CConstaterende datDoetinchem
Koppel je AI →
Document · PDF

Gemeente Doetinchem definitief accountantsverslag 2023 - getekend.pdf

gemeenteraad 27 juni 2024, gemeente DoetinchemBij agendapunt: 8.12: Jaarstukken 2023 gemeente Doetinchem10.200 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Accountantsverslag Gemeente Doetinchem Boekjaar 2023

Aan de gemeenteraad van de gemeente Doetinchem Postbus 9020 7000 HA DOETINCHEM

ONDERWERP: Accountantsverslag 2023 KENMERK: versie d.d. 9 juli 2024

Geachte leden van de gemeenteraad,

In overeenstemming met de opdracht tot de controle van de jaarrekening 2023 van Gemeente Doetinchem, zoals overeengekomen in onze opdrachtbevestiging d.d. 22 september 2023, bieden wij u hierbij het accountantsverslag aan. Het accountantsverslag bevat bevindingen en conclusies die naar aanleiding van onze werkzaamheden naar voren zijn gekomen. De bevindingen in dit verslag zijn op 17 juni 2024 besproken met een afvaardiging van de ambtelijke organisatie, de portefeuillehouder financiën, de concern controller en de gemeentesecretaris.

Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Met vriendelijke groet, Baker Tilly (Netherlands) N.V.

M.C.J.M. Bekker RA

Wij hebben u op 9 juli 2024 gemachtigd om onze goedkeurende controleverklaring op te nemen in uw jaarrekening 2023.

2

Inhoudsopgave

Bestuurlijke samenvatting

Bevindingen interne beheersing

Opdracht, scope en uitkomsten

Belangrijkste bevindingen

Actualiteiten

Bijlagen

Financiële positie

3

Bestuurlijke samenvatting

1. Bestuurlijke samenvatting Financiële kengetallen en signaleringwaarden

5

1. Bestuurlijke samenvatting Wij hebben bij de jaarrekening 2023 een goedkeurende verklaring verstrekt inzake getrouwheid.

Wij hebben vastgesteld dat het jaarverslag, cf. NV COS 720, verenigbaar is met de jaarrekening en voldoet aan de laatste actuele voorschriften en dat het Besluit Begroting en Verantwoording is nageleefd in 2023.

Uit onze controle met betrekking tot ons oordeel ten aanzien van de getrouwheid blijken geen ongecorrigeerde fouten.

Wij hebben geen controleverschillen (fouten en/of onzekerheden) in de verantwoorde informatie in de SiSa-bijlage geconstateerd. Wel merken we op dat ten opzichte van voorgaand jaar het aantal te verantwoorden regelingen wederom toe is genomen (2021: 32, 2022: 39, 2023: 45). Dit heeft een extra inspanning van zowel de organisatie als van ons gevraagd.

De gemeente heeft er voor gekozen de rechtmatigheidsverantwoording in de jaarrekening en de toelichting hierop in de paragraaf bedrijfsvoering onderdeel te laten zijn van het jaarverslag, ondanks dat dit als gevolg van het uitblijven van de formele wijziging van de BBV en BADO in formele zin nog niet verplicht is. Op deze wijze is invulling gegeven aan de aanbeveling van het Rijk om de verantwoording op te nemen, zoals de wetgever had beoogd. Bovendien wordt invulling gegeven aan de lokale afspraken tussen het college en de gemeenteraad, zoals opgenomen in de aangepaste verordeningen. Tevens kunnen de provincie en het Rijk gebruik maken van de opgenomen verantwoording.

6

1. Bestuurlijke samenvatting Wij wijzen u erop dat het totaal van de rechtmatigheidsbevindingen van het college ruim onder de door u vastgestelde verantwoordingsgrens blijven. De bevindingen zien toe op een overschrijding van de kredieten (€ 377.000) en aanbestedingsfouten (€ 2.334.304). Wij adviseren u kennis te nemen van de toelichting die het college opgenomen heeft in de paragraaf bedrijfsvoering.

Wij hebben vastgesteld dat de bezoldigingen over 2023 in overeenstemming zijn met de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) en dat de jaarrekening 2023 van de gemeente voldoet aan de publicatieverplichtingen van de WNT.

Inzake de kosten Jeugdwet en de Wmo nieuwe taken steunt de gemeente voor het vaststellen van de prestatielevering (deels) op productieverantwoordingen van zorgaanbieders die zijn voorzien van een controleverklaring. Op basis van de uitgevoerde werkzaamheden en de ontvangen controleverklaringen resteert inzake de kosten Jeugdwet en Wmo een onzekerheid van € 1.942.000 respectievelijk € 2.971.000.

De gemeente heeft de totale kosten inzake de PGB budgetten gebaseerd op de schatting van de SVB. Evenals vorig jaar heeft geen sluitende controle op de levering van de zorg plaatsgevonden door de SVB. De gemeente heeft derhalve zelf werkzaamheden uitgevoerd op de levering.

Het boekjaar 2023 sluit met een financieel resultaat van € 11,2 miljoen (voordelig). Daarmee realiseert de gemeente net als in 2021 en 2022 een fors positief resultaat. Belangrijke kanttekening daarbij is wel dat deze positieve resultaten in belangrijke mate worden veroorzaakt door incidentele meevallers. De totale vermogenspositie van de gemeente bedraagt € 107,6 miljoen (2022: € 94,7 miljoen) met een solvabiliteitsratio van 32% (2022: 30%). In meerjarenperspectief speelt de nieuwe verdelingssystematiek van het gemeentefonds de gemeente parten. In de begroting 2024 zijn structurele bezuinigingen ingerekend die oplopen tot € 8,8 miljoen in 2027. Wij achten het van groot belang de realisatie van deze bezuinigingen te monitoren en waar nodig tijdig bij te sturen.

7

Opdracht, scope en uitkomsten

2. Opdracht, scope en uitkomsten Reikwijdte van de controle De jaarstukken van uw gemeente bestaan uit: - Het jaarverslag (programmaverantwoording + paragrafen). - De jaarrekening. - Bijlagen. Met de opdrachtbevestiging van d.d. 22 september 2023 heeft u ons opdracht gegeven tot het controleren van de jaarrekening 2023. De reikwijdte van onze controle staat omschreven in deze opdrachtbevestiging. Er is gedurende het verloop van de controle geen sprake geweest van een beperking in de reikwijdte van onze controle. Overzicht toleranties De materialiteit bij de uitvoering van onze controle is € 3.277.860. Deze materialiteit sluit aan op de door de gemeenteraad op 28 maart 2024 vastgestelde Controleprotocol 2023. Grondslag

Bedrag

1% lasten inclusief toevoegingen reserves

€ 3.277.860

Goedkeuringstolerantie onzekerheden 3% lasten inclusief toevoegingen reserves

€ 9.833.580

Conform gemeentelijk controleprotocol d.d. 28 maart 2024 5% goedkeuringstolerantie fouten

€ 163.893

Goedkeuringstolerantie fouten

Rapporteringstolerantie

De toleranties voor de rechtmatigheidsverantwoording, zoals vastgelegd in door u op 28 maart 2024 vastgestelde financiële verordening, wijken af van de toleranties voor de controle op de getrouwheid. Dit leidt ertoe dat de door het college opgestelde rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld op basis van de volgende toleranties: Grondslag

Bedrag

Verantwoordingsgrens

3% lasten inclusief toevoegingen reserves

€ 9.833.580

Rapporteringstolerantie

Conform gemeentelijke financiële verordening d.d. 28 maart 2024 5% verantwoordingsgrens

€ 491.679

Kernpunten en significante risico’s in de controle Wij hebben voldoende en geschikte controle-informatie verkregen, onder andere met betrekking tot de volgende kernpunten van de controle:  Prestatielevering inkopen;  Wet Normering Topinkomens;  Prestatielevering sociaal domein;  Waardering van uw grondexploitaties (met name A18 Bedrijvenpark en Iseldoks);  Risico dat het management van de gemeente de procesafspraken doorbreekt, hetgeen een standaard risico is vanuit onze beroepsregels;  De rechtmatigheidsverantwoording in de jaarrekening geeft geen getrouw beeld doordat onrechtmatigheden onvolledig zijn verantwoord in de rechtmatigheidsverantwoording ten aanzien van het onderdeel aanbestedingsrechtmatigheid. Uitkomsten Wij hebben bij de jaarrekening 2023 een goedkeurende verklaring voor de getrouwheid verstrekt. Uit onze controle blijken geen ongecorrigeerde getrouwheidsfouten. Wel zijn er onzekerheden met betrekking tot de getrouwheid naar voren gekomen die betrekking hebben op de decentralisaties in het sociaal domein van in totaal € 4.913.000. De achtergrond van deze onzekerheid lichten wij toe op pagina 17 van dit verslag. Evenwel blijven deze onzekerheden ruim binnen de door u gestelde goedkeuringstolerantie van € 9,8 miljoen.

