Bijlage 7 Jaarrekening 2025 GR Laborijn
Tekst van het document
Jaarstukken Laborijn 2025 n 1
Voorwoord In dit verslag en de jaarrekening over 2025 blikken we terug op het afgelopen jaar. We rapporteren daarin over de mooie resultaten zijn behaald. Onze professionals hebben met veel inzet een bijdrage geleverd aan het bieden van inkomenszekerheid en het ondersteunen en ontwikkelen van inwoners naar de best passende, zo regulier mogelijke, plek in de samenleving. Een prachtige opgave waar we, in nauwe samenwerking met tal van samenwerkingspartners, met veel plezier en toewijding aan werken. Tussentijds delen we dit ook actief in de media, onze website en natuurlijk op de sociale mediakanalen. We kiezen daarbij heel bewust voor het brengen van “ervaringsverhalen” over onze inwoners die concrete stappen zetten in hun ontwikkeling richting bijvoorbeeld betaald werk, participeren, een opleiding of in het inburgeringstraject. Als u het afgelopen jaar onze locatie in Doetinchem heeft bezocht, is het u vast niet ontgaan. De realisatie van onze nieuwbouw is een nieuwe fase ingegaan Alle noodzakelijke sloopwerkzaamheden om plaats te maken voor de nieuwbouw zijn afgerond. Na het grondwerk is begin september de ‘eerste paal’ geslagen als start van de bouw. Dit hebben we onder het genot van een hapje en een drankje met elkaar gevierd tijdens ‘het eerste (mijl)paal feest’. Volgens planning verwachten we dat eind 2026 de nieuwbouw gereed zal zijn.
Begin 2025 werden onze collega's die vallen onder de cao’s SW en Aan de Slag geconfronteerd met een onverwachte verlaging van het nettosalaris. Dit als gevolg van de aanpassing van fiscale regelgeving. Inmiddels is er goed nieuws: de landelijke Cedris-actie #IkVerdienHetOok, waaraan we vanuit Laborijn nadrukkelijk een bijdrage hebben geleverd, heeft succes gehad! De Tweede Kamer heeft ingestemd met het voorstel om medewerkers bij werkontwikkelbedrijven over 2025 te compenseren. In november van 2025 zijn de betreffende medewerkers via het salaris gecompenseerd, waarbij een deel van de compensatie zelfs netto is verstrekt door gebruik te maken van de resterende vrije ruimte in de werkkostenregeling. De meicirculaire van het Rijk bevatte voor de deelnemende gemeenten en indirect voor Laborijn een aantal belangrijke financiële ontwikkelingen. Het Rijk stelt vanaf 2025 extra middelen beschikbaar waarmee landelijk 10.000 extra werkplekken bij sociale ontwikkelbedrijven gerealiseerd kunnen worden. Deze plekken zijn bedoeld voor inwoners die niet voldoen aan de scherpe criteria van beschut werk maar wel (tijdelijk) zijn aangewezen op de begeleiding en infrastructuur van sociaal ontwikkelbedrijven.
Daarnaast heeft het Rijk voor een periode van 10 jaar middelen beschikbaar gesteld om de infrastructuur van sociaal ontwikkelbedrijven te behouden, door te ontwikkelen en voor een brede doelgroep beschikbaar te maken. Een in onze ogen prachtige ontwikkeling waarvoor we inmiddels concrete plannen hebben. Vervolgens is in de septembercirculaire het budget voor beschut werk verhoogd in verband met de aanpassing van de loonwaardesystematiek van de LKS en zijn er implementatiemiddelen beschikbaar gesteld voor de Participatiewet in Balans. In oktober zijn vervolgens de definitieve - positief bijgestelde – BUIG-budgetten bekend geworden. Voor de gemeente Doetinchem is een mooi positief BUIG-resultaat behaald van € 832.000 en het tekort voor de gemeente Aalten is beperkt gebleven tot € 181.000. In 2025 heeft de commissie BBV1 onverwachts bepaald dat, in tegenstelling tot eerdere berichtgeving, een voorziening gevormd moet worden voor de RVU-verplichting van de Wsw-medewerkers die gebruik maken van de RVU-regeling. Hierdoor heeft Laborijn in 2025 een voorziening moeten treffen van € 700.000 euro. Het jaarresultaat over 2025 is, vóór de 1 Besluit Begroting en Verantwoording
2
vorming van deze voorziening, € 520.000 euro positief. Daarom is slechts € 180.000 onttrokken uit de algemene reserve in plaats van € 700.000 zoals eerder besloten door het Algemeen Bestuur. Eerder is al besloten dat de algemene reserve weer wordt aangevuld als de Rijksbijdrage in 2026 en 2027 wordt ontvangen. Daarnaast kan de voorziening voor milieukosten vrijvallen van € 345.000 omdat deze verplichting is overgedragen aan de gemeente Doetinchem. Hiervoor is een voorstel resultaatbestemming gemaakt. Uit ons continue klanttevredenheidsonderzoek blijkt dat inwoners de dienstverlening van Laborijn positief waarderen. Toch gaat soms onbedoeld niet alles goed in onze contacten met inwoners. Dat leidt soms tot een klacht die door onze klachtenfunctionaris zorgvuldig wordt onderzocht. In het afgelopen kwartaal hebben we onze klachtenregeling geactualiseerd. Het resultaat is een eenvoudige regeling die nog beter toegankelijk is. Tot slot ben ik verheugd te kunnen melden dat we een aantal dienstverleningsovereenkomsten hebben mogen afsluiten passend binnen het nieuw vastgestelde toetsingskader. Inwoners van de gemeente Oude IJsselstreek die vallen onder de Wet Inburgering kunnen inmiddels gebruik maken van de mooie infrastructuur van Laborijn. In de komende periode zal Laborijn naast het inhoudelijke aanbod ook de trajectregie gaan verzorgen.
Ook de overeenkomst voor de uitvoering van Beschut werk en jobcoaching met de gemeente Oude IJsselstreek is uitgebreid. Voor de gemeente Aalten bieden we extra ondersteuning bij de arbeidsinschakeling en participatie van Oekraïners. In pilotvorm is in 2025 onderzocht welke specifieke ondersteuningsbehoefte deze inwoners in Aalten hebben. Dit is nu omgezet in een reguliere werkwijze voor de duur van de huidige EU-richtlijn (tijdelijke bescherming ontheemden Oekraïne) waarbij naar verwachting gebruik van de Participatiewet in de toekomst kan worden beperkt.
Jeroen Spruit algemeen directeur
3
Voorwoord ........................................................................................................................... 2 1.
Organisatie ................................................................................................................... 6 1.1 Missie en taken ........................................................................................................................ 6 1.2 Algemene ontwikkelingen op bestuurlijk niveau ................................................................. 7 1.3 Organogram tot en met 31 december 2025 ........................................................................... 9
2.
Jaarverslag ..................................................................................................................10 2.1 Programma Inkomenszekerheid .......................................................................................... 12 2.1.1 Programmalasten ............................................................................................................... 16 2.1.2 Beleidsindicatoren ............................................................................................................. 22 2.2 Programma Mensontwikkeling ............................................................................................ 23 2.2.1 Programmalasten ............................................................................................................... 29 2.2.2 Beleidsindicatoren ............................................................................................................. 31 2.3 Programma Inburgering ........................................................................................................ 32 2.3.1 Programmalasten ............................................................................................................... 35 2.4 Programma Wsw ...................................................................................................................
37 2.4.1 Programmalasten ............................................................................................................... 38 2.5 Programma Algemene Overhead ......................................................................................... 40 2.5.1 Programmalasten ............................................................................................................... 40 2.5.2 Beleidsindicatoren ............................................................................................................. 41 2.6 Verplichte paragrafen ............................................................................................................ 42 2.6.1 Bedrijfsvoering ................................................................................................................... 42 2.6.1.1 Openbaarheidsparagraaf ................................................................................................ 52 2.6.2 Weerstandsvermogen en risicobeheersing ..................................................................... 52 2.6.3 Onderhoud kapitaalgoederen ........................................................................................... 56 2.6.4 Financiering/treasury .........................................................................................................
