Raadsvoorstel Toelating en installatie nieuwe raadsleden.pdf
Tekst van het document
Aan de raad
AGENDAPUNT NR. 3 Doetinchem, 22 september 2021
Toelating en installatie de heren M. op de Weegh, R.G.M. Hummelink en mevrouw G.J.M. Winters De heer M. op de Weegh Met zijn brief van 6 juli 2021 heeft de heer S. Kroon zijn vertrek als raadslid bekendgemaakt. Ter voorziening in deze vacature heeft de voorzitter van het centraal stembureau voor de verkiezing van leden van de raad de heer M. op de Weegh benoemd. De heer R.G.M. Hummelink U hebt uit uw midden de heer H. Dales per 23 augustus 2021 als wethouder benoemd. Ter voorziening in de vacature heeft de voorzitter van het centraal stembureau voor de verkiezing van leden van de raad de heer R.G.M. Hummelink benoemd. Mevrouw G.J.M. Winters Op zijn verzoek heeft de burgemeester per 21 september 2021 tijdelijk ontslag verleend aan de heer C.F.P.M. van Pul voor een periode van 16 weken. Ter voorziening in deze tijdelijke vacature heeft hij als voorzitter van het Centraal stembureau voor de verkiezing van leden van de raad, mevrouw G.J.M. Winters benoemd. Deze wissel berust op artikel X 10 Kieswet (paragraaf 3 Beëindiging van het lidmaatschap en vervanging wegens zwangerschap en bevalling of ziekte). Raadsleden kunnen een verzoek voor tijdelijk ontslag indienen. In dat geval kan een tijdelijk opvolger worden benoemd. Deze vervangingsperiode is 16 weken. Na deze periode wordt het vervangende raadslid van rechtswege ontslagen.
Het raadslid dat vervangen werd, is dan automatisch weer raadslid. Toelating en installatie U dient, voordat de installatie kan plaatshebben, de benoemingsstukken, ook wel geloofsbrieven, te onderzoeken en een beslissing te nemen over de toelating. De bedoeling van dit onderzoek is na te gaan of de kandidaat raadsleden voldoen aan de eisen die de Gemeentewet aan het raadslidmaatschap stelt. Het Reglement van orde voor uw vergaderingen bepaalt dat dit onderzoek wordt uitgevoerd door de commissie onderzoek geloofsbrieven. Een lid van deze commissie doet in de vergadering mondeling verslag van haar werkzaamheden. Voordat de nieuwe raadsleden hun functie kunnen uitoefenen, leggen zij in handen van de voorzitter de eed of de belofte af, vermeld in artikel 14 van de Gemeentewet: Ik zweer (verklaar) dat ik, om tot lid van de raad benoemd te worden, rechtstreeks noch middellijk, onder welke naam of welk voorwendsel ook, enige gift of gunst heb gegeven of beloofd. Ik zweer (verklaar en beloof) dat ik, om iets in dit ambt te doen of te laten, rechtstreeks noch middellijk enig geschenk of enige belofte heb aangenomen of zal aannemen. Ik zweer (beloof) dat ik getrouw zal zijn aan de Grondwet, dat ik de wetten zal nakomen en dat ik mijn plichten als lid van de raad naar eer en geweten zal vervullen. Zo waarlijk helpe mij God Almachtig! (Dat verklaar en beloof ik!)
2 Doetinchem, 22 september 2021 Wij stellen u voor, het onderzoek en de installatie te laten plaatshebben. De griffier,
De voorzitter,
drs. B.P.M. Janssens
mr. M. Boumans MBA MPM