CConstaterende datDongen
Koppel je AI →
Document · PDF

20211118-01 TV VVD PBrooijmans VPD GJvBroekhoven ANTW- St. Belevenispark Pukkemuk

Besluitvormende raadsvergadering 18 november 2021, gemeente DongenBij agendapunt: Garantstelling St. Belevenispark Pukkemuk2.515 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Technische Vragen Fractie: Naam: Datum:

Dongense VVD/VPD Pieter Brooijmans / Gert Jan van Broekhoven 2021

Voorstel tot Portefeuillehouder: Behandelend ambtenaar: Plaatsten op Notubox:

Pukkemuk Jansen ja

Vraag/vragen & antwoord/antwoorden: Stichting Belevenispark Pukkemuk heeft bij de gemeente Dongen op 4 oktober 2021 een aanvraag om gemeentegarantie ingediend. De gemeentegarantie zou strekken ter meerdere zekerheid voor de Nederlandse Waterschapsbank N.V. voor een te verstrekken geldlening ad € 3 mln. Het bepaalde in het treasurystatuut en enkele overwegingen hebben de gemeente tot het standpunt gebracht, dat er in deze geen sprake is van een specifiek publiek belang c.q. publieke taak voor de gemeente. Om die reden heeft de gemeente besloten de aanvraag om gemeentegarantie af te wijzen. Vragen; 1. Het verzoek is getoetst aan de Wet Financiering Decentrale Overheden (Fido). De wet geeft aan dat het verlenen van garanties uitsluitend mag plaatsvinden ten behoeve van de uitoefening van de publieke taak. Waarom is de wet Fido naar uw mening op deze aanvraag van toepassing? Antwoord: De wet FIDO ziet toe op het financieringsbeleid van decentrale overheden. Het verstrekken van een garantie behoort tot dat financieringsbeleid. Artikel 2 lid 1 van de wet FIDO bepaalt dat openbare lichamen uitsluitend ten behoeve van de uitoefening van de publieke taak leningen kunnen aangaan, middelen uitzetten of garanties verlenen. 2.

In de toelichting bij de wet Fido is aangegeven dat de uitvoering van de activiteiten die als publieke taak worden beschouwd kunnen worden gedaan door zowel publieke als private organisaties. Klopt deze veronderstelling? Antwoord: Dat klopt. 3. De wet Fido is volgens de aanvrager niet een vereiste op de aanvraag voor deze gemeentegarantie. De wet Fido zegt dat de gemeente zelf bepaalt wat van publiek belang is. Wat is uw reactie hierop? Antwoord: De wet FIDO is altijd een vereiste bij handelingen van de gemeente die het financieringsbeleid raken, zoals het verstrekken van gemeentegaranties. Het is echter inderdaad zo dat de wet FIDO geen definitie van de term “publieke taak” geeft. Hiermee wordt recht gedaan aan de eigen verantwoordelijkheid van openbare lichamen ten aanzien van de afbakening van de publieke taak en de wettelijke taakomschrijving die zij op grond van de op hun van toepassing zijnde wetten bezitten. De term publieke taak is in het treasurystatuut afgebakend: “Het verstrekken van garanties wordt uitsluitend gedaan door de gemeenteraad goedgekeurde instellingen werkzaam op het gebied van maatschappelijk werk, sport of cultuur.” 4. De stichting heeft geen winstoogmerk. Hoe onderbouwt de gemeente dat er toch Pagina 1 van 5

sprake is van een commerciële/private partij? Antwoord: Hoewel een stichting per definitie geen winstoogmerk heeft, betekent dit niet dat er geen sprake is van commerciële activiteiten. Een andere rechtsvorm (in dit geval een stichting in plaats van een B.V.) brengt geen verandering teweeg in de aard van de activiteiten. Gelet op de aanvraag die dient ter garantstelling van de (gedeeltelijke) financiering met betrekking tot uitbreiding van het recreatiepark “Pukkemuk” en de bijhorende plannen (voorzover bij ons bekend), kan in redelijkheid aangenomen worden dat het hier uiteindelijk gaat om commerciële activiteiten. Dit wordt verder versterkt door de financieringsaanvraag die als bijlage bij de aanvraag voor een gemeentegarantie is ingediend. Hierin is o.a. te lezen dat de interne rentabiliteit van deze investering 9,5% bedraagt. 5. In hoeverre kan er sprake zijn van een risico op precedentwerking indien de gemeente garant staat? Antwoord: Bij precedentwerking gaat het in feite om gelijkheid van behandeling in dezelfde omstandigheden. Deze gelijke behandeling is essentieel bij het handelen van een (decentrale) overheid. Er is sprake van een ‘risico op precedentwerking’ indien deze gelijkheid niet betracht wordt, lees: in soortgelijke omstandigheden anders besloten wordt.

