CConstaterende datDoetinchem
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 Philipsstraat Ruimtelijke onderbouwing.pdf

beeldvormende raad 16 maart 2023, gemeente DoetinchemBij agendapunt: 7: Bestemmingsplan Philipsstraat ong. - 202216.354 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

RUIMTELIJKE ONDERBOUWING

Realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

Ruimtelijke onderbouwing realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

Inhoudsopgave Hoofdstuk 1

Inleiding ...................................................................................................................... 4

1.1

Aanleiding ........................................................................................................................................................................... 4

1.2

Ligging en begrenzing plangebied ................................................................................................................................. 4

1.3

Geldende juridisch-planologische regeling ................................................................................................................ 6

1.4

Leeswijzer .......................................................................................................................................................................... 8

Hoofdstuk 2

Planbeschrijving ......................................................................................................... 9

2.1

Historische en huidige situatie ..................................................................................................................................... 9

2.2

Toekomstige situatie ..................................................................................................................................................... 11

Hoofdstuk 3

Beleidskader ............................................................................................................. 18

3.1

Inleiding............................................................................................................................................................................. 18

3.2

Provinciaal beleid ........................................................................................................................................................... 20

3.3

Regionaal beleid .............................................................................................................................................................. 22

3.4

Gemeentelijk beleid....................................................................................................................................................... 24

Hoofdstuk 4

Haalbaarheid ............................................................................................................ 39

4.1

Milieueffectrapportage - (vormvrije) m.e.r.-(beoordelings)plicht ...................................................................... 39

4.2

Bodem............................................................................................................................................................................... 42

4.3

Akoestiek ......................................................................................................................................................................... 44

4.4

Luchtkwaliteit.................................................................................................................................................................. 46

4.5

Externe veiligheid ........................................................................................................................................................... 47

4.6

Bedrijven en milieuzonering ........................................................................................................................................ 50

4.7

Ecologie ............................................................................................................................................................................ 53

4.8

Water................................................................................................................................................................................ 57

4.9

Archeologie en cultuurhistorie .................................................................................................................................. 63

4.10

Verkeer en parkeren..................................................................................................................................................... 64

4.11

Economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid .............................................................................................. 66

Hoofdstuk 5

2

Conclusie .................................................................................................................. 67

versie 5 (definitief)

Ruimtelijke onderbouwing realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

Bijlage 1

Inrichtingstekening

Bijlage 2

Aerius-berekening (aanlegfase)

Bijlage 3

Aerius-berekening (gebruiksfase)

Bijlage 4

Ecologische quickscan

Bijlage 5

Parkeerdrukonderzoek

Bijlage 6

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai

Bijlage 7

Akoestisch onderzoek industrielawaai

Bijlage 8

Watertoets

Versie 5 (definitief)

3

Ruimtelijke onderbouwing realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

Hoofdstuk 1 1.1

Inleiding

Aanleiding

De transformatie van het voormalige Saronixterrein in Doetinchem van industrieterrein naar woonwijk is al grotendeels uitgevoerd. Alleen de strook braakliggende grond ten zuiden van de supermarkt aan de Keppelseweg moet nog ingevuld worden. Hiervoor is een plan ontwikkeld dat ziet op de realisatie van tien woningen in de vorm van drie woonvilla’s. De woningen zijn bedoeld voor jonge starters. De realisatie van de tien starterswoningen is niet geheel mogelijk op grond van het geldende bestemmingsplan. Omdat de gemeente het wel als een wenselijke ontwikkeling ziet, wordt er medewerking verleend via een herziening van het bestemmingsplan. Een bestemmingsplan kan alleen worden herzien als de activiteit voldoet aan een goede ruimtelijke ordening. De onderbouwing dat de beoogde ontwikkeling hieraan voldoet is opgenomen in voorliggend document.

