2023-128023 RV Ontwikkelstrategie SRBT en Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL Zaaknummer Portefeuillehouder Onderwerp
: 2023-128023 : C.A.M. de Jong : Ontwikkelstrategie SRBT en Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant
VOORSTEL: 1. Kennis te nemen van de 'Ontwikkelstrategie Stedelijke Regio Breda Tilburg - Bouwen aan het juiste nest' en het eindconcept 'Ontwikkelperspectief en eerste uitvoeringsafspraken Stedelijk Brabant 2040.' 2. Geen bedenkingen in te brengen bij het voorgenomen besluit van het college om in te stemmen met de 'Ontwikkelstrategie Stedelijke Regio Breda Tilburg - Bouwen aan het juiste nest' en het eindconcept 'Ontwikkelperspectief en eerste uitvoeringsafspraken Stedelijk Brabant 2040.'
BESLUIT: 1. Kennis te nemen van de 'Ontwikkelstrategie Stedelijke Regio Breda Tilburg - Bouwen aan het juiste nest' en het eindconcept 'Ontwikkelperspectief en eerste uitvoeringsafspraken Stedelijk Brabant 2040.' 2. Geen bedenkingen in te brengen bij het voorgenomen besluit van het college om in te stemmen met de 'Ontwikkelstrategie Stedelijke Regio Breda Tilburg - Bouwen aan het juiste nest' en het eindconcept 'Ontwikkelperspectief en eerste uitvoeringsafspraken Stedelijk Brabant 2040.'
INLEIDING: Het proces voor het opstellen van een gezamenlijke koers voor de integrale verstedelijkingsopgave van Brabant en van de Stedelijke Regio Breda-Tilburg (SRBT) is in 2020 gestart. In 2021 heeft dit geresulteerd in de uitwerking van de Verstedelijkingsstrategie Brabant 2040. Gelijktijdig is op de schaal van de SRBT gewerkt aan de uitwerking van de Verstedelijkingsstrategie SRBT. Een conceptversie daarvan is in mei 2022 opgeleverd, tezamen met de conceptVerstedelijkingsstrategie Brabant, en aan alle colleges in de regio voorgelegd. Op 2 mei 2022 is de raad geïnformeerd middels een raadsinformatiebrief. Eind 2022 is de verdere uitwerking doorgezet tot de eindvorm die het nu heeft: de Ontwikkelstrategie SRBT. Gelijktijdig is op de schaal van stedelijk Brabant op basis van de Verstedelijkingsstrategie Brabant 2040 een Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant 2040 uitgewerkt, waarin de Brabantbrede verstedelijkingsopgaven worden beschreven. De Ontwikkelstrategie SRBT is hiervoor een bouwsteen geweest. Voorafgaand aan het BO Leefomgeving van 13 juni 2023, waar het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant ter bespreking voor lag met het Rijk, is het bestuurlijk draagvlak in de regio gesondeerd. Op 16 mei 2023 heeft in de gemeente Dongen de Roadshow plaatsgevonden waarbij de gemeenteraden van Dongen, Loon op Zand en Waalwijk zijn bijgepraat.
Het college heeft zich op 16 mei over de concept-stukken gebogen. Naar aanleiding van de bestuurlijke consultatie in de regio zijn zowel de Ontwikkelstrategie SRBT als het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant aangepast. De colleges in de SRBT is nu gevraagd om beide documenten, als een tweeluik, met de raden te bespreken waarbij eventuele bedenkingen kunnen worden ingebracht. ARGUMENTEN: 1.1 De Ontwikkelstrategie SRBT en het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant 2040 bieden het handvat voor de wijze waarop we onze verstedelijkingsopgaven slimmer en duurzamer oppakken. De uitwerking van het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant 2040 en parallel daaraan de Ontwikkelstrategie SRBT, betekent een koerswijziging in de ruimtelijke ontwikkeling van Brabant. Er liggen forse bouw-, transformatie- en herstructureringsopgaven. Om ruimte te bieden aan al die opgaven met behoud van onze ruimtelijke kwaliteit, moeten we slimmer en duurzamer verstedelijken. De grote vraag naar ruimte voor woningen en bedrijvigheid moeten we in samenhang bezien met het oplossen van de opgaven op het vlak van klimaatadaptatie, energietransitie, slimme mobiliteit, biodiversiteit, gezondheid, inclusiviteit en circulaire economie.
