CConstaterende datDongen
Koppel je AI →
Document · PDF

2021-001318 Bijlage 4d- MER TenneT ZuidWest Oost Samenvatting 22-2-2021

Opiniërende raadsvergadering 15 april 2021, gemeente DongenBij agendapunt: Raadsvoorstel 2021-001318 Zienswijze raad-college voorontwerp Rijks inpassingsplan Hoogspanningsverbinding 380kV zuid-westoost5.494 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Zuid-West 380 kV Oost Milieueffectrapport Samenvatting Versie 2.0 22-2-2021

Meridian nr: 002.678.20 0869160

MER Zuid-West 380 kV Oost, Samenvatting, p 1

Een nieuwe hoogspanningsverbinding tussen Rilland en Tilburg TenneT TSO B.V., de beheerder van het landelijke hoogspanningsnet, werkt aan een nieuwe 380 kilovolt (kV) hoogspanningsverbinding tussen Borssele via Rilland naar Tilburg. Deze verbinding gaat elektriciteit vanuit Zeeland naar Tilburg transporteren. In Zeeland vindt namelijk grootschalige energieopwekking plaats in windparken en via fossiele brandstoffen. Dit levert veel meer elektriciteit op dan er in deze regio verbruikt wordt. Daarom transporteert TenneT deze energie naar de landelijke ring van 380 kV-verbindingen die in centrum van Nederland ligt. Deze ring zorgt ervoor dat bijna heel Nederland bij een storing in het energienet tóch stroom kan blijven ontvangen. De nieuwe verbinding loopt van Borssele via Rilland naar Tilburg. De besluitvorming en realisatie van de nieuwe verbinding vindt in verschillende onderdelen plaats. Het 380 kV-hoogspanningsstation bij Rilland is inmiddels gebouwd. Over het deel van de verbinding tussen Borssele en Rilland is een besluit genomen; de aanleg van dit gedeelte van de verbinding is gestart. Over het nieuwe 380kVhoogspanningsstation ten noorden van Tilburg vindt momenteel besluitvorming plaats.

De planvorming van de verbinding tussen het 380 kV-hoogspanningsstation bij Rilland en 380 kVhoogspanningsstation bij Tilburg is nu zo ver gevorderd, dat ook hierover besluitvorming kan plaatsvinden. Dit gedeelte van de nieuwe verbinding wordt Zuid-West 380 kV Oost genoemd. De ministers van Economische Zaken en Klimaat (EZK) en van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) bepalen waar de nieuwe verbinding komt te liggen. De ministers leggen hun keuze vast in een Rijksinpassingsplan. Dit plan bevat een kaart waarop de ligging van de nieuwe verbinding is aangegeven en de regels en (kwaliteits-) eisen die van toepassing zijn op het project. In het Rijksinpassingsplan is ook een motivatie opgenomen voor het tracé van de verbinding en een toelichting op de uitvoering van het plan.

Het Milieueffectrapport Zuid-West 380 kV Oost Omdat het over een nieuwe bovengrondse hoogspanningsverbinding gaat met een lengte van meer dan 15 km en een spanning van meer dan 220kV is het verplicht de milieueffecten van de nieuwe verbinding te onderzoeken en in een Milieueffectrapport (MER) te bundelen. Hierdoor kan het milieubelang volwaardig meegewogen worden in de besluitvorming over de nieuwe verbinding. Het MER Zuid-West 380 kV Oost gaat over de nieuwe verbinding tussen het 380 kVhoogspanningsstation Rilland en het 380 kV- hoogspanningsstation Tilburg. Het MER bestaat uit drie delen: • Deel A van het MER beschrijft de hoofdlijnen van het MER en geeft de informatie die essentieel is voor de besluitvorming. • Deel B van het MER gaat in op de ontwikkelde tracéalternatieven en varianten en hun effecten. Hierbij wordt ook ingegaan op de meest milieuvriendelijke alternatieven die zijn ontwikkeld. • Deel C van het MER beschrijft de totstandkoming van het voorkeursalternatief en de effecten daarvan. Omdat het op voorhand niet uitgesloten is dat zich effecten op Natura 2000 gebieden voor kunnen doen, is er een zogeheten Passende Beoordeling uitgevoerd. Hierin is specifiek bezien of er sprake is van significant negatieve effecten op deze gebieden als gevolg van de aanleg en aanwezigheid van de nieuwe 380 kV-verbinding.

MER Zuid-West 380 kV Oost, Samenvatting, p 2

Dit rapport is de Samenvatting van het MER Zuid-West 380 kV Oost. Hierin komt aan de hand van een aantal vragen de belangrijkste informatie uit het MER aan de orde. Ook de conclusie uit de Passende Beoordeling is hierin opgenomen.

Hoe is het tracé tot stand gekomen? Het project Zuid-West 380 kV Oost kent een lange geschiedenis. Het project is gestart in 2009. Toen is de Startnotitie gepubliceerd waarin het voornemen om een nieuwe 380 kV-verbinding van Borssele naar Tilburg aan te leggen is aangekondigd. Er zijn daarna verschillende tracés voor de nieuwe verbinding ontworpen en de milieueffecten daarvan zijn onderzocht. In 2010 is op basis hiervan een meest milieuvriendelijk alternatief bepaald. Dit liep over de Brabantse wal naar Roosendaal-Borchwerf en via Geertruidenberg naar Tilburg. De minister van Economische Zaken heeft in 2011 dit tracé gekozen als voorkeursalternatief. In 2014 bleek echter uit onderzoek dat het dat het voorkeursalternatief in technische zin niet voldeed en daarom niet kon worden gehandhaafd. De ministers van Economische Zaken en van Infrastructuur en Milieu kozen daarom voor een ander tracé. Dit tracé liep niet van Rilland via Geertruidenberg naar Tilburg, maar van Rilland via het zuidelijker gelegen Breda naar Tilburg. Deze keuze leidde tot onbegrip bij de overheden en de omgeving in West- en Midden-Brabant. De minister van Economische Zaken heeft de regio daarom uitgenodigd om tracé-alternatieven in te dienen. Er is gebruik gemaakt van deze uitnodiging: overheden en groepen uit de omgeving hebben diverse voorstellen ingediend.

