Bijlage 10 Beoordeling gebouw en boom op verblijfplaatsen van vleermuizen
Tekst van het document
Project 302108 v1.0
Beoordeling gebouw en boom op verblijfplaatsen van vleermuizen op locatie J.A.L.-terrein in Dongen Opdrachtgever Hazenberg Bouw B.V. De heer M. Geerts Molenstraat 2 5262 ED VUGHT
Cuijk, 18 februari 2019 In opdracht van Hazenberg Bouw B.V. hebben wij een gebouw en een paardenkastanje beoordeeld op verblijfplaatsen van vleermuizen. Het gebouw en de paardenkastanje bevinden zich op het J.A.L.-terrein in Dongen. Aanleiding U wilt het J.A.L.-terrein waarop het gebouw en de paardenkastanje staan, opnieuw inrichten. Mogelijk wordt het gebouw (gedeeltelijk) gesloopt en de boom gekapt of fors gesnoeid. In de Flora- en fauna quickscan van De Brabantse Wal is aangegeven dat in de liftschacht van gebouw 1 mogelijk een verblijfplaats van gewone dwergvleermuizen aanwezig is. In de paardenkastanje
bevindt zich
mogelijk
een
verblijfplaats
van
rosse
vleermuis.
Verblijfplaatsen van vleermuizen zijn streng beschermd onder de Wet natuurbescherming (Wnb). Doel U hebt ons gevraagd te beoordelen of er daadwerkelijk verblijfplaatsen van vleermuizen in het gebouw en in de boom aanwezig zijn. Holten, scheuren en losse schorsplaten in de boom kunnen geschikt zijn als winter-, kraam-, zomer- en/of paarverblijfplaats voor vleermuizen. Voor de liftschacht geldt dat deze typen verblijfplaatsen achter scheuren, kieren en openingen kunnen zitten.
Beschrijving situatie De te inspecteren liftschacht bevindt zich in een van de acht gebouwen (gebouw 1) die op het terrein staan. De paardenkastanje staat bij een van de toegangswegen van het terrein. Gebouw 1 doet momenteel dienst als opslagplaats, maar wordt niet verwarmd. De overige gebouwen op het terrein staan grotendeels leeg. De locaties van het beoordeelde gebouw en de boom zijn weergegeven op afbeelding 1. Op foto 1 is de situatie afgebeeld.
1
Project 302108 v1.0 18 februari 2019
Beoordeling gebouw en boom op verblijfplaatsen van vleermuizen op locatie J.A.L.-terrein in Dongen
Afbeelding 1.
Locatie van liftschacht (gele cirkel) en paardenkastanje (blauwe cirkel) in projectgebied (rood kader) en nummering van de gebouwen
Foto 1.
Situatie liftschacht (foto links, binnen geel kader) en paardenkastanje (foto rechts)
Werkwijze Op 21 december 2018 hebben Jasper Verhaar (specialist bomen, water & ecologie) en Dries van Tuijn (inspecteur flora en fauna) de liftschacht en de boom beoordeeld. Daarbij is gebruik gemaakt van een hoogwerker, ladder, verrekijker, zaklamp en endoscoop. Liftschacht gebouw 1 Wij hebben alle scheuren, kieren en openingen in de buitenzijde van de liftschacht geïnspecteerd op voor vleermuizen potentieel geschikte verblijfplaatsen. Vervolgens hebben wij via een toegang op de tweede verdieping van het gebouw de binnenzijde van de liftschacht volledig geïnspecteerd.
2
Project 302108 v1.0 18 februari 2019
Paardenkastanje Wij hebben de paardenkastanje allereerst beoordeeld op de aanwezigheid van holten, scheuren, schorsplaten of andere voor vleermuizen potentieel geschikte verblijfplaatsen. De boom was volledig te inspecteren omdat er op het moment van onderzoek geen blad aan de boom zat. Aanvullende beoordeling Als aanvulling op de oorspronkelijke opdracht hebben wij ook gebouw 2 t/m 8, de rest van gebouw 1, een lindeboom op het voorterrein en het achterterrein geïnspecteerd op vaste rust- en verblijfplaatsen van beschermde soorten.
