aangeven waarom dat noodzakelijk is? Dat is de eerste vraag. De tweede vraag die gaat in op de verdeelsleutel. Mogen we nu verwachten dat de verdeelsleutel overeenkomstig het inwoneraantal is? Dus 40 maximaal 41% voor de gemeente Dordrecht? De heer Heijkoop: Voorzitter, allereerst de eerste vraag. Dat zijn inderdaad de P&C momenten, dat is een compromis geweest. Voor een aantal gemeenten was het onbegaanbare weg want dat was eigenlijk het vorige voorstel dat altijd drie gemeenten zouden moeten zijn, dat wilden de andere zes gemeenten en we hebben nu gezegd van nee het kunnen ook twee gemeenten zijn alleen de begroting daarvan, dat is zo'n belangrijk document daarvan wil je echt dat een wat bredere meerderheid in het AB dat ondersteunt. Waarbij ook wel aangegeven is dat die begroting in belangrijke mate wordt opgebouwd vanuit het lokale beleid dat is ingebracht.

Dus in die zin moeten we dat nou ook weer niet al te groot maken. Maar dat is het eerlijke verhaal, dat is ook gewoon uiteindelijk een onderdeel van het compromis geweest. Het tweede punt dat u maakt, de verdeelsleutel, dat licht ik nog even in enkele zinnen toe. Dat gaat ook over

23

inderdaad welk deel van de inwoners maken gebruik van de diensten maar het gaat ook heel nadrukkelijk over de nniddelen die je vanuit het rijk tot je beschikking krijgt. Bijvoorbeeld op bijstand krijgt Dordrecht een bepaald deel en andere gemeenten ook en op dit moment doe je alles op een hoop en zeg ja van de uitkeringen keren we uit en het overschot of het tekort verdelen we. Dat is de essentie van een verdeelsleutel. De WMO is een belangrijk onderdeel natuurlijk, de bestaanszekerheid WGS is een belangrijk onderdeel en ook de apparaatskosten. Daar zijn we doorheen geexisteerd, dat is echt nog wel een technisch verhaal voor een groot deel, wat je wel degelijk ook goed kan objectiveren. Daar is gewoon goed werk in verricht, uiteindelijk is de uitkomst natuurlijk wel financieel en daarmee ook politiek. Ik kan u wel zeggen dat voor Dordrecht deze uitkomst er gewoon goed uit ziet, zeg ik zonder daar verder te veel in detail te willen treden. De heer Van Verk: Dat is in ieder geval een geruststellend antwoord op dat punt. Op het eerste punt geeft u wel aan wat het proces is geweest maar waarom wordt dat zo belangrijk geacht? Wat is daar de reden van? De vraag hoe het tot stand is gekomen, vind ik minder interessant dan de redenen die erachter zitten.

De heer Heijkoop: Ja voorzitter, we zitten in dit traject en al de colleges krijgen boodschappen mee vanuit hun gemeenteraden, er worden moties en amendementen overal ingediend, iedereen komt toch met een bepaalde inzet en we proberen het traject natuurlijk vanuit vertrouwen helennaal in te richten maar dat lukt niet helemaal. Uiteindelijk zoeken gemeenten dan ook nog wel naar vastigheden van nou wat zou ons dan nog net wat kunnen helpen? Wat helpt ons ook richting onze gemeenteraad? Op die manier hebben we uiteindelijk daarover gesproken en hebben we dit compromis bereikt. Dat is eigenlijk het verhaal. Als u zegt van wordt daar niet veel te veel waarde aan gehecht, ja ik ben wel genegen om dat met u eens te zijn, tegelijkertijd moeten we hier nu wel, we moeten het wel gewoon eens worden met elkaar en als dit dan helpt om het met elkaar eens te worden, dat er van alle kanten een beetje water bij de wijn gedaan wordt van de zes gemeenten en ook van de gemeente Dordrecht dan vinden wij dit uiteindelijk een mooie uitkomst. De heer Van Verk: Dat kunt u vinden maar als ik uw woorden goed beluistert dan gaat het hier ook om, nou misschien een stukje wantrouwen naar elkaar toe. Men vertrouwt niet helennaal of misschien wel opportunisnne van bestuurders die richting een gemeenteraad hebben gezegd ja dat zal niet gebeuren.

Dus Dordrecht heeft nu consensus, die heeft dus water bij de wijn gedaan op een punt waarvan ik denk van ja hoezo? Wij brengen het meeste geld in waarschijnlijk, u zegt dat het meegevallen dus als het minder als 40% is vind ik het meevallen, als het meer is dan geloof ik toch dat ik een andere vraag heb maar dat gaan we zien. De voorzitter: Mijnheer Van Verk, bij een compromis hoort natuurlijk wel dat er aan alle kanten een beetje pijn geleden moet worden. Als een cornpromis schuurt en overal pijn doet dan is het een goed compromis. De heer Van Verk: Ja, dat is natuurlijk waar. Maar veel compromissen leiden ook dikwijls tot kleurloze toestanden en dat willen we ook niet, geloof ik. Ik merk dat de

24

gemeente Dordrecht in ieder geval dan al tot twee keer toe een compromis water bij de wijn heeft moeten doen ten behoeve van. We hebben vanaf 49,5 die ik uitermate redelijk vond, zijn we teruggegaan nu naar een 40% maar we hebben wel een verzwaarde procedure bij de financiele zaken. Laten we wel wezen, we weten ook dat de financiele toestanden van onze buren volgens mu j niet al te rooskleurig is. Zelfs de gemeente die altijd tot redelijk rijk werd beschouwd, nnoet al fors bezuinigen. Dus ik kan mij zomaar voorstellen dat er binnen dat kader ook wel eens zaken gaan gebeuren die wij onwenselijk vinden. Hebben we de escape dat we er tussenuit kunnen door het lokaal te gaan regelen maar goed, dat moet ik allennaal nog maar zien. Tennninste, dat gaan we in opvolgers zien. De heer Heijkoop: Voorzitter, Ik denk niet dat dit een kleurloos compromis is, dat dit echt een goed resultaat is. Als u dat wil, de lakmoesproef is eigenlijk wat er ook in die andere genneenteraden gebeurt en u zou vanuit belangstelling eens kunnen meekijken bij een gemeenteraadsvergadering bijvoorbeeld in Sliedrecht of zij ook ervaren dat Dordrecht heel veel water bij de wijn gedaan heeft. Weet je, dat vond ik een nnooie voorzittersopmerking, het doet overal een beetje pijn inderdaad.

