20220630-01 Ambtelijke reactie op concept opdrachtformuleringen in het kader van het takendebat 21jun22
Tekst van het document
Ambtelijke reactie op concept opdrachtformuleringen in het kader van het takendebat.
Geachte leden van de gemeenteraad, Via de griffie heeft u ons verzocht c.q. in de gelegenheid gesteld om een ambtelijke reactie te geven op de concept opdrachtformuleringen in het kader van het te voeren takendebat. Bij deze voldoen wij hier graag aan. Voorafgaande aan de inhoudelijke reactie op de concepten merken wij het volgende op. Uw raad heeft onderschreven dat met het takendebat beoogd wordt een of meerdere van de volgende doelen te dienen: 1) Richting geven aan het handelen van de gemeente Hierbij gaat het om de beoordeling van de vraag of taken bijdragen aan de gestelde beleidsdoelen. 2) Scheppen van financiële ruimte Het schrappen van taken kan (op termijn) leiden tot kostenreductie en daarmee financiële ruimte scheppen. 3) Scheppen van capaciteit Er is geen balans tussen wat van de organisatie wordt verlangd en wat de organisatie kan leveren. Doel kan zijn om die balans te herstellen door afbouw van het takenpakket. Bij lezing van een aantal opdrachtfomuleringen moeten wij constateren dat er geen relatie ligt tussen de opdrachtformulering en genoemde doelen. In een aantal gevallen is sprake van een politieke ambitie of een wens; daar is natuurlijk geen bezwaar tegen, doch deze zouden een andere route moeten lopen (b.v. begrotingsproces 2023 of een afzonderlijke opdracht). In andere gevallen is sprake van een informatiebehoefte, b.v.
naar de wijze van uitvoering van taken. Voor de invulling van die informatiebehoefte kunt u ook van een lichter instrument dan een takendebat gebruik maken. Wij geven u in overweging om deze concepten daarop nog eens kritisch te toetsen. Bij lezing van de ambtelijke reacties zou u soms de indruk kunnen hebben dat deze defensief van aard zijn. Dat is niet de houding die wij aannemen ten aanzien van de opdrachten. Wij hebben gepoogd een kritische blik op de concepten te moeten werpen om te bevorderen dat de opdrachten steunen op goede overwegingen, zo concreet mogelijk en zo goed mogelijk uitvoerbaar zijn. Dat ook vanuit de wetenschap dat de uitwerking van de opdrachten door de ambtelijke organisatie naast lopende taken dient plaats te vinden. Wat dat betreft zullen we in de uitwerking (moeten) zoeken naar pragmatische vormen om een en ander haalbaar en uitvoerbaar te maken. Hieronder treft u de ambtelijke reactie aan op de concepten, die op 18 juni in ons bezit waren. Op de nadien ontvangen opdrachten volgt zo mogelijk op 22 juni een separate reactie. Wij wensen u succes bij de verdere voorbereidingen en besluitvorming over de opdrachten voor het te voeren takendebat.
1
Opdracht actief grondbeleid. Deze opdracht is uitvoerbaar. Dit onderwerp hangt echter wel erg samen met de omgevingsvisie waar we momenteel aan werken. Dat vraagt om voor de uitvoering om goede timing, volgorde en afstemming voor beide trajecten. Ten aanzien van de tweede uitwerkingsvraag (doorrekenen van scenario’s) vragen wij u concreet aan te geven aan welke scenario’s u behoefte heeft. Ten aanzien van de derde uitwerkingsvraag (impact op begroting en indicatoren) geven wij u op voorhand aan dat grondaankopen vragen om (stevige) investeringen die de schuldquote en het risicoprofiel zullen verslechteren. Dat staat haaks op eerdere uitspraken en kaders van de gemeenteraad. Opdracht gemeentelijke gebouwen Ook deze opdracht is uitvoerbaar ofschoon veelomvattend. Qua tijdsbesteding en doorlooptijd zal nog een nadere inschatting gemaakt (moeten) worden. te maken. Dan moeten we eerst goed zicht krijgen op de omvang van de opdracht en wat we daarbij tegen komen. Diverse opdrachten op het gebied van personeel en inhuur Bij meerdere fracties wordt het onderwerp ‘personeel’ al dan niet in combinatie met ‘externe inhuur’ genoemd als onderwerp voor het takendebat. En hoewel het onderwerp relevant is, onder andere gezien de krapte op de arbeidsmarkt, is het sterk de vraag of het een onderwerp voor het takendebat is.