Deze zijn vervolgens in een intensief samenwerkingstraject met de samenwerkende overheden en de betrokkenen in de omgeving verder uitgewerkt. Dit heeft geleid tot vier hoofdalternatieven: Blauw, Geel, Paars en Rood, elk met een groot aantal varianten.

MER Zuid-West 380 kV Oost, Samenvatting, p 3

De milieueffecten van deze hoofdalternatieven en varianten zijn uitgebreid onderzocht. De resultaten hiervan zijn beschreven in: •

Notitie Nut en Noodzaak

• Achtergronddocument Leefomgevingskwaliteit

•

Notitie Tracéontwikkeling

• Achtergronddocument Landschap en Cultuurhistorie

•

Notitie Aansluiting Deelgebieden

• Achtergronddocument Natuur

•

Notitie Nettechniek

• Achtergronddocument Bodem en Water

•

Notitie Kosten

• Achtergronddocument Archeologie • Achtergronddocument Ruimtebeslag

De informatie uit al deze documenten vormt de basis van het MER. De informatie is samengevat in de Integrale Effectanalyse en in de Samenvatting Milieueffecten. Deze rapporten zijn in maart 2017 gepubliceerd en zijn ook aan de Commissie voor de Milieueffectrapportage voorgelegd, met het verzoek hier een tussenadvies over uit te brengen. De Commissie heeft aangegeven dat de rapporten veel milieu-informatie bevatten en gaf een aantal aandachtspunten mee voor in het definitieve MER. Op verzoek van de minister van Economische Zaken hebben de Samenwerkende Overheden een gezamenlijk advies uitgebracht over het tracé van de nieuwe verbinding. De minister van Economische Zaken heeft in juli 2017 het geadviseerde tracé overgenomen als het Voorgenomen tracé. Het voorgenomen tracé was nog niet zo gedetailleerd dat het in het Rijksinpassingsplan opgenomen kon worden. Het tracé is daarom - in samenspraak met belanghebbenden zoals samenwerkende overheden, Rijkswaterstaat, waterschappen, buisleidingeigenaren en omwonenden -verder onderzocht en uitgewerkt. Voor verschillende uitwerkingsgebieden zijn varianten ontwikkeld waarvan de effecten in beeld zijn gebracht. Net als in 2017 heeft de minister van Economische Zaken en Klimaat de Samenwerkende Overheden gevraagd advies uit te brengen over het tracé van het voorkeursalternatief.

Op basis hiervan heeft de minister van Economische Zaken en Klimaat in samenspraak met de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties het tracé van het voorkeursalternatief bepaald. Bijgaand schema geeft een overzicht van de belangrijkste stappen die in de voorgeschiedenis van het project zijn gezet.

MER Zuid-West 380 kV Oost, Samenvatting, p 4

Ontwikkeling varianten

2014

Mei 2009

Augustus 2009

Startnotitie ZW380

Richtlijnen ZW380

2010

2009

MMA = VVKA

Tracé alternatieven

2014

2012-2014 Omklap naar zuidelijk tracé

uitwerking

Zomer 2015

December 2016

Januari 2017

Maart 2017

Regio dient Alternatieven in

Kaarten boek MER alternatieven

Beoordelingskader MER alternatieven

Integrale Effect analyse

2018

Maart 2019

Ontwikkeling varianten uitwerkingsgebieden

Beoordeling varianten

Splitsing in ZW380 West ZW380 Oost

Mei 2017

Juni 2017

Juli 2017

Advies samenwerkende overheden

Tussen advies Commissie m.e.r.

Keuze Voorgenomen Tracé

Juni 2019

September 2019

2020

Advies Samenwerkende Overheden

Keuze VoorkeursAlternatief

Laatste optimalisaties tracé

Begin 2021 Ontwerp RIP MER Passende Beoordeling

MER Zuid-West 380 kV Oost, Samenvatting, p 5

Waar komt de nieuwe verbinding? Het tracé van de nieuwe verbinding is op de kaart weergegeven.

Het startpunt van de nieuwe verbinding is het 380 kV-hoogspanningsstation Rilland. Vanaf dit hoogspanningsstation loopt de verbinding als een solo 380kV-verbinding naar het oosten. De verbinding kruist het Schelde-Rijnkanaal en het Westelijk Spuikanaal. Vanaf het knooppunt Markiezaat wordt de verbinding ondergronds aangelegd in de buisleidingenstraat. De verbinding passeert op deze manier het natuurgebied de Brabantse Wal. Ten oosten van Bergen op Zoom komt de verbinding weer bovengronds te liggen. De huidige bovengrondse 150kV-verbinding tussen het 150kV-station Rilland en het 150kV-station Woensdrecht wordt door een ondergrondse 150kV-kabelverbinding vervangen. Voorbij Bergen op Zoom loopt de verbinding in noordoostelijke richting als een gecombineerde 380/150 kV-verbinding richting Roosendaal. De verbinding kruist ten zuiden van Wouw de A58 bij de afrit Wouwse Plantage. Vanaf dit punt loopt de gecombineerde verbinding aan de westzijde van de buisleidingenstraat tot aan Roosendaal. De bestaande 150 kV-verbinding tussen Woensdrecht-Roosendaal wordt verwijderd en in de masten van de nieuwe 380 kV-verbinding gehangen. Ten noorden van het 150kV-station Roosendaal-Borchwerf maakt de verbinding een knik naar het oosten en kruist daarbij de buisleidingenstraat en het kanaal. De verbinding ligt tot aan Standdaarbuiten gebundeld aan de westzijde van de A17.