9

2. Opdracht, scope en uitkomsten Frauderisico’s en continuïteit Onze controleverklaring over boekjaar 2023 bevat, gelijk aan voorgaand jaar, een verplichte paragraaf over onze werkzaamheden met betrekking tot fraude en een met betrekking tot continuïteit. Dit op basis van de vanaf 2022 gewijzigde beroepsregels voor accountants (NV COS 700). Hieronder wordt uiteengezet hoe de accountant bij de controleaanpak inspeelt op risico’s ten aanzien van fraude en continuïteit en worden de uitgevoerde werkzaamheden toegelicht. De mate van detail en de omvang van de rapportage over fraude en continuïteit in de controleverklaring hangen onder meer af van de onderkende risico’s, de omvang en aard van de organisatie alsmede de bevindingen naar aanleiding van de werkzaamheden. Frauderisico’s Het risico dat het management maatregelen van interne beheersing doorbreekt Het college dan wel het management bevindt zich in een positie om fraude te plegen, omdat het in staat is de administratieve vastleggingen te manipuleren en frauduleuze financiële overzichten op te stellen door interne beheersingsmaatregelen te doorbreken, die anderszins effectief lijken te werken. Een motief van het college of management zou hierbij kunnen zijn om op die wijze een betere financiële situatie of prestatie te presenteren. Onze beroepsregels schrijven voor dat de accountant dit risico in zijn controle onderkent.

Om dit frauderisico te ondervangen hebben wij de volgende werkzaamheden verricht:  Wij hebben journaalposten geselecteerd op basis van risicocriteria en hierop specifieke controlewerkzaamheden verricht, waarbij wij tevens aandacht hebben besteed aan significante transacties buiten de normale bedrijfsuitoefening om. Verder hebben wij op basis van risicocriteria geselecteerde journaalposten geanalyseerd en beoordeeld en hierop specifieke controlewerkzaamheden verricht om de nauwkeurigheid van de geselecteerde journaalposten te controleren;  Analyse van aanpassingen in de jaarrekening, die tijdens het opstellen van de jaarrekening zijn gemaakt;  Beoordelen van belangrijke schattingen en de schattingsprocessen van het college of management zoals de waardering van de grondexploitaties, vaste activa en vorderingen en het toereikend zijn van voorzieningen. Hierbij hebben we in het bijzonder aandacht gehad voor het inherente risico van vooringenomenheid van het college bij deze posten. Wij hebben onder meer de volgende werkzaamheden verricht:

Met betrekking tot de grondexploitaties hebben wij de plausibiliteit van de uitgangspunten op projectniveau gecontroleerd aan de hand van de economische inputparameters alsook backtestingwerkzaamheden. Daarnaast hebben we de toereikendheid van de verliesvoorzieningen en de nauwkeurigheid en volledigheid van de tussentijdse winstneming gecontroleerd; - Met betrekking tot de activa hebben wij vastgesteld of er sprake is van duurzame waardeverminderingen; - Met betrekking tot vorderingen hebben wij de inschatting van het college van de inbaarheid van de vordering en dientengevolge de omvang van de voorziening gecontroleerd; - Met betrekking tot de voorzieningen hebben we vastgesteld dat de uitgangspunten plausibel zijn. Doornemen van notulen van vergaderingen van het management, college en de raad. -

Het risico dat inkoopfacturen niet in overeenstemming zijn met de geleverde prestatie omdat de prestatie niet is ontvangen, waardoor de lasten uit inkopen niet nauwkeurig zijn verantwoord. Wij hebben vastgesteld dat in de factuurafhandeling functiescheiding is aangebracht tussen voorcodeerders en budgethouders. De voorcodeerder is echter niet altijd de prestatieontvanger. Nu kan het in situaties zo zijn dat de voorcodeerder voor het vaststellen van de prestatielevering navraag doet bij de budgethouder aangezien die tevens prestatieontvanger is, waardoor de facto de functiescheiding wordt opgeheven. Om dit frauderisico te ondervangen hebben wij aanvullende gegevensgerichte werkzaamheden uitgevoerd in de vorm van een statistische steekproef op de verantwoorde lasten uit inkopen waarbij voor elke waarneming op basis van onderliggende stukken is vastgesteld dat de prestatie (zowel de prijs component als de hoeveelheid component) onderbouwd is.

10

2. Opdracht, scope en uitkomsten Continuïteit Als onderdeel van de vereisten voor de controleverklaring hebben wij ook de continuïteitsveronderstelling getoetst. Voor gemeenten geldt dat vanwege de onbegrensde leencapaciteit bij de BNG (en daardoor altijd aanwezige liquiditeit) per definitie geen onzekerheid kan bestaan over de continuïteitsveronderstelling. Naast feitelijke discontinuïteit is ook de mate waarin de gemeente zelfstandig en autonoom (financieel) beleid kan voeren een belangrijke veronderstelling. Wij hebben vastgesteld dat de gemeente Doetinchem een sluitende begroting heeft voor 2024. Evenwel is daar voor het eerst in lange tijd ook een onttrekking uit de algemene reserve voor nodig. In meerjarenperspectief speelt de nieuwe verdelingssystematiek van het gemeentefonds de gemeente parten. In de begroting 2024 zijn structurele bezuinigingen ingerekend die oplopen tot € 8,8 miljoen in 2027. Wij achten het van groot belang de realisatie van deze bezuinigingen te monitoren en waar nodig tijdig bij te sturen. De provincie Gelderland heeft in haar schrijven van 5 februari 2024 de gemeente onder regulier (repressief) toezicht geplaatst. Daarnaast geven de financiële kengetallen inclusief het weerstandsrisico geen reden tot twijfel of de gemeente haar activiteiten in continuïteit kan voortzetten.

.

11

Belangrijkste bevindingen

3.1 De rechtmatigheidsverantwoording Inleiding Tot en met boekjaar 2022 verstrekten wij als accountant zelfstandig een oordeel over de rechtmatige totstandkoming van de lasten, de baten en de balansmutaties op basis van de controle in onze controleverklaring. Dit rechtmatigheidsoordeel betrof een oordeel of deze transacties tot stand zijn gekomen in overeenstemming met de door de gemeenteraad vastgestelde kaders zoals de begroting en de gemeentelijke verordeningen en met de bepalingen in de relevante wet- en regelgeving. Met het goedkeuren van een aanpassing van de Gemeentewet door de Eerste Kamer op 27 september 2022 is de verplichting voor de accountant om een oordeel te geven over rechtmatigheid uit de wet gehaald. Ter vervanging van het accountantsoordeel wordt met ingang van boekjaar 2023 een rechtmatigheidsverantwoording opgenomen in de jaarrekening. In deze rechtmatigheidsverantwoording legt het college verantwoording af. De gedelegeerde regelgeving die relevant is voor het opstellen van de jaarrekening en voor de uitvoering van de accountantscontrole 2023 en oordeelsvorming in de controleverklaring is hierop echter nog niet aangepast; dit betreft het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) en het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (BADO).

