GEWIJZIGD Jaarstukken gD 2023 - boekwerk.pdf
Tekst van het document
De manier waarop we (hybride) samenwerken is continu in ontwikkeling en verdient aandacht.
50
Wat hebben we daarvoor gedaan? D1. Herinrichten van gemeentelijke huisvesting In 2023 is in samenwerking met een externe adviespartner een Programma van Eisen opgeleverd in lijn met de visie op het werkconcept. Dit Programma van Eisen is de basis geweest voor de uitwerking van een ontwerp voor de herinrichting. Er zijn keuzes te maken in het afwerkingsniveau van onze kantooromgeving en daarom zijn meerdere kostenindicaties uitgewerkt. Tijdens de uitwerking is er veel aandacht geweest voor participatie en communicatie om draagvlak te behouden onder medewerkers voor het ontwerp. Verder zijn bestaande bureaustoelen gerevitaliseerd in het kader van circulariteit.
Wat wilden we bereiken? E. Verbeteren van onze dienstverlening Het is belangrijk een duidelijke focus op dienstverlening te hebben en houden. De activiteiten ontwikkelen we integraal en in samenhang om de dienstverlening op pijl te houden en ook echt te kunnen verbeteren. Er wordt aan verbetering van de dienstverlening gewerkt in beleid, projecten en opgaven. De speerpunten waren: 1. Afstemmen van onze processen op inwoners en deze verbeteren en optimaliseren Hiervoor is het nodig om de inwoner te betrekken en te weten hoe die onze dienstverlening ervaart en wat er goed gaat en wat er beter kan. 2. De (digitale) toegankelijkheid van onze (overheids)informatie te verbeteren 3. Het bevorderen van “leren van elkaar” en het experimenteren met nieuwe mogelijkheden Wat hebben we daarvoor gedaan? E1. Afstemmen van onze processen op inwoners en deze verbeteren en optimaliseren We hebben de servicelevels (werkafspraken) herijkt en laten toetsen door het MT. Daarnaast zijn dashboards ontwikkeld om te monitoren of de afgesproken servicelevels worden nagekomen. Er is uitvraag gedaan aan het burgerpanel via "Waar staat je gemeente". De uitkomsten hiervan worden momenteel geëvalueerd. Deze uitvraag was breder dan alleen de dienstverlening. Vandaar dat de uitvraag voor dienstverlening ook 2024 zal worden gedaan.
We zijn tot de conclusie gekomen dat een whatsappkanaal geen toegevoegde waarde aan de inwoners biedt. Er zijn voorbereidingen uitgevoerd om te starten met een chatbot en klantreizen. E2. De (digitale) toegankelijkheid van onze (overheids)informatie te verbeteren De Wet open overheid, Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer, Wet digitale overheid, de Wet elektronische publicatie zijn teruggebracht in de lijn. Concreet betekent dit dat het team Informatiemanagement hier de regie en uitvoering op heeft. Regie en uitvoering Wet digitale toegankelijkheid ligt bij het team Publiekszaken. Voor wat betreft digitale toegankelijkheid zijn verschillende deelprojecten gestart. Denk aan bewustwording, trainingen en applicaties.
51
E3. Het bevorderen van “leren van elkaar” en het experimenteren met nieuwe mogelijkheden In 2023 hebben we ons aangesloten bij Leernetwerk Oost om kennis te verbreden en nieuwe inzichten op te doen. Leernetwerk Oost bestaat uit 9 gemeenten uit het oosten van Nederland. Wat heeft het gekost? Taakveld+ Omschrijving
Activiteit
Primitieve begroting 2023
Begroting ná wijziging 2023
1.395
2.499
1.881
college
2
2
overige baten en lasten
-
-
Baten (bedragen x € 1.000) 0.1 Bestuur
Bestuurlijke samenwerking
raad 0.2 Burgerzaken
Realisatie Saldo 2023 begroting ná wijziging minus realisatie 2023
Reservemutaties 2023
Saldo 2023 minus reservemutaties 2023
-618
-
-618
81
79
-
79
14
14
-
14
-
-
-
-
-
-
raadscommissies
12
12
10
-2
-
-2
basisregistratie personen
68
68
39
-29
-
-29
burgerlijke stand
104
104
105
1
-
1
dienstverlening gemeentewinkel
108
108
109
1
-
1
naturalisatie
43
43
60
17
-
17
registratie niet ingezetenen
314
314
523
209
-
209
reisdocumenten
350
350
539
189
-
189
uitvoeringskosten belastingen
372
372
443
71
-
71
0.8 Overige overige baten en baten en lasten lasten
-
-
63
63
-
63
personeelskosten
1.813
2.616
312
-2.304
-
-2.304
-12
-12
-95
-83
-
-83
-
-
218
218
-
218
4.569
6.476
4.302
-2.174
-
-2.174
0.64 Belastingen overig
reservering nominaal reservering personeelskosten Totaal programma 4. Organisatie en financiën (baten)
52
Taakveld+ Omschrijving
Activiteit
Lasten (bedragen x € 1.000) 0.1 Bestuur
0.10 Mutaties reserves
1.793
2.961
2.585
bestuursondersteuning
1.096
1.333
college
1.536
1.621
overige baten en lasten
241
raad raadscommissies rekenkamer reserve dekking kapitaallasten
0.2 Burgerzaken basisregistratie personen
Saldo 2023 minus reservemutaties 2023
376
-
376
1.289
44
-
44
1.319
302
-
302
32
21
11
-
11
686
740
727
13
-
13
32
32
31
1
-
1
52
52
52
-
-
-
-
-
1
-1
-
-1
-
712
-
712
712
-
42
42
19
23
-
23
burgerlijke stand
26
26
47
-21
-
-21
dienstverlening gemeentewinkel
167
167
110
57
-
57
GEO informatie
37
37
36
1
-
1
naturalisatie
13
13
42
-29
-
-29
personeelskosten
1.431
1.636
1.604
32
-
32
registratie niet ingezetenen
20
20
31
-11
-
-11
reisdocumenten
154
154
219
-65
-
-65
verkiezingen
88
279
284
-5
-
-5
-
-
-
-
-
-
105
105
72
33
-
33
-
-
-
-
-
-
overige baten en lasten
2.332
288
95
193
-
193
personeelskosten
1.876
4.090
2.032
2.058
-
2.058
-
-
-
-
-
-
4.687
2.224
1.868
356
-
356
870
791
698
93
-
93
17.284
17.355
13.182
4.173
712
3.461
rente
0.64 Belastingen uitvoeringskosten overig belastingen 0.8 Overige baten en lasten
Begroting Realisatie Saldo Reservená 2023 begroting mutaties wijziging ná wijziging 2023 2023 minus realisatie 2023
Bestuurlijke samenwerking
0.11 Resultaat resultaat van de rekening van baten en lasten
0.5 Treasury
Primitieve begroting 2023
kapitaallasten
reservering doetinchemmer olie reservering nominaal reservering personeelskosten Totaal programma 4. Organisatie en financiën (lasten)
53
1.6 Overige algemene dekkingsmiddelen en het gebruik van onvoorzien Artikel 25 van de BBV schrijft voor dat de programmaverantwoording ten minste uit de verantwoording over de realisatie van de programma's en het overzicht algemene dekkingsmiddelen bestaat. Daarnaast wordt inzicht gegeven in het gebruik van het geraamde bedrag van onvoorzien.
Taakveld+ Omschrijving
Primitieve begroting 2023
Begroting ná wijziging 2023
Realisatie 2023
Baten (bedragen x € 1.000) Lokale heffingen
15.341
15.153
15.268
Algemene uitkeringen
157.360
166.462
169.661
Dividend
555
555
628
Saldo financieringsfunctie
184
135
948
1.460
1.460
1.521
174.900
183.765
188.026
Overige algemene dekkingsmiddelen Totaal Algemene dekkingsmiddelen (baten)
Taakveld+ Omschrijving
Primitieve begroting 2023
Begroting ná wijziging 2023
Realisatie 2023
Lasten (bedragen x € 1.000) Lokale heffingen
920
1.035
1.023
Algemene uitkeringen
10
11
11
Dividend
15
15
20
Saldo financieringsfunctie
273
-275
436
Overige algemene dekkingsmiddelen
74
74
131
1.292
860
1.621
Onvoorzien
171
171
-
Subtotaal Onvoorzien
171
171
-
1.463
1.031
1.621
Subtotaal Algemene dekkingsmiddelen
Totaal Algemene dekkingsmiddelen en Onvoorzien (lasten)
De gemeente Doetinchem heeft één euro per inwoner bijgedragen voor de slachtoffers van de zware aardbeving in het noorden van Syrië en het zuiden van Turkije ( zie raadsmededeling 2023-11, d.d. 14 februari 2023). De dekking van de bijdrage ad € 60.000 komt uit het budget onvoorzien (€ 171.000). De verantwoording heeft plaatsgevonden op het onderdeel internationale betrekkingen.
