VG01 210111 35918002 -aangepast- Toelichting en regels St. Josephstraat 39-53, Dongen renvooi
Tekst van het document
ingeval van een op of aan een bouwwerk gebouwde (schotel)antenne-installatie: tussen de voet van de (schotel)antenne-installatie en het hoogste punt van de (schotel)antenne-installatie.
2.3
bouwhoogte van een bouwwerk
vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen. 2.4
breedte, lengte en diepte van een bouwwerk
tussen (de lijnen getrokken door) de buitenzijde van de gevels en het hart van de scheidsmuren. 2.5
goothoogte van een bouwwerk
vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot / de druiplijn, het boeibord of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel; indien een bouwwerk met betrekking tot deze constructiedelen over verschillende hoogten beschikt, wordt als volgt gemeten: a. Indien zich aan de voorgevelzijde een goot / druiplijn, boeibord of een ander, daarmee gelijk te stellen constructiedeel bevindt, wordt uitgegaan van de hoogte aan de voorgevelzijde. b. Indien zich – in geval van een lessenaarsdak – aan de voorgevelzijde van het gebouw geen goot / druiplijn, boeibord of een ander, daarmee gelijk te stellen constructiedeel bevindt, wordt uitgegaan van de laagste hoogte. 2.6
inhoud van een bouwwerk
tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en / of het hart van de scheidsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen.
90
2.7
oppervlakte van een bouwwerk
tussen de buitenwerkse gevelvlakken en / of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk. 2.8
vloeroppervlakte
de gebruiksvloeroppervlakte volgens NEN 2580.
BESTEMMINGSPLAN SINT JOSEPHSTRAAT 39-53, DONGEN | VASTGESTELD
91
92
HOOFDSTUK 2 BESTEMMINGSREGELS Artikel 3 3.1
Groen
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. Beplantingen. b. Water, waterberging en overige voorzieningen ten behoeve van de waterhuishouding in het plangebied, zoals waterinfiltratie en -transportvoorzieningen en ondergrondse bergbezinkbassins. c.
Bij deze bestemming behorende voorzieningen, zoals voet- en fietspaden, bermen en bermsloten, speelvoorzieningen, jongerenontmoetingsplaatsen, nutsvoorzieningen, geluidswallen, voorwerpen van beeldende kunst of kunstuitingen en gedenktekens.
3.2
Bouwregels
Op deze gronden mag worden gebouwd en gelden de volgende regels. a. Op deze gronden mogen uitsluitend worden gebouwd: 1. gebouwen voor nutsvoorzieningen; 2. bouwwerken, geen gebouwen zijnde. b. De oppervlakte van een gebouw bedraagt ten hoogste 15 m². c.
De bouwhoogte van een gebouw bedraagt ten hoogste 3 m.
d. De bouwhoogte van speelvoorzieningen, voorwerpen van beeldende kunst of kunstuitingen en gedenktekens bedraagt ten hoogste 6 m. e. De bouwhoogte van lichtmasten, vlaggenmasten en antennes bedraagt ten hoogste 10 m. f.
De bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, bedraagt ten hoogste 2 m.
BESTEMMINGSPLAN SINT JOSEPHSTRAAT 39-53, DONGEN | VASTGESTELD
93
Artikel 4 4.1
Verkeer - Verblijfsgebied
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Verkeer - Verblijfsgebied' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. Verblijfsgebied met een functie voor verblijf, verplaatsing en gebruik ten dienste van de aangrenzende bestemmingen. b. Bij deze bestemming behorende voorzieningen, zoals geluidswerende voorzieningen, groen, speelvoorzieningen, jongerenontmoetingsplaatsen, parkeervoorzieningen; nutsvoorzieningen, verkeersgeleiding, informatievoorziening, water, voorwerpen van beeldende kunst of kunstuitingen, gedenktekens en voorzieningen ten behoeve van de waterhuishouding in het plangebied, zoals waterinfiltratie en -transportvoorzieningen, afval(water)inzameling, ondergrondse bergbezinkbassins.
4.2
Bouwregels
Op deze gronden mag worden gebouwd en gelden de volgende regels: a. Op deze gronden mogen uitsluitend worden gebouwd: 1. Gebouwen voor nutsvoorzieningen en jongerenontmoetingsplaatsen en abri's. 2. Bouwwerken, geen gebouwen zijnde. b. De oppervlakte van een gebouw bedraagt ten hoogste 15 m². c.
