2023-12994 Bijl1- Plan van aanpak Energiearmoede Dongen
Tekst van het document
2023 Aanpak energiearmoede & energiebesparing
Lambooij, Bernard Gemeente Dongen 23-5-2023
Inhoud
1. Inleiding .................................................................................................................................................................................................. 2 2. Achtergrond ........................................................................................................................................................................................... 2 Definitie energiearmoede ............................................................................................................................................................... 2 Transitievisie Warmte gemeente Dongen ............................................................................................................................... 2 3. Doel ......................................................................................................................................................................................................... 3 4. Doelgroep .............................................................................................................................................................................................. 3 Hoe ziet de doelgroep eruit? ........................................................................................................................................................ 3 5.
Analyse Dongen ................................................................................................................................................................................... 4 6. Beschikbare financiële middelen en bijbehorende voorwaarden .................................................................................. 5 7. Aanpak .................................................................................................................................................................................................. 6 Korte termijn ........................................................................................................................................................................................ 6 Lange termijn ...................................................................................................................................................................................... 7 Aandachtspunten .............................................................................................................................................................................. 8 8. Partners ................................................................................................................................................................................................ 8
1
1. Inleiding Voor u ligt het plan van aanpak energiearmoede. Energiearmoede is op dit moment actueler dan ooit. De afgelopen periode zijn de energieprijzen enorm gestegen. Ook de economische consequenties van de situatie in de Oekraïne zijn groot. De stijgende energieprijzen en de toenemende druk van deze kosten op het besteedbaar inkomen van (financieel kwetsbare) gezinnen is op dit moment een urgent probleem. Met name door de hogere energieprijzen is de inflatie dit jaar flink opgelopen. Dit betekent dat het onderwerp energiearmoede snel aangepakt moet worden. Vanuit het Rijk krijgen gemeenten extra middelen voor de aanpak van energiearmoede. In dit plan van aanpak wordt op hoofdlijnen beschreven hoe de middelen besteed worden. Dit plan van aanpak is dus niet in beton gegoten, maar moet vooral gezien worden als een handelingsperspectief. Bij het opstellen van dit plan is gebruik gemaakt van de op dit moment actuele gegevensbronnen. Het onderwerp is actueel en daarom is het risico groot dat de informatie snel achterhaald is. Er moet snel ingespeeld kunnen worden op nieuwe informatie en eventuele nieuwe geldstromen die vanuit het Rijk beschikbaar worden gesteld.
2. Achtergrond De energietransitie die we in Nederland doormaken, brengt voor veel huishoudens kosten met zich mee. Op de korte termijn zorgt de snelle stijging van de energieprijzen ervoor dat huishoudens met een lager inkomen en/of een slecht geïsoleerde woning al direct gevolgen merken. Maar ook op de lange termijn staan huishoudens voor forse kosten, voor bijvoorbeeld het beter isoleren van hun woning en uiteindelijk de stap van het gas af. Als overheid willen we niet dat mensen in financiële problemen komen door de energietransitie. Het Rijk stelt extra middelen voor de aanpak van de energiearmoede beschikbaar waarbij er een plicht is deze direct te besteden. In dit plan van aanpak wordt beschreven welke middelen er zijn en op welke wijze de beschikbare middelen ingezet kunnen worden. Definitie energiearmoede Problemen van algemene armoede en energiearmoede zijn sterk met elkaar verweven, maar vallen niet altijd samen. Niet alle huishoudens die een relatief groot deel van hun inkomen besteden aan energiekosten zijn arm, en omgekeerd zijn er huishoudens met een laag inkomen die relatief weinig aan energie uitgeven. Kwantitatief onderzoek naar energiearmoede in Nederland is tot nu toe vooral gericht op de vraag naar de betaalbaarheid van de energierekening.
