Bijl2- 25-63 Aanmeldnotitie m.e.r. beoordeling
Tekst van het document
Notitie:
M.e.r.-beoordeling Groenstraat 8 te Dongen
Someren,
26-4-2021 (27-05-2024 aangepast)
Kenmerk: MLe/10193.009
Onder de grenzen bijlage V van het Omgevingsbesluit geldt een m.e.r.-beoordelingsplicht. Dit houdt in dat er bekeken moet worden of er bij een initiatief sprake is van dusdanig bijzondere omstandigheden of milieueffecten dat er toch een MER moet worden opgesteld. Hierbij wordt gekeken naar: 1. Kenmerken van het project; a. omvang van het project; b. de cumulatie met andere plannen/projecten; c. gebruik van natuurlijke hulpbronnen; d. de productie van afvalstoffen; e. verontreiniging en hinder; f. het risico op zware ongevallen; g. risico’s voor de menselijke gezondheid; 2. Plaats van het project: a. het bestaande grondgebruik; b. de relatieve rijkdom aan en de kwaliteit en het regeneratievermogen van de natuurlijke hulpbronnen van het gebied; c. het opnamevermogen van het natuurlijke milieu; 3. Kenmerken van het potentiële effect: a. de orde van grootte en het ruimtelijk bereik van de effecten; b. de aard van het effect; c. het grensoverschrijdend karakter van het effect; d. de intensiteit en de complexiteit van het effect; e. de waarschijnlijkheid van het effect; f. de verwachte aanvang, de duur, de frequentie en de omkeerbaarheid van het effect; g. de cumulatie van effecten met de effecten van andere projecten en/of plannen; h. de mogelijkheid om de effecten doeltreffend te verminderen.
Hieronder wordt achtereenvolgens kort in gegaan op de milieueffecten van het initiatief aan de hand van de drie selectiecriteria. Eerst wordt de uitgangssituatie van de m.e.r.-beoordeling beschreven. Uitgangssituatie Op de projectlocatie is een agrarische bestemming van toepassing. De projectlocatie beschikt over een vergunning waarin is opgenomen dat er planologisch 25 kampeerplaatsen op de projectlocatie zijn toegestaan. Dit betreft dan ook de planologische uitgangsituatie. De verleende vergunning is toegevoegd als separate bijlage. Kenmerken van het project Aanvrager is voornemens om de recreatieve activiteiten in de vorm van een camping om te zetten van een nevenactiviteit naar een hoofdactiviteit. Het doel is om de minicamping uit te breiden met 10
Pagina 1 van 8
standplaatsen (waarvan 5 standplaatsen mogelijk worden voorzien van een recreatiewoning) en één vakantieappartement. De bestaande sanitaire voorzieningen blijven gehandhaafd. Een project is kaderstellend voor een toekomstig m.e.r.-(beoordelings)plichtig besluit indien de ontwikkeling is opgenomen in bijlage V van het Omgevingsbesluit. De aanleg, wijziging of uitbreiding van een permanent kampeer- of caravanterrein is in Bijlage V opgenomen onder M4. In de beoogde situatie zullen maximaal 10 extra kampeerplaatsen worden gerealiseerd. Daarnaast worden in de toekomst 5 chalets en één vakantieappartement gerealiseerd. Aangezien er een uitbreiding van het aantal plaatsen wordt gerealiseerd geldt er voor de aanleg, wijziging of uitbreiding middels een BOPA een vormvrije-m.e.r.-beoordelingsplicht. Afval Ten behoeve van het initiatief worden geen natuurlijke hulpbronnen gebruikt. Jaarrond wordt 1.350m3 water verbruikt bij het gebruik van de chalets, het vakantieappartement en de kampeerplaatsen. Dit is bij jaarronde opening. Afval dat vrijkomt is afkomstig van vakantiegangers. Op het kampeerterrein zijn regels voor gescheiden inzameling: plastic, papier, glas en restafval. Voor de (ver)bouwwerkzaamheden (met enkel elektrisch handgereedschap) van de recreatiewoning zal circa 100 kg afval vrijkomen. Onderstaand is een inschatting gemaakt van de afvalproductie in de beoogde situatie.
