CConstaterende datDongen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijl4- 24-46 Verslag gespreksavond 15 mei 2024

Besluitvormende raadsvergadering 6 juni 2024, gemeente DongenBij agendapunt: Raadsvoorstel 24-46 Verlenging noodopvang de Nestel7.422 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Verslag gespreksavond tijdelijke noodopvang 15 mei 2024 De gemeente Dongen organiseert op woensdagavond 15 mei om 20.00 uur een gespreksavond in De Cammeleur over de mogelijke verlenging van de tijdelijke noodopvang op industrieterrein Tichelrijt in Dongen. Tijdens de gespreksavond wil de gemeente Dongen een toelichting geven over de mogelijke verlenging van de tijdelijke noodopvang en inwoners de mogelijkheid bieden vragen te stellen. Op de gespreksavond zijn ruim 35 aanwezigen waaronder inwoners, ondernemers, raadsleden, media, het Rode Kruis en medewerkers van de gemeente Dongen. De gespreksavond wordt geleid door Tom Vaessen. Verslag Van de bijeenkomst is dit verslag gemaakt voor alle aanwezigen en voor mensen die er niet bij konden zijn. Meer informatie De gemeente informeert inwoners zo snel mogelijk over de ontwikkelingen rondom de tijdelijke noodopvang. Dit gebeurt via www.dongen.nl/opvang, bewonersbrieven, informatiebijeenkomsten en in de informatiekrant. Ook start de gemeente met een nieuwsbrief Tijdelijke Noodopvang asielzoekers Dongen. Aanmelden kan via opvang@dongen.nl

Opening Tom Vaessen (gespreksleider) opent de avond. Hij geeft aan dat we deze avond de dialoog gaan voeren. Deze avond is georganiseerd naar aanleiding van de bijeenkomst op 17 april. Tijdens die avond werd in de zaal de vraag gesteld of het mogelijk is de noodopvang te verlengen. Daarop heeft de gemeente gezegd: Oké, maar laten we daarover wel het gesprek voeren met de samenleving en daarvoor nog een keer ook samenkomen. Tom geeft aan dat het gesprek ook wordt opgenomen deze avond. ' Zo kan er een verslag van worden gemaakt. Dit is ter informatie voor de organisatie en ook voor de gemeenteraad.' Intentie van de avond Tom vraagt aan burgemeester Bakermans wat de intentie is van deze avond. 'Tijdens de vorige bijeenkomst zijn we in groepjes uit elkaar gegaan om te bespreken wat er beter kan de komende periode tot 31 juli rondom de noodopvang. In alle groepjes kwam de vraag naar voren: Waarom moeten we eigenlijk sluiten? Er zijn klachten, het gaat eigenlijk goed, moeten we die kosten wel maken? Dat zijn verschillende redenen om te verlengen. Aan de andere kant heeft het college hele duidelijke afspraken gemaakt met de samenleving, de noodopvang sluit na 31 juli. Als we door zouden gaan met de noodopvang vinden wij het wel heel belangrijk met de samenleving in gesprek te gaan. Deze avond is daar een vorm van. Klankbordgroepen Daarnaast hebben we twee klankbordgroepen.

Een is met ondernemers. Met omliggende ondernemers op de Nestel hebben we contact gehad. Die hebben allemaal gezegd, als buurman heb ik er geen last van. Een ondernemer gaf aan om ook de andere ondernemers van het bedrijventerrein te benaderen. Dat hebben we gedaan. We hebben brieven verzonden naar een grote groep ondernemers. Daar hebben we gister mee gesproken. Er waren vijf mensen. We hebben gedaan wat wij denken dat goed is. Je ziet dan wel dat de opkomst wat laag is. Maar de aanwezigen gaven aan dat zij niet tegen een verlenging van de noodopvang zijn. We hebben ook een klankbordgroep voor inwoners. ' Een van de leden van de klankbordgroep voor inwoners vertelt over de bijeenkomst van de klankbordgroep en wat daar besproken is. 'Wij zijn bij elkaar gekomen en daar is positief gereageerd op een eventuele verlening van de termijn.' Burgemeester Bakermans vult aan: 'Verkeersveiligheid wordt echt nog naar gekeken, zo zijn er nog meer puntjes waarvan we zeggen, kijk daar nog eens naar. Dus het is niet alleen maar positief, er zijn ook puntjes die beter kunnen.' Enquête Burgemeester Bakermans vertelt dat hij tussendoor in gesprek is gegaan met fractievoorzitters van de gemeenteraad. Zij gaven aan dat het goed is om een enquête uit te zetten onder inwoners, om te voorkomen dat je alleen de geluiden hoort van gelijkgestemden tijden eens bijeenkomst.

Om als gemeenteraad een goede uitspraak te doen is het belangrijk

te weten hoe iedereen erin zit. De enquête staat open tot en met donderdag 16 mei. 'Van de enquête wordt een analyse gemaakt, dan hopen wij als college dinsdag daar meer over te weten om een voorstel te kunnen doen aan de gemeenteraad. Op dit moment hebben meer dan 500 mensen de enquête al ingevuld.' Vertelt burgemeester Bakermans

Vervolg na de avond Tom Vaessen vraagt burgemeester Bakermans wat de volgende stap is en wat de burgemeester hoopt dat deze avond oplevert. 'Uiteindelijk vind ik dat als een gemeentebestuur aangeeft We stoppen ermee en mensen zijn het eens met die voorwaarde. Ik wil niet dat inwoners bij een volgende keer zeggen dat het gemeentebestuur niet betrouwbaar is. Daarom is het zo belangrijk hier vanavond te horen wat mensen er echt van vinden. Wij zijn er niet perse voor om de noodopvang in de lucht te houden, maar wij zijn er voor om met een goed bestuurlijk besluit het wel of niet te doen. Ik hoop dat een deel van het fundament daarvoor vanavond gemaakt kan worden.' ‘De vorige keer hebben we gezegd, dit is een noodopvang. We duwen het er doorheen, wel in wat overleg, maar niet zoals we dat gewend zijn. We hebben nu gezegd het college gaat een voorstel doen aan de gemeenteraad. En hebben wij gevraagd het onderwerp te agenderen voor 6 juni. Mogelijk ook voor 23 mei, maar in ieder geval 6 juni, om daar een besluit te kunnen nemen om het wel of niet door te laten gaan. Omdat, als we veel later gaan zitten, dan krijg je het ook niet meer geregeld om het weer door te krijgen, om weer in contracten verlengt te worden, etcetera. Dus vandaar die datum.’ Tom Vaessen geeft aan blij te zijn dat ook raadsleden aanwezig zijn.