Maar energiearmoede is een complex, multidimensionaal fenomeen, dat moeilijk te vangen is in één indicator; er bestaat (internationaal) dan ook geen algemeen geaccepteerde definitie voor. Om recht te doen aan deze veelzijdigheid hanteert TNO meerdere indicatoren voor het meten van energiearmoede. Er worden drie dimensies van het energiearmoedeprobleem onderscheiden: 1. De betaalbaarheid: laag inkomen & hoge energiekosten: een huishouden betaalt meer dan 10% van het besteedbaar inkomen aan energiekosten. 2. Woningkwaliteit: laag inkomen & lage energetische kwaliteit woning; 3. Mee kunnen doen aan de energietransitie: huis met relatief lage energie kwaliteit & niet zelf kunnen verduurzamen. Daarbij kan nog onderscheid gemaakt worden tussen huiseigenaren en huurders. De aanpak van energiearmoede loopt nu via het sociale domein voor het verstrekken van energietoeslagen en via team KED voor het treffen van duurzaamheidsmaatregelen en advies om energie te besparen. Een groot deel van de huishoudens met energiearmoede betreft huurders van corporatiewoningen. Woningbouwcorporatie Casade staat aan de lat om de kwaliteit van de sociale huurwoningen te verbeteren. Een ander deel van de doelgroep betreft particuliere woningeigenaren in slecht geïsoleerde woningen, veelal gespikkeld bezit woningen.
Transitievisie Warmte gemeente Dongen De door de raad vastgestelde Transitievisie Warmte (TVW) is een beleidsdocument dat een eerste richting geeft aan de aanpak van het isoleren en aardgasvrij maken van de gebouwde omgeving. Dongen richt zich de komende jaren op het besparen van het gebruik van aardgas door middel van het isoleren van de woningen. Dit helpt bij het bestrijden van energiearmoede. Het beleidsprogramma Versnelling Verduurzaming Gebouwde omgeving dat door het ministerie van BZK is vastgesteld, moet ons hierbij helpen Ten aanzien van energiearmoede is het volgende opgenomen in de TVW: We kunnen er ook voor kiezen om, aansluitend op ons sociaaleconomisch beleid, naast de wijk met de grootste sociale cohesie en het sociale initiatief groot, ook juist een buurt in de lagere inkomensklasse als eerste aardgasvrij te maken. West 1 en West 2 zouden hiervoor in aanmerking kunnen komen omdat daar bijvoorbeeld energiearmoede kan spelen, dus waar mensen onvoldoende geld hebben om de energierekening te betalen. De gemeente Dongen wil deze inwoners graag betrekken omdat door de woningen te isoleren de energierekening van deze bewoners daalt en de energiearmoede vermindert.
2
Ook kan gekeken worden naar verschillen in de mate van zelfredzaamheid en bereidheid van inwoners (specifiek particuliere huiseigenaren) om te investeren. Er kan dus begonnen worden in buurten met de sterkste of juist de zwakste schouders. Soms nemen buurtbewoners het initiatief om gezamenlijk van het aardgas af te gaan. We kunnen kiezen om juist in die buurten te starten waar het lokale initiatief groot is. Deze burgerinitiatieven kunnen dan het vliegwiel worden voor de warmtetransitie in de gemeente. Voor iedere buurt hebben we inzichtelijk gemaakt hoe de inkomens verdeeld zijn, welk deel van hun inkomen door de bewoners aan energie wordt besteed, hoeveel energie er gemiddeld wordt verbruikt. Als we, aansluitend bij sociaaleconomisch beleid, juist buurten in de lagere inkomensklasse als eerste willen aanpakken, zijn de buurten West 1 en West 2 het meest kansrijk. In deze buurten is het gemiddeld gasverbruik per woning relatief hoog en het inkomen relatief laag waardoor de energierekening een groot deel van het inkomen opslokt. Deze vorm van energiearmoede kan worden verminderd door de woningen te isoleren waardoor de energierekening daalt. Een positieve factor voor het starten in deze wijken is de relatief grote mate van sociale cohesie.
3. Doel Het doel van de inzet op energiearmoede is het voorkomen en beperken dat huishoudens in financiële problemen komen door de stijging van de energieprijzen op korte termijn en de gevolgen van de energietransitie op de langere termijn.