Restafval aantal liters per liters per Totaal bakken inhoud bezette plaats per weken plaats per Liters Restafval per week bak plaatsen week per maand maand per maand april 0,5 1.000 20 25 4,3 108 2.167 mei 0,75 1.000 25 30 4,3 130 3.250 juni 1 1.000 35 29 4,3 124 4.333 juli 1 1.000 35 29 4,3 124 4.333 augustus 1 1.000 35 29 4,3 124 4.333 september 1 1.000 30 33 4,3 144 4.333 oktober 0,6 1.000 15 40 4,3 173 2.600 november 0,25 1.000 5 50 4,3 217 1.083 december 0,25 1.000 5 50 4,3 217 1.083 januari 0,25 1.000 5 50 4,3 217 1.083 februari 0,25 1.000 5 50 4,3 217 1.083 maart 0,25 1.000 10 25 4,3 108 1.083 Totaal 1.903 30.767 Afbeelding 1: Productie restafval
Pagina 2 van 8
Plastic aantal liters per liters per Totaal bakken inhoud bezette plaats per weken plaats per Liters Plastic per week bak plaatsen week per maand maand per maand april 0,5 1.000 20 25 4,3 108 2.167 mei 0,75 1.000 25 30 4,3 130 3.250 juni 0,8 1.000 35 23 4,3 99 3.467 juli 0,8 1.000 35 23 4,3 99 3.467 augustus 0,8 1.000 35 23 4,3 99 3.467 september 0,8 1.000 30 27 4,3 116 3.467 oktober 0,6 1.000 15 40 4,3 173 2.600 november 0,25 1.000 5 50 4,3 217 1.083 december 0,25 1.000 5 50 4,3 217 1.083 januari 0,25 1.000 5 50 4,3 217 1.083 februari 0,25 1.000 5 50 4,3 217 1.083 maart 0,25 1.000 10 25 4,3 108 1.083 Totaal 1.799 27.300 Afbeelding 2: Productie plastic afval
Papier aantal liters per liters per Totaal bakken inhoud bezette plaats per weken plaats per Liters Papier per week bak plaatsen week per maand maand per maand april 0,3 1.000 20 15 4,3 65 1.300 mei 0,60 1.000 25 24 4,3 104 2.600 juni 0,8 1.000 35 23 4,3 99 3.467 juli 0,8 1.000 35 23 4,3 99 3.467 augustus 0,8 1.000 35 23 4,3 99 3.467 september 0,8 1.000 30 27 4,3 116 3.467 oktober 0,5 1.000 15 33 4,3 144 2.167 november 0,25 1.000 5 50 4,3 217 1.083 december 0,25 1.000 5 50 4,3 217 1.083 januari 0,25 1.000 5 50 4,3 217 1.083 februari 0,25 1.000 5 50 4,3 217 1.083 maart 0,25 1.000 10 25 4,3 108 1.083 Totaal 1.701 25.350 Afbeelding 3: Productie papier afval
Pagina 3 van 8
Glas aantal liters per liters per Totaal bakken inhoud bezette plaats per weken plaats per Liters Glas per week bak plaatsen week per maand maand per maand april 0,5 500 20 13 4,3 54 1.083 mei 0,75 500 25 15 4,3 65 1.625 juni 0,8 500 35 11 4,3 50 1.733 juli 0,8 500 35 11 4,3 50 1.733 augustus 0,8 500 35 11 4,3 50 1.733 september 0,8 500 30 13 4,3 58 1.733 oktober 0,6 500 15 20 4,3 87 1.300 november 0,25 500 5 25 4,3 108 542 december 0,25 500 5 25 4,3 108 542 januari 0,25 500 5 25 4,3 108 542 februari 0,25 500 5 25 4,3 108 542 maart 0,25 500 10 13 4,3 54 542 Totaal 900 13.650 Afbeelding 4: Productie glas afval
De hoeveelheid GFT is meegenomen in het restafval. Batterijen worden separaat afgevoerd. Dit betreft circa 20 liter per jaar. Er zal met het initiatief geen verontreiniging en hinder optreden. Ook brengt het initiatief geen risico op zware ongevallen en risico’s voor de menselijke gezondheid met zich mee. De toename van het energieverbruik is beperkt aangezien de chalets energieneutraal worden uitgevoerd. Enkel de jaarronde opening en toename van de kampeerplaatsen zal leiden tot een lichte toename van het energieverbruik. Stikstof Er is met een AERIUS berekening aangetoond dat de beoogde situatie niet leidt tot depositie van stikstof op Natura 2000-gebieden. In de beschrijving van de kenmerken van het potentiële effect hieronder wordt hier kort op in gegaan. Hieruit kan tevens worden geconcludeerd dat met het initiatief geen cumulatie met andere projecten/plannen optreedt. Tabel 1: Verkeersbewegingen huidige situatie en beoogd* Verkeersbewegingen Verkeersgeneratie Aantal plaatsen per dag Huidige situatie 0,4 / standplaats 25 Totaal