Hij benadrukt dat deze avond de dialoog wordt gevoerd en dat daarbij ook door raadsleden vragen aan inwoners gesteld mogen worden. Terugkoppeling bijeenkomst 17 april Tom vraagt burgemeester Bakermans wat tijdens de vorige bijeenkomst is besproken en hoe de gemeente deze avond heeft ervaren. Burgemeester Bakermans: ‘Wat heel fijn was om te horen was de opmerking die ook in de eerste twee avonden geweest zijn, dat wij daar als gemeente goed op geacteerd hebben. Dus we hebben de mensen serieus genomen en we constateren dat een aantal dingen misschien ook wel wat overdreven waren om te doen, maar we hebben het wel gedaan om te zorgen dat in ieder geval de zaken goed zouden lopen. Twee, er zijn ook wel wat lessen te leren. We hebben het gehad over de vrijwilligers en dat is nog steeds zo'n punt van aandacht. Kunnen die op een goede manier verder inzetten? Als gemeente blijft het schakelen op wat er gebeurt. We hebben een week of twee, drie geleden, nog iemand gehad die wat onrustig was en wat onrust maakte op de locatie. Daar hebben we echt afscheid van genomen hier. Om ook te zorgen dat echt de sfeer die er is goed blijft. Want het gaat eruit wie er enthousiast over heeft kunnen vertellen. Dat eigenlijk die locatie heel erg goed verloopt, dat mensen goed met elkaar overleg zijn.’

Tom vertelt over het verloop van de avond: ‘We doorlopen vanavond een dialoogavond. Ik heb het al genoemd. We gaan vanavond met elkaar in gesprek. Dat betekent dat ik zo meteen als eerste met jou en met Ad even terugpak op hoe staan de zaken ervoor en wat speelt er, zeg maar. En daarna gaan we met elkaar in het gesprek voeren. Ik benieuwd wat voor vragen er zijn. Of wat voor ideeën er misschien leven. Of gevoelens die er zijn, dat we die gewoon hier open en eerlijk met elkaar op tafel kunnen leggen. En misschien dat jullie of het Rode Kruis ook vragen hebben aan de groep die hier vanavond aanwezig is.’ Tom legt uit dat ook wethouder De Jong aanwezig is. Wethouder De Jong neemt het onderwerp ‘Noodopvang’ over van burgemeester Bakermans wanneer stopt als interim burgemeester van de gemeente Dongen. Waarom zijn mensen aanwezig op de avond? Tom vraagt aanwezigen waarom zij deze avond aanwezig zijn. Mensen in de zaal reageren: -

-

‘Ik ben al vaker hier geweest en ik ben erg belangstellend. Ik probeer zo goed mogelijk voor te zorgen dat vluchtelingen zich hier thuis voelen. Daarom zou ik het fijn vinden als de noodopvang langer open zou blijven.’ ‘Ik vind het heel belangrijk. Ik vraag me wel af, als het heel warm wordt wat de mensen daar dan moeten.’ ‘Bij de eerste bijeenkomst was gezegd dat het maar voor zes maanden zou zijn. Dus ik ben heel benieuwd waarom het nu dan wel langer is.’ ‘Als wij de mensen allemaal gaan opvangen, dan moeten ze ook voor woningen krijgen. Maar wij vallen dan overal buiten de boot. Dat vind ik toch zorgelijk.’ ‘Hoe gaan we dit eigenlijk aanpakken? Ik mis nog een paar stukken. Die mensen komen hier en zij moeten zich aan ons aanpassen, maar dat doen ze nu niet. Dat vind ik jammer.’

Noodopvanglocatie en langdurige opvang Tom Vaessen: ‘De vorige bijeenkomst is het gegaan, heel kort, over de grote opvang. De grotere opvanglocatie. De permanente opvanglocatie. Ik vind het belangrijk om dat ook wel even te duiden. Wat is de link met die route?’ Burgemeester Bakermans: ‘We hebben het hier echt over de noodopvang en de verlenging voor een half jaar. De spreidingwet, we weten niet hoe dat gaat lopen. Die heeft gemaakt dat daar waar we het gesprek aangegaan zijn in de gemeenteraad, om hoe gaan we nou met een wat permanentere opvang. Die hebben wat vooruitgeschoten. Maar dat staat echt los van deze opvang. Dat staat los van deze opvang en regionaal wordt dat besproken. ‘

In gesprek met Ad Sebregts – Locatiemanager Noodopvang Dongen en Loon op Zand Tom vraagt Ad wat de ervaringen zijn van het Rode Kruis hoe het gaat op de noodopvang. Ad van het Rode Kruis: ‘Nou ja, we zijn met elkaar, dus de teams, en dat is de Rode Kruis, maar ook teams als Van Balans voor de Beveiliging, Save for You, Fornuis aan huis, Elre van de Schoonmaak, zijn wij met elkaar bezig geweest en eigenlijk steeds meer naar de bewoners toegegroeid en de bewoners steeds meer naar ons. We hebben over 115 bewoners en dat heb ik even opgezocht, misschien interessant wel. 22 alleenstaande mannen, 4 alleenstaande vrouwen, 23 nationaliteiten en de rest is gezin, waarvan 44 kinderen dus dat is eigenlijk bijna 1 derde. Ik ben locatiemanager. We hebben vier locatiecoördinatoren en twee woonbegeleiders. De woonbegeleiders hebben echt heel veel contact met de bewoners. En geloof me nog niet, hier wonen we eigenlijk, we kennen eigenlijk iedere bewoner. We weten waar een bewoner woont, zo noemen we dat ook in zo'n unit. En weten bijna wat ze eten en wat ze lekker vinden. En dat komt onder andere door die interactie die we nu met ze hebben. We zijn ze dus eigenlijk steeds beter leren kennen.