En daarbij is het de vraag in hoeverre de rol van de raad zich verhoudt tot het voeren van een debat (en uiteindelijk nemen van besluiten) over medewerkersbestand, personeelsbeleid, werving en selectie, etc. Uw raad begeeft zich daarmee op het domein waarvoor college (ook als werkgever) en directie verantwoordelijk zijn. Het behoeft geen betoog dat dit onderwerp geen inzet moet worden van een politieke discussie. Ontwikkeling Dat gezegd hebbende kijkt ook de directie van de gemeente met zorg naar de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt. Wij zien en merken dat vacatures moeilijker vervulbaar zijn. Wij zien en merken dat het aantal ambtenaren ‘dat voor zichzelf begint’ stijgt. Wij zien en merken dat (met name binnen het sociaal domein) de mobiliteit onder medewerkers hoog is. Wij zien en merken dat ook tijdelijke inhuur moeizamer verloopt én dat de tariefstelling stevig is gestegen. Deze trends zijn niet alleen in Dongen zichtbaar. Ook de andere gemeenten hebben te maken met dezelfde ontwikkelingen. Sterker nog: het hele land heeft een gebrek aan arbeidskrachten. Het werkloosheidscijfer is laag. Het lijkt er sterk op dat er geen krachten voorhanden zijn. Twintig procent van de vacatures van de overheid zijn momenteel niet of moeilijk invulbaar. Gemeenten zijn daarbij ook elkaars concurrent. We moeten rekening houden met het scenario van blijvende krapte. In Dongen 2
Wanneer de ontwikkelingen in Dongen worden afgezet tegen andere gemeenten, dan lijkt Dongen er nog ‘goed vanaf’ te komen. De vacatureruimte in Dongen is 4,3% (verschil tussen maximale fte en werkelijke bezetting). In de afgelopen maanden zijn er collega’s geweest die besloten hebben de gemeente Dongen te verlaten. Dat zijn in de regel medewerkers geweest die langere termijn (>5 jaar) bij ons hebben gewerkt. Het is veelal een combinatie tussen behoefte aan een nieuwe werkomgeving of nieuwe uitdaging, gecombineerd met een voor werkzoekenden gunstige arbeidsmarkt. Inhuur Wanneer specifiek wordt ingezoomd op inhuur, dan blijkt de A&O personeelsmonitor dat Dongen relatief laag zit. Gemiddeld ligt het inhuurpercentage van Nederlandse gemeenten op 16,5%. Voor gemeenten met een inwoneraantal tussen 20.000 en 50.000, ligt het percentage op 15,7%. Voor Dongen geldt dat het percentage in 2021 10% is. In Dongen wordt in drie situaties inhuur gepleegd: 1. Wegens langdurige ziekte/uitval; 2. Als tijdelijke overbrugging bij openstaande vacatures; 3. In geval specifieke kennis en vaardigheden ontbreken en nodig zijn. Een opdracht om de kosten van inhuur terug te dringen draagt niet bij aan een oplossing van – sterker nog, vergroot juist - het capaciteitsprobleem waar ook onze organisatie mee te kampen heeft.
