RBT Woondeal
Tekst van het document
SRBT-woondeal 2022-2030 9 maart 2023
Regionale woondeal SRBT / Inhoudsopgave
12
Inhoudsopgave Aanleiding
2
Leeswijzer
6
1
Woningbouwopgave
7
1.1
Benodigde groei woningvoorraad SRBT-regio
1.2 1.3 2
3
4 5
Kwalitatieve opgave
22
4.1
22
Woonopgave aandachtsgroepen
Herstructurering, transformatie en verduurzaming
25
7
5.1
Herstructurering en transformatie
25
Totale plancapaciteit binnen de SRBT-regio
8
5.2
Duurzame en toekomstbestendige bouw
26
Harde plancapaciteit
9
6
Samenwerking, monitoring en sturing
28
6.1
Monitoring en bespreken voortgang
28
Kritische succesfactoren en ondersteuning
29
Versnellen woningbouw
10
2.1
De weg naar versnelling
12
2.2
Versnelling bij sleutelgebieden
12
7.1
Kritische succesfactoren
29
2.3
Versnelling op sleutellocaties
13
7.2
Ondersteuning bij de woningbouwopgave
32
2.4
Versnelling op kansrijke locaties
15
Definities en afkortingen
33
2.5
Versnelling door flexwoningen
16
Bijlagen
36
2.6
Versnelling door kleinschalige locaties
17
Bijlage 1 Bestuurlijke afspraken Rijk - provincie Noord-Brabant
37
2.7
Versnelling door samenwerking
17
Bijlage 2 Generieke ondersteuning woningbouw
42
Betaalbaarheid
19
Bijlage 3 Monitoring en bespreking voortgang
43
3.1
Betaalbare huur- en koopwoningen
19
3.2
Evenwichtige verdeling
20
7
Regionale woondeal SRBT / Aanleiding
Aanleiding In het eerste kwartaal van 2022 heeft het Rijk de Nationale Woon- en Bouwagenda uitgebracht, met als kerndoelen: beschikbaarheid, betaalbaarheid en kwaliteit. Hierin stelt het Rijk dat er regionale woondeals moeten komen. In het voorjaar van 2022 heeft het Rijk aan de provincies gevraagd een Woonbod op te stellen om tot provinciale woningbouwafspraken te komen, die vertaald worden in regionale woondeals. Alle provincies hebben in het Woonbod het aantal te realiseren woningen in de periode tot en met 2030 aangegeven en de bijbehorende randvoorwaarden. Zo ook de provincie Noord-Brabant. In de bijlage leest u de bestuurlijke afspraken tussen het Rijk en de provincie Noord-Brabant.
2
Regionale woondeal SRBT / Aanleiding
Woondeal SRBT-regio
Goed leven in deze regio
De provincie Noord-Brabant heeft met de minister een handtekening gezet onder een totaal van 130.600 woningen in de periode t/m 2030. Hiervan moeten ruim 39.000 (netto) woningen worden gerealiseerd in de SRBT-regio1. Deze opgave is gebaseerd op de taakstelling van het Rijk, waarbij een uitsplitsing is gemaakt op basis van de (provinciale) bevolkingsprognose. De provincie werkt vanuit de concept Verstedelijkingsstrategie Brabant 2040. Het Woonbod is binnen de kaders van deze strategie vertaald naar deze regionale woondeal voor de gemeenten in de SRBT. De provincie, de gemeenten binnen de SRBT, de woningcorporaties en de minister maken in deze regionale woondeal wederkerige afspraken. De kwalitatieve (betaalbaarheidsdoelstelling) en kwantitatieve woningbouwopgave, die wordt vastgelegd in deze regionale woondeal, telt samen met deals in andere regio’s op tot de provinciale woningbouwopgave. De provincie Noord-Brabant bestaat uit vier woonregio’s. Voor u ligt de Woondeal SRBT-regio. We zetten daarmee een nieuwe en bredere samenwerking in om snel meer (betaalbare) woningen aan onze regio toe te voegen. We zien het als een gezamenlijke inspanning hieraan ieder onze bijdrage te leveren.
Als onderdeel van Stedelijk Brabant is de SRBT één van de regio’s met de hoogste verstedelijkingsdruk. De spoorzones Breda/ Tilburg en binnen SRBT de Kennisas-ontwikkeling in Tilburg en CrossMark in Breda horen bij de vijftien grootschalige ontwikkellocaties die in de NOVI zijn benoemd. De SRBT is zowel op de Oost-West-As, maar ook de Noord-Zuid-As een belangrijk knooppunt voor diverse economische activiteiten met de internationale OV-stations. Daardoor is er een kwalitatief hoogwaardig vestigingsklimaat ontstaan voor nationaal en internationaal opererende bedrijven en leisure. Naast die meer externe en naar buiten gerichte oriëntatie van onze regio, is er ook de eigen dynamiek en inrichting. Het vormt één regio waarin men woont, werkt, recreëert of anders gesteld: goed leeft.
Kenmerken Stedelijke regio Breda – Tilburg • • • • • • •
• •
•
1 miljoen inwoners op 40 x 40 km 1 provincie, 2 subregio’s, 4 waterschappen, 19 gemeenten 1 universiteit, 3 hogescholen, diverse ROC’s 2 topziekenhuizen Internationaal verbonden via zeehaven Moerdijk, HSL-spoornetwerk en weg Veel MKB in Maakindustrie en Logistiek (6e economie van NL) Uniek profiel van brede kennis en toepassing op raakvlak technologie & maatschappij Aantrekkelijk gevarieerd landschap op de overgang van zand naar klei Nationale parken (NLDelta, Biesbosch, Loonse en Drunense Duinen, Van Gogh i.o.) Recreatie, leisure en erfgoed (Efteling, Beekse Bergen, Zuiderwaterlinie)
3
Drimmelen
West
Geertruidenberg
Heusden
Waalwijk
Moerdijk
Loon op Zand
Oosterhout
Noordoost
Dongen
Etten-Leur
Breda
Regionale woondeal SRBT / Aanleiding
4
Tilburg
Gilze en Rijen
Oisterwijk
Ontwikkelstrategie en NOVEX Het realiseren van de in deze woondeal opgenomen woningen gaat samen met verschillende andere grote ruimtelijke opgaven als klimaat, landbouw, economie, natuur en energie. Naast de Woondeal is er ook de Ontwikkelstrategie voor de SRBT-regio in voorbereiding met het Brabants Mozaïek als basis. Daarin zetten we als SRBT-regio in op een hoogwaardige, integrale en duurzame ontwikkeling, waarin ruimte is voor uitbreiding van wonen en werken, maar waarbij water, groen en natuur eveneens verder worden ontwikkeld. Met het programma NOVEX wordt deze brede ruimtelijke puzzel de komende maanden opgepakt. Het is in eerste aanleg aan de provincies om deze – soms lastige – puzzel te leggen. De woningbouwaantallen, die bestuurlijk afgesproken zijn in deze woondeal, zijn de minimale taakstelling in deze ruimtelijke puzzel.
Alphen-Chaam
Zundert Het water- en bodemsysteem wordt leidend bij gebiedsontwikkeling en locatiekeuze. Hiertoe BaarleNassau worden waterschappen vroegtijdig in het planvormingsproces betrokken. Het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat werkt verdere richtinggevende uitspraken en randvoorwaarden uit in het programma ‘Water en Bodem Sturend’.
Goirle
De realisatie van nieuwe woningen moet hand-inhand gaan metZuidoost klimaatadaptatie, energietransitie, mobiliteitstransitie, gezondheid en brede welvaart. In de Verstedelijkingsstrategie Brabant en de Ontwikkelstrategie SRBT worden hiervoor een aantal verstedelijkingsprincipes voor 2040 opgenomen.
Hilvarenbeek
Altena
Drimmelen
Geertruidenberg
Moerdijk
Kopgroep gemeenten SRBT West Etten-Leur
Moerdijk
Loon op Zand
Oosterhout
Altena
Breda
Tilburg
Gilze en Rijen
Oisterwijk
Geertruidenberg
Waalwijk
Alphen-Chaam Oosterhout
Zundert
Goirle Loon op Zand
Dongen
Etten-Leur
Noordoost
Dongen
Drimmelen
West
Heusden
Waalwijk
Breda
BaarleNassau Gilze en Rijen
Heusden
Noordoost
Hilvarenbeek
Zuidoost
Tilburg Oisterwijk
Zundert
Alphen-Chaam
Goirle Hilvarenbeek
BaarleNassau
Zuidoost
Subregio Breda eo Subregio Hart van Brabant Woondeal West/ Noordoost
Woondeal SRBT regio
Regionale woondeal SRBT / Aanleiding
Wederzijdse inspanning
Vervolg
De Woondeal betreft een wederzijdse inspanning. De partners in deze woondeal spannen zich in om samen met marktpartijen in de regio voldoende woningen te bouwen. Hiervoor is ondersteuning gewenst van het Rijk en de provincie NoordBrabant bij het oplossen van knelpunten. De afgesproken prestaties en inspanningen zijn realistisch, wanneer aan de kritische succesfactoren kan worden voldaan.
