CConstaterende datDongen
Koppel je AI →
Document · PDF

RIB 41 - Meicirculaire 2023

Besluitvormende raadsvergadering 13 juli 2023, gemeente DongenBij agendapunt: Raadsinformatiebrieven - ter informatie1.861 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aan de raadsleden

Dongen, 16 juni 2023

Uw kenmerk Zaaknummer Bijlage(n) Contactpersoon/tel.nr. Betreft

: : : : :

Raadsinformatiebrief nr. 41 J. Maas / 14 0162 Meicirculaire 2023

Beste raadsleden, In deze raadsinformatiebrief informeren wij u over de inhoud en de consequenties van de genoemde meicirculaire ten opzichte van de laatst bekende circulaire (december 2022). De ontwikkeling van de algemene uitkering wordt voor een belangrijk deel bepaald door de ontwikkeling van de rijksuitgaven. Volgens het systeem van ‘samen de trap op en samen de trap af’ (normeringssystematiek) hebben wijzigingen in de rijksuitgaven direct invloed op de omvang van het gemeentefonds. De jaarlijkse toename of afname van het gemeentefonds, voorvloeiend uit de normeringssystematiek wordt het accres genoemd. Circulaires Onlangs is de meicirculaire 2023 over de algemene uitkering van het gemeentefonds verschenen. Doorgaans verschijnen er jaarlijks drie circulaires. In mei, september en december. Mei geeft de vertaling van de Voorjaarsnota van de rijksoverheid, september de vertaling van de Miljoenennota, december rondt het uitkeringsjaar zoveel mogelijk af. De meicirculaire is dus de eerste van dit kalender- en begrotingsjaar en bevat informatie over de actualisatie van het accres op basis van de Voorjaarsnota 2023 van het Rijk. Effect meicirculaire Zoals aangegeven wordt de meicirculaire afgezet tegen de laatst bekende circulaire, die van december 2022. Dit leidt tot een financiële vertaling van de effecten van de meicirculaire.

Deze effecten worden daarna gespecificeerd naar de ontwikkeling van het accres, alsmede de taakmutaties/ontwikkeling van de maatstaven. Effecten meicirculaire (bedragen x €1.000) Stand algemene uitkering decembercirculaire 2022 Stand algemene uitkering meicirculaire 2023 Mutatie

2023 € 44.565

2024 € 43.917

2025 € 44.855

2026 € 42.519

2027 € 41.192

€ 44.945

€ 48.055

€ 48.547

€ 44.488

€ 44.356

€ 380

€ 4.138

€ 3.693

€ 1.969

€ 3.163

Financiële vertaling gemeentelijke begroting De effecten zoals die in deze raadsinformatiebrief worden weergegeven, worden niet 1-op-1 verwerkt in de gemeentelijke begroting. Dit komt doordat in de raming van de algemene uitkering in de

begroting een aantal stelposten zijn verwerkt. Deze stelposten zorgen voor een afwijking van de standen zoals die uit de circulaires volgen. Het betreft een aanvullende reservering voor de nog te ontvangen arbitragemiddelen jeugd, een stelpost voor het ravijnjaar 2026 en een behoedzaamheidsmarge ten aanzien van de accresontwikkeling. Bij de verwerking van iedere nieuwe circulaire bepalen we of de raming van deze afwijkingen bijgesteld moet worden. Voor deze meicirculaire doen we dat bij het opstellen van de Programmabegroting 2024-2027. In Berap 2022-3 is de laatste stand van de stelposten te vinden. Accres De ontwikkeling van de algemene uitkering wordt voor een belangrijk deel bepaald door de ontwikkeling van de totale rijksuitgaven (accresrelevante uitgaven). Volgens de normeringssystematiek (trap-op-trap-af) hebben wijzigingen in de accresrelevante uitgaven direct invloed op de ontwikkeling van de algemene uitkering en daarmee op de omvang van het gemeentefonds. De jaarlijkse toe- of afname van het gemeentefonds, voortvloeiend uit de normeringssystematiek, wordt het accres genoemd. De ontwikkeling van de algemene uitkering wordt voor een belangrijk deel bepaald door de ontwikkeling van het accres. In deze circulaire is een nieuwe accresraming opgenomen voor het jaar 2023 en verder. Daarnaast is de definitieve afrekening van de accrestranche 2022 verwerkt.