Afronding Nederland - en daarmee ook de gemeenten als werkgever - heeft last van een tekort aan arbeidskrachten. Op een aantal gemeentelijke domeinen is dat probleem groter dan op andere. Tegelijk is er een trend zichtbaar dat ambtenaren uit loondienst gaan en zich vestigen als zelfstandige of voor adviesbureaus gaan werken. Daarbij zijn de inhuurtarieven (fors) gestegen. Het is maar zeer de vraag of deze trends op korte termijn gaan keren, of dat er sprake is van een semi-permanente status. Alsdan zullen wij met elkaar moeten wennen aan een nieuwe werkelijkheid. Voor zover effectieve oplossingen voor capaciteitsproblemen ontbreken, zal aan de knop ambitieniveau gedraaid moeten worden om een balans te bewerkstelligen tussen wat aan de organisatie wordt gevraagd en wat de organisatie kan leveren. U mag er vanuit gaan dat er alles aan gedaan wordt om goed in te spelen op de ontwikkelingen op de markt, kwalitatief goed personeel te vinden en te behouden. Zoals boven vermeld is het ambtelijke standpunt dat personeel en medewerkers en het beleid daar omheen geen onderwerp voor een politiek debat is. Daarbij is het zoals gezegd de verantwoordelijkheid van college en directie om een personeelsbeleid te voeren.
Wanneer het onderwerp wordt ingebracht als onderwerp voor het takendebat, dan zullen wij (directie) bij de opdrachtaanvaarding door het college eenzelfde soort geluid laten horen.
3
Opdracht subsidie en inkoop sociaal domein Er lijkt geen relatie te zijn tussen de uitwerkingsvragen en het beoogde doel. Beantwoording van de vragen leidt niet tot het gewenste inzicht. Ten aanzien van de betrokkenheid van de raad bij subsidiëring en contracteren is het de vraag hoe zich dat verhoudt tot de rol van de raad. Ten aanzien van de derde uitwerkingsvraag (mogelijkheden tot interventie) merken wij het volgende op. De grote contracten hebben een meerjarige looptijd en zijn pas ingegaan of gaan per 1 januari in (betreft Wmo begeleiding, Jeugdhulp, voorliggend veld). Deze hebben allemaal een looptijd van 4 jaar exclusief mogelijke verlengingen. Het is zeer de vraag of er nog mogelijkheden zijn om te interveniëren. Wij hebben aangenomen dat het onderwerp subsidies in deze opdracht alleen het sociaal domein betreffen. Wanneer dit echter voor het hele subsidieprogramma bedoeld is, is deze ambtelijke reactie niet volledig. Er staan onzes inziens geen feitelijke onjuistheden in de overwegingen. De opdracht is uitvoerbaar. Opdracht uitbesteding afvalinzameling Ten aanzien van de eerste en tweede overweging: De overweging dat het lastig is om de planning voor de afvalinzameling rond te krijgen is op zich niet onjuist, maar om dan te stellen dat dit gevolgen kan hebben voor de dienstverlening voert te ver.
Feit is dat de dienstverlening tot nu toe steeds is gewaarborgd (dankzij de brede inzetbaarheid van de medewerkers en inhuur waar nodig). Ten aanzien van de tweede uitwerkingsvraag (besparingen op gebied van personeel en materieel): De vraagstelling gaat uit van de aanname dat een besparing mogelijk is. Dat zal moeten blijken. Vrijwel alle medewerkers van Team Reiniging zijn in vaste dienst. Het uitbesteden van het werk betekent niet dat deze mensen direct van de loonlijst kunnen worden geschrapt. Over de uitvoerbaarheid van de opdracht merken wij het volgende op. Wij hebben weliswaar de nodige gegevens in huis, maar missen de expertise voor een dergelijk onderzoek. Daarbij moet een dergelijk onderzoek objectief zijn (de slager moet niet zijn eigen vlees keuren) en is inzicht nodig in de markt(partijen). Bij een extern onderzoek moet op voorhand gedacht worden aan een indicatief kostenbedrag in de orde van grootte van € 50.000. Uit de vragen en opmerkingen valt af te leiden dat de raad de papierinzameling met vrijwilligers graag voort wil zetten. Er is echter een markttrend waarbij professionele inzamelaars stoppen met de inzet van vrijwilligers bij inzameling van papier en karton. Wij kennen op dit moment geen inzamelaars die actief zijn in onze regio die bereid zijn in te zamelen met vrijwilligers. De belangrijkste redenen hiervoor zijn strengere ARBO-eisen in 4