De ondertekening van deze Woondeal is de start van een langjarige samenwerking en gezamenlijke inspanning om te komen tot uitwerking en realisatie van de afspraken die we maken. Het gezamenlijk gesprek over de opgave en wat nodig is voor realisatie zullen we de komende jaren met elkaar blijven voeren.
Met name de financiering van de woningbouwambities verdient aandacht. Hiervoor is naast inzet van corporaties en gemeenten ook ondersteuning vanuit het Rijk en de provincie nodig. De SRBT-regio ziet investeringen als randvoorwaardelijk voor het slagen van de gehele ambitie. De partners in de woondeal blijven daarom graag in gesprek over structurele en voldoende financiering van de gezamenlijke woningbouwopgave.
1 De Stedelijke Regio Breda – Tilburg (SRBT) is de regionale samenwerking tussen de gemeenten Alphen Chaam, Altena, Baarle Nassau, Breda, Dongen, Drimmelen, Etten-Leur, Geertruidenberg, Gilze en Rijen, Goirle, Heusden, Hilvarenbeek, Loon op Zand, Moerdijk, Oosterhout, Oisterwijk, Tilburg, Waalwijk en Zundert, de Waterschappen Brabantse Delta, Dommel, Aa en Maas, Rivierenland en de Provincie Noord-Brabant. De Woondeal regio SRBT heeft betrekking op de gemeenten Alphen Chaam, Altena, Baarle Nassau, Breda, Dongen, Drimmelen, Etten-Leur, Geertruidenberg, Gilze en Rijen, Goirle, Heusden, Hilvarenbeek, Loon op Zand, Oosterhout, Oisterwijk, Tilburg, Waalwijk en Zundert. De gemeente Moerdijk is voor de Woondeal onderdeel van West Brabant West.
5
Leeswijzer De SRBT-Woondeal bevat afspraken over onderwerpen en thema’s, die van belang zijn voor de gehele regio. We starten met afspraken over de woningbouwopgave in de regio (hoofdstuk 1), versnelling in sleutelgebieden, op de sleutellocaties en door flexwonen (hoofdstuk 2). We maken afspraken over het vergroten van het betaalbaar woningaanbod (hoofdstuk 3). Daarna volgen kwalitatieve afspraken over de opgave voor aandachtsgroepen (hoofdstuk 4). En over de opgave, die samenhangt met herstructurering, transformatie en verduurzaming (hoofdstuk 5). Tot slot gaan we in op de samenwerking, monitoring en sturing (hoofdstuk 6). En op de kritische succesfactoren, die van belang zijn voor het kunnen verwezenlijken van onze ambities (hoofdstuk 7).
Regionale woondeal SRBT / Leeswijzer
1
Woningbouwopgave
In heel Nederland zijn tot en met 2030 in totaal 900.000 woningen nodig. Circa 130.000 van deze woningen (120.000 netto2) moeten worden gerealiseerd in de provincie Noord-Brabant. Het versnellen van de productie alleen is niet voldoende. We zien voldoende en passende woningbouw als een gezamenlijke opgave voor deze regio. Zo willen we een antwoord geven op de mismatch tussen vraag en aanbod in de huidige woningvoorraad. Hiervoor is het noodzakelijk om de komende jaren het bouwtempo te verhogen en sneller en meer passende woningen bij te bouwen. Deze opgave draagt, wanneer goed uitgewerkt, bij aan versterking van onze regio. En dient als hefboom voor opgaven als sociale stijging, het verduurzamen en klimaatrobuust maken van de woningvoorraad.
2
1.1 Benodigde groei woningvoorraad SRBT-regio We zetten ons in voor de realisatie van ten minste onderstaande opgave:
JAAR
SRBT-REGIO NETTO
SRBT-REGIO BRUTO
HART VAN BRABANT NETTO
HART VAN BRABANT BRUTO
SUBREGIO BREDA EO NETTO
SUBREGIO BREDA EO BRUTO
Totaal
39.210
42.905
22.145
24.255
17.090
18.650
2021
4.145
4.545
2.200
2.410
1.945
2.135
2022
5.025
5.470
2.695
2.945
2.330
2.525
2023
2.885
3.330
1.270
1.520
1.615
1.810
2024
4.720
5.125
2.760
2.995
1.960
2.130
2025
4.645
5.045
2.655
2.885
1.990
2.160
2026
4.605
5.005
2.640
2.870
1.965
2.135
2027
4.485
4.885
2.575
2.805
1.910
2.080
2028
4.400
4.805
2.520
2.750
1.880
2.055
2029
4.235
4.640
2.420
2.650
1.815
1.990
2030
4.235
4.600
2.610
2.835
1.625
1.765
Tabel Regionale en gemeentelijke opgave*
De nieuwbouwopgave is bruto groter dan de netto. Dit omdat er ook sprake is van sloop of op andere wijze onttrekken van woonruimte.
77 7 7
Regionale woondeal SRBT / Leeswijzer
Versnelling woningbouw minimale opgave woondeal SRBT
16885
Periode 2022-2026
22325
Periode 2022-2026
Deze opgave is gebaseerd op de provinciale prognoses en de afspraken met het Rijk. In de figuur hiernaast is de minimale, benodigde groei in deze SRBT-regio te zien voor 2026 en tussen 2027-2030. Voorlopige, minimale opgave per gemeente Elke gemeente neemt een aandeel van de regionale opgave van in totaal 39.210 woningen (netto) c.q. 42.905 woningen (bruto/ excl. sloop). We maken afspraken over de lokale minimale opgave per gemeente.
3 4
NETTO MINIMALE OPGAVE PER GEMEENTE
2022 T/M 2026
Alphen-Chaam
195
Altena
1.270
Baarle-Nassau
95
Breda
5.251
Drimmelen
601
Etten-Leur
1.118
Geertruidenberg
400
Oosterhout
915
Zundert
310
Dongen
681
Gilze en Rijen
832
Goirle
615
Hilvarenbeek
435
Loon op Zand
659
Oisterwijk
565
Tilburg
8.055
Waalwijk
1.180
Tabel 2 Provinciale doorberekening voorlopige, minimale gemeentelijke opgave realisatie3
Bron: provinciale matrix, doorrekening provincie en verleende bouwvergunningen, gekoppeld aan % vanuit minimale afspraak vanuit het rijk) Bron: Regionale Investerings Agenda’s (potentieel planaanbod circa 170%).
88 8 8
Daarnaast zijn er aanvullende lokale en/ of regionale opgaven, die per gemeente kunnen verschillen. Denk hierbij aan afspraken in het kader van de spreiding van aandachtsgroepen door het vergroten en kwalitatief verbeteren van het geschikt aanbod in de regio. Maar ook de gezamenlijke wens maximaal bij te dragen aan de provinciale woningbouwopgave. We werken afspraken in 2023 verder uit op basis van de regionaal uitgevoerde woningmarktonderzoeken, de provinciale woningbouwprognose 2023 en regionale afsprakenkaders t.a.v. wonen en zorg. 1.2 Totale plancapaciteit binnen de SRBT-regio De totale plancapaciteit voor de periode 20222030 in de regio bedraagt 47.000 woningen (per 1-10-2022), waarvan ‘hard’ 18.555 woningen (vastgesteld of onherroepelijk bestemmingsplan). Het streven is om ten minste 130% plancapaciteit over de totale bouwopgave te hebben. Kwantitatief wordt hieraan nog niet voldaan voor de regio als geheel. Er zijn voor circa 110% van de benodigde woningen plannen beschikbaar. Er zijn wel voldoende mogelijke locaties, die nog versneld kunnen worden.4
Regionale woondeal SRBT / Leeswijzer
1.3 Harde plancapaciteit Om onze woningbouwopgave te kunnen realiseren, moeten we beschikken over voldoende harde plancapaciteit, met name voor steeds de eerstvolgende 3-jaarsperiode. Gemeenten zorgen ervoor dat ‘zachte’ woningbouwplannen worden omgezet in ‘harde’ plannen, met daarbij specifieke aandacht voor het opharden van de plannen tot en met 2026. We accepteren dat het voor een aantal `harde’ projecten, die de komende jaren worden gerealiseerd, ondanks de inspanningsverplichting niet meer mogelijk is om het programma om te buigen naar 30% sociale huur, 40% betaalbare huur en koop en 30% vrije sector (zie hoofdstuk 3). Voor deze projecten focussen we op een snelle realisatie.