De gemeente heeft er evenwel voor gekozen de rechtmatigheidsverantwoording in de jaarrekening en de toelichting hierop in de paragraaf bedrijfsvoering onderdeel te laten zijn van het jaarverslag, ondanks dat dit als gevolg van het uitblijven van de formele wijziging dus nog niet verplicht is. Op deze wijze heeft de gemeente invulling gegeven aan de aanbeveling van het Rijk om de verantwoording op te nemen, zoals de wetgever had beoogd. Bovendien wordt zo invulling gegeven aan de lokale afspraken tussen het college en de gemeenteraad, zoals opgenomen in de aangepaste verordeningen. Tevens kan de toezichthouder en het Rijk gebruik maken van de opgenomen verantwoording. Alle rechtmatigheidsafwijkingen (individueel en/of cumulatief) boven de door u als raad vastgestelde verantwoordingsgrens (€ 9.833.580) worden in de rechtmatigheidsverantwoording benoemd. Ons getrouwheidsoordeel over het getrouwe beeld van de grootte en samenstelling van zowel de baten, lasten als van de activa en passiva ziet ook toe op de getrouwheid van de rechtmatigheidsverantwoording en daarmee op de juistheid en volledigheid van de in de rechtmatigheidsverantwoording vermelde rechtmatigheidsfouten en de financiële rechtmatigheid met inachtneming van de verantwoordinggrens.

Bij het verantwoorden over de baten, lasten en balansmutaties in de jaarrekening zijn negen rechtmatigheidscriteria van toepassing. Zes criteria (kunnen) direct van invloed zijn op de posten in de balans en de staat van baten en lasten (zien toe op getrouwheidsaspecten inzake grootte en de samenstelling van zowel de baten en de lasten als van de activa en passiva) en drie criteria zien uitsluitend toe op specifieke rechtmatigheidsaspecten van de baten, lasten en balansmutaties en raken niet de grootte en samenstelling. Het college is verantwoordelijk voor alle negen criteria; in de jaarrekening van het college worden deze afgedekt langs de volgende lijnen:

Op grond van Kadernota rechtmatigheid wordt over de criteria die direct van invloed zijn op de verslaggeving c.q. het getrouwe beeld van de jaarrekening niet gerapporteerd in de rechtmatigheidsverantwoording. In de rechtmatigheidsverantwoording komen dus alleen de drie rechtmatigheidscriteria tot uitdrukking die aanvullend zijn op de criteria die ook gelden voor getrouwheid, te weten: het begrotingscriterium, het voorwaardencriterium en misbruik en oneigenlijk gebruik. Begrotingscriterium De rechtmatigheidsverantwoording bevat belangrijke informatie voor het (politieke) verantwoordingsdebat van de gemeenteraad met het college. U stelt als raad met het vaststellen van de begroting de budgettaire kaders voor de uitgaven, investeringen en reservemutaties vast. Met het vaststellen van de geactualiseerde financiële verordening heeft u vastgelegd op welke wijze binnen uw gemeente om moet worden gegaan met begrotingsoverschrijdingen en welke begrotingsonrechtmatigheden als acceptabel worden beschouwd (dus wel onrechtmatig, maar acceptabel). 13

3.1 De rechtmatigheidsverantwoording In de Kadernota rechtmatigheid beveelt de commissie BBV daarnaast aan dat het college de afwijkingen op het begrotingscriterium nader toelicht in de paragraaf bedrijfsvoering in het jaarverslag. Er is sprake van een begrotingsonrechtmatigheid als het college bij de realisatie van doelen en het realiseren van activiteiten de door de gemeenteraad vastgestelde budgetten voor wat betreft de lasten of investeringsbudgetten overschrijdt (1), toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves doorvoert die niet door de gemeenteraad zijn vastgesteld (2) en als bij onderschrijdingen van lasten of investeringsbudgetten en/of lagere of hogere baten dan begroot de begroting niet tijdig met begrotingswijzigingen is aangepast (3). Wij hebben vastgesteld dat er geen lastenoverschrijdingen op de programma’s zijn en dat het college de afwijkingen ten opzichte van de geautoriseerde kredieten (diverse kleine overschrijdingen van kredieten leiden tot een totale overschrijding van € 377.000) juist en volledig heeft gewogen in de rechtmatigheidsverantwoording. Voorwaardencriterium Het voorwaardencriterium ziet toe op voorwaarden die gelden voor de uitvoering van de financiële beheershandelingen.

Deze voorwaarden komen voort uit externe en interne regelgeving en hebben betrekking op aspecten zoals: doelgroep, termijn, grondslag, administratieve bepalingen, normbedragen, bevoegdheden, bewijsstukken, recht, hoogte en duur voor zover deze relevant zijn voor de financiële rechtmatigheid. In het door u vastgestelde normenkader is een inventarisatie van de van toepassing zijnde wet- en regelgeving opgenomen. Het niet in acht nemen van de geldende voorwaarden bij financiële beheershandelingen leidt tot een onrechtmatigheid die het college moet toelichten in de rechtmatigheidsverantwoording als de verantwoordingsgrens (op basis van individuele en/of cumulatieve onrechtmatigheden) wordt overschreden. Een belangrijk onderdeel van het voorwaardencriterium is de naleving van de (Europese) aanbestedingsrichtlijnen. Europese aanbestedingswetgeving is complexe materie en het blijkt in de praktijk moeilijk volledig te beheersen. De gemeente heeft dit ook onderkend en heeft derhalve een spendanalyse uitgevoerd. Wij hebben deze spendanalyse gecontroleerd .

Uit de controle op de rechtmatigheid van de inkopen blijkt dat voor een negental gemeentelijke overeenkomsten met een inkoopwaarde van in totaal € 2.334.304 niet de juiste procedure is gevolgd. Wij hebben de gemeentelijke controlewerkzaamheden inhoudelijk beoordeeld en delen deze conclusie. Er zijn tot slot ook voorwaarden waar geen mogelijke financieel gevolg aan is verbonden. Dan is er sprake van een formele rechtmatigheidsfout. Deze situatie doet zich ook voor bij het niet naleven van de Kasgeldlimiet en Renterisiconorm van de Wet financiering decentrale overheden (Wet fido). Volgens een stellige uitspraak van de Commissie-BBV betreffen deze afwijkingen van het voorwaardencriterium formele rechtmatigheidsfouten die in de paragraaf bedrijfsvoering worden gerapporteerd. Ten aanzien van de naleving van de renterisiconorm, het kasgeldlimiet en de naleving schatkistbankieren merken wij op dat de gemeente zich aan de wettelijke normen heeft gehouden, zoals ook toereikend is toegelicht in de paragraaf financiering respectievelijk de jaarrekening. Misbruik en oneigenlijk gebruik criterium (M&O) Het college is verantwoordelijk voor het inrichten van effectieve maatregelen ter voorkoming van misbruik en oneigenlijk gebruik van overheidsregels om overheidssubsidies en bijdragen te ontvangen dan wel een te laag bedrag aan heffingen aan de overheid te betalen.

Deze maatregelen hangen veelal samen met de interne beheersing ter borging van het voorwaardencriterium. Het college heeft reeds in 2021 een Nota misbruik en oneigenlijk gebruik vastgesteld. Deze is door u op 28 februari 2022 ter kennisgeving aan u verstrekt. Het college heeft een uitspraak gedaan in hoeverre het M&O-beleid feitelijk wordt nageleefd en of de getroffen maatregelen effectief werken. Hieruit zijn geen zaken naar voren gekomen die gerapporteerd moeten worden. Gezien het feit dat de bevindingen inzake kredietrechtmatigheid (€ 377.000) en het voorwaardencriterium (€ 2.334.304) gezamenlijk onder de verantwoordingsgrens blijven heeft het college terecht geconcludeerd in de rechtmatigheidsverantwoording dat de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties rechtmatig tot stand zijn gekomen binnen de daarvoor gestelde grens. 14

3.2 Grondexploitaties Algemeen Uw gemeente kent een behoorlijk forse balanspost met betrekking tot grondexploitaties. Deze beslaat 15% van het balanstotaal (2022: 12%). Om deze grondexploitatie volledig af te ronden moeten nog opbrengsten van € 100 miljoen worden gerealiseerd en er moeten nog kosten worden gemaakt voor € 55 miljoen.

Hieronder hebben wij de ontwikkeling van uw grondexploitatie gedurende de afgelopen vier jaar weergegeven: 80.000

2020

Voor alle complexen is de resultaatverwachting positief en derhalve is in 2023 hierop ook € 4,4 miljoen tussentijdse winst uitgenomen. Hierop zijn slechts 2 uitzonderingen. Dit betreffen complexen Lookwartier en Iseldoks. Voor de verwachte tekorten voor deze complexen van € 1,7 miljoen respectievelijk € 6,6 miljoen is een verliesvoorziening gevormd.

