2.2 2026.06.24 Notulen Gemeenteraad Dordrecht - concept.pdf
Tekst van het document
U kunt nu bij de warme zomerdagen zelf ter plekke bekijken hoe het eraan toegaat. Gelukkig weten al heel veel Dordtenaren het water te vinden en de trappenpartij te gebruiken, maar ik heb ook al echt wel veel situaties gezien waarbij het toch echt tot best wel gevaarlijke situaties leidt. Er zijn heel wat schepen die daar aanleggen natuurlijk, ook steeds meer riviercruiseschepen. Het zwemmen daar gebeurt nu gewoon, dat ga je echt niet kunnen handhaven of verbieden in een onveilige situatie. Daar een stadstrand ontwikkelen zal juist tot meer veiligheid leiden. We zouden echt willen ontraden om die ambitie daar los te laten. De andere kant van het verhaal is waar u zegt: kijk ook eens even naar het water van de Spuihaven. Dat is wel een stip op de horizon die past bij de ambities die we in de binnenstad hebben. Daarbij gaan we de Spuiboulevard natuurlijk in de volgende fase ook veel aantrekkelijker maken langs het water en het activeren van het water daar wel iets is wat ook past bij de doelstelling die in het programma voor de binnenstad heeft meegegeven. Even kijken, dan heb ik nog een laatste motie dan ben ik klaar, voorzitter. Precies binnen de tijd volgens mij. Dat is motie M18 over betaalbaar kopen door inzet van erfpacht. Kijk, voor betaalbaar kopen zijn heel veel verschillende instrumenten te bedenken.
Die van erfpacht is er toch een die we al vaker hier hebben bediscussieerd en waar het college geen voorstander van is. We willen dat blijven ontraden. Op het moment dat je erfpacht invoert, maakt dat an sich het wonen niet per se goedkoper, het verschuift feitelijk de rekening. Daar waar je een stukje minder in je leenkosten hebt, verschuift dat natuurlijk wel vervolgens weer naar de canon die je per jaar betaalt. Het geeft ook toekomstige onzekerheid, want op een gegeven moment gaan die canonverhogingen natuurlijk doorwerken. De vraag is hoeveel effect het echt heeft op dat het meer betaalbaar zou worden. Het legt best een groot beslag op het gemeentelijk vermogen. He kunt ook zien in de grote steden, dat het ook vaak gewoon voor mensen tot onduidelijkheid leidt, de erfpacht. In steden als Amsterdam Den Haag zijn altijd enorme discussies ook rondom de herziening van erfpacht, omdat het gewoon best complex is. Het is de vraag of je bewoners die extra complexiteit moet aandoen. Dat maakt dat wij als college nog steeds geen voorstander zijn van het instrument van erfpacht voor particuliere eigenaren. De voorzitter: De heer Gündogdu. De heer Gündogdu: Voorzitter, dank u wel. Dank ook voor de beantwoording van deze motie. Ik heb een vraagje aan wethouder Burggraaf.
Mijnheer Van der Kruijff gaf zojuist aan dat er volgend jaar een volkshuisvestingsplan komt waarbij juist ook wordt gezocht naar maatregelen hoe we onze inwoners zo betaalbaar mogelijk kunnen huisvesten. Kijk, het is niet voor het eerst dat we erfpacht noemen, dat is hier veelvuldig ter sprake geweest, maar we hebben eigenlijk nooit een goed debat met elkaar gehad in het diepe over de voor- en nadelen. Juist deze motie vraagt coûte que coûte: er moet erfpacht komen, maar wat zijn de kanttekeningen? Wat zijn de risico's? Maak ze inzichtelijk voor de raad, zodat wij een afgewogen afweging kunnen maken. Het zou mij in ieder geval 22 plezieren als straks in de uitwerking van de volkshuisvestingsplannen dit onderdeel ook wordt meegenomen, zodat wij die afweging kunnen maken. U raadt hem nu af, maar bent u wel bereid om dat straks mee te nemen in die plannen? De heer Burggraaf: Voorzitter, we moeten ook alert zijn op de inzet van de schaarse tijd die we hebben in de organisatie. Dat is de reden dat we ook wel een paar keer discussie hebben gehad en elke keer hebben gezegd: wij zien die voordelen van het erfpacht niet. Vanuit het collegeperspectief zeggen we: steek daar geen tijd in om dat nog verder te onderzoeken en ontraden wij dat. Uiteindelijk is het een afweging die u als raad maakt. Daar heeft u nu een motie voor liggen waarvan het college zegt: wij ontraden hem.