We hebben op dit moment tot 2030 een harde planvoorraad van 18.555 woningen, uitgaande van vastgestelde/ onherroepelijke bestemmingsplannen. De opgave 2022 tot en met 2026 bedraagt 22.325 woningen. Het is dus nog nodig om plannen voor 3.770 woningen op te harden. Omdat er genoeg plancapaciteit in verkenning en voorbereiding is, verwachten we dat daarmee de minimumbouwgave in de regio als geheel haalbaar is. We voeren met elkaar het kritische gesprek op het moment dat gemeenten achterblijven in het opharden van plancapaciteit. Alle gemeenten zorgen voor het doorlopen van alle benodigde ruimtelijke procedures en tijdig afgeven van de vergunningen van woningbouwprojecten. Daarbij maken gemeenten gebruik van beschikbare instrumenten om start bouw waar mogelijk te kunnen sturen. Corporaties en/ of marktpartijen zijn verantwoordelijk voor start bouw. De partners in deze woondeal zetten in op dialoog en samenwerking om start bouw te stimuleren.
99 9 9
Regionale woondeal SRBT / Leeswijzer
Afspraken woningbouwopgave 1. Elke gemeente neemt een aandeel van de regionale woningbouwopgave van in totaal 39.210 woningen (netto) c.q. 42.905 woningen (bruto). De voorlopige, minimale opgave voor de periode 2022 t/m 2026 is per gemeente opgenomen in tabel 2. 2. Gemeenten werken deze afspraak in 2023 uiterlijk begin 4e kwartaal op het niveau van de SRBT verder uit in een opgave per gemeente per jaar op basis van de resultaten van de woningmarktonderzoeken, de provinciale woningbouwprognose 2023 en regionale afsprakenkaders t.a.v. £ wonen en zorg. Zij trekken hierin samen met corporaties op. 3. De regio houdt als totaal een (zachte en harde) planvoorraad aan van ten minste 130%. 4. Alle gemeenten zorgen voor voldoende harde plancapaciteit voor de eerstvolgende drie jaar om de woningbouwopgave te kunnen realiseren. We monitoren steeds op dat er voor de eerstvolgende drie jaar 100% harde plancapaciteit beschikbaar is als SRBT-regio. 5. We voeren met elkaar het kritische gesprek op het moment dat gemeenten achterblijven in het opharden van plancapaciteit. 6. Alle gemeenten zorgen voor het doorlopen van alle benodigde ruimtelijke procedures en verlenen van vergunningen voor woningbouwprojecten. Corporaties en/ of marktpartijen zijn verantwoordelijk voor start bouw. De partners in deze woondeal zetten in op dialoog en samenwerking om start bouw te stimuleren. 7.
Reeds harde plannen (bij ondertekening woondeal) worden zo snel mogelijk gerealiseerd. 8. Kritische succesfactoren (H6) zijn bij deze afspraken randvoorwaardelijk.
2
10
Versnellen woningbouw
Als SRBT-regio zijn we hard aan de slag met (de versnelling van) woningbouw. We zien de realisatie van woningen als hefboom en oplossing voor meer en bredere maatschappelijke opgaven in deze regio. We werken en denken bij voorkeur integraal met als doel een hoogwaardig Brabants Mozaïek met volle kleuren.We werken hierin als SRBT-regio samen vanuit de opgaven, die we zien in de volgende woonmilieus: 1. Hoogstedelijke / stedelijke milieus A. Hoogstedelijke milieus rondom OV-knopen (wonen, werken en leven) in Breda en Tilburg: Spoorzones, Kennisas Tilburg, ’t Zoet Breda, binnensteden Breda en Tilburg B. OV-knopen in centra van Oosterhout, Waalwijk en Werkendam C. Stationsgebieden Tilburg Reeshof, Gilze-Rijen, Etten-Leur, Zevenbergen en Oisterwijk, D. Stedelijke kernen; Berkel-Enschot, Dongen, Goirle, Bavel, Ulvenhout, Prinsenbeek, Terheijden, Oisterwijk
Regionale woondeal SRBT / Leeswijzer
2. Dorpenstrategie Inzet op behoud en versterking van vitaliteit (leefkwaliteit en voorzieningenniveau) in de dorpen mede ten behoeve van maatschappelijke opgaven in de regio. Dit betreft Loon op Zand, Alphen-Chaam, Baarle-Nassau, Geertruidenberg, Zundert, Hilvarenbeek, Drimmelen (behalve Terheijden), Altena (behalve Werkendam), Gilze 3. Revitalisering van naoorlogse wijken en buurten in de hele regio (verdeeld over stedelijke en dorpse kernen). Zie ook dynamische figuur van de SRBTwoondealregio, waarin dit op hoofdlijnen geografisch is weergegeven. De nadere ruimtelijke positionering en kleuring van gebieden wordt nader uitgewerkt in de verstedelijkingsstrategie Brabant en de ontwikkelstrategie SRBT. Wonen is een van de pijlers bij de integrale afweging of een nieuwe locatie wenselijk is. Vanuit Wonen wordt bepaald voor wie we bouwen (welke doelgroep) en wat we bouwen (type, programma).
Zowel voor de kortere als lange termijn beschouwen we zorgvuldig wat nodig is binnen de SRBT-regio. Bij de ontwikkeling van nieuwe locaties zijn gemeenten primair zelf verantwoordelijk om integraal af te wegen hoe een ontwikkeling bijdraagt aan de lokale en regionale opgave. link tussen de SRBT-woondeal en de toekomstige ontwikkelstrategie
Opgaven binnen de SRBT-regio met sleutelgebieden en –locaties (verbeelding in concept)
11
Regionale woondeal SRBT / Leeswijzer
2.1 De weg naar versnelling Om versneld woningbouw te realiseren in deze regio, werken we aan de versnelling van de totstandkoming van nieuwbouwplannen. Daarbij zetten we vol in op het realiseren van: 1. 2. 3. 4. 5.
Sleutelgebieden Sleutel locaties Kansrijke locaties Flexwoningen Kleinschalige woningbouwlocaties
We zetten de (versnelde) realisatie van reeds ver gevorderde en minder complexe plannen in onze bouwstroom tot 2030 door. 2.2 Versnelling bij sleutelgebieden In het kader van de woningbouwversnelling zijn door de gemeenten in de regio locaties aangewezen als sleutelgebieden. Het gaat hier om grootschalige locaties/ gebiedsontwikkelingen, waar meerdere projecten worden gerealiseerd die bijdragen aan onze regionale opgaven. De volgende criteria zijn geformuleerd om sleutelgebieden te definiëren: 1. Plannen leveren substantiële bijdrage aan de regionale en lokale woningbouwopgave;
2. Plannen dragen bij aan doelstelling van 2/3 betaalbaar en 30% sociaal in de nieuwbouw. 3. Plannen dragen zoveel als mogelijk bij aan: Versterking van vitaliteit (leefkwaliteit en voorzieningenniveau) Wegnemen van mismatch vraag en aanbod door toevoeging noodzakelijk type woningen 4. Plannen dragen zoveel mogelijk bij als hefboom bij aan de integrale ontwikkelprincipes van de verstedelijkingsstrategie, namelijk: Bodem en watersysteem als basis voor de verstedelijking Landschap en natuur groeien mee met verstedelijking Nieuwe woningen versterken bestaande stad en dorp. Mobiliteitstransitie maatwerk voor stad en dorp Kwalitatieve werkgebieden als randvoorwaarde voor een circulaire economie 5. Het betreft harde of zachte plannen met grootschalige woningbouwlocaties, waarbij de gebiedsontwikkeling een langere periode beslaat (waarvan minimaal deels voor 2030) 6. Het betreft plannen waarbij subsidies zijn toegewezen door de provincie of de rijksoverheid en/of waarover samenwerkingsafspraken worden gemaakt. Tijdelijke locaties worden separaat benoemd en maken hier dus geen onderdeel van uit.