54
2 Paragrafen
55
2.1 Lokale heffingen Deze paragraaf bevat informatie over de gemeentelijke belastingen. De gemeentelijke belastingen zijn te onderscheiden in drie typen belastingen. De algemene belastingen, de bestemmingsheffingen en retributies. Na de algemene uitkering uit het gemeentefonds zijn dit de belangrijkste inkomstenbronnen van de gemeente. Kaders De inwoners van de gemeente krijgen jaarlijks een aanslag gemeentelijke belastingen. Voor de beoordeling van de lastendruk zijn de tarieven dan ook van groot belang. Naast volumeontwikkelingen en ontwikkelingen in de waarde als gevolg van de jaarlijkse herwaardering (in geval van de onroerendezaakbelastingen) is uitgegaan van een indexering van de tarieven voor 2023 met 3,0 % voor loon- en prijsontwikkelingen. Dit is in overeenstemming met het percentage BBP (Bruto Binnenlands Product) uit de meicirculaire gemeentefonds 2022. De bestemmingsheffingen en de retributies mogen niet meer dan kostendekkend zijn. We kennen een gesloten belastingstelsel. Dit betekent dat de gemeente een belasting alleen kan heffen als de wet daar de bevoegdheid toe geeft.
Het beleid betreffende de gemeentelijke belastingen is opgenomen in de volgende beleidsdocumenten: • Landelijke wet- en regelgeving (alle belastingen); • Belastingverordeningen, raadsbesluit van 22 december 2022 (alle belastingen); • Coalitieprogramma 2022 – 2026 “Samen groeien in kwaliteit” raadsbesluit van 9 juni 2022 (alle belastingen); • Grondstoffenplan 2020–2024, raadsbesluit van 9 juni 2022 (afvalstoffenheffing en reinigingsrechten); • Gemeentelijk rioleringsplan 2016 – 2020, raadsbesluit van 14 april 2016 (rioolheffing); • Financiële verordening gemeente Doetinchem 2017, raadsbesluit van 8 juni 2017 (toerekening overheadkosten en BTW-Compensatiefonds); • Parkeervisie 2017 – 2020, raadsbesluit van 8 juni 2017 (parkeerbelastingen); • Uitvoeringsagenda Armoedebeleid & Schulddienstverlening 2022 – 2024, raadsmededeling van 16 november 2021 (kwijtschelding afvalstoffenheffing en rioolheffing). De samenhang van het beleid met betrekking tot de gemeentelijke belastingen wordt geborgd in de bovengenoemde documenten. Daarnaast houden we rekening met de aanbevelingen van de gemeentelijke rekenkamer. Heffingskorting De Nederlandse inflatie is het afgelopen jaar enorm gestegen. Dit is een gevolg van energieschaarste en de Oekraïne-oorlog. Boodschappen zijn duurder geworden en de prijzen van diensten zijn gestegen.
We hebben daarom eenmalig aan alle gebruikers van belastingobjecten, dus huishoudens en bedrijven, een heffingskorting verleend van € 100,00. Dit bedrag is in mindering gebracht op het totale aanslagbedrag voor 2023. Vorming voorziening Om een gelijkmatige ontwikkeling van tarieven te bewerkstellingen worden overschotten en tekorten zo nodig verrekend met een voorziening. Dit is het geval bij de voorziening afvalstoffenheffing en rioolheffing. Algemene belastingen De opbrengsten van de algemene belastingen komen ten goede aan de algemene middelen van de gemeente. Dit betekent dat de opbrengsten van deze belastingen niet gelabeld zijn maar voor alle gemeentelijke taken en voorzieningen kunnen worden ingezet.
56
De onroerendezaakbelastingen, parkeerbelastingen, precariobelasting, reclamebelasting, bedrijveninvesteringszone en de toeristenbelasting behoren tot deze categorie. Hierbij moet opgemerkt worden dat de opbrengsten van de reclamebelasting en de bedrijveninvesteringszone niet worden toegevoegd aan de algemene middelen, maar worden uitgekeerd aan de verschillende ondernemersfondsen. Onroerendezaakbelastingen Onder de naam onroerendezaakbelastingen (verder OZB) worden een gebruikers- en een eigenarenbelasting geheven. Voor woningen mag alleen een eigenarenbelasting in rekening worden gebracht. Op basis van de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ) wordt ieder jaar van elk object de waarde vastgesteld. De waarde vormt de grondslag voor de berekening van de OZB aanslagen. Ontwikkelingen in de waarde als gevolg van de jaarlijkse herwaardering worden gecompenseerd via het tarief. Eigenaren van woningen in de gemeente Doetinchem hebben in 2023 gemiddeld ongeveer 3,0 % meer OZB betaald. Hondenbelasting De hondenbelasting is vanaf het belastingjaar 2023 afgeschaft. Parkeerbelastingen Tijdens de behandeling van de Parkeervisie 2017 – 2020 is besloten om de huidige tariefstructuur te handhaven. Dit betekent dat de binnenstad verdeeld blijft in vier tariefzones (€ 1,20, € 1,50, € 1,80 en € 2,40 per uur).
Precariobelasting Precariobelasting wordt geheven voor het in gebruik nemen van gemeentegrond, zoals het inrichten van een terras of het innemen van een standplaats. Het gebruik van gemeentegrond is gekoppeld aan een vergunning en gebaseerd op het standplaatsenbeleid 2012. De tarieven voor 2023 zijn verhoogd met de algemene prijsverhoging van 3,0 %. Reclamebelasting Reclamebelasting is ingevoerd op verzoek van de ondernemers in vijf afgebakende gebieden. Het gaat om de binnenstad en de bedrijventerreinen De Huet, Keppelseweg, Verheulsweide en Akkermansweide. De opbrengst van de reclamebelasting wordt, na aftrek van de heffingskosten, uitgekeerd aan de ondernemersfondsen van de desbetreffende gebieden. Hieruit worden activiteiten betaald om de binnenstad en de bedrijventerreinen economisch aantrekkelijk te houden. De tarieven voor 2023 zijn geïndexeerd met de algemene prijsverhoging van 3,0%. Bedrijveninvesteringszone (BIZ) Vanaf het belastingjaar 2019 is voor vastgoedondernemers in de binnenstad de BIZ ingevoerd. Het principe is hetzelfde als bij de reclamebelasting, dit betekent dat de opbrengst wordt uitgekeerd aan het ondernemersfonds van de vastgoedondernemers. Alle vastgoedondernemers die eigenaar zijn van een bedrijfspand in het BIZ-gebied betalen een bijdrage om activiteiten en investeringen mogelijk te maken.
Dit zijn extra activiteiten naast dat wat de gemeente standaard aan onderhoud en investeringen doet. De BIZ geldt voor vijf jaren. De tarieven worden in deze periode niet gewijzigd. Toeristenbelasting Het doorvoeren van de prijsverhoging van 3,0 % bij de toeristenbelasting zou onwerkbare tarieven met zich meebrengen. De tarieven van de toeristenbelasting zijn daarom niet verhoogd in 2023. Dit betekent dat we in 2023 voor een hotelovernachting € 1,50 in rekening hebben gebracht en voor de overige overnachtingen een bedrag van € 1,00.
57
Bestemmingsheffingen Bestemmingsheffingen zijn belastingen waarvan de opbrengsten zijn bestemd voor specifieke voorzieningen met een duidelijk algemeen belang. Onder deze categorie vallen de afvalstoffenheffing, reinigingsrechten en de rioolheffing. Afvalstoffenheffing en reinigingsrechten Afvalstoffenheffing wordt geheven voor het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen en reinigingsrechten worden betaald voor het ophalen van bedrijfsafval. De kosten van de afvalinzameling worden gedekt door de opbrengsten uit de afvalstoffenheffing en reinigingsrechten. Dit gebeurt op basis van 100% kostendekkendheid. Als gevolg van een stijging van de verwerkingstarieven gaan de afvalbeheerskosten de komende jaren omhoog. Deze stijging geldt voor vrijwel alle Nederlandse gemeenten. Het verbrandingstarief voor restafval gaat ook stijgen. Samen met Buha bv en inspraak van bewoners is een nieuw grondstoffenplan opgesteld. De methode “betalen per lediging van de restafvalcontainer” vormt de basis van dit plan. De afvalbeheerskosten zijn met dit plan lager dan de kosten, die de gemeente gehad zou hebben als de maatregelen uit het grondstoffenplan niet uitgevoerd zouden worden. De kostenstijging van de verwerking- en verbrandingstarieven wordt dus gedempt door de maatregelen uit dit grondstoffenplan.