Beoogde situatie Totaal
0,4 / standplaats 2,8 / chalet
30 6
Dagen per jaar
Totaal
365
3.650 3.650
365 365
4.380 6.132 10.512
* De vervoersbewegingen van het agrarisch bedrijf zijn niet meegenomen. Hier zijn geen representatieve cijfers voor opgenomen in de publicatie van het CROW. Daarbij vinden deze vervoersbewegingen in de praktijk ook al jaren niet plaats. Plaats van het project De gronden van de projectlocatie zijn in de huidige situatie aangewezen ten behoeve van een agrarisch bedrijf en kleinschalige recreatie. Binnen de projectlocatie is geen sprake van bijzondere landschappelijke, natuurlijke, cultuurhistorische of archeologische waarden die het initiatief belemmeren.
Pagina 4 van 8
Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied is gelegen op een afstand van circa 5,9 kilometer van de projectlocatie. Kenmerken van het potentiële effect Het initiatief zorgt niet voor nadelige milieueffecten binnen de projectlocatie zelf of de directe omgeving daarvan. Hieronder wordt dit kort per milieuaspect beschreven: -
Water: De beoogde situatie zal geen negatief effect hebben op de waterhuishouding aangezien het water dat op het verhard oppervlak valt, wordt opgevangen in een retentievijver (met een inhoud van 60m3). Er dient minimaal 45m3 aan water te kunnen worden opgevangen. Bij de nieuwbouw zal gebruik worden gemaakt van milieuvriendelijke bouwmaterialen en niet van uitlogende bouwmaterialen, zoals lood, koper, zink en zacht PVC. Deze stoffen kunnen zich ophopen in het water(bodem)systeem en hebben hierdoor een zeer nadelige invloed op de water(bodem)kwaliteit en ecologie.
-
Natuur: Er zijn geen negatieve effecten op soorten en habitattypen in beschermde Natura 2000gebieden te verwachten. Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied betreft Langstraat, dat op een afstand van circa 5,9 kilometer ligt. Binnen de projectlocatie is de aanwezigheid van beschermde soorten onwaarschijnlijk. Dit is gebleken uit een ecologische quickscan. Er wordt in de beoogde situatie geen bebouwing gesloopt. Er is geen vergunningsplicht voor een Natura 2000-activiteit aangezien er geen stikstofdepositie plaatsvindt in zowel de gebruiksfase als de bouwfase. Zie ook de AERIUS-berekeningen die zijn opgenomen als bijlage bij de vergunningsaanvraag. Hieruit blijkt dat de gebruiksfase en de bouwfase niet leiden tot depositie (van groter dan 0,0 kg) op een Natura-2000 gebied.
-
Cultuurhistorie: De projectlocatie is niet gelegen in cultuurhistorisch waardevol gebied.
-
Archeologie: Ter plaatse van de dubbelbestemming worden geen bouwwerken gerealiseerd waarvoor dieper dan 0,3 meter gegraven dient te worden, waardoor geen archeologisch rapport noodzakelijk is. Tot slot is het op grond van artikel 5.10 van de Erfgoedwet verplicht om een toevalsvondst aan het bevoegd gezag te melden, mocht hier toch nog sprake van zijn.