56 2.6.5 Verbonden partijen ............................................................................................................. 58 2.7 Sociaal jaarverslag ................................................................................................................ 59
3.
Kerngegevens .............................................................................................................68 3.1 Kengetallen algemeen ........................................................................................................... 68 3.2 Kengetallen Ambtelijk (in fte) ............................................................................................... 68 3.3 Kengetallen Wsw (in fte) ....................................................................................................... 68 3.4 Kengetallen Aan de Slag (in fte) .......................................................................................... 69 3.5 Kengetallen Participatiewet .................................................................................................. 69 3.6 Kengetallen Inburgering ....................................................................................................... 70
4.
Jaarrekening ................................................................................................................71 4.1 Balans per 31 december ....................................................................................................... 71 4.2 Overzicht van baten en lasten .............................................................................................. 73 4.2.1 Voorstel tot vaststelling van de jaarrekening .................................................................. 74 4.3 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling ......................................................... 75 4.4 Toelichting op de balans ...................................................................................................... 78 4.4.1 Activa ................................................................................................................................... 78 4.4.2 Passiva ................................................................................................................................ 82 4.5 Toelichting op het overzicht van baten en lasten .............................................................. 86 4.5.1 Programma Inkomenszekerheid .......................................................................................
86 4.5.2 Programma Mensontwikkeling ......................................................................................... 87 4.5.3 Programma Inburgering ..................................................................................................... 87 4.5.4 Programma Wsw ................................................................................................................ 88 4.5.5 Programma Algemene Overhead ...................................................................................... 89 4.6 Niet uit de balans blijkende verplichtingen ........................................................................ 89 4.7 Begrotingsrechtmatigheid .................................................................................................... 90 4
4.8 Incidentele baten en lasten................................................................................................... 90 4.9 Overzicht algemene dekkingsmiddelen .............................................................................. 90 4.10 Overzicht van de structurele toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves ........... 91 4.11 Overzicht van de gerealiseerde baten en lasten per taakveld ........................................ 91 4.12 WNT-verantwoording .......................................................................................................... 91 4.13 De bijlage met verantwoordingsinformatie over specifieke uitkeringen (Sisa) ............ 93 4.14 Gebeurtenissen na balansdatum ....................................................................................... 94 4.15 Rechtmatigheidsverantwoording ...................................................................................... 95 4.16 Controleverklaring van de onafhankelijke accountant .................................................... 96
5.
Overige gegevens .....................................................................................................103 5.1 Jaarverslag Ondernemingsraad 2025 ............................................................................... 103
Bijlage 1 Bijdragen gemeenten .......................................................................................106 Bijlage 2 Overzicht aandeel in vermogen per gemeente ...............................................110
5
1. Organisatie 1.1 Missie en taken De missie van Laborijn is dat iedere inwoner kan meedoen op de best passende plek. Bij voorkeur helpen we inwoners om de stap naar betaald (parttime) werk te zetten. Waar dat (nog) niet lukt ondersteunen we inwoners bij het participeren in de samenleving. We bieden inkomenszekerheid en ondersteunen inwoners actief bij het zetten van stappen in persoonlijke ontwikkeling. Laborijn is een juridisch zelfstandige organisatie (openbaar lichaam) met een dagelijks en een algemeen bestuur en een voorzitter op basis van de Wet gemeenschappelijke regelingen. De deelnemende gemeenten zijn Aalten, Doetinchem en Montferland. De gemeente Montferland heeft alleen de uitvoering van de Wet sociale werkvoorziening (Wsw) gedelegeerd aan Laborijn. De gemeenten Aalten en Doetinchem hebben de volgende wettelijke en overige taken overgedragen aan Laborijn: • • • • • •
Wet sociale werkvoorziening (Wsw) Participatiewet Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (Ioaz) Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (Ioaw) Artikel 1.13 Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen, met uitzondering van medisch geïndiceerden De Wet inburgering 2021
Laborijn voert ook andere taken/diensten uit zoals: • • • • • • • • • • •
diverse ondersteunende diensten voor het Werkgeversservicepunt Achterhoek dienstverlening gericht op het vinden van werk en verstrekken van leefgeld aan Oekraïense ontheemden van de gemeenten Aalten en Doetinchem dienstverlening gericht op innen van de eigen bijdrage van Oekraïense ontheemden van de gemeenten Aalten en Doetinchem de Wet Sociale Werkvoorziening voor een deel van de Wsw-medewerkers van de gemeente Bronckhorst de Wet Sociale Werkvoorziening voor alle Wsw-medewerkers van gemeente Oude IJsselstreek de jobcoaching en loonwaardemetingen voor inwoners van de gemeente Oude IJsselstreek / uitvoeringsorganisatie STOER de begeleiding voor medewerkers nieuw beschut van de gemeente Oude IJsselstreek de exploitatie van een werkleercentrum in Zelhem (gemeente Bronckhorst) waarbinnen we ontwikkeltrajecten vormgeven voor inwoners die gebruik maken van de Participatiewet, Wsw en Wet inburgering het verzorgen van de invorderingswerkzaamheden bijzondere bijstand voor de gemeente Doetinchem De uitvoering van de cao Aan de Slag (beschut werk en DGI) voor de gemeente Montferland De uitvoering van de Wet inburgering voor de gemeente Oude IJsselstreek
In de uitvoering van deze taken houdt Laborijn ook rekening met de afspraken en verordeningen die in regionaal verband zijn gemaakt.
6
De Laborijn-bijdrage aan bestaanszekerheid Laborijn levert een bijdrage aan de bestaanszekerheid van inwoners, grofweg langs de volgende 4 lijnen: 1. Inkomenszekerheid: we zorgen voor een stabiel inkomen via een dienstverband SW, een dienstverband cao Aan de Slag, een Participatiewet-uitkering of het verstrekken van een loonkostensubsidie waarmee inwoners bij reguliere werkgevers aan het werk blijven. Daarnaast bieden we voor zowel inwoners als zelfstandig ondernemers advies en ondersteuning bij inkomensvraagstukken 2. Ontwikkeling van inwoners: we bieden op alle treden van de Participatieladder trajecten om ontwikkelstappen mogelijk te maken, gericht op 'de best passende plek' 3. Inburgering van inwoners: we bieden inburgeringstrajecten waarmee naast het behalen van de formele inburgering ook duurzame stappen worden gezet naar (betaald) werk of – indien dat nog niet lukt – andere vormen van participatie binnen onze samenleving 4. Levensloopbestendig werkgeverschap doelgroep-collega's: de stijgende gemiddelde leeftijd van onze Wsw-collega's vraagt om begeleiding en maatwerk voor behoud van vitaliteit en werkplezier.
Daarbij houden we vast aan onze visie dat we zo veel mogelijk werkplekken invullen in een reguliere setting Faciliteren van ontwikkeling staat centraal Onze professionals leveren dagelijks een bijdrage om inwoners mee te laten doen op de voor hen best passende plek in de maatschappij. Wij helpen de inwoner aan betaald werk en als dat (nog) niet lukt bieden we ondersteuning bij het participeren in de samenleving. We zetten hierbij vooral in op het faciliteren van de ontwikkeling van onze inwoners. Een doorlopende ontwikkellijn Onze inzet levert bij voorkeur direct een bijdrage aan volledige of gedeeltelijke uitstroom uit de uitkering. Ook is de inzet bedoeld voor het (aantoonbaar) faciliteren van de ontwikkeling van inwoners in bijvoorbeeld tussenstappen naar inburgering, zorg, maatschappelijke participatie, vrijwilligerswerk en parttime werken. Deze visie vertaalt zich in de inrichting van de organisatie waarmee we een doorlopende ontwikkellijn voor onze inwoners creëren. Het doel is dat inwoners meedoen op de voor hen best passende plek. Het brengen naar deze plek kan ook leiden tot maatschappelijk rendement en tot opbrengsten of besparingen binnen andere delen van het sociaal domein. Samenwerkingspartners In het realiseren van onze opgave werken we graag met veel partijen in de regio samen.