Wij zien de onderzoekstijd die je erin steekt niet tot een ander resultaat leiden. Bespaar die tijd. Dat is het advies van het college aan uw raad. Het is verder daarna natuurlijk aan uw raad om te bepalen of u het daar wel of niet mee eens bent. De voorzitter: Dank, ik denk dat dat hem was. Overigens mocht ik recent onze zusterstad Recklinghausen bezoeken. De heer Kolkoliç: Voorzitter? De voorzitter: Excuus. De heer Kolkoliç, gaat uw gang. De heer Kolkoliç: Dank, voorzitter. Voorzitter, eigenlijk een vervolgvraag. In verschillende steden zijn er constructies zoals stichting KoopSmarter en Duokoop, waarbij de grond wordt gekocht door de stichting KoopSmarter of bepaalde fondsen. Uiteindelijk kunnen de woningeigenaren de grond weer terugkopen van die stichting of fonds. Hoe kijkt de wethouder daarnaar? De voorzitter: De wethouder. De heer Burggraaf: Er zijn heel veel verschillende instrumenten mogelijk. Ik vind het moeilijk om nu te kunnen inschatten wat de effectiviteit daarvan is. Dat zijn ook dingen die allemaal tijd, energie en vermogensbeslag kosten. Of dat uiteindelijk ook opweegt tegen de voordelen die het oplevert, durf ik u eigenlijk niet te zeggen. Ik zou zeggen: betrek dat bij de bredere discussie over de instrumenten die u als raad wilt rondom betaalbaarheid van woningen.
De waarschuwing of kanttekening aan de andere kant blijft ook staan: pas op met het teveel uitvoeren van allerlei onderzoeken en het stapelen van allerlei instrumenten. Dat kost ook allemaal heel veel tijd. En de effectiviteit daarvan is lang niet altijd groot. De voorzitter: Ik was dus in Recklinghausen. Daar hebben ze een prachtig stadsstrand aangelegd met een Nederlandse strandtent. Ik weet niet wie van u daar weleens is geweest, maar als u eens wilt ervaren wat een stadsstrand midden in de stad kan brengen voor de volgende generatie, dan is het echt leuk om even te bezoeken. Het is te rijden. Wethouder Merx. De heer Gündogdu: Voorzitter, als u de volgende keer naar Recklinghausen gaat, neemt u ons dan ook mee? De voorzitter: Natuurlijk. We moeten wel in mijn auto passen. De heer Merx. 23 De heer Merx: Voorzitter, ik heb ook geen vragen aan mijn adres gehoord. Wel één motie over de raadsenquête, M7. Ik vermoed dat dit precies dezelfde motie is als vorig jaar, maar dat alleen de datum is veranderd. Ik zou de indieners in ieder geval adviseren om daar nog even goed naar te kijken. Of het allemaal klopt wat erin staat. Dat terzijde, want ik snap de strekking wel. Ik zie mijnheer Katif al. De heer Katif: Voorzitter? De voorzitter: De heer Katif. De heer Katif: Het was de bedoeling om de motie op dit moment even in te dienen.
Het is waarschijnlijk, ik weet dat wel zeker, dat er bij de nieuwe indiening een nieuwe motie zal komen. Hij is in ieder geval ingediend. De heer Merx: Precies. Mijn reactie: het is in de eerste plaats aan uw raad. Het is een raadsbevoegdheid en het is aan u om erover te beslissen of u een raadsenquête wilt. Ons advies, daartoe beperken wij ons, zou zijn om dit niet te doen om dezelfde reden als ik vorig jaar al heb aangegeven. In de tussentijd zijn we ook verder, want er zat nog een haakje in het keldergravenonderzoek naar de Zuidendijk. Dat hebben we inmiddels ook uitgezocht. Daar is duidelijk geworden wat daar aan de hand is. Dat is ook geen fraai beeld. Ik vind dat eigenlijk respectloos wat daar gebeurd is. Dat heb ik ook al eerder gezegd. Mensen die kiezen voor de Zuidendijk moet je daar ook ten alle tijden laten rusten. De oorzaken zijn ook al duidelijk geworden. Ik kan in herhaling gaan treden wat betreft de commissievergadering. Ik weet niet of u daar prijs op stelt, maar in de commissievergadering vorige week en ook bij de keldergravenproblematiek hebben we uitgebreid stilgestaan bij wat hier eigenlijk aan ten grondslag ligt. Waarom gebeurt dit wat er is gebeurd? Hoe gaan we voorkomen dat dit nog ooit gebeurt? Ik zal een paar dingen heel kort memoreren, maar ik ga daar niet heel diep op in. Dat kunnen we altijd nog in de commissie doen.