4. Doelgroep Uit onderzoek van TNO blijkt dat energiearme huishoudens enerzijds een laag inkomen en anderzijds óf hoge energiekosten óf een woning met een energetisch lage kwaliteit hebben. Landelijk heeft Ongeveer 40% van de energiearme huishoudens inkomen uit de bijstand of een andere sociale voorziening, ongeveer 40% heeft een pensioen. Ca. 88% van de energiearmen woont in een huurwoning en 12% in een koopwoning. De doelgroep bestaat uit: Huishoudens in een huur- of koopwoning met een laag energielabel (Label E,F en G) én een laag inkomen hebben. Vaak is het een woning met een bouwjaar tussen 1950 – 1970. Zij geven dus relatief veel geld uit aan energie, vooral aan het op temperatuur houden van hun huis; Huiseigenaren die niet genoeg eigen geld of ruimte in de hypotheek hebben om energiebesparende maatregelen te nemen. We richten ons hierbij op woningen met een WOZ-waarde tot ongeveer € 405.000 (betaalbaarheidsgrens). Hier voor zal een vermogenstoets moeten plaats vinden vanuit de Participatiewet. Met een laag inkomen bedoelen we een inkomen uit werk of uitkering: tot 120% van het sociaal minimum. Dit is de groep die gebruik mag maken van de ‘Dongen doet mee regeling’ en kan deze aanvragen; tussen 120-140% van het sociaal minimum.
‘Dat zijn deels mensen die werken, maar steeds minder overhouden om van te leven of te kort komen aan het eind van de maand; Bij de bepaling van de maximale inkomensgrenzen vindt een inkomenstoets plaats welke afhankelijk is van de leefsituatie: alleenstaande (ouder) of gehuwd. Overige persoonlijke omstandigheden spelen hierbij geen rol. Bijvoorbeeld woonsituatie of als een partner niet tot het huishouden behoort. Een eerste grove inschatting leert ons dat zo’n 500 - 850 huishoudens in Dongen te maken kunnen hebben met energiearmoede in de doelgroep sociaal minimum < 120%. Voor de groep sociaal minimum >120% tot <140% is een eerste grove inschatting dat het hier 250 extra huishoudens betreft. In totaal gaat het dus om 750-1.100 huishoudens. Hoe ziet de doelgroep eruit? Bovenstaande doelgroep is divers. Het gaat hier om: huishoudens die ook op andere terreinen financiële problemen hebben met de betaling van ziektekosten(verzekering) of hypotheek/huur. Ze hebben soms zelfs schulden en/of achterstanden; inwoners die vanwege handicap, ziekte of leeftijd noodgedwongen veel thuis zijn en daarom een hoge energierekening hebben; inwoners met een migratieachtergrond, waaronder ook statushouders, die soms ook de taal niet machtig zijn en weinig zicht hebben waaraan ze energie uitgeven.
Zo krijgen ze snel een hoge rekening; inwoners die hun verwarming uit of heel laag zetten omdat ze de rekening niet kunnen betalen. Dit noemen we ook wel 'verborgen energiearmoede'; starters op de woningmarkt die een hogere huur hebben ten opzichte van huurders die al lang dezelfde woning huren; ouderen die van een minimum inkomen rond moeten komen;
3
eenpersoonshuishoudens en met name eenoudergezinnen - deze zijn sterk oververtegenwoordigd in de groep energiearme huishoudens.
Gezien deze diversiteit zal de gemeente Dongen samen met partners als ContourdeTwern en Casade een aanpak moeten ontwikkelen die ervoor zorgt dat alle doelgroepen worden bereikt.
5. Analyse Dongen Om antwoord op de vraag te krijgen waar de doelgroep te vinden is in Dongen is een nadere analyse gedaan. De datavoorziening Statline van het CBS bevat voor Dongen verschillende indicatoren waarmee mogelijke energiearmoede op wijkniveau in beeld gebracht kan worden. Hoewel de data uit 2020 komen, geven deze data naar verwachting een voldoende beeld om een goede vergelijking tussen wijken te maken. De kolom ‘energiearmoede obv hoge energiequote’ geeft het percentage huishoudens met hoge energiekosten en een laag inkomen aan. De kolommen met inkomen en vermogen geven een indicatie in welke buurten de huishoudens weinig inkomen en een lage vermogensbuffer hebben en daarmee weinig capaciteit hebben om zelf verduurzamende maatregelen te bekostigen. Buurt
Aantal Energiearmoede huishoudens 1) o.b.v. hoge 2) (x 1000) enerquote (%)
Gemiddeld vermogen gestandaardiseerd minimaal residueel inkomen 5000 euro (x 1 000 euro)
(%) Beljaart Biezen Buitengebied Klein Dongen/Dongen-Vaart Buitengebied Oost Buitengebied 's Gravenmoer Buitengebied West 1 Buitengebied West 2 Centrum Dongen-Vaart Hoge Akker Klein Dongen Oud Dongen 's Gravenmoer Tichelrijt West 1 West 2 Wildert
0,6 1,3 0,1 0,1 . . 0,1 1,7 0,2 1 0,1 1,4 0,9 . 1,4 1,5 .