combinatie met veiligheid, het gebrek aan vrijwilligers bij verenigingen en de (hoge) leeftijd van de in te zetten vrijwilligers. Het overeind houden van dit uitgangspunt kan daarmee belemmerend werken op een onderzoek naar gehele uitbesteding van inzameling of leidt ertoe dat de gemeente materieel en middelen moet aanhouden voor enkel inzameling van oud papier. Daarnaast zou het uitbesteden van de papierinzameling een gunstig effect op de planning op werkdagen kunnen hebben, dus ook op de dienstverlening aan inwoners. Onze medewerkers hoeven dan immers niet meer op zaterdagen te werken waardoor zij een extra doordeweekse werkdag inzetbaar zijn. Het is voor bewoners onwenselijk dat er meerdere partijen de diverse afvalstromen ophalen. Gezien de huidige samenwerking met BAT is de kans daarom vrij groot dat we uiteindelijk bij hen terecht komen, mocht er voor uitbesteding gekozen worden. Opdracht audiovisuele installatie raadszaal Deze uitwerkingsopdracht lijkt niet te passen bij door de raad onderschreven doelstellingen van het takendebat. Het komt neer op een politieke ambitie/wens. Wij zien het dan ook eerder als een onderwerp (motie) voor de voorbereiding c.q. behandeling van de begroting 2023, dan wel als een losse opdracht aan het college, en niet als een onderwerp voor het takendebat. Ten aanzien van de inhoud merken wij het volgende op.
De raadszaal brengt constructieve beperkingen met zich mee. Hierdoor is het niet mogelijk om (zwaardere) elementen te monteren aan het plafond. Daarnaast is het, gezien de vorm en het omhulsel van de raadszaal, lastig/ niet mogelijk om bekabeling naar/ in het plafond aan te brengen. Dit maakt het vinden van een AV oplossing voor de raadszaal complexer en kosten intensief. Ten aanzien van de uitvoerbaarheid: De opdracht is uitvoerbaar en we hebben (in samenwerking met een leverancier) voldoende kennis in huis om de opdracht uit te voeren. Het uitvragen van de stelling via de website of Notubiz is naar verwachting technisch mogelijk. Gezien de lage responsgraad die we ervaren bij verschillende andere uitvragen vragen we ons af of de uitkomst van een uitvraag naar een AV systeem representatief zal zijn. Bij uitvoering van het project moet gerekend worden op lange levertijden, er is een enorme vraag naar hybride vergadersystemen en deze zijn lastig leverbaar. Opdracht Speeltoestellen Wij verwijzen uw raad graag naar het plan van aanpak speeltoestellen zoals dat vorige week aan de raad is toegestuurd. Bij de opdrachtaanvaarding zullen wij dat plan afzetten tegen de uiteindelijke uitwerkingsopdracht van uw raad om te zien, of het daarop goed aansluit dan wel nog aanvulling behoeft.
De uitwerkingsvraag heeft vooral betrekking op het voeren van een uitgebreid participatietraject met bewoners over de invulling van het speeltoestellenbeleid. Hiervoor zal het gesprek aangegaan moeten worden met de bewoners van de verschillende wijken en kernen, maar ook met de wijk- en dorpsraden. Vooralsnog lijkt dit het meest 5
logisch om het per wijk en kern te organiseren. Daarbij moet opgemerkt worden dat er meerdere wijken zijn die geen wijkraad hebben. Ook is er binnen onze organisatie geen medewerker die participatie in zijn of haar takenpakket heeft zitten. Dit participatietraject is complex en tijdrovend. Geschat wordt dat het minimaal een jaar in beslag gaat nemen. Ondersteuning van een externe partij is zeer wenselijk. Ook het op poten zetten van een Right to Challenge vanuit de wijkraden is lastig. Zoals gemeld heeft niet elke wijk een wijkraad. Daarnaast moet zo’n Right to Challenge feitelijk van binnenuit komen en niet worden ‘opgelegd’. Daarnaast moeten speeltoestellen aan wettelijke veiligheidseisen voldoen, dienen ze regelmatig geïnspecteerd te worden en moet er een logboek voor ieder toestel bijgehouden worden. Dat maakt dat aanschaf en beheer van speeltoestellen lastig in te bedden is in een Right to Challengestructuur. Er moet dan al snel sprake zijn van een rechtspersoon (stichting, vereniging) die verantwoordelijk is voor een speeltuin en ook subsidie kan aanvragen. Op dit moment is er geen zicht op of dat van de grond te krijgen is. Als gekozen wordt voor het opstellen van een participatietraject dat uitmond in een plan van aanpak, dient er ook enig zicht te zijn op voldoende budget om het uit te voeren.
