CConstaterende datDongen
Koppel je AI →
Document · PDF

12122024-01 TV CDA JvdAa ANTW- RIB 24-62 Uitvoeringsagenda NOVEX Stedelijk Brabant

Besluitvormende raadsvergadering 12 december 2024, gemeente DongenBij agendapunt: Raadsinformatiebrieven - ter informatie657 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Technische vraag Naam:

J. van der Aa

Datum:

03-12-2024

Onderwerp: Portefeuillehouder:

RV 24-78 Lijst ingekomen stukken RIB 24-62 Over Uitvoeringsagenda Novex Stedelijk Brabant. Wethouder Ankie de Hoon

Vraag / vragen In het Eindconcept-uitvoeringsagenda (versie 1.0) lezen wij dat aangaande de conceptagenda en relevante stukken, het aan de colleges van B&W, college van G.S., Dagelijks Besturen van de Waterschappen is, om in te stemmen met de Uitvoeringsagenda(‘s) en dat zij de besluiten voorleggen ter informatie aan de raden. Onze vragen daarbij zijn: 1. Is er inmiddels sinds de verschijning van het Eindconcept september 2024, ingestemd met het concept, door de betreffende bestuursorganen? M.a.w. is de status van concept voorbij? Antwoord Rijk, provincie, waterschappen en gemeenten hebben de Uitvoeringsagenda voor Stedelijk Brabant in 2024 in hun colleges en dagelijks besturen besproken. Op 17 oktober hebben de samenwerkende overheden ingestemd met de uitvoeringsagenda in de Brabantbrede stuurgroep waarin alle partijen vertegenwoordigd zijn. De partijen gaan nu aan de slag met de uitvoering van de acties uit deze agenda. 2.

Zijn er in het kader van de instemmingsprocedure, voorzover bekend relevante aanpassingen voor het Dongense grondgebied doorgevoerd in het Eindconcept door de (samenwerkende) overheden?

Antwoord Voor zover ons bekend zijn er geen relevante aanpassingen voor het Dongense grondgebied doorgevoerd in de uitvoeringsagenda NOVEX Stedelijk Brabant. Sterke en vitale Brabantse dorpen Wij zien op de pagina 11, betreffende sterke en vitale dorpen, geen aantallen woningen als raming genoemd voor sterke en vitale dorpen. Terwijl dat wel gedaan is voor sterke stedelijke regio’s (pagina 10). Onze vraag daarbij is: 3. Waarom zijn bij de sterke en vitale dorpen geen geraamde aantallen woningen weergegeven voor de realisering van woningbouwopgaven?

Pagina 1 van 2

Antwoord In de NOVEX ligt de nadruk op grootschalige ontwikkelingen die ook op rijksniveau van belang zijn. In de verstedelijkingsstrategie SRBT is dit wel globaal opgenomen. Ontwikkelprincipe 2: natuur en landschap groeien mee met verstedelijking. Hier wordt een belangrijke rol genoemd voor het BPLG als instrument tot het realiseren van doelen op gebied van natuur en landschap (20), alsmede om een gelijke tred te houden van de ontwikkeling natuur en landschap met de stedelijke ontwikkeling. Onze vraag daarbij is: 4. Betekent het “on hold zetten” van het BPLG door de Provincie dat de versie 1.0. van de Uitvoeringsagenda, weer aangepast moet worden? Antwoord In versie 1.0 van de uitvoeringsagenda wordt reeds gesproken over de opvolger van het BPLG. Dit sluit aan op de statenmededeling over de Aanpak Landelijk Gebied (d.d. 15- 10 – 2024). Hierin maakt de provincie duidelijk dat de doelstellingen op het gebied van water, bodem en biodiversiteit die met het BPLG bereikt moesten worden, nog steeds worden nagestreefd. De provincie zal met de Aanpak Landelijk Gebied meer focussen op de GGAgebieden (gebieden rond Natura 2000 waar gewerkt wordt volgens de groenblauwe gebiedsgerichte aanpak). Voor de tussenliggende gebieden, waar ook Dongen in valt, zal minder beleid vanuit de provincie komen.

Voor het landschap ligt de focus op de regionale landschapsparken, die niet in Dongen liggen en de groene buffers die deels in Dongen liggen. Financiering van deze opgaven wordt met name door de verandering in het rijksbeleid veel lastiger. Voor Dongen zal de financiering meer afhankelijk worden van stedelijke ontwikkelingen en de verplichting tot investering in de kwaliteitsverbetering landschap. Ontwikkelprincipe 5: kwalitatieve werkgebieden als randvoorwaarde voor circulaire economie. Hier staan de kwaliteiten en de mogelijke actiepunten vermeld van de bedrijventerreinen. Onze vraag daarbij is: 5. Waarom is het bedrijventerrein Tichelrijt zoveel lager aangeduid of geclassificeerd dan bedrijventerrein Vossenberg in Tilburg? Dit temeer vanwege vrijwel dezelfde voorwaardelijke kenmerken als afstand tot bevaarbaar water en buisleidingenstraat? Antwoord Rond het bedrijventerrein van Tilburg spelen meer zaken dan bij het bedrijventerrein Tichelrijt. De Vossenberg ligt direct aan het regionaal wegennetwerk (Ring van Tilburg) en heeft betere mogelijkheden voor overslag (haven van Tilburg). Hierdoor speelt Vossenberg veel meer een regionale rol terwijl Tichelrijt een lokaal bedrijventerrein is.

Pagina 2 van 2

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14913827/1