60.000

2021

Grafiek ontwikkeling grondexploitaties (x € 1.000)

2022

40.000

2023

20.000 0 Bruto boekwaarde

Ontwikkeling Ten opzichte van 31 december 2022 is de netto boekwaarde van de post voorraden toegenomen met een saldo van € 12,3 miljoen tot € 49,8 miljoen. In 2023 zijn geen complexen afgesloten en geen nieuwe complexen in exploitatie genomen. (x € 1.000)

2022

2023

Balanswaarde per 1 januari

38.950

37.500

Investeringen

7.353

16.332

Grondverkopen

-10.906

- 6.699

Tussentijdse winstneming

3.091

4.429

Mutatie verliesvoorziening

- 988

-1.781

Balanswaarde per 31 december

37.500

49.781

Verliesvoorziening

Netto boekwaarde

De waardering van de grondexploitaties is een significant risico in onze controleaanpak, vanwege de mate van schattingsonzekerheid. Wij hebben het proces rondom de totstandkoming van de waardering in opzet en bestaan getoetst en aanvullend gegevensgerichte werkzaamheden uitgevoerd. De waardering van uw grondexploitaties is voor een groot deel afhankelijk van de gemaakte schattingen. Om inzicht te krijgen in de financiële risico’s stelt de gemeente exploitatieoverzichten op waarin schattingen zijn opgenomen. Aan deze schattingen liggen diverse parameters en uitgangspunten ten grondslag. Wij hebben de door gemeente Doetinchem gehanteerde uitgangspunten en parameters getoetst. Kostenstijging De gehanteerde parameter voor de kostenstijging is 2% voor verwervingen, tijdelijk beheer en plankosten. Dit ligt in lijn met de landelijke prijsindexcijfers en referentiemateriaal, zoals nu bekend zijn. Voor bouw- en woonrijp maken gaat de gemeente uit van 4%. Aangezien referentiecijfers op de lange termijn (2027 en verder) meestal uitgaan van het maximale meerjarig streefpercentage van de Europese Centrale Bank voor inflatie binnen de Eurozone (2%) achten wij deze parameter voorzichtig. Aangezien alle complexen vanaf 2027 volledig of nagenoeg volledig zijn afgerond is de impact in financiële zijn gering en daarmee aanvaardbaar.

Gezien de prijsontwikkelingen in de markt is het evenwel van belang de ontwikkelingen hierin goed te monitoren. 15

3.2 Grondexploitaties Opbrengstenstijging Het college rekent niet met opbrengstenstijgingen voor woningbouw en bedrijventerreinen. Aangezien referentiecijfers op de lange termijn (2027 en verder) ook hier meestal uitgaan van het maximale meerjarig streefpercentage van de Europese Centrale Bank voor inflatie binnen de Eurozone (2%) achten wij deze parameter voorzichtig. In dit geval geldt dezelfde overweging als bij de kostenstijgingen. Rekenrente Het college rekent binnen de huidige grondexploitaties met een toekomstige rekenrente van 1,4%. De rekenrente is gebaseerd op de huidige leningenportefeuille van gemeente Doetinchem. Deze grondslag is in overeenstemming met de notitie grondexploitatie en de bepaling in de notitie rente van de commissie BBV. Wij achten deze parameter evenwichtig. Disconteringsvoet De disconteringsvoet die moet worden gehanteerd in de berekening van de contante waarde ten behoeve van het treffen van een verliesvoorziening voor negatieve grondexploitaties is door de commissie BBV voor alle gemeenten gelijkgesteld aan het maximale meerjarig streefpercentage van de Europese Centrale Bank voor inflatie binnen de Eurozone (2%). Dit percentage is door de gemeente correct toegepast, waardoor wij deze parameter kwalificeren als evenwichtig.

16

3.3 Sociaal domein Algemeen De gemeente voert diverse regelingen uit in het sociaal domein waarbij taken veelal zijn ondergebracht bij derde partijen. Hieronder hebben wij een overzicht opgenomen van de belangrijkste onderdelen en door wie deze werkzaamheden uitgevoerd worden: Onderdeel

Uitvoerder

Wijze van uitbesteding

Bepaling last boekjaar

Uitkeringen (Participatiewet)

Laborijn

Delegatie

Afrekening o.b.v. werkelijke kosten

Werkdeel (WSW)

Laborijn

Delegatie

WSW o.b.v. rijksbijdrage en uitvoeringslasten vaste bijdrage o.b.v. vastgestelde begroting

Jeugdwet

Zelfstandig

n.v.t.

Werkelijke lasten

Wmo

Zelfstandig

n.v.t.

Werkelijke lasten

Pgb’s

Sociale verzekeringsbank

Mandatering

Afrekening op basis van werkelijke lasten

Uitkeringen (Participatiewet) Uw gemeente heeft de uitvoering uitbesteed aan Laborijn. Wij hebben vastgesteld dat de lasten zijn besteed in overeenstemming met wet- en regelgeving en aansluiten op de door de gemeenschappelijke regeling verantwoorde lasten. Werkdeel (WSW) Uw gemeente heeft de uitvoering uitbesteed aan Laborijn. Wij hebben vastgesteld dat de lasten zijn besteed in overeenstemming met wet- en regelgeving en aansluiten op de door de gemeenschappelijke regeling verantwoorde lasten.

Jeugdwet Zorg in natura en Wmo Zorg in natura De uitvoering van deze taken vindt plaats binnen de gemeente in regionale samenwerking. Hiervoor zijn zorgleveranciers gecontracteerd, die in opdracht van de gemeente zorg leveren aan cliënten. De verantwoording van de daaruit voortkomende lasten vindt plaats in de jaarrekening van de gemeente, waardoor ook de eindverantwoordelijkheid voor de controle van de prestatielevering uiteindelijk bij de gemeente berust. De gemeente is echter niet de prestatieafnemer. Met de (grote) zorgaanbieders is daarom afgesproken dat zij op basis van het controleprotocol van Ketenbureau i-Sociaal Domein (iSD) een controleverklaring verstrekken over de juistheid en volledigheid van de geleverde en gedeclareerde zorg in natura (hierna: ZIN) in het boekjaar. Deze (goedkeurende) controleverklaringen heeft de gemeente nodig om zekerheid te krijgen dat alle gefactureerde zorg conform indicatie is geleverd en gefactureerd, voor de juiste prijs is gefactureerd en aan een inwoner van de gemeente is verstrekt. Ondanks de tijdige uitvraag van de controleverklaringen heeft uw gemeente nog niet van alle zorgaanbieders een controleverklaring ontvangen. Eveneens is niet bekend wanneer deze controleverklaringen wel beschikbaar zijn voor uw gemeente. Daarbij komt dat geen controleverklaringen worden ontvangen van aanbieders met minder dan € 125.000 omzet.

Het voorgaande zorgt voor onzekerheden op het gebied van de juistheid en volledigheid (getrouwheid en rechtmatigheid) van de kosten inzake de levering van de ZIN – jeugd en ZIN – Wmo van € 1.942.000 respectievelijk € 2.971.000. Deze onzekerheden wegen wij mee in ons oordeel bij de jaarrekening van de gemeente.

17

3.3 Sociaal domein Eigen bijdrage Wmo Een aanvrager van een voorziening, hulp in de huishouding, zorg in natura of een financiële tegemoetkoming (persoonsgebonden budget) is op grond van de Wmo (inclusief beschermd wonen) een eigen bijdrage verschuldigd. De wetgever heeft bepaald dat de berekening, oplegging en incasso van deze eigen bijdrage wordt uitgevoerd door het CAK. De informatie van het CAK (om privacy redenen beperkt) is ontoereikend om als gemeente de juistheid op persoonsniveau en volledigheid van de eigen bijdragen als geheel te kunnen vaststellen. Dit betekent dat door de gemeenten geen zekerheden omtrent omvang en hoogte van de eigen bijdragen kunnen worden verkregen. De gemeente heeft deze onzekerheid in de jaarrekening 2023 toereikend toegelicht. PGB’s De Sociale Verzekeringsbank (hierna: SVB) heeft over 2023 een verklaring met beperking bij de verantwoording PGB-stromen Jeugdwet en Wmo ontvangen. Hierdoor is vanuit de SVB geen 100% zekerheid over de nauwkeurigheid en rechtmatigheid van de persoonsgebonden budgetten. De impact van de geconstateerde fouten/onzekerheden vanuit de SVB bedragen op basis van de zogenaamde projectiebrief en de financiële administratie, voor de gemeente Doetinchem € 1.542.000. De gemeente heeft evenwel zelf aanvullend onderzoek uitgevoerd om vast te stellen of de kosten nauwkeurig verantwoord zijn.

