2023-135556 RV Verduurzamen gemeentelijke gebouwen
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL Zaaknummer Portefeuillehouder Onderwerp
: 2023-135556 : I.C.H. Jansen : Raadsvoorstel verduurzamen gemeentelijke gebouwen
VOORSTEL: 1. Alle gemeentelijke gebouwen in 2030 energieneutraal te laten zijn met bijbehorend energielabel A; 2. Hiervoor een extra krediet van € 2.118.000,- beschikbaar te stellen.
BESLUIT: 1. Alle gemeentelijke gebouwen in 2030 energieneutraal te laten zijn met bijbehorend energielabel A; 2. Hiervoor een extra krediet van € 2.118.000,- beschikbaar te stellen.
INLEIDING: Op donderdag 20 oktober 2022 heeft uw gemeenteraad een aantal opdrachten vastgesteld dat onderdeel uitmaakt van het takendebat waaronder de opdracht “verduurzaming gemeentelijke gebouwen”. Met dit raadsvoorstel vragen wij u, in navolging van RIB 38 d.d. 13 juni 2023, een besluit te nemen over de ambitie voor het verduurzamen van de gemeentelijke gebouwen. De opdracht bestaat uit drie onderdelen: 1. Inventarisatie Het eerste onderdeel is een inventarisatie van alle maatregelen voor de gemeentelijke gebouwen (uitgezonderd gemeentehuis) die nodig zijn om te komen tot energielabel A in 2030 en zo mogelijk energieneutraal (in 2050). 2. Bepalen ambitie Als tweede onderdeel ziet het college de ambitiebepaling. De gestelde mijlpalen in 2030 en 2050 zijn voor het college leidend. Als eindproduct levert het college daarom een discussiestuk op met een verdere uitwerking van beide scenario’s voor verduurzaming als uitgangspunt: Energielabel A in 2030 en energieneutraal in 2050. 3. Afstoten gebouwen Als derde onderdeel ziet het college een eventuele discussie over het afstoten van gebouwen. Deze discussie moet worden gevoerd op basis van nut en noodzaak van het in bezit houden van de betreffende gebouwen. Onderdeel 1 van de opdracht is in juni 2023 aangeleverd middels raadsinformatiebrief nr. 38. Onderdeel 2 en 3 zijn verder uitgewerkt en toegelicht in dit raadsvoorstel.
We zien voor de ambitiebepaling (onderdeel 2 van de opdracht) 2 scenario’s. Beide scenario’s zijn verder uitgewerkt in bijlage 1. Scenario A en scenario B: A. Alle gemeentelijke gebouwen zijn voor 2030 voorzien van label A en energieneutraal (met in achtneming van de kanttekeningen). B. Alle gemeentelijke gebouwen zijn voor 2030 voorzien van label A en uiterlijk 2050 (maar naar verwachting 2042 vanuit het geprogrammeerd onderhoud) energieneutraal (met in achtneming van de kanttekeningen). De installaties worden op basis van natuurlijk verloop vervangen voor duurzame installaties. Onder installaties verstaan we de verwarming, luchtverversing, koeling, etc. Geadviseerd wordt om te kiezen voor scenario A omdat dit scenario haalbaar is en het meest passend. Zie argumenten 1.1 en 1.2.
We hebben het overzicht voor het verduurzamen van de gemeentelijke gebouwen uitgewerkt. De totale kosten voor de maatregelen om alle gebouwen op energieneutraal niveau te krijgen komen op bedrag van afgerond € 2.118.000,-. Dit bedrag is gebaseerd op het bedrag € 1.525.025,- (zie bijlage 1: bedrag 'Totaal gasloos incl. zon netto 0 (Opdracht) (2022)') waarna er met dit bedrag is doorgerekend qua indexering, BTW, etc. De kosten voor het verduurzamen van de brandweerkazernes maken onderdeel uit van het totaalbedrag. Ten aanzien van de brandweerkazernes is er (in verband met opkomsttijden en mogelijke ontwikkelingen in Tilburg) aanleiding om in 2024 een onderzoek te doen naar de toekomst van de brandweerkazernes. In afwachting daarvan maken we een pas op de plaats met het uitvoeren van de verduurzamingsmaatregelen van beide kazernes. Het overzicht ‘Verduurzamen gemeentelijke gebouwen’ is opgenomen in bijlage 1. Daarbij zijn scenario A en B financieel uitgewerkt. Als eindproduct voor het 3e onderdeel van de opdracht levert het college een scan op van alle gemeentelijke gebouwen. Hierbij adviseren we geen gebouwen af te stoten. Dit eindproduct is te vinden in bijlage 2. ARGUMENTEN: 1.1 De Rijksoverheid stimuleert duurzame energie. Nederland werkt aan een energiesysteem waarbij nauwelijks nog CO2 vrijkomt.