Als je kijkt waarmee wij deze gesprekken zijn ingegaan en waarnnee de andere gemeenten die gesprekken zijn ingegaan waarbij andere gemeenten al snel aangaven wij willen ons AB dienst gezondheid jeugdmodel waarvan wij zeiden van nee ho wacht even, dat willen wij toch weer wat anders. Er zijn heel veel sessies geweest en uiteindelijk hebben we elkaar hierin gevonden en richting nneneer Van Verk durf ik echt, en daar mag hij mu j op afrekenen, wij gaan in Dordrecht gaan we geen bezuinigingen meer doorvoeren waar de gemeenteraad van Dordrecht niet achter staan. Dat hebben we nu echt met deze beweging geregeld dat wat er destijds gebeurde, wat we trouwens uiteindelijk nog wel hebben af kunnen wenden maar wat dreigde te gebeuren dat kan niet meer, dat gebeurt echt niet meer. U gaat over u eigen beleid en over uw eigen keuzes ook waar u op wil inzetten. U zit uiteindelijk straks gewoon aan het stuur als raad. Maar goed, laten we ook vooral kijken hoe dat in de praktijk gaat en hoe ook andere gemeenten zich tot, ik ben namelijk ergens ook wel denk ik dat er ook kort al gesproken over raad adviescommissie, misschien gaan gemeenteraden elkaar wel opzoeken. Misschien komt daar ook nog wel lets moois uit voort. Ja, ik weet het niet. Misschien voor later maar misschien ook niet. De voorzitter: Mijnheer Portier nog.

De heer Portier: Ja, ergens is de suggestie gedaan van zou je niet de basis van de financiele afspraken ook in de regeling zelf vast kunnen leggen zodat je daar vooral minder gesteggel hebt. Wil u daarop reageren? De heer Heijkoop: De basis, sorry kunt u uw vraag lets toelichten? De heer Portier: Zeg maar als je vastlegt dat bijvoorbeeld iedere gemeente de directe kosten voor de eigen clienten betaalt, dus het bedrag van de bijstand of de kosten van een verstrekking van een voorziening en dat de rest wordt omgeslagen. Dan kun je even denken omgeslagen over wat, een aantal inwoners of naar aantal clienten, ja dan

25

heb je de angel uit alle, dan valt er eigenlijk financieel weinig meer te steggelen want dat heb je dan al vastgelegd in de regeling zelf. De heer Heijkoop: Voorzitter, goede vraag van meneer Portier en dit, hier gaan we inderdaad meer naartoe, zou ik richting u willen zeggen. Dat wordt ook in die verdeelsleutel verankerd. We gaan meer naar nut doen en minder op basis van solidariteit om juist inderdaad ook recht te doen aan die individuele vrijheid van gemeenten en ook recht te doen aan als genneente lokaal bijvoorbeeld aanvullend beleid maken wat een positief effect heeft op bijvoorbeeld op het beroep van maatwerk voorzieningen, dat je daar ook de positieve prikkel van ervaart. Dus we gaan daar meer naartoe en dat komt ook terug in de nieuwe verdeelsleutels die we na de zomer aan u gaan aanbieden. Dus ik kan u daarin positief antwoorden. Dat geldt niet voor alles want op bepaalde onderdelen dat moet je niet willen helemaal naar nut want dan tuig je een enorm bureaucratisch circus op maar het meeste gaan we inderdaad naar nut afrekenen. De voorzitter: Gaat u over tot de beoordeling van de annendementen, alstublieft, en de moties. De heer Heijkoop: Even kort over de annendementen, ik pak ze er nog even bij. Het amendement, de motie heb ik positief geapprecieerd noemen ze dat geloof ik, als het gaat over de nnotie van GroenLinks, of het amendement van GroenLinks.

Nee, moet ik even de goede volgorde doen. We hebben amendement 12, nee amendement 11. De voorzitter: 11, 12, 13. 11 is GroenLinks, 12 is SP, 13 is PvdA. De heer Heijkoop: Ik begrijp wat u fornnuleert en volgens nnij zijn we het wel eens. Kijk, wat u vandaag meegeeft aan wensen, bedenkingen, opmerkingen. Mevrouw Nijhof heeft bijvoorbeeld zojuist gedaan, dat nemen we mee en dat gaan we inderdaad wat hier staat, tijdens de zomermaanden verder uitwerken in een definitieve tekst. Die definitieve tekst die gaan we aan u voorleggen. Aileen we hebben wel uw bedenkingen, wensen en dergelijke nu nodig onndat vanuit al die zeven gemeenten gaan we dat nu bij elkaar brengen de konnende maanden en dan moet het wel uiteindelijk een tekst worden die de gemeenten kunnen vaststellen. Dus dit amendement, in die zin is dat, gaan we dat doen. Aileen het is niet de bedoeling, het staat hier ook niet hoor, om nog in de toekomst dan weer op het moment dat die regeling klaar is en we met elkaar hebben vastgesteld, aan u hebben voorgelegd dat er dan nog allemaal geamendeerd gaat worden want dat lukt niet omdat je dan met zeven gemeenten eigenlijk al bent waar je wil zijn. Dus als er staat op basis van de wensen, bedenkingen, opmerkingen die nu worden meegegeven dan kunnen we verder werken aan een definitieve tekst. Ik geloof niet dat ik helemaal helder ben.

De voorzitter: Misschien kunt u ook gewoon aangeven of u dit amendement onnarmt of niet. De heer Heijkoop: Nou ja, als dat betekent dat het gaat over wat u vandaag meegeeft dan omarnnen we hem nnaar als het gaat om wat u in de toekomst nog wil doen dan

26

ontraad ik hem. Dus het gaat echt over vandaag, wat u vandaag meegeeft dat we dat meenemen. De voorzitter: Jawel, maar even voor de duidelijkheid, als u dat zegt dan is hij eigenlijk overbodig want dat staat er al. De heer Heijkoop: Dat is eigenlijk, daar heeft u gelijk in. De voorzitter: Laten we komen tot heldere besluitvorming met elkaar, dat is belangrijk. De heer Heijkoop: Daar bent u voor, voorzitter. De voorzitter: Ja, daar ben ik dan weer voor. Mijnheer Boersma. De heer Boersma: Voorzitter, volgens mij is de duidelijkheid ontstaan uit het raadsvoorstel, het verhaal wat hier voorligt dat zeg maar begint met toestemming te geven aan het college om een gemeenschappelijke regeling aan te gaan en zo nodig wensen en bedenkingen mee te geven en dat eindigt met u geeft wensen, bedenkingen en suggesties mee en het uiteindelijke voorstel komt nog terug in de raad. Dat lijkt tegenstelling te geven van aan de ene kant wordt er gevraagd dat we nu op voorhand het college al toestemnning geven om een gemeenschappelijke regeling aan te gaan waarvan we nog niet weten hoe straks in septennber het verhaal eruitziet. De voorzitter: Dan zeggen we denk ik hetzelfde want zo is het ook wel bedoeld. De heer Heijkoop: Waar zou ik zijn zonder meneer Boersma. Nee, ik begrijp wat u zegt.