-
Bodem: Het vakantieappartement wordt gerealiseerd in een bestaand gebouw. Ter plaatse van de projectlocatie wordt op basis van de bodemkwaliteitskaart een goede bodemkwaliteit verwacht. Er is derhalve geen sprake van onaanvaardbare risico’s voor de huidige en toekomstige gebruikers van de bodem. De verblijfsrecreatie zal tevens de kwaliteit van de bodem niet aantasten. Daarnaast concludeert het bodemonderzoek dat er op basis van de bevindingen uit het bodemonderzoek vanuit een milieuhygiënisch oogpunt er geen belemmeringen c.q. beperkingen zijn voor het voorgenomen initiatief op deze locatie. Ten aanzien van het aspect bodem zijn er derhalve geen bezwaren voor de gewenste ontwikkeling.
-
Geur: De beoogde ontwikkeling zorgt met zekerheid niet zorgt voor een onevenredige belemmering voor de ontwikkelingsmogelijkheden van veehouderijen in de omgeving. Ter plaatse van de projectlocatie kan het woon- en leefklimaat aanvaardbaar worden geacht. De beoogde ontwikkeling gaat niet gepaard met uitstoot van geuremissies.
-
Geluid: De bedrijfswoning betreft een reeds bestaand geluidsgevoelig object in het kader van de Wgh. Dit verandert met de beoogde ontwikkeling niet. De recreatieve verblijfsvoorzieningen hoeven niet betrokken te worden in de besluitvorming. Vaste jurisprudentie hierover is dat recreatieverblijven geen geluidsgevoelige objecten zijn, zie ABRvS 30 mei 2000, nr. 199901166/1 (ECLI: NL.RVS.2004.AO5659). Omgekeerd heeft de projectlocatie een geluidsuitstraling op de omgeving. Er is getoetst aan de richtafstanden uit de VNG-handleiding. Het aspect geluid is hierin maatgevend. Er zullen op omliggende woningen geen onevenredige negatieve effecten
Pagina 5 van 8
ontstaan omtrent het aspect geluid, zie onderstaande toetsing m.b.t. de bedrijven- en milieuzonering. -
Bedrijven- en milieuzonering (incl. geluid): In de VNG-uitgave ‘Bedrijven en milieuzonering’ is een camping (kampeerterrein, vakantiecentra, e.d.) aangemerkt als een milieucategorie 3.1 bedrijf. Voor dergelijke bedrijven geldt de grootste richtafstand van 50 meter. Uitgangspunt is dat de bestaande vergunde rechten gerespecteerd blijven. De afstand dient daarom gemeten te worden tussen de bouwvlakken. In onderstaande tabel staat per aspect de richtafstand beschreven. Tabel 2: Richtafstanden bedrijven- en milieuzonering Kampeerterreinen, Richtafstand vakantiecentra, e.d. (met keuken) Geur 30 meter Stof 0 meter Geluid 50 meter
Geluid
Het bouwvlak van de projectlocatie en omliggende woningen liggen op een kleinere afstand van elkaar dan 50 meter. Omdat niet voldaan kan worden aan de richtafstanden dient volgens de publicatie te worden gekeken naar stap 2. Om te kunnen toetsen aan stap 2 is het noodzakelijk dat er een akoestisch onderzoek uitgevoerd wordt voor de beoogde situatie. Als separate bijlage is een akoestisch onderzoek toegevoegd. Op basis van het akoestisch onderzoek blijkt dat voor het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau ruimschoots kan worden voldaan aan de maximale richtwaarden in stap 2. Echter kan niet worden voldaan aan het maximale geluidniveau zoals opgenomen in stap 2. Indien stap 2 niet toereikend is kan worden aangesloten bij stap 3. Het bedrijf dient hier maatregelen te treffen om te voldoen aan de maximale grenswaarden in stap 3. In het akoestisch onderzoek zijn 3 maatregelen doorgerekend. Maatregel 1 betreft het sluiten van de noordelijke parkeerplaats in de avond- en nachtperiode (van 19:00 tot 07:00). Met deze maatregel wordt nog niet voldaan aan de richtwaarden uit stap 2 maar wordt wel voldaan aan de richtwaarden uit stap 3. Maatregel 2 betreft maatregel 1 in combinatie met het plaatsen van een geluidswal van 1,8 meter hoog. Dit leidt er niet toe leidt dat voldaan kan worden aan de maximale richtwaarden uit stap 2.