Het was vooral financieel gedreven. Die keldergraven hebben destijds 30.000 euro bespaard. Kijk hoeveel ellende we hebben veroorzaakt en welke kosten we nog moeten gaan maken om hieruit te komen. Penny-wise, pound-foolish. Beheerstechnisch en juridisch speelden vaak de boventoon. Ethische vragen werden eigenlijk niet of nauwelijks gesteld. Medewerkers werden niet serieus genomen. De verantwoordelijkheid lag te laag in de organisatie. Dat zien we op meerdere plekken terug. Hier en daar wegkijken. Dat zijn oorzaken geweest die er dieper onder liggen, die we nu heel hard aan het aanpakken en aan het verbeteren zijn. Daar zien we ook al de resultaten van zien. Wat mij betreft gaan wij heel hard verder met waar we mee bezig zijn als college om de situatie nog verder te verbeteren en te zorgen dat al onze inwoners het volle vertrouwen kunnen hebben en kunnen houden in datgene wat de Essenhof en de Zuidendijk te bieden heeft. Dat is de missie die wij hebben. En als u zegt, daar kan een raadsenquête nog bij steunen, dan is dat aan u. Ik weet het niet. Ik vraag me dat ten zeerste af. De voorzitter: Dank. Ik kijk nog naar de heer Katif. En anders geef ik het woord aan de heer Van der Graaf van de PVV. De heer Van der Graaf: Een hele korte vraag, voorzitter. Ik hoor de wethouder verwijzen naar zijn argumentatie van vorig jaar. Alleen hier zitten inmiddels ook nieuwe 24 raadsleden.
Mijn vraag is dan: kunt u kort toelichten wat die argumentatie dan precies was? De heer Merx: Ik heb dat zojuist geprobeerd te doen in hele grote stappen. We krijgen nog een commissievergadering. Ik wil het met alle liefde en plezier hier uitleggen, maar daar komt het in de kern op neer. Ik ben er eigenlijk wel van overtuigd dat er nog meer boven water komt dan we al boven water hebben gehaald. Er zijn een paar mensen geweest die hebben geweigerd om geïnterviewd te worden om hun moverende redenen. Ik denk niet dat daar veel nieuws uit zou komen, maar zij zouden met de raadsenquête volgens mij verplicht kunnen worden om gehoord te worden. Je moet je afvragen of dat alle moeite waard is. Plus het doet ook wat in de maatschappij. Dit hele dossier heeft ongelofelijk veel betekend in onze Dordtse gemeenschap. Ik word daar dagelijks nog mee geconfronteerd. Ook dat speelt in mijn overwegingen mee. Moeten we het de mensen aandoen om nog eens een keertje alles naar boven te halen en nog een keer op te gaan … Als bevestiging daarbij, bij de vorige keer hebben mensen al gezegd: dank u voor de informatie. Ik vind het ongelofelijk fijn hoe het college en de raad hiermee om zijn gegaan. Ik vind het verschrikkelijk wat er gebeurd is, maar ik hoef er eigenlijk niks meer van te horen. Ik wil daar niet meer mee geconfronteerd worden. Het beeld dat ik bij mijn dierbare had, wil ik houden.
Dat is nu vertroebeld. Ik wil niet dat dat nog langer vertroebeld gaat worden en dat het elke keer terugkomt. Dat zijn allerlei overwegingen die je mee kunt nemen en volgens mij zou moeten meenemen in de overweging of je wel of niet overgaat tot een tot een raadsenquête. Los van allerlei kosten en dat soort zaken. Dat is helemaal aan u. De voorzitter: In de commissie komen we er nog op terug, mijnheer Van der Graaf. Het is natuurlijk een terecht punt dat nieuwe raadsleden natuurlijk ook goed geïnformeerd willen worden. De heer Katif. De heer Katif: Ik waardeer natuurlijk ook de bevlogenheid in dit geval van wethouder Merx, maar de argumenten die u naar voren brengt, kan ik ook andersom gooien. Een raadsenquête is niet alleen openbaar, maar kan ook besloten zijn. Wij weten ook uit andere steden dat nadat alle onderzoeken zijn geweest, een raadsenquête iets anders naar boven heeft gebracht dan de onderzoeken die voorafgaand zijn gedaan. Met die discussie gaan we straks naar de commissie. Breed in de samenleving zijn er nog hele andere geluiden dan wat u vertelt. De voorzitter: Waarvan akte. Dank, mijnheer Katif. Dat was hem? Ik kijk nog even rond. Dan gaan we naar wethouder Stolk. Mevrouw Stolk: Voorzitter, dank. Ik kwam bijna niet van mijn stoel af, maar het is gelukt. Ik sta er. Voorzitter, ook vanuit mijn portefeuille. Kort, er zijn twee moties.
