20240404-06 TV VPD IVermeulen ANTW- raadsvoorstel 24-21 locatie studie woningbouw
Tekst van het document
Technische vraag Naam:
Iris Vermeulen- Jansen
Datum: 28 maart 2024 Onderwerp:
Raadsvoorstel 24-21 locatiestudie woningbouw
Portefeuillehouder:
Ankie de Hoon
Behandelend ambtenaar: C. Gorissen 1.
Voorkeurslocatie 1 gaat om een groot gebied ten noorden van het gebied Noorderbunder. Hoe wordt gewaarborgd dat er voldoende groen tussen Dongen en Oosteinde blijft? Er zijn vijf locaties bekeken en beoordeeld. Op basis van deze beoordeling zijn voorkeuren uitgesproken met betrekking tot de locatie. Voorkeurslocatie 1 is niet de locatie ten noorden van het gebied Noorderbunder. Voorkeurslocatie 1 is locatie 3 aan de Berlagestraat en als tweede locatie 1 aan de Noorderlaan. De voorkeur gaat in eerste in uit naar woningbouw op locatie 3 aan de Berlagestraat. In het raadsvoorstel hebben we aangegeven dat het voorstelbaar is dat op termijn – indien gewenst – een (beperkte) toevoeging van woningen bij locatie 1 mogelijk is. De exacte omvang zal hierbij nog bepaald / nader besproken worden. Het behouden van een groene buffer tussen Dongen en Oosterhout staat benoemd in de omgevingsvisie. De grens tussen Dongen en Oosterhout ligt ter hoogte van de Groenstraat / Hoge Dijk. Het behouden van deze groene buffer is bij een mogelijk nieuwe ontwikkeling een punt van aandacht.
2.
Mocht voorkeurslocatie 1 en de toekomstige woningbouw in Oosteind gerealiseerd zijn, op welke afstand ligt dit dan ongeveer van elkaar? Zie ook het antwoord onder punt 1: voorkeurslocatie 1 is locatie 3 aan de Berlagestraat en niet locatie 1 ten noorden van Noorderbunder. De plannen van de gemeente Oosterhout voor woningbouw in Oosteind zijn ook nog niet goedgekeurd en vastomlijnd. Daarmee is het nu nog te vroeg om iets over afstanden te zeggen. Het is op voorhand niet te zeggen op welke afstand woningbouw in Oosteind en woningbouw ten noorden van Noorderbunder ten opzichte van elkaar komen te liggen.
3.
Liggen er bij voorkeurslocatie 1 nog belemmeringen, bijvoorbeeld de varkenshouderij die gaat uitbreiden aan de Hoge Dijk? Voorkeurslocatie 1 is locatie 3 aan de Berlagestraat. Bij locatie 1 ten noorden van de Noorderbunder dient bij een mogelijke ontwikkeling rekening gehouden te worden met milieuaspecten, waaronder een mogelijke uitbreiding van een varkensbedrijf aan de Hoge Dijk.
Pagina 1 van 2
4.
Ook wordt voorkeurslocatie 3 genoemd aan de Berlagestraat. Klopt het dat de eigenaar van het boerenbedrijf aan de Berlagestraat voornemens is te gaan uitbreiden? Locatie 3 heeft de eerste voorkeur voor een ontwikkeling. De eigenaar van de melkveehouderij aan de Procureurweg staat open voor het verplaatsen van zijn bedrijf.
5.
Indien dit het geval is op welke termijn speelt dit en kan dit een belemmering vormen? De eigenaar van de melkveehouderij staat open voor het verplaatsen van zijn bedrijf. De gesprekken hierover kunnen gestart worden na besluitvorming door de gemeenteraad.
6.
Kunnen de randwegen van Dongen de extra woningbouw aan? Denk bijvoorbeeld aan de Gasthuisstraat, rotonde Middellaan/Westerlaan en Noorderlaan? Dat is een algemene vraag die voor woningbouw in zijn algemeenheid geldt. Dat zal waar nodig verder verkeerskundig onderzocht worden.
7.
Heeft deze locatie studie invloed op de reconstructie Noorderlaan? Nee
8.
Is de gemeente van plan om een voorkeursrecht te vestigen op de locaties uit de studie? Nee, dat is niet het uitgangspunt.
9.
In het raadsvoorstel wordt aangegeven dat alhoewel locatie 2 hoger scoort, locatie 1 de voorkeur heeft omdat locatie 2 nog ongerept is. Zijn de gronden van locatie 1 niet ook grotendeels ongerept? Aan de Noorderlaan vindt de ontwikkeling van de nieuwbouwwijk Noorderbunder plaats. Daarmee wordt het gebied aan één zijde van het lint Lage Ham bebouwd. Het gebied is daarmee niet meer ongerept.
10. Hoe gaat de gemeente ervoor zorgen dat alle kernen van Dongen leefbaar blijven als er geen uitbreiding aan woningbouw is in ‘s Gravenmoer en Dongen-Vaart? Uitbreiding van woningbouw in ’s Gravenmoer en Dongen-Vaart is niet uitgesloten. Ook in deze kernen wordt gekeken naar mogelijkheden binnen bestaand stedelijk gebied (kernen) en – indien nodig – naar een beperkte uitbreiding. Het opstellen van een dorpenstrategie in SRBT verband kan hiervoor ook handvatten geven.
Pagina 2 van 2