1.2

Ligging en begrenzing plangebied

Het plangebied betreft een strook braakliggende grond globaal gelegen tussen de IJsselstraat, Philipsstraat, Nemahoweg en de supermarkt aan de Keppelseweg in Doetinchem. Kadastraal staat het gebied bekend als: -

Circa 1365 m2 van perceel Ambt-Doetinchem, sectie O, nummer 1574.

Op de volgende afbeeldingen zijn de globale ligging en begrenzing van het plangebied weergegeven. Voor de exacte begrenzing wordt verwezen naar Bijlage 1 bij deze ruimtelijke onderbouwing.

4

versie 5 (definitief)

Ruimtelijke onderbouwing realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

Figuur 1 Globale ligging plangebied (blauwe stip)

Figuur 2 Globale begrenzing plangebied (blauw omlijnd in het midden)

Versie 5 (definitief)

5

Ruimtelijke onderbouwing realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

1.3

Geldende juridisch-planologische regeling

Voor de locatie geldt het bestemmingsplan ‘Stedelijk Gebied - 2021’ (vastgesteld op 24 juni 2021). In dit plan is aan de locatie een viertal bestemmingen toegekend. Hierbinnen is voor het plangebied op hoofdlijnen het volgende gebruik toegestaan (zie voor de afbeelding de volgende pagina):

Woongebied-1 (lichtgeel aan linkerzijde) woningen, in de vorm van: -

vrijstaande woningen;

-

twee-onder-een-kap woningen;

-

aaneengebouwde woningen;

met bijbehorende tuinen/erven en voorzieningen t.b.v. verkeer/parkeren/water/groen.

Verkeer (grijze strook in het midden en aan de noordzijde) Verkeer, verblijf en mogelijkheden verkeer/parkeren/water/groen.

voor

ontmoeting

met

voorzieningen

t.b.v.

Wonen (donkergeel aan rechterzijde) Eén nieuwe vrijstaande woning met bijbehorende tuin/erf.

Tuin Tuinen en erven.

Over de gehele locatie ligt de dubbelbestemming ‘Waarde-archeologische verwachting 5’ en de gebiedsaanduiding ‘overig zone – nieuwe risicobronnen uitgesloten’. De informatie rondom externe veiligheid is verwerkt in paragraaf 4.5, die voor de archeologische waarden in paragraaf 5.9.1.

6

versie 5 (definitief)

Ruimtelijke onderbouwing realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

Figuur 3 Overzicht van geldende enkelbestemmingen (plangebied blauw omlijnd)

Het plan zoals omschreven in paragraaf 2.2 is op de volgende onderdelen strijdig met het geldende bestemmingsplan:

Woningnr.

Strijdigheden

1

Afstand tot zijdelingse perceelgrens minder dan 3 meter Goothoogte meer dan 6 meter (tussen 6 en 7 meter)

2

Voorgevel op minder dan 3 meter van de voorste perceelgrens Goothoogte meer dan 6 meter (tussen 6 en 7meter)

3

Goothoogte meer dan 6 meter (tussen 6 en 7 meter)

4

Goothoogte meer dan 6 meter (tussen 6 en 7 meter)

5

Goothoogte meer dan 6 meter (tussen 6 en 7 meter)

6

Voorgevel op minder dan 3 meter van de voorste perceelgrens Afstand tot zijdelingse perceelgrens minder dan 3 meter Deels in verkeersbestemming Goothoogte meer dan 6 meter (tussen 6 en 7 meter)

7

Versie 5 (definitief)

Voorgevel op minder dan 3 meter van de voorste perceelgrens

7

Ruimtelijke onderbouwing realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

Afstand tot zijdelingse perceelgrens minder dan 3 meter Deels in verkeersbestemming Goothoogte meer dan 6 meter (tussen 6 en 7 meter) 8

Niet vrijstaand gebouwd Deels buiten het bouwvlak Meer dan één woning Goothoogte meer dan 6 meter (tussen 6 en 7 meter)

9

Niet vrijstaand gebouwd Deels buiten het bouwvlak Meer dan één woning Goothoogte meer dan 6 meter (tussen 6 en 7 meter)

10

Niet vrijstaand gebouwd Deels buiten het bouwvlak Goothoogte meer dan 6 meter (tussen 6 en 7 meter)

Bergruimten

Niet op meer dan 1 meter achter (het verlengde) van de voorgevel van alle woningen.