Het grondstoffenplan levert een sterke afname van de hoeveelheid restafval op en daarmee van de verbrandingskosten voor restafval. Dit dempt de verhoging van de afvalbeheerskosten. De verwachte kostenstijging is wel afhankelijk van de mate van stijging van de verwerkingstarieven en de mate van afvalscheiding. Hoe beter de afvalscheiding hoe lager de kosten. De btw die we moeten betalen voor het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen en reinigingsrechten kunnen we verhalen op het btw compensatie fonds. Doordat we deze btw kunnen verhalen zijn alle gemeenten gekort op de algemene uitkering. Op grond hiervan mogen we de btw als last aan de afvalstoffenheffing toe rekenen. De toegerekende btw is realistisch toegerekend. In 2023 betaalden inwoners een basistarief van € 244,80 voor éénpersoonshuishouden en € 278,40 voor meerpersoonshuishoudens De variabele tarieven voor het legen van de grote en kleine rolcontainer en het storten in de ondergrondse verzamelcontainer bleven gelijk, namelijk € 10,00, € 5,00, € 2,00 en € 1,00. Het inzamelen en verwerken van afval, wordt door Buha bv uitgevoerd. Bedrijven die gebruik maakten van de diensten van Buha bv betaalden in 2023 een vast bedrag van € 399,60 inclusief btw voor reinigingsrechten. Ook hierbij is sprake van 100% dekking. (Bedragen x € 1.000) Taakveld
Afvalstoffenheffing Lasten
7.3 Afval
6.739 Opbrengsten belastingen
BCF
1.386 Overige opbrengsten
6.3 Kwijtschelding Subtotaal dotatie aan voorz Totaal (Bedragen x € 1.000) Taakveld
Baten
Dekking
8.794 88
599 Voorziening afval 8.724
8.882
102%
8.882
100%
157 8.881 Reinigingsrechten Lasten
Baten
7.3 Afval
180 Opbrengsten belastingen
180
Totaal
180
180
Dekking 100%
Rioolheffing De gemeente kan uit de rioolheffing naast de zorg voor het riool ook voorzieningen bekostigen die het mogelijk maken in te spelen op de zorg voor het hemel- en grondwater binnen de gemeente. Op 14 april 2016 is het Gemeentelijk Rioleringsplan Doetinchem 2016 – 2020 vastgesteld. Dit GRP (2016 – 2020) is in 2023 – net als in 2021 en 2022 – met één jaar verlengd (2016 – 2023). Het beleid en de investeringsplanning rondom riolering, water en klimaatadaptie wordt met ingang van 2024 opgenomen binnen de Omgevingsvisie en plannen.
58
Het beheer en onderhoud van de riolering wordt eveneens uitgevoerd en ingekocht bij Buha bv. In het huidige GRP is bepaald dat het tarief, naast de algemene prijsverhoging, extra moet stijgen de komende jaren (met circa 2%). Dit doen we om nu en in de toekomst 100% kostendekkend te werken. Het beheer en onderhoud van de riolering wordt eveneens uitgevoerd en ingekocht bij Buha bv. Met de vernieuwde BBV is het vanaf de begroting 2018 verplicht om de omslagrente toe te rekenen aan onze taakvelden. Uitzondering hierop zijn de projectfinancieringen en de GREX. Voor nadere info wordt u verwezen naar de paragraaf financiering. Voor de investering riolering hanteren we een ander rentepercentage dan ons omslagrentepercentage. Dit wordt gedaan, gelet op de lange looptijden met een langdurige financiering. Deze vergoeding is voor 2023 berekend op 2,9% en is gebaseerd op het historisch gemiddeld rentetarief voor leningen met een looptijd van 20 jaar. Ten opzichte van 2022 is dit een daling van 0,22 %. Door de positieve ontwikkeling van de voorziening ten opzichte van het vastgestelde GRP 2016-2022, was het niet nodig om een extra tariefsverhoging door te voeren. Om de voorziening de komende jaren op peil te houden wordt het tarief alleen geïndexeerd met 3,0%. Het tarief voor de rioolheffing in 2023 bedroeg € 230,16 per object. (Bedragen x € 1.000) Taakveld 7.2 Riolering
Rioolheffing Lasten
Baten
4.558 Opbrengsten belastingen
BCF
672
Rente
477
6.3 Kwijtschelding subtotaal dotatie voorziening totaal
Dekking
6.452
384 6.091
6.452
105%
6.452
100%
361 6.452
Retributies Retributies worden geheven als de gemeente een specifieke dienst verleent. De belangrijkste retributies zijn het marktgeld en de leges. Marktgeld Ondernemers die een standplaats op de markt innemen moeten hiervoor marktgeld betalen. De tarieven zijn marktconform en in overeenstemming met de tarieven uit regiogemeenten. De tabel met een cijfermatig overzicht van de baten en de lasten leest u verderop. (Bedragen x € 1.000) Taakveld 3.3 Warenmarkt 0.4 Overhead Totaal
Marktgelden Lasten
Taakveld 154 3.3 Warenmarkt
Baten
Dekking
134
2 156
134
86%
Leges De leges zijn belastingen die de gemeente kan heffen voor het verstrekken van diensten. Uitgangspunt bij het vaststellen van de legestarieven is maximaal 100 % kostendekkendheid. Er mag geen winst worden gemaakt. Kruissubsidiëring in de legesverordening is wel toegestaan. Onder kruissubsidiëring wordt verstaan: het hoger vaststellen van tarieven van leges voor sommige diensten om daarmee de tarieven voor andere diensten laag te kunnen houden. Voor bouwwerken met een lage bouwsom brengen we bijvoorbeeld een tarief in rekening dat niet kostendekkend is. Dit compenseren we met een overdekking bij de grote projecten met een hoge bouwsom. Onder de tabel "Marktgeld" vindt u de legestabel. Hieruit blijkt dat er inderdaad geen winst wordt gemaakt op de leges. Naar aanleiding van de bevindingen van het
59
rekenkameronderzoek, wordt in het laatste overzicht aansluiting gemaakt met de totalen op de taakvelden. Titel/Hoofdstuk Onderwerp
Taakveld
(bedragen x 1.000) Titel 1
Lasten (incl. rente)
Overhead Lasten Baten Dekking totaal
Algemene dienstverlening 1 Burgerlijke stand
0.2 Burgerzaken
128
38
166
105
2 Reisdocument
0.2 Burgerzaken
298
63
361
321
89%
3 Rijbewijzen
0.2 Burgerzaken
154
42
196
219
112%
4 Verstrekkingen uit basisregistratie personen
0.2 Burgerzaken
46
15
61
60
98%
5 Verstrekkingen uit het kiezers- 0.2 Burgerzaken register
-
-
-
-
0%
6 Verstrekkingen op grond van Wet bescherming persoonsgegevens
-
-
-
-
0%
-
-
-
2
100%
0.2 Burgerzaken
7 Bestuursstukken, kinderopvang 0.4 Overhead en 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie 8 Vastgoedinformatie
0.2 Burgerzaken
9 t/m 19 Diversen
-
-
-
-
0.2 Burgerzaken en 2.2 Parkeren
80
9
89
91
102%
706
167
873
798
91%
8.3 Wonen en bouwen
1.485
627
2.112
1.485
627
2.112
27
12
39
33
85%
33
85%
Subtotaal Titel 1 Titel 2
Omgevingsvergunning Subtotaal Titel 2
Titel 3
Dienstverlening vallend onder Europese Dienstenrichtlijn
63%
1.2 Openbare orde en veiligheid
Subtotaal Titel 3 Totaal
27
12
39
2.218
806
3.024
1.979 1.979
2.810
94% 94%
93%
De ontwikkeling van de tarieven in 2023 De belangrijkste tarieven voor 2023 (in vergelijking met het tarief 2022) zien er als volgt uit: Belastingsoort
Tarief 2023
Tarief 2022
OZB voor woningen Tarief eigenaar per WOZ-waarde
0,0955%
0,1098%
Tarief eigenaar per WOZ-waarde
0,2814%
0,2721%
Tarief gebruiker per WOZ-waarde
0,2523%
0,2551%
Éénpersoonshuishouden
244,80
238,80
Meerpersoonshuishouden
278,40
270,36
Lediging per keer 240 L
10,00
10,00
Lediging per keer 140 L
5,00
5,00
Inwerptrommel per keer 60 L
2,00
2,00
Inwerptrommel per keer 30 L
1,00
1,00
Extra emmer groen voor gft-afval
39,60
38,64
Extra emmer grijs voor restafval
151,20
147,96
Extra emmer blauw voor papier
39,60
38,64
Extra emmer oranje voor plasticafval
39,60
38,64
Per object
230,16
223,44
1 Hond
n.v.t.
26,16
2 Honden
n.v.t.
