Raadsbesluit 25 november 2021 Aanpassing uitgangspunten begroting Regio Achterhoek (2021-99).pdf
Tekst van het document
Aan de raad
AGENDAPUNT NR. 4.1 Doetinchem, 17 november 2021
ALDUS VASTGESTELD 25 NOVEMBER 2021 Aanpassing uitgangspunten begroting Regio Achterhoek Te besluiten om: Geen wensen en bedenkingen te formuleren bij het volgende voornemen van het algemeen bestuur van de Regio Achterhoek tot aanpassing van de uitgangspunten Begroting Regio Achterhoek vanaf het begrotingsjaar 2023: 1. Voor de indexering de methodiek van de VNOG te volgen, te weten aanpassing inwonerbijdrage = (loonsom*loonindex + overige exploitatiekosten*prijsindex); 2. Voor de weerstandcapaciteit het advies van de gemeenten te volgen en een surplus uitkeren als op begrotingsbasis de weerstandsratio boven 1,4 uitkomt. Inleiding Met dit voorstel wil het algemeen bestuur van de Regio Achterhoek de uitgangspunten voor de begroting van de Regio Achterhoek aanpassen voor wat betreft de indexeringssystematiek en de berekening van de bandbreedte voor de weerstandscapaciteit. De nieuwe uitgangspunten gelden, bij een positief besluit, dan vanaf het begrotingsjaar 2023. Argumenten 1.1. Met de voorgestelde systematiek wordt een structurele gezonde financiële basis gecreëerd. Indexering Bij de vaststelling van de uitgangspunten voor de begroting 2022, in januari 2021, heeft het algemeen bestuur aangegeven dat de indexeringsproblematiek (beperking stijging inwonerbijdrage tot maximaal prijsindex) structureel moet worden opgelost.
Dit aspect zou bij de evaluatie van de samenwerking worden meegenomen. In het raadsvoorstel bij de evaluatie is aangegeven dat hiervoor een apart voorstel wordt gemaakt. Met dit voorstel wil het algemeen bestuur van de Regio Achterhoek een structurele gezonde financiële basis creëren met een realistische doorberekening van loon- en prijsindex aan de gemeenten. Regio Achterhoek heeft in de begroting te maken met loon- en prijsindexen die worden gebaseerd op de septembercirculaire twee jaar voorafgaand aan het begrotingsjaar. De inwonerbijdrage die het algemeen bestuur aan de gemeenten in rekening brengt, mag op dit moment echter alleen maar stijgen met de prijsstijging en deze is vaak lager dan de loonindex. Het verschil hiertussen moet worden opgevangen binnen de begroting. In de begroting 2022 is sprake van een structurele taakstelling van € 60.000 als gevolg van het verschil in indexering sinds juli 2018. Bekeken is hoe andere gemeenschappelijke regelingen hiermee omgaan. Er is vergeleken met zowel de Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland (VNOG), Gemeentelijke Gezondheidsdienst Noord- en Oost Gelderland (GGD NOG) en de Omgevingsdienst Achterhoek (ODA). Voorgesteld wordt de methodiek van VNOG te volgen, aangezien die het beste recht doet aan de werkelijkheid.
De inwonerbijdrage mag stijgen met een mix van prijs- en loonindex (loonsom*loonindex, overige exploitatiekosten * prijsindex). Ook wordt op basis van nacalculatie bekeken of de ontvangen compensatie over voorgaande jaren voldoende of te veel was om de stijging van de lonen zowel als gevolg van de afgesloten CAO alsook als gevolg van wijzigingen in de belastingen en premies te dekken. Zowel afwijkingen naar boven als naar beneden worden in het nieuwe begrotingsjaar verrekend met de gemeentelijke bijdragen.
2 Doetinchem, 17 november 2021 Voorgestelde berekeningsmethodiek voor absolute stijging van de inwonerbijdrage (exclusief eventueel nieuw beleid): Voorbeeld begrotingsjaar 2022 (T) Loonindex: loonsom * loonvoet sector overheid jaar T (2022) uit septembercirculaire T-2 (2020) +/Nacalculatie loonindex: loonsom * loonindex jaar T-1 (2021) uit september circulaire jaar T-2 (2020) minus loonindex jaar T-1 (2021) uit september circulaire jaar T-3 (2019) + Opleidingsbudget: 1,5% van de loonsom + Prijsindex: overige exploitatiekosten * prijs overheid consumptie netto materiaal jaar T (2022) uit septembercirculaire jaar T-2 (2020) = absolute stijging van de inwonerbijdrage / aantal inwoners jaar T-1 (2021) = stijging per inwonerbijdrage jaar T (2022)
De inwonerbijdrage loopt nu niet in de pas met de loonkosten. De inwonerbijdrage stijgt nu met de prijsstijging en deze is vaak lager dan de loonindex. Indien de huidige systematiek voor de loon- en prijsindex gehandhaafd blijft, dan moet de Regio de kosten blijven opvangen binnen de begroting en kan de Regio Achterhoek op enig moment niet meer alle beschreven taken uitvoeren. Weerstandscapaciteit Bij het vaststellen van de begroting 2022 in juli 2021 is door diverse gemeenten aangegeven de berekening van de bandbreedte van de weerstandcapaciteit aan te passen. Het verzoek is om voor het weerstandsvermogen en de bepaling van het surplus aan te sluiten bij de systematiek van de VNOG. Hierbij wordt een surplus uitgekeerd zodra de weerstandsratio boven de 1,4 uitkomt. Op dit moment hanteert de Regio een maximaal vast bedrag van € 300.000 als plafond voor het weerstandsvermogen. In de begroting 2022 zou dit betekenen dat, bij een benodigde weerstandscapaciteit van € 258.000 en een ratio van 1,4, de beschikbare weerstandscapaciteit maximaal € 362.600 bedraagt. Voorgesteld wordt het advies van de gemeenten te volgen en een surplus uitkeren als op begrotingsbasis de weerstandsratio boven 1,4 uitkomt. Financiën De begroting 2022 van de Regio Achterhoek is gebaseerd op bestaand beleid en meerjarig sluitend.