De bestaande 150kV-verbinding van het station Roosendaal-Borchwerf naar het 150kV-station Roosendaal wordt tussen het 150kV-station Roosendaal-Borchwerf en de eerste mast aan de oostzijde van de A17 ondergronds aangelegd. Tussen Oud Gastel en Standdaarbuiten staat een bestaande 380kV-hoogspanningsverbinding gebundeld met de A17. Deze bestaande 380kV-verbinding wordt tussen de Pietseweg in Oud Gastel MER Zuid-West 380 kV Oost, Samenvatting, p 6

en de Sluissedijk in Standdaarbuiten verplaatst om ruimte te maken voor de nieuwe 380 kV-verbinding die zo aan de westzijde van de A17 tot aan Standdaarbuiten blijft lopen. De 380 kV-verbinding die wordt verplaatst, komt aan de westzijde van de buisleidingenstraat te liggen. De nieuwe verbinding is vanaf de Slotstraat in Oud Gastel een gecombineerde 380/150 kV-verbinding. Dit betekent dat vanaf dat punt de 150 kV-verbinding in de masten van de nieuwe verbinding worden opgehangen en de bestaande bovengrondse 150 kV-verbinding wordt verwijderd tot aan 150kV-station Moerdijk. Bij Standdaarbuiten loopt de verbinding in oostelijke richting naar Moerdijk. De verbinding komt tussen de bestaande 380 kV-verbinding en de A17 in. Ten westen van Zevenbergen kruist de verbinding de A17 en loopt gebundeld aan de zuidkant van de bestaande 380 kV-verbinding verder in noordoostelijke richting en kruist de A16/A59, het spoor Breda - Dordrecht en de HSL. Ten oosten van deze kruising, ter hoogte van de Landekensdijk, buigt de verbinding af naar het oosten, in de richting van Hooge Zwaluwe. Om de bestaande en de nieuwe 380kV-verbinding ten noorden van Hooge Zwaluwe te kunnen laten lopen, wordt de bestaande 380kV-verbinding gedeeltelijk naar het noorden verplaatst.

Ten oosten van Hooge Zwaluwe knikken beide verbindingen naar het oosten en lopen de huidige en nieuwe 380 kV-verbinding parallel verder tot Geertruidenberg. De 150 kV-verbindingen in dit gebied worden gecombineerd met de nieuwe 380 kV-verbinding. Dit betekent dat de huidige bovengrondse 150 kV-verbindingen worden verwijderd. Tussen Geertruidenberg en Tilburg is voor de gehele lengte van de verbinding gekozen voor een bundeling met de bestaande 380 kV-verbinding Geertruidenberg - Eindhoven. De nieuwe verbinding ligt aan de zuidzijde van deze bestaande verbinding. Ten noorden van De Moer wordt de bestaande 380 kV-verbinding over een lengte van afgerond 7,5 kilometer naar het oosten verplaatst en is de nieuwe verbinding met deze bestaande verbinding gebundeld. Dit wordt de Bosroute genoemd. De verbinding sluit aan op het nieuw te bouwen 380 kV-station Tilburg, het eindpunt van de verbinding.

Wat wordt er gebouwd? De nieuwe 380 kV verbinding tussen Rilland en Tilburg bestaat uit twee circuits -verbinding. Het grootste deel van de nieuwe 380 kV-verbinding wordt gecombineerd met bestaande 150 kV-verbindingen. De bestaande 150 kV-verbindingen kunnen hierdoor (deels) worden afgebroken. Er wordt gebruik gemaakt van vakwerkmasten. Aan elke arm van de mast komen drie bundels van 380 kV-geleiders en 150 kVgeleiders te hangen.

MER Zuid-West 380 kV Oost, Samenvatting, p 7

Het grootste deel van de nieuwe 380 kV-verbinding tussen Rilland en Tilburg wordt gecombineerd met bestaande 150 kV-verbindingen. Deze 150 kVverbindingen worden in de masten van de nieuwe te bouwen verbinding gehangen. De bestaande 150 kVverbindingen kunnen hierdoor over grote delen worden afgebroken. De verbinding wordt gebouwd met vakwerkmasten, de zogenaamde Moldaumast. Aan elke arm van de mast komt een bundel van 380 kV-geleiders te hangen. Waar wordt gecombineerd met de 150 kVverbinding hangt aan elke arm ook een bundel 150 kV-geleiders.