We werken samen en die inspanning verbindt echt.’ Tom: Wat doen de mensen op en ook buiten de opvanglocatie? Ad van het Rode Kruis: ‘Nou ja, we zijn nog steeds op zoek en dat is echt een aandachtspunt, want we hebben ook een behoeftepeiling gedaan vanuit het Rode Kruis. De dagbesteding voor deze mensen is de grootste uitdaging. Ze mogen nog niet werken. We hebben daar bijvoorbeeld dat uitzendbureau voor gevraagd. En die gaan kijken op wat voor manier kunnen we deze mensen toch zo snel mogelijk met een BZN-nummer ergens aan de slag krijgen. Om ze zo ook een ritme te kunnen geven. We zijn ook bezig nu om bewonersbeheerkomsten te organiseren, wat informeler. Waarbij wij er ook naartoe willen dat we bepaalde groepen, bepaalde mensen als groep, een beetje verantwoordelijk willen maken voor bijvoorbeeld het schoonhouden van de toiletgroepen. Dat ze daar zelf verantwoordelijkheid voor krijgen. Zo hebben we nog een paar voorbeelden waar we dat willen inzetten, maar dat willen we met hun bespreken. Binnenkort gaan we met ze trainen met het fietsen. In Loon op Zand toevallig hebben we dat eerder meegemaakt, want daar wilden we eerder gaan fietsen met de kinderen dan wat het hier de wens was. Daar hebben we een heel mooi plan ontwikkeld. Nou, daar heb je ook die ouders bij nodig, want je kunt dat niet allemaal.

Dus daar willen we ze veel meer mee gaan betrekken.’ Tom: ‘Interactie met de samenleving hier in Dongen, hoe gaat dat?’

Ad van het Rode Kruis: ‘Er is fitness, er is taalles, er is voetbalactiviteit, er is zangles, er zijn pianolessen, er is computerles, er is eenvoudige wiskundeles, er is ook vrijwilligerswerk om papier op te halen met de voetbalvereniging.’ Tom vraagt aan burgemeester Bakermans wat de gemeente heeft geleerd de afgelopen periode. Burgemeester Bakermans: ‘Uiteindelijk allemaal best wel angstig ingestapt. En dat geldt ook voor mijzelf. Voor wat? Voor de vluchteling en wat voor een mens is dat? Alsof je vanuit een ander planeet bent. Met wat voor iemand hebben we te maken? Ja, en wat kun je daarvoor invullen? En ook ik heb gemerkt dat je heel snel dus beelden invult en je daarop gaat focussen. En dat is me ontzettend meegevallen. Dus het is misschien ook wel goed om niet altijd vanuit angst te reageren. En wat ik een lastige vind, en dat appelleert wel even aan de mensen, hoe zit het nou met onze woningen? Want het is natuurlijk waar, het is een ongelooflijk ingewikkeld verhaal dat wij mensen hierop vangen, of moeten vangen. We weten dat er ook grote discussie natuurlijk is in Nederland. Ondertussen is er ook wel een probleem te tacklen. Om dat met elkaar op een goede manier te bespreken, En ik ben er hartstikke trots op eigenlijk. Dat geldt ook weer voor hoe we hier zitten. Maar we hebben nu vier avonden. Ik had de wijze waarop dat gebeurt. Of nou mensen voor of tegen zijn.

Dat dat allemaal besproken is. Dat heeft voor mij een hele positieve afdronken gekregen. Dat had ik niet per se verwacht. En het is wel heel mooi om te zien.’ Tom: Is er ook iets waarvan je denkt, dit hadden we beter moeten doen? Burgemeester Bakermans:’ Maar ik denk dat als je terugkijkt, dat er heel veel dingen waarschijnlijk beter zou kunnen. Ik vind de verkeersveiligheid, dat blijft toch wel een punt van aandacht. Ik begreep van de week dat er toch een matrix wordt opgehangen en dat weer weggehaald is. Dus wij hebben echt wel een aantal dingen in. Maar ik vind dat allemaal te klein in het fijnschijven. Als ik nou kijk naar wat het beeld was... We willen in noodopvang voor 150 mensen simpelweg, omdat we ons verplicht voelen een bijdrage te leveren aan de crisis die er is. Dan denk ik dat op de grote lijn de dingen gewoon goed gegaan zijn. Het fijnslijpen, het kortsluiten, het Rode Kruis met balans, onze gemeente. Daar moet je scherp op blijven. En elke keer als iemand ons zegt dan heb je hier aan gedacht, daar aan gedacht. Dan ben ik blij dat we vooral de stap naar voren zetten. Niet te lang nadenken over waarom zijn de dingen nou gebeurd. Naar voren, oplossen en aanpakken’ Tom vraagt aan Ad wat het Rode Kruis heeft geleerd Ad van het Rode Kruis: ‘We leren eigenlijk nog iedere dag. Je komt iedere dag weer op momenten tegen dat je denkt, oh wacht, dat is interessant.

En dat maak ik mee op twee locaties. ik weet vanuit de peiling bijvoorbeeld dat we eigenlijk de mensen wat meer zouden moeten ondersteunen in mentale zin. In psychologische zin, want ze komen vaak met een

behoorlijke rugzak, waar wij ons geen voorstelling van kunnen maken. En daar hebben ze het allemaal mee te dealen. En als je daar ook met hun over in gesprek kunt gaan, dan kun je ze ook weer in hun kracht zetten. Je kunt ze niet altijd verstaan, dat is weer een uitdaging qua taal. En daar zouden wij, we zijn er overigens met Wim(vrijwilliger en expert op dat gebied) bezig, wat moeten we hiermee. Maar we zijn toevallig daarover in gesprek om daar iets mee te doen. Wat kunnen we betekenen voor de mensen? En ja, toevallig komt het ook uit die peiling dat mensen daar echt met nadruk echt om vragen. Ik zit hier mee, je hebt taalbarrière. Wij hebben het ook terug met onze dagelijkse gang van zaken. Ik denk dat als je dat stukje bij hun weet op te pakken, dat ze ook wat makkelijker mee gaan draaien. Want dan komen ze in hun energie.’