Resultaten Liftschacht gebouw 1 Wij hebben geen potentieel geschikte verblijfplaatsen voor vleermuizen aangetroffen in de liftschacht. De scheuren en kieren in de buitenzijde van de schacht blijken bij benadering namelijk zeer oppervlakkig (zie foto 2, links) en daardoor niet geschikt als verblijfplaats. Op één plek zit een opening die leidt naar een open ruimte tussen de lift en de schacht (zie foto 2, rechts). In en om de opening zijn geen sporen van vleermuizen zichtbaar. In de open ruimte tocht het sterk en daarom is deze ruimte niet geschikt als verblijfplaats voor vleermuizen. We hebben ook geen sporen, zoals bijvoorbeeld uitwerpselen, van vleermuizen aangetroffen. Foto 2.
Kieren in de liftschacht (foto links) en open ruimte tussen lift en schacht (foto rechts)
Paardenkastanje Wij hebben geen holten of andere voor vleermuizen potentieel geschikte verblijfplaatsen aangetroffen in deze boom. Wel hebben wij een oud nest van houtduif aangetroffen in een takoksel van deze boom. Nesten van houtduif zijn alleen beschermd als ze in gebruik zijn.
3
Beoordeling gebouw en boom op verblijfplaatsen van vleermuizen op locatie J.A.L.-terrein in Dongen
Gebouw 3 en 5 t/m 8 In gebouw 3 en 5 t/m 8 hebben wij geen (potentiële) vaste rust- of verblijfplaatsen van beschermde soorten waargenomen. Gebouw 2
Vleermuizen Achter ten minste één van de afgetimmerde ramen van gebouw 2 (zie foto 2, links) is een zomer- en/of paarverblijf van vleermuizen aanwezig. Dit hebben wij vastgesteld aan de hand van relatief verse uitwerpselen (zie foto 3, rechts). Wij sluiten niet uit dat achter andere afgetimmerde ramen van het gebouw meer vergelijkbare verblijfplaatsen van vleermuizen aanwezig zijn. Ook achter de houten gevelbetimmering van dit gebouw zijn vermoedelijk zomer- en/of paarverblijfplaatsen van vleermuizen aanwezig. Verblijfplaatsen van vleermuizen zijn het hele jaar door streng beschermd. Foto 3.
Afgetimmerd raam (foto links) en vleermuiskeutels achter aftimmering (foto rechts)
Postduif Op de zolderverdieping hebben wij een bewoond nest van een postduif aangetroffen met daarin een ei en een jonge postduif. Bewoonde nesten van postduiven zijn streng beschermd. In tegenstelling tot wat in de eerder genoemde quickscan staat vermeld, hebben wij op de zolder van gebouw 2 geen braakballen van uilen of andere sporen aangetroffen die duiden op een nest- of rustplaats van uilen. De veelvuldige aanwezigheid van duiven vormen tevens bewijs dat er geen uilen aanwezig zijn. Gebouw 4 Wij hebben uitwerpselen van vleermuizen aangetroffen op vier plaatsen achter openingen in de gevels van gebouw 4 (zie foto 4). Het gaat om twee plaatsen in de zuidoostelijke gevel en twee plaatsen in de zuidwestelijke gevel. De achterliggende spouwmuur is dus mogelijk in gebruik of in gebruik geweest door vleermuizen als winter-, kraam-, zomer- en/of paarverblijfplaats. Verblijfplaatsen van vleermuizen zijn het hele jaar door streng beschermd.
4
Project 302108 v1.0 18 februari 2019
Foto 4.