12
In beginsel betreft het de volgende sleutelgebieden5, bij ondertekening woondeal: SLEUTELGEBIED
GEMEENTE
SUBSIDIEREGELING
Crossmark/ t Zoet
Breda
NOVEX grootschalige Woningbouwlocaties WBI locatie SRBT
Centrum Oost
Breda
Versnellingslocaties SRBT: Chassékwartier
Pasteurlaan (Amphia)
Oosterhout
Versnellingslocaties SRBT
Binnenstad/ Spoorzone/ Piushaven
Tilburg
Versnellingslocaties SRBT: Tilburg Binnenstad
Kenniskwartier
Tilburg
NOVEX grootschalige Woningbouwlocaties Versnellingslocatie SRBT: Kenniskwartier
Stappegoor
Tilburg
WBI-locaties SBRT
De opgave die we voorzien is dynamisch en ligt niet alleen binnen de periode tot 2030. Maar deels ook daarna. Dit zien we met name bij deze grootschalige sleutelgebieden, waarbij de gebiedsontwikkeling een langere periode beslaat. De inzet en de focus op deze gebiedsontwikkelingen is ook op de korte termijn belangrijk voor onze regio. Lijst sleutellocaties
Regionale woondeal SRBT / Leeswijzer
2.3 Versnelling op sleutellocaties We onderscheiden ook andere cruciale locaties. Deze locaties dragen bij aan de lokale opgave, maar zorgen er ook voor dat gemeenten aan regionale afspraken kunnen voldoen. Daarom zijn de sleutellocaties ook heel belangrijk voor de in deze Woondeal beoogde versnelling. De volgende criteria zijn geformuleerd om sleutellocaties te definiëren: 1. Plannen leveren substantiële bijdrage aan de lokale opgave6, zodat bijgedragen kan worden aan de regionale woningbouwopgave en afspraken in deze woondeal; 2. Plannen dragen bij aan doelstelling van 2/3 betaalbaar en 30% sociaal in de nieuwbouw. 3. Plannen dragen bij aan: • Versterking van vitaliteit (leefkwaliteit en voorzieningenniveau) • Wegnemen van mismatch vraag en aanbod door toevoeging noodzakelijk type woningen • Hefboomwerking voor versterking van de bestaande stad of dorp
4. Plannen dragen zoveel mogelijk als hefboom bij aan de integrale ontwikkelprincipes van het SRBT, namelijk: • Bodem en watersysteem als basis voor de verstedelijking • Landschap en natuur groeien mee met verstedelijking • Nieuwe woningen versterken bestaande stad en dorp. • Mobiliteitstransitie maatwerk voor stad en dorp • Kwalitatieve werkgebieden als randvoorwaarde voor een circulaire economie 5. Plannen hebben een zekere mate van uit voerbaarheid: plannen zijn uitvoeringsgereed of hard, dan wel op korte termijn hard te maken en start bouw is uiterlijk in 2026 voor zien. Voor deze locaties is dus bijvoorbeeld een bestemmingsplan vastgesteld of een anterieure overeenkomst (AOK) gesloten of een participatietraject afgerond. 6. Het betreft plannen, waaraan nog geen subsidies of andere ondersteuning is toegewezen door de provincie of de rijksoverheid, maar waar dit mogelijk nog wel noodzakelijk is.
6 We definiëren dit als volgt: locaties met meer dan 200 woningen in stedelijke gebieden, locaties met meer dan 75 woningen in landelijke kernen en/of locaties met 100% sociale huur.
13
Regionale woondeal SRBT / Leeswijzer
Lijst sleutellocaties Voor sleutellocaties, bij ondertekening woondeal, kan er sprake zijn van afwijking van bovenstaande criteria. Immers, deze plannen zijn door de gemeenteraad vastgesteld dan wel is de AOK getekend. Het eenzijdig ombuigen door de gemeente is niet wenselijk, vanuit het perspectief van een betrouwbare overheid en omdat de bouw van deze woningen hard nodig is om de krapte op de woningmarkt te verminderen. Bij deze locaties wordt samen met ontwikkelende partijen gewerkt aan spoedige realisatie. In beginsel betreft het de volgende sleutellocaties, bij ondertekening woondeal: Deze lijst is een dynamisch overzicht en wordt periodiek geactualiseerd. Nieuwe kansrijke locaties kunnen, na ondertekening van de woondeal, als sleutellocaties worden toegevoegd, wanneer aan bovenstaande criteria wordt voldaan.
SLEUTELLOCATIES
GEMEENTE
Werkendam achter de schans
Altena
Wijk en Aalburg Langestraat fase 1
Altena
SterkWest
Breda
Bavel fase 1 (Dorstseweg)
Breda
Woonakker Teteringen
Breda
Noorderlaan (Noorderbunder)
Dongen
Tussen de Leijen fase II - Rijen
Gilze en Rijen
Locatie Zuidrand Land van Anna
Goirle
Bakertand
Goirle
Locatie Zuidrand Van Besouw
Goirle
Vroonacker IV
Hilvarenbeek
Gelderakkers II
Hilvarenbeek
Moergestel Noord (Oostflank SRBT)
Oisterwijk
Oostelvoortjes II (Oostflank SRBT)
Oisterwijk
Pannenschuur VI (Oostflank SRBT)
Oisterwijk
Akkerlanen
Waalwijk
Landgoed Driessen Fase 2
Waalwijk
14
Regionale woondeal SRBT / Leeswijzer
2.4 Versnelling op kansrijke locaties We zien daarnaast veel kansrijke locaties. Over deze locaties heeft nog onvoldoende afstemming plaatsgevonden op het woonprogramma en/of de ruimtelijke puzzel, maar we kunnen deze locaties naar verwachting wel snel tot ontwikkeling brengen. Zodra de afstemming succesvol heeft plaatsgevonden, voegen we deze locaties toe aan het overzicht met sleutellocaties of sleutelgebieden.
KANSRIJKE LOCATIES
GEMEENTE
KANSRIJKE LOCATIES
GEMEENTE
Toekomstig vrijkomende schoollocaties – Chaam
Alphen-Chaam
Stationsomgeving Rijen
Gilze en Rijen
Kern Werkendam
Altena
Centrum Goirle
Goirle
Sleeuwijk
Altena
Riel Noord
Goirle
Wijk en Aalburg Langestraat fase 2
Altena
Riel Zuid
Goirle
Woudrichem Zuid
Altena
Spaanse Hoek
Goirle
Almkerk
Altena
Wildenberg
Goirle
Loveren fase II - Baarle-Nassau
Baarle-Nassau
Westwaard fase 3/4
Loon op Zand
Bavel fase 2 (west)
Breda
Centrum Noordzijde Kaatsheuvel
Loon op Zand
Bavel fase 3 (zuid)
Breda
Haarendael
Oisterwijk
Gasthuisvelden
Breda
Oosterhout Oost totaal
Oosterhout
Prinsenbeek (beeks buiten)
Breda
Station Reeshof
Tilburg
Wijkgerichte aanpak Breda
Breda
Verdichting Noord, West en Zuid
Tilburg
Made Oost II
Drimmelen
SRBT Oostflank
Tilburg - Oisterwijk
Haansberg
Etten-Leur
Centrum
Waalwijk
Lage Vaartkant
Etten-Leur
Els
Waalwijk
15
Regionale woondeal SRBT / Leeswijzer
2.5 Versnelling door flexwoningen De regio ziet flexwonen als middel om een snelle bijdrage te leveren aan verschillende actuele en urgente woonvraagstukken en om de woningmarkt in beweging te brengen en houden. De SRBTregio heeft de ambitie om met flexwoningen een forse bijdrage te leveren aan het snel vergroten van het betaalbaar woningaanbod. De versnelling is tweeledig. Er kunnen snel meer woningen worden toegevoegd en de gewenste spreiding van betaalbaar wonen over de regio kan versneld tot stand worden gebracht. Daarnaast biedt dit type projecten kansen voor vernieuwende bouwmethoden (circulair/houtbouw e.d.). Binnen deze regio wordt in 2023 verder verkend welke versnelling in aantallen en evenwichtige spreiding is te realiseren. Op dit moment zijn in Breda, Tilburg, Oosterhout, Etten-Leur, Drimmelen, Geertruidenberg, Goirle, Loon op Zand en Oisterwijk concrete plannen voor realisatie van ten minste 2.000 flexwoningen. De woningcorporaties zien dat flexwoningen voor de korte en middellange termijn een waardevolle bijdrage kunnen leveren aan de woningbouwopgave. Flexwoningen kunnen als instrument zorgen dat er op korte termijn voldoende sociale huurwoningen worden gerealiseerd. Woningcorporaties hebben daarbij de bereidheid
om in flexwoningen te investeren op basis van een wederzijds acceptabele businesscase.
GEMEENTE
AMBITIE 2022-2030
TIJDELIJKE WONINGEN IN PLANNEN
Breda
750
650
Dongen
ja
Drimmelen
100
100
Etten-Leur
200
130
Oosterhout
270
270
Zundert
ja
Baarle-Nassau
10-15
Alphen-Chaam
ja
Geertruidenberg
60
Altena
150
Tilburg
500-800
Waalwijk
ja
Oisterwijk
50-100
Gilze en Rijen
50-100
Dongen
ja
Loon op Zand
60-100
Goirle
25-50
Hilvarenbeek
ja
40
433
Projecten & initiatieven tijdelijke woningen SRBT-regio
Vanuit de rijks- en provinciale subsidies zijn in de regio toekenningen gerealiseerd of nog in procedure: • • • • • • • •
Breda Oosterhout Drimmelen Geertruidenberg Etten-Leur Tilburg Oisterwijk Loon op Zand
16
Regionale woondeal SRBT / Leeswijzer
Voorwaarden voor realisatie flexwoningen Bij verkenning van locaties voor flexwoningen zien we dat sommige locaties in het buitengebied liggen. Daarin is er sprake van 2 scenario’s: 1. Tijdelijke woningen, voorafgaand aan de bouw van permanente woningen 2. Tijdelijke woningen als aanvulling op permanente woningbouw en dus geen definitieve omzetting naar de bestemming wonen. We constateren dat in de manier waarop flexwoningbouw projecten worden beoordeeld, de urgentie en de noodzaak om te versnellen nog onvoldoende aandacht krijgen. We verwachten daarom van de provincie, maar ook van gemeenten dat zij een positieve grondhouding innemen over plannen en locaties voor flexwoningen en komen tot een integrale afweging. 2.6 Versnelling door kleinschalige locaties Een deel van de projecten in onze bouwstroom vraagt op dit moment geen regionale afstemming of samenwerking vanuit deze woondeal. Dit zijn veelal kleinschalige inbreidingslocaties van 25 woningen in landelijke kernen en 75 woningen in stedelijke kernen.