De Ontwikkelstrategie SRBT en het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant 2040 bieden het handvat voor de wijze waarop we onze verstedelijkingsopgaven in de SRBT slimmer en duurzamer kunnen oppakken. De inzet en het ‘hoger doel’ van de Ontwikkelstrategie SRBT is: leven, wonen en werken in een groene, gezonde en inclusieve stedelijke regio en het vergroten van die brede welvaart in een goede verdeling over stad en land. Om meer brede welvaart goed over het mozaïek van stad én land te verdelen dienen we gelijktijdig: • de kwaliteit van water, landschap en natuur te benutten en te versterken; • de economie toekomstbestendig te maken;
• het vestigingsklimaat voor wonen en werken verbeteren; • de ruimtelijke kwaliteit te verhogen; • samen gericht investeren in de - voor de regio extra grote - mobiliteitstransitie. In SRBT willen we verstedelijken met een zachte G: verstedelijking die groen en gezond is en waar brede welvaart goed gedeeld wordt. 1.2 De Ontwikkelstrategie SRBT en het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant 2040 zijn het resultaat van een gezamenlijk planvormingsproces. De Ontwikkelstrategie SRBT schetst een gezamenlijk toekomstperspectief van 19 gemeenten uit de regio SRBT op de ontwikkeling van de stedelijke regio Breda Tilburg. In woord en beeld is het perspectief uitgewerkt in een integrale visie op de kernwaarden, de opgaven, en de ontwikkelprincipes van de regio, evenals de strategieën om die opgaven tot uitvoering te brengen. In het proces zijn meerdere bijeenkomsten georganiseerd, zowel op ambtelijk en bestuurlijk niveau als met de raden. In dit proces hebben wij het lokale beleid, zoals vastgesteld in de Omgevingsvisie en de verschillende programma’s en beleidskaders, nadrukkelijk ingebracht. Dit heeft geresulteerd in een Ontwikkelstrategie SRBT dat aansluit bij ons eigen beleid en de kaders die door de gemeenteraad zijn vastgesteld.
Het proces om te komen tot een Ontwikkelperspectief voor stedelijk Brabant heeft plaatsgevonden op het schaalniveau van het hele Brabantse stedelijk netwerk en dat van de vier stedelijke regio’s daarbinnen. De Ontwikkelstrategie SRBT is input geweest voor de uitwerking van het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant 2040. Er is daarbij gewerkt met een Brabantbrede stuurgroep en met de regionale stuurgroepen, waaronder de stuurgroep SRBT. Bij het Ontwikkelperspectief voor stedelijk Brabant zijn ook de Waterschappen en provincie vertegenwoordigd. 2.1 Het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant 2040 is in lijn met de Ontwikkelstrategie SRBT en de Omgevingsvisie Ruimte voor Dongen. In het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant zijn de vijf ontwikkelprincipes uit de Verstedelijkingsstrategie Brabant 2040 vertaald naar een aantal hoofdkeuzes en eerste uitvoeringsafspraken op het schaalniveau van heel stedelijk Brabant en op het niveau van de vier stedelijke regio’s daarbinnen. De vijf ontwikkelprincipes Brabantbreed zijn: • Water en bodemsysteem als basis voor de verstedelijking. • Landschap en natuur groeien mee met verstedelijking. • Nieuwe woningen versterken bestaande stad en dorp. • Mobiliteitstransitie maatwerk voor stad en dorp. • Kwalitatieve werkgebieden als randvoorwaarde voor een circulaire economie.