Uit onze beoordeling van dit onderzoek concluderen we dat de kosten PGB getrouw verantwoord zijn in de jaarrekening 2023.

18

3.4 Jaarverslag Jaarverslag In het jaarverslag worden de beleidsuitgangspunten en beleidsevaluaties zichtbaar. De paragrafen maken deel uit van het jaarverslag en vallen dus niet onder de controle van de jaarrekening. Primair object van de accountantscontrole (op grond van Artikel 213 van de Gemeentewet) is de jaarrekening, waaronder het overzicht van baten en lasten met toelichting en de balans met toelichting, zoals in de jaarstukken 2023 is opgenomen.

Hieronder zijn onze conclusies en aanbevelingen inzake het jaarverslag opgenomen: Element jaarverslag

Uw jaarverslag bevat in materiële zin de vereiste informatie op basis van artikel 24 lid 2, artikel 25 en 26 BBV. Daarnaast zouden de cijfers 2023 van uw Vereisten BBV

Voor de accountantscontrole onderzoeken wij het jaarverslag om vast te stellen of het jaarverslag verenigbaar is met de jaarrekening en geen materiële afwijkingen bevat en of het jaarverslag alle informatie bevat die op grond van de Gemeentewet en de Nederlandse Standaard 720 is vereist. Deze werkzaamheden hebben niet dezelfde diepgang als onze controlewerkzaamheden bij de jaarrekening. Wij hebben geen strijdigheden geconstateerd tussen de in het jaarverslag opgenomen informatie en het beeld van de jaarrekening en geen materiele afwijkingen gesignaleerd.

Onze waarneming

verbonden partijen opgenomen dienen te worden, deze zijn echter nog niet in alle gevallen beschikbaar. In die gevallen zijn begrote cijfers of prognoses opgenomen.

Verenigbaar

Overeenstemming

Paragrafen

Uw jaarverslag is verenigbaar met de jaarrekening. Wij hebben vastgesteld dat de informatie in het jaarverslag overeenstemmen met de resultaten van de door ons uitgevoerde controlewerkzaamheden. Alle verplichte paragrafen zijn opgenomen en zijn kwalitatief van voldoende niveau.

Incidentele baten en

De toelichting op de incidentele baten en lasten voldoet aan de eisen vanuit

lasten

het BBV. Fraude en de frauderisicoanalyse is een steeds belangrijker thema. In het

Fraude

bestuursverslag wordt nu beperkte aandacht besteed aan dit onderwerp. Wij adviseren u dit in de toekomst meer te doen.

19

3.5 SiSa-bijlage en WNT SiSa-bijlage Wij hebben de in de SiSa-bijlage van de jaarrekening genoemde specifieke uitkeringen gecontroleerd met inachtneming van de Nota verwachtingen accountantscontrole SiSa 2023. De hierbij geconstateerde fouten en onzekerheden dienen op grond van het Bado in het verslag van bevindingen te worden opgenomen indien de navolgende rapporteringstolerantie per specifieke uitkering wordt overschreden: − € 12.500 indien de omvangbasis kleiner dan of gelijk aan € 125.000 is; − 10% indien de omvangbasis groter dan € 125.000 en kleiner dan of gelijk aan € 1.000.000 is; − € 125.000 indien de omvangbasis groter dan € 1.000.000 is. Op grond van ons onderzoek hebben wij bij de specifieke uitkeringen geen fouten en/of onzekerheden geconstateerd die de voor SiSa geldende rapporteringstolerantie overschrijden. De SiSa-bijlage dient door uw gemeente samen met een aantal andere verplicht voorgeschreven verantwoordingsstukken voor 15 juli aanstaande elektronisch bij het CBS te worden aangeleverd. Door middel van een voorgeschreven tabel dienen wij te rapporteren over onze bevindingen ten aanzien van de in de jaarrekening opgenomen SiSa-bijlage. In bijlage A bij dit rapport zijn deze bevindingen in de voorgeschreven tabel opgenomen. U kunt deze tabel hanteren ten behoeve van verzending naar het CBS.

WNT verantwoording Als onderdeel van onze controle hebben wij de naleving van de Wet normering topinkomens (WNT) gecontroleerd. Op basis van deze wet zijn de bezoldiging van topfunctionarissen in de publieke en semipublieke sector en de uitkeringen wegens beëindiging dienstverband aan topfunctionarissen wettelijk gemaximeerd. Voor gemeenten geldt dat de gemeentesecretaris en de griffier als topfunctionaris worden aangemerkt. Beide topfunctionarissen zijn in loondienst. Er hebben zich in 2023 geen wijzigingen voorgedaan. Voor topfunctionarissen geldt naast de maximering van de bezoldiging en eventuele uitkering wegens beëindiging van het dienstverband een publicatieverplichting in de jaarrekening. Deze publicatieverplichtingen geldt eveneens voor bezoldiging van niet-topfunctionarissen met een dienstbetrekking, indien hun bezoldiging het algemene bezoldigingsmaximum (naar rato van de omvang van het dienstverband) overschrijdt. Wij hebben vastgesteld dat de bezoldigingen over 2023 niet strijdig zijn met de WNT en dat de jaarrekening voldoet aan de publicatieverplichtingen van de WNT. Wij willen benadrukken dat de naleving van de anticumulatiebepaling (het nagaan of topfunctionarissen van uw gemeente betrokken zijn bij andere organisatie c.q. nevenactiviteiten hebben welke onder de WNT vallen) overigens geen onderdeel uitmaakt van de controle van de accountant.

In onze controleverklaring treft u ook een expliciete uitzondering hieromtrent. De WNT-toezichthouders kunnen hier wel zelfstandig onderzoek naar doen en zo nodig handhavend optreden.

20

Financiële positie

4.1 Ontwikkelingen in de jaarcijfers Verloop van het eigen vermogen van uw gemeente Het eigen vermogen, inclusief het gerealiseerde resultaat, bedraagt per 31 december 2023 volgens de jaarrekening € 107,6 miljoen.

Ter illustratie en aanvullende informatie geven wij u in het hierna opgenomen overzicht de ontwikkeling van het resultaat (“gerealiseerde totaal saldo van baten en lasten” en “gerealiseerde resultaat”) weer over de jaren 2021 tot en met 2023.

Grafiek ontwikkeling eigen vermogen (x € 1.000)

120.000 100.000 80.000 60.000 40.000 20.000 0 2020 Algemene reserve

2021 2022 Bestemmingsreserve

2023

Gerealiseerd resultaat

Van de totale reserves ter hoogte van € 96,4 miljoen is € 41,3 miljoen opgenomen als algemene reserve. Het saldo van deze algemene reserve is ten opzichte van voorgaand jaar gestegen met € 10,8 miljoen. Per saldo is gedurende 2023 € 1,7 miljoen toegevoegd aan de bestemmingsreserves. Deze dotatie (ten laste van het resultaat) vormt samen met het totaal saldo van baten en lasten (€ 12,9 miljoen voordelig) het gerealiseerde resultaat van € 11,2 miljoen. Analyse van het resultaat Het resultaat voor mutaties in de reserves laat een positief saldo zien. Het gerealiseerde totaal saldo van baten en lasten bedraagt afgerond € 12,9 miljoen positief. In de primitieve begroting was rekening gehouden met een nadelig resultaat van € 0,7 miljoen.