Het afwijken van recent vastgestelde kaders (zoals het treasurystatuut 2020 dat op 1 januari 2020 in werking is getreden), werkt precedentwerking in de hand. Een dergelijk afwijkend besluit zal dermate moeten worden gemotiveerd, dat gesteld kan worden dat dit geval in onderscheidende mate verschilt van andere (toekomstige) gevallen. Dat zou vereisen dat adequaat kan worden gemotiveerd dat in dit geval het publieke belang met het verlenen van gemeentegarantie wel gediend is, alsmede dat andere partijen in de toekomst niet (onterecht) kunnen stellen dat zij ook bijdragen aan een publiek belang. Bij de onderhavige plannen ontbreekt, in onze ogen, die motivatie en is er dus een risico op precedentwerking indien anders besloten wordt. 6. Is het juist dat de provincie Noord-Brabant de toepasbaarheid van de wet Fido heeft getoetst en in dezen geen belemmering ziet in het garantiestellen door de gemeente? Zo ja, wat is de toelichting van de provincie hierop? Antwoord: de mate waarin de Provincie de financieringsaanvraag getoetst heeft aan bestaande wet- en regelgeving is ons niet bekend. Echter, de wet Fido vormt op zichzelf geen belemmering tot het verstrekken van een lening of gemeentegarantie, dus dat zou zomaar de opinie van de provincie kunnen zijn.

Het lijkt echter onwaarschijnlijk dat zij ook de aanvraag voor een gemeentegarantie aan de gemeente Dongen getoetst heeft aan de wet Fido (en dan met name op de interpretatie van de term ‘publiek belang’). Immers het is zoals gezegd aan het betreffende overheidsorgaan zelf om te beoordelen of het publiek belang gediend wordt. Het is derhalve gebruikelijk de toetsing van lokale aanvragen door het lokale bevoegd gezag te laten toetsen. Het resultaat van onze toets heeft u kunnen lezen in de beslissing op de aanvraag. 7. De andere financier voor het project, de provincie Noord-Brabant, heeft aangegeven dat met de in te brengen zekerheid (onderpand) het niet nodig is om nog een voorziening te treffen voor eventuele risico’s. Hoe kijkt u naar het financiële risico van een eventuele garantiestelling? Antwoord: het verstrekken van een gemeentegarantie valt onder ons eigen ‘risicomanagement-regime’. Dat betekent dat wij van verstrekte gemeentegaranties een inschatting maken van het risico. Deze inschatting wordt opgenomen in de paragraaf ‘weerstandsvermogen en risicobeheersing’ van de diverse P&C-instrumenten. Wellicht ten overvloede willen we nog opmerken dat de financieringsaanvraag bij de Provincie losstaat van de aanvraag van een gemeentegarantie. M.a.w.: dat de Provincie kennelijk geen reden Pagina 2 van 5

ziet om een voorziening te treffen voor de financieringsaanvraag, wil niet zeggen dat de gemeente Dongen geen risico loopt bij het verstrekken van deze gemeentegarantie. 8. De aanvrager biedt de gemeente als onderpand voor een garantie een vestiging van 1ste hypotheekrecht. Wat is in deze situatie het risico voor de gemeente? Antwoord: Het is niet zo dat de gemeente het recht van eerste hypotheek verkrijgt. De Provincie heeft laten weten dat:”…de provincie zich op het punt [stelt] dat zij als belangrijkste financier ook het hoogste/eerste hypotheekrecht ontvangt. Mocht hier aanpassing van benodigd zijn, zal dit onderdeel zijn van eventuele financieringsonderhandelingen.” Dit betekent dat de gemeente Dongen op dit moment niet kan rekenen op het 1ste hypotheekrecht. Uiteraard geldt: Hoe onzekerder de toekomstige waarde van het onderpand hoe groter het potentiële financiële risico voor de gemeente Dongen. 9. De provincie geeft aan dat de exploitatie o.b.v. de businesscase meer dan voldoende garanties geeft om op termijn aan de verplichtingen van rente en aflossing te kunnen voldoen. Wat is uw opvatting hierover? Antwoord: De provincie heeft zich nog niet uitgesproken over het businessplan. Ze hebben aangegeven dat zij ”in principe mogelijkheden (zien) om een lening te verstrekken”.