65,40
OZB voor niet-woningen
Afvalstoffenheffing
Rioolheffing Hondenbelasting
60
Lokale lastendruk Onderstaand overzicht geeft de berekende belastingdruk voor Doetinchem in 2023. Het gaat hierbij om de onroerendezaakbelasting, afvalstoffenheffing en rioolheffing, de zogenaamde gemeentelijke woonlasten. De volgende uitgangspunten golden bij de berekening van de belastingdruk van 2023: • Gemiddelde woningwaarde van € 300.000; • Één- en meerpersoonshuishoudens. De belastingdruk voor een bewoner die ook eigenaar is, ziet er in 2023 als volgt uit: Soort huishouden
OZB
Afval vast
Afval variabel
Riool
Verlaging belasting
Belastingdruk 2023
Belastingdruk 2022
Eenpersoonshuishouden
286,50
244,80
15,00 230,16
-100,00
676,46
758,33
Meerpersoonshuishouden 286,50
278,40
50,00 230,16
-100,00
745,06
824,89
Voor 2023 hebben alle gebruikers van belastingobjecten (huishoudens en bedrijven) een éénmalige belastingverlaging van € 100 ontvangen. De verlaging is in mindering gebracht op het totale aanslagbedrag. Het kwijtscheldingsbeleid In de belastingverordeningen is geregeld dat kwijtschelding van de gemeentelijke belastingen verleend kan worden voor de afvalstoffenheffing, rioolheffing en OZB. Kwijtschelding wordt verleend op basis van de Rijksnormen. De kwijtscheldingsnorm is 100% van de bijstandsnorm. We hebben dit vastgelegd in de Uitvoeringsagenda Armoedebeleid & Schulddienstverlening 2022 – 2024. In onderstaand overzicht wordt inzicht gegeven in de begrote en benutting van de kwijtscheldingsbudgetten. Soort kwijtschelding
Primitieve begroting 2023
Begroting ná wijziging 2023
Realisatie 2023
(bedragen x € 1.000) Afvalstoffenheffing
567
567
598
Rioolheffing
456
456
384
-
-
2
1.023
1.023
984
OZB Totale kwijtschelding
De opbrengsten van de gemeentelijke belastingen Het beleid ten aanzien van de gemeentelijke belastingen heeft geleid tot onderstaande belastingopbrengsten voor 2023. De gerealiseerde belastingopbrengsten hebben we vergeleken met de begrote opbrengsten.
61
Belastingsoort
Primitieve begroting 2023
Begroting ná wijziging 2023
Ozb - woningen
7.807
7.841
7.816
Ozb - niet woningen gebruikers
2.719
2.775
2.847
Ozb - niet woningen eigenaren
3.480
3.489
3.450
Heffingskorting
-2.800
-2.800
-2.837
(bedragen x € 1.000)
Realisatie 2023
Toeristenbelasting
90
90
83
Belasting bedrijven investeringszone (BIZ)
202
202
174
Hondenbelasting
-
-
-
Reclamebelasting
374
374
420
Precariobelasting
115
115
108
Parkeerbelastingen
3.354
3.067
3.211
Totaal Algemene dekkingsmiddelen
15.341
15.153
15.272
Afvalstoffenheffing
8.435
8.435
8.504
Rioolrecht
6.375
6.375
6.452
Hondenbelasting
-
-
-
Reinigingsrechten
172
172
180
Leges - Titel I Algemene dienstverlening
763
763
798
Leges - Titel II Omgevingsvergunningen
1.891
1.891
1.979
88
88
33
33.065
32.877
33.218
Leges - Titel III Dienstverlening vallend onder Europese richtlijnen Totale belastingopbrengsten
62
2.2 Weerstandsvermogen en risicobeheersing In deze paragraaf informeren we u over de wijze waarop we in 2023 ons risicomanagement door middel van risicogestuurd werken hebben uitgevoerd. Risicogestuurd werken is onderdeel van de reguliere werkprocessen in de organisatie. De informatie erover gebeurt via college- en raadsvoorstellen en in de documenten van de planning- en controlcyclus. Wat hebben we in 2023 gedaan aan risicogestuurd werken? Veel onderwerpen hadden in 2023 bijzondere aandacht. We zijn de coronacrisis voorbij, maar leven nog steeds in een instabiele tijd. Zo ervaren inwoners nog dagelijks de gevolgen van de klimaat-, energie- en vluchtelingencrisis. Ook de oorlog in Oekraïne had (en heeft) een enorme impact op ons dagelijks leven. In het vervolg van deze paragraaf informeren we u over deze onderwerpen. Het is van belang om inzicht te hebben in de financiële positie (hoe financieel gezond is de gemeente) en de financiële continuïteit (welke mogelijkheden zijn er financieel). Met andere woorden hoe financieel stevig is de gemeente Doetinchem? Het weerstandsvermogen geeft de verhouding weer tussen onze weerstandscapaciteit en de financiële risico's.
De financiële positie van Doetinchem wordt met een vijftal financiële kengetallen (schuldquote, solvabiliteit, kengetal grondexploitatie, structurele exploitatieruimte en belastingcapaciteit: woonlasten als een percentage van het landelijke gemiddelde) in samenhang met het weerstandsvermogen in beeld gebracht en beoordeeld. Financiële positie De financiële positie is het vermogen van de gemeente in relatie tot de exploitatie en met in achtneming van de risico's. De financiële positie is een breder begrip dan het vermogen, dat kan worden afgeleid van de balans, maar is ook een breder begrip dan het weerstandsvermogen. Het weerstandsvermogen richt zich op de mogelijkheden tot het opvangen van onverwachte tegenvallers, terwijl de financiële positie ook betrekking heeft op de reguliere exploitatie. Over het jaar 2023 is een positief saldo van inkomsten en uitgaven gerealiseerd en bedraagt het voordelig resultaat € 2.304.000 na resultaatbestemming. Het financieel voordelig jaarresultaat heeft positief doorgewerkt op meerdere niveaus van stevigheid aan de hand waarvan is te beoordelen hoe de gemeente er voor staat. • Vanaf de begroting 2023 werden tot en met de begroting 2025 ruim sluitende jaarschijven gepresenteerd.
De ontwikkelingen van de septembercirculaire 2022, waarin het kabinet in aanloop naar de nieuwe financieringssystematiek in 2026 eenmalig landelijk extra een miljard ter beschikking heeft gesteld, maakte dat de jaarschijf 2026 in een volgende begroting ook sluitend kon worden gemaakt. De begroting was hierdoor voldoende stevig. In de realisatie over 2023 zijn de baten hoger dan de lasten, wat resulteert in een voordelig jaarrekeningresultaat. • Bij het opstellen van de begroting werd voor 2023 uitgegaan van een weerstandsfactor van 1,89. De weerstandsfactor bij de jaarrekening bedraagt per 1 januari 2024 1,94. De iets hogere weerstandsfactor ten opzichte van de begroting is ontstaan doordat de risico’s vanaf de begroting 2024 zijn toegenomen, echter de beschikbare weerstandscapaciteit ook. Per saldo resulteert dit in een stijging van de ratio met 0,05. • De robuustheid van de balans: Hierbij gaat het onder andere om de omvang van de schulden van de gemeente (netto schuldquote) en de verhouding tussen eigen en vreemd vermogen (solvabiliteit). De financiële kengetallen hebben zich in 2023 in positieve richting ontwikkeld. Met name de solvabiliteit is hoger dan voorgaande jaren. Dit is het gevolg van meerdere incidentele meevallers die leiden tot een hogere algemene reserve. De uitkomsten van de financiële kengetallen worden verderop in deze paragraaf toegelicht
63
Samenvattend is te zeggen dat de financiële positie van de gemeente in 2023 steviger is geworden op basis van het hierboven geschetste beeld. De financiële positie is 'op orde' en toereikend om de risico's op te vangen. Risicogestuurd werken in 2023: wat werd verwacht en wat is gebeurd? In deze jaarstukken evalueren we in hoeverre de in de begroting 2023 opgenomen risico's zich hebben gemanifesteerd en welke onverwachte risico's realiteit zijn geworden. Dat verantwoorden we in het betreffende programma waarop het risico betrekking heeft, deze paragraaf en/of bij de analyse van het jaarrekeningresultaat 2023. We beperken ons tot de gebeurtenissen met de grootste impact. Toelichting op de ontwikkeling van de risico's in 2023 In de begroting 2023 waren onderstaande risico's beschreven. We schetsen de belangrijkste ontwikkelingen in 2023 bij deze risico's 1. Sociaal domein - structureel Binnen het sociaal domein zijn er veel factoren, die grote invloed kunnen hebben op de ontwikkeling van de zorgvraag en daarmee de uitnutting van het budget. In de begroting 2023 constateerden we nog dat van een structureel tekort geen sprake was, ondanks de jaarlijks fluctuaties ten aanzien van het BUIG budget, Jeugdhulp, Wmo en Beschermd Wonen. In het voorjaar van 2023 werden we echter geconfronteerd met een aanzienlijke stijging van prijsontwikkelingen voor de gecontracteerde jeugdhulp en Wmo.