Over motie M5 Onderzoek de meest doelmatige route naar een schone stad van Beter voor Dordt kan ik zeggen dat wij als college deze motie willen ontarmen. Het is aan u om deze motie nog in stemming te brengen, maar we gaan hiermee aan de slag. De voorzitter: Ik denk dat u een nieuw woordje in het bestuurlijk ‘…’(01:17:37): het ontarmen. Mevrouw Stolk: Omarmen. 25 De voorzitter: Omarmen. Mevrouw Stolk: Voorzitter, sorry, maar dat is de warmte. Ontarmen, omarmen. De voorzitter: Die houden we erin. Mevrouw Stolk: Dan motie Ga eens aan de slag met die lange sportroutes. De voorzitter: Eén momentje, wethouder Stolk, de heer Van der Graaf heeft een interruptie. De heer Van der Graaf: Ik heb een verduidelijkende vraag, voorzitter. Op zich is die motie heel sympathiek. Alleen er staat ook in: heel specifiek de gemeenteraad over de uitkomsten te informeren, maar er niet concreet wanneer. Mijn vraag is dan: is er ook een concreet moment dat we gaan worden geïnformeerd? Hoelang gaat dat duren? De voorzitter: De wethouder. Mevrouw Stolk: Voorzitter, terechte vraag. Het is een traject dat we in gaan zetten. Een traject waarin je gaat kijken om dingen te veranderen naar een schone en leefbare stad. Dat heeft tijd nodig. Ik zou daar met de ambtenaren de komende tijd, maar zeker ook met deze gemeenteraad, samen in op willen trekken. Er komt te zijner tijd een voorstel uw kant op.
De voorzitter: De heer Van der Graaf. De heer Van der Graaf: Dank u wel, voorzitter. Mag het iets concreter? Bijvoorbeeld rondom de begroting? Is dat haalbaar misschien? Mevrouw Stolk: Voorzitter, daar kan ik heel kort en duidelijk over zijn: nee, dat is niet haalbaar. Dan kijk ik even ook naar de ambtelijke ondersteuning. Ik denk dat het reëler is met een voorstel te komen … We komen al eerder met dingen, maar met concrete voorstellen wordt dat echt denk ik met de perspectiefnota volgend jaar of zo. De voorzitter: Ik denk ook dat de wethouder het moment tussen nu en de commissie kan gebruiken om dat uit te zoeken. Dan kan ze u daar in de commissie over informeren, mijnheer Van der Graaf. De heer Van der Graaf: Dank u wel voor dat antwoord. Dan het andere deel van diezelfde zin. Daar staat: voordat verdere structurele investeringen of onomkeerbare keuzes worden gemaakt in de aanpassing van het huidige inzamelingssysteem. Nu is gisteren in het coalitieakkoord aangegeven dat we van de plastic zakken-zak, de gele zak, af willen waar dat mogelijk is. Betekent dit dan ook dat we pas bij de perspectiefnota van volgend jaar echt ook concrete stappen daarop gaan nemen? De voorzitter: De wethouder. Mevrouw Stolk: Voorzitter, als het aan het college ligt, dan gaan we daar eigenlijk heel snel mee aan de slag.
Ik denk dat het voor deze raad en alle inwoners van de stad een 26 doorn in het oog is, die gele zakken die aan de palen hangen. Wat mij betreft gaan we daar het liefst morgen mee aan de slag, maar zo snel ben ik ook nog niet. Voorzitter, mag ik verdergaan? Ga eens aan de slag met de lange wandelroutes. Deze motie ontraadt het college. In de sportvisie staat dat het de wens is van de Partij voor de Dieren om de landelijke 3-30-300-regel uit te breiden met de 3000 meter voor sportief bewegen. Dit is ook verankerd in de omgevingsvisie van het SBSO-beleid Spelen, Bewegen, Sporten en Ontmoeten. Dat wordt ook meegegeven. Dat heb ik vandaag nog even extra gevraagd aan de wethouder ruimtelijke ordening en dat wordt wel meegenomen bij gebiedsontwikkelingen. De heer Groenewege: Voorzitter? De voorzitter: De heer Groenewege. De heer Groenewege: Dank u wel. Laat ik allereerst beginnen met: het inzicht ontbreekt, zeker bij de raad, waar deze sportroutes zich eigenlijk bevinden en in welke buurten ze ontbreken. Heeft het college dat inzicht wel? En kan het college dat inzicht delen met de raad? De voorzitter: De wethouder. Mevrouw Stolk: Voorzitter, ik kan de heer Groenenwege aangeven dat er in de bestaande wijken geen plannen voorkomen, maar dat het echt in de nieuwe gebiedsontwikkelingen is dat we daarmee aan de slag gaan.
Daar heb ik ook vanmiddag nog een toezegging op gehad van wethouder Burggraaf. De heer Groenewege: Voorzitter, ik stelde een hele andere vraag. De ambitie is in iedere buurt die sportroutes van 3000 meter. Het maakt niet uit, bestaand of nieuw. Heeft het college inzicht waar die sportroutes zich nu bevinden? En kan dat inzicht worden gedeeld met de raad? Mevrouw Stolk: Voorzitter, daar kan ik nu niet direct een antwoord op geven. Ik kan u wel toezeggen dat ik dat op 7 juli met u zal delen in de commissievergadering. De voorzitter: U heeft een toezegging. Mooi, dank. De heer Veldman. U ziet, ze zijn van de plek gewisseld. Een beetje variatie voor zo'n nieuwe ronde. De heer Veldman: Voorzitter, dank u wel. Ik begin met motie 4 over Geef monumenten in de Biesbosch de aandacht die ze verdienen van de fractie van Beter voor Dordt. Voorzitter, laat ik vooropstellen dat er hier een gedreven nieuwe wethouder monumenten en erfgoed staat. Ik ben eigenlijk best wel blij met uw motie, moet ik zeggen. Ik wil daar ook graag mee aan de slag gaan. Ik heb er wel een paar kanttekeningen bij, zeg ik ook. Monumenten in onze stad hebben natuurlijk verschillende eigenaren, zowel de gemeente, maar ook heel veel andere. Bijvoorbeeld de Haniasluis, die u in uw motie aanhaalt, is onder andere eigendom van het waterschap en nog van een particulier. Ik maak even de redenering af.