30,2 . 26,6 39,2 37,5 . . .. 35,4 28,9 30 27,6 29,5 . 27,9 32,1 . .. 25,3 25,6 ..
0,8 2,1 7,1 8,8 . . 8,6 4 5,8 1,2 13,6 5,6 6,3 . 4,3 2,8 .
vermogen vermogen minimaal minimaal 15000 euro 25000 (%) euro (%) .
85 88
. 66 70
. 94
57 56 .
78 .
92 88 90 91
66 .
83 73 75 74 .
87
68 60 61 63 .
67 . .
82 81
55 . .
64 60 .
50 46 .
Als we deze scores vergelijken, dan verdienen de volgende drie wijken de meeste aandacht. In deze wijken is er sprake van een relatief hoog percentage inwoners met een hoge energiequote en is het aandeel eigenaar-bewoners met een vermogensbuffer relatief klein. 1. West 1 2. West 2 3. Oud Dongen Buurten in het buitengebied als Klein Dongen springen er ook uit maar deze buurten zijn of erg klein en/of betreft het grote vrijstaande woningen met gemiddeld goede inkomens. Van bovengenoemde wijken zijn ook een aantal kenmerken op een rij gezet:
CBS-buurt Oud Dongen West 1 West 2
Aantal inwoners
Aantal huishoudens
1-1-2022
1-1-2021
3414 3264 3654
1510 1520 1620
% casade huur 2020 24% 26% 21%
4
% koop woningen
Gemiddelde WOZ-waarde
2020
2020
71% 61% 70%
€ 260.000 € 208.000 € 209.000
Gemiddeld bouwjaar 1958 1977 1975
Als we de percentages hoge energiequote als leidraad nemen, dan kunnen we aan de hand daarvan een inschatting maken van het aantal huishoudens dat het risico loopt op energiearmoede:
CBS-buurt Oud Dongen West 1 West 2
Aantal huishoudens met mogelijk risico op energiearmoede Ca. 5,6% = 85 Ca. 4,3% = 65 Ca. 2,8 % = 45
Sinds 2020 (het peiljaar) is landelijk het aantal huishoudens met energiearmoede met ca. 15% toegenomen. Dit betekent dat de bovengenoemde aantallen ook in die ordegrootte toegenomen zal zijn. In bijlage 1 van dit plan van aanpak is een kaart opgenomen met kenmerken van de 11.378 woningen in de gemeente Dongen.
6. Beschikbare financiële middelen en bijbehorende voorwaarden Het Rijk heeft voor de aanpak van energiearmoede middelen beschikbaar gesteld aan gemeenten. Gelet op de hoge inflatie door o.a. de stijgende energieprijzen is er op 11 maart 2022 een Kamerbrief met aanvullende maatregelen verzonden. Begin 2023 is het Nationaal Isolatieprogramma gestart. In deze paragraaf is een overzicht van de tot zover bekende maatregelen en opgenomen. 1. Specifieke uitkering (SPUK) om gericht in te zetten voor het nemen van maatregelen om energierekening te verlagen. In januari 2022 hebben gemeenten een specifieke uitkering ontvangen van het Rijk. Voor de gemeente Dongen gaat het om een bedrag van € 366.917,-- Dit bedrag is bedoeld voor concrete activiteiten gericht op het bestrijden van energiearmoede en moet verantwoord worden via de SISA methode. Een goede opzet voor de verantwoording is daarom van belang. Het geld moet voor 31 december 2024 uitgegeven zijn. Geld dat op dat moment niet uitgegeven is, moet teruggestort worden. Het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties wijst gemeenten er op dat bij de besteding van dit geld rekening moet worden gehouden met de regels rondom inkoop en staatssteun. Een belangrijk aandachtspunt bij het bepalen van maatregelen is staatssteun.