De cumulatie van lonen en prijzen bij de aanbieders, de intensiteit en de duur van inzet van de hulp en ondersteuning hadden een grote impact. De financiële gevolgen hebben structureel een impact die het in de begroting opgenomen risico van € 5 miljoen overtreft. In reactie hierop zijn direct maatregelen getroffen die naar de toekomst toe moeten leiden tot het volledig ondervangen van het verwachte tekort van € 6,2 miljoen. Er zijn nog steeds onzekerheden over de financiële vertaling van de Hervormingsagenda jeugd, en de Rijksbijdrage voor de jeugdhulp. De risico's voor beschermd wonen en op de BUIG-budgetten blijven ook onverkort van toepassing. In dat licht is in de begroting 2024 het risico verhoogd tot € 6 miljoen. Het realiseren van de beheersmaatregelen Wmo/Jeugdhulp vraagt serieuze bijsturing en kent daarmee onzekerheden. De bijstellingen van de begroting in de tweede bestuurlijke monitor 2023 hebben er toe geleid dat er bij de jaarstukken geringe afwijkingen zijn ontstaan, in relatie tot de financiële omvang van het sociaal domein. Voor een toelichting wordt verwezen naar het resultaat op het sociaal domein in de jaarrekening. 2. Verbonden partijen Op grond van de BBV wordt de lijst van verbonden partijen onderverdeeld in: gemeenschappelijke regelingen, vennootschappen en coöperaties, stichtingen en verenigingen en overige verbonden partijen.
In de paragraaf verbonden partijen is een nadere toelichting per verbonden partij opgenomen. Een aantal verbonden partijen zien financiële uitdagingen door inflatie (met name op energie-, brandstof en overige kosten ), waarbij de verwachting is dat deze prijsontwikkeling zich in 2024 verder voortzet. 3. Ontwikkellocaties: grondexploitaties en gebiedsontwikkelingsprojecten In de paragraaf grondbeleid van deze jaarstukken en het MPO 2024 wordt u uitgebreid geïnformeerd over de resultaten en ontwikkelingen van de grondexploitaties en gebiedsontwikkelingen. Een aantal projecten zit in de eindfase, waardoor de risico's steeds verder afnemen. Overall gezien is het totale risico op alle grondexploitaties gezamenlijk met ongeveer 50% afgenomen ten opzichte van vorig jaar. Het MPO wordt gelijktijdig met de jaarstukken 2023 aan uw raad voorgelegd. De resultaten 2023 uit het MPO zijn in het rekeningresultaat van deze jaarstukken verwerkt.
64
4. Garanties en leningen De gemeente staat vanuit het verleden garant voor betaling van rente en aflossing van diverse geldleningen. Het totale saldo van de garantieportefeuille is per eind 2023 € 247 miljoen. De waarborgen en garanties zijn onder te verdelen in drie categorieën: 1. Leningen die geborgd zijn door het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW) en de Nationale Hypotheek Garantie (NHG). Voor deze leningen is de gemeente Doetinchem achtervang. Hoewel deze leningen in omvang het grootste deel van de garantieportefeuille beslaan (saldo 2023 € 239 miljoen), hebben deze een laag risicoprofiel. Wanneer het daadwerkelijk komt tot een aanspraak op deze achtervang, dan heeft deze door het borgstelsel van de WSW een geringe financiële impact voor de gemeente Doetinchem. 2. Voor geldleningen die geborgd zijn door de Stichting Waarborgfonds Sport (SWS) staat de gemeente voor de helft van het bedrag garant. Het saldo hiervan bedroeg in 2023 € 4 miljoen. 3. Daarnaast zijn er ook leningen waarvoor de gemeente Doetinchem 100% garant staat. Dit saldo was in 2023 € 4 miljoen. Naast de garantieportefeuille heeft de gemeente Doetinchem ook een aantal geldleningen verstrekt. Het saldo van de verstrekte leningen in 2023 bedroeg € 11 miljoen.
Jaarlijks wordt bij het opstellen van de begroting gerapporteerd over de garanties en leningen en van alle afzonderlijke garanties en leningen een risicoafweging gemaakt. Op basis van het risicoprofiel van de garanties en leningen wordt de benodigde weerstandscapaciteit bepaald. In 2023 zijn er géén aanspraken op garanties of borgstellingen van de gemeente Doetinchem geweest. 5. Belastbaarheid leningen In de begroting 2023 beschreven we dat de rechtbank Gelderland een uitspraak heeft gedaan over de belastbaarheid van personeelshypotheken voor de Vpb. Het gaat hier voornamelijk om de vraag of er al dan niet sprake is van zgn. ‘normaal vermogensbeheer’. Als dat het geval is, is er geen sprake van een onderneming voor de Vpb en dus geen belastingplicht. Naar onze mening is dit met betrekking tot het verstrekken van personeelshypotheken, maar ook bij het verstrekken van andere leningen niet het geval. Immers, wij zetten geen extra arbeid in om uit deze activiteiten meer rendement te kunnen halen. Zouden wij dat wel doen, dan is er geen sprake meer van normaal vermogensbeheer. Nog steeds wachten we de uitspraken van overige rechtbanken af en (naar verwachting) de uitspraken in hoger beroep. Daarmee is de situatie onveranderd gebleven. 6. Rentestijgingen In 2023 was in de eerste helft van het jaar nog sprake van een licht oplopende rente.
Door afnemende inflatiezorgen keerde het sentiment en was er in het laatste kwartaal sprake van een dalende rente. De rentestijging in 2023 had maar een beperkte invloed op ons jaarrekeningresultaat, omdat we uiteindelijk minder hoefden te lenen onder andere doordat we investeringen konden financieren met vooruit ontvangen subsidies. 7. Subsidies van derden Als gemeente zijn we voortdurend op zoek naar subsidiemogelijkheden bij de provincie, landelijke overheid of de Europese Unie. Vaak gaat de subsidie gepaard met cofinanciering van de gemeente. Subsidieverleners stellen een controleprotocol op waarin afspraken met ons als subsidieontvanger worden vastgelegd. We sturen op maatregelen om de inhoudelijke en procedurele afspraken na te komen. Als we niet aan de voorwaarden voldoen moeten we de subsidies terugbetalen. In 2023 is dit nauwelijks het geval geweest.
65
8. Gemeentefonds: reguliere risico's De ontwikkelingen van het gemeentefonds worden verantwoord in het programma Organisatie en financiën. De afwijkingen in de algemene uitkering worden daar nader toegelicht. De afwijkingen als gevolg van de meicirculaire 2023 zijn verwerkt in de 2e bestuurlijke monitor 2023. De afwijkingen 2023 uit de september circulaire in de eindwijziging en de afwijkingen decembercirculaire 2023 zijn in deze jaarrekening 2023 verantwoord. 9. Algemene basis algemene reserve onvoorziene risico's Niet alle risico's kunnen worden voorzien of met ramingen worden onderbouwd. We houden voor dergelijke risico's een basisreserve aan in onze algemene reserve voor onvoorziene risico's van twee miljoen. Uit deze algemene basis dekken we ook de risico's voor kapitaallasten en lopende procedures als specifieke risico's. Kapitaallasten Bij de kapitaallasten hebben zich in 2023 geen risico's voorgedaan. In de tweede bestuurlijke monitor er een voordeel genomen op de investeringslasten van per saldo € 500.000. Dit was de resultante van investeringen die een langere doorlooptijd hebben dan financieel begroot. Als gevolg hiervan wordt later begonnen met afschrijven en vallen de hiervoor begrote lasten vrij. In deze jaarrekening kunnen we aanvullend een voordeel melden ten gunste van de algemene reserve van €456.000.
Handhavingstraject Voltastraat 86a Ten aanzien van het dossier Voltastraat 86a blijven er financiële risico's bestaan voor de gemeente Doetinchem. Inmiddels zijn de PFAS houdende vloeistoffen afgevoerd, de silo's verwijderd en het terrein waarop de IBC's en silo's stonden leeg opgeleverd. De volgende fase is het saneren van de bodem en het grondwater. Dit zal een duur en langlopend traject worden. Ondanks de mogelijkheid tot het aanvragen en inzetten van een SPUKsubsidie en onze insteek de kosten zoveel als mogelijk te verhalen blijft de kans groot dat de gemeente een deel van deze saneringskosten voor haar rekening zal moeten nemen. Verzekeren In 2023 is de dienstverleningsovereenkomst met onze verzekeringsmakelaar uitgebreid, waardoor deze nu integraal het formele aanspreekpunt is geworden. Dit zorgt voor beter overzicht en meer efficiency in de processen rond verzekeren. Ook is op deze wijze het risicobeheer meer integraal geborgd. In de dienstverleningsovereenkomst is ook afgesproken dat er een nulmeting op onze verzekeringsportefeuille gaat plaatsvinden. In 2024 worden de mogelijkheden hiertoe verder onderzocht. Daarnaast zal in 2024 de opstal-/brandverzekering opnieuw aanbesteed worden. De gemeente Doetinchem kiest ervoor om in 2024 haar panden en objecten door een onafhankelijke partij te laten taxeren tegen herbouwwaarde.