Er is daarom voor gekozen om het bestemmingsplan te herzien. Een bestemmingsplan kan alleen worden herzien als de activiteit voldoet aan een goede ruimtelijke ordening. De onderbouwing dat de beoogde ontwikkeling hieraan voldoet is opgenomen in voorliggend document.

1.4

Leeswijzer

In hoofdstuk 2 Planbeschrijving is een beschrijving van de huidige en toekomstige situatie weergegeven. In hoofdstuk 3 Conclusie zijn de conclusies en eventuele randvoorwaarden weergegeven van hoofdstuk 2 Planbeschrijving, hoofdstuk 4 Beleidskader en hoofdstuk 5 Haalbaarheid.

8

versie 5 (definitief)

Ruimtelijke onderbouwing realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

Hoofdstuk 2 2.1

Planbeschrijving

Historische en huidige situatie

Het plangebied ligt tussen de IJsselstraat, Philipsstraat, Nemahoweg en de supermarkt aan de Keppelseweg in Doetinchem. Het gehele gebied ten westen van de IJsselstraat had tot in de jaren vijftig van de vorige eeuw nog een agrarisch karakter. Er lag een aantal verspreide woningen en een volkstuincomplex. De industriële ontwikkeling van dit deel van het plangebied kwam op gang door vestiging van de timmerfabriek van Nemaho in de jaren veertig en de vestiging van de fabriek van Philips aan de IJsselstraat in de jaren vijftig. Later vestigden zich nog een aantal kleinere bedrijven aan het Zaagmolenpad. De fabriek van Philips (later Saronix) is een aantal jaren geleden grotendeels afgebroken. De schoorsteen en het ketelhuis van de fabriek zijn behouden en hebben de status van gemeentelijk monument gekregen. Navolgende afbeeldingen geven een beeld van de historie (topografische kaarten van 1950, 1975 en 2015).

Figuur 4 Topografische kaart 1950 (plangebied in blauw)

Versie 5 (definitief)

9

Ruimtelijke onderbouwing realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

Op de topografische kaarten van 1975 en 2015 is de sanering van de bedrijfsbebouwing goed zichtbaar. De bedrijfsgebouwen die in 1975 nog aanwezig waren, zijn in 2015 gesloopt.

Figuur 5 Topografische kaart 1975 (plangebied in blauw)

Figuur 6 Topografische kaart 2015 (plangebied in blauw)

10

versie 5 (definitief)

Ruimtelijke onderbouwing realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

Tijdens het transformatieproces is steeds uitgegaan van woningbouw, maar is (onder andere door de economische crisis) de stedenbouwkundige opzet een aantal keer gewijzigd. De uiteindelijke opzet is zichtbaar in Figuur 7. Aan de zuidzijde van het plangebied (blauw omlijnd) zijn de woningen zichtbaar die al is gerealiseerd. De kavels met vrijstaande woningen aan de westzijde zijn uitgegeven, de eerste woningen worden gebouwd zoals zichtbaar in Figuur 7.

Figuur 7 Luchtfoto (blauw omlijnd het plangebied)

2.2

Toekomstige situatie

Het plangebied vormt het laatste gedeelte van het Saronixterrein dat nog ontwikkeld moet worden. Uit een locatieonderzoek is gebleken dat de locatie minder kansen en mogelijkheden geeft voor tiny houses dan in eerste instantie gedacht. De gebiedsontwikkeling Wijnbergen het Oosten de Kwekerij werd veel kansrijker ingeschat. In het stedenbouwkundig plan voor die locatie zijn vervolgens 15 plaatsen gereserveerd voor de realisatie van tiny houses. Het plangebied (en de omgeving) leent zich beter voor permanente bebouwing in de vorm van starterswoningen. De keuze voor starterswoningen voor de doelgroep jonge starters geeft een goede invulling aan de woningbouwstrategie (zie paragraaf 3.4.4). Er is veel vraag naar deze woningen. Door Rinx vastgoedontwikkeling is een plan ontwikkeld dat hier invulling aan geeft. De terreininrichting is zichtbaar op onderstaande afbeelding. De tekening van de terreininrichting is ook opgenomen in bijlage 1.