Dat zijn zowel (inclusieve) werkgevers als tal van partners in het brede sociale domein. Vraagstukken van onze inwoners en werkgevers vragen steeds vaker om een brede integrale kijk en samenwerking. 1.2 Algemene ontwikkelingen op bestuurlijk niveau Het algemeen bestuur (AB) bestond in 2025 uit 6 leden: Jeanette Derksen (wethouder gemeente Montferland), Jorik Huizinga (wethouder gemeente Doetinchem en voorzitter), Ted Kok (wethouder gemeente Aalten), Mevrouw Rabella Wiersma – de Faria tot 5 februari 2025, Mevrouw Rosa Giesen vanaf 6 februari 2025 (wethouder gemeente Doetinchem), Joop Wikkerink (wethouder gemeente Aalten) en Ingrid Wolsing (wethouder gemeente Montferland). Het dagelijks bestuur (DB) van Laborijn is afkomstig uit 3 leden van het algemeen bestuur en bestond in 2025 uit: Jorik Huizinga (voorzitter), Joop Wikkerink en Ingrid Wolsing. Het AB heeft in het afgelopen jaar 3 keer vergaderd, het DB 9 keer. Op de agenda van het AB stonden onder meer de onderwerpen: de verlenging van de DVO’s met gemeente Oude IJsselstreek, de DVO Wsw met gemeente Bronckhorst, de nieuwe klachtenregeling, het aanwijzingsbesluit elektronische kanalen publieke dienstverlening, de DVO’s inzake 7
dienstverlening aan Oekraïense ontheemden, de financiële verordening, de controleverordening, de jaarstukken 2024 met het bijbehorende accountantsverslag 2024, de kadernota 2026-2029, de meerjarenbegroting 2026-2029, het normenkader 2025, de eerste en tweede begrotingswijziging 2025.
8
1.3 Organogram tot en met 31 december 2025
9
2. Jaarverslag Het totale jaarresultaat 2025 bedraagt voor mutatie reserves € 1.045.000 positief. Dit bestaat uit de afzonderlijke resultaten van de 5 geformuleerde programma’s. Hieronder is weergegeven hoe dit resultaat per programma is onderverdeeld. Na mutaties van de reserves is het resultaat € 345.000. In alle tabellen zijn de bedragen opgenomen in duizendtallen. Realisatie 2025
Begroting 2025 na wijziging
Begroting 2025 voor wijziging
Realisatie 2024
Baten Inkomenszekerheid Mensontwikkeling Inburgering Wsw Algemene overhead Totaal baten
32.658 6.523 2.582 28.158 8.620 78.541
32.765 6.498 2.552 28.032 8.232 78.080
31.176 5.742 2.559 25.453 7.520 72.449
30.871 6.194 3.613 30.410 7.104 78.191
Lasten Inkomenszekerheid Mensontwikkeling Inburgering Wsw Algemene overhead Totaal lasten
32.689 6.418 2.570 23.690 12.129 77.496
32.811 6.526 2.546 23.764 12.443 78.089
31.216 6.377 1.994 22.354 11.242 73.183
30.832 6.105 3.549 24.979 11.316 76.781
Resultaat voor bestemming
1.045
-10
-734
1.410
-1.207 327
-1.089 570
-839 1.573
-1.120 336
180
529
-
-
345
-
-
627
Overzicht baten en lasten per programma
Mutatie bestemmingsreserve Toevoeging Onttrekking Mutatie algemene reserve Toevoeging Onttrekking Resultaat na bestemming reserves
In paragraaf 4.2.1 is het voorstel tot resultaatbestemming opgenomen.
10
De mutatie reserves is in 2025 als volgt:
Risico einde DVO Wsw OIJ
-229
Begroting 2025 na wijziging -229
Risico einde DVO WLC Bronckhorst
-29
-34
Risico DVO WSW Bronckhorst
-33
-33
Groot onderhoud
-100
-100
Infrastructuur werkontwikkelbedrijf
-376
-352
Organisatie ontwikkeling
-301
-301
Vakantiegelden en -dagen
-73
-40
Mutatie reserves
Realisatie 2025
Re-integratiemiddelen
-66
-
Toevoeging bestemmingsreserves
-1.207
-1.089
Bestedingsplan Impuls infrastructuur
213
300
Tozo
70
70
Vakantiegelden en -dagen
29
-
-
79
15
40
Re-integratiemiddelen Vangnetvoorziening Zelfstandigen Frictiekosten uittreding OIJ
-
81
Onttrekking bestemmingsreserves
327
570
Onttrekking algemene reserve
180
529
Per saldo toevoeging
-700
10
In onderstaande tabel is het verloop van alle reserves in boekjaar 2025 weergegeven. Verloop reserves
Saldo 31 december 2024
Resultaatbestemming 2024
Algemene reserve
2.337
-
-
-180
2.157
1.570
Toevoeging 2025
Saldo 31 december 2025
Onttrekking 2025
Bestemmingsreserves - Wsw vakantiegelden- en dagen
1.526
-
73
-29
- Wsw Rijkssubsidie
935
-
-
-
935
- Re-integratiemiddelen
1.909
483
66
-
2.458
- Organisatieontw ikkeling
506
-
301
-
807
- Tozo uitvoering
180
-
-
-70
110
- Frictiekosten Uittreding OIJ
2.667
-
-
-
2.667
- Risico einde DVO Wsw OIJ
916
-
229
-
1.145
- Vangnetvoorziening Zelfstandigen Aalten
77
-
-
-
77
- Vangnetvoorziening Zelfstandigen D'chem
335
-
-
-15
320
- Doorontw ikkeling infrastructuur
724
-
376
-213
887
- Risico einde DVO WLC Bronckhorst
51
-
29
-
80
- Risico einde DVO Wsw Bronckhorst
-
-
33
-
33
- Groot onderhoud
-
-
100
-
100
9.826
483
1.207
-327
11.189
12.164
483
1.207
-507
13.347
Totaal
11
2.1 Programma Inkomenszekerheid Als we het aantal huishoudens (exclusief Bbz) met een uitkering per 31 december bekijken, zien we in 2025 een kleine stijging. Het saldo tussen instroom en uitstroom is net iets minder positief dan was begroot. Laborijn is ultimo 2025 licht positief uitgekomen in vergelijking tot de landelijke trend. Na een aantal jaren van daling sinds 2018 tot en met 2022, zien we nu 3 jaar een stijging van het aantal huishoudens in de bijstand. In 2025 is de stijging 0,2 %. Dit is in lijn met de landelijke verwachting.
In Aalten zien we net als vorig jaar een groei, dit jaar 1,9 %.
In Doetinchem zien we een kleine daling in 2025 van 0,3%.
Na een aantal jaren van daling zien we nu al 3 jaar een stijging van het aantal huishoudens in de bijstand
12
De Bbz is apart weergegeven gezien de grote piek in 2021 die is ontstaan door de coronacrisis. Als de gegevens zouden worden opgenomen in de totalen zou dit het beeld vertroebelen.
In 2024 is een piek in aantal Bbz klanten door de opzet van de ondernemersschool. Inmiddels zijn veel van deze starters het traject met een pitch afgerond. Vanaf 2025 zien we een dalende instroom in de Bbz. Dit is in lijn met de landelijke verwachtingen. De volgende tabel laat per gemeente de instroomredenen zien:
‘Komende van andere gemeente en ‘Komende van het AZC’ zorgen voor meer dan een derde van de instroom (39,6%). Bij de gemeente Aalten is dit meer dan de helft (53,2%).
13
Net zoals onze klanten zich met uiteenlopende redenen melden voor financiële ondersteuning en / of hulp bij het vinden van werk (instroom), zijn er diverse redenen waarom de uitkering weer kan worden beëindigd (uitstroom).