De masten zijn in principe 57 m hoog. Op bepaalde locaties wordt de mast hoger uitgevoerd, zodat bijvoorbeeld waterwegen op grotere hoogte kunnen worden gekruist. In de buurt van een vliegbasis worden juist lagere masten toegepast. Over een beperkt deel van het tracé wordt de nieuwe verbinding ondergronds aangelegd. De nieuwe verbinding ligt niet altijd op hetzelfde tracé ligt als de bestaande 150 kV-verbindingen. Daarom moeten er nieuwe aansluitingen van de 150 kV-verbindingen op de bestaande 150 kVhoogspanningsstations worden aangelegd. Dit gebeurt met ondergrondse kabels. Op de locaties waar bovengrondse en ondergrondse verbindingen op elkaar aansluiten worden opstijgpunten gebouwd. Daar worden de geleiders afgespannen en naar beneden gebracht. Waar de nieuwe verbinding (deels) op hetzelfde tracé wordt gebouwd als de bestaande verbinding, worden tijdelijke verbindingen aangelegd. Hierdoor kan de stroomvoorziening tijdens de bouw van de nieuwe verbinding in stand blijven. Hierbij wordt gebruik gemaakt van tijdelijke masten.

MER Zuid-West 380 kV Oost, Samenvatting, p 8

Wat zijn de effecten van de nieuwe verbinding? Het Voorkeursalternatief heeft effecten op de omgeving. In deze samenvatting zijn de effecten op hoofdlijnen beschreven. Daarbij is onderscheid gemaakt in drie deelgebieden waar de effecten zich voordoen; deze zijn op de bijgaande kaart aangegeven.

MER Zuid-West 380 kV Oost, Samenvatting, p 9

Leefomgevingskwaliteit Het magneetveld van bovengrondse hoogspanningsverbindingen met een jaargemiddelde sterkte van 0,4 microtesla of

woningen, crèches, scholen en

11

gevoelige bestemmingen, waarvan er zich 24

18

-

++

18

8

12

2 --

binnen een bestaande magneetveldzone bevinden. Er worden 136 gevoelige

1

1

kinderopvangplaatsen. Het Voorkeursalternatief leidt in totaal tot 58

gevoelige

gebracht. Gevoelige bestemmingen zijn

Aantal vrijgespeelde

in van het Voorkeursalternatief in beeld

aanwezig

magneetveldzone van het bovengrondse deel

Aantal reeds

bestemmingen in de indicatieve

Deelgebied

kinderen. Daarom is het aantal gevoelige

bestemmingen

Aantal gevoelige

gezondheidsrisico’s met zich mee voor

bestemmingen

meer brengt mogelijk verhoogde

+

29

15

106

3 --

+++

bestemmingen vrijgespeeld.

woningen in de zone rond de te bouwen

1

119

90

verbinding en 1016 woningen .

2

100

86

3

125

840

hinder doet zich vooral voor in de zone van 250 meter aan weerszijden van de te bouwen

verbinding

of de te slopen verbinding. In totaal staan 344

Deelgebied

slopen van de te verwijderen verbinding. De

verbinding

door het heien voor de nieuwe masten en het

250 m van sloop

tijdelijke geluidshinder met zich mee, vooral

Aantal woningen binnen

Aantal woningen binnen

De aanleg van de nieuwe verbinding brengt

250 m vanaf aanleg

Hinder

Landschap en cultuurhistorie De samenhang tussen functie, vorm en

Tracéniveau

betekenis van verschillende

Landschappelijk

Kwaliteit tracé

Gebiedskarakteristiek

Samenhang elementen

1

+

-

0

+

2

0

-

-

0

3

+

0

-

+

beleving van schoonheid en het gevoel zich kwaliteit wordt voor een belangrijk deel bepaald door onderling sterk samenhangende schaalniveaus. Binnen het thema Landschap en cultuurhistorie zijn effecten op het niveau van het tracé en de lijn beschreven en beoordeeld.

hoofdpatroon

de herkenbaarheid van een plek, voor de ergens thuis te voelen. De landschappelijke

Mast niveau

Deelgebied

landschapselementen vormen de basis voor

Lijn niveau

Landschappelijk Hoofdpatroon MER Zuid-West 380 kV Oost, Samenvatting, p 10

Op tracéniveau is het landschappelijk hoofdpatroon beoordeeld. Het meest voor de hand liggende tracé voor een hoogspanningsverbinding is de rechte lijn. Waar dat niet mogelijk is en richtingsveranderingen of verschillen in masthoogte onvermijdelijk zijn, moet bij voorkeur een samenhang worden gezocht met het landschappelijk hoofdpatroon. In deelgebied 1 ligt het Voorkeursalternatief

bestaande 380 kV-verbinding tot een neutraal

over een langere afstand ondergronds. Dit leidt

effect (0). In deelgebied 3 bundelt het

tot een licht positief effect op het

Voorkeursalternatief grotendeels met de bestaande 380 kV-verbinding. Het landschappelijk hoofdpatroon wordt hierdoor enigszins versterkt, dit is als een licht positief effect beoordeeld (+).

landschappelijk hoofdpatroon (+). In deelgebied 2 bundelt het Voorkeursalternatief grotendeels met de

Kwaliteit tracé Op tracéniveau is de kwaliteit van de boven- en ondergrondse tracédelen beoordeeld. Dit betreft de herkenbaarheid van de verbinding als bovenregionaal infrastructuurelement. Het Voorkeursalternatief ligt in deelgebied 1

mede bepaald door een aantal

over een deel ondergronds. Daarom zijn beide

richtingsveranderingen. Dit leidt tot een licht

bovengrondse tracédelen minder goed

negatief effect (-).

herkenbaar als één verbinding. Dit heeft een licht negatief (-) effect. In deelgebied 2 ligt het Voorkeursalternatief aan de westzijde van de snelweg. Hoewel de bestaande 380 kV-verbinding deels wordt gereconstrueerd, is de kwaliteit van het tracé

In deelgebied 3 bundelt de nieuwe verbinding met de gereconstrueerde bestaande verbinding en kent daardoor grote rechtstanden over lange afstanden. Door deze bundeling is de nieuwe verbinding goed herkenbaar als bovenregionale infrastructuur. Het effect op de kwaliteit van het tracé is neutraal beoordeeld (0).