Versie 5 (definitief)

11

Ruimtelijke onderbouwing realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

Figuur 8 nieuwe terreininrichting

Figuur 9 Situering drie startervilla’s met bijbehorende bouwwerken t.o.v. bestaande situatie

Het bouwplan bestaat uit tien hoekwoningen die samen drie 'startervilla’s' vormen. Het ontwerp en de inrichting geeft invulling aan de specifieke wensen van de doelgroep jonge starters. De woningen zijn relatief klein in vloeroppervlak (en daarmee betaalbaar). Een effectief ruimtegebruik maakt de woning toch veelzijdig en geeft goede gebruiksmogelijkheden voor de jonge starters. De verwachting is dat jonge starters na een aantal jaar doorschuiven naar een woning met meer gebruiksruimte. Hiermee wordt de doorstroom bevorderd.

12

versie 5 (definitief)

Ruimtelijke onderbouwing realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

Startervilla is een concept waarbij compact en betaalbaar wonen wordt gecombineerd met ruimtelijke en architectonische kwaliteit. Wonen voor een- of tweepersoonshuishoudens op een kleiner oppervlakte maar wel in een compleet modern huis met licht en zicht van twee kanten. Iedere Startervilla heeft zijn eigen voorkant in dit alzijdige woonconcept. Ruimtelijk en stedenbouwkundig geeft dit concept het idee van een vrijstaande villa met een hoge esthetische waarde. In de praktijk bestaat de villa uit meerdere wooneenheden. Omdat elke kant een voorkant is en de buitenruimte gedeeld wordt, krijgt het geheel toch een royaal karakter. De bewoners delen een kavel, delen een villa en delen de buitenruimte, een ongedwongen collectief. Dat is slim ruimtegebruik met een kleine ecologische voetafdruk.

Versie 5 (definitief)

13

Ruimtelijke onderbouwing realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

De uitvoering en positionering van de drie villa's passen binnen het stedenbouwkundig kader van het plan voor het Saronix-terrein. De startersvilla's passen, wat betreft uitstraling en ligging, goed in het beeld van de vrijstaande villa's die langs de Keppelseweg staan. Er is voor gekozen om een startersvilla te realiseren op de plek waar het oorspronkelijke plan voorziet in een vrijstaande woning aan de IJsselstraat. Door de startersvilla's wat te draaien hebben ze weinig invloed op het woongenot van de achterliggende woningen.

Figuur 10 Aanzicht varianten stadsvilla's met 3 en 4 woningen

14

versie 5 (definitief)

Ruimtelijke onderbouwing realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

Figuur 11 Plattegronden startervilla met 3 en 4 woningen

Door een goede positionering van de drie villa's blijft er voldoende onbebouwde ruimte beschikbaar. Deze ruimte wordt gebruikt als gezamenlijke tuin. Elke woning krijgt een aparte berging van 2 breed en 3 meter diep. Deze bergingen bij de startersvilla's zijn aan de zuidzijde geconcentreerd zodat de impact op de open ruimte zo klein mogelijk is en tussen de villa's ruimte is voor een hoogwaardige groene invulling. Naast de bergingen komt aan de zuidwestzijde een gebouw (circa 9 m2) voor het inpandig stallen van de afvalcontainers. Tussen de startersvilla’s en de supermarkt gaat de gemeente de resterende strook inrichten als openbaar gebied. De woningen worden hierop aangesloten en ook op de bestaande openbare ruimte aan de andere zijden van het terrein.