De grootste risico's op onderverzekering wat betreft opstal worden hiermee uitgesloten. 10. Loon- en prijsontwikkelingen In de begroting 2023 was in een stelpost nominale ontwikkelingen rekening gehouden met hogere energiekosten, loonkosten van Buha en de stijgende contracten en bestekken bij Buha. Buha heeft als gevolg van deze ontwikkelingen aanspraak moeten maken op deze stelpost. 11. Databeveiliging We werken continu aan de digitale veiligheid van onze gemeente. Dit doen we op basis van de eisen en maatregelen uit de AVG (Algemene verordening gegevensbescherming) en de BIO (Baseline Informatiebeveiliging Overheid). De onderkende risicovolle gebeurtenissen hebben zich in 2023 niet voorgedaan. Het is een structureel risico dat continu speelt in onze organisatie. We kunnen het risico beperken door maatregelen te nemen. Maar we kunnen de risicovolle gebeurtenissen niet altijd voorkomen.
66
12. Onvolledige compensatie door het Rijk voor de opvang van vluchtelingen Het rijk heeft ons zowel voor zowel de crisisnoodopvang als de opvang van de Oekraïners volledig gecompenseerd. 13. Leges derving agv implementatie Omgevingswet vanaf 2023 Per 1 januari 2024 is de Omgevingswet in werking getreden. Dit risico heeft zich daardoor niet voorgedaan. Net als vorig jaar zien we op de omgevingsvergunningen een positief resultaat. Een deel van dit resultaat hebben toegevoegd aan de bestemmingsreserve omgevingsvergunningen om dit toekomstige risico gedeeltelijk te kunnen afdekken. 14. Risico's i.v.m. landelijke, regionale en plaatselijke beleidsontwikkelingen In de begroting 2024 zien we als een nieuw risico dat met name specialistische functies steeds moeilijker ingevuld kunnen worden. Dit risico heeft zich uiteindelijk in deze jaarrekening ook gemanifesteerd, doordat we op personele kosten middelen overhouden. Relevante gebeurtenissen na 2023 Op dit moment zijn er geen gebeurtenissen geweest met een direct effect op de paragraaf weerstandsvermogen. Wel is in 2023 het kabinet gevallen en zijn er landelijke verkiezingen geweest. Op dit moment is er een regeerakkoord gesloten door de PVV, VVD, NSC en BBB. Met dit akkoord moet het aanstaande, rechtse kabinet aan de slag.
We kunnen op dit moment nog niet duiden wat de eventuele consequenties hiervan zijn op de gemeentelijke financiën. Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen geeft de verhouding weer tussen onze weerstandscapaciteit (algemene reserve en de stelpost onvoorziene uitgaven) en de financiële risico's. Die verhouding drukken we uit in de ratio van ons weerstandsvermogen. Sinds de begroting 2022 geldt dat de ondernorm van de ratio bepaald is op 1,0 en de bovennorm op 1,5. In de begroting 2023 werd geconstateerd bij confrontatie tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de berekende benodigde weerstandscapaciteit, dat de gemeente Doetinchem in 2023 met een weerstandsratio van 1,89 over voldoende weerstandsvermogen zou beschikken. In de volgende tabel treft u het bij de begroting 2024 geïnventariseerde risicoprofiel aan, geactualiseerd op basis van het MPO. Nr
Risico's
2024
2025
2026
2027
1 Sociaal domein (inclusief BUIG)
6.000
6.000
6.000
6.000
2 Verbonden partijen (GR's en BV's gD)
1.500
1.500
1.500
1.500
3 Ontwikkellocaties (grexen en gebiedsontwikkelingen)
1.000
1.000
1.000
1.000
4 Garanties & leningen
720
720
720
720
5 Belastbaarheid leningen
50
50
50
50
6 Rentestijgingen
500
500
500
500
Bedragen x € 1.000,-
7 Subsidies van derden
250
250
250
250
8 Gemeentefonds: reguliere risico's
2.000
2.000
2.000
2.000
9 Algemene basis AR onvoorziene risico's, w.o. kapitaallasten, lopende procedures
2.000
2.000
2.000
2.000
10 Loon- prijsontwikkelingen
4.000
4.000
4.000
4.000
11 Data-beveiliging
1.000
1.000
1.000
1.000
12 Onvolledige compensatie door het Rijk voor de opvang van vluchtelingen
1.000
1.000
1.000
1.000
500
500
500
500
2.000
2.000
2.000
2.000
13 Leges derving a.g.v. implementatie omgevingswet 14 Risico's i.v.m. landelijke en regionale beleidsontwikkelingen Totaal gekwantificeerde risico's
22.520 22.520 22.520 22.520
De weerstandscapaciteit per 1-1-2024 verbetert door de toevoeging van het resultaat van € 2.304.000 aan de algemene reserve.
67
Weerstandscapaciteit
2024
2025
2026
2027
43.648
43.728
43.808
43.888
80
80
80
80
43.728
43.808
43.888
43.968
Bedragen x € 1.000 Algemene reserve per 1-1 incl. jaarrekeningresultaat 2023 Stelpost incidentele onvoorziene uitgaven Totale beschikbare weerstandscapaciteit
Wanneer we de omvang van risico's afzetten tegen de beschikbare weerstandscapaciteit, dan blijkt dat onze weerstandscapaciteit ten opzichte van de begroting 2023 in de komende jaren verbeterd. Bij de begroting 2025 wordt deze opnieuw berekend. Verhouding gewenst versus beschikbaar weerstandsvermogen
2024
2025
2026
2027
Bedragen x € 1.000 Totaal gekwantificeerde risico's per 1-1
22.520 22.520 22.520 22.520
Totale beschikbare weerstandscapaciteit per 1-1
43.728 43.808 43.888 43.968
Ratio weerstandsvermogen
1,94
1,95
1,95
1,95
Financiële kengetallen De vijf financiële kengetallen zijn vastgesteld in het BBV. De berekeningswijze is vastgelegd in een ministeriële regeling. Omdat de rente en schulden van verstrekte leningen en grondvoorraden niet drukken op onze begroting hebben we aan de verplichte kengetallen het kengetal 'netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen' (1a) en het kengetal 'solvabiliteitsratio exclusief verstrekte leningen en grondvoorraden' (2a) toegevoegd. Hieronder leest u een overzicht van de financiële kengetallen. Vervolgens geven we een toelichting bij ieder kengetal. Financiële kengetallen
Primitieve begroting 2023
Realisatie 2023
Realisatie 2022
1. Netto schuldquote
76%
49%
56%
1a. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
68%
43%
51%
2. Solvabiliteitsratio
22%
32%
30%
2a. Solvabiliteitsratio exclusief verstrekte leningen en grondvoorraden
26%
40%
36%
3. Kengetal grondexploitatie
9%
15%
13%
4. Structurele exploitatieruimte
8%
1%
10%
5. Belastingcapaciteit: woonlasten als % van landelijk gemiddelde
91%
79%
91%
Toelichting op de financiële kengetallen De vijf kengetallen zijn vastgelegd in het BBV. De berekeningswijze is vastgelegd in een ministeriële regeling. Twee belangrijke factoren nuanceren het beeld. Ten eerste kan een grote portefeuille uitgeleende gelden aan derden en aan verbonden partijen het beeld vertekenen. Ten tweede kunnen grote voorraden bouwgrond (inclusief bouwgrond in exploitatie) het beeld vertekenen. Bij de uitgeleende gelden wordt de rente doorberekend. Met de ontvangen aflossing van het uitgeleende geld wordt onze schuld afgelost. Bij de voorraden bouwgrond wordt onder normale condities de rente van de financiering voor de aankoop bijgeschreven bij de voorraad. De rente drukt zodoende niet op de exploitatie. Bij de verkoop van de kavels worden de rentekosten van deze schulden goed gemaakt. Ook worden met de verkoopopbrengsten de leningen afgelost. Netto schuldquote Bij de netto schuldquote worden alle schulden, verminderd met geldelijk bezit, afgezet tegen alle inkomsten minus de reserve mutaties. De omvang van de inkomsten bepaalt in belangrijke mate hoeveel schulden een gemeente kan dragen. Een lagere netto schuld in combinatie met een hogere inkomsten zorgt voor een lagere schuldquote ten opzichte van de begroting. In 2023 hoefden we minder te lenen dan begroot.