2.7 Versnelling door samenwerking Ook de samenwerking is een belangrijke manier om te kunnen versnellen. We kijken naar hoe we dit kunnen doen. Bijvoorbeeld door: • Plannen vanaf de start meer integraal aan te vliegen. Wanneer gemeente, ontwikkelaars en corporaties en eventuele andere partijen (zoals nutsbedrijven) met elkaar in gesprek zijn, komen tot dezelfde doelstellingen en gezamenlijk aan de lat staan voor een snellere doorlooptijd van procedures en een goede integrale behandeling van vraagstukken. • Benutten van de versnellingsmogelijkheden in procedures zoals die op dit moment door de minister nader worden uitgewerkt. • Regionaal een oplossing te zoeken voor de lange wachttijden voor NUTS. • Regionaal ontwikkelen van woonvormen en begeleidingsvormen. • Regionaal aan te sluiten bij het expertteam versnelling en flexwonen om gespecialiseerde hulp te ontvangen over bijvoorbeeld juridische zaken en financiën. • Samenwerkingsovereenkomsten en gronduitgifte overeenkomsten uniform te maken voor flexwonen.
17
Regionale woondeal SRBT / Leeswijzer
Afspraken versnelling 1. De provincie geeft in de komende jaren ruim baan aan goede woningbouwplannen om in de woningbehoefte te kunnen voorzien. Gemeenten krijgen bij concrete en zorgvuldige planvorming, passend binnen de behoefte, ook buiten bestaand stedelijk gebied mogelijkheden. 2. Gemeenten en provincie organiseren per gemeente een separaat regulier planteamoverleg, voor zover dit nog niet bestaat. In dit planteam overleg worden in vroegtijdig stadium de te verwachte gebiedsontwikkelingen besproken. 3. De regionale afstemming van uitleglocaties bij de bestaande bestuurlijke overlegstructuren Wonen blijft vooralsnog gehandhaafd. In Q2 2023 wordt nagedacht over een aangepaste werkwijze zodat sleutelgebieden en sleutellocaties op een integrale wijze kunnen worden beoordeeld en specifiek vanuit de afspraken binnen deze woondeal t.a.v. wonen. 4. Gemeenten gaan in 2023 samen met woningcorporaties, marktpartijen en provincie in regionaal verband met elkaar in gesprek om concrete gezamenlijke afspraken te maken over de nieuwbouwplannen en de wijze waarop we deze projecten gaan realiseren. 5. Voor flexwoningen zoeken we als gemeenten nadrukkelijk de samenwerking en verbinding in de SRBT-regio. 6. Waar mogelijk wordt de verkaveling van flexwoningen duurzaam ingestoken zodat een vervolg- functie (park, reguliere woningen, maatschappelijk vastgoed, etc.) efficiënt te realiseren is.
7. We verkennen de mogelijkheden om goede regionale afspraken te maken over herplaatsing en hergebruik van de flexwoningen i.r.t. de garantieregeling die in ontwikkeling is en maken afspraken over behoud van voldoende sociale voorraad na verplaatsing van flexwoningen uit een gemeente. 8. Waar mogelijk zijn de woningen circulair gebouwd en/of, kan de leverancier ze terugnemen na gebruik of zijn ze bij een volgend gebruik anders.
18
Regionale woondeal SRBT / Leeswijzer
3
Betaalbaarheid
Er is een grote behoefte aan betaalbare woningen in Nederland. Daarom is het streven dat twee-derde van de t/m 2030 nieuw te realiseren woningen op zowel landelijk, provinciaal als op regionaal niveau betaalbare woningen zijn (bron: programma Woningbouw) Onder dit betaalbare segment vallen de sociale huurwoningen, middeldure huurwoningen (vanaf de liberalisatiegrens tot een maximum van €1.000 per maand) en betaalbare koopwoningen tot €355.000. 3.1 Betaalbare huur- en koopwoningen In de provincie Noord-Brabant gaat het om in totaal 87.000 betaalbare huur- en koopwoningen. Voor de gemeenten binnen de SRBT Woondeal betreft het een opgave van bruto opgave van 28.604 betaalbare huur- en koopwoningen (2/3 van de regionale opgave). In totaal omvatten de gemeentelijke plannen op dit moment ongeveer 24.000 betaalbare woningen (bruto plancapaciteit), inclusief tijdelijke woningen. Hiermee is er op dit moment onvoldoende plancapaciteit in het betaalbare segment om in de opgave te voorzien. We zien flexwonen als een manier om te versnellen en om ervoor te zorgen dat er snel voldoende plancapaciteit is in het betaalbare segment.
Sociale huurwoningen De provincie Noord-Brabant wil in de periode t/m 2030 37.300 sociale huurwoningen realiseren. Vertaald naar de Woondeal SRBT betekent dit een bruto opgave van 12.871 sociale huurwoningen. Dit is hoger dan de netto opgave op basis van de regionaal uitgevoerde woningmarktonderzoeken. Over de opgave per gemeente en de verdeling over de regio maken we onder andere op basis van deze onderzoeken, maar ook de afspraken in deze Woondeal nadere afspraken (zie paragraaf 3.2). De afspraken over de opgave per gemeente worden vertaald in lokaal beleid en prestatieafspraken. Op basis van de huidige gemeentelijke- en corporatieplannen voor de periode tot 2030 concluderen we dat er op dit moment een planaanbod is van 8.000-9.000 sociale huurwoningen. 2] Het opharden en vergroten van het planaanbod aan sociale huurwoningen vraagt onze gezamenlijke inspanning. Dit mede in relatie tot onze afspraak dat we een totale plancapaciteit van tenminste 130% aanhouden. Gemeenten zorgen, in lijn met de Nationale prestatieafspraken, voor voldoende steun om de afgesproken aantallen betaalbare (huur)woningen daadwerkelijk te realiseren. Gemeenten zetten zich in om de nieuwbouw van sociale huurwoningen te beleggen bij de woningcorporaties.
19
Betaalbare huur en betaalbare koop (middencategorie) Naast sociale huurwoningen ligt er ook een opgave voor het toevoegen van middeldure huurwoningen7 en betaalbare koopwoningen. In de SRBT-regio gaat dit om een bruto opgave van 17.162 middeldure huurwoningen en betaalbare koopwoningen. De woningcorporaties in de regio zijn bereid om daar een bijdrage aan te leveren. Of hieraan behoefte is en hoe dit wordt vormgegeven kan per gemeente verschillen en wordt zo nodig uitgewerkt in lokale prestatieafspraken. Hierbij kan ook sprake zijn van ontwikkeling in sociale koop, als aanscherping op de betaalbare koop met een prijs tot €355.000 (betaalbaarheidsgrens 2023), waar we in deze Woondeal over spreken. NIEUWBOUWOPGAVE SRBT-REGIO TOT 2030 Betaalbare huur- en koopwoningen
28.603
2/3
Sociale huurwoningen
12.872
30%
Middelhoge huurwoningen en betaalbare koopwoningen
17.162
40%
Totale opgave SRBT-regio (bruto)
2.410
1.945
7 Ten aanzien van de prijsgrens van middenhuur wordt het woningwaarderingstelsel gevolgd. De regulering van het middensegment gaat gelden tot 187 punten conform het woningwaarderingsstelsel (circa 1.026 euro; prijspeil januari 2023). Het woningwaarderingsstelsel wordt jaarlijks geïndexeerd met inflatie en zal naar verwachting uitkomen op circa 1.100 euro bij inwerkingtreding van de middenhuurregeling in 2024
Regionale woondeal SRBT / Leeswijzer
20
OPGAVE SOCIALE HUUR VOLGEND UIT:
3.2 Evenwichtige verdeling Het doel is om in de SRBT-regio gezamenlijk voldoende betaalbare woningen toe te voegen om aan de huidige en toekomstige vraag te voldoen. Uit de regionale woningmarktonderzoeken blijkt een grote vraag naar betaalbare woningen. De resultaten van deze woningmarktonderzoeken maken zowel de kwantitatieve opgave (aantallen) als kwalitatieve opgave (type woningen) in de regio inzichtelijk. Gemeenten en corporaties werken op basis van de resultaten van de recent uitgevoerde regionale woningmarktonderzoeken de opgave betaalbaar wonen verder uit en maken regionaal afspraken over het evenwichtig aandeel dat afzonderlijke gemeenten in deze opgave nemen en over de versnelling die hierin mogelijk is. Voor dit gesprek zijn onderstaande figuren relevant (bron: Woningmarktonderzoeken Hart van Brabant en Subregio Breda, 2022/2023). Hierin wordt de urgentie weergegeven om per gemeente in te zetten op meer sociale woningbouw. Niet langer uitsluitend op basis van het bedienen van de ‘eigen behoefte’, maar om bij te dragen aan maatschappelijke opgaven en rijksbeleid.
