CConstaterende datDongen
Koppel je AI →
Document · PDF

RIB 24 - 47 Bijlage 4 Toelichting gebiedsprofielen - 10012024 - In.Fact.Research

Besluitvormende raadsvergadering 19 september 2024, gemeente DongenBij agendapunt: Raadsinformatiebrieven - ter informatie758 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

TOELICHTING GEBIEDSPROFIELEN 10-01-2024

Inleiding In.Fact.Research heeft eerder de onderzoeken ‘Woningmarktonderzoek Hart van Brabant’ (december 2022) en ‘Woningmarktonderzoek Subregio Breda’ (januari 2023) opgeleverd. Mede op basis van de nieuwe provinciale prognose 2023 is de toekomstverkenning in de beide regio’s geactualiseerd (in de bijlage Update toekomstverkenning, in concept gereed december 2023). In de rapportages en de update wordt een beeld gegeven van de (verwachte) ontwikkelingen op de woningmarkt in de SRBT en twee woningmarktregio’s. De documenten bieden een goede basis voor het gemeentelijk beleid en de regionale afstemming . Het beleid op gemeentelijk en regionaal niveau zal uiteindelijk – via concrete projecten – zijn weg moeten vinden naar wijken, buurten en kernen in de gemeenten. Het is op dit lagere schaalniveau – dat van de wijken en kernen – waar het beleid moet resulteren in een goed woon- en leefklimaat voor de inwoners. Voor de gebiedsgerichte uitwerking van het beleid is uniforme informatie op dit lagere schaalniveau gewenst. Vandaar dat een aantal gemeenten en corporaties opdracht hebben verleend tot het opstellen van wijk- en kernprofielen. Hierbij zijn de belangrijkste uitkomsten uit de regionale rapportages en de update vertaald naar het niveau van de wijken en buurten. In deze notitie staan we eerst stil bij de gehanteerde methode.

Daarna wordt de inhoud van de wijk- en kernprofielen kort toegelicht.

Methodiek Voor het opstellen van de wijk- en kernprofielen is net als voor de regionale rapportages gebruik gemaakt van het LC-model van In.Fact.Research. Dit model is verrijkt met data van het CBS en informatie over het corporatiebezit in de kernen en wijken (in 2022, aansluitend op de regionale rapportages). Voor wat betreft de verwachte demografische ontwikkelingen is op het niveau van de gemeenten aangesloten op de nieuwe provinciale prognose 2023.1 De uitkomsten van de provinciale prognose zijn vervolgens door In.Fact.Research vertaald naar het niveau van de wijken en kernen. Daarvoor heeft In.Fact.Research demografische prognoses opgesteld voor de wijken en kernen, op basis van het micro-prognosemodel. De micro-prognoses zijn gebaseerd op de huidige bevolkingssamenstelling

1

Daarnaast is net als in de regionale rapportages en de update uitgegaan van een koopkrachtgroei van gemiddeld 0,3% per jaar voor de periode 2022 t/m 2030 en van gemiddeld 0,4% per jaar voor de periode 2030 tot 2040.

Pagina 1 van 3

en trends uit het verleden. Hierbij wordt geen rekening houden met de plancapaciteit / de locaties waar in de toekomst gebouwd gaat worden. Het doortrekken van trends is de meest heldere aanname. De prognoses bieden houvast voor beleid en gesprekken met bijvoorbeeld dorpsraden, maar ze leveren geen blauwdruk voor de toekomst. De uitkomsten van de kernprognoses op basis van het micro-prognosemodel zijn kloppend gemaakt aan de gemeentelijke totalen op basis van de nieuwe provinciale prognose 2023.

Inhoud Voor de wijk- en kernprofielen zijn tabellen opgesteld met de omvang, samenstelling en ontwikkeling van het aantal huishoudens en de toekomstige woningbehoefte. Daarbij is aangesloten op de uitgangspunten en definities in de regionale rapportages. De wijk- en kernprofielen bestaan uit twee sets van tabellen: 1. Een set die inzicht biedt in de demografische opbouw in 2022 en de ontwikkeling van de huishoudens tot 2030 en 2040. Deze set bevat de omvang en samenstelling van de huishoudens naar: a.

Leeftijdsklasse;

b. Huishoudenstype; c.

Inkomensklasse.

2. Een set die inzicht biedt in de samenstelling van de bewoonde woningvoorraad in 2022 en de toekomstige woningbehoefte tot 2030 en 2040 naar: a.

Woningtype;

b. Eigendom; c.

Combinatie van type en eigendom;

d. Huurprijs huurwoningen; e.

Verkoopwaarde koopwoningen;

Bij de raming van de woningbehoefte is net als in de regionale rapportage s uitgegaan van constante woonpatronen. Voor een toelichting op deze aanname wordt dan ook verwezen naar de regionale rapportages. In de tabellen staan de huishoudens en hun woonsituatie centraal (bewoonde woningvoorraad). De totale woningvoorraad is vaak iets groter, omdat een klein deel vanwege (frictie)leegstand (tijdelijk) niet wordt bewoond. Een deel van de huishoudens woont niet in de reguliere woningvoorraad, maar in onzelfstandige wooneenheden, in studentenkamers, op recreatieparken, of zijn inwonend bij een ander huishouden. Het verschil tussen het totaal aantal huishoudens en de bewoonde woningvoorraad bestaat uit deze onzelfstandig wonende huishoudens.

Pagina 2 van 3

Om schijnzekerheid te voorkomen zijn de getallen in de tabellen afgerond op vijftallen. Door deze afronding kan het voorkomen dat de optelsom van de afgeronde aantallen niet exact klopt. Een voorbeeld: indien er in een tabel twee keer een waarde 7 staat, worden beide waarden afgerond tot 5. De optelsom van beide waarden (14) wordt echter afgrond op 15.

Pagina 3 van 3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14379278/1