Wij constateren dat in meerjarenperspectief positieve resultaten worden gerealiseerd, zowel operationeel (saldo van baten en lasten) als onder aan de streep (“gerealiseerde resultaat”). De forse omvang van deze positieve resultaten worden niet in onbelangrijke mate beïnvloed door incidentele posten. Voor 2021 waren het aanvullende coronamiddelen vanuit het gemeentefonds en in 2022 en 2023 waren er forse meevallers als gevolg van de middelen ontvangen voor de opvang van Oekraïense vluchtelingen. In meerjarenperspectief blijkt uit uw programmabegroting 2024 dat de begroting in meerjarenperspectief onder druk staat, als gevolg van de terugval in de omvang van de algemene uitkering uit het gemeentefonds. In de begroting zijn structurele bezuinigingen ingerekend die oplopen tot € 8,8 miljoen in 2027. Wij achten het van groot belang de realisatie van deze bezuinigingen te monitoren en waar nodig tijdig bij te sturen. Wij adviseren u daarnaast in scenario’s uit te werken welke keuzes er zijn om eventuele aanvullende tegenvallers op te vangen. 22

4.2 Financiële positie In de toelichting op het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening wordt in hoofdlijnen een verklaring gegeven voor de afwijkingen ten opzichte van de begroting na wijziging. Als onderdeel van de toelichting op het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening 2023 wordt overzichtelijk aangegeven welke baten en lasten als incidenteel zijn aan te merken. Voor een gedetailleerd inzicht van de afwijkingen en de verklarende toelichting hierop verwijzen wij u naar de toelichtingen per programma, zoals opgenomen in de toelichting op het overzicht van baten en lasten in uw jaarrekening. Weerstandsvermogen en financiële kengetallen De analyse van het weerstandsvermogen en de financiële kengetallen is een onderdeel van het jaarverslag en de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing. Vanuit onze controlerende rol dienen wij vast te stellen of het jaarverslag (en dus deze paragraaf) niet strijdig is met de jaarrekening en geen materiële onjuistheden bevat. De kengetallen moeten altijd in relatie tot elkaar worden bezien. Hieronder hebben wij de ontwikkelingen in uw kengetallen en een relatie naar de landelijke ontwikkelingen weergegeven: Kengetallen

Gemeente Doetinchem

Landelijk

Gelderland

2023

2022

2023*

2022

2023*

2022

Netto schuldquote

45%

56%

71%

39%

61%

36%

Netto schuldquote gecorrigeerd

43%

51%

65%

33%

54%

28%

Solvabiliteit

32%

30%

31%

39%

31%

39%

Grondexploitaties

15%

13%

6%

6%

9%

7%

Belastingcapaciteit

79%

91%

105%

102%

102%

101%

Structurele exploitatieruimte

1%

10%

0,5%

5,2%

0,6%

5,3%

* = op basis van begroting

Uit de combinatie van de kengetallen kan een beeld worden gemaakt van de financiële positie van de gemeente. Daarbij kan ook inzichtelijk worden gemaakt wat de oorzaak is van een sterke of zwakke financiële positie. De financiële kengetallen geven, met de inherente beperkingen hierbij, inzicht in (de ontwikkeling) uw financiële positie, mede in relatie tot de landelijke benchmark. Algemeen kan gesteld worden dat de schuldquote en belastingcapaciteit alsook de structurele exploitatieruimte 2023 van de gemeente Doetinchem beter zijn dan het begrote landelijk gemiddelde voor 2023 alsook het provinciale gemiddelde. Kanttekening daarbij wel is dat de lagere belastingcapaciteit (meer ruimte om belastingen te verhogen ten opzichte van landelijk gemiddelde) het gevolg is van de eenmalige verlaging in 2023. Het kengetal grondexploitatie geeft weer hoe de waarde van de in exploitatie genomen gronden zich verhoudt tot de totale (geraamde) baten. Ook hier blijkt ook de behoorlijk forse omvang van de grondexploitatie (en dus ook de groeiambitie van de gemeente Doetinchem) In de paragraaf "Weerstandsvermogen en risicobeheersing" in het jaarverslag is een toelichting opgenomen op de weerstandscapaciteit van de gemeente.

Op basis van de inventarisatie van de geïdentificeerde risico’s, waarbij rekening wordt gehouden met kans op voordoen en financiële impact, wordt berekend welk bedrag benodigd is ter dekking van de geïdentificeerde risico's. Hierbij wordt verondersteld dat alle risico's zich nooit tegelijk voordoen. Wij kunnen ons vinden in dit uitgangspunt. In 2023 heeft de gemeente de applicatie Fully in control aangeschaft om te ondersteunen bij de risicobeheersing. Op dit moment bevindt e.e.a. zich nog in de ontwikkelfase. De beschikbare weerstandscapaciteit bestaat uit de algemene reserve (inclusief resultaat boekjaar) en een stelpost. Daarmee bedraagt de weerstandscapaciteit ultimo boekjaar € 43,7 miljoen. Dit is een stijging ten opzichte van de jaarstukken 2022 van € 2,9 miljoen (7%). De benodigde capaciteit op basis van het bij de begroting 2024 geïnventariseerde risicoprofiel bedraagt € 22,5 miljoen. Dit is een stijging van € 4 miljoen ten opzichte van 2022 (21%). De stijging van de risico’s zit vooral in het risico omtrent het gemeentefonds en de risico’s met betrekking tot verbonden partijen. De stijging van de beschikbare capaciteit en de stijging van de benodigde capaciteit leidt tot een verslechtering van de weerstandsratio. Deze daalt van 2,52 in 2022 naar 1,94 in 2023. Dat is overigens nog altijd boven de door u gestelde bovennorm van 1,5. 23

Bevindingen interne beheersing

5.1 Bevindingen interne beheersing Algemeen Naar aanleiding van onze tussentijdse controle over 2023 hebben wij op 30 januari 2024 aan het college een management letter uitgebracht. Gelijktijdig hebben we voor u als raad een board letter met de belangrijkste bevindingen uitgebracht. Onze doelstelling van deze controle is om een beeld te krijgen of de interne beheersingsomgeving en de daarin opgenomen maatregelen van interne controle toereikend zijn in het kader van onze opdracht tot de controle van de jaarrekening van uw gemeente. Dit beeld is in belangrijke mate bepalend voor onze risico-inschatting en hiermee voor de omvang en diepgang van onze werkzaamheden die wij bij de jaarrekeningcontrole moeten uitvoeren teneinde de gewenste zekerheid te verkrijgen dat de jaarrekening géén materiële fouten bevat. Uit onze risico-inschatting komen een aantal risicogebieden naar voren die een verhoogd risico met zich meebrengen op een materiële fout in uw jaarrekening. Wij hebben in onze management letter en board letter gerapporteerd dat een ambitieuze groeidoelstelling naar 70.000 inwoners per 2036 veel vraagt van een organisatie, waarbij de groeidoelstelling natuurlijk van invloed is op processen die primair met de realisatie van de groeidoelstelling belast zijn. Zo moet de personele capaciteit op orde zijn. Bovendien moeten ook de ondersteunende processen adequaat ingeregeld zijn.

De personele capaciteit van concerncontrol is daarbij een specifiek aandachtspunt in het licht van de jaarrekeningcontrole aangezien zij een belangrijke rol hebben bij het aantonen van de rechtmatigheid in het kader van de aanstaande rechtmatigheidsverantwoording. Vooralsnog lukt het niet de uitgezette vacature te vervullen en wordt noodgedwongen capaciteit ingehuurd. Mogelijk gevolg daarvan is dat een deel van de opgedane ervaring en kennis met de onderbouwing van de rechtmatigheidsverantwoording weer verdwijnt op het moment dat de externe ingehuurde capaciteit weer vertrekt. Wij zien dat er goede initiatieven genomen zijn om de interne beheersing van de gemeente Doetinchem te verbeteren en voor te bereiden op de aanstaande rechtmatigheidsverantwoording. Evenwel was de realiteit ook dat ten tijde van de interimcontrole slechts twee van de bevindingen volledig waren afgerond en dat de overige bevindingen nog onderhanden waren.

Bij de jaarrekeningcontrole hebben wij geconstateerd dat ondanks de druk op de capaciteit de gemeente een verbeterslag in het jaarrekeningtraject heeft gerealiseerd. De kwaliteit van de ter controle aangeboden jaarstukken was hoger en het balansdossier beter voorbereid. Dit heeft geleid tot een halvering van de door ons gestelde vragen (140 ten behoeve van de controle 2022 vs. 85 dit jaar) en een forse daling in de door te voeren correcties (43 in 2022 en slechts 3 dit jaar). Geautomatiseerde gegevensverwerking Wij rapporteren onze bevindingen met betrekking tot de betrouwbaarheid en continuïteit van de geautomatiseerde gegevensverwerking in dit verslag. Hierbij dient opgemerkt te worden dat de accountantscontrole van de jaarrekening niet specifiek is gericht op de betrouwbaarheid en continuïteit van de geautomatiseerde gegevensverwerking. De jaarrekeningcontrole heeft geen tekortkomingen in de continuïteit en betrouwbaarheid van de geautomatiseerde gegevensverwerking aan het licht gebracht. Onze controle was en is niet primair gericht op het doen van een uitspraak omtrent de continuïteit en betrouwbaarheid van (delen van) de geautomatiseerde gegevensverwerking en wij hebben daartoe ook geen opdracht van het management ontvangen. Evenwel wordt IT een steeds belangrijker onderdeel van de bedrijfsvoering en daarmee ook van de jaarrekening- controle.