In gesprek met de aanwezigen in de zaal Tom start het gesprek met een aantal vragen aan burgemeester Bakermans Tom: ’Stel dat de noodopvang open zou blijven. Zijn er dingen die dan veranderen ten opzichte van hoe het nu is?’ Burgemeester Bakermans: ‘Naar aanleiding van de gesprekken die wij nu met de klankbordgroepen hebben, zit dat allemaal een beetje in het leren en al doende beter worden, maar zitten er geen fundamentele veranderingen meer. Ik denk dat we kunnen concluderen dat in de afgelopen maanden we van grof goed naar vrijmazig beter geworden zijn.’ Tom: ‘Wat gebeurt er als deze locatie toch wordt afgebroken?’ Burgemeester Bakermans: ‘Eigenlijk gaat er een gebeuren wat wij gewoon met elkaar afgesproken hebben in de eerste aanleg. Dus de tent, alles wordt afgebroken. Deze mensen die gaan op een bus naar andere plekken in het land. Ja, dus die gaan naar andere locaties. Andere plekken, andere scholen, andere dingen. Dus dat is de consequentie, maar die kenden we toen ook. En dat was ook de afspraak. De locatie is vrij voor ondernemers om zich te melden. Op zich zou dat proces kunnen gaan.

We weten dat er een lijst is met interesseerden, maar niet voor die locatie.’ Vraag vanuit de zaal: We hebben de afspraak eerder gemaakt, maar waarom wordt dan alsnog dit gesprek gevoerd? Burgemeester Bakermans: ‘Die belofte is gedaan en ik weet dat ik ergens gestaan heb en gezegd heb er is eigenlijk maar één iemand die mij kan dwingen om het anders te doen en dat is de gemeenteraad. Ja, weten dat er een probleem is, maar we zijn eigenaar van deze locatie, we hebben contract op tot 31 juli, dus als we niks doen wordt het hele boeltje opgeruimd en gaat verder. Wat ik niet verwacht had, en ik vind het eigenlijk wel heel mooi, is dat eigenlijk onze inwoners zelf gezegd hebben, ga toch eens onderzoeken of wat mogelijk

is. Als de inwoners van Dongen zeggen wij vinden het eigenlijk een goed idee om alles afwegende toch te laten doen. Dan is het iets wat we goed doen.

We zitten er voor de inwoners van Dongen om daar inhoud aan te geven. En is dat de afweging? En het heeft mij verrast. Dus ik dacht echt dat een half jaar is een half jaar. En ja, ik wist dat de druk vanuit Den Haag zou komen, maar ik wist ook wat onze papieren zijn. Wij kunnen gewoon stoppen. Er is geen COA wat hier de boel overeind kan houden. Want we zijn zelf eigen maak. Maar de vraag kwam van een heel andere hoek.’ Vraag vanuit de zaal: ‘Als het niet op deze plek is, gaat Dongen dat op een andere plek door?’ Burgemeester Bakermans: ‘Dat is nu helemaal niet aan de orde. Dat is niet de discussie. Kijk, weten dat er nationaal ontzettende druk zit op de keten. En ja, dan de commissaris van de Koning die schrijft brieven met de vraag aan gemeenten om locaties te maken. Maar het is niet zo dat wij hier zeggen, nou als u dit niet doet, dan zullen we hem aan de andere kant wel openen. Dus dat is niet de discussie. Niet de bestuurlijke insteek. Dit is echt gedaan als gevolg van de input die hier gedaan is en wat wij van zeggen in de afwegingen en dat is die bestuurlijke betrouwbaarheid waar we het over hebben want ik vind dat een reëel en zwaar punt. En wat zijn dan die andere morele dingen waar het hier over gaat. Over geld, over mensen. We hebben net het onderwijs gehoord, wat dat met de kinderen doet. Dat is de andere kant van dat afwegingskader.

En iedereen hangt daar zijn eigen gewichten aan. Wij hebben het nog niet gedaan, maar wij moeten daar wel gewichten aan hangen. En denken, met deze gesprekken, de klantbordgroepen, maar ook de enquête, voldoende materiaal te hebben om daar in ieder geval op een goede manier te wegen. In de wetenschap dat we het dan toch niet altijd voor iedereen goed doen. Maar dat we het in ieder geval uit kunnen leggen, want dat vinden we dan wel van belang.’ Opmerking vanuit de zaal: ‘Ik probeerde de enquête in te vullen, maar het werkte niet. Als mensen iets willen invullen en het werkt niet, dan geven ze op.’ Vraag vanuit de zaal: ‘Waarom is er geen referendum gehouden, maar een enquête? De enquête is maar 500 keer ingevuld.’ Burgemeester Bakermans: ‘Vanuit het bestuur denken wij dat we hier alle instrumenten die we kunnen benutten op een goede manier gebruiken. Is 500 veel of weinig? Ik denk dat er een heel goede score is op een gemeenschap van 26.000 mensen. Ik weet niet wat de uitkomst is. Misschien zeggen die 500 wel allemaal, u moet stoppen. Nou ja, dat is ook een helder signaal. En die is voor mij net zo helder als of er een referendum had liggen. Dus weten nog niet wat de inhoudelijke uitkomst is. En die wordt zwaar meegenomen. Want daar zitten meer mensen dan hier.