Het grootste gedeelte van de uitstroom (35,2%) is het gevolg van onze activiteiten om inwoners te begeleiden naar werk (arbeid in dienstbetrekking). Als tweede voornaamste uitstroomreden zien we verhuizing (18,4%). Volume BUIG index landelijk en Laborijn t.o.v. december 2017 In 2023 is veel instroom geweest vanuit verhuizingen en AZC's waardoor de Laborijn-trend dichter naar de landelijke trend is ontwikkeld. Laborijn is ultimo 2024 uitgekomen gelijk aan de landelijke trend. Het doel is 1% betere volumeontwikkeling dan het landelijk gemiddelde. In 2025 heeft de bestandsontwikkeling van Laborijn zich positiever ontwikkeld dan de landelijke lijn (zie figuur hieronder). In z’n totaliteit is het bijstandsbestand met slechts 7 huishoudens gegroeid.
14
Langdurige loonkostensubsidie (LKS) Door langdurige loonkostensubsidie compenseren wij werkgevers voor medewerkers die een lagere productiviteit hebben en tot het doelgroepenregister behoren. Hiervoor voert Laborijn jaarlijks een loonwaardemeting uit en bieden wij life- en jobcoaching aan om onder andere te sturen op het vergroten van de productiviteit en daarmee de afname van de subsidie. Hieronder is het aantal inwoners weergegeven voor wie het instrument loonkostensubsidie wordt ingezet of ingezet is per ultimo van de maand:
Het aantal inwoners dat met LKS werkzaam is, is sinds de invoering van de Participatiewet fors gegroeid. De laatste jaren zien we een constanter beeld. In 2025 is het aantal werkenden met een langdurige loonkostensubsidie met 10 afgenomen. De uitstroom binnen de loonkostensubsidie wordt grotendeels veroorzaakt door het beëindigen van een dienstverband. Screening Bij de start van onze dienstverlening aan inwoners voeren we een screeningsgesprek. Daarin wordt samen met de inwoner een eerste inschatting gemaakt van het huidige arbeidspotentieel. We zien steeds meer inwoners met een grotere afstand tot de arbeidsmarkt die van onze dienstverlening gebruik maken. Laborijn vindt het belangrijk dat een inwoner optimaal ondersteund wordt in zijn mogelijkheden en ontwikkeling. Onze screeners hebben een spilfunctie bij het bemiddelingsproces van klanten. Tijdens onze screeningsgesprekken ligt de nadruk op het in beeld brengen van het potentieel en het waar mogelijk ondersteunen van de inwoner bij het vinden van passend werk. Inwoners die naar inschatting binnen 3 maanden regulier werk kunnen doen, worden rechtstreeks bemiddeld.
In 2025 hebben de screeners 400 screenings uitgevoerd, waarvan 75% uiteindelijk een uitkering heeft ontvangen. Er zijn 101 inwoners die geen beroep hebben hoeven te doen op een uitkering. We hebben deze inwoners direct kunnen bemiddelen naar betaald werk, of actief verwezen naar andere (voorliggende) voorzieningen, of de inwoner heeft de aanvraag ingetrokken. Van de overige uitgevoerde screenings waren 59 inwoners direct bemiddelbaar (binnen 3 maanden bemiddelbaar naar werk). We zien dat het percentage inwoners dat direct bemiddelbaar is stabiliseert in 2025. Wel zien we in 2025 een forse stijging in de groep langer dan 12 maanden. Bovenstaande cijfers bevestigen de landelijke voorspelling en verwachte trend dat van alle inwoners die niet direct kunnen worden bemiddeld naar werk, steeds minder inwoners een re-integratieprofiel We zien dat het percentage hebben en voor steeds meer inwoners vanwege complexe multi-problematiek een langer traject gericht op eerst inwoners dat direct maatschappelijke participatie passend en nodig is. bemiddelbaar is stabiliseert
in 2025
15
2.1.1 Programmalasten Binnen het programma inkomenszekerheid worden de kosten van bijstand, langdurige loonkostensubsidie en de overige regelingen verantwoord. De overige regelingen zijn de bijzondere bijstand, de individuele inkomenstoeslag, de Vangnetvoorziening Zelfstandigen, de Studietoeslag, Alleenverdienersregeling, de Bbz kapitaalverstrekkingen en de Tozo. De baten bestaan, naast de terugontvangen uitkeringen, uit de BUIG-budgetten, de bijdragen van de gemeenten voor de overige regelingen en voor de directe salariskosten. Realisatie 2025
Begroting 2025 na wijziging
Begroting 2025 voor wijziging
Realisatie 2024
26.318 3.754 219 574 252 -39 -132 1.115 32.062
26.231 3.665 223 610 236 181 -31 -137 1.115 32.094
24.930 3.809 237 500 175 -12 -170 1.117 30.586
24.733 3.461 324 39 553 75 181 -50 -144 1.044 30.215
397 12 55 132 596
474 13 46 137 671
385 12 23 170 590
442 9 61 144 656
Totaal baten
32.658
32.765
31.176
30.871
Lasten Bijstand Loonkostensubsidie Bijzondere Bijstand Bijzondere Bijstand energietoeslag Individuele Inkomenstoeslag Vangnetvoorziening Zelfstandigen Studietoeslag Alleenverdienersregeling Bbz kapitaalverstrekkingen
26.716 3.754 231 574 15 252 15
26.705 3.665 236 610 40 236 181 15
25.315 3.809 249 500 40 175 11
25.175 3.461 333 39 553 21 181 11
Directe salariskosten
1.132
1.122
1.117
1.061
Totaal lasten
32.689
32.811
31.216
30.832
Saldo baten en lasten
-31
-47
-40
38
Toevoeging bestemmingsreserve Onttrekking bestemmingsreserve
15
40
40
-75 21
Resultaat na bestemming
-16
-7
-
-16
Programma Inkomenszekerheid Baten Bijdragen gemeenten Bijstand Loonkostensubsidie Bijzondere Bijstand Bijzondere Bijstand energietoeslag Individuele Inkomenstoeslag Vangnetvoorziening Zelfstandigen Studietoeslag Alleenverdienersregeling Bbz kapitaalverstrekkingen Tozo Bijdrage directe salariskosten Overige baten Ontvangsten Bijstand Ontvangsten Bijzondere bijstand Ontvangsten Bbz leningen Ontvangsten Tozo
Het programma laat een negatief saldo van baten en lasten zien van € 31.000. Dit wordt veroorzaakt door het negatieve saldo op de directe salariskosten van € 16.000 en de uitgaven voor de Vangnetvoorziening Zelfstandigen van € 15.000, die gedekt worden uit de bestemmingsreserve. 16
Specificatie per gemeente: Realisatie 2025
Begroting 2025 na wijziging
Begroting 2025 voor wijziging
Realisatie 2024
5.508 818 50 109 34 -28 -12 290 6.770
5.475 780 48 120 36 47 -25 -12 286 6.754
5.743 890 41 100 25 -5 -21 285 7.058
5.253 788 53 39 106 29 -5 -13 268 6.516
120 1 28 12 160
162 1 25 12 200
60 2 5 21 88
94 4 5 13 116
Totaal baten
6.931
6.955
7.146
6.633
Lasten Bijstand Loonkostensubsidie Bijzondere Bijstand Bijzondere Bijstand energietoeslag Individuele Inkomenstoeslag Vangnetvoorziening Zelfstandigen Studietoeslag Alleenverdienersregeling Bbz kapitaalverstrekkingen
5.629 818 50 109 34 -
5.636 780 49 120 15 36 47 -
5.803 890 43 100 6 25 -
5.347 788 56 39 106 10 29 -
290
288
285
272
6.931
6.971
7.152
6.647
Saldo baten en lasten
-
-17
-6
-15
Toevoeging bestemmingsreserve Onttrekking bestemmingsreserve
-
15
6
10
Resultaat na bestemming
-
-2
-
-4