Deze ontwikkelprincipes sluiten goed aan bij de uitgangspunten van de Ontwikkelstrategie SRBT en vice versa. Deze 5 ontwikkelprincipes sluiten aan en/of kunnen ingepast worden van de ambities uit de omgevingsvisie: a) het Dongens DNA, b) de economie van morgen, c) de gezonde leefomgeving en d) een duurzame toekomst. Daar waar nodig worden deze aspecten aan de hand van programma’s en aanvullingen/verdiepingen van de omgevingsvisie verwerkt. 2.2 De overwegingen die het college gedurende het proces heeft meegegeven, hebben in de definitieve stukken voldoende vertaling gekregen. Het college heeft in mei 2023 besloten om voor het vervolgtraject de volgende aandachtspunten mee te geven (zie ook brief van college d.d. 16 mei 2023): • Mobiliteit - Pleiten voor omdenken: OV-mobiliteit regio verbeteren, zodat woningbouwopgave - kwantitatief en kwalitatief - ook regiobreed kan landen. Gemeente dongen is niet gelegen aan de OV-hub en heeft geen station. Het verbeteren van de bereikbaarheid naar OV-Hubs Oosterhout, Reeshof/CS Tilburg en station Gilze en Rijen is van belang voor het bereikbaar houden van het dorp. Dit kan bijvoorbeeld in de vorm van een snelfietsroute van Dongen naar Gilze en Rijen en/of andere gemeenten. De ontwikkelingen in de mobiliteitstransitie zal ertoe leiden dat onze woonkernen en woonmilieus aantrekkelijk blijven of aantrekkelijker worden.
En dat we ons voorzieningenniveau en dus de (economische) vitaliteit van onze dorpen op zijn minst kunnen behouden. • Economisch profiel - We missen in het economisch profiel aandacht voor de vele kwaliteiten in het landelijk gebied. Juist onze landschappelijke en economische verscheidenheid is zo kenmerkend. De nadruk ligt sterk op de twee grote ‘stedelijke’ dragers: de logistieke as en de kennisclusters. Wij vinden dat er meer aandacht mag zijn voor de diversiteit van het dorpse en landelijke karakter, waar ruimte nodig is voor creativiteit en innovatie en waar ingezet wordt op een goede balans tussen de diverse vormen van landbouw, de leisure en verscheidenheid van het MKB. • Dorpenstrategie - We benadrukken nogmaals het belang van een dorpenstrategie. Niet overal kunnen voldoende woningen gebouwd worden op inbreidingslocaties. Tegelijkertijd vormt woningbouw een belangrijke hefboom voor de leefbaarheid en het behouden van voorzieningen voor dorpen en het landelijk gebied. Er moet ruimte blijven voor lokaal maatwerk, zoals bijvoorbeeld het bouwen aan de randen van dorpen. Een dorpenstrategie kan
daar een kader voor vormen. • Werkgroep governance - De SRBT is een lichte bestuurlijke samenwerking zonder rechtsvorm (GR) en formele beslisbevoegdheid. Wij volgen met belangstelling de voortgang van de werkgroep governance die kijken naar 1) positie en perspectief van de SRBT -samenwerking, 2) status en legitimering van de SRBT samenwerking en 3) uitvoeringskracht. In de voorliggende stukken en in het proces is hierop voldoende ingespeeld. In de Ontwikkelstrategie is verduidelijkt dat de SRBT een samenhangende regio is waarin alle kernen (dorps en stedelijk) een rol hebben en daarom programmatische ruimte hebben voor de duurzame, op een leefbare omgeving gerichte ontwikkeling van de SRBT. De dorpenstrategie zet dorpen niet op slot, maar is juist bedoeld om op zoek te gaan naar specifieke vraagstukken en oplossingen. De ontwikkelstrategie SRBT sluit, net als in de NOVI, uit- en aanbreiden niet uit. Wel verschuift de aandacht en inzet naar het bestaande bebouwd gebied, maar als er essentiële meekoppelopgaven zijn, blijft er in de regio ruimte voor de realisatie van uitleglocaties. Daarmee wordt aangesloten op de afspraken uit de woondeal. Naast inzet op de mobiliteitstransitie, is meer nadrukkelijk in de Ontwikkelstrategie aangegeven dat ingrepen in de bestaande infrastructuur niet worden uitgesloten.