Volgens mu, dan begrijpen we elkaar, u geeft vandaag zaken mee en die nemen we mee in de uitwerking en dan komen we met de definitieve tekst. De voorzitter: Zo is het amendement van GroenLinks ook bedoeld, volgens mu. Mevrouw Kruger: Volgens mevrouw GroenLinks is dat zo inderdaad bedoeld ja. De voorzitter: Ik besefte dat u dat niet in uw eentje doet maar met uw fractie samen dus daarom verbeterde ik mijzelf. Het is het amendennent van GroenLinks. Mevrouw Kruger: Hartstikke goed. De voorzitter: Dank. Het amendennent wordt voor de duidelijkheid dan door het college omarmd. Mijnheer Van Verk. De heer Van Verk: Voorzitter, hoor ik nu u of de wethouder zeggen dat de definitieve tekst van de verordening niet meer amendeerbaar is? De heer Heijkoop: Voorzitter, vandaag geeft u uw opmerkingen mee, dat gaan we verwerken en als dingen niet kunnen dan geven we dat natuurlijk ook aan en dat gaan we met de andere zes gemeenten gebeurt hetzelfde en dan komen er uiteindelijk

27

teksten waar we wel uiteindelijk dan met elkaar een besluit over moeten gaan nemen. Dat klopt.

De voorzitter: Wat meneer Van Verk natuurlijk formeel vraagt, is kunnen we dan niet meer amenderen? Nou, formeel kan dat want u kunt altijd een voorstel wat in de raad ligt, amenderen. Dus het antwoord daarop is ja. Aileen de vraag is wat gebeurt er dan? Want dan stellen we hier lets anders vast dan in andere genneenten, dat is precies de reden dat we nu een ronde maken van wensen en bedenkingen om te kijken of we dat vast kunnen plooien naar een eensluidende tekst. De heer Van Verk: Ik begrijp uw procesvoorstel wel maar ik wil voorkonnen dat we bij voorbaat al de voet dwars gezet krijgen voor amenderen. Het zou zomaar kunnen gebeuren dat De voorzitter: We zouden niet durven, mijnheer Van Verk. Laten we ernaar streven dat het niet nodig is met elkaar. Mevrouw Nijhof: Voorzitter. De voorzitter: Even kijken, mevrouw Nijhof. Mevrouw Nijhof: Mag ik nog een vraag stellen over wat u net zei dat we vandaag zaken kunnen meegeven en dat u ze daarna gaat verwerken zeg maar? We hebben deze tweede brief zeg maar vandaag pas gekregen, net, stel nou dat wij de komende dagen hem nog eens goed bekijken en toch dingen zien die we nog mee willen geven, kan dat dan nog? Is daar een termijn voor? De heer Heijkoop: Voorzitter, wat mu j betreft is dat geen enkel probleem. Aileen, u heeft vandaag uw beraadslagingen en kunt ook met het collectief met elkaar bespreken.

In die brief staan overigens, dat raakt niet de inhoudelijke GR-teksten, om het zo maar te zeggen. Laten we daarop enigszins soepel mee omgaan. Dus als u zegt na de vergadering: ik heb nog wel enkele punten, dan spreken we daarover. De voorzitter: Wethouder laat zich graag nog sensibiliseren. Mijnheer Van der Kruijff. De heer Van der Kruijff: Gevoelig woord als u mu j het woord geeft. Voorzitter, ja ik begrijp die schikkelijkheid wel van de wethouder maar ik heb net van nneneer Van Verk geleerd dat politiek ook macht is. Als nou een partij allemaal input gaat geven aan de wethouder en die gaat verwerken dan weet ik niet of ik daar nou gelukkig mee ben dus dat lijkt mu j toch wel een slecht proces. Of we geven met zijn alien input en we stennmen er hierover, een goed advies en een hint mag natuurlijk altijd. Ik begrijp het verschil wel. Als het echt om politiek essentiele dingen gaat, vind ik niet dat dat kan. De heer Van der Net: Voorzitter, even inhakend op nneneer Van der Kruijff, daar zit natuurlijk ook wel het pijnpunt want wij hebben natuurlijk dit stuk net gehad. Ik heb het ook met mijn fractie niet kunnen bespreken dus daar zit wel eventjes nu een punt van zorg ook bij mu.

28

De voorzitter: Even, nneneer Van der Net dan nog even lets over proces want dit voorstel wat nu ligt, had hier eigenlijk 2/3 weken geleden al vastgesteld geworden. In de tussentijd lopen natuurlijk die onderhandelingen door en wat er nu voorligt, een stuk van gister, is gewoon de resultante van het voortgaande proces. Dus daar heeft u nu kennis van en daar kunt u ook nog eens een keer rustig naar kijken nnaar dat beInvloedt op zich niet de besluitvorming van vandaag en ook niet de GR-teksten. Dus als u hem drie weken geleden had vastgesteld dan was het proces ook zo gegaan als hij nu is gegaan. Misschien goed als de wethouder amendement Al2, A13 en motie 13 nog beoordeelt. De heer Heiikoop: Voorzitter, het gaat inderdaad om de GR-teksten. Het amendement Al2 van de SP ontraden wij. Ik denk dat ik in mijn woordvoering ook heb aangegeven waarom wij dat ontraden. Het amendement A13 van nneneer Van Verk namens de PvdA-fractie, ja is een beetje een theoretische discussie. Kijk, in principe kunt u, we begrepen dat u in de technische sessie de afspraken heeft gemaakt om nog wat wettelijke kaders op een rij te zetten van wat is, waar zit beleidsruimte en waar niet. Uiteindelijk bent u gewoon als raad gewoon aan zet om uiteindelijk uw beleid te bepalen. Waar het beleid niet collectief gennaakt kan worden, is er sprake van maatwerk.

Dan gaan we dat, dan hebben we daar spelregels voor dan gaan we dat op uitvoering beoordelen dus ik acht dit amendement echt in die zin overbodig. Daarnnee zou ik hem willen ontraden. De heer Van Verk: Voorzitter, u noemt het nu een theoretisch stukje, theoretische zaak. Dat kunnen we bij de stemverhoudingen ook zeggen als ik uw notitie lees want dan wordt het bij consensus gedaan. We zijn nu bezig met het bouwen of met fundannenten leggen van een gemeenschappelijke regeling en hoe theoretisch ook, dat is bij het stemmen net zo theoretisch heb ik begrepen, hecht ik er wel aan dat dit theoretische dan ook nneegenonnen wordt in de verdere ontwikkeling van die GR. Zodat het ook nog eens uw uitspraken, uw toezeggingen die u nu doet, die ik zeer waardeer, dat die dan ook nog eens een keer vastliggen zodat de andere partners kennis hebben van deze opvatting van de gemeenteraad van Dordrecht. Dan zien we wel hoe het verder terugkonnt. Dus vat het niet op als een ijzeren randvoorwaarde nnaar vat het op als een onderdeel van de wensen, een heel nadrukkelijke wens van deze raad als ze het overnemen, hoe theoretisch dan ook dat daar verder dan wel mee gewerkt kan worden. De heer Van der Kruijff: Voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Van der Kruijff.