Gemeente Aalten Baten Bijdragen gemeenten Bijstand Loonkostensubsidie Bijzondere Bijstand Bijzondere Bijstand energietoeslag Individuele Inkomenstoeslag Vangnetvoorziening Zelfstandigen Studietoeslag Alleenverdienersregeling Bbz kapitaalverstrekkingen Tozo Bijdrage directe salariskosten Overige baten Ontvangsten Bijstand Ontvangsten Bijzondere bijstand Ontvangsten Bbz leningen Ontvangsten Tozo
Directe salariskosten Totaal lasten
17
Realisatie 2025
Begroting 2025 na wijziging
Begroting 2025 voor wijziging
Realisatie 2024
20.810 2.936 169 465 218 -12 -120 825 25.291
20.756 2.885 175 490 200 134 -6 -125 829 25.340
19.187 2.919 196 400 150 -7 -149 832 23.529
19.481 2.673 271 447 75 151 -45 -131 777 23.698
277 11 27 120 435
312 12 21 125 470
325 10 18 149 502
348 5 56 131 540
Totaal baten
25.727
25.810
24.031
24.238
Lasten Bijstand Loonkostensubsidie Bijzondere Bijstand Bijzondere Bijstand energietoeslag Individuele Inkomenstoeslag Vangnetvoorziening Zelfstandigen Studietoeslag Alleenverdienersregeling Bbz kapitaalverstrekkingen
21.087 2.936 181 465 15 218 15
21.069 2.885 187 490 25 200 134 15
19.512 2.919 206 400 34 150 11
19.828 2.673 276 447 11 151 11
841
834
832
788
25.758
25.840
24.065
24.185
Saldo baten en lasten
-31
-30
-34
53
Toevoeging bestemmingsreserve Onttrekking bestemmingsreserve
15
25
34
-75 11
Resultaat na bestemming
-16
-5
-
-12
Gemeente Doetinchem Baten Bijdragen gemeenten Bijstand Loonkostensubsidie Bijzondere Bijstand Bijzondere Bijstand energietoeslag Individuele Inkomenstoeslag Vangnetvoorziening Zelfstandigen Studietoeslag Alleenverdienersregeling Bbz kapitaalverstrekkingen Tozo Bijdrage directe salariskosten Overige baten Ontvangsten Bijstand Ontvangsten Bijzondere bijstand Ontvangsten Bbz leningen Ontvangsten Tozo
Directe salariskosten Totaal lasten
18
BUIG-resultaat De kosten ten laste van de BUIG 2025 zijn iets hoger dan ingeschat bij de laatste begrotingswijziging, dit wordt met name veroorzaakt door een hogere uitbetaling van loonkostensubsidies in het vierde kwartaal. Kosten ten laste van Buig-budget Vergelijking begroot-realisatie Begroot Realisatie Resultaat ten opzichte van begroting
Aalten 6.255 6.326 -71
Doetinchem 23.642 23.747 -105
Laborijn 29.897 30.073 -176
Als we de kosten ten laste van het BUIG-budget afzetten tegen het budget dat de gemeenten hebben ontvangen van het Rijk, dan realiseert de gemeente Aalten een tekort van € 181.000 (3% van het budget) en de gemeente Doetinchem een overschot van € 832.000 (3% van het budget). De gemeente Aalten kan over 2025 geen gebruik maken van de vangnetregeling, daarvoor moet het tekort minimaal 7,5% zijn. Kosten ten laste van Buig-budget Vergelijking Rijksbudget-realisatie Rijksbudget Realisatie Resultaat ten opzichte van Rijksbudget
Aalten 6.145 6.326 -181
Doetinchem 24.579 23.747 832
Laborijn 30.724 30.073 651
In onderstaande grafieken is het meerjarige resultaat op het BUIG-budget per gemeente weergegeven.
Overige regelingen De kosten voor de overige regelingen zijn € 159.000 lager uitgevallen. Dit wordt met name veroorzaakt door het feit dat een uitgave van € 134.000 is begroot voor de alleenverdienersregeling. De betalingen ten laste van deze regeling zijn uitgesteld naar 2026. De reden hiervoor is dat in de te gebruiken applicatie een foutieve koppeling zit waardoor niet kan 19
worden uitgesloten dat bij uitbetaling van de toeslag deze alsnog fiscaal als inkomen wordt gezien. Deze weeffout wordt in februari 2026 door de toeleverancier hersteld. Daarnaast wordt geadviseerd de toeslag niet in de laatste maanden van een jaar uit te keren. Dit omdat in deze periode ook de vermogenscheck door de belastingdienst wordt gemaakt ten behoeve van de kwijtschelding gemeentelijke belastingen. Bijzondere bijstand Een aantal voorzieningen binnen de bijzondere bijstand is direct gerelateerd aan levensonderhoud en wordt om praktische redenen door Laborijn toegekend en uitbetaald. Dit zijn onder andere de aanvullende bijstand voor inwoners onder de 21 jaar en de overbruggingsuitkering voor statushouders. De kosten hiervan zijn begroot op basis van de uitgaven van voorgaande jaren. De voornaamste uitgaven in 2025 voor de bijzondere bijstand zijn: • • •
aanvullende bijstand voor jongeren onder 21 jaar (€ 126.000) overbruggingsuitkeringen voor statushouders (€ 46.000) kosten in verband met woonvoorzieningen (€ 32.000)
Aanvullende bijstand < 21 jaar
126
Begroting 2025 na wijziging 147
Belastingaanslag
19
17
28
28
Eenmalige overbrugging
46
38
70
68
Kosten ivm woonvoorzieningen
32
20
-
17
Leenbijstand
5
6
6
10
Laborijn
Overige algemene levensbehoeften
Realisatie 2025
Begroting 2025 voor wijziging 134
Realisatie 2024 188
3
8
11
21
Ontvangsten
-12
-13
-12
-9
Bijdrage gemeenten
219
223
237
324
Begroting 2025 voor wijziging 4
Aanvullende bijstand < 21 jaar
20
Begroting 2025 na wijziging 22
Belastingaanslag
7
8
8
5
Eenmalige overbrugging
19
15
25
20
Kosten ivm woonvoorzieningen
2
-
-
-
Leenbijstand
1
2
3
1 13
Gemeente Aalten
Realisatie 2025
Realisatie 2024 16
Overige algemene levensbehoeften
1
2
3
Ontvangsten
-1
-1
-2
-4
Bijdrage gemeente
50
48
41
53
Begroting 2025 voor wijziging 130
Aanvullende bijstand < 21 jaar
106
Begroting 2025 na wijziging 125
Belastingaanslag
12
9
20
23
Eenmalige overbrugging
26
23
45
48
Kosten ivm woonvoorzieningen
30
20
-
17
Leenbijstand
4
4
3
9
Gemeente Doetinchem
Overige algemene levensbehoeften
Realisatie 2025
Realisatie 2024 172
2
6
8
7
Ontvangsten
-11
-12
-10
-5
Bijdrage gemeente
169
175
196
271
20
Individuele inkomenstoeslag De individuele inkomenstoeslag is een jaarlijkse toeslag voor inwoners van 21 jaar of ouder maar jonger dan de pensioengerechtigde leeftijd die al langere tijd geen uitzicht hebben op verbetering van hun financiële situatie. Laborijn voert de regeling, als onderdeel van de Participatiewet, uit voor de gemeenten Aalten en Doetinchem. Inwoners met een bijstandsuitkering die de toeslag al eerder hebben ontvangen, krijgen de toeslag voortaan elk jaar automatisch. Maar er zijn ook inwoners met een bijstandsuitkering die wel voldoen aan de voorwaarden voor toekenning van de inkomenstoeslag maar deze nog niet hebben aangevraagd. Als Laborijn stellen we onze inwoners centraal en sluiten we steeds beter aan op de leefwereld van de inwoner. Hierbij past het om inwoners met een bijstandsuitkering, waarvan wij kunnen aannemen dat ze voldoen aan de vereisten voor de inkomenstoeslag, proactief te benaderen. In de tweede helft van 2025 hebben we op ons bestaande inwonerbestand daarom een anticiperende inhaalslag gemaakt. Bbz kapitaalverstrekkingen aan ondernemers Het Bbz (Besluit bijstandsverlening zelfstandigen) biedt mogelijkheden voor ondersteuning van zelfstandigen in financiële problemen. Deze ondersteuning kan bestaan uit een periodieke uitkering voor levensonderhoud en wordt verantwoord binnen de BUIG-budgetten, of een lening.