Gebiedskarakteristiek Op lijnniveau gaat het om gebiedskarakteristiek, Dit gaat om de mate waarin hoogspanningsverbindingen en opstijgpunten aanwezig zijn in het landschapsbeeld en al dan niet contrasteren met het landschappelijke karakter. Omdat het Voorkeursalternatief in deelgebied 1 over een langere afstand ondergronds ligt, is de hoogspanningsverbinding bovengronds deels niet meer zichtbaar. Dit leidt tot een neutraal effect (0). In deelgebied 2 bundelt het Voorkeursalternatief over een lange afstand met de bestaande infrastructuurbundel. Dit

In deelgebied 3 bundelt het Voorkeursalternatief met de bestaande, deels gereconstrueerde verbinding. Plaatselijk ontstaan licht positieve effecten door het verwijderen van de bestaande 150 kV-verbinding, op veel plekken ontstaat echter een licht negatief effect. De beoordeling van de effecten is licht negatief (-).

leidt tot een licht negatief effect (-).

MER Zuid-West 380 kV Oost, Samenvatting, p 11

Samenhang elementen Op mastniveau gaat het ook om het effect van de verbinding op specifieke landschapselementen, zoals dorps- en stadssilhouetten, verte-kenmerken, bebouwingslinten of bijzondere bosjes of lanen. Wanneer de samenhang tussen deze elementen en het landschap door de verbinding wordt verstoord of landschapselementen worden aangetast is sprake van een negatief effect. In deelgebied 1 heeft het Voorkeursalternatief

In deelgebied 3 worden door het verwijderen

een positief effect bij de zichtas op de

van de bestaande 150 kV-verbinding de

Brabantse Wal door het verwijderen en

interne samenhangen in het bebouwingslint

ondergronds brengen van de bestaande 150

Oosteind hersteld. Het verwijderen van de

kV-verbinding. Ook bij Woensdrecht treedt een

bestaande 150 kV-verbinding ter hoogte van

licht positief effect op, omdat het

Hooge Zwaluwe heeft een licht positieve

Voorkeursalternatief hier ondergronds komt te

invloed op de samenhangen tussen het

liggen. Het Voorkeursalternatief heeft hierdoor

silhouet van Hooge Zwaluwe en het

een licht positieve totaalbeoordeling (+).

omliggende landschap. Ook ontstaat er een

In deelgebied 2 heeft het Voorkeursalternatief

licht positieve effect bij bebouwingslint de

geen effecten op de samenhang van

Moer. Al met al ontstaat een licht positieve

elementen en daarom een neutrale

totaalbeoordeling op de samenhang van de

beoordeling (0).

elementen (+).

Natuur Draadslachtoffers Vogels kunnen tegen de geleiders en

toename van het aantal draadslachtoffers

bliksemdraden van bovengrondse tracédelen

onder nachtvliegers. Dit is negatief beoordeeld

aan vliegen en als gevolg daarvan sterven of

(- -).

gewond raken. Dit zijn draadslachtoffers. De

Het tracé in deelgebied 3 volgt ter hoogte van

effectbeschrijving van het aantal

Hooge Zwaluwe de bestaande 380 kV-

draadslachtoffers betreft een ecologische

verbinding en in het oostelijk deel de Bosroute.

benadering van het aantal draadslachtoffers.

Over het geheel genomen veroorzaakt dit een negatief (- -) effect op draadslachtoffers.

In deelgebied 1 gaat het Voorkeursalternatief over een deel ondergronds. Het bovengrondse deel van de verbinding is forser dan de

draadslachtoffers

Gebied met bijzondere

Leefgebied vogels

Leefgebied vleermuizen

Leefgebied zoogdieren

van de A17 op het tracé van de bestaande 380

1

-

-

+++

-

-

kV-verbinding. De bestaande verbinding wordt

2

--

-

0

0

0

3

--

--

-

-

-

verbinding is beter zichtbaar voor dagvliegers maar minder goed voor nachtvliegers. Al met al neemt het aantal draadslachtoffers licht toe. Dit is licht negatief beoordeeld (-). In deelgebied 2 ligt het tracé aan de westzijde

naar het westen verplaatst en vormt deels een nieuwe doorsnijding. Er ontstaat een sterke

natuurwaarden

Deelgebied

momenteel aanwezige verbinding. Deze

MER Zuid-West 380 kV Oost, Samenvatting, p 12

Leefgebieden Bij de effecten op leefgebieden gaat het om

In deelgebied 2 ontstaat een nettoverlies van

effecten op gebieden met bijzondere

1,1 hectare gebied met bijzondere

natuurwaarden en de leefgebieden van vogels,

natuurwaarde, dit is een licht negatief (-) effect.

vleermuizen en zoogdieren.