De heer Van der Kruijff: U heeft een probleem want meneer Van Verk heeft het in de vorm van een amendement gegoten en daarmee is het een besluit van deze raad en geen wens dus dan is er geen wrikken of wegen meer aan voor een college want je hebt het gewoon als besluit vastgesteld. Dan zou het misschien passender zijn om het in de vorm van een motie te gieten waarin je het als wens form uleert.

29

De heer Van Verk: Ik ben dat met u eens en als de voorzitter daar geen bezwaar van maakt dan zetten we in plaats van concept amendement, motie. Dan is de opzet is niet overeenkomstig het format maar de boodschap is hetzelfde. De voorzitter: Dan stel ik voor dat we het toch even straks vijf minuten schorsen om het net even te verbouwen want anders, kijk hier besluit u namelijk de tekst van het besluit te gaan wijzigen en dat moet u dan net even anders verwoorden. Dat komen we in een paar minuten uit, daar ben ik van overtuigd. Maar dan wil ik nog steeds graag even horen van de wethouder hoe hij er dan tegenaan kijkt. De heer Heijkoop: Voorzitter, het is echt een zin van zeven regels wat trouwens in het originele dictum was het ook al een hele lange zin. Kijk, waar die even misgaat en misschien kunt u daar ook rekening houden met het formuleren van de motie, kijk de beleidsvrije ruimte van alle wetgeving is in principe wordt het ondergebracht in het maatwerk, geeft u aan. Maar heel veel beleidsvrije ruimte binnen die wetgeving dat willen alle zeven de gemeenten precies hetzelfde dus daarnnee is het geen maatwerk want dat doen we met zijn alien. Het is wel precies wat u wil als Dordrecht dus daar zat ik een beetje, maar misschien begrijpen we elkaar niet helemaal goed maar in die zin probeer ik u te begrijpen. Misschien kunt u dat nog even toelichten.

De heer Van Verk: Wat ik net ook in mijn eerste termijn heb gezegd, er zijn een aantal zaken die alle zeven de gemeenten op dezelfde wijze zouden willen doen. Ik heb het voorbeeld van de inburgering gegeven waar uiteindelijk iedereen hetzelfde wil doen. Dan zou je kunnen spreken dat is maatwerk maar dat is wel generiek maatwerk. Dus het wordt generiek uitgevoerd, alleen er zou wel eens een gemeente kunnen zijn die zegt bij die inburgering wij zouden x, y of z net even een klein beetje anders willen doen waardoor je een eigen kleuring kan geven aan dit soort zaken. Die ruimte zou er dan zijn. Dat is overigens volstrekt theoretisch wellicht maar bij het minimabeleid is dat al minder theoretisch en daar is het ook misschien wel generiek. Dus er moet ruimte zijn voor de gemeenteraden om zelf invulling te geven op dat soort dingen in de nnarge, eigenlijk. Begrijpt u mu j zo? De heer Heijkoop: Ja voorzitter, kijk generiek maatwerk bestaat niet want generiek maatwerk is geen maatwerk want dat zijn we eens. Als u zegt van kleine onderdelen, u noennde kleurverschillen op onderdelen, dan is dat deeltje maatwerk en gaan we dat netjes toepassen. Uw voorbeeld van het mininnabeleid dat is zo'n voorbeeld van maatwerk waar we al redelijk, dat het at redelijk snel ter hand kunnen nemen en wat we ook echt wel lokaal gaan invullen.

Dus dat is echt goed geregeld in deze GR-teksten dus in die zin denk ik dat, zou ik willen zeggen dat deze motie overbodig is en dat we dat gewoon echt goed gaan borgen in nou ja, in de GR-tekst. Maar nognnaals, ik heb er geen probleenn nnee, zoals u hem nu toelicht, als u zegt ik wil hem verankeren in een motie dan zullen we die positief ontvangen. De heer Van Verk: Wij maken er een motie van. Dan heb ik wel even tijd nodig. De voorzitter: Meneer Van der Kruijff.

30

De heer Van der Kruijff: Toch nog een suggestie want ik heb meneer Van Verk net ook op bevraagd in zijn termijn en ik heb hem zo begrepen, zo heeft hij ook geantwoord en misschien helpt het ook als het zo in de motie dan verwoord wordt, dat er daar waar er sprake is van beleidsvrije ruimte er in principe ook ruimte is voor maatwerk tenzij het de robuustheid en schaalvoordelen en u kent de termen die erbij horen, geweld worden aangedaan. Die wilden we behouden met elkaar. Denkt u erover, het is uw motie maar voor ons zou dat helpen als dat erin staat om er voor te kunnen stennmen. De voorzitter: Goed, dan nog motie 13. Daar had u al van gezegd dat u die, dat het college die omarnnt. Coed, dan stel ik voor dat we even schorsen am die motie te kunnen maken en dan kijken we of daar nog een tweede termijn voor nodig is maar ik ga er van uit dat dat eigenlijk dan wel duidelijk is wat daarin komt te staan. Hoe lang zullen we schorsen? Tien minuten? Twaalf minuten. Tot tien voor tien. Tien voor tien. Dames en heren, ik ga de vergadering heropenen want anders dan moeten we morgen ook nog reserveren in uw agenda's. Ja, ja, ja, ja. Als u, we gaan er geen nachtwerk van maken, dat kan ik u vast, ja, nee, ja. We gaan er in elk geval geen nachtwerk van maken, dat kan ik u vast beloven. Om twaalf uur valt de hamer of we klaar zijn of niet. Anders gaan we morgen gewoon door, ja.

Beste mensen, we hebben een verzoek gehad van GroenLinks, nee dat zeg ik verkeerd, van PydA die hebben samen met GroenLinks gekeken naar een motie. Mag ik ervan uitgaan, mijnheer Van Verk, dat u amendement A13 dan intrekt en motie M14 indient? De heer Van Verk: Dat klopt, voorzitter. Het is een motie van de PydA, die mede met behulp van GroenLinks in uitvoering is gezet maar verder heeft GroenLinks daar niets nnee te maken, inhoudelijk. Volgens mij staat de motie in het systeenn. De voorzitter: Ja, motie M14 en die heet lokaal maatwerk en daarbij verzoekt de PvdA het college, of spreekt uit dat de beleidsruimte die de wetgeving biedt, beschouwd wordt als lokaal maatwerk waardoor elke deelnemende genneente zo goed nnogelijk in positie komt am keuzes te maken welke zij in het belang acht van haar inwoners. Dat is motie M14 en die is dan bij deze ingediend en nnaakt onderdeel uit van de beraadslagingen. Anderen? Mijnheer Van der Net.

De heer Van der Net: Wij hebben zojuist ook een motie ingediend en die motie die richt zich met name op die gekwalificeerde meerderheid en dat we eigenlijk vinden dat we op dit moment eigenlijk niet in staat zijn am dat goed te beoordelen en dat wij in ieder geval dat meegeven en verzoeken in de raad am dat wat beter te gaan uitleggen, zo iets voor september, maar dat wij ernstige twijfels hebben of dit inderdaad wel de juiste gang van zaken is voor ans. De voorzitter: Oke, maar die motie hebben wij hier niet, zeg ik dan maar even. De heer Van der Net: Die is als het goed is net per mail verstuurd dus die is nu binnen. De voorzitter: Dan gaat de griffier even er werk van maken.

