Bijl1- 26-07 Verordening op de burgeragendering Dongen 2026
Tekst van het document
De raad van de gemeente Dongen; gelezen het initiatiefvoorstel van de fractie van het CDA van 17-12-2025 26-07; gelet op artikel 108, eerste lid, en artikel 149 van de Gemeentewet; besluit vast te stellen de volgende
Verordening op de burgeragendering Dongen 2026
Artikel 1 Definities In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: ● burgeragendering: een schriftelijk verzoek van een initiatiefgerechtigde om een onderwerp ter bespreking op de agenda van een raadscommissie te plaatsen; ● college: het college van burgemeester en wethouders van Dongen; ● griffier: de door de raad benoemde functionaris als bedoeld in artikel 107 van de Gemeentewet of diens plaatsvervanger; ● ingekomen stukken: de ingekomen stukken als bedoeld in artikel 6 van Reglement van Orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad gemeente Dongen; ● initiatiefnemer: een initiatiefgerechtigde(n) die een verzoek tot een burgeragendering indient/dienen; ● presidium: het door de raad ingestelde gremium als bedoeld in artikel 3 van Reglement van Orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad gemeente Dongen; ● raad: de gemeenteraad van Dongen; ● raadscommissie: een commissie als bedoeld in artikel 82 van de Gemeentewet; ● verzoek: het verzoek tot burgeragendering; ● voorzitter: de voorzitter van de gemeenteraad. Artikel 2 Vaststellen ontvankelijkheid verzoek 1. De initiatiefnemer dient het verzoek schriftelijk via de griffier in bij het presidium. 2. Het presidium besluit, op advies van de griffier en eventueel schriftelijk, binnen 14 dagen na ontvangst of het verzoek ontvankelijk is.
De griffier laat de initiatiefnemer het besluit weten. 3. Een verzoek is niet ontvankelijk indien het: a. een onderwerp betreft als bedoeld in artikel 4; b. niet voldoet aan de voorwaarden van artikel 3 en artikel 5; c. onderwerp het afgelopen jaar is besproken door de gemeenteraad. 4. Ieder (niet) ontvankelijk verzoek wordt opgenomen in de lijst van ingekomen stukken van de raad. Artikel 3 Initiatiefgerechtigden 1. Een verzoek kan worden ingediend door: a. Iedereen die kiesgerechtigd is voor de verkiezing van de leden van de gemeenteraad van Dongen; b. Inwoners van de gemeente Dongen van 12 jaar en ouder die met uitzondering van hun leeftijd voldoen aan de vereisten voor het kiesrecht voor de leden van de gemeenteraad (Kieswet, artikel B3). 2. Voor de beoordeling of iemand voldoet aan voornoemde voorwaarde, is de situatie op de dag van indiening van het verzoek als bedoeld in artikel 2 lid 1 bepalend. Artikel 4 Uitsluiting van onderwerpen 1. Een burgeragendering kan geen betrekking hebben op: a. een onderwerp dat niet behoort tot de bevoegdheid van het gemeentebestuur van Dongen; b. de gemeentelijke organisatie; c. een klacht in de zin van hoofdstuk 9 van de Algemene wet bestuursrecht; d. een bezwaar of openstaande bezwaarprocedure in de zin van hoofdstuk 7 van de Algemene wet bestuursrecht; e.
de vaststelling of wijziging van de gemeentelijke begroting of onderliggende begrotingen; f. gemeentelijke belastingen of tarieven;
g. individuele kwesties, zoals benoemingen, schorsingen, kwijtscheldingen, schenkingen of voorzieningen voor ambtsdragers. 2. Een burgeragendering met een onderwerp dat niet behoort tot de bevoegdheid van de raad, maar wel valt onder de bevoegdheid van het college of de burgemeester, zal op voorstel van het presidium door de griffier voor afhandeling worden doorgezonden aan het bevoegde bestuursorgaan. Het college of de burgemeester reageert schriftelijk binnen 21 dagen richting de initiatiefnemer en informeert de raad. 3. Indien een verzoek wordt doorgezonden, als bedoeld in artikel 4 lid 2, dan informeert de griffier de initiatiefnemer hierover. Artikel 5 Vereisten voor een burgeragendering 1. Het verzoek tot burgeragendering bevat ten minste: a. een nauwkeurige omschrijving van het onderwerp; b. een aanleiding en een doel van bespreking; c. wat de bespreking volgens de initiatiefnemer zou moeten opleveren; d. de naam, voornamen, adres, geboortedatum en handtekening van de initiatiefnemer; e. een lijst met de voornamen, achternamen, adressen, geboortedata en handtekeningen van de initiatiefgerechtigden die het verzoek ondersteunen. 2. Een burgeragendering wordt ondersteund door minimaal 25 initiatiefgerechtigden als bedoeld in artikel 3. 3.
Met inachtneming van het bepaalde in artikel 5 lid 1 sub e kunnen initiatiefgerechtigden zowel via elektronische weg, zoals de website www.petities.nl, als schriftelijk de benodigde steunbetuigingen indienen. Beide wegen mogen naast elkaar benut worden. Artikel 6 Procedure ontvankelijk verzoek 1. Indien het verzoek ontvankelijk is, wordt het geplaatst op de agenda van de eerstvolgende toepasselijke raadscommissie, tenzij de oproep reeds is verzonden. In dat geval wordt het op de agenda van de volgende vergadering geplaatst. 2. Het presidium zal bij het besluit tot ontvankelijkheid van het verzoek, als bedoeld in artikel 2 lid 2, aangeven welke raadscommissie van toepassing is. 3. De initiatiefnemer krijgt tijdens de vergadering van de raadscommissie bij het desbetreffende agendapunt in maximaal 5 minuten de gelegenheid om het onderwerp mondeling toe te lichten. Commissieleden hebben de mogelijkheid om verhelderde vragen te stellen alvorens de beraadslaging begint. 4. De raadscommissie bespreekt het onderwerp en trekt conclusies. 5. Het college kan desgewenst bij de bespreking van de burgeragendering reageren. Artikel 7 Inwerkingtreding en citeertitel 1. Deze verordening treedt in werking op 1 maart 2026. 2. Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening op de burgeragendering Dongen 2026. 3. Deze verordening wordt twee jaar na inwerkingtreding geëvalueerd.
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 12 februari 2026.
De voorzitter,
De griffier,
Ir. J.C. Slagboom
M.H. van Kampen