Er ontstaan geen significante effecten op weidevogelgebieden, vleermuizen en

In deelgebied 1 leidt het Voorkeursalternatief

zoogdieren. Deze effecten zijn als neutraal (0)

tot een licht negatief (-) nettoverlies van de

beoordeeld.

oppervlakte van gebieden met bijzondere natuurwaarden. Door het amoveren van het

In deelgebied 3 ontstaat een aanzienlijk verlies

150 kV-tracé wordt er aanzienlijk minder

van gebied met bijzondere natuurwaarde. Dit is

leefgebieden van vogels verstoord, een zeer

als negatief (- -) beoordeeld. Ook ontstaat een

positief (+++) effect.

verstoring van rust- en foerageergebieden van

Er ontstaat een aanzienlijk aantal

ganzen, dit is als licht negatief (-) beoordeeld.

doorsnijdingen van bomenrijen en houtwallen

Het Voorkeursalternatief leidt tot zoveel

die van belang zijn voor vleermuizen, een licht

doorsnijdingen van bomenrijen en houtwallen

negatief (-) effect. De grondberoering als

dat een licht negatief (-) ontstaat. Het

gevolg van de aanleg van het

oppervlakteverlies van leefgebied van

Voorkeursalternatief leidt tot een beperkt

zoogdieren dat ontstaat is ook beoordeeld als

oppervlakteverlies van het leefgebied van

licht negatief (-).

zoogdieren, dit is een licht negatief (-) effect.

Passende Beoordeling In de omgeving van de nieuwe verbinding liggen verschillende Natura 2000 gebieden. Dit zijn natuurgebieden die op grond van de Europese Vogelrichtlijn en de Habitatrichtlijn wettelijke bescherming genieten. Bij de aanwijzing van deze gebieden is aangegeven welke instandhoudingsdoelstellingen de gebieden hebben. Er is een Passende Beoordeling uitgevoerd om te onderzoeken of de aanlegfase of de gebruiksfase van de nieuwe verbinding significant negatieve effecten met zich mee brengt op de Natura 2000 gebieden waardoor de instandhoudingsdoelstellingen niet behaald kunnen worden. Op de kaart is aangegeven om welke gebieden het gaat.

MER Zuid-West 380 kV Oost, Samenvatting, p 13

Uit de Passende Beoordeling is gebleken dat zich drie typen effecten voor kunnen doen: effecten door verstoring, effecten door stikstof depositie en effecten door draadslachtoffers. Verstoring Als gevolg van de werkzaamheden in de Brabantse Wal ontstaat een toename van geluid en bewegingen door inzet van materieel. De territoria van wespendief, zwarte specht, boomleeuwerik en nachtzwaluw liggen binnen de reikwijdte van effecten door verstoring. Bij werkzaamheden in het broedseizoen worden broedende vogels mogelijk verstoord. Mogelijk wordt tijdens de werkzaamheden verlichting gebruikt. Deze verlichting heeft uitstraling naar de omgeving tot gevolg. Bij gebruik van verlichting na zonsondergang en voor zonsopkomst worden mogelijk nachtactieve nachtzwaluwen verstoord. Voor deze soorten geldt dat significant negatieve effecten bij werkzaamheden in het broedseizoen niet zijn uitgesloten. Indien de werkzaamheden buiten het broedseizoen worden uitgevoerd en er geen gebruik gemaakt wordt van verlichting na zonsondergang en voor zonsopkomst worden de effecten op kwalificerende broedvogels voorkómen. Hiermee zijn significant negatieve effecten uit te sluiten. In de Biesbosch is een instandhoudingsdoelstelling voor behoud van de omvang en de kwaliteit van het leefgebied meervleermuis geformuleerd.

Het perspectief voor de Biesbosch is goed, maar dit is wel afhankelijk van de aanwezigheid van trekroute naar foerageergebieden. Significant negatieve effecten als gevolg van verstoring zijn niet zonder meer uitgesloten. Om deze effecten te voorkomen mag er geen gebruik gemaakt worden van verlichting na zonsondergang en voor zonsopkomst ter plaatse van watergangen en in de actieve periode van de meervleermuis, bij benadering van maart

MER Zuid-West 380 kV Oost, Samenvatting, p 14

t/m november. Door deze mitigerende maatregelen moeten worden significant negatieve effecten voorkomen. Stikstofdepositie De aanlegwerkzaamheden voor het project leiden tot een tijdelijke stikstofdepositie in 18 Natura 2000gebieden. Deze zijn weergegeven in de tabel. Brabantse Wal

1,36

Kampina & Oisterwijkse Vennen

0,01

Loonse en Drunense Duinen & Leemkuilen

0,05

Lingegebied & Diefdijk-Zuid

0,01

Langstraat

0,04

Regte Heide & Riels Laag

0,01

Biesbosch

0,03

Loevestein, Pompveld & Kornsche Boezem

0,01

Oosterschelde

0,02

Kempenland-West

0,01

Ulvenhoutse Bos

0,02

Rijntakken

0,01

Westerschelde & Saeftinghe

0,01

Kolland & Overlangbroek

0,01

Vlijmens Ven, Moerputten & Bossche Broek

0,01

Zouweboezem

0,01

Krammer-Volkerak

0,01

Uiterwaarden lek

0,01

Significant negatieve effecten bij een depositie van maximaal 0,05 mol stikstof per hectare zijn uitgesloten. De hoogst berekende stikstofdepositie op een stikstofgevoelig habitattype bedraagt 1,36 mol stikstof per hectare gedurende de aanlegfase op de Brabantse Wal. Dit vertegenwoordigt 0,02 0,06% van de jaarlijks benodigde hoeveelheid stikstof van planten in natuurlijke habitats. Ecologische effecten hiervan zijn niet meetbaar op zowel habitattype als op individueel plantniveau. De berekende depositietoenames zullen de kwaliteit van habitattypen en leefgebieden in de betreffende Natura 2000-gebieden niet meetbaar aantasten. Draadslachtoffers De nieuwe verbinding leidt mogelijk tot een toename van het aantal draadslachtoffers voor verschillende soorten, waardoor de omvang van de vogelpopulatie in het Natura 2000-gebied de Biesbosch kan afnemen. Het gaat om de niet-broedvogelsoorten grote zilverreiger, kleine zwaan, kolgans, grauwe gans en brandgans. De instandhoudingsdoelstelling van deze soorten behaald wordt, met uitzondering van die voor de kolgans. Significant negatieve effecten zijn voor deze soort niet zonder meer uit te sluiten. Het is daarom noodzakelijk om in het meest noordelijke deel van het tracé varkenskrullen in de bliksemdraad aan te brengen als mitigerende maatregel.