31

De heer Van der Net: Dan loop ik even naar de griffier want hij moet ook nog ondertekend worden, voorzitter. De voorzitter: Dan vraag ik nog even aan mijnheer Van der Net voor de duidelijkheid, hoe verhoudt zich dat dan met uw handtekening onder motie M13? De heer Van der Net: Dat bijt elkaar niet, voorzitter, want die boodschap is duidelijk en die wordt op die manier meegegeven maar wij worden op dit moment natuurlijk geconfronteerd met dit stuk en wij willen dat toch ook wel even meegeven voor het reces wat wij daarvan vinden. Dus vandaar. De voorzitter: Oke, we wachten even die motie af want ik heb hem nog niet gezien. Goed, dan kijk ik of er behoefte is aan een tweede termijn, even afgezien van het indienen van deze twee moties en het intrekken van een amendement wat de PvdA zojuist heeft gedaan. Is er behoefte aan een tweede termijn om daar nog met elkaar over te debatteren? Dan kijk ik naar de wethouder of hij zich over beide moties kan uitlaten. De heer Heijkoop: Voorzitter, de tweede motie heb ik sowieso nog niet natuurlijk dus daar kan ik mij ook nog niet over uitlaten. Die staat nu in het systeem? Oke. Even verversen. De voorzitter: Het heet motie M15 en hij komt van de VVD, dat is wat ik ervan weet. De heer Heijkoop: M14 staat er nu in, ja. Ja, nee, volgens mij is dat inderdaad wat we net ook met elkaar besproken hebben en wij kunnen als college deze motie omarmen.

Ja. De voorzitter: M15 wordt nu getekend dus die kan ook nog niet in het systeem staan. Die gaat nu het systeem in, daar moeten we nog even geduld voor hebben. Goed, volgens mij kan de wethouder ook een duiding geven ten aanzien van motie M15. Het woord is aan de wethouder. De heer Heijkoop: Voorzitter, dank u wel. M15, ik heb er zojuist kennis van kunnen nemen. Ja, het zal u niet verbazen, ook gezien de woorden die ik het gewijd aan het delicate proces waar we in zitten en het felt dat iedereen in de regio ook water bij de wijn heeft hoeven, heeft moeten doen en wij echt wel staan voor het compromis wat we hebben bereikt en het resultaat dat nu voorligt en dat ook recht doet aan de inzet vanuit de raad in de afgelopen periode en ook de motie 13 en daarmee willen wij deze motie toch echt ontraden omdat dat haaks staat op, nou ja de gezamenlijke inzet die we in de regio gepleegd hebben en zeker ook met het belang van Dordrecht voor ogen. De heer Van der Net: Mag ik daar nog een vraag over stellen, voorzitter? De voorzitter: Ja zeker. De heer Van der Net: Ik wil ook wel richting het college aangeven dat ik best wel begrijp hoe moeilijk dit soort processen zijn. Maar ik bedoel van op dit moment kunt u

32

mij niet overtuigen waarom gewoon een normale meerderheid niet voldoende is voor met name de belangrijke besluiten die betrekking hebben op de financien. Als u zegt van ja dat uiteindelijk zijn we daar niet uit gekomen, ja dan hebben we een patstelling. Zo simpel is het. Ik ben van mening dat wij at genoeg water bij de wijn hebben gedaan door akkoord te gaan met het inwonersaantal en dan daar de stennverhouding op te baseren en niet de financien en het aantal clienten. Dat was hem, voorzitter.

De voorzitter: Wethouder. De heer Heijkoop: Voorzitter, als je kijkt naar alle opties die er nnogelijk zijn dan zijn er wel vijf of zes opties. Dan is de optie waar wij nu op aan koersen doet echt wel recht aan de inzet van velen. Kijk, in de regio hebben we natuurlijk ook gesproken over de uitgangspunten die vanuit de raden zijn meegegeven en ook geaccordeerd zijn. Een van die uitgangspunten bijvoorbeeld is ook dat het stedelijk gebied niet mag overheersen. Een aantal gemeenten wordt wel gezegd van ja het stedelijk gebied Zwijndrecht Dordrecht, dat is ook de definitie die in eerdere rapporten is toegepast, dat nnag geen, dat zou dan geen nneerderheid nnogen hebben. Daarvoor hebben wij in Dordrecht gezegd van nou daar kijken wij toch weer wat anders naar, wij vinden dat wij wel degelijk bij voorstellen met twee gemeenten daar ook een besluit in nnoeten kunnen nemen. Vervolgens heb je het gesprek met elkaar en probeer je er met elkaar uit te konnen en daaruit is gekomen het compromis dat je die gekwalificeerde nneerderheid bij de begroting dat je daar met drie gemeenten voor wil gaan staan. Dus daarmee doe je recht aan de uitgangspunten die eerder vanuit de raden zijn meegegeven, doe je recht aan het luisteren naar elkaar, het je verplaatsen in elkaar en het uiteindelijk bereiken van een compromis met elkaar. Wij staan daarvoor als college en daaronn ontraden wij deze nnotie.

De voorzitter: Dank. Mijnheer Van Verk. De heer Van Verk: Ik begrijp eerlijk gezegd niet zo waaronn dat nu ontraad wordt want het enige wat de nnotie vraagt is dat we daar in september nog met elkaar over in gesprek kunnen gaan onn uiteindelijk op basis van een brief die we vanmiddag om een uur of twaalf geloof ik toegezonden kregen tot een definitief standpunt te komen hoe wij daarin staan als gemeente. Ik begrijp best dat dit is nu het compromis wat voorligt, het zij zo, jammer dat er een vakantie zit maar ik vind dat de raad te allen tijde dat nnoet kunnen doen. Ik vind het raar als het onraden wordt, met andere woorden steun dit nou niet want uiteindelijk kunnen we toch nog agenderen en kunnen we er nog van alles van vinden. Dus het is een beetje zinloos onn hem te ontraden. Buiten dat, u heeft net vol vuur een betoog gehouden dat de lokale raden aan zet zijn. Bij het eerste het beste voorstel wat van belang is waarover de raad wil spreken, gaat u het ontraden. Kunt u mij dat nou verklaren hoe die dingen zich tot elkaar verhouden? De heer Heijkoop: Voorzitter, we zijn met elkaar in de regio nu de spelregels aan het afspreken in een nieuwe GR-tekst en uiteindelijk heb je daar lang en veelvuldig met elkaar over gesproken en bereik je met elkaar een compromis voor de zomer. De laatste puntjes op de i zijn dit weekend gezet en alle gemeenten hebben uiteindelijk gezegd van