Dat betekent dat de gemeente daar natuurlijk geen onderhoudsplan voor gaat maken. Dat wil ik wel even duidelijk maken. De gemeente heeft verantwoordelijkheid voor de eigen panden. Daar gaan we ook zeker 27 naar kijken. In die zin kan ik die motie echt in behandeling nemen en ook positief omarmen, maar dat is een deeltje van wat u zegt. Dat kan niet voor hetgeen waarvan de gemeente geen eigenaar is. Wat betreft de Haniasluis heb ik wel positief nieuws, want het waterschap heeft recent van de provincie Zuid-Holland de subsidie gekregen om een plan te maken voor het onderhoud van deze sluis. Dat vind ik toch wel echt mooi nieuws. Om uw motie volledig positief te tegemoet te treden, zal er in de tekst nog wel wat moeten wijzigen, maar in beginsel staat hier een gedreven wethouder monumenten en erfgoed. Voorzitter, dan kom ik bij motie M6. Dat gaat over de route naar de Kerkeplaat. Dat hangt natuurlijk met de pontvoorziening die daar zal gaan varen ten tijde van de afsluiting van de Papendrechtsebrug. Daar is ook in de technische sessie best wel uitvoerig over gesproken met onder andere Rijkswaterstaat, Stroomlijn en onze eigen ambtenaren, Zuid-Holland Bereikbaar, misschien vergeet ik dan nog iemand. Wat u vraagt is daar toen ook aan de orde geweest.
Mijn antwoord ligt wel in lijn met het antwoord dat toen is gegeven, namelijk dat mensen met een beperking of verminderde mobiliteit via Stroomlijn terechtkunnen. Daarnaast verwachten we natuurlijk dat fietsers erg veel gebruik gaan maken van deze voorziening. Het aanleggen van extra parkeervoorzieningen zou echt leiden tot verkeerschaos, is onze inschatting, omdat er dan heel veel auto’s daarheen zullen bewegen. En dat is juist wat je niet wilt. Wat er wel komt is een Kiss & Ride-locatie. Die is zelfs nog dichterbij dan de bushalte, op 300 meter van de pontlocatie. Tot slot, voorzitter, inwoners die gebruikmaken van de bus wordt echt met klem geadviseerd om gewoon door te rijden naar station Baanhoek, zodat ze met de trein het water over kunnen. Het heeft eigenlijk niet zo heel veel zin om met de bus daarheen te gaan als je gewoon naar de overkant moet en dan ook weer vanaf een station verder moet. Kijk, als je precies aan de overkant moet zijn, dan ligt dat natuurlijk wel voor de hand, dat snap ik. Dit zijn de varianten bij deze voorziening, dus die moet ik ontraden, voorzitter. Dan kom ik bij motie M10, Groene parkeerplaatsen zijn het nieuwe normaal. De heer Groenewege: Voorzitter? De voorzitter: De heer Groenewege. De heer Groenewege: Dank u wel. Voordat we er tijd in gaan steken, ik ben er gisteren door de heer Hoogduijn op gewezen dat dit al in het coalitieakkoord staat.
Zij het met een zeer omfloerste formulering die ik niet had gelezen als groene parkeerplaatsen. We gaan opnieuw naar deze motie kijken. We gaan hem herformuleren. Ik denk dat het niet veel zin heeft om er nu tijd aan te besteden. De heer Veldman: Dan maakt u het mij makkelijk. Laten we dat erin houden voor de komende vier jaar. Motie M11 Ondertekenen van de Plant Based Treaty. Voorzitter, aan de ene kant is dat sympathiek, aan de andere kant hebben wij een voedselvisie waar een aantal dingen al in naar voren komt. Tot slot, wat voor mij zorgt voor het oordeel ontraden, als je die tekst leest, dan is een heel groot deel van de maatregelen die daarin wordt gesuggereerd of voorgesteld echt gericht op de Rijksoverheid. Dat zijn wij niet, dus dat brengt mij eigenlijk tot het oordeel dat we deze motie zullen moeten ontraden. De heer Groenewege: Voorzitter? De voorzitter: De heer Groenewege. 28 De heer Groenewege: Er zijn steeds meer gemeenten die dit verdrag ondertekenen. Vindt het college hen dan ook een beetje gek bezig? De heer Veldman: Voorzitter, nee, wij maken onze eigen afweging. De voorzitter: De heer Groenewege. De heer Groenewege: Misschien kan het college dan toelichten waarom een gemeente als Amsterdam of Utrecht wel iets kan doen voor de bevordering van de transitie van de eiwittransitie en een gemeente als Dordrecht niet? De heer Veldman: Kijk, ik weet niet waarom.