Opening naar spouwmuur (foto links) en vleermuiskeutels (binnen gele cirkels)
Gebouw 1 In de liftschacht van gebouw 1 zijn geen verblijfplaatsen van vleermuizen aanwezig. Echter, langs de dakranden van dit gebouw is een groot aantal scheuren en openingen aanwezig. Deze hebben wij vanwege de locatie en daarmee om veiligheidsredenen niet volledig kunnen inspecteren. Het is dus niet uitgesloten dat er aan de dakranden van gebouw 1 ook verblijfplaatsen van vleermuizen aanwezig zijn. Linde voorterrein Er zijn twee inrottende wonden aanwezig in takken van de linde op het voorterrein. Bij nadere inspectie blijken deze wonden erg oppervlakkig en daarmee niet geschikt als verblijfplaats voor vleermuizen of als nestlocatie voor holtenbroedende vogels. Wel hebben wij, net als bij de paardenkastanje, in deze boom een oud nest van houtduif aangetroffen. Nesten van houtduif zijn alleen beschermd als ze in gebruik zijn. Achterterrein
Levendbarende hagedis In de eerder genoemde quickscan staat aangegeven dat het achterterrein geschikt als leefgebied voor levendbarende hagedis. Wij kunnen de aanwezigheid van levendbarende hagedis echter uitsluiten. Deze soort heeft namelijk een duidelijke voorkeur voor vochtige terreinen, wat het achterterrein niet is. Daarnaast zijn er uit het recente verleden geen meldingen bekend van levendbarende hagedissen in de directe omgeving. Tot slot is het gebied niet eenvoudig te bereiken vanuit locaties waar de soort wel is waargenomen. Dit laatste vanwege de ligging van het achterterrein in de bebouwde kom, waardoor er talloze obstakels aanwezig zijn (zoals verkeer en huiskatten).
Konijn Er zijn meerdere konijnenholen aanwezig op het achterterrein. Konijnen zijn op nationaal niveau beschermd.
Vos Holen van vos zijn, ondanks wel vermeld in de quickscan, niet aanwezig op het achterterrein.
5
Beoordeling gebouw en boom op verblijfplaatsen van vleermuizen op locatie J.A.L.-terrein in Dongen
Conclusie en advies Liftschacht gebouw 1 Er zijn geen verblijfplaatsen van vleermuizen aanwezig in de liftschacht. Verblijfplaatsen van vleermuizen vormen daarom geen belemmering voor werkzaamheden aan de liftschacht. Paardenkastanje Verblijfplaatsen van vleermuizen vormen ook geen belemmeringen voor het kappen of snoeien van de paardenkastanje. Er zijn namelijk geen verblijfplaatsen van vleermuizen in deze boom aanwezig. In het broedseizoen kunnen er wel nesten houtduif of misschien andere vogelsoorten in deze boom aanwezig zijn. Wij adviseren daarom om de boom te kappen of te snoeien tussen 1 december en 1 maart. De kans op aanwezigheid van bewoonde nesten is dan het kleinst. Buiten die periode mag ook gekapt of gesnoeid worden, maar alleen als vooraf duidelijk is dat er geen bewoonde nesten in de boom aanwezig zijn. Gebouw 2
Vleermuizen Er is naar alle waarschijnlijkheid ten minste één zomer- en/of paarverblijfplaats van vleermuizen aanwezig in gebouw 2. Het is goed mogelijk dat er meer van dit type verblijfplaatsen aanwezig zijn. Om vast te stellen om welke soorten en aantallen vleermuizen het gaat, moet nader onderzoek worden uitgevoerd. Dergelijk nader onderzoek moet op verschillende momenten worden uitgevoerd in de periode tussen half april en eind september. Vervolgens moet worden bepaald of de geplande werkzaamheden aan of bij het gebouw ontheffingsplichtig zijn.