Aan de richtwaarden uit stap 3 wordt wel voldaan met het uitvoeren van maatregel 2. Maatregel 3 betreft het opsplitsen van de noordelijke parkeerplaats in m04a en m04b, zoals in onderstaande afbeelding. Bij maatregel 3 vinden er op route m04a geen bewegingen plaats in de avond- en nachtperiode (19:00 tot 07:00) en op route m04b geen bewegingen in de nachtperiode (23:00 tot 07:00). Hieruit blijkt dat in de avond- en nachtperiode nog steeds niet voldaan kan worden aan de richtwaarden uit stap 2. In de avond- en nachtperiode wordt wel voldaan aan de richtwaarden uit stap 3.
Pagina 6 van 8
Afbeelding 5: Parkeerplaats m04a en m04b
Indien de parkeerplaats m04a dus niet gebruikt wordt in de avond- en nachtperiode en de parkeerplaats m04b niet in de nachtperiode, wordt dus voldaan aan de maximale richtwaarden zoals opgenomen in stap 3. Aanvrager zal de noordelijke parkeerplaats in de nachtperiode (23:00 tot 07:00) standaard sluiten. De parkeerplaatsen binnen m04b kunnen in de avondperiode (19:00 tot 23:00) nog gebruikt worden. De overige parkeerplaatsen binnen m04a zullen vanaf 19:00 gesloten worden. Aan bezoekers zal bij binnenkomst worden vermeld wanneer de parkeerplaatsen gesloten zijn. Bezoekers kunnen dan gebruik maken van de zuidelijke parkeerplaats. Op deze manier kan worden voldaan aan stap 3 en kan een aanvaardbaar woonen leefklimaat voor het aspect geluid geborgd worden.
Geur en stof
Beide aspecten komen elders in deze notitie aan bod. Voor het aspect stof wordt voldaan aan de richtafstand. Voor het aspect geur bedraagt de richtafstand 30 meter. Binnen 30 meter van de omliggende woningen ligt enkel de parkeerplaats van de projectlocatie. De parkeerfunctie leidt niet tot een onevenredige geurbelasting op omliggende woningen. Daarbij is de camping (met zijn parkeerplaats) al vergund (echter slechts voor 25 plaatsen). Met onderhavige ontwikkeling komt de camping niet dichterbij omliggende woningen te liggen. Ter plaatse van de projectlocatie kan het woon- en leefklimaat aanvaardbaar worden geacht. -
Luchtkwaliteit: Ter plaatse van de beoogde verblijfsrecreatie is sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat ten aanzien van het aspect luchtkwaliteit. Met behulp van de NIBM tool is aangetoond dat de beoogde ontwikkeling met zekerheid geen significant negatieve effecten op de luchtkwaliteit in de omgeving heeft.
-
Verkeer en parkeren: Er is in de omgeving van de projectlocatie voldoende capaciteit om de verkeersbewegingen van en naar de projectlocatie af te wikkelen. Binnen de projectlocatie is voldoende ruimte beschikbaar om te voorzien in het vereiste aantal parkeerplaatsen conform de parkeernormen.
-
Externe veiligheid: Gezien de aard van de voorgenomen activiteiten (realiseren van een verblijfsrecreatie) heeft de beoogde ontwikkeling geen effecten omtrent de externe veiligheid. De werkzaamheden omvatten niet het gebruik, opslag of vervoer van gevaarlijke stoffen.
Conclusie
Pagina 7 van 8
Hiermee zijn alle milieuhygiënische en planologische aspecten getoetst. Er kan worden geconcludeerd dat er geen bijzondere omstandigheden of milieueffecten zijn waardoor sprake is van een verplichting tot het opstellen van een MER en het doorlopen van de bijbehorende procedure.
Pagina 8 van 8