Om deze meerjarig sluitend te kunnen houden (vanuit het perspectief van indexering) is een aanpassing van de indexeringsystematiek wenselijk. De Regio Achterhoek wordt (grotendeels) bekostigd door de zeven deelnemende gemeenten. De inwonerbijdrage voor 2022 is vastgesteld op € 6,91 per inwoner. Dit is gebaseerd op het bedrag in 2020 (€ 6,83), vermeerderd met een indexatie. De financiele gevolgen voor 2023 (die momenteel nog niet bekend, gezien het feit het om toekomstige indexatie-cijfers gaat) worden betrokken bij een integrale prioriteitenafweging bij onze gD-Kadernota 2022 voor de gDBegroting 2023.
3 Doetinchem, 17 november 2021 Kanttekeningen 1.1. In het verleden is de begroting van de Regio Achterhoek ook altijd sluitend geweest. Het verschil tussen de loon- en de prijsindexen zijn in het verleden altijd opgevangen binnen de begroting. Op lange termijn is dit financieel-technisch niet houdbaar. Om grote(re) financiële tegenvallers in de toekomst te voorkomen, is het raadzaam om de indexeringssystematiek aan te passen. In beide gevallen (aanpassing van de systematiek of niet) zal de Regio de voortkomende kosten (waarvan de hoogte natuurlijk nu nog ongewis zijn) moeten inpassen in de begroting van jaar T+1. In die zin behaalt de gemeente Doetinchem (en ieder andere deelnemende gemeente) geen financieel voor- of nadeel uit de aanpassing van de systematiek. Op de voorgestelde wijze wordt deze alleen begrotingstechnisch verstandiger ingeregeld. In geval van een hoge loon-indexatie in de toekomst, zal de gemeente minder snel worden verrast met begrotingsproblemen bij de Regio Achterhoek. 1.2. De gemeente krijgt de compensatie voor loonkosten niet. Toepassing van de nieuwe systematiek betekent dat het budget voor de Regio Achterhoek automatisch gecompenseerd wordt op basis van de actuele stijging van lonen en prijzen. Het Rijk biedt de gemeente deze compensatie niet en moet dus eventuele toekomstige verschillen binnen de eigen begroting opvangen.
1.3 Dit kan leiden tot precedentwerking voor andere verbonden partijen. Met de meeste verbonden partijen zijn inmiddels indexerings-afspraken gemaakt op basis van loon- en prijsgevoelige deel van de begroting van de gemeenschappelijke regeling. Bij het Cultuurbedrijf, het Sportbedrijf, Buha, Buurtplein, VNOG, de GGD en de ODA is dit het geval. De Regio Achterhoek valt nog onder de ‘Overige GR’s’ waarbij de Achterhoekse afspraken uit 2016 gelden (indexering met pBBP). Naast de Regio Achterhoek geldt dit alleen voor enkele kleine GR’s. Vervolg In alle gemeenteraden van de deelnemende gemeenten ligt een gelijkluidend voorstel voor. In de algemeen bestuursvergadering van 15 december 2021 worden de besluiten van de gemeenten besproken en wordt een besluit genomen. Voorgesteld wordt deze nieuwe uitgangspunten vanaf het begrotingsjaar 2023 te hanteren. Bijlagen 1. Het advies van het AB van de Regio Achterhoek aan de gemeenten 2. De notitie met het advies van het DB van de Regio Achterhoek aan het AB. Burgemeester en wethouders van Doetinchem, De secretaris, De burgemeester, mr. G.A. Karssenberg
mr. M. Boumans MBA MPM
De raad van de gemeente Doetinchem; gezien het voorstel van burgemeester en wethouders over aanpassing uitgangspunten begroting Regio Achterhoek; gelet op artikel 35 lid 3 van de Wet gemeenschappelijke regelingen; besluit: geen wensen en bedenkingen te formuleren bij het volgende voornemen van het algemeen bestuur van de regio Achterhoek tot aanpassing van de uitgangspunten Begroting Regio Achterhoek vanaf het begrotingsjaar 2023: 1. Voor de indexering de methodiek van de VNOG te volgen, te weten aanpassing inwonerbijdrage = (loonsom*loonindex + overige exploitatiekosten*prijsindex). 2. Voor de weerstandcapaciteit het advies van de gemeenten te volgen en een surplus uitkeren als op begrotingsbasis de weerstandsratio boven 1,4 uitkomt. Aldus besloten in zijn vergadering van 25 november 2021,
, griffier
, voorzitter