33

oke vanuit de colleges gaan we dit voorleggen aan onze raden. Daar is dit gewoon een vitaal onderdeel van. Op het moment dat wij zeggen van: nou, het punt van die gekwalificeerde meerderheid dat laten we nog even in het ongewisse, daar gaan we na de zomer nog eens over verder praten, dan vind ik dat ook vanuit mijn bestuurlijke verantwoordelijkheid naar de regio zou dat niet consistent zijn op het moment dat ik niet ga staan voor het onderhandelingsresultaat dat we hebben bereikt. En dat raakt op geen enkele manier, voorzitter, dat raakt op geen enkele manier het absolute gegeven dat de raden straks aan zet zijn. De lokale raden. Dit gaat over, wat er in het AB gebeurt, daar nnoet je ook met elkaar bepaalde spelregels over afspraken. Maar de lokale beleidsvrijheid, die staat buiten kijf. En als u zegt van, daar willen we graag over praten, dat wij als eerste graag op de inhoudelijke agenda in de regio willen hebben of lokaal en in de regio vertaald. Dan ben ik uw man. Maar als het nou gaat over de spelregels die we nu met elkaar in die GR-tekst gaan verankeren, ja, dan staan wij echt voor dit resultaat. En daarom ontraden wij deze motie om daar na de zomer nog eens met elkaar over door te praten. De heer Boersma: Voorzitter? De voorzitter: En ik herinner u er ook aan dat u gewoon nog uiteindelijk wel kunt instennnnen met die GR-tekst straks.

En daar staat het natuurlijk ook in. De heer Van Verk: Voorzitter, ik vind dat een prachtige geste uwerzijds. Maar laten we nu voor eens en voor altijd vaststellen dat de hele opbouw van deze gemeenschappelijke regeling een staaltje van salamitactiek is van hier tot en met Tokyo. Elke keer worden we weer een stukje voorgelegd en mogen we er iets van vinden. En zo wordt dus dadelijk, als dadelijk het eindresultaat er is, wordt er een tekst voorgelegd, waarbij het eigenlijk al niet wenselijk is dat we die annenderen. Want dan gaat er al weer wat fout. Ik bedoel, we worden op die manier een regeling ingefronnnneld. En daar weiger ik gewoon aan mee te doen. Ik vind dat wij, als hoogste orgaan van deze genneente, het recht hebben om erover te praten en zelfs de plicht hebben om erover te praten. En de spelregels zijn alleszins bepalend omdat we de basis gaan vormen van die gemeenschappelijke regeling. En als we het nu niet goed doen, dan wordt er een verkeerde regeling gebouwd waar we nog jaren last van hebben. De voorzitter: De heer Boersma. De heer Boersma: Ja, voorzitter, volgens mu j maken ze het onszelf nu ook een beetje moeilijk. Kijk, of het moment van de planning van de brief handig was, daar kunnen we het met elkaar over hebben. Maar, we hebben, in september nemen we een besluit over het totale pakket wat er ligt. Daar zijn stemverhoudingen zijn daar een onderdeel van.

We gaan straks waarschijnlijk een motie met elkaar vaststellen, die heeft het college ook omarnnd. Daar geven we een aantal stennverhoudingen, een aantal dingen nnee aan het college, waarvan wij vinden dat die erin moeten zitten. En vervolgens laten we het college de ruimte om te onderhandelen. Nou, dan ligt er nu een onderhandelingsresultaat. Ja, ik vind het niet slim als we nu op onderdelen van het totaalpakket hier met elkaar al gaan discussieren. He, dat is niet handig. Dat ondermijnt ook de onderhandelingspositie van ons college. Dus achteraf had u nnisschien deze brief

34

beter nog een maandje op kunnen zouten en gewoon kunnen zeggen: het is onderdeel van het totaalpakket. Maar goed, ik snap, het was bedoeld om ons gerust te stellen, van jongens, wij gaan eruit komen. Maar ik denk niet dat het handig is dat we dit dan apart eruit nnoeten halen en hier dan als raad nog weer apart over moeten gaan praten. Voor mij is het gewoon een onderdeel van het totaalpakket en wij zullen ons oordeel hier dan ook, zeg nnaar, in september over geven.

De heer Portier: Voorzitter? De voorzitter: De heer Portier. De heer Portier: Aansluitend bij de heer Boersma. We krijgen straks een voorstel voor een gemeenschappelijke regeling. Dan kun je niet separaat op een ander moment nog een keer gaan praten van hoe daarin gestemd gaat worden. En ja, ik wil de heer Van Verk en de heer Van der Net erop wijzen, van als je de besluitvorming blijven saboteren, zal ik nnaar zeggen, onn te komen tot deze gemeenschappelijke regelingen sociaal, ja, dan blijven we zitten met het construct van de Drechtstreden zoals dat nu is. De voorzitter: Dank. Anderen nog? Dan... De heer Van der Kruijff: Ja, voorzitter? De voorzitter:

ga ik toch weer... Ja, de heer Van der Kruijff, ga uw gang.

De heer Van der Kruijff: Ik wilde me daar wel bij aansluiten. Ik zou ook graag, inderdaad... Ik weet eigenlijk niet of dat de planning is, dat die dan ook ongeveer in september is, het voorstel voor de gemeenschappelijke regeling? Nou, dat moet de wethouder straks maar even zeggen. Kijk, of we nou dit gaan opschorten tot september en daarna nog een keer separaat erover gaan praten met alle vertraging die dat tot gevolg heeft, of dat wij in september een voorstel gemeenschappelijke regeling hebben waar dit in zit en met elkaar over gaan praten, dat geeft in de tijdslijn volgens muj hetzelfde effect. En dan praat ik liever over een totaalpakket, waarin ik niet alleen beoordeel wat de inhoud is, dat zullen we zeker doen, wees niet ongerust. Maar waar we ook mee beoordelen van hoe dat in andere gemeenten valt qua cultuur en wat daar gezegd is, zodat je echt weet, als je het over samenwerking hebt, dat we in Dordrecht, met de andere gemeenten, er echt met zijn alien achterstaan dat dit goed gaat komen. En op dat totaalbeeld wil ik dan een oordeel vellen. Dus deze motie lijkt mu j daar niet aan bijdragen. De voorzitter: Dank. Anderen nog? De heer Van Verk: Nou, voorzitter? De voorzitter: De heer Van Verk.