In 2050 moet de energievoorziening bijna helemaal duurzaam en CO2-neutraal zijn. De regeringsleiders van de Europese Unie (EU) hebben in december 2020 afgesproken te streven naar een Europees CO2-reductiedoel van 55%. Een overgang naar een duurzame energievoorziening is belangrijk om klimaatverandering te vertragen. Ook zijn er in Nederland steeds minder fossiele brandstoffen, vooral aardgas, beschikbaar. Nederland wil niet volledig afhankelijk zijn van energie uit andere landen. Met beide scenario's wordt een reductie in CO2 uitstoot gerealiseerd, zij het in een ander tempo. 1.2 De gemeente heeft een voorbeeldrol in het verduurzamen van gebouwen. Voor gemeenten betekent de opgave van verduurzaming van het maatschappelijk vastgoed dat zij als gebouweigenaar een plan opstellen met daarin de eigen aanpak voor het verduurzamen van de vastgoedportefeuille. Daarmee heeft de gemeente in de energietransitie een voorbeeldrol voor inwoners, bedrijven en eigenaren van andere gebouwen. Veel gemeenten hebben al ambities voor het verduurzamen van hun eigen gebouwen en nemen energiebesparende maatregelen. Er zijn steeds meer goede praktijkvoorbeelden van verduurzaamd maatschappelijk vastgoed. In lijn met bovenstaande opgave adviseren we om te kiezen voor scenario A.
Door een plan voor het gemeentelijk vastgoed vast te stellen én uit te voeren voldoen we aan onze voorbeeldrol en zorgen we dat we in het kader van het verduurzamen van onze gemeentelijke gebouwen onze zaken op orde hebben. 2.1 Het afstoten van gemeentelijke gebouwen is een zorgvuldig traject Deze discussie over het afstoten van gemeentelijke gebouwen moet worden gevoerd op basis van nut en noodzaak van het in bezit houden van de betreffende gebouwen. Een eventuele herbestemming van af te stoten gebouwen is van tweede orde. Het gemeentelijk beleid is er in de afgelopen 20 jaar op gericht geweest om het gemeentelijk vastgoed, zoveel als mogelijk, af te stoten. De gemeentelijke vastgoedportefeuille is daarom op dit moment relatief beperkt. Er staan op dit moment geen gebouwen op de nominatie voor afstoting. De gemeente heeft geen gebouwen in bezit die niet in gebruik of overtollig zijn. De kansen om gebouwen af te stoten zijn daarmee ook beperkt: 80% van ons bezit bestaat uit sportaccommodaties en hallen/bedrijfsgebouwen. Planologisch is herbestemming op dergelijke terreinen lastig. Voor vrijvallende schoolgebouwen geldt dat deze op locaties liggen waar herbestemming en/of omvorming naar woningbouw wel mogelijk is. In die gevallen zal een planologische procedure moeten worden doorlopen. In bijlage 2 is een scan op van alle gemeentelijke gebouwen te vinden.
Hierbij adviseren we om geen gebouwen af te
stoten. KANTTEKENINGEN: 1.1 Energieneutraal op basis van huidige kennis Ons huidig inzicht bestaat uit kennis, kunde, materialen en technieken van nu, tegen de prijzen van nu. Technologieën ontwikkelen zich snel en veranderingen in bouwkosten zijn in de huidige tijd niet uit te sluiten. 1.2 Om alle gebouwen op een A-label niveau te krijgen is extra krediet benodigd. In de bijlage ‘Overzicht verduurzamen gebouwen’ is een overzicht van alle gemeentelijke gebouwen opgenomen incl. aanvullende informatie over het verduurzamen van deze gebouwen. Zo is terug te zien welk energielabel de gebouwen op dit moment hebben en of er sprake is van een labelplicht. Aanvullend is aangeven hoe lang deze labels geldig zijn en welke maatregelen er nodig zijn om alle locaties op label A te krijgen. Sinds 2016 zijn gefaseerd energie labels opgesteld van de meeste gemeentelijke gebouwen. Hierop zijn al reeds veel verbeteringen doorgevoerd en momenteel zitten zo goed als alle gebouwen op energielabel A. Alleen de Eagle Shelter en de brandweerkazernes voldoen hier nog niet aan: hier zijn aanvullende isolatiemaatregelen nodig. Voor de brandweerkazernes komen de kosten om deze locaties op een A-label niveau te krijgen, neer op een bedrag van € 457.725. Dit bedrag is terug te vinden in bijlage 1 onder de kolom 'Isolatie Label A' en is opgenomen in het eerder genoemde totaalbedrag van € 2.118.00,-.