Duiven Voor het bewoonde duivennest op de zolder van gebouw 2 adviseren wij om de zolder tot ongeveer half februari 2019 niet te betreden, om verstoring te voorkomen. Bovendien moet het nest toegankelijk blijven voor volwassen duiven die het jong moeten voeden. Na half februari 2019 is het jong zelfstandig en heeft het jong het nest verlaten. Dan kan het gebouw worden afgesloten om nieuwe broedgevallen te voorkomen. Gebouw 4 Het is mogelijk dat er winter-, kraam-, zomer- en/of paarverblijfplaatsen van vleermuizen aanwezig zijn in de spouwmuren van gebouw 4. Om vast te stellen om welke soorten en aantallen vleermuizen het gaat, moet nader onderzoek worden uitgevoerd. Dergelijk nader onderzoek moet op verschillende momenten worden uitgevoerd in de periode tussen half april en eind september. Vervolgens moet worden bepaald of de geplande werkzaamheden aan of bij het gebouw ontheffingsplichtig zijn. Gebouw 1 Het is mogelijk dat er zomer- en/of paarverblijfplaatsen van vleermuizen aanwezig zijn achter scheuren, kieren en openingen in van gebouw 1 (met uitzondering van de liftschacht). Om vast te stellen om welke soort en aantallen vleermuizen het gaat, moet nader onderzoek worden uitgevoerd. Dergelijk nader onderzoek moet op verschillende momenten worden uitgevoerd in de periode tussen half april en eind september.
Vervolgens moet worden bepaald of de geplande werkzaamheden aan of bij het gebouw ontheffingsplichtig zijn.
6
Project 302108 v1.0 18 februari 2019
Linde voorterrein Er zijn geen verblijfplaatsen van vleermuizen aanwezig in de linde op het voorterrein. Verblijfplaatsen van vleermuizen vormen daarom geen belemmering voor het kappen of snoeien van deze boom. In het broedseizoen kunnen er wel nesten van houtduif in deze boom aanwezig zijn. Wij adviseren daarom om de boom te kappen of te snoeien tussen 1 december en 1 maart. De kans op aanwezigheid van bewoonde nesten is dan het kleinst. Buiten die periode mag ook gekapt of gesnoeid worden, maar alleen als vooraf duidelijk is dat er geen bewoonde nesten aanwezig zijn. Achterterrein Op het achterterrein zijn verblijfplaatsen aanwezig van konijnen in de vorm van holen. Konijnen zijn op nationaal niveau beschermd, maar in Noord-Brabant geldt bij ruimtelijke ontwikkelingen voor deze soort een vrijstelling van de verbodsbepalingen van de Wet natuurbescherming. Zorgvuldig handelen is echter vereist. Daarom adviseren wij om de konijnenholen in kaart te brengen en de holen te ontzien tussen januari en juni. Dat is namelijk de periode waarin konijnen jongen hebben die nog niet in staat zijn om zelfstandig te vluchten.
Samenvatting vervolgstappen •
behouden van bewoonde nesten van houtduif in bomen door te werken buiten het broedseizoen of door aanvullende nestcontroles;
•
behouden van het bewoonde nest van postduif in gebouw 2 door te wachten met werkzaamheden tot het jonge dier is uitgevlogen. Vervolgens de toegang tot het gebouw voor vogels blokkeren om nieuwe broedgevallen te voorkomen;
•
uitvoeren van nader onderzoek naar verblijfplaatsen van vleermuizen in gebouw 1, gebouw 2 en gebouw 4;
•
in kaart brengen van konijnenholen en deze bij werkzaamheden te ontzien tussen januari en juni.
Hebt u na het lezen van dit rapport nog vragen? Neem dan gerust contact op met Jasper Verhaar, bereikbaar via 088 - 262 72 00. Met vriendelijke groet, Uw veelzijdig specialist, Cobra adviseurs bv Joost Verhagen Directeur
Contactgegevens Cobra adviseurs bv info@Cobra-adviseurs.nl www.Cobra-adviseurs.nl T. 088 – 262 72 00 Centraal postadres Franssenstraat 66 5434 SJ Vianen (NB)
Cuijk, 18 februari 2019
Bedrijfsgegevens KvK Eindhoven 17232157 Btw-nr. NL 8199.70.220.B01 IBAN NL90 INGB 0008 5217 90
7