Het onderzoeken naar en introduceren van nieuwe vormen van openbaar vervoer, collectief vervoer en gedeelde mobiliteit voor goed bereikbare dorpen wordt expliciet genoemd. Economie is aangevuld met inzet op het duurzaam doorontwikkelen van het sterk aanwezige leisure klimaat en het behouden en versterken van de in de gehele regio aanwezige brede economische verscheidenheid inclusief die op het platteland. Het college adviseert uw raad dan ook om geen aanvullende bedenkingen in te dienen. 2.3 De Ontwikkelstrategie SRBT en het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant 2040 bieden kansen voor Dongen. Bij ontwikkelingen die passen binnen de Ontwikkelstrategie SRBT en het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant 2040 mag verwacht worden dat we andere overheden aan onze zijde hebben en indien er sprake is van een gemeenschappelijk belang dat we ook op steun van Rijk / provincie kunnen rekenen (o.a. in de vorm van cofinanciering). Het gezamenlijk belang is ook onderstreept in de SRBT-Woondeal. Voor het realiseren van woningbouw op sleutellocaties en het benoemden van kansrijke locaties trekken we samen op bij het realiseren van meer betaalbare woningen in de regio. De dorpenstrategie biedt ook voor Dongen kansen om in mogelijkheden te kunnen blijven denken. De principes groen en voorzieningen c.q.
landschap en natuur groeien mee met verstedelijking bieden kansen voor de ontwikkeling van ons prachtlandschap van de toekomst. In de SRBT en ook in midden-Brabant voegen wij immers een belangrijk deel van het groene en blauwe netwerk van de regio toe. De verduurzaming en transitie van de mobiliteit kunnen wij niet alleen en vergt grote (financiële) inspanningen. Bijvoorbeeld op het gebied van (snel)fietsroutes, openbaar vervoer en het onderzoek naar alternatieve wijzen van (collectief) vervoer. Voor het borgen van een goede bereikbaarheid hebben we onze partners op regionaal, provinciaal en rijksniveau nodig. 2.4. Het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant 2040 vormt input voor het gesprek met het Rijk. Het Rijk maakt op basis van het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant 2040 verdere afspraken met provincie, waterschappen en stedelijke regio’s. Er worden geen aparte verstedelijkingsakkoorden (meer) afgesloten met de stedelijke regio’s. De regio SRBT wordt in het gesprek met provincie en Rijk bestuurlijk vertegenwoordigd. Gemeenten sluiten niet afzonderlijk aan. Het Ontwikkelperspectief betreft dus zowel het Brabantbrede als het regionale schaalniveau. Samen met de provincie gaan we de hoofdkeuzes en de eerste uitvoeringsafspraken verder uitwerken. Wanneer er een rijksbelang is sluit het Rijk ook aan.
2.5 De Ontwikkelstrategie SRBT vormt input voor beleid van provincie en Rijk. De Ontwikkelstrategie SRBT is input geweest voor de uitwerking van het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant 2024. Dat geldt met name voor de regionale paragraaf in hoofdstuk 5 en voor de eerste uitvoeringsafspraken in hoofdstuk 4 van het Ontwikkelperspectief. De Ontwikkelstrategie SRBT is ook een belangrijke bouwsteen voor het zogenaamde ruimtelijk voorstel dat elke provincie in het kader van de nieuwe nationale Nota Ruimte dit jaar nog aan het Rijk moet doen. 2.6 De Ontwikkelstrategie SRBT en het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant 2040 vormen input voor het gemeentelijk beleid. Zowel de Ontwikkelstrategie SRBT als het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant hebben het karakter van beleidsvoornemens en als zodanig geen eigenstandige, formeel-juridische of planologisch status of werking. Het is de bedoeling dat de voornemens en afspraken door de bevoegde gezagen vertaald gaan worden in hun eigen (omgevings)beleid. De verdere doorvertaling gericht op de uitvoering vindt plaats in een uitvoeringsagenda die nog opgesteld zal worden in samenwerking met Rijk, provincie, waterschappen en de stedelijke regio’s. De omgevingsvisie Ruimte voor Dongen is globaal van opzet. In de op te stellen programma’s en door aanvullingen / verdiepingen in de omgevingsvisie toe te voegen, blijft ons beleid actueel.