Van belang is dat de zelfstandige na ondersteuning weer een inkomen verwerft uit het bedrijf en/of beroep. De lening wordt terugbetaald en de uitkering wordt afhankelijk van het behaalde inkomen afgeboekt om niet of ook omgezet in een lening. Laborijn Bbz Verstrekkingen Aflossingen leningen voor 2020 Aflossingen leningen vanaf 2020 Bijdrage gemeenten
Realisatie 2025 15 -18 -36 -39
Begroting 2025 na wijziging 15 -20 -26 -31
Begroting 2025 voor wijziging 11 -20 -3 -12
Realisatie 2024 11 -39 -23 -50
Eind 2025 staat er € 1,6 miljoen aan verstrekte bedrijfskredieten open. Van de ontvangen aflossingen op leningen die verstrekt zijn voor 2020, moeten de gemeenten 75% afdragen aan het Rijk. Specificatie per gemeente: Gemeente Aalten Verstrekkingen Aflossingen leningen voor 2020 Aflossingen leningen vanaf 2020 Bijdrage gemeente
Gemeente Doetinchem Verstrekkingen Aflossingen leningen voor 2020 Aflossingen leningen vanaf 2020 Bijdrage gemeente
Realisatie 2025
Begroting 2025 na wijziging
Begroting 2025 voor wijziging
Realisatie 2024
-7 -21 -28
-5 -20 -25
-5 -5
-5 -5
Begroting 2025 na wijziging 15 -15 -6 -6
Begroting 2025 voor wijziging 11 -15 -3 -7
Realisatie 2025 15 -11 -16 -12
Realisatie 2024 11 -39 -17 -45
21
2.1.2 Beleidsindicatoren Volgens het BBV (Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten) nemen we de volgende verplichte beleidsindicatoren op. Sociaal domein Personen met een bijstandsuitkering per 10.000 inwoners* Gemeente Aalten: 145 Gemeente Doetinchem: 248 Heel Nederland: 281 Bron: waarstaatjegemeente.nl, data 2025 *Definitie: het aantal personen met een uitkering op grond van de Wet werk en bijstand (WWB, t/m 2014) en de Participatiewet (vanaf 2015). De uitkeringen (leefgeld) aan personen in een instelling, de elders verzorgden, zijn niet inbegrepen. Ook de uitkeringen aan dak- en thuislozen zijn niet inbegrepen.
De Laborijn-gemeenten hebben in vergelijking met alle gemeenten in heel Nederland relatief veel minder mensen in de bijstand per 10.000 inwoners.
22
2.2 Programma Mensontwikkeling Het programma mensontwikkeling bevat al onze activiteiten gericht op het actief ondersteunen van ontwikkeling bij inwoners. De dienstverlening helpt inwoners in de voorbereiding en realisatie van de stap naar sociale activering, participatie, re-integratie en richting betaald (parttime) werk. Deze dienstverlening is zo georganiseerd dat er voor inwoners een doorlopende ontwikkellijn en maatwerk mogelijk is. In onderstaande alinea’s lichten wij de bijzonderheden toe die in 2025 hebben plaatsgevonden. Beschut werk Hoewel Laborijn alle UWV-indicaties beschut werk honoreert is er, voor zowel gemeente Aalten als Doetinchem, sprake van onderrealisatie. Het niet toegroeien naar volledige realisatie van onze taakstelling brengt voor Laborijn een mogelijk (financieel) risico met zich mee, namelijk een te verwachten neerwaartse bijstelling van deze taakstelling naar de werkelijke gerealiseerde aantallen in 2027. En dit terwijl we de overtuiging hebben dat inwoners met deze specifieke ondersteuningsbehoefte wel degelijk ook in onze gemeenten woonachtig zijn. Dit vergroot de kans op een wachtlijst in de toekomst. Daarmee stonden we begin 2025 voor het dilemma in hoeverre we de taakstelling beschut werk versneld willen realiseren, hoe we dit kunnen stimuleren en hoe zich dit verhoudt tot ons adagium ‘de best passende plek voor de inwoner’.
Begin 2025 is afgesproken om de verbeteragenda beschut werk vanuit het Rijk eerst af te wachten. In juli 2025 is de verbeteragenda beschut werk verschenen, aangevuld met de voortgangsbrief over sociaal ontwikkelbedrijven en beschut werk, met als doel om vanaf 2048 minimaal 30.300 beschutte banen structureel te realiseren, de groei en de aanpak van knelpunten in de uitvoering te versnellen en de sociale infrastructuur rond beschut werk te versterken. Vanuit de verbeteragenda is vervolgens een plan beschut werk uitgewerkt en vastgesteld. Daarbij is het, gezien de huidige onderrealisatie, van (financieel) belang om voor met name de gemeente Doetinchem zoveel als mogelijk in te zetten op het realiseren van de taakstelling. Tegelijkertijd is het van strategisch belang om niet direct de taakstelling volledig te gaan vullen, maar dit doordacht en geleidelijk te gaan doen op basis van onze gezamenlijke visie en het adagium ‘de best passende plek voor de inwoner’ vanuit de verschillende behoeften en belangen. Om de intensieve vorm van begeleiding te kunnen blijven bieden, is de caseloadnorm voor de begeleiding van beschut werk aangepast van 1 fte begeleiding per 50 medewerkers naar 1 fte begeleiding per 30 medewerkers. Project verkenning en verbeterplan Jongeren Laborijn heeft vanuit de gemeenten Aalten en Doetinchem de opdracht ontvangen voor een ‘verkenning en verbeterplan jongeren’.
De aanleiding hiervoor is onze gedeelde ambities ten aanzien van de doelgroep jongeren, gezien onder andere de instroom/uitstroom-dynamiek en ook de GGZ-problematiek die steeds vaker speelt bij deze doelgroep. Ook voor jonge statushouders zien we dat een sluitend aanbod naar onderwijs dan wel inburgering ontbreekt. En verder is een belangrijke ontwikkeling rondom jongeren de Wet van school naar duurzaam werk die vanaf 1 januari 2026 van kracht is. In het wetvoorstel is een grote(re) rol weggelegd voor gemeenten (i.c. Laborijn). Gelet op al deze ontwikkelingen rondom jongeren is besloten om een deel van het positieve jaarresultaat 2024 van Laborijn te benutten voor een extra investering in deze doelgroep. Voor gerichte actie is afgesproken om eerst een nadere verkenning met betrekking tot de doelgroep jongeren te gaan doen. Vanuit deze analyse volgt vervolgens een verbeterplan. De daadwerkelijke uitvoering van dit plan, waarvoor de gereserveerde middelen zijn bedoeld, vindt in 2026 plaats, opvolgend aan de verkenning en planvorming. Het budget van € 207.000 is dan ook gereserveerd voor 2026.
23
Tijdens de uitvoering van de verkenningsopdracht is al snel gebleken dat het aan de juiste data ontbreekt om tot een goede analyse te kunnen komen en daarmee een goede vertaalslag te kunnen maken naar het gewenste verbeterplan. De huidige beschikbare data in de jongerenmonitor is (nog) onvolledig en vaak te verouderd. Daarnaast was het ook van belang om bij de analyse en de vertaalslag naar het verbeterplan een koppeling te kunnen maken met de gekozen inrichting van de bestaande regionale en lokale structuren binnen de Wet van School naar Duurzaam Werk. De definitieve uitwerking en bijbehorende keuzes voor de invulling van deze wet heeft vertraging opgelopen, waardoor het eind 2025 nog niet mogelijk was om hierin de juiste vertaalslag te kunnen maken. Op basis hiervan is in onderling overleg met de gemeenten Aalten en Doetinchem besloten om de verdere uitwerking van de verkenningsopdracht in 2026 verder op te pakken om gezamenlijk tot een goede probleemanalyse te kunnen komen op basis van de daarvoor benodigde data, met als doel om van daaruit de vertaalslag te kunnen maken naar het gewenste verbeterplan. Project Oudkomers In februari 2024 is het project Oudkomers gestart in gemeente Aalten. In maart 2025 is dit project ook gestart in gemeente Doetinchem. Het doel van dit project is tweeledig.