De berekening van het accres is gebaseerd op de keuzes uit het coalitieakkoord Rutte IV (vanaf 2026) en de in de Miljoenennota 2023 opgenomen afspraken tussen het kabinet en de VNG (voor de jaren tot en met 2025). Op basis van deze keuzes en afspraken is het accres tot en met 2025 gesplitst in een vaststaand volumedeel en een loon- en prijsdeel dat per circulaire wordt geactualiseerd op basis van de laatste inzichten van het CPB over de loon- en prijsontwikkeling. In de meicirculaire van het lopend jaar wordt de loon- en prijstranche van het lopend jaar vastgezet. In het coalitieakkoord Rutte IV is besloten om het accres vanaf 2026 niet langer te koppelen aan de ontwikkeling van de rijksuitgaven. Voor 2026 en verder is het accres gesplitst in een vaststaand volumedeel en een loon- en prijsdeel dat per circulaire wordt geactualiseerd op basis van de laatste inzichten van het CPB over de loon- en prijsontwikkeling. In de Voorjaarsnota 2023 is besloten dat het gemeente- en provinciefonds vanaf 2027 geïndexeerd worden op basis van de ontwikkeling van het bruto binnenlands product. Uitgangspunt is dat de fondsen (gemeente- en provinciefonds) meerjarig de ontwikkeling van het nominaal bbp volgen. De volumeontwikkeling van de fondsen wordt gebaseerd op een historisch gemiddelde van de ontwikkeling van het bbp, waardoor de fondsen minder schommelen.

Extra prijsbijstelling Vanwege de uitzonderlijke stijging van de prijzen sinds het uitkeren van de prijsbijstelling voor het jaar 2022 met de meicirculaire, wijkt het kabinet eenmalig af van de reguliere systematiek. Bij de Voorjaarsnota 2023 en dus de Meicirculaire 2023 heeft het kabinet nu een extra prijsbijstelling uitgekeerd die terugkijkt naar het jaar 2022. Dit extra accres wordt dan gebaseerd op de desbetreffende indices voor prijsontwikkelingen voor het jaar 2022 van het Centraal Economisch Plan 2023. BTW-compensatie Gemeenten mogen de BTW die ze betalen declareren bij het BTW-compensatiefonds. Sinds een aantal jaren kent dit fonds een maximum. Declareren de gemeenten meer BTW dan er in het fonds beschikbaar is, dan wordt dit verrekend met de Algemene Uitkering. Wordt er minder gedeclareerd, dan wordt er een bedrag toegevoegd aan de Algemene Uitkering. In deze circulaire slechts een kleine bijstelling op 2023. WOZ Landelijk blijkt dat de WOZ-waarden behoorlijk zijn gestegen. Dat betekent in de basis dat gemeenten meer in staat zijn om via de heffing van onroerendzaakbelasting hogere eigen inkomsten te genereren. Het Rijk heeft de rekentarieven aangepast wat leidt tot een voordeel. Financieringssystematiek Bij de septembercirculaire 2022 is aanvullend eenmalig € 1 miljard voor gemeenten beschikbaar gesteld voor 2026, vooruitlopend op de nieuwe financieringssystematiek.

Dit bedrag komt vanaf 2027

structureel beschikbaar. Deze extra middelen verzachten het effect van het aangekondigde ravijn jaar enigszins. Nadere informatie over de uitwerking van het ravijnjaar ontbreekt op dit moment, zodra daar meer over bekend wordt u daarover geïnformeerd. Bovengenoemde onderwerpen leiden tot de volgende mutaties: (bedragen x €1.000) 2023 2024 2025 Accres en maatstaven € -110 € 2.707 € 2.813 Plafond btwcompensatiefonds Bijstelling WOZ-waarden

2026 € 2.499

€ -4 € 369

€ 94 € -353

€ -460

€ -451

Financieringssystematiek Totaal

2027 € 2.455

€ -441 € 1.139

€ 255

€ 2.354

€ 2.353

€ 2.048

€ 3.246

Taakmutaties In de meicirculaire worden taakmutaties in beleidsuitvoering of -intensivering financieel vertaald, voor deze circulaire zijn dat op hoofdlijnen de volgende: -

-

-

-

-

Het Rijk en de VNG hebben 18 april dit jaar een financieel principeakkoord bereikt voor de hervormingsagenda Jeugd. In de meicirculaire 2023 wordt voor jeugdzorg, onder voorbehoud van omzetting naar een definitief akkoord op de Hervormingsagenda, voor 2024 € 1.454 miljoen en voor 2025 € 954 miljoen beschikbaar gesteld. In deze raadsinformatiebrief is de vertaling voor Dongen opgenomen; Het kabinet stelt in totaal incidenteel € 200 miljoen voor de jaren 2022 tot en met 2024 beschikbaar om een stapeling van sociale en maatschappelijke problemen als gevolg van de hoge inflatie te voorkomen Van dit bedrag wordt in 2023 in totaal € 50 miljoen via het gemeentefonds aan gemeenten beschikbaar gesteld voor de verwachte extra inzet die nodig zal zijn op het gebied van vroegsignalering en om gemeenten tegemoet te komen in het verwachte extra beroep op bijzondere bijstand; Voor de Aanpak Geldzorgen, Armoede en Schulden, die in juli 2022 aan de Tweede Kamer is gepresenteerd, heeft het kabinet in 2023 in totaal € 118 miljoen beschikbaar gesteld. Van deze middelen wordt € 40 miljoen via het gemeentefonds aan gemeenten beschikbaar gesteld als investering in betere dienstverlening door gemeenten op het gebied van armoede en schulden.