Versie 5 (definitief)

15

Ruimtelijke onderbouwing realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

Het parkeren vindt plaats in de omliggende openbare ruimte. Voor meer informatie over de parkeerbalans zie paragraaf 4.10. Onderstaande afbeeldingen geven weer hoe het plan er voor de omgeving uit komt te zien.

Aanzicht vanaf westzijde

Aanzicht vanaf zuidzijde

16

versie 5 (definitief)

Ruimtelijke onderbouwing realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

Aanzicht vanaf oostzijde

Aanzicht vanaf noordwestzijde

Figuur 12 Aanzichten vanuit omgeving

Versie 5 (definitief)

17

Ruimtelijke onderbouwing realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

Hoofdstuk 3 3.1

Beleidskader

Inleiding

In dit hoofdstuk komt het overheidsbeleid aan de orde dat van invloed is op de realisatie van de tien woningen op het Saronixterrein in Doetinchem. Uit onderzoek blijkt dat de volgende beleidsstukken niet van invloed zijn: -

Nationale Omgevingsvisie (NOVI), Rijksoverheid, vastgesteld op 11 september 2020;

-

besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro), Rijksoverheid, vastgesteld op 22 augustus 2011, inclusief de latere aanvullingen;

-

besluit ruimtelijke ordening, De Ladder voor duurzame verstedelijking, Rijksoverheid, 1 oktober 2012 (het valt niet onder een nieuwe stedelijke ontwikkeling, omdat het om minder dan 12 woningen gaat);

-

cultuur en Erfgoed 2017-2020, Beleef het mee! Provincie Gelderland, vastgesteld 29 juni 2016;

-

regionale Structuurvisie Achterhoek 2012, Regio Achterhoek, vastgesteld 26 april 2012;

-

Erfgoedverordening 2013, vastgesteld d.d. 30 mei 2015;

-

Cultuurhistorie Doetinchem Nota Continuïteit in Karakter, vastgesteld d.d. 21 september 2017;

-

(Para)commercie in de horeca, vastgesteld d.d. 23 april 2013;

-

Nota - Actualisatie Detailhandelsbeleid, vastgesteld d.d. 18 juli 2013;

-

Afsprakenkader detailhandel regio Achterhoek, vastgesteld d.d. 24 september 2015;

-

Beleidskader Bedrijventerreinen in Verandering (BIVA), vastgesteld d.d. 27 juni 2019;

-

Beleidskader Speelautomatenbeleid, vastgesteld d.d. 12 september 2009;

-

Motorbrandstoffenverkooppunten, vastgesteld d.d. 28 oktober 1999;

-

Nota prostitutiebeleid, vastgesteld d.d. 19 juni 2019;

-

Regionaal Programma Werklocaties Achterhoek, vastgesteld d.d. 27 juni 2019;

-

Terrassenbeleid, gemeente Doetinchem, vastgesteld 5 maart 2013;

-

Standplaatsenbeleid 2011, vastgesteld d.d. 22 november 2011;

-

Visie boodschappenstructuur, gemeente Doetinchem, vastgesteld 22 februari 2018;

18

versie 5 (definitief)

Ruimtelijke onderbouwing realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

-

Beleidskader duurzame energieopwekking, vastgesteld d.d. 25 april 2019;

-

Beleidsregels hogere waarde Wet geluidhinder, vastgesteld d.d. 15 juli 2008;

-

Grondopstelling van zonnepanelen bij woningen, vastgesteld d.d. 19 juni 2018;

-

Planologisch kader voor het landelijk gebied – 2021, vastgesteld d.d. 8 juli 2021;

-

Beleidsregel Plussenbeleid Doetinchem 2019, vastgesteld d.d. 29 mei 2019;

-

Notitie wonen landelijk gebied, vastgesteld d.d. 17 december 2020;

-

Doetinchem in vorm, vastgesteld d.d. 12 april 2017;

-

Notitie Evenementenbeleid 2017-2020, vastgesteld d.d. 10 november 2016;