Enerzijds om oudkomers die onvoldoende kansen hebben gehad onder de oude Wet inburgering mogelijk alsnog een informeel inburgertraject aan te bieden. Hiermee wordt beoogd dat inwoners (alsnog) in staat zijn om (deels) uit te stromen met hulp van de inmiddels door ons nieuw ontwikkelde en innovatieve inburgeringsdienstverlening. Anderzijds om de groep oudkomers die niet in staat is om de stap naar werk te maken, meer te laten meedoen in de lokale maatschappij.
In 2025 is met de groep oudkomers actief gebouwd aan vertrouwen, zelfredzaamheid en motivatie om stappen te zetten richting werk en/of meedoen
In de praktijk blijkt dat de groep oudkomers een grote afstand heeft tot werk en maatschappelijke participatie. Deze doelgroep heeft tijd en vertrouwen nodig om zich te kunnen ontwikkelen richting zelfredzaamheid, participatie en/of werk. De inzet van een cultuurjobcoach en cultuurvertalers is hierbij van groot belang gebleken. In 2025 is met de groep oudkomers actief gebouwd aan vertrouwen, zelfredzaamheid en motivatie om stappen te zetten richting werk en/of meedoen. Daarnaast is geïnvesteerd in het versterken van de Nederlandse taalvaardigheid. Een groot deel van de doelgroep is kwetsbaar in de beheersing van de Nederlandse taal, wat de stap naar werk en participatie in een Nederlandssprekende omgeving bemoeilijkt. In 2025 zijn daarom taaldocenten van Laborijn ingezet om de taalbeheersing van oudkomers te versterken. Aanvullend zijn gerichte trainingen ingezet om de doelgroep te ondersteunen in zelfredzaamheid, werknemers- en sollicitatievaardigheden en het vergroten van het perspectief op werk en/of meedoen. Met de bemiddelbare groep oudkomers werkt de cultuurjobcoach actief toe naar het vinden en behouden van passend betaald werk. Project Oudkomers gemeente Aalten In de gemeente Aalten wordt sinds 2024 actief ingezet op ondersteuning van de groep oudkomers. Deze inzet heeft in 2025 geleid tot positieve resultaten.
Een groot deel van de oudkomers met arbeidspotentieel heeft de stap naar betaald werk gezet en is (gedeeltelijk) uitgestroomd uit de uitkering, of zal deze stap op korte termijn maken. In samenwerking met Figulus Welzijn is in 2025 intensief gewerkt aan de toeleiding naar maatschappelijke ondersteuning bij specifieke hulpvragen en aan de instroom van de doelgroep in lokaal meedoen. Met name de instroom in meedoen vraagt tijd. De doelgroep is kwetsbaar in vertrouwen en taal, waardoor het voor oudkomers lastig is om zelfstandig aansluiting te vinden bij activiteiten en voorzieningen in de wijk. 24
In 2025 zijn binnen Figulus Welzijn 2 cultuurverbinders gestart om deze kwetsbare doelgroep te ondersteunen bij de toeleiding naar maatschappelijke ondersteuning en de instroom in lokaal meedoen. In 2026 wordt deze inzet voortgezet en verder doorontwikkeld. De verwachting is dat de inzet van cultuurverbinders, in samenhang met taalondersteuning en begeleiding vanuit Laborijn, zal bijdragen aan een verdere versterking van zelfredzaamheid, participatie en duurzame toeleiding naar werk en meedoen voor de doelgroep. Project Oudkomers gemeente Doetinchem In maart 2025 is gestart met de selectie van de groep oudkomers uit de gemeente Doetinchem die deelneemt aan het project. Na een eerste dossierscreening zijn in totaal 11 informatiebijeenkomsten georganiseerd om de doelgroep te informeren, te spreken en te selecteren. Vanaf september 2025 is gestart met de ondersteuning van de bemiddelbare oudkomers uit de gemeente Doetinchem. Met de inzet van cultuurjobcoaching en gerichte trainingen op het gebied van taal, perspectief, kennis en vaardigheden is actief toegewerkt naar de stap richting betaald werk. In 2025 zijn de eerste plaatsingen in werk gerealiseerd. In 2025 is ook de groep oudkomers uit de gemeente Doetinchem geselecteerd die deel gaat nemen aan een ondersteuningsaanbod gericht op het realiseren van duurzaam lokaal meedoen.
Op basis van de binnen het project opgedane ervaringen is een actief en doelgericht ondersteuningsprogramma ingericht, in samenwerking met lokale aanbieders en met inzet van een cultuurparticipatiecoach. Dit ondersteuningsprogramma start begin 2026 en heeft naar verwachting een positieve bijdrage aan het versterken van de Nederlandse taalvaardigheid, zelfredzaamheid en het welzijn van de doelgroep, evenals aan een duurzame deelname aan lokaal meedoen. Dienstverlening Oekraïense ontheemden Sinds de inval van Rusland in Oekraïne in 2022 zijn duizenden mensen op de vlucht geslagen. In Nederland zijn gemeenten verantwoordelijk voor de opvang en voorzieningen voor deze ontheemden. Laborijn voert sinds 2022 voor de gemeenten Aalten en Doetinchem de leefgeldregeling uit en sinds januari 2025 ook de uitvoering van de eigen bijdrageregeling. Daarnaast ondersteunt Laborijn de Oekraïense inwoners van deze gemeenten bij het vinden en behouden van werk. Uit de jaarlijkse evaluatie met de gemeenten blijkt dat deze ondersteuning effectief is. Meer dan 75% van de Oekraïense beroepsbevolking in beide gemeenten is inmiddels aan het werk. Dit percentage ligt aanzienlijk hoger dan het landelijke gemiddelde van 63%. In 2025 is in de gemeente Aalten gestart met casemanagement door Laborijn; een proactieve en planmatige ondersteuning van Oekraïense inwoners van 18 jaar en ouder.
Deze aanpak is gericht op het verhogen van de arbeids- en participatiegraad en draagt bij aan informele inburgering, versterking van de zelfredzaamheid en maatschappelijke participatie. Met het casemanagement wordt vooruitgelopen op de wijzigingen die vanaf maart 2027 worden voorzien bij het aflopen van de tijdelijke regeling voor Oekraïense ontheemden, waarmee wordt beoogd de instroom in de Participatiewet en de begeleidingsbehoefte op re-integratie zoveel mogelijk te beperken. Eigen bijdrageregeling Oekraïne Sinds 1 januari 2025 zijn gemeenten verplicht een eigen bijdrage voor de kosten van verblijf op te leggen. Alle volwassen ontheemden die in een gemeentelijke opvang verblijven en voldoende inkomsten uit werk hebben, moeten maandelijks financieel bijdragen aan de kosten van hun opvang. Dit als een verbruiksvergoeding voor onder meer gas, water en elektra. De hoogte van de eigen bijdrage bedroeg per januari € 105 per volwassene. Per 1 oktober is aan de verbruiksvergoeding een vergoeding voor locatiebegeleiding toegevoegd. Tezamen vormen de bedragen de ’exploitatiekosten van de opvang’ en bedragen € 244 per maand. De inzet en de verhoging van de eigen bijdrage hebben in 2025 zowel procesmatig als qua communicatie veel inzet van de uitvoering gevraagd maar is naar opzet en verwachting verlopen. 25
We constateren dat inwoners soms onbewust niet doorgeven aan het werk te zijn gegaan of hier op korte termijn mee starten. In de gemeente Aalten is daarom per juni een kortdurende pilot gestart waarbij bewoners in een gemeentelijke opvang maandelijks een inlichtingenformulier ontvangen gericht op mutaties met betrekking tot werk. Waarmee kan worden voorkomen dat in latere instantie terugvorderingen ontstaan. Door de geringe respons op verzoeken om informatie, heeft de pilot niet tot het gewenste resultaat geleid. Een aangepaste pilot, met eenzelfde doelstelling, is in voorbereiding. Het aantal bewoners in de gemeentelijke opvang dat een eigen bijdrage heeft opgelegd gekregen, is in beide gemeenten de tweede helft van het jaar toegenomen. Deze trend correspondeert met de afname van het aantal bewoners aan wie een vergoeding voor leefgeld is toegekend. Dienstverleningsovereenkomst eigen bijdrageregeling Oekraïne Voor de uitvoering van de eigen bijdrageregeling heeft Laborijn met de gemeenten Aalten en Doetinchem eind 2025 een dienstverleningsovereenkomst gesloten. De gemeenten en Laborijn hebben ervoor gekozen om in 2025 eerst ervaring op te doen met de opzet en uitvoering van de nieuwe eigen bijdrageregeling. Dit in combinatie met de leefgeldregeling en de inspanningen rond de bemiddeling naar werk.