Daarvoor moet er sprake zijn “van een voldoende omvangrijk onderpand om de provinciale lening in zijn geheel af te lossen bij een eventueel gedwongen verkoop van het park”. De provincie heeft ons gemeld: “Dit is nog niet in GS besproken c.q. geaccordeerd. Voordat dit financieringsverzoek naar GS wordt gebracht moet er duidelijkheid zijn wie en onder welke voorwaarden het tweede deel van de financiering (1/3) op zich neemt. Op basis van het gehele verzoek zal dan uiteindelijk door GS een beslissing genomen worden.” De provincie moet nog komen tot een inhoudelijke beoordeling van het businessplan. De beslissing op de geldlening (die formeel aangemerkt wordt als een subsidieaanvraag) is opgeschort. Bij eerste lezing van het businessplan zou aangenomen kunnen worden dat de businesscase voldoende basis vormt voor de verplichtingen uit hoofde van de geldleningen. De vraag is echter of de toekomstige praktijk overeenkomt met het geschetste scenario in de businesscase. Met de huidige pandemie, als voorbeeld, in het achterhoofd zijn er legio scenario’s te bedenken waarin de werkelijke exploitatieresultaten niet voldoende garanties geven om aan de verplichtingen van rente en aflossing te kunnen voldoen. De businesscase is verder (nog) niet inhoudelijk beoordeeld. 10. De Nederlandse Waterschap Bank (NWB) wil meefinancieren.

Kunt u bedenken waarom deze bank hiertoe in principe bereid is? Antwoord: Hoewel u ons vraagt om te speculeren over de motieven van de Waterschapsbank, lijkt het ons waarschijnlijk dat dit een combinatie is van het behalen van rendement op vermogen en het behalen van hun eigen beleidsdoelstellingen. Daarbij komt dat met de gevraagde garantstelling van de gemeente de bank geen risico loopt. Een offerte van de NWB waarin de condities van de eventueel te verstrekken lening zijn opgenomen, is overigens niet aan ons overgelegd. 11. Het gemeentelijk treasurystatuut zegt wat onder publieke taak wordt verstaan en schrijft voor, dat het verstrekken van gemeentegaranties uitsluitend wordt gedaan aan door de gemeenteraad goedgekeurde instellingen werkzaam op het gebied van maatschappelijk werk, sport of cultuur. In hoeverre sluit de aanvraag hierbij aan?

Antwoord: Niet. Er is geen sprake van een door de gemeenteraad goedgekeurde instelling werkzaam op het gebied van maatschappelijk werk, sport of cultuur. Pagina 3 van 5

12. In de financiële beheersverordening van de gemeente Dongen is bepaald, dat bij het verstrekken van garanties het college, indien mogelijk, zekerheden bedingt, alsmede dat het college in zijn besluit het publieke belang van verstrekkingen van garanties motiveert. De gemeente heeft beoordeeld dat er geen sprake is van een publieke taak c.q. publiek belang voor de gemeente Dongen. Graag een toelichting hierop. Antwoord: Of er sprake is van een publiek belang hangt mede samen met wettelijke taken, die de gemeente moet uitvoeren en met de wettelijke zorgplicht die de gemeente heeft op bepaalde gebieden. In zijn algemeenheid kan gesteld worden dat iets een publieke taak is, wanneer het als prioriteit is benoemd in het vastgestelde beleid én zonder gemeentelijke bemoeienis niet door de samenleving en/of de markt kan worden gerealiseerd. Daar is dit geval geen of onvoldoende sprake van. De uitbreiding van een recreatiepark (met onder meer een aantal vakantiehuisjes en een bowlingbaan) en de financiering daarvan kunnen naar onze mening uitstekend door de markt worden opgepakt. Het verstrekken van een gemeentegarantie werkt dan in dit geval in principe als ‘marktverstorend’ en zal onderhavig zijn aan een onderzoek met betrekking tot het verlenen van staatssteun. De realisatie van onderhavige uitbreidingsplannen is daarnaast geen vastgesteld speerpunt (prioriteit) van beleid. 13.

Zijn alternatieve financieringsbronnen onderzocht om het Belevenispark Pukkemuk te realiseren? Zo ja, welke? Antwoord: In de gesprekken met de indiener is naar voren gekomen dat er inderdaad alternatieve financieringsbronnen onderzocht zijn. De exacte uitkomsten daarvan zijn ons niet bekend. Er is in ieder geval sprake geweest van contact met een aantal banken. Vanuit de gemeente heeft de portefeuillehouder op 19 oktober contact gezocht met Midpoint Brabant om de mogelijkheden te bespreken. Na een positief gesprek is deze optie meteen gemeld aan de indiener. Daarnaast is in een eerder stadium al de suggestie gedaan om de BOM te polsen. 14. Wat zijn de verwachte jaarlijkse inkomsten voor de gemeente Dongen? Antwoord: De eventuele extra inkomsten voor de gemeente Dongen indien de uitbreiding doorgaat zoals gepland vallen uiteen in extra OZB-inkomsten en extra toeristenbelasting. E.e.a. is afhankelijk van de uiteindelijke WOZ-waardering van de uitbreiding en het aantal daadwerkelijke (extra) overnachtingen. Hoewel wij dit nog niet exact kunnen berekenen schatten we de extra opbrengsten in op € 40.000 toeristenbelasting en €20.000 OZB. 15. Pukkemuk is omgevormd tot een stichting, Stichting Belevenispark Pukkemuk.