De heer Van Verk: Mag ik reageren op de woorden van de heer Van der Kruijff? We zitten hier nu onn wensen en bedenkingen aan te geven en wij werden geconfronteerd, iedereen werd geconfronteerd, met een brief die ter '...' is verstuurd. Als je helder en

35

transparant wit zijn, moet je nu dus aangeven dat dit een onderdeel is waar twijfels over zijn, waar we nneer uitleg over willen hebben, waar we nog geen definitief standpunt hebben, over willen innemen. Dit is dus een bedenking en we willen die bedenking nog eens een keer met elkaar bespreken. En dat kan ook in het totaalpakket, maar dan weet deze wethouder nu in ieder geval dat een aantal partijen binnen deze raad zijn die bedenkingen bij dit onderdeel hebben. En dan zijn we maar helder. De heer Portier: Voorzitter? De voorzitter: Mijnheer Portier. De heer Portier: Ja, de heer Van Verk zegt van, het is een bedenking of het is iets wat wij nnee kunnen geven. Maar in de motie wordt heel duidelijk gevraagd om een separate besluitvorming. Dus los van het voorstel voor de gemeenschappelijke regeling. De heer Van der Kruijff: Voorzitter? De voorzitter: Mijnheer Van der Kruijff. De heer Van der Kruijff: Ja, tot slot, als laatste. Als dat is wat het is, maak dan een motie waarin je de bedenking uitspreekt over gekwalificeerde meerderheid. En dan wordt die motie in stemming gebracht en dan kijkt het college wat ze daarmee doet. En vervolgens hebben we dan een totaalpakket. Maar nu schort u het hele proces op richting september, om dan nog weer een bespreking te gaan doen. En blijkbaar heeft u uw bedenking nu al, dus verwoord hem dan nu in de motie.

Ja, ik weet dat het niet helpt in de doorlooptijd allemaal vanavond, maar ik heb het al een keer eerder gezegd. Verwoord dat dan in de motie en dan gaan we daarover stemmen. Maar zoals hij nu voorligt, ga ik er zeker niet voor stemmen. Want tijdsvertraging kunnen we volgens nnij echt niet gebruiken. De heer Van der Net: Voorzitter? De voorzitter: Mijnheer Van der Net. En dan ga ik echt naar de wethouder en dan gaan we gewoon stemmen, want anders dan komt er geen einde aan. Ja. De heer Van der Net: Ja, nee, dat... Ja, goed. Nognnaals, wij worden hiernnee geconfronteerd. Ja, richting de heer Van der Kruijff. Ja, ik ben het met u eens. Wat dat betreft, dit zijn inderdaad de wensen en bedenkingen inderdaad van ons en kijken wat dat wordt ondersteund. En dan inderdaad dat eigenlijk in een motie verwoorden en dan kan ik in zijn geval dat draagt het college op in ieder geval even wat veranderen in een andere zinsnede. En dan is het misschien acceptabel. De heer Van der Kruijff: Voorzitter, dan toch een punt. Ik vind ook gewoon de vertraging onacceptabel. En u zegt, we gaan het in september in overleg brengen. Ook dat moet u er vooral uit halen. Als u nu een bedenking wil uitspreken, spreek dan nu een bedenking uit in een motie en dan gaan we daarover stemmen. De voorzitter: Goed. Ja, er ligt nu wat er ligt. Ik kijk nog een keer naar de wethouder.

36

De heer Heijkoop: Ja, voorzitter, twee punten daarover. Kijk, dat het een bedenking is vanuit uw raad... Want inderdaad, dit stuk ligt hier nu al. Dat is gewoon in de timing kwam dat precies nu samen. Andere gemeenteraden hebben zich niet op basis van dit stuk al kunnen uitspreken. Die konden wel een bedenking nneegeven. En ja, die andere genneenteraden zullen dat wel ook wellicht doen, want voor de goede orde, een stuk dat ook bijgevoegd is over die stemverhoudingen, daar staat dat zes gemeenten graag een model wilden waarbij Dordrecht ongeveer dertig procent van het stenngewicht had. En wat nu voorligt, is dat Dordrecht meer veertig procent stemgewicht heeft. Dus ik verwacht dat die andere gemeenten, zullen die wethouders die colleges wel wat uit te leggen hebben, van hoe kan het dat je met zijn zessen iets vindt en dat je uiteindelijk toch hieruit komt? Dat komt omdat zij ook water bij de wijn hebben gedaan. En richting de heer Van Verk zou ik echt willen zeggen, kijk, op het moment dat wij vanaf nul zouden kunnen beginnen, wij gaan het Sociaal Donnein opbouwen, we gaan dat goed organiseren, de Participatiewet, de Wmo, we richten op de Jeugdwet, natuurlijk zouden wij dan tot een andere samenwerkingsvorm komen. Wellicht, dan hadden wij, wat aanvankelijk de allereerste inzet ook is geweest, vanuit die servicegemeente en dan met een inkooprol. Maar je begint niet op nul.

Je begint vanuit de GR, waar je al tien, vijftien jaar goed in samenwerkt, en die ga je doorontwikkelen. En dat is een heel complex proces. Daar bent u voor een deel ook getuige van geweest. Dat hebben we met zeven gemeenten doorlopen. Daar hebben al die gemeenten nou ja, soms ook zaken moeten slikken en uiteindelijk zijn wij blij met waar we nu staan. Ik begon nnijn betoog in eerste termijn ook met van nou, ik ben optimistischer over de regionale sannenwerkingen, positiever gestennd, dan een maand geleden. Onndat ook die zes gemeenten echt fundannenteel grote stappen hebben gezet richting de stad en dat waarderen wij. En deze motie werpt ons in die zin terug en daarom ontraden we hem. De voorzitter: Dank. En daarmee is denk ik ook de tweede ternnijn van het college ten einde. En dan gaan we over tot de stemming, zoals gebruikelijk. We hebben, even kijken, twee amendementen en drie moties. Mevrouw Nijhof: Voorzitter? De voorzitter: Ja, mevrouw Nijhof. Mevrouw Nijhof: Mogen wij even schorsen? Een aantal minuten? De heer Van der Kruijff: Even overleggen. De voorzitter: Even overleggen. Hoe lang wilt u? Mevrouw Nijhof: Vijf minuten. De voorzitter: Vijf minuten. Dan gaan we over vijf minuten door. Schorsing

37

De voorzitter: Goed, beste mensen, we gaan door. Neemt u uw plaatsen weer in alstublieft. We gaan proberen toch vanavond een punt te zetten achter deze vergadering, op enig moment. Maar daarvoor moeten we nog wel wat slagen nnaken. Ik kijk even naar de heer Van der Net, die om schorsing had verzocht. De heer Van der Net: Ja, nou ja, dank. Ja, wij hebben hier een motie die we qua tekst wat gewijzigd hebben en nu kreeg ik net van u te horen dat de beraadslagingen gesloten zijn. Maar volgens mu j is het gisteren op dezelfde manier ook gebeurd. Dus ik verzoek gewoon om deze gewijzigde gewoon in stemming te brengen. En ik vraag dan ook wel richting de raad om daar toestemming voor... De voorzitter: En wat is de wijziging dan? De heer Van der Net: Die heb ik hier. De voorzitter: En dan gaan we wel... Ik ga dan nog wel natuurlijk aan het college vragen wat het college ervan vindt, lijkt me. De heer Van der Net: Dat lijkt me altijd handig, ja. De voorzitter: Nou, vooruit. Gaat uw gang. De heer Van der Net: Kijk, om eventjes duidelijk te maken, voorzitter. Wij zeggen van mening dat een meerderheid van stemmen bij besluitvorming, begrotingswijzigingen, en bijdragenverordening voldoende lijkt, onze bedenkingen over te brengen met betrekking tot de gekwalificeerde meerderheid. Dat is... De voorzitter: Nou, dat wordt dan M15a, want het is net een andere tekst. Ik kan niet even in strepen.