Daarnaast was lange tijd niet duidelijk op welke wijze vanuit het Rijk de financiële compensatie voor de uitvoering zou worden ingevuld. Inmiddels is hier door het Rijk invulling aan gegeven en is de bekostigingsregeling in de dienstverleningsovereenkomst opgenomen. Als gevolg van de gekozen route is de dienstverleningsovereenkomst met terugwerkende kracht in werking getreden tot 1 januari 2025. Addendum bij de dienstverleningsovereenkomst Leefgeld Oekraïne Bij de totstandkoming van de dienstverleningsovereenkomst Leefgeld in 2023 was door het Rijk nog niet bepaald hoe gemeenten voor de uitvoering van de regeling zouden worden gecompenseerd. Inmiddels is er een Rijksregeling en zijn Laborijn en de gemeenten Aalten en Doetinchem overeengekomen deze regeling te volgen. Daarmee is de eerder overeengekomen bekostigingswijze gewijzigd en eenvoudiger ingericht. De wijziging is vormgegeven in een eind 2025 gesloten addendum en met terugwerkende kracht in werking getreden tot 1 januari 2025. Activerend werken in de gemeente Doetinchem Met Activerend werken worden in de gemeente Doetinchem de domeinen Werk en Zorg samengebracht voor inwoners die onder de Participatiewet vallen en/of gebruik maken van een voorziening op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo).
Een aanpak die resulteert in het bieden van een plan aan de inwoner waarin het ontwikkelperspectief centraal staat en waar mogelijk is gericht op betaald werk. De behoefte van de inwoner is daarbij leidend. Het traject wordt niet bepaald door de toepasselijke regelgeving. Inwoners moeten in de maatschappij kunnen meedoen op de voor hen best passende plek. Activerend werken is door de gemeente Doetinchem opgestart samen met 2 centrale organisaties binnen het gemeentelijk sociaal domein; Buurtplein en Laborijn. In de ontwikkelde werkwijze wordt aan inwoners vanuit een gezamenlijke focus een zo veel mogelijk ‘ontschotte’ dienstverlening geboden. Het door Buurtplein en Laborijn periodiek werken op een gezamenlijke werkplek en het inrichten van een multidisciplinair overleg is in 2025 verder geïntensiveerd. In een multidisciplinair overleg komen casussen of onderwerpen aan de orde die organisatie overstijgend zijn maar wel een gezamenlijke oplossing vragen. Hiervoor is de verdere uitrol van Activerend werk nodig naar geïnteresseerde (zorg)partijen en andere (derde) betrokkenen. De gemeente Doetinchem faciliteert deze uitrol met het opzetten van brede netwerkbijeenkomsten. In 2026 evalueren we als gemeente, Buurtplein en Laborijn gezamenlijk de gekozen werkwijze.
26
Het Doetinchemse Doorbraakteam helpt sinds 2025 bij het oplossen van complexe, vastgelopen inwonerproblemen via een integrale, creatieve aanpak waarbij professionals uit meerdere organisaties samenwerken
De doorbraakmethode en het Doetinchemse Doorbraakteam Veel inwoners kennen een stapeling van problemen dat, in de complexe systeemwereld met allerlei regelingen en voorzieningen, belemmerend kan werken. Het kan dan in het belang van de inwoner zijn om te komen tot een creatieve of onconventionele oplossing. In de doorbraakmethode worden de krachten van verschillende domeinen gebundeld – zoals welzijn, zorg, inkomen en wonen – om tot een integrale aanpak en creatieve, onconventionele oplossing te komen. In mei 2025 is, in het verlengde van Activerend werken, door gemeente Doetinchem gestart met een lokale variant, het Doetinchemse Doorbraakteam. In dit team worden complexe casussen behandeld, vastgelopen situaties doorbroken en samenwerking over de grenzen van organisaties heen gestimuleerd. Deze aanpak richt zich zowel op jeugdigen als volwassenen. Het stelt de professionals in staat om onderbouwd, gelegitimeerd en kostenbewust maatwerk te leveren – zonder willekeur. De training voor de doorbraakmethode heeft plaatsgevonden in de periode mei - september 2025 en de eerste casussen zijn in het team behandeld. Aan de training is deelgenomen door Buurtplein, Sité Woondiensten, Bureau voor Financiële Ondersteuning (BvFO), de afdeling Beleid Maatschappij van de gemeente Doetinchem en vanuit verschillende vakgroepen van Laborijn.
Simpel Switchen Aalten Simpel Switchen is een werkwijze is die de inwoner centraal zet. Met het borgen van deze werkwijze dragen we bij aan de uitgangspunten die binnen Laborijn en de gemeente Aalten centraal staan. De menselijke maat staat centraal, dit wil zeggen dat we zo persoonlijk mogelijk werken en we kijken naar ‘meedoen op de best passende plek’ voor de inwoner. Simpel Switchen is geen doel op zich, maar een middel in het streven naar een passende plek voor inwoners. Er wordt gekeken naar de talenten van de inwoner, individuele krachten en reële perspectieven. Participatie en re-integratie vormen het uitgangspunt. De werkgroep Simpel Switchen bestaat uit vertegenwoordigers van de gemeente Aalten en Laborijn. Het team kijkt samen met de inwoner en betrokken hulpverleners wat nodig is om tot de best passende werk- of uitkeringssituatie te komen. Samen met partners wordt gewerkt aan het versoepelen van overgangen binnen de participatieketen. De samenwerking met ketenpartners is hierbij van groot belang. Jaarlijks wordt een netwerkbijeenkomst georganiseerd. Daarnaast is er een open stoel bij overleggen voor werkgevers en zorgpartners, zodat ontwikkelingen en ideeën gezamenlijk kunnen worden gedeeld. Ziekteverzuim cao Aan de Slag Het verzuimpercentage tot en met het vierde kwartaal van 2025 is 10,2%. Dit is een lichte stijging ten opzichte van 2024 (9,8%).
Uit analyse blijkt de meldingsfrequentie relatief hoog blijft alhoewel deze in 2025 een daling heeft doorgemaakt van 3,72 in 2024 naar 3,40 in 2025. In 2025 is de aanpak van frequent verzuim aandachtspunt geweest en dat vertaalt zich in een daling van het aantal meldingen. Het blijft echter noodzakelijk om de focus vast te houden en met aandacht het gesprek aan te gaan. Uitstroom vanuit parttime werk In de periode september 2024 tot en met september 2025 zijn 64 inwoners gestart met parttime werk. Over diezelfde periode zijn 68 inwoners gestopt met parttime werk. 49 inwoners zijn volledig uitgestroomd uit de bijstand waarvan 32 inwoners naar werk. Van de inwoners met parttime werk stroomt 47% volledig uit naar werk (vorig jaar was dit 40%). Daarmee levert parttime werk een belangrijke bijdrage aan de opstap naar volledige uitstroom uit de bijstand.
27
De volgende grafieken lopen een kwartaal achter door het later verrekenen van de inkomsten uit parttime werk.
NUG-dienstverlening Laborijn biedt ook ondersteuning aan niet-uitkeringsgerechtigden (NUG), inclusief loonkostensubsidie, die zich melden voor ondersteuning bij het verkrijgen van betaald (parttime) werk.
28
2.2.1 Programmalasten Binnen dit programma worden de volgende lasten en baten verantwoord: • • • • •
de kosten van re-integratie en ontwikkeling van Participatiewet-klanten de kosten voor dienstverbanden cao Aan de Slag; Beschut Werk en DGI de middelen die door de gemeenten beschikbaar worden gesteld aan Laborijn de omzet die wordt behaald door medewerkers Wiw en cao Aan de Slag de loonkostensubsidie die ontvangen wordt voor deze medewerkers