ONTWIKKELING VAN DE ‘EIGEN’ BEHOEFTE
MAATSCHAPPELIJKE OPGAVE/ RIJKSBELEID
Alphen-Chaam
0
+++++
Hilvarenbeek
0
+++++
Baarle-Nassau
0
+++++
Oisterwijk
0
+++++
Dongen
++
++++
Goirle
0
++++
Loon op Zand
+
+++
Heusden
+
++
Gilze en Rijen
++
++
Hart van Brabant
++
++
Waalwijk
+++
0
Tilburg
+++
0
OPGAVE SOCIALE HUUR VOLGEND UIT: ONTWIKKELING VAN DE ‘EIGEN’ BEHOEFTE
MAATSCHAPPELIJKE OPGAVE/ RIJKSBELEID
Zundert
0
+++++
Alphen-Chaam
0
+++++
Baarle-Nassau
0
+++++
Drimmelen
0
++++
Altena
++
+++
Subregio Breda
++
++
Etten-Leur
++
++
Breda
++
+
Oosterhout
+
0
Geertruidenberg
++++++
0
Het is de gezamenlijke opgave dat er een duidelijke beweging in gang wordt gezet naar een groter aandeel sociale huurwoningen in de lokale voorraad van gemeenten, waar het aandeel sociale huur kleiner is dan 30%. Gemeenten, die meer sociale huurwoningen in hun bestaande woonvoorraad hebben dan 30%, houden dit aandeel vast. Binnen gemeenten kan in wijken/ kernen sprake zijn van een andere verdeling van percentages sociale huur. Het gaat om een gemeentelijk gemiddelde. Om spreiding over projecten makkelijker te maken kunnen gemeenten overwegen een vereveningsfonds8 in te zetten. De regionale opgave wordt door gemeenten uitgewerkt in lokaal beleid en prestatieafspraken met corporaties en een vertegenwoordiging van huurders.
8 ls een ontwikkelaar minder dan 30% sociale huurwoningen in een project realiseert, stort hij een vergoeding voor het tekort in dit fonds. Wanneer in een project meer dan 30% sociale huurwoningen realiseert dan kan een bijdrage worden verkregen uit dit fonds.
Regionale woondeal SRBT / Leeswijzer
Programma We spreken in de SRBT-regio af dat per gemeente 30% in de sociale huur wordt gerealiseerd en 40% in middeldure huurwoningen en/ of betaalbare koopwoningen bij nieuwe, zachte plannen. Er is een inspanningsverplichting dat gemeenten bestaande plannen waar mogelijk omvormen in lijn met dat 30% in de sociale huur wordt gerealiseerd en 40% in middeldure huurwoningen en/ of betaalbare koopwoningen. Zo werken we toe naar realisatie van de kwantitatieve en kwalitatieve afspraken per gemeente en een meer evenredige verdeling van de voorraad sociale huurwoningen en de verdeling van de aandachtsgroepen van ‘een thuis voor iedereen’.
9 10
Plannen waarvoor nog geen anterieure overeenkomst is getekend. Twaalf corporaties in West-Brabant zijn er voor elkaar | Aedes
21
Afspraken betaalbaarheid 1. Het is de gezamenlijke opgave dat er een duidelijke beweging in gang wordt gezet naar een groter aandeel sociale huurwoningen in de lokale voorraad van gemeenten, waar het aandeel sociale huur kleiner is dan 30%. Gemeenten, die meer sociale huurwoningen in hun bestaande woonvoorraad hebben dan 30%, houden dit aandeel vast. 2. De SRBT-regio spant zich gezamenlijk in om de regionale opgave twee-derde betaalbare woningen voor de periode 2022-2030 (totaal 28.604 woningen, waarvan 12.871 sociale huurwoningen) ten minste te realiseren en de planvoorraad hiervoor uit te breiden en op te harden, conform uitgangspunten H1. 3. Gemeenten en corporaties in de SRBT-regio werken de opgave betaalbaar wonen verder uit en maken regionaal afspraken over het kwantitatief en kwalitatief aandeel dat gemeenten in deze opgave nemen en over de versnelling die hierin mogelijk is en verwerken dit in lokaal beleid en prestatieafspraken. 4. Gemeenten en corporaties matchen de lokale planvoorraad om de geplande maar nog niet aan locaties gebonden sociale huurwoningen te koppelen aan concrete plannen (2023-Q2) 5. We spreken af dat per gemeente 30% in de sociale huur wordt gerealiseerd en 40% in middeldure huurwoningen en/ of betaalbare koopwoningen bij nieuwe plannen met als doel de onder 3 uit te werken opgave te realiseren. 6.
Er is een inspanningsverplichting dat gemeenten bestaande zachte planvoorraad9, waar mogelijk en noodzakelijk omvormen zodat 30% in de sociale huur wordt gerealiseerd en 40% in middeldure huurwoningen en/ of betaalbare koopwoningen met als doel de onder 3 uit te werken opgave te realiseren. 7. Gemeenten zetten erop in om de nieuwbouw van sociale huurwoningen te beleggen bij de woningcorporaties. Wanneer de in de gemeente actieve corporatie(s) om een passende reden niet kunnen leveren, worden eerst door de corporatie de andere corporaties in de woningmarktregio gevraagd om de nieuwbouw op te pakken conform de regionale intentieverklaring10. Pas als dat ook niet succesvol is, kan de sociale huur door een belegger opgepakt worden. De voorwaarden waaronder werken we de komende periode samen uit.
Regionale woondeal SRBT / Leeswijzer
4
Kwalitatieve opgave
Onze woonambities gaan verder dan alleen de realisatie van (versnelde) nieuwbouw en de inzet op betaalbaarheid. We zien ook een kwalitatieve woonopgave om de mismatch tussen vraag en aanbod op dit moment te beperken. En om ook in de toekomst een goed woon- en leefklimaat in de regio te realiseren. Zo zien we een grote opgave bij de huisvesting van een aantal aandachtsgroepen. In dit hoofdstuk staan procesmatige afspraken, die gemeenten en corporaties in de regio samen verder gaan uitwerken. 4.1 Woonopgave aandachtsgroepen Voor steeds meer mensen is het moeilijk een passende woning te vinden. Sommige mensen hebben nog minder kansen, omdat ze zich in een kwetsbare situatie bevinden. Zij zijn vaak afhankelijk van extra zorg of begeleiding, of zij moeten hun leven (opnieuw) opbouwen. In deze paragraaf onderscheiden we de volgende aandachtsgroepen: 1. Ouderen 2. Dak en thuislozen (i), sociaal urgenten en dreigend daklozen (ii) en uitstroom uit intramurale situaties (iii). 3. Statushouders
4. Studenten 5. Arbeidsmigranten 6. Woonwagenbewoners De daadwerkelijke opgave en de verdeling van aandachtsgroepen wordt onder andere bepaald op basis van de (nog op te stellen) woonzorganalyse. Deze analyses vormen de basis voor regionale afsprakenkaders en (lokale) visies. Dit biedt ook een basis voor het maken van afspraken over een faire share verdeling van de aandachtsgroepen over de regio. En om de versnelling van de fair share verdeling van de huisvesting van aandachtgroepen te concretiseren. Ouderen Er is een toenemende behoefte aan woningen die aansluiten bij de wensen van ouderen. In het programma ‘wonen en zorg voor ouderen’ (BZK) is aangekondigd dat er nationaal behoefte is aan 250.000 woningen geschikt voor ouderen. Het betreft 170.000 nultredenwoningen, 80.000 geclusterde woonvormen, die ook geschikt zijn voor ouderen en 40.000 verpleegzorgplekken (VPT, dus scheiden wonen en zorg). In de ‘begrippenlijst’ zijn de definities van deze woningen opgenomen.
22
Voor deze woondealregio is de volgende opgave becijferd door het Rijk: 2.300 verpleegzorgplekken, 4.400 geclusterde woonvormen en 7.100 nultredenwoningen. We zullen opgave toetsen aan de hand van de regionale woonzorganalyses, waarin deze opgave voor onze regio nader geduid wordt. Het Rijk vraagt van de regio SRBT in 2023 de opgave aan ouderenhuisvesting per gemeente te verdelen. Nadere afspraken maken we met betrokken partijen uit de woondeal (in ieder geval corporaties, gemeenten en provincie), aangevuld met zorgkantoren. De betrokkenheid van zorgkantoren is wenselijk, omdat zij de levering van verpleegzorg aan een verpleegzorgplek toewijzen. Het zorgkantoor kent een zorgplicht voor de levering van verpleegzorg.