Met name bij woningen in bezit van corporaties of particuliere verhuurders moet hier rekening mee gehouden worden. Maatregelen die tot gevolg hebben dat het pand meer waard wordt, vallen veelal onder staatssteun en moeten dus vermeden worden. Voorwaarden besteden Specifieke uitkering (SPUK)
ruimte voor gemeenten voor eigen invulling; aansluiting op bestaande activiteiten mogelijk; besteding middelen voor 31 december 2024; verantwoording via Sisa: besteding; aantal huishoudens; aantal kleine/grote maatregelen electra/gas; aantal advies/scans;
2. Algemene uitkering om de minimahuishoudens met € 2600,- te compenseren voor de jaren 2022 en 2023. Eind 2021 heeft het Rijk samen met de gemeenten een eenmalige generieke regeling getroffen om lagere inkomens in 2022 en 2023 tegemoet te komen voor de stijgende energieprijzen. Ongeveer 800.000 huishoudens met een inkomen op of net boven het sociaal geldende minimum ontvangen hierdoor € 200, uit te keren door gemeenten via de categoriale bijzondere bijstand. Gemeenten kunnen hiermee eenzijdig een toelage toekennen aan huishoudens in de doelgroep minimabeleid, zonder dat hiervoor een aanvraag nodig is. Op 11 maart 2022 heeft het kabinet besloten deze regeling substantieel te verhogen met € 600 naar € 800. In september 2022 is besloten om dit bedrag te verhogen naar €1.300,- voor 2022.
5
De gemeente Dongen heeft de huishoudens die in aanmerking kwamen voor energietoeslag nog eens extra gecompenseerd met € 200,-. Voor 2022 heeft deze doelgroep van de gemeente Dongen dus totaal energietoeslag € 1500 gekregen. Voor november en december 2022 heeft ieder huishouden – ongeacht inkomen - nog eens 2 x €190,- ontvangen (€ 380,-- ) dit maakt een totaal van € 1.880 voor 2022 ontvangen door de doelgroep. Voor het jaar 2023 geldt het prijsplafond en daar bovenop wordt een bedrag van €1.300,- toegekend. Het college heeft besloten het voorschot energietoeslag 2023 (samen met de energiebijdrage uit het Steunfonds) uit te keren. Ook is er een collegebesluit met betrekking tot toekenning energietoeslag aan mensen in inkomensgroep 120-140%. Het betreft hier een lager bedrag namelijk € 600. Dit wordt verstrekt via het Steunfonds. Bij de aanvraag wordt een inkomenstoets gedaan op basis van de meest recente loonstrook of uitkeringsspecificatie. Inwoners met een inkomen uit de Participatiewet ontvangen de vergoeding automatisch, zij hoeven hiervoor niets te doen. De overige minima komen ook in aanmerking voor de vergoeding, maar zij zullen zich bij de gemeente ( in casu Sociaal Domein) moeten melden. Het geld wordt via een algemene uitkering van het gemeentefonds aan gemeenten verstrekt.
Omdat het geld via een algemene uitkering verkregen wordt, hoeven gemeenten geen verantwoording af te leggen aan het Rijk. 3. Nationaal Isolatieprogramma Het doel van het Nationaal Isolatieprogramma is om 2,5 miljoen koop- en huurwoningen te isoleren in de periode tot en met 2030. De nadruk ligt daarbij op de 1,5 miljoen slecht geïsoleerde woningen (label D, E, F en G). Hiervoor stelt het Rijk vier miljard euro beschikbaar. Het geld wordt uitgekeerd aan gemeenten in de vorm van een specifieke uitkering (SPUK). Gemeenten moeten wel eerst een aanvraag opstellen. Het geld wordt uitgekeerd in drie rondes in 2023, 2024 en 2025. Per woning kan € 1.460 worden aangevraagd. Voor Dongen is in de eerste ronde geld voor in ieder geval 272 woningen beschikbaar (€ 397.120). Het geld moet uiterlijk in 2026 zijn besteed aan woningisolatie en dat betreft grote maatregelen als gevel- of dakisolatie of het vervangen van beglazing. Het overgrote deel van de woningen (80%) moet een lagere WOZ-waarde hebben dan de gemiddelde WOZ-waarde in Dongen (€ 349.000, peiljaar 2022).