Voor de Eagle Shelter worden dit jaar aanpassingen in de gevel gedaan waardoor deze locatie ook een energielabel A zal hebben (nu: label D). 1.3 De berekeningen zijn gemaakt in 2023 en bieden geen garantie voor marktontwikkelingen die de komende jaren plaatsvinden De gestelde mijlpalen in 2030 en 2050 zijn leidend. De doorrekening is gemaakt op basis van inzichten en technieken die nu bekend zijn. De gemeenteraad wordt tijdens de behandeling van dit raadsvoorstel in de gelegenheid gesteld de ambities te bekrachtigen dan wel aan te scherpen. Deze kunnen dan vervolgens weer worden vertaald in de toekomstige onderhoudsplannen, investeringsschema’s en begrotingen. 1.4. De gestelde planningen zijn onzeker gezien alle ontwikkelingen Gezien de huidige ontwikkelingen in de (energie) wereld zijn de gestelde planningen hoogst onzeker. Factoren zoals het aanwezig zijn van groot-stroom aansluitingen of het beschikbaar en inzetbaar zijn van ecologen spelen hierin een belangrijke rol. Momenteel is niet te overzien welke factoren in de toekomst nog meer van invloed kunnen zijn op de planning voor het verduurzamen van de gemeentelijke gebouwen. FINANCIËN: Wanneer er gekozen wordt voor scenario A is er in totaal € 2.118.000 extra krediet nodig voor het verduurzamen van de gemeentelijke gebouwen. Dit bedrag spreiden we uit over de jaren tot 2030.
Als alle maatregelen zijn getroffen dan zijn we op alle fronten volledig gasloos in 2030. De kosten zijn de kosten voor het verduurzamen van de gemeentelijke gebouwen exclusief het gemeentehuis. Hiervoor is al krediet beschikbaar in het Investeringsplan 2023. Bij een positief besluit van de raad zal het krediet van € 2.118.000,voor de overige gebouwen worden opgenomen in het Investeringsplan 2025. We bekijken daarbij of het raadzaam is de totale investering op te knippen in twee of meerdere deelkredieten. De duurzaamheidsinvesteringen worden geactiveerd op de gemeentelijke balans en leiden tot hogere kapitaallasten (rente en afschrijving). Uitgaande van de actuele marktrente (+-3%) en een afschrijvingstermijn van 20 jaar bedragen de jaarlijkse kapitaallasten ca. € 170.000.
De maatregelen zullen tevens effect hebben op de energielasten van de betreffende gebouwen. De gaskosten zullen dalen en de elektriciteitskosten zullen stijgen. Deze effecten zijn op dit moment niet in kaart gebracht, maar zullen te zijner tijd worden verwerkt in de betreffende budgetten. Omdat de doelstelling van voorliggend plan ligt op het terrein van duurzaamheid, lijkt het ons niet nodig de terugverdientijd op voorhand in kaart te brengen. De genoemde totale investering van € 2.118.000 geeft over de periode tot 2030 een opwaarts effect op de schuldquote van 2,7 procentpunten. Uitgaande van de ramingen uit de Programmabegroting 2024-2027 betekent dit dat in 2028 de kritieke grens van 130% schuldquote wordt overschreden. Daarbij dient echter 1 belangrijk voorbehoud gemaakt te worden: de ramingen in de Programmabegroting gaan uit van het voltrekken van de Ravijnjaren. Dit heeft een sterk nadelig effect op de schuldquote. Doen de Ravijnjaren zich niet of in mindere mate voor, dan zijn de duurzaamheidsinvesteringen op te vangen binnen de grens van 130%. We kijken nog naar mogelijkheden om in aanmerking te komen voor subsidie voor de investeringen. We houden hier op voorhand geen rekening mee. Indien een subsidie wordt toegekend, dan brengen we die in mindering op het gevraagde krediet.
Scenario B leidt tot dezelfde effecten, echter worden deze uitgesmeerd over een langere periode. De onzekerheid rondom de prijsontwikkeling van de investeringen (investeringen kunnen duurder of juist goedkoper worden) speelt dan wel een grotere rol. Bijgevoegd in bijlage 3 is een planning te vinden van wanneer we wat doen, wanneer worden welke werkzaamheden uitgevoerd van nu tot 2030. COMMUNICATIE: Na besluitvorming door uw raad wordt u periodiek, indien van toepassing, geïnformeerd middels raadsinformatiebrieven over de voortgang van de uitvoering het project.
VERVOLG: Na positieve besluitvorming door u over het verduurzamen van de gemeentelijke gebouwen, zullen wij de verdere invulling van de uitvoering van de werkzaamheden op ons nemen. De verduurzamingswerkzaamheden worden de komende jaren, conform planning, voor 2030 uitgevoerd. BIJLAGEN: Bijlage 1 Overzicht verduurzamen gemeentelijke gebouwen Bijlage 2 Scan gemeentelijke gebouwen Bijlage 3 Planning werkzaamheden verduurzamen gemeentelijke gebouwen
Burgemeester en wethouders van Dongen, De secretaris,
De burgemeester,
mr. H.L.M. van Noort
M.C. Bakermans