Regionale woondeal SRBT / Leeswijzer
Dak & thuislozen (i), sociaal urgenten, dreigend daklozen (ii), uitstroom uit intramurale situaties (iii) De subregio Breda en regio Hart van Brabant kennen voor deze groepen ieder een eigen samenwerkingsverband waarbinnen afspraken zijn gemaakt die de basis vormen voor afspraken in deze woondeal. In de regio’s Hart van Brabant en Breda wordt door gemeenten, corporaties en diverse zorgaanbieders samengewerkt om de beweging van beschermd wonen naar beschermd en zelfstandig thuis vorm te geven. Daarvoor hebben partijen afspraken gemaakt over de beschikbaarheid van woningen voor de uitstroom van mensen uit jeugdzorg, beschermd wonen, maatschappelijke opvang en per 2023 ook voor mensen in de WLZ die na verblijf in een intramurale setting zelfstandig kunnen gaan wonen. Essentie van de gemaakte afspraken is aanbieden van voldoende sociale huurwoningen en spreiding over de regio. Voor passende huisvesting van ‘urgenten en spoedzoekers’ maken gemeenten diverse (maatwerk)afspraken met corporaties en zo nodig andere partijen. Gemeenten en corporaties bepalen in de loop van 2023 of (nadere) regionale afspraken nodig zijn respectievelijk
herzien moeten worden. Op basis van het aantal benodigde woningen in 2023, zullen tot 2030 naar schatting tussen 4.000 en 5.000 woningen nodig zijn voor deze doelgroep in de SRBT-regio. Statushouders Statushouders worden op basis van de landelijke taakstelling door gemeenten gehuisvest. Iedere gemeente is zelf verantwoordelijk voor haar eigen taakstelling. De gemeenten maken daarvoor regionale en lokale afspraken met corporaties en andere partijen die hier een bijdrage aan kunnen leveren. Studenten Studenten zijn in het kader van ‘Een thuis voor iedereen’ ook als aandachtsgroep benoemd. Dit vanwege de grote tekorten aan studentenhuisvesting die zich vooral bij aanvang van elk studiejaar manifesteren. Studenten wonen primair in de studentensteden Breda en Tilburg. Hierover zijn lokaal afspraken gemaakt. Arbeidsmigranten In deze regio werken op basis van het onderzoek van (PON, uit 2020) bij elkaar iets meer dan 30.000 arbeidsmigranten, grotendeels in onze topsectoren logistiek, de industrie of bij toeleverende bedrijven. Nu, maar ook in de toekomst hebben we deze groep arbeiders
23
hard nodig. Niet alleen in de primaire sectoren, ook in de technische beroepen en de zorg knelt het op de regionale arbeidsmarkt, zowel nu als in de toekomst. We willen arbeidsmigranten en hun inzet en talenten daarom binden aan onze regio. Daarvoor zetten we in op optimale randvoorwaarden, bijvoorbeeld voor goede en humane huisvesting. De regio heeft hierover met elkaar en de provincie afspraken gemaakt. Jaarlijks worden die afspraken gemonitord. Woonwagenbewoners Het Ministerie van BZK bracht in juli 2018 het Beleidskader ‘Gemeentelijk woonwagen- en standplaatsenbeleid’ (Beleidskader) uit. Dit kader biedt gemeenten bouwstenen voor de beleidsvorming rondom standplaatsen en woonwagens. Gemeenten geven lokaal invulling aan het woonwagenbeleid.
Regionale woondeal SRBT / Leeswijzer
Afspraken aandachtsgroepen 1. Beide regio’s werken in 2023 een regionaal afsprakenkader uit waarbij ze vanuit het wonen in ieder geval: a. De kwantitatieve en kwalitatieve opgave voor de aandachtsgroepen ‘een thuis voor iedereen’ en het ‘Programma Wonen en Zorg’ en de optimale verdeling van de woningen tussen de aandachtsgroepen in beeld brengen; b. Afspraken maken over een faire share verdeling van de aandachtsgroepen over de regio; c. De versnelling van de fair share verdeling van de huisvesting van aandachtgroepen concretiseren. 2. Gemeenten geven lokaal uitwerking aan woonwagenbeleid, de opgave voor studentenhuisvesting en arbeidsmigranten.
24
Regionale woondeal SRBT / Leeswijzer
5
Herstructurering, transformatie en verduurzaming
Het uitgangspunt van de verstedelijkingsstrategie van het Rijk, de provincie en SRBT is primair het bouwen binnen bestaand bebouwd gebied. Extra woningbouw is mogelijk door herstructurering en het transformeren van vastgoed. Hiermee kan worden bijgedragen aan de vitaliteit van steden, dorpen en gebieden. We zetten erop in meerdere opgaven te combineren zodat er sprake is van een hefboom. Landelijk wordt gestreefd naar de realisatie van 15.000 woningen per jaar door middel van transformatie. 5.1 Herstructurering en transformatie De herstructurering en transformatieopgave is onderdeel van de ontwikkelstrategie van de SRBT en draagt bij aan de hefboomwerking, die we in een aantal wijken met wonen beogen. De leefbaarheid in sommige wijken en buurten binnen de SRBT staat onder druk. Vooral in naoorlogse wijken en buurten spelen revitaliserings- en herstructureringsopgaven. Als onderdeel van deze opgaven houden we in de SRBT, verdeeld over de kernen, ruimte voor het toevoegen van 20.000 – 25.000 nieuwe
woningen11 in de naoorlogse wijken en buurten van de SRBT tot 2040. We zien nadrukkelijk een opgave in zowel de dorpen als in steden. Nationaal programma leefbaarheid en veiligheid (Breda en Tilburg) Specifiek voor Breda-Noord, Tilburg NoordWest en Zuid zijn de sociaal-maatschappelijke problemen zeer complex: werk, onderwijs, jongeren, veiligheid, ondermijning, zorg en wonen hebben allen, integraal, extra aandacht nodig. Het Rijk, de provincie en de gemeente maken daarom over deze gebieden concrete afspraken in het Nationaal Programma Leefbare en Veilige wijken (NPLV) en gaan een langjarige samenwerking aan om de leefbaarheid en veiligheid in vijftien tot twintig jaar op orde te brengen en het perspectief van de huidige en toekomstige bewoners te verbeteren. Eigendomsverhoudingen en het belang om deze opgaven samen met betrokken partijen (woningcorporaties, huurders, eigenaren van particuliere koopwoningen) op te pakken maken dat we hier extra stappen moeten zetten. Breda en Tilburg hebben al een deelbedrag uit het Volkshuisvestingsfonds ontvangen waarmee
Met een bestand van ca. 198.000 na-oorlogse woningen (dit is 48% van de woningvoorraad) in de SRBT-regio (1945 – 1985, bron CBS) is uitgegaan van een realistische een revitalisering en herstructureringsopgave met een toevoeging en intensivering van deze gebieden met tussen de 10% en 13%.
11
25
renovatieprojecten in de betreffende stedelijke focusgebieden (Breda Noord en Tilburg NoordWest) worden uitgevoerd. De komende periode zullen de gemeenten het specifieke aandeel te herstructureren woningen verder in beeld brengen. De uitvoeringsprogramma’s die worden ontwikkeld in het kader van het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid bieden richtlijnen om verduurzaming, herstructurering en transformatie van de bestaande voorraad integraal te verbinden aan investeringen in de sociale veerkracht van de wijk. De partijen in de Woondeal spannen zich in om deze herstructurerings- en transformatieopgave gezamenlijk op te pakken en waar mogelijk gebruik te maken van beschikbare ondersteuningsmiddelen. Vakantieparken Eén van de toekomstscenario’s die in deze tijden van het woningtekort extra aandacht krijgt, is het transformeren van vakantieparken naar wonen. We zien dit niet als een goede oplossing. Vakantieparken leveren een belangrijke bijdrage aan ons recreatieve profiel. Uitbreiden van de woningvoorraad doen we bij voorkeur en vooral binnen bestaand bebouwd gebied.