En we hebben wel het idee dat in de gesprekken, en dat hebben we ook wel gezien, dat de mensen die een stem een kritischere stem hebben op het doorgaan, dat die zich minder vaak melden in zo'n vervolg. Dus dat is gewoon een ding

waarbij je ook rekening mee moet houden in die afwegingen. Dus ik ben ook blij dat dit soort geluiden er gewoon nu zijn.’ Opmerking vanuit de zaal: ‘Elke keer dat woningen beschikbaar komen kun je erop wachten tot er mensen van buitenaf komen wonen. Zoals bij Glorieux. Dat vind ik een kwalijke zaak.’ Burgemeester Bakermans: ‘Ik snap uw punt ontzettend goed. Als we kijken naar de verlenging van de noodopvang, dat gaat daar het verschil niet in maken.’ Vraag vanuit de zaal: ‘Ik begreep op die eerste avond hier dat er plannen waren voor een permanente AZC van 450. Toen bleek al vrij rap, dat kon het gemeentebestuur niet weten, want er is bepaald dat die spreidingswet een behoorlijk stukje lager zou zitten. Nu gaat het om de verlenging van die tijdelijke opvang die hier aan de orde is. Dus eigenlijk mis eigenlijk wat samenhang tussen beiden.’ Burgemeester Bakermans: ‘Ik snap, als het gaat over de gemeente Dongen of de gemeenschap Dongen, wat haar rol is in de toekomst in de opvang, dat is eigenlijk het gesprek als het gaat over de permanente opvang. Het gaat over het spreidingswet en alles wat er speelt. Dat is een discussie en een gesprek dat dit moment in de regio plaatsvindt. Als we nou kijken naar de invulling op dit moment, want op dit moment is het spreidingswet en er is nog niemand aan permanente locaties bezig is, zijn we op gewoon een lek aan dichten.

Dat doen we niet op visie, dat doen we niet op basis van allerhande kennis, dat doen we omdat er paniek is in het land en we vinden dat mensen niet buiten mogen slapen en dat we vinden dat in Ter Apel niet vier-, vijfhonderd man ergens op een grasveld moeten zitten. En dat is eigenlijk nog steeds dit onderdeel van het geheel. In dat andere verhaal, en dat gaat nog komen. In januari hebben we een voorstel richting de gemeenteraad gedaan om mogelijk 450 in een permanente locatie te zetten. De gemeenteraad heeft gezegd: A, maak je huiswerk opnieuw, want we hebben onvoldoende gegevens om daar iets goeds van te kunnen vinden. We zijn wat ingehaald door de spreidingswet en de afwegingen in de regio. Maar dat gaat wel terugkomen. Dus wij zullen, vanuit de gemeente Dongen, zullen we een oordeel moeten hebben en een beeld moeten hebben hoe je straks om wil gaan met het vluchtelingenvraagstuk op nationaal niveau terugvallend op de Dongense.’ Vraag vanuit de zaal: Maar kan het dan wel zo zijn dat deze mensen die nu in de noodopvang zitten, als die verlengd wordt, verhuizen naar de permanente AZC? Is dat aan de gemeente? Burgemeester Bakermans: ‘Ik denk dat de overbrugging van de noodopvang naar een permanent vraagstuk waarin we een antwoord op moeten geven, dat niet één op één aansluit op dit moment.’

Vraag vanuit de zaal: ‘Waarom is het voor een half jaar gekozen? Want eigenlijk de argumenten die er zijn om te verlengen spelen we een half jaar ook weer. Ik verwacht ook niet dat het probleem erop gelost is. Dus waarom een half jaar, waarom niet drie maanden, waarom niet gelijk een jaar? Is daar over nagedacht?’ Burgemeester Bakermans: ‘Ja, daar is over nagedacht. Als het dadelijk ergens toch niet goed zou gaan. Ik vind dat we dat moeten kunnen meten en dan ook moeten kunnen stoppen. Dan moet je een moment hebben om af te schalen. Ik vind het heel mooi dat het nu vanuit inwoners gekomen is. We weten nog niet hoe het gaat lopen, wat het besluit uiteindelijk is. Maar ik vind als dat zo is, dan moet je per half jaar kunnen zien. Ik ben er dan niet meer bij maar iedereen is dan uitgenodigd om weer in te brengen wat hij wil, maar daarvoor is wat mij betreft het half jaar.’ Opmerking vanuit de zaal: ‘Ik vind het eigenlijk heel frustrerend dat mensen zich niet aanpassen aan onze cultuur. Nu is het meer andersom. Nu wordt meer geregeld dat wij aan hun aanpassen.’ Reactie vanuit de zaal: ‘Ik word wel verdrietig van zulke reacties. Vanuit Stichting Arm in Arm hebben wij het uitgangspunt: Oordeel niet. Zo benaderen wij mensen. Het zijn Dongenaren die het slecht hebben, het zijn buitenlanders die het slecht hebben. Wij oordelen niet.

Als je dat in je hoofd houdt als uitgangspunt kom je al heel ver met elkaar. Je mag je mening hebben, dat klopt. Maar er zitten ook heel veel goede mensen in Dongen. Ik ben geen belanghebbende, want wij zijn een onafhankelijk organisatie. Die geen enkele band heeft met de gemeente, niet financieel. Dus wij proberen voor de mensen te zorgen, dus ook voor deze mensen.’ Vraag vanuit de zaal: ‘Wat wordt er gedaan om mensen kennis te laten maken met onze cultuur?’ Ad van het Rode Kruis: ‘We zijn natuurlijk bezig met zoveel mogelijk taallessen aan te bieden. Ik heb geen concreet aantal, maar er zijn heel wat lesmomenten. Ik wil dat 80% van de volwassenen echt de Nederlandse taal wil leren. Vandaag heb ik een nieuwe collega geïntroduceerd. Vanuit ons district. En zij is een programmamedewerker en die gaat life skills introduceren. En wat is life skills? Dat is hoe wij in Nederland praten. Wat is een zorgverzekeraar? Hoe vraag je een Digi-D aan? Hoe werkt het in de supermarkt? Al dat soort dingen, al die eenvoudige dingen waar wij echt alleen maar, die zijn bij ons allemaal bekend, die komt zij introduceren. En of we dat met vrijwilligers gaan doen, of dat we dat met onze eigen woonbegeleiders gaan doen. We willen deze mensen het liefst zo snel mogelijk op de hoogte brengen van hoe wij het hier geregeld hebben.

En daarbij passen wij ons niet aan hun aan, maar vertellen wij hen hoe wij het hier in Nederland geregeld hebben. En maken wij ze ook zelfredzamer. Dat er een verbinding komt tussen de Dongenaren en de mensen hier op de locatie, dat is voor ons belangrijk. Dat proberen we ook echt. Het is best van wat voorwaarden afhankelijk.