68
Enerzijds doordat de kredieten nog niet volledig zijn uitgegeven en anderzijds doordat we geld hebben overgehouden in onze begroting. Hierdoor hoefde er minder geleend te worden. De hogere inkomsten ontstaan onder andere door verkoop gronden en ontvangen subsidies of uitkeringen. Een deel van onze schuld zijn we aangegaan om deze vervolgens door te lenen. Daarom wordt ook de netto schuldquote berekend gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen. De Provincie Gelderland geeft de volgende norm: zodra de netto schuldquote boven 130% is, is sprake van een zeer hoge schuld. Is de quote hoger dan 100%, dan is waakzaamheid geboden. Tot 100% is deze voldoende. Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio is het eigen vermogen afgezet tegen het balanstotaal (eigen- en vreemd vermogen samen). Het cijfer geeft weer in hoeverre gemeentelijke bezittingen zijn betaald met eigen middelen. Wanneer we het balanstotaal zouden verlagen door grondverkopen en/of door aflossingen van verstrekte leningen waarmee onze schulden kunnen worden afgelost, dan wijzigt de solvabiliteitsratio. De Provincie Gelderland acht een solvabiliteit lager dan 20% risicovol, tussen 20% en 50% voldoende en boven 50% minst risicovol. Kengetal grondexploitaties Het kengetal grondexploitatie geeft aan hoe groot de boekwaarde van de grondpositie is ten opzichte van de jaarlijkse baten van de gehele gemeentebegroting.
Gemeenten met gronden met een lage boekwaarde lopen minder risico dan gemeenten met een hoge boekwaarde. De Provincie Gelderland stelt geen norm voor dit kengetal. Alleen de boekwaarde afgezet tegen de totale baten zegt immers weinig. Om te kunnen beoordelen of een gemeente goed scoort met haar grondbedrijf, moeten ook afzetprognoses en getroffen voorzieningen beoordeeld worden. Wij doen de beoordeling en bijstelling jaarlijks via het Meerjarenperspectief Ontwikkellocaties (MPO) en onze accountant beoordeelt deze vanuit zijn verantwoordelijkheid. Structurele exploitatieruimte Dit kengetal geeft aan hoe groot de structurele vrije ruimte binnen de begroting is. Ook geeft het aan of de gemeente in staat is om structurele tegenvallers op te vangen en/of er ruimte is voor nieuw beleid. Voor de berekening zoals die nu is voorgeschreven moeten we het saldo van structurele baten en lasten delen door de totale baten minus de onttrekking aan de reserves. Het kengetal moet hierdoor minimaal groter dan 0 zijn, anders duidt dit op een tekort in de structurele ruimte. Belastingcapaciteit: woonlasten als percentage van het landelijk gemiddelde Bij dit kengetal worden de Doetinchemse woonlasten van een gezin bij gemiddelde WOZwaarde afgezet tegen het landelijk gemiddelde tarief van het jaar vóór het begrotingsjaar. Het gaat om de woonlasten: OZB, rioolheffing en afvalstoffenheffing.
Aanpassingen van deze belastingen beïnvloeden het percentage van de belastingcapaciteit. Is het kengetal lager dan 100%, dan zijn de woonlasten in Doetinchem lager dan gemiddeld in Nederland. In 2023 is het percentage lager in verband met de eenmalige belastingverlaging van € 100. Zonder belastingverlaging bedraagt het percentage 90%.
69
2.3 Onderhoud kapitaalgoederen Inleiding Buha is de verbonden uitvoeringsorganisatie van de gemeente Doetinchem als het gaat om het beheer en onderhoud van de openbare ruimte. Op basis van de gemaakte afspraken tussen opdrachtgever gemeente Doetinchem en opdrachtnemer Buha BV (OGON) worden de kapitaalgoederen onderhouden volgens de samenwerkingsovereenkomst en bijhorende dienstenkaarten. Waar gaat deze paragraaf over? Kapitaalgoederen zijn goederen waarvoor investeringen nodig zijn. Het gaat om zaken die regelmatig onderhoud vergen, zoals wegen, gebouwen, groen, riolering en watervoorziening. Het onderhouden van kapitaalgoederen is van groot belang voor het zo optimaal mogelijk functioneren van de gemeente, onder meer op het gebied van leefbaarheid, veiligheid, vervoer en recreatie. Overzicht beheerplannen voor begrotingsjaar 2023 Door college/raad vastgesteld in
Looptijd t/m
Wegen
Beheerplannen
2021
2031
Riolering
2022
2025
Groen
2017
2027
Gebouwen/accommodaties
2023
2032
Civieltechnische kunstwerken
2023
2032
Openbare verlichting
2022
2027
Kapitaalgoed wegen Te onderhouden kapitaalgoederen De omvang van het gemeentelijke wegennet bedraagt ongeveer 3.900.000 m2 verharding. • 54% uit elementenverharding (klinkers en tegels) • 41% uit asfaltverharding • 1% uit cementbeton • 4% uit overige toplagen zoals puin- en zandwegen Het beleidskader • Wegenbeleidsplan 2021-2031 • Amendement onderhoudsniveau elementenverharding 2022 • Mobiliteitsvisie 2016-2026 • Uitvoeringsprogramma mobiliteit • Nota verkeerslichten 2013 • Beheerplan Verkeersregelinstallaties 2022-2027 • Wegcategoriseringsplan 2009 • Richtlijnen, normen en instrumenten voor het wegontwerp van het Centrum voor Regelgeving en Onderzoek in de Grond- water- en Wegenbouw en de Verkeerstechniek (CROW) De leidraad voor onderhoud van de wegen is de systematiek voor rationeel wegbeheer van het Centrum voor Regelgeving en Onderzoek in de Grond- water en Wegenbouw en de Verkeerstechniek (CROW). Jaarlijks houden we een weginspectie en wordt een meerjarig beheer- en onderhoudsplan opgesteld. In het beheerplan wegen wordt jaarlijks aangegeven welk onderhoud uitgevoerd is, wat de kwaliteit is van het wegennet en welke onderhoudsmaatregelen met bijbehorende financiën de komende jaren uitgevoerd worden. Het nieuwe beleidsplan Wegen is in 2021 aan het college van burgemeester en wethouders en de raad voorgelegd en vastgesteld.
70
Daarnaast is er een amendement aangenomen om ook de elementenverharding op het kwaliteitsniveau basis te onderhouden. Door het toegekende extra budget is de verwachting dat de kwaliteit van de wegen weer zal gaan toenemen. Financiële consequenties in de begroting In de kadernota 2022 heeft de raad heeft besloten in de planperiode 2022-2025 jaarlijks € 100.000 (€ 400.000 vanaf 2025 structureel) toe te kennen voor het onderhoud van wegen. Hiermee is er in 2023 € 200.000,- extra beschikbaar ten opzichte van 2021. Daarnaast is er een amendement elementenverharding aangenomen. Hiermee is een extra budget van € 278.775,- beschikbaar voor onderhoud elementenverharding. Stand van zaken planuitvoering begroting 2023 De uitvoering van het reguliere onderhoud wegen loopt volgens planning. Verder zijn de volgende werkzaamheden uitgevoerd: • JF Kennedylaan tussen Holterweg en Varsseveldseweg • Varsseveldseweg binnen bebouwde kom • Wassinkbrinkweg • Slagenweg - Broekstraat • Vondelstraat • Plakdijk • Fietspad Keppelseweg • Vulcaanstraat, Beekstraat en de Doorbraak • Diverse plateau’s buitengebied • Kerkstraat Gaanderen • Onderhoud markeringen • Onderhoud puin- en zandwegen Kwalitatieve indicatoren voor kapitaalgoed wegen Product Wegen Kwaliteit totaal areaal verhardingen Norm CROW totaal areaal verhardingen
Voldoende
Matig
96%
1%
Onvoldoende 4%
77-87%
9-14%
4-9%
Kwaliteit areaal asfaltverhardingen
92%
3%
5%
Norm CROW asfaltverhardingen
75-85%
10-15%
5-10%
Kwaliteit areaal elementenverhardingen Norm CROW elementenverhardingen
95%
1%
4%
80-90%
7-12%
3-8%
Voor het totale area wegen is geen sprake van achterstallig onderhoud. Echter we zien dat 5% van het asfaltareaal onvoldoende van kwaliteit is. Dit percentage is ten opzichte van 2022 met 2% gedaald. Dit valt binnen de normen die het CROW daaraan stelt (510%). Bij het nieuwe beleidsplan Wegen 2021-2031 is extra onderhoudsbudget toegekend om het onderhoudsniveau van de infrastructuur op peil te houden en te voorkomen dat onveilige situatie of kapitaalvernietiging ontstaat.