De bouwhoogte van een gebouw bedraagt ten hoogste 3 m.
d. De bouwhoogte van speelvoorzieningen bedraagt ten hoogste 6 m. e. De bouwhoogte van lichtmasten, vlaggenmasten en antennes bedraagt ten hoogste 10 m. f.
De bouwhoogte van voorwerpen van beeldende kunst of kunstuitingen en gedenktekens bedraagt ten hoogste 6 m.
g. De bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde bedraagt ten hoogste 2 m.
94
Artikel 5 5.1
Wonen
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. Het wonen in een woning met aan-huis-gebonden beroepen en kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten. b. Ter plaatse van de aanduiding 'erf': uitsluitend voor erven bij de hoofdgebouwen op hetzelfde bouwperceel. c.
Ter plaatse van de aanduiding 'gestapeld': gestapelde woningen met inbegrip van de daarbij behorende bergingen en andere nevenruimten;
d. Bij deze bestemming behorende voorzieningen, zoals tuinen, parkeervoorzieningen, achterpaden en ontsluitingen, water en nutsvoorzieningen.
5.2
Bouwregels
Op deze gronden mag worden gebouwd en gelden de volgende regels:
5.2.1
Algemeen
a. De volgende bouwwerken zijn toegestaan: 1. binnen een bouwvlak: hoofdgebouwen met de daarbij behorende aan- en uitbouwen, bijgebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde; 2. ter plaatse van de aanduiding 'erf': aan- en uitbouwen, bijgebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde worden gebouwd, behorende bij het hoofdgebouw op hetzelfde bouwperceel; 3. ter plaatse van de aanduiding 'gestapeld': gestapelde woningen met inbegrip van de daarbij behorende bergingen en andere nevenruimten; 4. op de overige gronden: uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen en geen overkappingen zijnde. b. De totale oppervlakte van gebouwen en overkappingen bedraagt ten hoogste het met de aanduiding aangegeven bebouwingspercentage van het bouwvlak; indien geen bebouwingspercentage is aangegeven, geldt een bebouwingspercentage van 100% van het bouwvlak. c.
Per bouwperceel mogen de gronden met de aanduiding 'erf' worden bebouwd met gebouwen en overkappingen, met een maximum van 100 m².
d. De afstand tussen niet aaneen gebouwde gebouwen bedraagt ten minste 1 m. e. Het totaal aantal woningen bedraagt ten hoogste het met de aanduiding aangegeven maximum aantal woningen.
BESTEMMINGSPLAN SINT JOSEPHSTRAAT 39-53, DONGEN | VASTGESTELD
95
5.2.2
Hoofdgebouwen
a. Hoofdgebouwen worden gebouwd in het bouwvlak. b. De bouwhoogte van hoofdgebouwen bedraagt ten hoogste de met de aanduiding 'maximum bouwhoogte (m)' aangegeven bouwhoogte.
5.2.3
Aan- en uitbouwen, bijgebouwen, overkappingen en garages
a. De goot- en bouwhoogte van aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen bedraagt ten hoogste 3,5 m. b. De voorgevel van een aan- of uitbouw en van een bijgebouw ligt ten minste 1 m achter de voorgevel van het hoofdgebouw.
5.2.4
Bouwwerken, geen gebouwen zijnde
a. De bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen bedraagt ten hoogste 2 m. b. De bouwhoogte van vlaggenmasten bedraagt ten hoogste 10 m. c.
De bouwhoogte van overige bouwwerken geen gebouwen zijnde bedraagt ten hoogste 3 m.
5.3
Afwijken van de bouwregels
5.3.1
Aan- of uitbouw in de voortuin
Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken het bepaalde in lid 5.2.1 onder a voor de bouw van een aan- of uitbouw of overkapping op de gronden waar geen bouwvlak en geen aanduiding 'erf' is opgenomen, met inachtneming van het volgende: a. De oppervlakte van de aan- of uitbouw of overkapping bedraagt ten hoogste 6 m². b. De goot- en bouwhoogte bedraagt ten hoogste de in lid 4.2.3 aangegeven hoogten. c.
De afstand tot de bestemming 'Verkeer - Verblijfsgebied' bedraagt ten minste 0,5 m.