Gemeenten kunnen deze middelen inzetten om aan de slag te gaan met de prioriteiten van de Aanpak geldzorgen, armoede en schulden, zoals het verdubbelen van het gebruik van de schuldhulpverlening en het tegengaan van kinderarmoede; Het kabinet stelt structureel extra middelen (€ 110 miljoen) beschikbaar aan gemeenten samenhangend met het Integraal Zorgakkoord, ter compensatie van gemeenten voor gestegen kosten als gevolg van de invoering van het abonnementstarief Wmo; Het abonnementstarief in de Wmo 2015 wordt afgeschaft en in plaats daarvan wordt de inkomensafhankelijke eigen bijdrage in de Wmo 2015 heringevoerd (geraamde opbrengst € 225 miljoen vanaf 2026). Daarbij is het uitgangspunt dat zoveel mogelijk wordt aangesloten bij de vormgeving zoals die voorheen was met oog voor inkomenseffecten en het beroep dat wordt gedaan op de Wmo; Loon- en prijsstijging: extra middelen toegevoegd voor de domeinen Participatie, Voogdij 18+/Participatie;

Het is belangrijk te vermelden dat met het overbrengen van gelden voor nieuwe of uitbreiding van bestaande taken het Rijk verwacht dat we deze middelen ook alloceren in de gemeentelijke begroting. Dit betekent concreet dat een hogere algemene uitkering aan de batenkant ook leidt tot een verhoging van budgetten aan de lastenkant. Bij het opstellen van de bestuursrapportages monitoren we (het effect van) de inzet van deze middelen.

De ontwikkeling van de taakmutaties ziet er als volgt uit: (bedragen x €1.000) 2023 2024 Jeugdzorg € 1.657

2025 € 1.006

2026

2027

€ 130

€ 124

€ 122

€ 118

€ 113

€ 110

€ -262

€ -257

€ 54

€ 50

Flankerend beleid energiearmoede Dienstverlening aanpak armoede en schulden Integraal zorgakkoord (WMO abonnementstarief) Terugdraaien eigen bijdrage huishoudelijke hulp WMO Herinvoering eigen bijdrage WMO Participatie

€ 47

€ 76

€ 62

€ 59

Loon- en prijsstijgingen

€ 33

€ 173

€ 132

Diverse kleine mutaties

€ -15

€8

€9

€7

€6

Totaal taakmutaties

€ 178

€ 1.900

€ 1.454

€ 36

€ 32

€ 37

Bovenstaande taakmutaties zijn in deze raadsinformatiebrief vooralsnog enkel aan de batenkant vertaald. De vertaling van de lasten gebeurt bij Berap 2023-2 en de Begroting 2024-2027. Er wordt door het Rijk ook verwacht dat gemeenten geld uitgeven aan extra verkregen middelen via de taakmutaties. Het totale effect van de meicirculaire bedraagt daarmee: (bedragen x €1.000) 2023 2024 Ontwikkeling accres en € 255 € 2.354 maatstaven Ontwikkeling taakmutaties € 178 € 1.900 Ontwikkeling decentralisatie- en integratie-uitkeringen Totaal mutatie meicirculaire

2025 € 2.353

2026 € 2.048

2027 € 3.246

€ 1.454

€ 36

€ 32

€ -53

€ -115

€ -115

€ -115

€-115

€ 380

€ 4.139

€ 3.692

€ 1.969

€ 3.163

Vervolg De effecten van deze meicirculaire zullen voor het jaar 2023 worden meegenomen in boek 2023-2. Meerjarig worden de effecten meegenomen bij het opstellen van de Programmabegroting 2024-2027. Voor de juiste oordeelsvorming over de hier gepresenteerde cijfers wijzen wij u tot slot nog op het volgende. Hoewel de extra baten als gevolg van deze circulaire fors ogen, hebben we hier – zoals eerder gemeld – in de begroting 2023-2026 al een voorschot op genomen door een aantal stelposten te verwerken vanuit de veronderstelling dat er nog extra middelen vanuit het rijk zouden gaan volgen. Zo was voor de Jeugdzorg reeds rekening gehouden met middelen die hoger zijn dan de middelen die nu definitief zijn toegekend. Feitelijk zorgt dit voor een nadeel voor de begroting. Concreet betekent dit dat het resultaat van deze circulaire niet een op een vertaald kan worden naar het begrotingssaldo. Bij de opmaak van de begroting 2024 zullen de opgenomen stelposten uit de begroting 2023-2026 worden geactualiseerd met de mutaties uit de meicirculaire 2023. Hieruit volgt een geactualiseerd meerjarenperspectief zoals u van ons gewend bent. Wij hopen u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Met vriendelijke groet, Burgemeester en wethouders van Dongen, De secretaris,

De burgemeester,

Mr. H.L.M. van Noort

Drs. M.C. Starmans-Gelijns

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12890566/1