-

Reclame sportvelden, vastgesteld d.d. 12 december 2006;

-

Vrijetijdsagenda Achterhoek 2020-2030, vastgesteld d.d. 7 juli 2020;

-

Mobiliteitsvisie 2016-2026, vastgesteld d.d. 3 november 2016;

-

Landschapsontwikkelingsplan LOP+, vastgesteld d.d. 24 april 2008;

-

Bestemming wonen en zorg, vastgesteld d.d. 25 januari 2018;

-

Beleidskader huisvesting tijdelijke arbeidsmigranten Doetinchem, vastgesteld d.d. 31 oktober 2019;

-

Beleidsregel Kamerverhuur in de gemeente Doetinchem 2021, vastgesteld d.d. 30 september 2021;

-

Notitie wonen landelijk gebied, vastgesteld d.d. 17 december 2020;

Deze plannen zijn daarom ook niet verder toegelicht in dit plan. Het beleid wat wel van invloed is op de ontwikkeling is in dit hoofdstuk verwoord en afgewogen.

Versie 5 (definitief)

19

Ruimtelijke onderbouwing realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

3.2

Provinciaal beleid

3.2.1

Omgevingsvisie Gelderland

De Omgevingsvisie Gaaf Gelderland is op 19 december 2018 door Provinciale Staten van Gelderland vastgesteld en in werking getreden op 1 maart 2019. De visie beschrijft de lange termijn ambities en beleidsdoelen voor de fysieke leefomgeving in Gelderland. Samen met de Omgevingsverordening heeft de provincie al vooruit gelopen op de Omgevingswet. Deze wet biedt meer ruimte voor initiatieven en ontwikkelingen in het fysieke domein, in samenspraak met de omgeving. De provincie streeft naar een gezond, veilig, schoon en welvarend Gelderland. Dit wil de provincie bereiken door de focus te leggen op een duurzaam, verbonden en economisch krachtig Gelderland. Hiervoor zijn zeven ambities benoemd om richting te geven: -

Energietransitie;

-

Klimaatadaptatie;

-

Circulaire economie;

-

Biodiversiteit;

-

Bereikbaarheid;

-

Vestigingsklimaat;

-

Woon- en leefklimaat.

Met vier 'spelregels' of 'doe-principes' - doen, laten, zelf en samen - wordt er werking aan gegeven. Dit is het kader waarbinnen de provincie wil werken en afwegingen wil maken.

Onderzoek en conclusie De ontwikkeling waarvoor dit bestemmingsplan is opgesteld sluit aan op de ambities rondom de woon- en leefomgeving. Een voormalige bedrijfslocatie wordt getransformeerd naar een woonwijk, waarbij de tien starterswoningen aansluiten op de woningbehoefte (zie voor meer informatie de paragraaf over het gemeentelijk beleid). Er zijn geen specifieke beleidsthema’s (als uitwerking van de omgevingsvisie) van toepassing voor de locatie. Voor het overige staan in de Omgevingsvisie geen specifieke ontwikkelingen beschreven die betrekking hebben op de locatie.

20

versie 5 (definitief)

Ruimtelijke onderbouwing realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

3.2.2

Omgevingsverordening Gelderland

De Omgevingsverordening is op 19 december 2018 door Provinciale Staten van Gelderland vastgesteld en in werking getreden op 1 maart 2019. Nadien is de verordening een aantal keren op onderdelen geactualiseerd. Getoetst is aan de geconsolideerde versie van 1 februari 2022. In de omgevingsverordening zijn regels en bepalingen over de inrichting en beheer van de ruimtelijke omgeving vastgelegd.