Uit onze IT-audit komt naar voren dat de gemeente Doetinchem op het gebied van toegangsbeveiliging en wijzigingsbeheer nog belangrijke stappen moet zetten. Voor zowel de applicatie Key2Financiën, InvoiceIN en Suites zijn belangrijke verbeterpunten opgenomen m.b.t. hoge rechten en het uitvoeren van zichtbare periodieke controles. In 2023 hebben wij een cyber health check uitgevoerd om u inzicht te geven in de cyberweerbaarheid van uw organisatie. Hieruit blijkt een groot aantal sterke punten, maar met name op de onderdelen Protect en Response is nog wel ruimte voor verdere verbetering.

25

5.1 Bevindingen interne beheersing Fraude en naleving wet- en regelgeving Het college is primair verantwoordelijk voor het voorkomen van fraude, het naleven van wet- en regelgeving en voor een cultuur van eerlijkheid en integriteit en dient zowel preventieve als repressieve beheersingsmaatregelen te nemen om de kans op fraude en overtreding van wet- en regelgeving zo veel mogelijk te beperken. De Raad is verantwoordelijk voor het toezicht op het college in de uitvoering van deze taken. Voor het uitoefenen van deze verantwoordelijkheid maakt het management gebruik van diverse beheersingsmaatregelen, zoals interne richtlijnen en gedragscodes, controle technische functiescheiding en periodieke rapportages over financiën. Ten behoeve van onze jaarrekeningcontrole identificeren wij de risico’s met betrekking tot fraude en overtreding van wet- en regelgeving en beoordelen wij de interne beheersingsmaatregelen die gericht zijn op het voorkomen en signaleren van (materiële) fraude en niet-naleving van wet- en regelgeving. Voor zover relevant voor onze controle voeren wij gegevensgerichte controlewerkzaamheden uit. Onze controle is echter niet specifiek gericht op het signaleren van fraude en niet-naleving van wet- en regelgeving. Wij hebben als onderdeel van de jaarrekeningcontrole 2023 de inschatting inzake frauderisico’s met betrekking tot uw organisatie besproken.

Deze bespreking komt ook voort uit onze verplichte rapportage van de accountant over de uitkomsten van onze werkzaamheden met betrekking tot de ingeschatte frauderisico’s in de controleverklaring. Fraudebeheersing en onze observaties Om bestuurders en toezichthouders houvast te bieden heeft het NBA in februari 2022 de brochure “Frauderisicobeheersing” uitgebracht. Wij adviseren u om kennis te nemen van de 11 aanbevelingen die hierin zijn gedaan.

Landelijk onderzoek laat zien dat het grootste deel van de fraudegevallen door middel van een ‘tip’ aan het licht komt. Dit maakt het belang van een fraudemeldpunt en klokkenluidersregeling groot. Het is goed uw medewerkers hier periodiek van bewust te maken. In het kader van onze controle hebben wij geen bevindingen te melden met betrekking tot de naleving van wet- en regelgeving. Bij de interim-controle is aangegeven dat de gemeente druk doende is de frauderisicoanalyse te actualiseren en dat verwacht werd dat deze in het vierde kwartaal van 2023 kan worden geformaliseerd. Inmiddels is het stuk gereed. De gemeente heeft aangegeven dat de frauderisicoanalyse nog niet volledig is. Zo zal de risicorespons van de gemeente nog beschreven moeten worden en zal een inventarisatie moeten plaatsvinden van welke restrisico’s/leemtes in de interne beheersing resteren en hoe de gemeente deze ondervangt (bijvoorbeeld via de verbijzonderde interne controle). De analyse zal gedurende het jaar ook nog verder worden geactualiseerd en in de toekomst zullen de resultaten uit de analyse worden besproken met de budgethouders.

Naleving wet- en regelgeving en overige Wij informeren de gemeenteraad over illegale handelingen waarbij het hoger kader is betrokken en over fraude en illegale handelingen (of deze nu door het hoger kader of door andere werknemers zijn veroorzaakt) die een onjuistheid van materieel belang in de jaarrekening tot gevolg hebben. Gedurende de controle zijn geen punten gesignaleerd ten aanzien van feitelijke of vermoedelijke niet-nakoming van wet- en regelgeving, voor zover deze van belang worden geacht voor de mate waarin de gemeenteraad in staat is haar taken te vervullen. Corruptie en omkopingsrisico’s Uw gemeente maakt onderdeel uit van de overheidssector waarin corruptie vaker dan bij andere sectoren voorkomt. Dit komt onder andere omdat veel transacties met een relatief grote omvang plaatsvinden, de transparantie over marktprijzen niet in alle gevallen voldoende is om te beoordelen en frequent zaken gedaan wordt met andere corruptiegevoelige sectoren (vastgoed, constructie, infrastructuur et cetera). Hierdoor hebben wij dit als aandachtspunt in onze controle meegenomen. 26

5.1 Bevindingen interne beheersing Corruptie is een wereldwijd probleem waarbij het uw verantwoordelijkheid is om corruptie binnen uw gemeente te voorkomen. Onze beroepsregels zijn in de praktijkhandreiking “Corruptie, werkzaamheden van de accountant” verder aangescherpt, hetgeen tot aanvullende werkzaamheden heeft geleid. De gemeente beschikt over beschreven integriteitsbeleid en een intern inkoop- en aanbestedingsbeleid. Wij hebben de volgende werkzaamheden verricht om eventuele effecten van dit risico ten behoeve van onze controle van de jaarrekening te mitigeren: − De gemeente heeft zelf werkzaamheden uitgevoerd om te controleren dat de aanbestedingen conform de geldende Europese aanbestedingsregels en de Aanbestedingswet 2012 zijn aanbesteed. Wij hebben steekproefsgewijs een deel van deze werkzaamheden gecontroleerd; − Door middel van een steekproef vaststellen of voor alle inkopen welke in rekening zijn gebracht aan de gemeente ook een prestatie is geleverd door de tegenpartij. − Door middel van een steekproef vaststellen of bij alle materiële grondaankopen en – verkopen door de gemeente vastgestelde procedures in materiële zin zijn gevolgd; − Door middel van een steekproef vaststellen of alle verstrekte subsidies in overeenstemming met de geldende interne wet- en regelgeving zijn verstrekt. Uit bovenstaande werkzaamheden zijn geen bevindingen voortgekomen.

27

Actualiteiten

6.1 Actualiteiten ESG Het integreren van duurzaamheidsaspecten binnen uw organisatie en bedrijfsvoering wordt de toekomstige norm. De EU zet flink in op het afdwingen van transparantie over het gevoerde duurzaamheidsbeleid. Een voorbeeld daarvan: met ingang van het boekjaar 2025 moeten grote ondernemingen (volgens de jaarrekening criteria) rapporteren over de voortgang en realisatie van hun duurzaamheidsambities (CSRD) en over de bijdrage van hun producten en/of diensten aan een klimaatneutrale economie (EU Taxonomy).

Vooruitlopend op de wettelijke verplichtingen is eerdere toepassing (op vrijwillige basis) toegestaan. Om sustainability in uw organisatie te integreren kunt u het ESG raamwerk zoals hieronder weergegeven doorlopen.

Hieronder geven wij een opsomming van de meest recente ontwikkelingen op het gebied van duurzaamheid. −

De nadere uitwerking van de CSRD is vorm gegeven in de European Sustainability Reporting Standards (ESRS). Op 31 juli 2023 heeft de Europese Commissie deze ESRS goedgekeurd, waarmee de invoering voor ondernemingen definitief is geworden.