Bodem Bij de aanleg van de lijn kunnen aardkundige waarden blijvend worden aangetast. In het Omgevingsplan van de provincie Zeeland en de Structuurvisie ruimtelijke ordening van de provincie Noord-Brabant is opgenomen dat aantasting van aardkundige waarden moet worden voorkomen. De bodemkwaliteit wordt beschermd op basis van de Wet Bodembescherming. Bij het funderen van de masten worden aanwezige lokale verontreinigingen indien nodig gesaneerd. Het saneren van bodemverontreinigingen wordt in principe aangemerkt als een positief milieueffect, negatieve effecten doen zich niet voor.

MER Zuid-West 380 kV Oost, Samenvatting, p 15

Aardkundige waarden

deze deelgebieden een neutraal effect (0). In

In deelgebied 1 loopt het Voorkeursalternatief

deelgebied 3 passeert het Voorkeursalternatief

door de aardkundig waardevolle gebieden

nabij Loon op Zand een (potentiële)

Brabantse Wal / Meersche Duinen en Smalle

verontreinigingslocatie. Bij de ontwikkeling van

Beek. Het ondergrondse deel van de

het Voorkeursalternatief is er naar gestreefd

verbinding wordt in de buisleidingenstraat

geen mastvoeten in de voormalige

gelegd, hierdoor ontstaat een neutraal effect

vuilstortplaats te plaatsen. Het effect blijft

(0). In deelgebied 2 ligt het aardkundig

hierdoor neutraal.

waardevolle gebied Dintel. Het

aardkundig waardevolle gebieden Strijpen / Zwermlaken / Weimeren. Het Voorkeursalternatief doorsnijdt deze gebieden

Bodemkwaliteit

negatief effect (-). In deelgebied 3 liggen de

waarden

Deelgebied

mastvoeten in dit gebied, dit leidt tot een licht

Aardkundige

Voorkeursalternatief leidt tot plaatsing van 4

1

0

0

2

-

0

3

0

0

niet. Dit leidt tot een neutraal effect (0). Bodemkwaliteit In deelgebied 1 en deelgebied 2 doorsnijdt het Voorkeursalternatief geen (potentiële) verontreinigingslocaties en heeft hierdoor in

Archeologie De aanleg van de mastvoeten en kabels kunnen archeologische waarden in een archeologisch rijksmonument aantasten. De archeologisch rijksmonumenten zijn de meest waardevolle vindplaatsen in Nederland en hebben het strengste beschermingsregime. Bekende vindplaatsen van archeologische resten in Nederland zijn weergegeven op de Archeologische Monumenten Kaart. Deze vindplaatsen worden de AMK-terreinen genoemd. Mogelijk worden ook eventueel aanwezige archeologische waarden in een gebied met bepaalde verwachtingen aangetast. Het Voorkeursalternatief heeft beperkte effecten op archeologie.

MER Zuid-West 380 kV Oost, Samenvatting, p 16

Het Voorkeursalternatief doorsnijdt de

De feitelijke aanwezigheid van archeologische

rijksmonumenten die in deelgebied 1 en 3

waarden in deze verwachtingswaarden wordt

liggen niet. In deelgebied 2 liggen geen

nog vastgesteld door middel van archeologisch

archeologische rijksmonumenten. In geen van

onderzoek.

de deelgebieden raakt het Voorkeursalternatief

0

0

-

Tilburg. In alle gevallen zijn deze effecten als

2

0

0

-

licht negatief effect (-) beoordeeld.

3

0

0

-

gebieden

Verwachtings-

1

Het Voorkeursalternatief doorsnijdt wel diverse

AMK terreinen

Archeologische

van Wouw en Kruisland, van Oud Gastel en

worden als neutraal beoordeeld (0).

Monumenten

verwachtingsgebieden, vooral in de omgeving

Deelgebied

de aanwezige AMK-terreinen. Deze effecten

van Oosterhout, Dongen en ten noorden van

Hoe ziet de besluitvormingsprocedure er uit? Over de aanleg van een hoogspanningsverbinding vindt stapsgewijze besluitvorming plaats. De ministers van Economische Zaken en Klimaat (EZK) en van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) bepalen waar de nieuwe verbinding komt te liggen en hoe deze eruit komt te zien. De ministers leggen hun keuze vast in een Rijksinpassingsplan: dit maakt de hoogspanningsverbinding planologisch mogelijk. Dit plan bevat een kaart waarop de ligging van de nieuwe verbinding is aangegeven en de regels en (kwaliteits-) eisen die van toepassing zijn op het project. In het Rijksinpassingsplan is ook een motivatie opgenomen voor het tracé van de verbinding en een toelichting op de uitvoering van het plan. Er zijn ook vergunningen nodig voor het realiseren van de hoogspanningsverbinding. Dit zijn onder andere omgevingsvergunningen voor het bouwen van de hoogspanningsmasten, watervergunningen voor het uitvoeren van bouwputbemalingen, vergunningen in het kader van de Wet Beheer Rijkswateren voor het kruisen van rijkswegen en vergunningen op grond van de Wet Natuurbescherming. Omdat de aanleg van een nieuwe hoogspanningsverbinding een project van nationaal belang is, is de Rijkscoördinatieregeling van toepassing. Deze regeling kent twee modules, een ruimtelijke module en een uitvoeringsmodule. De ruimtelijke module omvat het Rijksinpassingsplan.