Onderzoek en conclusie

Instructieregel bestemmingsplan doorwerking regionale woonagenda (art. 2.2) Via artikel 2.2 is gewaarborgd dat een bestemmingsplan nieuwe woningen alleen mogelijk maakt als die ontwikkeling past binnen een door Gedeputeerde Staten vastgestelde regionale woonagenda. Voor de locatie gaat het om de door alle Achterhoekse gemeenten vastgestelde notitie 'Kwalitatieve toetsingscriteria woningbouw Achterhoek' (door de gemeenteraad van Doetinchem vastgesteld op 20 september 2019). Deze notitie is door de provincie Gelderland vastgesteld als wijziging op een aantal passages van de Regionale woonagenda Achterhoek 20152025. In paragraaf 3.3.1 van deze toelichting is uitgewerkt dat de beoogde ontwikkeling aansluit op de notitie 'Kwalitatieve toetsingscriteria woningbouw Achterhoek'. Op basis van het regionale beleid, is ook het gemeentelijk woningbouwbeleid in 2019 herzien. Deze herziening is uitgewerkt in de ‘Woningbouwstrategie 2019’, vastgesteld door de gemeenteraad op 28 november 2019. In paragraaf 3.4.4 van deze toelichting is onderbouwd dat de ontwikkeling aansluit op dit gemeentelijke beleid. Daarmee is er geen omgevingsverordening.

strijdigheid

met

de

instructieregel

in

artikel

2.2

van

de

Instructieregel klimaatadaptie (art. 2.65b) In artikel 2.65b van de provinciale verordening zijn regels opgenomen over klimaatadaptatie bij nieuwe ontwikkelingen. De onderbouwing dat het plan voldoet aan de kaders rondom klimaatadaptatie is terug te vinden in de paragrafen 3.4.6 (hittestress) en 4.8 (water) van deze ruimtelijke onderbouwing. Daarmee is er geen strijdigheid met de instructieregel in artikel 2.65b van de omgevingsverordening.

Versie 5 (definitief)

21

Ruimtelijke onderbouwing realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

3.3

Regionaal beleid

3.3.1

Kwalitatieve toetsingscriteria woningbouw Achterhoek

De groei van het aantal huishoudens in de regio Achterhoek houdt langer aan dan eerder voorzien. Dit betekent dat er extra woningen moeten komen om te kunnen voorzien in de kwalitatieve behoefte die er nu en in de toekomst is. Daarom is in regionaal verband vanuit de thematafel Wonen en Vastgoed de notitie 'Kwalitatieve toetsingscriteria woningbouw Achterhoek' opgesteld en door alle Achterhoekse gemeenteraden vastgesteld. De gemeenteraad van de gemeente Doetinchem heeft deze notitie op 26 september 2019 vastgesteld. Op basis van deze notitie wordt onder voorwaarden ruimte gegeven aan de bouw van extra woningen in de regio Achterhoek. Daarmee moeten nieuwe plannen voor het toevoegen van woningen in ieder geval worden getoetst aan de volgende drie voorwaarden/kwaliteitscriteria: de behoefte is aangetoond, voorrang voor transformatie van leegstaand vastgoed (verbouw of nieuwbouw na sloop) en inbreiding gaat voor uitbreiding. De notitie 'Kwalitatieve toetsingscriteria woningbouw Achterhoek' is door de provincie Gelderland vastgesteld als wijziging op een aantal passages van de Regionale woonagenda Achterhoek 2015-2025.

Tegelijkertijd heeft de gemeenteraad van de gemeente Doetinchem, conform en met in achtneming van de inhoud van de notitie, het college van burgermeester en wethouders opdracht gegeven om de notitie 'Kwalitatieve toetsingscriteria woningbouw Achterhoek' nader uit te werken voor de gemeente Doetinchem. Deze nadere uitwerking is noodzakelijk om daadwerkelijk medewerking te kunnen verlenen aan plannen voor het toevoegen van nieuwe woningen in de gemeente Doetinchem. De nadere (lokale) uitwerking heeft zijn beslag gekregen in de 'Woningbouwstrategie 2019'. Meer hierover in paragraaf 3.4.4 Woningbouwstrategie 2019.

Onderzoek en conclusie De ontwikkeling betreft binnenstedelijke herontwikkeling. Daarmee sluit het aan op de voorwaarden. Voor meer informatie over de woningbouwbehoefte zie de conclusies in paragraaf 3.4.4.

