CConstaterende datDongen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijl1- 26-03 Categorieën van gevallen waarin een verklaring van geen bedenkingen niet vereist is

Commissie Fysieke leefomgeving 22 januari 2026, gemeente DongenBij agendapunt: Raadsvoorstel 26-03 Verklaring geen bedenkingen Stoomberg 182.190 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Dongen, 20 september 2011

Aan

de

gemeenteraad,

Nummer

raadsvoorstel

Inlichtingen bij (behandelend ambtenaar)

(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) (geanonimiseerd)

Raadsvergadering

20 oktober 2011

Voorstel

Verklaring van geen bedenkingen en delegatiebesluit omgevingsvergunningen krachtens de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht en

Portefeuillehouder

tot

de Wet

Programma Beoogd maatschappelijk effect

ruimtelijke ordening.

Ruimtelijke ontwikkeling. Positieve waardering van gemeentelijk grondgebied door het duurzaam versterken van de ruimtelijke kwaliteit en van

burgers

door te voorzien voor

wonen,

in de ruimtebehoefte

werken,

verkeer

en

Wat willen

we

bereiken?

(recreatieve) voorzieningen. Verkorten doorlooptijd omgevingsvergunningen.

Wat gaan

we

daarvoor doen?

Alle

projecten

bestaan eerste

-

voor

zover

die

geheel of gedeeltelijk 2.1,

uit een activiteit als bedoeld in artikel lid, onder c, van de Wet algemene

bepalingen omgevingsrecht aanwijzen als categorie van gevallen waarvoor een verklaring —

van

bedenkingen niet is vereist. Niet van toepassing. geen

Wat mag

het kosten?

Wijziging programmabegroting Juridische

consequenties

Ja X

Nee

X

Ja Nee

Beleidsvrijheid

Geen

Beperkt X

Ruim

Samenvatting voorstel Op 1 oktober 2010 is de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) in werking getreden. Op grond van artikel 2.1, lid 1 onder c van de Wabo is het verboden zonder omgevingsvergunning gronden of bouwwerken te gebruiken in strijd met een bestemmingsplan. Het college is daarbij bevoegd om te beschikken op een aanvraag om omgevingsvergunning. Echter, op basis van artikel 6.5 van het Besluit omgevingsrecht (Bor) kan het college voor het afwijken van het bestemmingsplan pas een omgevingsvergunning verlenen nadat de gemeenteraad een verklaring van geen bedenkingen heeft afgegeven. In artikel 6.5, lid 3 van het Bor is bepaald dat de gemeenteraad gevallen kan aanwijzen waarin een verklaring van geen bedenkingen niet is vereist. Besluit:

LE

Alle

projecten voor zover die geheel of gedeeltelijk bestaan uit een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht aanwijzen als categorie van gevallen waarvoor een verklaring van geen bedenkingen niet is vereist. Met betrekking tot een omgevingsvergunning als bedoeld onder 1. de bevoegdheid als bedoeld in artikel 6.12, lid 1 en 2 van de Wet ruimtelijke ordening (exploitatieplan), delegeren aan het college van burgemeester en wethouders. -

—

2.

Raadsvoorstel

Pagina

1 van

5

1. Aanleiding Op 1 oktober 2010 is de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) in werking getreden. Daarmee is het projectbesluit als bedoeld in artikel 3. 10 van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) komen te vervallen. Met een projectbesluit voorzien van een goede ruimtelijke onderbouwing kon het geldende bestemmingsplan buiten toepassing worden gelaten. ,

,

Op grond van artikel 2.1 lid 1 onder c van de Wabo is het verboden zonder omgevingsvergunning gronden of bouwwerken te gebruiken in strijd met een bestemmingsplan een beheersverordening ,

,

,

een exploitatieplan en dergelijke.