−

De EU Taxonomy (een door de EU opgestelde lijst van producten en diensten die als ‘groen’ aangemerkt mogen worden) wordt ondertussen steeds verder uitgebreid. Aan de lijst worden voortdurend diverse economische activiteiten toegevoegd die gericht zijn op de transitie naar circulariteit, het duurzaam gebruik van water, de preventie en beheersing van vervuiling en de bescherming en het herstel van de biodiversiteit.

−

Een andere verordening die op termijn toepassing zal gaan vinden is de Corporate Sustainability Due Diligence Directive (CSDDD). Deze verordening omvat verplichtingen voor ondernemingen om de impact van haar eigen activiteiten en die van haar waardeketen op het gebied van mensenrechten en natuur en klimaat te identificeren en vervolgens maatregelen te treffen om negatieve consequenties daarvan te voorkomen of te mitigeren. Een onderneming moet kunnen aantonen dat zij al het mogelijke heeft gedaan om hieraan te voldoen. Een belangrijk element uit de verordening is dat bestuurders aansprakelijk kunnen worden gesteld indien niet in voldoende mate gevolg aan deze verordening is gegeven.

We kunnen concluderen dat het ESG regelgevingskader volop in beweging is. Alles is erop gericht dat organisaties duurzaamheid in hun organisaties verankeren en rapporteren over uw bijdrage/impact op de thema’s Environment, Social en Governance.

Dit is een 8-stappenplan om te komen tot een geïntegreerde duurzaamheidsstrategie en uiteindelijk uw duurzaamheidsverslag. Dit bestaat uit de volgende stappen: 1. Materialiteit analyse – Wat zijn de meest relevante thema’s voor mijn organisatie? 2. Baseline – Waar sta ik nu? 3. Ambitie &Doelen – Waar wil ik naar toe? 4. Gaps & Focus – Wat zijn de grootste gaten nu? 5. Strategie – Hoe geef ik richting aan mijn ambitie? 6. Actieplannen & KPI’s – Hoe kan ik mijn doelen bereiken? 7. Resultaat & Reporting – Waar sta ik t.o.v. mijn ambitie? 8. Evaluatie, (bij)Sturen & Verbeteren – Wat kan ik additioneel doen? Baker Tilly ESG Advisory kan u bij al deze processtappen (al naar gelang uw behoefte) ondersteunen. Onze verwachting is dat op termijn de rapportageverplichtingen voor ondernemingen ook voor decentrale overheden gaan gelden. We adviseren u hier dan ook al op voor te sorteren. 29

6.1 Actualiteiten Notitie Grondbeleid in begroting en jaarstukken In december van 2023 is door de Commissie BBV de notitie Grondbeleid in begroting en jaarstukken (2023) gepubliceerd. Deze notitie is op een aantal punten sterk afwijkend van de vorige notitie als gevolg van de invoering van de Omgevingswet. Er zijn wijzigingen van het kostenverhaal faciliterend grondbeleid op een viertal punten: 1) De bijdrage aan het kostenverhaal wordt niet meer in rekening gebracht via de omgevingsvergunning, maar via een aparte kostenverhaalsbeschikking. 2) Er zijn meer keuzemogelijkheden om kosten te verhalen. 3) De kostensoortenlijst is uitgebreid. 4) Er is in de Omgevingswet een regeling opgenomen voor verplichte financiële bijdragen aan ontwikkelingen.

4) Winstneming via de POC-methode, dat wil zeggen op basis van de betrouwbaar geraamde winst naar rato van de realisatie van verkopen èn kosten, vindt pas plaats als de resterende looptijd van een grondexploitatie tien jaar of minder is. 5) Binnen een gemengde exploitatie met bouwgrondexploitatie- en faciliterende projecten mag het resultaat gesaldeerd worden indien de deelgebieden onlosmakelijk in de ontwikkeling met elkaar verbonden zijn. Alle wijzigingen in de notitie die te maken hebben met de Omgevingswet treden in werking gelijktijdig met de inwerkingtreding van de Omgevingswet per 1 januari 2024. Alle overige wijzigingen treden in werking met ingang van begrotingsjaar 2025. Toepassing met ingang van de jaarrekening 2024 is mogelijk maar niet verplicht.

Daarnaast zijn er een aantal wijzigingen aangebracht als gevolg van 'voortschrijdend inzicht’: 1) De voorwaarden voor warme gronden zijn aangepast naar aanleiding van de praktijksituaties met ingang van boekjaar 2022: - De gebiedsontwikkeling hoeft niet langer uitsluitend betrekking te hebben op woningbouw, maar kan ook betrekking hebben op bijvoorbeeldbedrijfsterreinen; - De voorwaarde dat er betrokkenheid is bij de gebiedsontwikkeling van provincie of rijksoverheid vervalt; - De (toekomstige) bestemming(en), functie(s) en/of ontwikkeling betreffende het plangebied dien(en)t goed onderbouwd te worden. 2) Voorbereidingskosten bij zowel actieve als facilitaire grondexploitaties mogen na 5 jaar ook worden voorzien in plaats van te worden afgeboekt. 3) De rentetoerekening aan actieve grondexploitaties wordt vereenvoudigd door toe te staan dat de in een gemeente reeds gehanteerde omslagrente ook wordt toegepast bij actieve grondexploitaties.

30

6.1 Actualiteiten Notitie Rente De doelstelling van Notitie rente 2023 is het bevorderen van een eenduidige handelwijze met betrekking tot de toerekening van rente door gemeenten en het transparant maken van de wijze waarop de gemeenten met rente zijn omgegaan. De notitie treedt in werking met ingang van begrotingsjaar 2025, waarbij eerdere toepassing bij de begroting 2024 is toegestaan. De belangrijkste wijziging betreft de rentetoerekening aan de grondexploitaties door middel van de rente-omslag, die voorheen werd gebaseerd op het gemiddelde rentepercentage over het vreemde vermogen. De omslagrente wordt berekend door de aan de taakvelden toe te rekenen rente te delen door de boekwaarde per 1 januari van de vaste activa + voorraad gronden. Indien de werkelijke rentelasten meer dan 25% afwijken van de rentelasten op basis van de voorgecalculeerde renteomslag, dan moet de gemeente verplicht de werkelijke rente verwerken. In het publiekrechtelijke kostenverhaal bij faciliterende grondexploitaties moet overeenkomstig de Omgevingswet voor de rentetoerekening het rentepercentage worden gehanteerd op grond van de afspraken in de overeenkomst en niet de interne omslagrente. De commissie BBV adviseert verder het renteschema zoals opgenomen op pagina 5 van de Notitie van de commissie BBV in de paragraaf financiering van de begroting en jaarstukken op te nemen.

Indien de rentebaten hoger zijn dan de rentelasten, ontstaat er een ‘negatieve’ renteomslag. Dit is een resultaat van treasurybeleid en beheer en wordt dan ook niet daadwerkelijk aan de taakvelden toegerekend, maar blijft op het taakveld treasury als bate verantwoord staan.

Tot slot wordt gesteld dat wanneer een rentevergoeding over het eigen vermogen wordt berekend, deze gemaximeerd is op het gewogen gemiddelde rentepercentage dat door de gemeente over extern aangetrokken financieringsmiddelen wordt vergoed. Dit betekent ook dat wanneer er geen aangetrokken financiering is, er geen rente over het eigen vermogen kan worden berekend. De commissie BBV geeft vanuit transparantie de aanbeveling om geen rente over het eigen vermogen te berekenen. Notitie Overhead De notitie Overhead van de Commissie BBV is in december 2023 herzien. In deze notitie worden kaders meegegeven over de toerekening van Overhead aan onder andere de leges van de gemeente. In de nieuwe notitie is vooral de definitie van Overhead aangepast. Deze luidt nu als volgt: het geheel van functies gericht op de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. Hiertoe behoren ook de systemen en aanverwante lasten die deze functies ondersteunen. De nieuwe definitie zorgt er voor dat duidelijker kan worden vastgesteld welke lasten direct toegerekend kunnen worden aan bepaalde taakvelden. Voor de berekening van de tarieven voor de lokale heffingen moet de methodiek voor toerekening van overhead worden gebruikt zoals deze is opgenomen in de financiële verordening. Deze methodiek mag niet afwijken van de overige methodieken voor het toerekenen van overhead.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://besluitvorming.doetinchem.nl/api/v1/meetings/7974/documents/47687