Kijk even of er vanuit de raad nog behoefte is om daarop te reageren? Dat is niet het geval. Dan kijk ik naar de wethouder. De heer Heijkoop: la, voorzitter, ik ken de motie, het dictum, nog niet precies, maar het raakt wel het, nou ja, het compromis wat we hebben bereikt. Dus ik houd nnijn advies om het te... Ik ontraad hem nog steeds vanuit dat perspectief. De voorzitter: Dank, hij wordt nu in het systeem gezet. Ik kijk eventjes... Dat duurt nog even een minuutje he? Ik stel voor dat wij gewoon vast gaan stemmen op de amendementen en het voorstel, om een beetje de vaart erin te houden. Dan komen we vanzelf bij motie M15a, waarmee ik overigens veronderstel dat de VVD motie M15 intrekt toch? Mijnheer Van der Net? Mijnheer van der Net? Mijnheer Van der Net, ik vroeg u wat. Motie M15, ga ik vanuit, dat u die intrekt, toch? De heer Van der Net: Jazeker. De voorzitter: Ja. Dan gaan we naar amendement All. Het amendement GR Sociaal van GroenLinks. Ik kijk even of er stemverklaringen zijn bij het amendement? Dat is niet het geval. Dan als u voor bent, graag een groene kaart. Als u tegen bent, rood. Tegen is de VVD-fractie en de fractie Gewoon Dordt. En de overige fracties zijn voor. Daarmee is

38

annendennent All aangenomen met... zeven stemmen tegen. We zijn met zeven, is 38 inmiddels ja. Dus 31 stemmen voor. Amendement All is aangenomen. Dan amendement Al2 van de SP, leg de bevoegdheden bij de GR Sociaal op de plek waar ze horen. Zijn daar nog stemverklaringen? Dat is niet het geval. Dan gaan we stemmen. Voor is groen, rood is tegen. Voor is de SP-fractie en de PVV-fractie en de overige fracties tegen. Nee, drie. Ja, due stemmen voor en 35 tegen. Daarmee is annendennent Al2 verworpen. Dan zijn we bij het voorstel zelf, zoals het voorligt. Zijn er nog stemverklaringen bij? Dat is niet het geval. Gaan we stemmen. Als u voor bent, groen. Als u tegen bent, rood. Op Gewoon Dordt na zijn alle fracties voor, dus dat is 36-2. Dan komen we bij motie M13, van de CDA-fractie, VVD, D66, Partij van de Arbeid, VSP en Beter voor Dordt. Gewenste stemverhouding in de gemeenschappelijke regeling. Zijn daar nog stemverklaringen? Dat is niet het geval. Dan gaan we stemmen op motie M13. Ja? Motie M13. Nee, net was het voorstel. Motie M13 heeft dezelfde uitslag, 36 voor en 2 tegen. Dan gaan we naar motie M14, van de Partij van de Arbeid, lokaal maatwerk. Zijn er nog stemverklaringen? De heer Van der Kruijff.

De heer Van der Kruijff: Ja, voorzitter, wij zullen voor deze motie stemmen, nnaar wel met een opmerking. Dat mocht de hoeveelheid nnaatwerk de robuustheid van de sociale dienst in gevaar brengen, dat we dan de grens daar wel willen stellen en dat ook in de toekomst willen kunnen doen. En dat we niet aan deze motie gehouden zijn in die situatie. De voorzitter: Andere stemverklaringen? Dat is niet het geval. Gaan we stemmen. Als u voor bent, groen. Als u tegen bent, rood. Daarmee is de motie aangenomen. 36 voor, 2 tegen. Gewoon Dordt was tegen. Dan zijn we bij motie M15a. Zijn er nog stemverklaringen bij motie M15a? De heer Boersma. De heer Boersnna: Ja, voorzitter, wij zullen tegen deze motie stemmen, omdat wij er niet van overtuigd zijn dat dit niet een goed onderhandelingsresultaat is. En wij straks in september de totale afweging zullen ma ken. De voorzitter: Dank u zeer. Mevrouw Nijhof. Mevrouw Nijhof: Voorzitter, wij zullen voor deze motie stemmen, omdat we het als signaal zien naar de andere genneenten hoe wij in deze regeling willen staan. De voorzitter: Dank. Anderen? Mijnheer Van der Kruijff. De heer Van der Kruijff: Voorzitter, wij zullen tegen deze motie stemmen, omdat we het signaal willen overbrengen naar de andere gemeenten dat we het waarderen dat er tot een cornpronnis gekomen is. De voorzitter: Dank u zeer.

De heer Tiebosch: Voorzitter? Daar sluit D66 zich bij aan. De voorzitter: De heer Tiebosch, dank u wel. Anderen nog? Mevrouw Kruger.

39

Mevrouw Kruger: Voorzitter, wij sluiten ons aan bij de stemverklaring van het CDA. De voorzitter: Dank u zeer. Anderen nog? Dat is niet het geval. Dan gaan we stemmen op motie M15a. Als u voor bent, groen. Als u tegen bent, rood. Even kijken. Voor is de fractie Beter voor Dordt, VVD en Partij van de Arbeid. En de PVV. En de overige fracties zijn tegen. Ja, 16 stemnnen voor, 22 stemnnen tegen. En daarnnee is motie M15a verworpen.

36.Raadsvoorstel Wijziging verordening beschermd wonen en opvang Raadsvoorstel De voorzitter: Dan gaan we naar agendapunt 36. Het raadsvoorstel Wijziging verordening beschermd wonen en opvang. Ook over dit onderwerp hebben we gesproken op de raadsvergadering op 22 juni. En heeft u besloten het onderwerp terug te brengen naar de commissie. De toen ingediende amendementen zijn dan ook weer ingetrokken. Vorige week woensdag is er opnieuw over gesproken in de commissie. Afgesproken is dat de Partij van de Arbeid haar amendement Beschernnd wonen en opvang ter vergadering weer opnieuw indient. Verder niet over gesproken zou worden en we direct over zouden gaan tot stemming. Dus ik verzoek de Partij van de Arbeid het amendement in te dienen en eventueel kort toe te lichten. En dan kunnen we overgaan tot eventuele stennverklaringen. Mijnheer Van Verk, mag ik u het woord geven? De heer Van Verk: Ja, dank u, voorzitter. We hebben er inderdaad over gesproken in de commissie. Dat leidde tot enige twijfel bij ons of we hem inderdaad door moesten zetten. Toch hebben we desondanks wel besloten om door te zetten, om de volgende redenen: onduidelijk is waar het geld heen gaat. De wethouder betoogde dat dat wordt gekort op de subsidie. Het totale bedrag. Dat zou betekenen dat het ook verantwoord moet worden met alle bureaucratische handelingen van dien.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/302/documents/12615