Een jaar lang bewoners intensief betrekken bij het opstellen van een plan, schept ook de verwachting dat dit plan te uitvoer kan worden gebracht. Opdracht Jeugd en Politiek Deze uitwerkingsopdracht lijkt niet te passen bij door de raad onderschreven doelstellingen van het takendebat. Het komt neer op een politieke ambitie/wens. Wij zien het dan ook eerder als een onderwerp (motie) voor de voorbereiding c.q. behandeling van de begroting 2023, dan wel als een losse opdracht aan het college, en niet als een onderwerp voor het takendebat. Bij de overwegingen staat één overweging die niet juist is. Voor elk leerjaar vanaf groep 7 wordt een activiteit aangeboden, uitgezonderd VW6 in overleg met het Cambreur College. Daarbij opgemerkt dat in de afgelopen twee jaar vanwege corona activiteiten niet zijn doorgegaan. Ten aanzien van de uitvoerbaarheid: Waar mogelijk wordt Prodemos gevraagd om het programma uit te voeren. Prodemos heeft enkele projecten die nog toegevoegd kunnen worden mits de scholen uiteraard aangeven hieraan mee te willen werken. Voor de andere projecten is voldoende kennis is huis en wordt waar nodig/gewenst de raadsleden gevraagd om bij te springen. Uitbreiding van bovenstaand pakket heeft gevolgen voor de ambtelijke uren en afhankelijk van de projecten, kan ook meer inzet van de raadsleden gevraagd worden.
Indien gekozen wordt voor projecten waarbij scholieren een bezoek aan Den Haag brengen, dan dient rekening te worden gehouden met ophoging van het budget in verband met vervoerskosten.
Opdracht subsidies 6
Er staat een uitvraag voor een offerte klaar om tot een nieuw subsidiebeleid te komen. Hierin is de taakstelling van een aantal jaren geleden verwerkt. Als er nog extra bezuinigd moet worden, dan is het handig om dit in de uitvraag mee te nemen. We streven ernaar om aan het einde van het jaar de uitgangspunten voor nieuw subsidiebeleid aan de raad te kunnen voorleggen. In de eerste helft 2023 vindt nadere uitwerking plaats tot een nieuwe subsidiebeleid, zodat dit m.i.v. 2024 in werking kan treden. Ten aanzien van de eerste uitwerkingsvraag (doelmatiger inzetten van subsidies: De vraag is wat men precies verstaat onder het doelmatiger inzetten van subsidies. De BCF-subsidies betreffen de partijen in de Cammeleur (m.u.v. ContourdeTwern). Het doorlopen van het huidige proces moet uiteindelijk leiden tot nieuwe subsidieopdrachten aan de partijen. Daarin worden ook de (aangepaste) huisvestingskosten meegenomen. We streven ernaar om deze nieuwe subsidieopdrachten per 1 januari rond te hebben. Ten aanzien van de vierde uitwerkingsvraag (subsidies in natura sportverenigingen): Om een goede inschatting te kunnen maken van de benodigde tijdsinvestering is de vraag wat men beschouwt als subsidie in natura? Betreft dat ook het beschikbaar stellen en onderhouden van een sportaccommodaties (sportvelden, gymzalen, zwembad, openbare ruimte)? We geven u in overweging dit te verduidelijken.