KANTTEKENINGEN: 2.1 Het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant 2040 is al besproken met het Rijk voorafgaand aan de vaststelling van de Ontwikkelstrategie SRBT door het college in afstemming met de raad. Het bespreken van het eindconcept ‘Ontwikkelperspectief en eerste uitvoeringsafspraken Stedelijk Brabant 2040’ op het Bestuurlijk Overleg Leefomgeving van 13 juni 2023, voordat de gemeenteraad zich over de Ontwikkelstrategie SRBT heeft uitgesproken, sluit niet goed aan bij het standpunt dat de gemeenteraad is om leidende en kaderstellende principes vast te stellen. In een ideaal proces was eerst de Ontwikkelstrategie SRBT vastgesteld door colleges en raden, was deze ingebracht en overgenomen in het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant en worden vervolgens afspraken met het Rijk gemaakt. Dit heeft echter niet plaatsgevonden. De Ontwikkelstrategie SRBT en het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant zijn gelijk opgelopen. Daardoor lijken de stukken erg op elkaar, wat laat zien dat de Ontwikkelstrategie SRBT op hoofdlijnen wel is overgenomen. 2.2 Woningbouw wordt in principe niet in het buitengebied gerealiseerd. In de Ontwikkelstrategie SRBT staat dat we zoveel mogelijk binnenstedelijk en binnendorps bouwen en dat we, volgens de NOVI prioriteiten en afwegingsprincipes en de Voorkeursvolgorde verstedelijking uit de NOVI 2, in principe niet bouwen in het groene buitengebied.
Versnelling in het bouwen van woningen, zoals gewenst in de Woondeal, kan op gespannen voet komen staan met dit principe. Het realiseren van nieuwe woningen of andere rode functies op uitbreidingslocaties, heeft namelijk vanuit het Ontwikkelperspectief gezien niet de voorkeur. Het wordt op voorhand echter ook niet volledig uitgesloten. Nieuwe (beperkte) uitlegplannen kunnen aan de orde komen als transformatie en inbreiding onvoldoende mogelijkheden bieden en er sprake van is essentiële meekoppelopgaven voor de betreffende ontwikkeling. Deze locaties moeten volgens het provinciale kader wel op regionaal niveau en integraal afgewogen worden, wat betekent dat we daar niet alleen het stuur in handen hebben. Hoewel het niet principieel afwijkt van het huidige beleid van inbreiden voor uitbreiden op basis van de ladder van duurzame verstedelijking, wordt de drempel om uit te kunnen breiden naar verwachting wel steeds hoger. Dongen heeft geen stedelijke aanduiding gekregen (geen OV-knooppunten). Voor Dongen vormen de dorpenstrategieën een wezenlijk onderdeel van de ontwikkelstrategie SRBT. Deze moeten de gemeenten nadrukkelijk gaan helpen en niet beperken in het realiseren van de specifieke opgaven in dorp en kleine kern.
Het ontwikkelen van dorpen strategieën, gericht op behoud en versterking van de leefbaarheid, nabijheid en draagvlak van voorzieningen in dorpen, kleine kernen en buurtschappen. Onderzoek of en hoe programmatisch ruimte in en aan de rand van de kern kan worden ingezet voor maximaal effect op breedte aan opgaven. Welke omvang mogelijke aan- en uitbreidingslocaties kunnen gaan krijgen, zal de tijd gaan uitwijzen. 2.3 De mobiliteitstransitie kan niet worden opgelegd. Het particulier autobezit in Brabant is onderdeel van “onze” leefstijl. Dit betekent een verandering in het gedrag van mensen en nieuwe leefstijlen. Gedragsverandering is niet iets wat je zo maar kunt opleggen, maar een geleidelijke transitie door moet maken. Ondanks dat de prioriteit bij duurzame mobiliteit ligt, moeten we het huidige mobiliteitsgebruik, dat voornamelijk is gericht op de auto, niet uit het oog verliezen. Het is een geleidelijke transitie die moet passen binnen de capaciteiten van de infrastructuur. 2.4 Regionale samenwerking verschuift van Hart van Brabant naar (meer) SRBT. De regionale samenwerking in de (fysieke) leefomgeving vindt steeds meer plaats in SRBT-verband (RIA, Woondeal, Ontwikkelperspectief).