7. Aanpak Er wordt ingezet op twee sporen namelijk op de korte én op de lange termijn. Per spoor wordt aangegeven welke maatregelen genomen worden. Korte termijn De korte termijn aanpak richt zich op: 1. de uitbetaling van de algemene uitkering van het Rijk voor de compensatie van minima voor 2023. De compensatie voor 2023 kan pas in het tweede kwartaal van 2023 worden aangevraagd c.q. worden uitbetaald. Het betreft een verstrekking in de vorm van categoriale bijzondere bijstand via ons sociaal domein; 2. Inzet Klusdienst: dit is een regionaal initiatief in de regio Hart van Brabant en Dongen sluit hierbij aan. De Klusdienst wordt ingezet voor het aanbrengen van kleine maatregelen die makkelijk door te voeren zijn, snel een effect hebben op de energierekening. Qua maatregelen moet dan gedacht worden aan het aanbrengen van tochtstrips, ledlampen, radiatorfolie, klein isolatiemateriaal en verbruiksdisplays. Per woning wordt een bedrag tussen € 200,- en € 250,- geïnvesteerd waarbij ervan uitgegaan wordt dat 600-700 huishoudens mee zullen doen. Dit is ongeveer 70% van de doelgroep. Uit eerdere trajecten in andere gemeenten blijkt dat met deze maatregelen een gemiddelde energiebesparing per huishouden gerealiseerd kan worden van € 210,- per jaar. De Klusdienst wordt uitgevoerd door een te selecteren marktpartij.
Energiecoöperatie (EC) Energie Dongen heeft interesse getoond om een rol in de uitvoering van de Klusdienst te pakken. Hierover maken we nadere afspraken met EC Energie Dongen en de uitvoerder van de Klusdienst. Verder werken we samen met ContourdeTwern (CdT) en Casade. De sociaal werkers van CdT hebben veel contact met de doelgroep en deze zetten we in om de Klusdienst onder de aandacht van de mensen te brengen. Zij krijgen hiermee de rol van Energiemaatje. Over de inzet van CdT maken we nadere afspraken. Casade helpt de Klusdienst bij het betrekken van hun huurders en begeleidt de Klusdienst bij het op een passende wijze uitvoeren van de technische maatregelen. In het najaar van 2023 gaat de Klusdienst van start. 3. Regeling voor het vervangen van energie-onzuinig witgoed door zuinig witgoed: dit is eveneens een regionaal initiatief waar de gemeente Dongen bij aanhaakt. Zuinige apparaten helpen de vaste
6
lasten te verlagen. De tijdelijke regeling is bedoeld voor het vervangen van de volgende apparaten: wasmachine, koelkast of vriezer tegen een hoger energielabel, bij voorkeur label A of B. De huishoudens die tot de doelgroep behoren, krijgen een voucher in de ordegrootte van € 500 (exact bedrag nader te bepalen) en kunnen deze besteden bij de gecontracteerde winkeliers. Het maximaal aantal huishoudens dat mee kan doen met deze regeling bedraagt 300 á 350. De uitvoering van de regeling start gelijk met de Klusdienst in het najaar van 2023. Voor de onderdelen 2 en 3 wordt de SPUK-uitkering van € 366.917 ingezet. Dit bedrag wordt grofweg 50/50 over de onderdelen 2 en 3 verdeeld. Met de inkopers van de gemeente wordt gecheckt hoe de beide onderdelen aan de aanbestedingsregelgeving kunnen voldoen. We streven de volgende planning na.