Regionale woondeal SRBT / Leeswijzer
De provincie Noord-Brabant heeft vanuit de Actieagenda Vitale Vakantieparken – en in lijn met de bestuurlijke afspraken met het Rijk - een inventarisatie gedaan van vakantieparken die potentieel getransformeerd kunnen worden naar wonen. Hiermee wil de provincie en de regio onder andere permanente bewoning op vakantieparken tegengaan. Nader onderzoek en overleg met gemeenten naar de aard, ligging, verschijningsvorm en zaken als eigendom, veiligheid en ondermijning moet uitwijzen of transformatie wenselijk en haalbaar is. 5.2 Duurzame en toekomstbestendige bouw Het versneld bouwen van voldoende duurzame en betaalbare woningen vraagt – versterkt door de beperkte capaciteit in de bouwsector en de stikstofproblematiek – om vormen van innovatie, standaardisatie en industrialisatie zodat de gewenste bouwproductie slimmer kan worden gerealiseerd. Daarbij is aandacht voor ruimtelijke kwaliteit, duurzaamheidsprestaties in gebruik (energie) als duurzaamheidsprestaties in de realisatie (milieu-impact & stikstof) en het verlagen van de milieu-impact van groot belang. Energietransitie Iedere gemeente heeft een transitievisie warmte opgesteld. Op basis daarvan worden wijkenergieplannen opgesteld. Daarin wordt onder
meer een plan van aanpak van gespikkeld bezit, VVE’s maar ook een aanpak uitgewerkt voor wijkenergieplannen. Energie-infrastructuur We brengen de impact van andere energieinfrastructuren in kaart. Op basis daarvan maken we per wijk of buurt keuzes. Daarvoor is ondersteuning van verduurzaming en uitbreiding van het warmtenet gevraagd aan het Rijk binnen deze regio. Voor wat betreft het elektranet is het randvoorwaardelijk dat geïnvesteerd kan worden in de verzwaring van het elektranet binnen deze regio. Dit betreft overigens zowel bestaande bouw als nieuwbouw. De voorkeur gaat hierbij uit naar een programmatische aanpak. Ook aanleg en uitbreiding van warmtenetten is hier onderdeel van. De Provinciale tafels Meerjarenprogramma Infrastructuur Economie en Klimaat (P-MIEK) worden benut om knelpunten ten aanzien van het netwerk en het aansluiten aan de orde te stellen. Mocht er een te grote netwerkvraag zijn om op te lossen in de P-MIEK overleggen dan wordt het geagendeerd bij het landelijke MIEK-overleg.
26
CO2 neutraal De route naar een CO2 neutrale woningvoorraad is om woningen aardgasvrij te maken. Voorwaarde hierbij is dat de capaciteit van de warmte- en elektriciteitsinfrastructuur hierop is aangepast. Eind 2028 zijn alle woningen binnen de corporatiesector minimaal label D. Voor het isoleren van alle bestaande woningen is de Standaard de referentie voor de isolatienorm. Nieuwbouw Gemeenten willen ervoor waken dat zij eigen ambities veel meer vragen van de marktpartijen dan andere gemeenten. Een generiek beleid, dat vanuit het Rijk wordt opgesteld, is daarom wenselijk. Het biedt duidelijkheid voor de ontwikkelende partijen, zet de markt in beweging, stimuleert innovaties en helpt ons als overheid om de klimaatdoelen te halen. Denk hierbij bijvoorbeeld aan regels ten aanzien van circulair en energieneutraal bouwen. In aanvulling daarop zullen wij kansen in projecten benutten om te versnellen, goedkoper te bouwen en bij te dragen aan duurzame planontwikkeling door meer in te zetten op conceptueel en circulair bouwen.
Regionale woondeal SRBT / Leeswijzer
Afspraken herstructurering
Afspraken vakantieparken
1. De regio zet in op zorgvuldig ruimtegebruik door kansen voor woningbouw binnen bestaand bebouwd gebied te benutten. Het merendeel van de woningbouwopgave kan binnen de bestaande bebouwde gebieden gerealiseerd worden. Uitgangspunt daarbij is dat dit gecombineerd wordt met versterking van de aanwezige groenkwaliteiten en -structuren. 2. We spannen ons in samenwerking met marktpartijen in, om veerkrachtige, toekomstbestendige, en gedifferentieerde wijken te realiseren met een aantrekkelijke ruimtelijke kwaliteit en daarbij waar noodzakelijk gebruik te maken van de ondersteuningsmiddelen van het Rijk, waaronder het Volkshuisvestingsfonds 3. We signaleren in het kader van het NPLV of er sprake is van knellende en/ of ontbrekende wet- en regelgeving met betrekking tot de leefbaarheid en zorgen waar nodig voor doorbraken.
1. De regio zorgt door uitbreiding van de woningvoorraad dat er een alternatief is voor het permanent verblijf op vakantieparken. 2. Provincie en gemeenten inventariseren of er en zo ja welke niet vitale vakantieparken mogelijk in aanmerking komen voor transformatie naar wonen.
Afspraken duurzame en toekomst bestendige woningbouw 1. Bij de ontwikkeling van nieuwe plannen gaan we uit van huidige wet en regelgeving, mocht sprake zijn van fundamentele aanscherpingen van deze regels dan accepteren we dat dit mogelijk effect heeft op het tempo van de nieuwbouw die we kunnen realiseren. 2. In aanvulling daarop zullen wij kansen in projecten benutten om te versnellen, goedkoper te bouwen en bij te dragen aan duurzame planontwikkeling door meer in te zetten op conceptueel en circulair bouwen met behoud van de ruimtelijke kwaliteit.
27
Regionale woondeal SRBT / Leeswijzer
6
Samenwerking, monitoring en sturing
Met de woondeal wordt de basis gelegd voor een langjarige (t/m 2030) samenwerking tussen Rijk, provincie, gemeenten en woningbouwcorporaties. Dit partnerschap is van groot belang om uitvoering te geven aan de realisatie en versnelling van de woonopgave. We maken daarom - naast de afspraken over de woningbouwopgave - ook afspraken over de governance. Denk daarbij aan het monitoring en rapportage om zicht te houden op de voortgang, de overlegstructuur om de voortgang en eventuele knelpunten te en het indien nodig oplossen van belemmeringen en nemen van besluiten. 6.1 Monitoring en bespreken voortgang Om gezamenlijk zicht te houden op de voortgang van de uitvoering van de voorliggende bestuurlijke afspraken vindt er regulier overleg plaats tussen vertegenwoordigers van het Ministerie van BZK en de provincie en de regio. Dit noemen we het woondeal SRBT-overleg.
De woondeal maken we als SRBT-regio. Dat betekent dat er ook een overlegstructuur voor de totale regio moet gaan ontstaan. We erkennen voor de korte termijn de kracht bij de uitwerking van de individuele deelopgaven en ambities vanuit de beide regio’s. Voor een passende overlegstructuur, die ook recht doet aan de input en samenwerking van alle individuele partners, gaan we samen in 2023 op zoek naar de juiste samenwerkingsvormen, vanuit de bestaande overlegstructuren. Waar nodig zorgen we dat deze bestaande overlegstructuren, wat betreft frequentie en inhoud van de agenda beter op elkaar aansluiten. In ieder geval zullen we samen met marktpartijen een versnellingstafel oprichten. Ook organiseren we periodiek bestuurlijk overleg (woondealoverleg en woontafel) waar alle gemeenten en corporaties binnen de SRBT-regio bij aan tafel zitten. Belemmeringen oplossen en besluiten nemen Doel is door monitoring en intensief en kortcyclisch ambtelijk en bestuurlijk overleg goed zicht te krijgen en te houden op de uitvoering. Hierdoor signaleren we vroegtijdig wanneer de
28
voortgang van de woningbouw en de uitvoering van de bestuurlijke afspraken stokt. Wanneer (gezamenlijk) wordt geconstateerd dat de voortgang stokt, stellen we gezamenlijk vast wat de achterliggende oorzaken daarvan zijn. Op basis daarvan worden de benodigde en gewenste acties in gang gezet. Hierbij kan ondersteuning worden ingeschakeld van o.a. de landelijke versnellingstafel, tafels van andere ministeries of via onder andere de taskforce nieuwbouw woningcorporaties of expertteams. Uitgangspunt is dus: ‘’los het op, of schaal het op’’. Hierbij kunnen bestuurlijke of in het uiterste geval juridische interventies nodig zijn. Bestuurlijk overleg blijft het uitgangspunt. Via de woondeals kunnen alle partijen die in de keten zijn betrokken bij de woningbouw hun knelpunten agenderen. Dit kan ook via andere tafels zoals de landelijke versnellingstafel.
Regionale woondeal SRBT / Leeswijzer
7
Kritische succesfactoren en ondersteuning
Het realiseren van de woningbouwopgave kan alleen als het Rijk helpt bij het oplossen van de kritische succesfactoren voor realisatie van de afgesproken woningen. Denk daarbij aan de beschikbaarheid van geld, ambtelijke capaciteit en wettelijke vereisten voor stikstof en geluid. Maar bij nieuwe woningen moet ook rekeningen gehouden worden met bijvoorbeeld bereikbaarheid, betaalbaarheid en de energietransitie. 7.1 Kritische succesfactoren Hieronder schetsen we de belangrijkste regionale kritische succesfactoren. Voldoende en structurele rijksmiddelen voor uitvoering van de woondeal Partijen onderkennen dat veel projecten te maken hebben met een publiek onrendabele top. De forse investeringen die nodig zijn voor woningbouw kunnen de gemeenten niet altijd zelf opbrengen of verhalen op de ontwikkelaar. Partijen gaan met elkaar in gesprek over het wegnemen van de onrendabele top en hoe de verschillende instrumenten, zoals bijvoorbeeld de woningbouwimpuls, hieraan kunnen bijdragen.