De Wabo kent vier soorten vergunningen voor het afwijken van het bestemmingsplan: de tijdelijke de binnenplanse de kruimelgevallen en de afwijking voorzien van een goede ruimtelijke onderbouwing. Onder de Wro waren deze bekend als de ontheffing ex artikel 3.22 3.6 3. 23 en het projectbesluit. Voor al deze vergunningen geldt nu dat het college bevoegd is om te beschikken op een aanvraag om omgevingsvergunning. Voor “het afwijken van het bestemmingsplan voorzien van een goede ruimtelijke onderbouwing” geldt een uitzondering. Op basis van artikel 6. 5 van het Besluit omgevingsrecht (Bor) kan voor het “afwijken van het bestemmingsplan voorzien van een goede ruimtelijke onderbouwing” pas een omgevingsvergunning worden verleend nadat de gemeenteraad een verklaring van geen bedenkingen heeft afgegeven. In artikel 6. 5 van het Bor is verder bepaald dat de gemeenteraad gevallen kan aanwijzen waarin een verklaring van geen bedenkingen niet is vereist. ,

,

,

,

2. Bestuurlijk kader • Wettelijk kader (relevante landelijke wet- en regelgeving) Wet algemene bepalingen omgevingsrecht Besluit omgevingsrecht Wet ruimtelijke ordening Besluit ruimtelijke ordening Gemeentewet. ,

,

,

,

• -

Bestuurlijk (relevante gemeentelijke regelgeving en eerder genomen besluiten) Raadsbesluit d. d. 10 december 2009 tot vaststelling van de Structuurvisie Dongen 2020 waarin de hoofdlijnen van het gemeentelijk ruimtelijk beleid zijn vastgelegd. ,

3. Probleemstelling/beleidsruimte • Probleembeschrijving In artikel 2. 12 lid 1 sub a onder 3 van de Wabo is bepaald dat een omgevingsvergunning in strijd met het bestemmingsplan kan worden verleend als de activiteit niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening en het besluit een goede ruimtelijke onderbouwing bevat. Het college is bevoegd tot het verlenen van de omgevingsvergunning maar er is wel een verklaring van geen bedenkingen van de gemeenteraad nodig. Deze nieuwe planologische figuur houdt dus in dat het college de omgevingsvergunning pas kan verlenen als de gemeenteraad zich heeft uitgesproken over de planologische aspecten. De verklaring kan slechts worden geweigerd in het belang van een goede ruimtelijke ordening. Als de verklaring wordt geweigerd wordt ook de omgevingsvergunning geweigerd. ,

,

De gemeenteraad kan echter categorieën gevallen aanwijzen waarbij deze verklaring van geen bedenkingen niet meer vereist is (artikel 6.5 lid 3 Bor). Het college kan in die gevallen waarin geen verklaring van geen bedenkingen is vereist de omgevingsvergunning afhandelen en oordelen of een activiteit in strijd is met een goede ruimtelijke ordening. Het is wenselijk om dergelijke gevallen vanuit efficiency overwegingen aan te wijzen. Daarbij staat vast dat de activiteit passend moet zijn binnen het kader van de goede ruimtelijke ordening een kader dat door de gemeenteraad is vastgesteld in de Structuurvisie Dongen 2020. ,

,

,

Met het oog op een voorspoedige besluitvorming (en daarmee het voorkomen van dwangsommen bij het niet tijdig beslissen op de aanvraag) en verkorting van de doorlooptijd van de aanvragen van burgers en projectontwikkelaars kan toetsing van de goede ruimtelijke ordening plaatsvinden door het college. De Wabo is sterk gebaseerd op het principe dat dienstverlening centraal staat en maakt deel uit van het rijksproject “Andere Overheid”. Het uitgangspunt is betere dienstverlening aan de klant. De Wabo levert een belangrijke bijdrage aan efficiëntere procedures duidelijkheid en het voorkomen van regeldruk of vertragingen. ,

Raadsvoorstel

Pagina 2 van 5

Het werken met een aanwijzingsbesluit betekent daarmee voor de klant een snelle en efficiënte besluitvorming op zijn verzoek. Dit draagt dan ook zonder meer bij aan een goede en gewenste dienstverlening. Daarnaast is het zo dat de uitgebreide procedure van de Wabo een beslistermijn van 26 weken kent. Het laten verstrijken van de 26 weken levert weliswaar geen vergunning van rechtswege op maar kan nadelige financiële consequenties hebben in verband met de Wet dwangsom en een eventueel beroep bij niet tijdig beslissen. Om dergelijke nadelige financiële consequenties te voorkomen is het zaak om de procedure zo efficiënt mogelijk in te richten. ,