Opdracht armoedebeleid Deze uitwerkingsopdracht lijkt meer te vragen naar een evaluatie van het huidige armoedebeleid, dan naar het ter discussie stellen van de taak. Voor zover nodig attenderen wij uw raad erop, dat er wordt gewerkt aan een businesscase armoedebeleid, inclusief een onderzoek onder de doelgroep. Wij denken dat deze businesscase antwoorden zal geven op de gestelde uitwerkingsvragen. De opdracht is in principe uitvoerbaar. Niet alle kennis en expertise hebben wij in huis. Wij hebben onlangs KWIZ (onderzoeksbureau) de opdracht gegeven om de doelgroep in beeld te brengen en onderzoek te doen naar het gebruik en niet-gebruik van de minimaregelingen. Op basis van dit onderzoek kunnen wij nieuw beleid ontwikkelen. Bij de tweede overweging “het is niet precies duidelijk wie er exact voor in aanmerking komt”: willen wij graag een nuancering aanbrengen: De doelgroep is helder vastgesteld, namelijk mensen met een inkomen tot 120 % van de bijstandsnorm. Het is niet duidelijk hoe groot de doelgroep in Dongen is, omdat niet iedereen (die onder de 120% bijstandsnorm valt) gebruik maakt van de minimaregelingen. Opdracht mantelzorg Wij zien geen relatie tussen de doelstellingen van het takendebat en deze uitwerkingsopdracht. Het betreft hier een behoefte aan inzicht in de uitvoering van bestaand beleid.
7
Inhoudelijk kunnen wij het volgende meegeven: Een groot deel van de mantelzorgers heeft in 2021 geen mantelzorgbon opgehaald. In al de jaren ervoor heeft een groot aantal deel van de mantelzorgers een mantelzorgbon opgehaald. Wellicht dat corona en het verlaagde bedrag van de mantelzorgbon in 2021 gezorgd heeft voor minder animo. Het proces van aanvragen en uitreiking is namelijk al jaren hetzelfde. Het is niet onduidelijk wie exact voor een mantelzorgbon in aanmerking komt. Er zijn voorwaarden gesteld en deze zijn te lezen op het aanvraagformulier. Deze voorwaarden worden gedurende het gehele proces breed gecommuniceerd. Er zijn ruim 700 mantelzorgers in onze gemeente bekend. We zouden mantelzorgbonnen kunnen uitreiken aan de deur of opsturen. Eventueel door van te voren een aanvraagformulier op te sturen. Doe je dat niet dan kun je bijna niet anders dan de check of iemand voldoet aan de voorwaarden laten vallen. Voor nieuwe mantelzorgers zouden daarnaast ophaalmomenten ingericht moeten worden. Opsturen heeft geen voorkeur omdat er dan geen persoonlijk contact mogelijk is. ContourdeTwern gaat namelijk met iedere mantelzorger die de bon komt ophalen het gesprek aan. Er wordt gevraagd hoe het gaat en of men eventueel nog iets nodig heeft om de druk te verlagen. De uitwerkingsopdracht is uitvoerbaar. Er is ambtelijk twijfel of dit de oplossing biedt voor meer animo.
Mantelzorgers zullen er nog steeds iets voor moeten doen: aanvraagformulier invullen, thuis zijn e.d. We denken dat met de waardestijging van de mantelzorgbon er weer meer mantelzorgers bereid zijn om deze op te halen. De uitvoering van de uitreiking besteden wij jaarlijks uit aan ContourdeTwern. Als ContourdeTwern door een andere werkwijze en meer onderzoek meer tijd kwijt is, dan zal ContourdeTwern ergens anders minder tijd aan kunnen besteden. Doordat tijdens ophaalmomenten met mantelzorgers het gesprek wordt gegaan, komen wensen en problemen naar voren. Deze zijn vaak individueel van aard. De mantelzorger wordt dan waar nodig doorverwezen naar de juiste weg. Dat kan bijv. de Entree zijn of het voorliggend veld. Daarnaast is aandacht voor en het organiseren van activiteiten voor de doelgroep mantelzorgers onderdeel van het contract algemene voorzieningen. Deze partners spelen in op de behoeften en wensen van de mantelzorgers. Er is een o.a. een werkgroep mantelzorg die activiteiten en ontmoeting organiseert. De werkgroep dementievriendelijk Dongen, maar ook ouderenorganisaties besteden tevens aandacht aan de doelgroep mantelzorgers door in gesprek te gaan. Ten aanzien van de participatie: De participatieopdracht kan opgepakt worden, naast de al aanwezige contactmomenten en behoeftepeilingen.