Kapitaalgoed riolering Te onderhouden kapitaalgoederen • 380 km vrijverval riool • 17,5 km persleiding • 9.000 stuks inspectieputten • 19.750 straatkolken • 25 overstorten • 7 randvoorzieningen / bergbezinkbassins • 48 rioolgemalen • 491 drukrioolunits • 123 IBA’s (individuele behandeling afvalwater)
71
Het beleidskader • Beheerplan Rioleringen 2022-2025 De volgende doelen zijn opgenomen in het Gemeentelijk Rioleringsplan 2016-2021 (GRP). Deze is verlengd tot de inwerkingtreding van de Omgevingswet. Daarna zal middels de bouwsteen water het beleid worden vastgelegd in de Omgevingsvisie: • Duurzame bescherming van de volksgezondheid • Handhaving van een goede leefomgeving • Duurzame bescherming van natuur en milieu Deze doelstellingen bereiken we door: • Het afkoppelen van verhard oppervlak van de riolering • Het renoveren van rioolgemalen, mechanische riolering en IBA’s • Het renoveren, vervangen en vernieuwen van riolen • Het dagelijkse beheer en onderhoud aan rioolgemalen, drukriolering, IBA’s, kolken en de overige rioleringssystemen Door het afkoppelen van verharde oppervlakten wordt geanticipeerd op de klimaatverandering door afvalwater en hemelwater te scheiden. Zo wordt de kans op wateroverlast vanuit de gemengde rioolstelsels verkleind. Jaarlijks inspecteren we een deel van het rioolstelsel, alle gemalen, drukrioleringsunits en IBA’s. Financiële consequenties in de begroting De verwachting is dat de komende jaren door de maatregelen vanuit het Delta Programma Ruimte Adaptatie (DPRA) de uitgaven zullen stijgen. De maatregelen rondom riolering, water, klimaatadaptatie wordt opgenomen binnen de Omgevingsvisie en plannen.
De financiële consequenties worden aangevraagd door de klimaatadviseur van de gemeente Doetinchem voor de begroting 2025. Dit gebeurt in samenspraak met ons. Stand van zaken planuitvoering begroting 2023 Het reguliere onderhoud aan de riolering is volgens planning uitgevoerd. Verder zijn de onderstaande onderzoeken en projecten gestart/uitgevoerd: • Het bepalen van de kwaliteit van de duikers binnen de bebouwde kom te gaan bepalen d.m.v. camera inspectie. Door de extreme regenval zijn de uitvoeringswerkzaamheden doorgeschoven naar 2024 • Voorbereiding van gemeentelijke projecten, en deelgenomen in projectgroepen, waar de riool en water kennis en expertise van Buha nodig was • Klimaat adaptief inrichten Conrad Adenau plein • Wijnbergseweg-Doetinchemseweg • Vijverbergroute • Wehl Heideslag • Bouwplan Vriezen • Wehl Fokkenkamp • J.F.
Kennedylaan • Subsidieregeling Water en Groen Binnen het vervangingsplan zijn de volgende investeringen uitgevoerd: • 2 IBA’s compleet vervangen en een deel van het renovatieprogramma van de IBA’s uitgevoerd • Een kolkenreparatie ronde plaats gevonden • De Akkerstraat in Gaanderen is afgekoppeld en de uitleggers zijn vervangen • Een nieuw rioolgemaal bij de Esbro gebouwd, zodat de H2S problematiek in ons vrijvervalstelsel is opgelost • Een “MUFFIN” monster bij het gemaal Schouwburgplein geplaatst en hiermee de pompverstoppingen door de extreme hoeveelheid natte doekjes opgelost • Aanpassingen gedaan aan de BBL Langerak voor een optimalisatie • Modems en loggers van diverse grondwatermeetpunten vervangen
72
• • • •
Gestart met het reinigen van de duikers buitengebied, maar door de extreme regenval stilgelegd en doorgeschoven naar 2024 Een deel van onze waterdoorlatende verharding is gereinigd Relinen van een 3-tal strengen aan de Troelstralaan Relinen 1 streng Troelstra rondweg
De onderstaande investeringen zijn in 2023 voorbereid / in voorbereiding en worden in 2024 en verder uitgevoerd: • Afkoppelen en herinrichten De Ampsen • Renoveren en waterrobuust maken wijk De Pas • Waterproblematiek Bomenbuurt • Klimaat adaptief inrichten Konrad Adenauerplein Afgelopen jaar hebben wij een raamovereenkomst / bouwteam gesloten met de fa. Hamers Leidingtechniek. Zij zijn specialist op het gebied van het renoveren van riolen en putten. De komende jaren gaan wij gebruik maken van hun diensten. Wij hebben het afgelopen jaar een totale inventarisatie gedaan van onze riolering en daar vloeit een uitvoeringsprogramma uit voort. Hier gaan we de komende jaren mee aan de slag. In 2023 is wederom goed gebruik gemaakt van de stimuleringsregeling voor het afkoppelen van woningen. In totaal zijn 46 woningen geheel of gedeeltelijk afgekoppeld. Hiermee is circa 18.500 m2 dakoppervlak afgekoppeld van de gemengde riolering. Product Afvalwatersysteem Aanlegperiode riolering:
Voldoet aan doelen, functionele eisen en maatstaven conform het geldende beleid.
15% ouder dan 1970
Ja
31% tussen 1970 en 1989
Ja
38% tussen 1990 en 2009
Ja
16% na 2010
Ja
Ouderdom is echter niet alleen maatgevend voor de kwaliteit van de riolering. De aantasting door afvalstoffen en gassen, invloeden van de omgeving zoals, boomwortels, zettingen van de ondergrond, grondwater ed, zijn mede maatgevend voor de kwaliteit van de riolering. Daarnaast worden er afwegingen gemaakt om met andere infrastructurele prjecten mee te liften om de overlast voor de bewoners en bedrijven zo kort mogelijk te maken.
Kapitaalgoed groen Te onderhouden kapitaalgoederen Bomen, plantsoenen, bermen, parken, bospercelen inclusief de daar binnen aanwezige technische voorzieningen. • Openbaar groen ca. 568 ha. • Bomenbestand ca. 37.000 stuks • Speeltoestellen 639 stuks Het beleidskader Het technisch en functioneel in stand houden van de openbare groen- en recreatievoorzieningen op het niveau ‘eenvoudig’ binnen de budgettaire kaders. Voldoen aan de wettelijke zorgplicht met betrekking tot bomen, groen en spelen. Met de instandhouding wordt concreet bedoeld het onderhoud en de noodzakelijke vervanging van bomen en overig groen op het land en in het water, zodanig dat de voorzieningen in stand blijven op het kwaliteitsniveau ‘eenvoudig’ zoals vastgesteld in de Beeldkwaliteitcatalogus / Structuurvisie / Groenstructuurplan. (In de programmabegroting 2012 zijn de kwaliteitsniveaus aangepast naar ‘eenvoudig’). In 2017 is het Groenstructuurplan vastgesteld, waarin een visie wordt neergelegd met betrekking tot de groenontwikkeling in en om de stad. Stand van zaken planuitvoering begroting 2023 De onderhoudsniveaus zoals deze zijn vastgelegd in de beeldkwaliteit catalogus zijn gehaald, 1/3 van de werkzaamheden is uitbesteed aan de markt. Doetinchem werkt met het Wijkbedrijf: een slimme combinatie van eigen vakmensen, mensen van het
73
werkvoorzieningsschap en wijkbewoners met een afstand tot de arbeidsmarkt. Het wijkbedrijf doet ruim 2/3 van de werkzaamheden binnen de gemeente Doetinchem. Het reguliere werk is volgens planning uitgevoerd. • Inspectie 1/3 deel van het bomenbestand • Onderhoud 1/3 deel van het bomenbestand • Onderhoud openbaar groen, bos en natuur • Er is uitvoering gegeven aan het bestek ruw gras, gazon, sierplantsoen en schapenbegrazing Bestrijding invasieve exoten In totaal zijn er op dit moment 275 locaties geregistreerd waar de Japanse Duizendknoop is aangetroffen. Het betreft circa 10.500 m2. Momenteel worden er 132 locaties bestreden (circa 3.900 m2). Met betrekking tot de eikenprocessierups is de plaagdruk in 2023 wederom lager gebleken dan voorgaande jaren. Er is aandacht voor het verhogen van biodiversiteit, bijvoorbeeld door het aanleggen bloemrijk gras en gebruik van diverse soorten beplantingen. Spelen Op 4 november 2021 heeft de gemeenteraad, nadat daartoe een amendement was ingediend, besloten om de bezuiniging ter hoogte van €100.000,- op het budget speelvoorzieningen terug te draaien. In eerste instantie voor een periode van 3 jaar, waarna geëvalueerd wordt. In september 2022 is er opdracht gegeven voor het plaatsen van een speeltoren op de Koekendaal. Deze is als gevolg van vertraging in de levering in januari 2023 geplaatst.