Maar daar gaat het om. En dan is het van elkaar leren. Dat is ook heel erg mooi. Als je kijkt naar eten. Zij eten ons eten, wij eten hun eten. Dan kun je ook hele mooie dingen uithalen.’ Vraag vanuit de zaal: ‘Hoe worden de kinderen op school begeleid?’ Reactie vanuit de zaal: ‘Wij zijn ook specifiek een taalschool, dus wij hebben kinderen van over de hele wereld die in principe in Tilburg en de omgeving wonen die Nederlands moeten leren. En wij hebben ze van 6 tot 12 jaar in principe. En wij geven lessen gewoon in het Nederlands. En wij leren ze praktische dingen. Zitten op school achter een tafeltje in een klas, want dat is niet in alle landen natuurlijk zo. Sommige kinderen zijn nog nooit naar school geweest. Woordenschat zijn we heel erg mee bezig. Zorgen dat je kan redden. We weten dingen. Hoe vraag je in de supermarkt waar de appels liggen. Of hoe ga je een gesprek aan met iemand.’ ‘De bedoeling is dat de kinderen bij ons, normaal zijn ze dan een jaar, en in dit geval zijn sommige gekomen en zijn na een paar weken weer weg. En weten dat in principe na de zomervakantie dit stopt.

We hebben het programma nog een jaar en het idee is dan dat de kinderen naar een reguliere Nederlandse basisschool kunnen, dat ze genoeg Nederlands spreken en schrijven om zich te kunnen redden.’ Burgemeester Bakermans: ‘Als mensen uit andere landen hier komen en ze zijn islamitisch of dat ze ook inderdaad andere gebruiken en sommige van die gebruiken ook heel graag willen houden. En dat vraagt van ons soms ook om ruimte naar iets anders leven. Dus niet iedereen zal die gehaktbal eten met de boerenkool. Soms eten we dat. En ook in de geloof overtuigen is dat natuurlijk zo. En ik weet dat bij sommige mensen ook schuurt, dat lastig gevonden is. Maar ik denk dat het goed is om dat gewoon ook te erkennen dat zo is. En dat op een aantal onderdelen dus anders is dan dat wij, als je vanuit de christelijke waarde alles door zou redeneren, dan zou je dan wat minder gevarieerd doen. En dat kun je zien ook als een bedreiging van je eigen cultuur. En ik vind dat we die geluiden dus niet weg moeten stoppen, die zijn er. En daar moeten we dus mee omgaan, op een goede manier.’ Vraag vanuit de zaal: ‘Mooie termen de juiste manier omgaan. Wat is juist en wie bepaalt dat?’ Ad van het Rode Kruis: ‘Nou ja, we beginnen ergens. Je moet je voorstellen, deze mensen, sommigen zaten twee maanden geleden nog in Egypte of in Colombia. En die komen bij ons en wij proberen met taal, het begint met talen.

Je probeert ze al mondiger te maken. En wat wij heel vanzelfsprekend vinden is fietsen. Dat is niet vanzelfsprekend. Dat ze op een gegeven moment, als ze zich weer in onze samenleving gaan mengen, dat ze dit ook gaan zien. Dat moeten we accepteren. En de gewoonten in de basis, zoals eten en hygiëne met elkaar. Hoe wij dat doen, want wij hebben een heel hygiënisch landje. Nou, dat zijn ze in een heel groot deel van de wereld niet gewend. Nou, wij proberen ze daar wel

mee in aanraking te laten komen. En dan ga je langzaamaan verder. En voordat je ze echt als Nederlander hebt, ja. Dat duurt een heuvel, en dat is stap voor stap.’ Opmerking vanuit de zaal: ‘Ik ben ook gewoon buurman, ik woon valkbij de ploeg. Maar ik wou eigenlijk twee meer feitelijke dingen opmerken. Als het gaat om de woningmarkt. Er zijn ongeveer een kleine 300.000 woningen te kort, 280.000 in Nederland. Er zijn 1,3 miljoen huurwoningen in privébezit als beleggingsband. Gelukkig wordt daar het overgrote merendeel van verhuurd aan mensen die daar wonen. Tienduizenden, niet zozeer in Londen, maar wel in Oosterhout, Tilburg en Breda worden verhuurd aan toeristen of aan experts in plaats van aan mensen die een woning zoeken. De afroming van de woningmarkt door dat effect in de markt is veel groter dan de asielzoekers die hier komen. Dus die woningmarktenargumenten, die moeten we eigenlijk op een hele andere manier benaderen. En ik heb op heel veel plekken in Nederland gewerkt en gewoond. En op heel veel nationaliteiten gewerkt en gewoond. En dat aanpassen, dat doen ze gewoon wel.’ Opmerking vanuit de zaal: ‘Ik wil nog heel even over het kader, van het integreren in de Nederlandse maatschappij. Ik weet dat aanstaande zondag er in de katholieke kerk zes kinderen eerste communie gaan doen vanuit de noodopvang.

Dus dat betekent dus ook dat daar gewoon aandacht is geweest voor de cultuur en aandacht voor het geloof te beleven. En ook zoeken naar hoe we dat nou precies gaan vormgeven.’ Vraag vanuit de zaal: ‘Zijn de 150 bewoners van de noodopvang uitgenodigd voor deze avond? Waarom niet?’ Burgemeester Bakermans: ’Nee, ze zijn niet uitgenodigd. Daar is niet specifiek aan gedacht.’ Reactie vanuit de zaal: ‘Ik hoor dat mensen op allerlei manieren erin staan. Misschien als hier iemand had gezeten die zegt, nou ik wil heel graag het peeënlied zingen over een jaar. Misschien dat mensen in deze zaal zeggen van nou, fijn. Dit is participatie in de basis. We hebben het over ze, zonder dat ze erbij zijn. Dat is jammer, denk ik.’ Burgemeester Bakermans: ’We nemen het mee als suggestie voor een volgende keer. want ik vind op zich dat je het punt hebt. Het is een goede suggestie’ Vraag vanuit de zaal: ‘Het tweede is, meneer Bakermans wijst terecht op: Het is uiteindelijk aan de gemeenteraad. En ik vraag me af in dit proces, want meneer Bakermans doet dit met verve door de kastanjes uit het vuur te houden, dus complimenten. Maar komt het binnen nu en 6 juni of 23 mei komt er nog een moment met de gemeenteraad, want hier is een aantal aanwezig. Twee partijen zijn niet aanwezig van de vijf. Ik kan me voorstellen dat de gemeenteraad ook de behoefte voelt.