Ik weet niet wat hun redenen waren om het te gaan ondertekenen. Het kan natuurlijk ook een bepaald statement zijn. Als ik kijk naar de maatregelen 3, 6, 11, 12, 14 en 15 bijvoorbeeld, alleen nog maar van het eerste deel, dat zijn allemaal maatregelen gericht op landelijke belastingen. Daar gaan wij niet over. De heer Groenewege: Voorzitter, een laatste vraag, als het mag. Ziet het college ook maatregelen waar ze wel wat mee kan? Je hoeft natuurlijk niet met alles wat te kunnen. Als je er niet voor verantwoordelijk bent, is het ook niet logisch om die rol op te pakken, maar misschien zitten er wel handvatten in voor maatregelen waar dit college wel wat mee kan? De heer Veldman: Voorzitter, die moet u dan zoeken in wat in de voedselvisie al is aangegeven. Wij geven aandacht aan de vernieuwde Schijf van Vijf. Daarin is ook duidelijk minder aandacht voor vlees dan in de voorgaande Schijf van Vijf. We geven ook aandacht aan de Nationale Week Zonder Vlees en Zuivel. Dat zijn dingen die vanuit de voedselvisie door de gemeente onder de aandacht worden gebracht. Daarmee is dat denk ik ook wel in lijn met wat u beoogt, maar we zien daarin geen reden om dan nu dit te gaan ondertekenen. Alles wat erin staat, gaat nog wel weer een heel stuk verder dan wat wij in de voedselvisie hebben vastgelegd. De voorzitter: Ik voorzie nog een mooi gesprek in de commissie hierover.
De heer Veldman: Voorzitter, dan gaan we naar motie 14. Dat gaat over de verkeersveiligheid op de provinciale weg van Op Ons Eiland en DENK. Voorzitter, ook dit is aan de ene kant een hele sympathieke motie. U heeft denk ik in het coalitieakkoord gelezen dat er echt behoorlijk wat aandacht is voor verkeersveiligheid. Dat is een breed gedeeld thema in deze raad en daar komt ook structureel geld voor beschikbaar. Daarnaast herkennen wij ook het punt dat in het tweede streepje van constaterende wordt genoemd, dat die oversteekplek echt wel iets is waar nog eens goed naar gekeken kan worden. Het gaat ons wel te ver om die hele provinciale weg als onveilig te bestempelen. Dat zou je wel kunnen opmaken uit deze tekst. Tot slot, voorzitter, wil ik wel even de tijd hebben om even na te denken hoe we precies aan de slag gaan met de opdracht uit het coalitieakkoord op verkeersveiligheid. In het verleden is er een top twintig geweest waar ook een soort inventarisatie is gedaan. Ik zou er ook voor willen waken dat we per motie bepaalde punten in de stad op deze manier onder de aandacht brengen. U mag mij altijd mailen als u denkt: dit moet echt aangepakt worden. Dat is 29 prima. We gaan echt aan de slag met die die verkeersveiligheid. Daar is ook geld voor door de coalitie gereserveerd. Daar gaan wij een mooi plan op maken, maar ik heb wel wat moeite met hele specifieke punten.
U kunt ervan op aan dat het specifiek punt dat u noemt op de provinciale weg onder de aandacht is bij de ambtenaren en bij het college. Voorzitter, dan kom ik bij M17, de gratis stadsbus. Die moet het college ontraden. U heeft in het coalitieakkoord al het een ander gelezen over wat wij op dat punt van plan zijn. Wat u voorstelt gaat een heel stuk verder, ook budgettair gaat dat een heel stuk verder. Wij hebben die gelden niet op dit moment, dus wij ontraden dat. De heer Gündogdu: Voorzitter? De voorzitter: De heer Gündogdu. De heer Gündogdu: Ik begrijp uiteraard heel goed wat de portefeuillehouder aangeeft, maar de constatering en de overweging in de motie zijn ook redelijk overeenkomend met datgene wat u heeft opgekomen in het coalitieakkoord. Al is de mening door mij gedicteerd. Ik kom tot een logische volgorde: maak eens een maatschappelijke businesscase met een kosten-batenanalyse. En wellicht dat we samen tot de conclusie komen: dit gaat zo veel geld kosten. Ik vind het bijzonder om op voorhand, nu al, een dag na indiening, te zeggen: dit gaan we niet doen.