Beleidsruimte voor de gemeente Het primaat van regelgeving op het vlak van de ruimtelijke ordening ligt bij de gemeenteraad. Bij het formuleren en uitvoeren van ruimtelijk beleid is de gemeentelijke beleidsvrijheid behoorlijk ruim. Wel dient rekening te worden gehouden met rijks- en provinciaal beleid. Op gemeentelijk niveau stelt de raad de hoofdlijnen van het beleid vast waarbinnen het college kan opereren. Het college dient derhalve bij de uitvoering van het ruimtelijk beleid zich te conformeren aan de uitgangspunten van de op 10 december 2009 door de raad vastgestelde Structuurvisie Dongen 2020. •

4. Financiën Niet van toepassing 5. Juridische aspecten De juridische aspecten zijn verwoord onder punt 6. Bestuurlijke afwegingen. 6. Bestuurlijke afwegingen Om de inwoners en belanghebbenden beter van dienst te kunnen zijn met een snelle afdoening van aanvragen om omgevingsvergunning is het gewenst dat uw raad de projecten - voor zover die geheel of gedeeltelijk bestaan uit een activiteit als bedoeld in artikel 2.1 eerste lid onder c van de Wabo – met toepassing van artikel 6.5 lid 3 van het Besluit omgevingsrecht - aanwijst als categorie van gevallen waarvoor een verklaring van geen bedenkingen niet is vereist. Dit past in het duale stelsel waarbij uw raad de hoofdlijnen van het ruimtelijk beleid vaststelt waarbinnen het college kan opereren. Het spreekt dan ook voor zich dat het college zich bij het beoordelen van de aanvraag om omgevingsvergunning conformeert aan de Structuurvisie Dongen 2020 waarin de hoofdlijnen van het gemeentelijk ruimtelijk beleid zijn vastgelegd. Indien u dit wenselijk acht kan aan onderhavig besluit eventueel het voorschrift worden verbonden dat de omgevingsvergunningen die met toepassing van dit besluit zijn verleend voor uw raad ter inzage worden gelegd. ,

,

,

,

,

,

,

,

Omgevingsvergunning en grondexploitatie Op grond van artikel 6.12 lid 1 Wro stelt de gemeenteraad een exploitatieplan vast voor gronden ,

waarop een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen bouwplan is voorgenomen. In artikel 6. 2. 1 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) zijn als zodanig aangewezen bouwplannen voor: De bouw van een of meer woningen; a. b. De bouw van een of meer andere hoofdgebouwen; De uitbreiding van een gebouw met tenminste 1000 m2 of met een of meer woningen; c. d. De verbouwing van een of meer aaneengesloten gebouwen die voor andere doeleinden in gebruik of ingericht waren , voor woondoeleinden , mits tenminste 10 woningen worden e.

gerealiseerd; De verbouwing van een of meer aaneengesloten gebouwen die voor andere doeleinden in gebruik of ingericht waren voor detailhandel dienstverlening kantoor of horecadoeleinden mits de cumulatieve oppervlakte van de nieuwe functies tenminste 1000 m2 bedraagt; De bouw van kassen met een oppervlakte van tenminste 1000 m2. ,

f.

,

,

,

Krachtens artikel 6.12 lid 2 Wro kan de gemeenteraad onder meer met betrekking tot een omgevingsvergunning - waarbij met toepassing van artikel 2.12 eerste lid onder a sub 3 van de Wabo van het bestemmingsplan wordt afgeweken - besluiten om geen exploitatieplan vast te stellen in bij algemene maatregel van bestuur aan te geven gevallen of indien: het verhaal van kosten van de grondexploitatie over de in de vergunning begrepen gronden a. anderszins is verzekerd; b. het bepalen van een tijdvak of fasering niet noodzakelijk is; het stellen van eisen regels of een uitwerking van regels niet noodzakelijk is. c. ,

,

,

Raadsvoorstel

Pagina 3 van 5

6.12,

Artikel

lid 3 Wro

bepaalt tenslotte dat met betrekking tot een omgevingsvergunning als bedoeld lid, de gemeenteraad de bevoegdheden, bedoeld in het eerste en tweede lid, kan delegeren aan het college. in het tweede