Mei 2023 Juni 2023 Juli t/m September Okt 2023 Feb 2024 December 2024
Project Klusdienst en Witgoedregeling Besluitvorming college plan van aanpak energiearmoede Besluitvorming gemeenteraad plan van aanpak energiearmoede Contractuele voorbereiding en aanbesteding Klusdienst en Witgoedregeling Start uitvoering Klusdienst en Witgoedregeling Tussenevaluatie Einde Klusdienst en Witgoedregeling
Uitgangspunt in deze planning is dat de aanbesteding van zowel de Klusdienst als de Witgoedregeling via een enkelvoudige onderhandse procedure kan verlopen. Als dat aanbestedingstechnisch niet mogelijk is en een meervoudige aanbesteding nodig is, start de uitvoering op zijn vroegst begin 2024. Lange termijn De lange termijn aanpak richt zich op grotere maatregelen die de energierekening blijvend verlagen. Dit betreft met name de isolatie van matig tot slecht geïsoleerde woningen (energielabel C t/m G) : Verduurzaming sociale huurwoningen Met Casade zijn prestatieafspraken gemaakt over de verbetering van de woningvoorraad en ieder jaar wordt bekeken hoe de minst energiezuinige woningen zo snel mogelijk verduurzaamd kunnen worden; Verduurzaming koopwoningen Voor de aanpak van de koopwoningen volgen we de strategie uit de Transitievisie Warmte (2021) en het daaruit voortgevloeide procesplan (begin 2023). De uitvoering van de sporen ‘gemeente brede aanpak’ en ‘gebiedsgerichte aanpak’ is gestart. In het kader van de gebiedsgerichte aanpak gaan we als vervolg op de pilot in de focusbuurt ’s Gravenmoer in een tweede focusbuurt aan de slag waar de aanpak van energiearmoede centraal staat. In het procesplan is aangegeven dat we voor energiearmoede een apart traject volgen omdat armoede een breder begrip is dan alleen energiearmoede.
Zie ook uit het procesplan: Verder is de aanpak voor energiearmoede in het procesplan opgenomen. De aanpak van energiearmoede loopt nu zowel via het sociale domein met het verstrekken van energietoeslagen als via team Klimaat, Energie en Duurzaamheid op het treffen van maatregelen en advies om energie te besparen. We zoeken naar samenwerking in de regio Hart van Brabant en met Casade, ContourdeTwern en andere partijen. Een gedeelte van de doelgroep waar energiearmoede speelt, betreft de particuliere woningeigenaren met veelal slecht geïsoleerde woningen. Deze doelgroep willen we stimuleren en faciliteren om hun woning te verduurzamen zodat hun maandelijkse energielasten dalen. Casade pakt de huurwoningen aan. De aanpak voor energiearmoede/energiebesparing wordt in een afzonderlijke nota aan het college en de gemeenteraad aangeboden omdat dit onderwerp breder is dan alleen ontzorging van inwoners en het nemen van isolerende maatregelen. Deze plannen gaan in op maatregelen op de korte termijn maar ook op de langere termijn. Het terugdringen van energiearmoede willen we op langere termijn onderdeel laten zijn van het armoedebeleid. De drie aanpakken staan niet los van elkaar maar interacteren. Zo is in de gebiedsgerichte aanpak aandacht voor energiearmoede en zijn de communicatiemiddelen van de individuele aanpak bruikbaar voor de gebiedsgerichte aanpak.
Voor de financiële ondersteuning van de woningverduurzaming zetten we de middelen uit het Nationaal Isolatieprogramma in. Omdat deze middelen bedoeld zijn voor de slechtst geïsoleerde woningen met een relatief lage
7
WOZ-waarde verwachten we dat de doelgroep met energiearmoede hier gebruik van kan maken. Daar bovenop kunnen de ISDE-subsidie en de duurzaamheidslening uit het Warmtefonds worden ingezet. Aandachtspunten De eerste stap is dat we nader in beeld moeten brengen bij welke huishoudens er daadwerkelijk energiearmoede is en waar die het grootst is. De data van PON/Telos en TNO geven een eerste beeld. Daarnaast verwachten we dat verschillende bronnen meer gevoel geven bij de data of deze verder verfijnen:
Informatie vanuit Sociaal Domein Informatie vanuit het traject vroegsignalering en schuldhulpverlening Huishoudens die gebruik maken van de Dongen doet mee pas. Contour de Twern.
Uiteindelijk verwachten we hiermee voldoende zicht op de doelgroep te krijgen.
8. Partners We werken samen met de volgende interne en externe partners: Intern:
Team Klimaat, Energie en Duurzaamheid Team Sociaal beleid en kwaliteit Team Data Team Inkoop: Team Communicatie Team schuldhulpverlening
Extern: Casade Gemeenten Loon op Zand en Waalwijk Regio Hart van Brabant, werkgroep energiebesparing REKS Enexis ContourdeTwern
8
bijlage 1: Kenmerken van de 11.378 woningen in de gemeente Dongen.
9