Wilt u dit ook niet eens gewoon uitzoeken in een maatschappelijke businesscase, zoals we die eerder in deze raad hebben gehad over diverse onderwerpen? Dat hoeft geen diepgaand onderzoek te zijn, want er is al heel veel informatie beschikbaar, om eens duidelijk te maken aan deze raad en deze stad wat gratis OV ons zou kosten, maar vooral ons zou opleveren. De heer Veldman: Voorzitter, ik zei niet dat we het niet gaan doen. Ik zei dat het college deze motie het oordeel ontraden meegeeft. Voor het overige is het dan aan de raad. Bij het gesprek de zeventiende kan ik ook heus nog wel wat getallen voor het voetlicht brengen, maar ik denk dat de voorzitter vindt dat daar de tijd nu niet rijp voor is. De voorzitter: Wethouder, dank. Dan vraag ik wethouder Oldenwening naar voren te komen. Mevrouw Oldenwening: Wat bof ik dat ik in deze bloedhitte mijn eerste spreekbeurt mag houden hier. Ik heb een jasje aangetrokken, want ik heb vanochtend de schapenkop gekregen. Voor het nageslacht wilde ik daar mijn eerste beurt mee doen. Ik heb twee mooie moties om te bespreken. Ze zijn allebei van Beter voor Dordt. De eerste is de motie over een transparant overzicht van participatiebijeenkomsten. Dat is een sympathieke, goede motie. Het idee achter de motie is mooi. Het is ook wenselijk om een inzichtelijk overzicht te hebben.
Met het vaststellen van de verordening hebben we deze eerst goed met elkaar neer te zetten, voordat we over kunnen gaan naar het complete overzicht dat u vraagt. Ook de snelheid waarmee u het vraagt is een beetje problematisch voor mij. Eigenlijk komt het erop neer dat de motie te vroeg komt. U heeft gelukkig wel in het akkoord kunnen lezen dat we in het coalitieakkoord ook hiermee aan de slag gaan. Focuspunten zoals uitdaagrecht en Wijkparade hebben we genoemd. De komende tijd hebben we nodig om richting te geven aan die plannen en we moeten kijken hoe we het uit gaan werken en met welke middelen. Dat vraagt eigenlijk meer tijd dan de best wel vlotte deadline die jullie in het plan hebben gezet. Wij adviseren om focus te houden op de uitgangspunten in het akkoord en dit goede plan ook mee te 30 nemen, want ik zou deze stap graag later in de tijd samen willen maken. Als college ontraden wij deze motie. De voorzitter: De heer Van Antwerpen. De heer Van Antwerpen: Voorzitter, dank u wel. Voorzitter, ik hoor de wethouder zeggen dat ze er sympathie voor heeft, maar dat het tempo in de motie erg vlot is. Kunt u aangeven welke termijn voor u dan wel acceptabel is? Mevrouw Oldenwening: Dat heb ik natuurlijk ook gevraagd, want ik wil hiermee aan de slag. We denken dat, als wij streven naar begin 2027, dat we dan een heel eind kunnen komen.
De voorzitter: Mijnheer Van Antwerpen De heer Van Antwerpen: Voorzitter, dank u wel. Voorzitter, betekent dit een toezegging dat als ik de tekst in de motie aanpas waar nu staat zomerreces 2026? Als ik zeg na de oliebollen en de appelflappen, begin januari ’27, dat we u aan onze zijde hebben? Mevrouw Oldenwening: Ik kan het niet helemaal garanderen en dat heeft ermee te maken dat we onderbezet zijn. Degene die de participatie als programmamanager draaide is er nu niet, dus we moeten daar een nieuw iemand voor hebben. Ik zou het heel graag willen. Het streven is er zeker. U vraagt best veel specifieke informatie. Ik denk dat het eigenlijk goed is om erover door te praten wat er dan haalbaar is en hoe we dat willen. Het goede nieuws is wel dat er al heel veel informatie te vinden is. Zo is er een overzicht te vinden op Doe Mee Dordrecht. Er is ook andere informatie te vinden over de projecten in een bouwapp, maar ze staan nog niet bij elkaar. Hoe u het vraagt, vind ik hartstikke mooi, maar u vraagt te veel, te snel. We gaan er zeker mee aan de slag en ik hoop dat begin 2027 lukt. De heer Van Antwerpen: Voorzitter, wij zullen het er in ieder geval in de commissievergadering nog een keer even over hebben en wellicht dat we daar tot een goede oplossing komen. Mevrouw Oldenwening: Dank u.