Het is nu in mijn ogen vooral een uitnodiging vanuit het college. Ik benieuwd of de gemeenteraad de behoefte voelt om dit ook nog tegen die tijd te organiseren.’

Burgemeester Bakermans: ‘Ik heb het in de introductie gezegd, misschien is het niet helemaal duidelijk. Morgenavond sluit de enquête. We hopen die gegevens dus vrijdag dan te hebben. We hopen een voorstel in het college van dinsdag te hebben. Hebben wij de vraag neergelegd bij de gemeenteraad om het dan op te agenderen voor of de 23e of de 6e. De gemeenteraad gaat over het agenderen. Maar stukken worden wel aangeboden aan de gemeenteraad eigenlijk met de vraag om dat te doen. Omdat als het verder doorschiet dan wordt het ingewikkeld met het verlengen van contracten als het een voorgenomen besluit is om door te gaan.’ Reactie vanuit de zaal: Maar misschien dat de raad zelf ook nog die behoefte voelt om dat te organiseren? Reactie Frans den Broeder VVD: ‘Prima punt, ja zeker. Ik voel me die behoefte, dat gaan we ook als gemeenteraad bespreken.’ Reactie Iris Vermeulen VPD: ‘Ik denk dat dit juist een avond is waar iedere partij daar zelf afweging in mag maken, of je wel of niet komt. Er wordt natuurlijk ook een opname gemaakt zodat raadsleden die er niet bij zijn nog kunnen teruglezen en iedereen zijn eigen conclusie kan trekken. En ik denk dat het voeren van een debat met elkaar tijdens een opiniërende raadsvergadering altijd de insteek is. ’ Reactie Stijn Sips CDA: ‘Ik denk dat het een terecht punt is hoor.

En volgens mij zijn we er allemaal niet aan uit hoe we dat precies willen aanvliegen en invliegen. Maar waar je ook mee begon, dat is denk ik ook hoe het is. Deze bijeenkomsten en ook bijeenkomsten van de afgelopen keer zijn op verzoek en uitnodiging van het college, van het dagelijks bestuur van de gemeente. En het is in de gemeenteland en eigenlijk in de hele politiek normaal dat het dagelijks bestuur met voorstellen richting de volksvertegenwoordiging komt en die hebben dan het laatste woord daarover. Dus deze bijeenkomsten dienen als input voor de voorstellen van het college die naar de gemeenteraad komen en volgens mij is het dan aan de gemeenteraad om met de inhoud die dan bekend is de afweging te maken, hebben wij voldoende informatie, onder andere door aanwezig te zijn bij deze bijeenkomsten en de enquête en hetgeen de analyse die los wordt gelaten om daar een standpunt over te kunnen innemen. En als dan een meerderheid van de raad zegt, nee dat kunnen wij niet, dan zullen we met elkaar moeten bedenken, wat hebben we dan nodig om wel een standpunt in te kunnen nemen. Dat kan een herhaalsessie zijn van een bijeenkomst zoals deze, maar zoals je zelf ook zegt, er zijn heel veel manieren om dan in te zetten en heel veel instrumenten.

Maar het kan ook zijn dat we op dat moment heel veel informatie hebben, die de enquête heel goed is ingevuld, waardoor we zeggen, nou volgens mij kunnen 21 raadsleden op deze manier echt wel een standpunt innemen en kunnen met elkaar tot besluitvorming komen.’

Vraag vanuit de zaal: ‘Zouden de bewoners van de noodopvang zelf ook willen verlengen?’ Ad van het Rode Kruis: ‘We hebben laatst ook een behoeftepeiling gedaan. We hebben ook heel modern een aantal QR-codes hangen waarbij ze aankunnen geven wat ze ervan vinden. En we houden dat er ook bij. Ik zie alleen maar steeds tevredenere mensen. Ik weet bijna nu wel, maar dat is een aanname, dat als het onduidelijk wordt wat er gaat gebeuren, dat ze weer heel onrustig gaan worden. Want wat gaat er nu weer op ons afkomen? Nu zijn we eenmaal bekend met Dongen en met de manier van leven op deze locatie. Het is geen luxe campingpark. Zij zijn hier soms al heel gelukkig mee dat ze deze veiligheid voelen. Het comfort is er eigenlijk niet, maar de basisbehoeften voorzien zijn. Ik denk dat die heel graag willen dat het verlengd wordt. Dat is een aanname, ik kan niet namens iedereen spreken, maar in principe zie ik tevreden bewoners.’ Burgemeester Bakermans: ‘In de krant lezen we ook nog wel dat gemeente Drimmelen, in Made een bezig is, ook mensen vanuit die hoek zijn hierheen gegaan dat deze mensen daarna terug zouden gaan. Wij laten die keuze heel graag bij de mensen zelf en sturen vooral op dat die samenhang van die groep hetzelfde blijft. Dus dat we de gezinssituaties et cetera krijgen, zodat het een gemêleerd gezelschap is dat kan samenleven zoals het nu kan.