5.4
Specifieke gebruiksregels
5.4.1
Algemeen
Met betrekking tot het gebruik gelden de volgende regels: a. Per bouwperceel is ten hoogste één woning toegestaan; b. Het is niet toegestaan om: 1. onbebouwde gronden te gebruiken voor de opslag van goederen met een hoogte van meer dan 1 m;
96
2. bijgebouwen te gebruiken als woon- en werkruimten; c.
De vloeroppervlakte ten behoeve van aan-huis-gebonden beroepen en kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten bedraagt ten hoogste 25% van de vloeroppervlakte van de betrokken woning met een maximum van 40 m²;
d. Het parkeren van voertuigen of het plaatsen van objecten als aanhangwagens, boten, caravans en andere kampeermiddelen op de gronden waar geen bouwvlak en geen aanduiding 'erf' is opgenomen is niet toegestaan, behoudens ter plaatse van een toegang tot een garage/berging of carport.
5.4.2
Parkeren
a. Het aantal openbare parkeerplaatsen bedraagt minimaal 60; b. Bij halfvrijstaande woningen dienen ten minste twee parkeerplaatsen op eigen terrein te worden gerealiseerd; c.
De oppervlakte van een parkeerplaats bedraagt ten minste 12,5 m²;
d. Een garage wordt niet meegeteld bij de bepaling van het aantal parkeerplaatsen.
5.5
Afwijken van de gebruiksregels
5.5.1
Het gebruik van een woning voor logies met ontbijt
Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van lid 5.1 onder a en medewerking verlenen voor het gebruik van een woning voor logies met ontbijt, met in achtneming van de volgende regels: a. er mag in maximaal 2 kamers tegelijkertijd logies worden aangeboden; b. het oppervlak voor logies en ontbijt bedraagt ten hoogste 100 m2; c.
de woning is geschikt voor permanente bewoning en wordt bewoond door de hoofdbewoner(s);
d. er mag geen onevenredige verkeers- en parkeeroverlast ontstaan voor de omgeving; e. er mogen slechts terughoudende reclame-uitingen worden geplaatst, neonreclame is niet toegestaan.
BESTEMMINGSPLAN SINT JOSEPHSTRAAT 39-53, DONGEN | VASTGESTELD
97
Artikel 6 6.1
Waarde - Archeologie - 1
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Waarde - Archeologie - 1' aangewezen gronden zijn - behalve voor de andere aldaar voorkomende bestemming(en) - mede bestemd voor de bescherming en veiligstelling van archeologische waarden.
6.2
Bouwregels
Op deze gronden mag worden gebouwd en gelden de volgende regels: a. Op deze gronden mogen ten behoeve van de in lid genoemde bestemming uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden gebouwd met een bouwhoogte van ten hoogste 2 m. b. Ten behoeve van de andere, voor deze gronden geldende bestemming(en) mag - met inachtneming van de voor de betrokken bestemming(en) geldende (bouw)regels uitsluitend worden gebouwd, indien: 1. de aanvrager van de omgevingsvergunning voor het bouwen een rapport heeft overgelegd waarin de archeologische waarde van de betrokken locatie naar het oordeel van het bevoegd gezag in voldoende mate is vastgesteld; 2. de betrokken archeologische waarden, gelet op dit rapport, door de bouwactiviteiten niet worden geschaad of mogelijke schade kan worden voorkomen door aan de omgevingsvergunning voor het bouwen voorschriften en beperkingen te verbinden, gericht op het behoud van de archeologische resten in de bodem, het doen van opgravingen dan wel het begeleiden van de bouwactiviteiten door een archeologische deskundige; c.
Het bepaalde in dit lid onder b.1 en b.2 is niet van toepassing, indien het bouwplan betrekking heeft op één of meer van de volgende activiteiten of bouwwerken: 1. vervanging, vernieuwing of verandering van bestaande bebouwing, waarbij de oppervlakte, voor zover gelegen op of onder peil, niet wordt uitgebreid en waarbij gebruik wordt gemaakt van de bestaande fundering; 2. een bouwwerk met een oppervlakte van ten hoogste 100 m²; 3. een bouwwerk dat zonder graafwerkzaamheden dieper dan 50 cm en zonder heiwerkzaamheden kan worden geplaatst.
98