Dan heb ik motie M8 over een eerbetoon aan Dordtse kunst, het meisje van Vermeer van Cor van Gulik. Mijn hart maakt een sprongetje bij dit soort initiatieven. Wij wisten er alleen nog helemaal niets van. Het is een totaal onbekend initiatief bij het college. Dat is wel een beetje problematisch, want waar zeggen we dan eigenlijk precies ja tegen? In het coalitieakkoord hebben we wel mooie uitgangspunten op dit punt. Daar staat in en ik citeer: we investeren in een goede kwaliteit van de openbare ruimte met bijzondere aandacht voor belevingskunst en beeldende kunsten van Dordtse bodem. Daarbij geven we ruimte aan initiatieven voor nieuwe beelden. Daar sluit het prima bij aan, maar we hebben wel meer informatie nodig om hier iets mee te kunnen doen. De initiatiefnemers kunnen daarom het voorstel, inclusief voorgenomen schenking, als dat allemaal aan de orde is van het kunstwerk, aan de gemeente, aan het college voorleggen. Dan leggen we de schenking conform de uitvoeringsnota Kunst in de openbare ruimte Dordrecht voor aan een ingestelde adviescommissie Kunst in de openbare ruimte om ons te adviseren. Dat zou de reguliere route moeten zijn. Wat ook nog van belang is, is dat het wel een schenking kan zijn, 31 maar we weten natuurlijk niet wat het precies is en het zal ons wel geld kosten.
Dat kan het waard zijn, maar omdat we nu eigenlijk niks weten, kunnen we ook niet vaststellen of dat een goed idee is. Graag meer informatie en het officieel volgens de reguliere route indienen. De heer Katif: Voorzitter, de kersverse wethouder zal op haar wenken bediend worden. We zullen die informatie uitgebreid naar u toesturen. Mevrouw Oldenwening: Ik kijk ernaar uit. Wij ontraden het voor nu. Dank u. Geen vragen, voorzitter? De voorzitter: Volgens mij had u als raadslid nog niet gesproken? Mevrouw Oldenwening: Nee, dat klopt. De voorzitter: Het is niet gebruikelijk om bij wethouders de maidenspeech te hullen, maar ik denk dat net zoals bij de heer Pauwels en Dangerman … En ik heb nog nooit een wethouder met zoveel flair een motie zien ontraden. Zo. Dank aan alle collegeleden voor de beantwoording. Dat was de allereerste beantwoording. Dan denk ik dat ook alle fracties een procesreactie hebben gegeven op wat ze met hun eigen moties gaan doen. We zien uit naar de behandeling in de commissie. Voor het verdere proces … De heer Gündogdu: Voorzitter? De voorzitter: De heer Gündogdu. De heer Gündogdu: Voordat u doorgaat, voorzitter, op basis van een aantal reacties zou ik toch wel wat willen aangeven voor onze moties. De voorzitter: De heer Gündogdu, gaat uw gang. De heer Gündogdu: Voorzitter, in ieder geval als het gaat om motie Gratis stadsbus Dordrecht.
We hebben zojuist de wethouder gehoord. Hij heeft aangegeven dat hij daar serieus werk van gaat maken, dus wij trekken hem vooralsnog in. We houden hem achter de hand en we zien uit naar zijn voorstel over hoe hij de stadsbus wil gaan organiseren in de stad. Die motie trekken we vooralsnog in. Ook bedankt richting de heer Van der Kruijff over de reactie rondom … Wat was die motie ook alweer? Sorry, motie Bouwen voor Dordtenaren. We hebben allemaal gehoord dat er volgend jaar in ieder geval een plan komt om onze Dordtenaren zo goed mogelijk te huisvesten. Dan zou het heel mooi zijn om al die discussies daar te gaan voeren, dus dan trekken we die motie ook in. De provinciale weg, wederom ook bedankt richting de portefeuillehouder, in ieder geval is het in het vizier van het college is een bekend stukje Dordrecht dat heel vaak tot problemen leidt. Ook die motie trekken we in. De voorzitter: Dank, mijnheer Gündogdu. Ik kijk nog of er andere fracties zijn die moties willen intrekken, als ze dat nog niet hadden aangegeven? Ik had gehoord dat de heer Groenewege nog het een en ander wil aanpassen. Verder is dat dan niet het geval. Dan zijn er drie data belangrijk. Ten eerste 6 juli. De griffie ontvangt dan uw aanvullende moties en amendementen graag voor 11.00 uur ‘s ochtends.
Op 7 juli volgen de 32 oordeelsvormende commissies en de ingediende moties en amendementen gaan dan mee in de bespreking. Op 14 juli sluiten we af met de tweede termijn van de perspectiefnota. Met die mededeling sluit ik dit agendapunt af. Dan zijn we aan het einde gekomen van deze vergadering. Een vergadering in twee delen, gisteren en vandaag met een vervolg. De perspectiefnota gaan we verder behandelen. Excuus dat ik een beetje heb zitten duwen, maar gisteren hebben we uitgebreid, in uitgebreide termijnen en in heel veel interrupties lang met elkaar gesproken. Voor nu hoop ik dat u de rest van de avond kunt afkoelen of op een bepaalde plek de onderlinge band kunt versterken. Ik wens u nog een fijne avond en een fijn verder verloop van de week. Dank u wel. Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van 14 juli 2026. De griffier, De voorzitter, G.J.P. van Soest N. Mol 33