Kunt u aangeven wat het verschil is bij medefinanciering zoals bij De Vennen en Donckhuys? Antwoord: één verschil betreft het verstrekken van een lening enerzijds (de Vennen) en het afgeven van een gemeentegarantie anderzijds. Een ander verschil is dat het oordeel over de financieringsvraag met betrekking tot de Vennen destijds, met inachtneming van de toen geldende regelgeving, positief uitgevallen is. Wat met de “medefinanciering van Donkhuys” bedoeld wordt is ons niet helder. Met de stichting Donckhuys bestaat een subsidierelatie. 16. Uit uittreksel KvK 08-11-2021 blijkt dat Pukkemuk BV geregistreerd is als welzijnsorganisatie. Dit zou kunnen impliceren dat er sprake is van een maatschappelijk werkachtig bedrijf. Met wijziging van de concernstructuur is de vraag of de activiteiten daarmee hetzelfde blijven en dus de toegekende SBI code ongewijzigd blijft. Hoe oordeelt de gemeente over deze classificatie? Pagina 4 van 5

Antwoord: het is niet aan ons om te oordelen over de classificatie en de toegekende SBI code. Wij hebben de aanvraag beoordeeld op basis van geldende wet- en regelgeving en de ingediende stukken. Het is verder dan ook niet relevant voor de aanvraag: het betreft hier geen goedgekeurde instelling werkzaam op het gebied van maatschappelijk werk, sport of cultuur. 17. Aanvrager heeft voor zover wij hebben begrepen op verzoek van de provincie de concernstructuur aangepast. a. Klopt dat? i. Zo ja, welke andere/aanvullende voorwaarden zijn er nog meer gesteld door de provincie? ii. Zo nee, op wiens initiatief is deze aanpassing dan gedaan en met welke reden? iii. Zo ja, Per wanneer is deze structuur van toepassing en/of gaat de omzetting plaats vinden of heeft gevonden? b. Is deze nieuwe structuur inmiddels ook bij de Kamer van Koophandel (formeel) geregistreerd? Uit uittreksel KvK 08-11-2021 lijkt de oude aandeelhouder nog geregistreerd bij Pukkemuk BV. c. Heeft toetsing hierop door de gemeente en/of provincie plaatsgevonden? Zo ja wat zijn de bevindingen ? Zo nee waarom heeft deze toets (nog) niet plaatsgevonden? Antwoord: a en b: Deze vraag hoort thuis bij de indiener, dit is ons niet bekend c: nee, het KvK-register / concernstructuur vormt in deze fase geen toetsingskader voor de aanvraag. 18.

Er zijn diverse manieren om zekerheden te kunnen bedingen dan wel om invloed te kunnen uitoefenen. Zijn er andere zekerheden bekeken om mogelijke invloed te kunnen uitoefenen (zoals bijv. zitting nemen in Raad van Toezicht door gemeente)? Zo ja, wat zijn de bevindingen. Zo nee, waarom niet? Antwoord: Nee, het ontbreken van zekerheden is niet het doorslaggevende argument om de aanvraag af te wijzen. Nu de aanvraag is afgewezen vanwege het ontbreken van een publiek belang is vanuit het oogpunt van efficiëntie verder dan ook niet gekeken naar alle mogelijke manieren, anders dan het vestigen van een hypotheekrecht, om de zekerheden uit te breiden. 19. Heeft er overleg plaatsgevonden met provincie over mogelijkheden m.b.t. verdeling van eventuele onderpanden (vestiging 1e dan wel 2e hypotheekrecht of combi ervan)? Zo ja, wat zijn hiervan de uitkomsten? Zo nee waarom niet? Antwoord: nee, omdat de aanvraag op andere gronden afgewezen is. De provincie verlangt zoals gezegd als belangrijkste financier het hoogste/eerste hypotheekrecht. 20. Wat zijn de uiterste termijnen/ultieme data waarop er een beslissing moet zijn, alvorens de diverse toezeggingen/uitwerkingsvraagstukken verlopen (Provincie/NWB-bank)? Antwoord: Dit is ons niet bekend. Deze informatie zat niet bij de ingediende stukken.

Pagina 5 van 5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10790826/2