De participatieopdracht kost naar inschatting circa 50 uren en heeft een doorlooptijd van 3 maanden.
8
Een uitwerkingsopdracht moet een meerwaarde hebben ten opzichte van de huidige situatie, zeker gezien de tijdsinvestering die ten koste zal gaan van iets anders. Doordat slechts één jaar een geringe opkomst is geweest en doordat het maatschappelijk speelveld veel aandacht heeft voor en contact heeft met de mantelzorgers, is er twijfel of de opdracht een essentiële meerwaarde gaat hebben. De mantelzorgbon wordt in het najaar uitgereikt. Dat betekent dat we op korte termijn moeten starten met de voorbereiding. Het uitdenken van en uitreiken op meerdere manieren kost op zeer korte termijn extra tijd (ca. 36 uur). En anders wordt het 2023. Opdracht sociale woningbouw Ten aanzien van de overwegingen merken wij het volgende op: Bij de derde bullet staat dat het college een doelstelling heeft van 30% sociale woningbouw. In het coalitieprogramma lezen wij die doelstelling niet terug. In de huidige woonvisie (door de raad vastgesteld) staat een doelstelling 35% goedkoop – 35% middelduur – 30% duur als het gaat om het woningbouwprogramma (te realiseren nieuwbouw in zowel koop als huur).
Wellicht wordt de lokale doelstelling 30% sociale woningbouw verward met hetzelfde percentage uit het programma “Een thuis voor iedereen”, onderdeel van de Nationale Woonen Bouwagenda? Daarin is opgenomen dat 30% van de totale woningvoorraad moet gaan bestaan uit sociale huurwoningen en dat elke gemeente naar een dergelijk percentage moet streven. Voor Dongen betekent dat, dat de gemeente in de woningbouwprogrammering meer dan 30% moet gaan opnemen in de vorm van sociale huurwoningen om op de lange termijn het aandeel sociale huur te laten groeien. Ten aanzien van de uitvoerbaarheid: Dongen heeft nu (peildatum 1-1-2022) een woningvoorraad van 11.540 woningen. Het aandeel koopwoningen is ruim 70%, een kleine 30% zijn huurwoningen. Daarvan is weer 2/3 deel (afgerond 2400 woningen) sociale huur en 1/3 (1100 woningen) middeldure / dure huur. Het is niet uitvoerbaar om die 30% voorraad sociale huur te halen, niet op korte en ook niet op de midellange termijn. Zelfs niet als alle nieuwe woningen die we moeten realiseren een sociale huurwoning zouden zijn.
Dat is exploitatie technisch al niet mogelijk en je bedient maar een deel van de woningmarkt, waar ook een grote behoefte bestaat aan andere segmenten Wat wel kan is in de nieuwe / te actualiseren woonvisie op te nemen dat een bepaald percentage van nieuwbouwplannen van enige omvang (nader te bepalen) altijd in de vorm van sociale huur gerealiseerd moet worden. Naast hetgeen al is uiteengezet, speelt ook een rol de investeringscapaciteit van woningcorporatie Casade. En een evenwichtige opbouw / samenstelling van wijken en buurten.
Opdracht RBT De Langstraat Wij hebben geen ambtelijke opmerkingen bij deze opdrachtbeschrijving. 9
================================================================
10