In het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant staat dat we willen afspreken dat de stedelijke regio’s het bestuurlijk verband zijn waarbinnen partijen komen tot een integrale aanpak van de verstedelijkingsopgaven. Samenwerking als 1 overheid is met 9 gemeenten in Hart van Brabant al makkelijker gezegd dan gedaan, maar met 19 gemeenten wordt het er niet eenvoudiger op. Binnen de regionale samenwerking Hart van Brabant hebben we in de kernagenda projecten en prioriteiten vastgelegd. Vanuit de Ontwikkelstrategie SRBT worden daar projecten aan toegevoegd en wordt opgeroepen om medeeigenaarschap te tonen voor de samenwerking en hierop naar vermogen inzet, kennis en capaciteit in te brengen. Wat hiervan ook voor Dongen de consequenties zijn is op dit moment niet goed te overzien. Uit het stuk blijkt dat de komende periode wordt gebruikt om de Ontwikkelstrategie SRBT uit te werken in een uitvoeringsagenda (met programmalijnen en concrete projecten) en een bijbehorende realisatie- en (co)financieringsstrategie. Als Dongen moeten we in hierin (de uitvoeringsagenda) duidelijk aangeven wat een haalbare bijdrage gaat zijn kijkend naar eigen projecten, ambities en capaciteit. FINANCIËN: De stukken die nu voorliggen hebben geen financiële consequenties. In het proces is input geleverd vanuit de reguliere formatie.
De uitvoering van de Ontwikkelperspectieven kan wel financiële consequenties hebben. De oproep in de Ontwikkelstrategie SRBT om mede-eigenaarschap te tonen voor de samenwerking en hierop naar vermogen inzet, kennis en capaciteit in te brengen kan resulteren in meer ambtelijke capaciteit. De uitvoering van de Ontwikkelperspectieven in concrete projecten kan resulteren in benodigde cofinanciering. Wat dit voor de gemeente
Dongen betekent, kan nu nog niet aangegeven worden. Pas wanneer in de loop van dit jaar concrete voorstellen worden gepresenteerd voor een uitvoeringsagenda en de governance- en organisatievraagstukken kunnen we dit beoordelen. COMMUNICATIE: De Ontwikkelstrategie SRBT en het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant zijn begin juli aan alle colleges in het SRBTverband aangeboden, met als doel beide documenten, als een tweeluik, met de raden te bespreken. De vorm waarin zienswijze, wensen-bedenkingen etc. - verschilt per gemeente. De gemeente Dongen heeft op 16 mei jl. een roadshow georganiseerd voor de gemeenten Waalwijk – Loon op Zand – Dongen waarbij de aspecten vanuit de Ontwikkelstrategie SRBT zijn toegelicht aan uw raad en het voorgenomen besluit van het college is toegelicht. Deze laatste is nagezonden aan de gemeenteraad.
VERVOLG: Voor de oordeelsvorming/zienswijze bepaling/wensen en bedenkingen procedure door de raden, benutten de gemeenten de periode juli - oktober. Op basis van het verkregen draagvlak stemmen partijen in met de Ontwikkelstrategie SRBT en het Ontwikkelperspectief en de eerste uitvoeringsafspraken. Formele instemming met het Ontwikkelperspectief en de eerste uitvoeringsafspraken zal plaatsvinden in de stuurgroep NOVEX Stedelijk Brabant danwel het BO MIRT in de periode september-november 2023. De verdere doorvertaling gericht op de uitvoering vindt vervolgens plaats in een uitvoeringsagenda die nog opgesteld zal worden in samenwerking met Rijk, provincie, waterschappen en de stedelijke regio’s. Indien de uitvoeringsagenda ook voor Dongen iets concreets betekent, wordt dit aan de gemeenteraad gecommuniceerd plus aangegeven of de gemeenteraad hierin een rol heeft. BIJLAGEN: 1. Ontwikkelstrategie Stedelijke Regio Breda Tilburg - Bouwen aan het juiste nest', juli 2023 2. Ontwikkelperspectief en eerste uitvoeringsafspraken Stedelijk Brabant 2040.