De uitvoeringsmodule bevat de benodigde vergunningen. Op basis van de Rijkscoördinatieregeling worden de termijnen waarbinnen de verschillende besluiten worden genomen op elkaar afgestemd. Het Ontwerp-Rijksinpassingsplan, het MER en de Passende Beoordeling worden gedurende zes weken ter visie gelegd. In deze periode kan een ieder een reactie geven op de stukken. In deze periode vraagt de minister van Economische Zaken en Klimaat de Commissie voor de milieueffectrapportage om te beoordelen of het MER voldoende milieu-informatie bevat om het milieubelang volwaardig mee te kunnen wegen in de besluitvorming. Na de periode van inspraak en advies wordt het Rijksinpassingsplan definitief vastgesteld. Hierbij wordt rekening gehouden met de ontvangen inspraakreacties en adviezen. Het Rijksinpassingsplan MER Zuid-West 380 kV Oost, Samenvatting, p 17

wordt opnieuw gedurende zes weken ter inzage gelegd. In deze termijn kunnen belanghebbenden eventueel beroep tegen het definitieve besluit instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State doet na de beroepstermijn uitspraak over de ontvangen beroepen. Mogelijk leidt dit tot aanpassing van het Rijksinpassingsplan. Daarna is het Rijksinpassingsplan onherroepelijk geworden.

Aan- en uitkoop van woningen Met de publicatie van het ontwerp Inpassingsplan en het MER is het formele besluitvormingsproces over de nieuwe verbinding gestart. Er liggen diverse gevoelige bestemmingen binnen de magneetveldzone van de nieuwe verbinding. Wanneer het plan onherroepelijk is kan gebruik gemaakt worden van een uitkoopregeling. Hierbij krijgen eigenaren en de overige zakelijk gerechtigden van woningen die deze zelf gebruiken gelegenheid om op vrijwillige basis hun woning of zakelijk recht aan TenneT te verkopen. Op basis van ervaringen met de besluitvorming over andere projecten van TenneT is de verwachting dat het 2 tot 3 jaar duurt voordat het Inpassingsplan onherroepelijk is. Om mensen sneller meer handelingsperspectief te geven, biedt TenneT - op basis van het voorzorgbeleid - direct na de publicatie van het ontwerp Inpassingsplan de mogelijkheid particuliere woningen vroegtijdig aan te kopen tegen een courante marktwaarde. Bij deze aankoop wordt niet voorzien in volledige schadeloosstelling zoals bij uitkoop het geval is. Als de betrokkenen wachten tot het inpassingsplan onherroepelijk is, dan komen zij in aanmerking voor de uitkoopregeling inclusief volledige schadeloosstelling. Hierbij worden planschade en verhuiskosten vergoed. Bewoners die er voor kiezen om niet te verhuizen krijgen een volledige vergoeding voor de waardevermindering van hun woning.

Waar is meer informatie te vinden? In het kader van het project zijn door en voor TenneT veel rapporten opgesteld. Er zijn Projectboeken gepubliceerd en er zijn verslagen gemaakt van ontwerpateliers met betrokkenen. Door de Samenwerkende Overheden zijn adviezen uitgebracht aan de minister van EZK en door de minister van EZK zijn diverse besluiten genomen. Hierover zijn regelmatig nieuwsberichten gepubliceerd. Deze informatie is te vinden op de website van het project Zuid-West 380 kV Oost: https://www.zuidwest380kv.nl/oost/ Over de andere onderdelen van de verbinding tussen Borssele en Tilburg is ook te vinden websites: •

Informatie over de verbinding tussen Borssele en Rilland is te vinden op https://www.zuidwest380kv.nl/west

•

Informatie over het hoogspanningsstation Rilland is te vinden op https://www.zuidwest380kv.nl/west/uitvoering/hoogspanningsstation-rilland

•

Informatie over het hoogspanningsstation Tilburg is te vinden op https://www.zuidwest380kv.nl/oost/waar/hoogspanningsstation-tilburg

In het MER is het tracé van de nieuwe verbinding beschreven. De exacte ligging van het tracé kan nog op zeer beperkte mate wijzigen doordat met grondeigenaren afspraken gemaakt worden over de posities van de masten. De actuele ligging van het tracé is te vinden in Projectatlas, die is te vinden via de volgende link: https://tennet.projectatlas.zuid-west-380kv-oost.

MER Zuid-West 380 kV Oost, Samenvatting, p 18

Het MER Zuid-West 380 kV Oost beschrijft de effecten van de nieuwe 380 kV-verbinding tussen Rilland en Tilburg. Het volledige MER omvat naast voorliggend Deel A ook de delen B en C en een Samenvatting. Ten behoeve hiervan zijn ook diverse achtergronddocumenten opgesteld. De Passende Beoordeling beschrijft de effecten van de nieuwe 380 kV-verbinding tussen Rilland en Tilburg op nabij gelegen Natura 2000 gebieden. Het volledige MER met de achtergronddocumenten, de Passende Beoordeling en het Rijksinpassingsplan zijn te vinden op de website van het Bureau Energieprojecten: https://www.rvo.nl/onderwerpen/bureau-energieprojecten

MER Zuid-West 380 kV Oost, Samenvatting, p 19

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9902109/1