In het

verlengde van het voorgaande stellen wij u voor om in het geval van het verlenen van een omgevingsvergunning waarbij met toepassing van artikel 2.12, eerste lid onder a sub 3 van de Wabo van het bestemmingsplan wordt afgeweken de bevoegdheid als bedoeld in artikel 6.12, lid 1 en 2 Wro, te delegeren aan burgemeester en wethouders. —

—

Het zou

immers

uiterst

afwijkingsbevoegdheid Daarom

is het van

orgaan

is dat ook

onhandig

en

als

Het

bevoegdheid

college

gesteld

kan van

7.

hoeven

onnodig zijn

belang om deze bevoegdheid de omgevingsvergunning moet

afwijkingsbevoegdheid kostenverhaal

absoluut

de raad te laten verklaren

de

langs

bedoeld

andere

te worden

en

in artikel

om

bij elke toepassing

dat er geen exploitatieplan gelijk te delegeren aan het verlenen

en

2.12. lid 1 sub

college

toepassing geeft

de

van

wordt aan

vastgesteld. die tevens

het

de

a Wabo.

geen exploitatieplan vast te stellen gebruik maken als het (anterieure overeenkomst), er geen locatie eisen duiding van tijdvakken of fasering niet nodig is.

weg

om

is verzekerd

Conclusie

Door

alle

projecten voor zover die geheel of gedeeltelijk bestaan uit een activiteit als bedoeld in 2.1, eerste lid, onder c,‚ van de Wabo aan te wijzen als categorie van gevallen waarvoor een verklaring van geen bedenkingen niet is vereist en de besluiten omtrent exploitatieplannen te delegeren aan het college, wordt tegemoet gekomen aan de wens om de inwoners en belanghebbenden beter van dienst te kunnen zijn met een snelle afdoening van aanvragen om omgevingsvergunning. Dit past in het duale stelsel waarbij de raad de hoofdlijnen van het ruimtelijk beleid vaststelt waarbinnen het college kan opereren en kan beoordelen of sprake is van een goede ruimtelijke ordening. -

artikel

8.

Voorstel/voorgenomen

Wij stellen 1.

uw

besluit

raad voor:

projecten voor zover die geheel of gedeeltelijk bestaan uit een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c,‚ van de Wabo aan te wijzen als categorie van gevallen waarvoor een verklaring van geen bedenkingen niet is vereist. Met betrekking tot een omgevingsvergunning als bedoeld onder 1. de bevoegdheid als bedoeld in artikel 6.12, lid 1 en 2 van de Wro (exploitatieplan), te delegeren aan burgemeester en Alle

-

-

2.

wethouders.

9.

Communicatie

In het

voortraject: toepassing.

Niet van Na

besluitvorming:

Het raadsbesluit wordt ter

inzage gelegd.

BURGEMEESTER De

op grond

van

artikel

Het besluit treedt in EN

WETHOUDERS

secretaris,

139

van

de Gemeentewet

werking

op de

dag

VAN

DONGEN,

na

de

openbaar bekendmaking.

De

(geanonimiseerd)

bekend

gemaakt

en

burgemeester,

(geanonimiseerd)

Bijlagen -

Ter -

Conceptbesluit inzage: B&W-advies

Raadsvoorstel

c.q. collegebesluit

Pagina

4 van

5

DE RAAD VAN DE GEMEENTE DONGEN; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d. d. 20 september 2011; gelet op artikel 6.5 lid 3 van het Besluit omgevingsrecht en 6.12 lid 3 van de Wet ruimtelijke ordening; ,

,

b e s lu it: 1.

Alle projecten - voor zover die geheel of gedeeltelijk bestaan uit een activiteit als bedoeld in artikel 2.1 eerste lid onder c van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht – aan te wijzen als categorie van gevallen waarvoor een verklaring van geen bedenkingen niet is vereist. Met betrekking tot een omgevingsvergunning als bedoeld onder 1. de bevoegdheid als bedoeld in artikel 6.12 lid 1 en 2 van de Wet ruimtelijke ordening (exploitatieplan) te delegeren aan burgemeester en wethouders. ,

2.

,

,

,

,

Dongen

,

20 oktober 2011.

DE RAAD VOORNOEMD

Raadsvoorstel

,

,

voorzitter

,

griffier

Pagina 5 van 5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16413962/1