Dit is wel iets wat wij in ieder geval in kranten lezen waar niks over gezegd is, maar wij ook van vinden dat inwoners daar zelf, als ze dan langdurig ergens zouden kunnen gaan zitten, kan ik snappen dat zeggen, nou dan pakken we die kans maar. Dus die vrijheidsgraad zou ik ze graag daar willen houden.’ Reactie vanuit de zaal: ‘Het is algemeen bekend dat vluchtelingen in dat hele proces, wat jaren duurt in Nederland, blijven psychosociaal erg naar beneden gaan. Ze worden steeds depressiever, kinderen worden door al die doorplaatsingen steeds getraumatiseerd. Het is echt algemeen bekend, onderzocht noem maar op. Maar ook wel een ervaring van de scholen bijvoorbeeld, dat je ziet dat mensen die langer blijven, allemaal 6, 7, 8, 9 keer overgeplaatst zijn, weer op nieuwe contacten aan moeten gaan, weer nieuwe gemeentes moeten leren kennen weer opnieuw dagbesteding moeten doen, noem het allemaal maar op. Het heeft impact. Het heeft heel veel impact en mensen gaan dus achteruit tegen de tijd dat ze dan zover zijn dat ze zouden mogen integreren. Ja, dan heb je weer een extra probleem erbij.’ Vraag vanuit de zaal: ‘Hoe vaak wordt er nu al gewisseld? Is de groep die hier nu aanwezig is die al die tijd aanwezig geweest of is daar al in gewisseld?’ Ad van het Rode Kruis: ‘Er zijn altijd wisselingen. Eigenlijk bijna wekelijks.

Dat een gezin in een keer een woning toegewezen krijgt in Zwolle. Ja, dan gaan we die weg en dan bepaalt het COA wie daarvoor in de plaats komt. Het gaat om maximaal acht verhuizingen per week. Dat is in een week dat er veel verhuizingen zijn.’

Reactie vanuit de zaal: ‘Dat betekent dus ook dat er continu onrust is. Dat ze nu steeds in dat onveilige gevoel terechtkomen. Van, er gebeurt weer van alles en alle dingen veranderen weer.’ Ad van het Rode Kruis: ‘Nee, het is geen onrust. Mensen die erbij komen, die worden ook opgevangen door die anderen. Want die weten in welke situatie zij zitten, met alles wat er nou op ze afkomt, waar ze mee te maken krijgen. En die willen alleen maar helpen. Er is echt een grote samenhorigheid, ook als er ooit wat gebeurt, en er gebeurt wel eens wat, dan merk je ook gewoon dat beide partijen waar dan wat tussen gespeeld heeft, echt gewoon opgevangen worden, ook door de overigen. Want iedereen weet in welk kripje ze zitten.’ Vraag vanuit de zaal: ‘Het gaat over het vrijwilligerswerk wat er vanuit de noodopvang gedaan wordt. Hoe werkt het als vrijwilligersorganisaties ook de bewoners van de noodopvang willen betrekken?’ Ad van het Rode Kruis: ‘Meld je aan en we hebben een algemeen nummer. Je mag mij bellen en we gaan graag in gesprek om te kijken wat het inhoudt. En wij proberen altijd bij bewoners op te halen wie wat wil doen. En dat kan zijn hovenieren of begeleiden met een rolstoel.

Maar dit is ook weer een mooi voorbeeld wat we heel graag willen doen.’ Vraag uit de zaal: ‘Wat gebeurt er als het heel warm wordt?’ Ad van het Rode Kruis: ‘Ik heb vanochtend met de fysieke organisator van de hele paviljoen gesproken. We hebben het gehad over het warmteprobleem. We zijn bezig met een oplossing om de heaters die we nu hebben staan in de grote paviljoententen, om die binnen enkele weken om te wisselen voor airco's. Vandaag zijn er voor alle units ventilatoren geleverd om de hitte in zo'n stalen blok een beetje draaglijker te maken. Dat is met een Dongense winkel georganiseerd. We wilden ook nog wat doeken gaan werken dat mensen ook in de speeltuinen en in sommige luwere plekken die schaduwhoeken gewoon kunnen zetten.’ Opmerking vanuit de zaal: ‘Ja, ik wil eigenlijk alleen maar zeggen dat ik het een geweldige manier van organiseren vind. Ik denk dat dit een geweldige manier is om met elkaar te delen van wat er allemaal ligt.’

Afronding van de avond Tom vraagt burgemeester Bakermans wat zijn afdronk van de avond is. Burgemeester Bakermans: ‘Ja, wederom dat we zo goed met elkaar in gesprek zijn. Dat is volgens mij de allerbelangrijkste. Ik vind het heel prettig dat we alle kleuren en geuren wel gehoord hebben. De een wat steviger dan de andere, maar volgens mij zijn alle geluiden wel gedeeld. En ik vind dat van belang, omdat ik weet dat het ook in onze samenleving, die zit

heel gevarieerd in elkaar, daar moeten we de goede keuzes maken. En ik denk dat gesprekken zoals hier gevoerd worden, dat ons allemaal wijzer maakt. We maken elkaar rijker en ik denk dat wat hier gebeurd is, niet alleen in die eerste sessie, die vond ik heel stevig, vond ik ook echt heel spannend. Maar we zijn steeds beter met elkaar in gesprek geraakt over; Nou, hoe doe je dingen nou goed met elkaar? Ik vind het ontzettend mooi hoe ik dat hier heb mogen meemaken. Het zegt ook iets over de donkerste samenleving. Dat je het oneens mag zijn, dat je andere beelden kunt hebben, maar dat je wel in gesprek bent met elkaar om te kijken wat dan de goede weg is. Waar dat toe leidt met betrekking tot het vraagstuk wat we vandaag behandeld hebben, wat eigenlijk geagendeerd is door onze inwoners. Inwoners agenderen zelf hun stukken. Daar kan ik nu nog niet op vooruitlopen. Ik hoop eigenlijk dat wij dinsdag in het college daar iets over kunnen zeggen. En ik hoop, want we doen dit als college in brede zin, dat hetgeen wat we hier ingezet hebben, en dat betekent aangehaakt blijven bij elkaar, moeilijke zaken die spelen, want die zitten er gewoon in, die moet je ook niet wegpoetsen, blijf het met elkaar bespreken. Dus zorg dat je over een maand of drie hier weer zit, en dan is het of een evaluatie op hoe het was, of het is nagaan over hoe die doorstart dan weer gelopen is.

Maar blijf dat met elkaar doen. Ik denk dat Dongen dat heel goed kan. En ik denk dat we er met z'n allen ontzettend veel beter van geworden zijn. Dus allemaal dank daarvoor.’

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14241878/1