3.3.2

Waterbeheerprogramma 2022-2027

Het waterschap Rijn en IJssel brengt in het waterbeheerprogramma 2022-2027 (d.d. 13 januari 2022) tot uitdrukking hoe zijn haar rol in de omgeving ziet als doorvertaling van de Watervisie 2030. In het waterbeheerprogramma 2022-2027 zijn de contouren van de ambities van het Waterschap Rijn en IJssel opgenomen om daar samen met partners invulling aan te gaan geven. Daarmee wordt duidelijk welke richting en positie het waterschap inneemt om beleidsdoelen na te streven en op welke manier de daadwerkelijke uitvoering plaatsvindt.

22

versie 5 (definitief)

Ruimtelijke onderbouwing realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

De werkzaamheden, bovenop de wettelijke taken van het waterschap, zijn gevat in 4 thema's: -

Klimaatrobuust gebied: gericht op het jaarrond bereiken van een optimale balans tussen te nat en te droog en tegelijkertijd inwoners, bedrijven en medeoverheden voldoende weerbaar zijn tegen de onvermijdelijke gevolgen van extreem weer.

-

Veilig gebied: gericht op de bescherming tegen hoog water als randvoorwaarde om veilig te kunnen wonen en werken.

-

Circulaire economie en energietransitie: gericht op het zoveel mogelijk bijdragen aan het beperken van klimaatverandering door grondstofbehoefte te beperken en emissie van broeikasgassen te verminderen.

-

Gezonde leefomgeving: gericht op het zorgen voor een schoon en gezond watersysteem voor mens en natuur, waarbij het water geschikt is voor verschillende maatschappelijke functies en geen risico's op levert voor de volksgezondheid.

Onderzoek en conclusie Het plangebied bevindt zich niet in een zone waarvoor het Waterschap Rijn en IJssel specifieke opgaven of beperkingen heeft geformuleerd in het waterbeheerprogramma. In paragraaf 4.8.2 wordt verder ingegaan op de uitgevoerde watertoets.

Versie 5 (definitief)

23

Ruimtelijke onderbouwing realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

3.4

Gemeentelijk beleid

3.4.1

Structuurvisie Doetinchem 2035

Op 26 september 2013 heeft de gemeenteraad van Doetinchem de Structuurvisie Doetinchem 2035 vastgesteld. Deze structuurvisie schetst een beeld van de huidige ruimtelijke situatie en gaat zowel in op de kwaliteiten als op onderdelen waar verbeteringen denkbaar zijn. Er worden ruimtelijke kaders geschetst waarbinnen de gemeente Doetinchem de komende jaren wil werken. Daarbij gelden vier thema's: 1. beherend ontwikkelen van stad en land; 2. kwaliteit en beleving; 3. economische kansen; 4. Doetinchem en haar omgeving.

De komende jaren houdt Doetinchem zich bezig met de volgende overkoepelende opgaven: -

acupunctuur in de stad;

-

beleef het land;

-

ruimte voor het water;

-

de groene waas.

Onderzoek en conclusie De Structuurvisie Doetinchem 2035 van de gemeente bevat geen specifieke voorwaarden voor de ontwikkeling van het plangebied, anders dan de ligging in ontwikkelgebied Heelweg. In algemene zin sluit het hergebruik van een voormalige bedrijfslocatie aan op het thema ‘kwaliteit en beleving’ en de opgave ‘accupunctuur in de stad’.

3.4.2

Masterplan Schil

Het structuurplan Masterplan Schil, d.d. 13 december 2007, geeft een brede ruimtelijke visie over het gebied rondom het centrum van Doetinchem. Daarin zijn verschillende ontwikkellocaties opgenomen. Het Masterplan spreekt zich uit over de stedenbouwkundige kwaliteit in De Schil en schetst het plan de agenda en spelregels voor de verschillende ontwikkellocaties.

24

versie 5 (definitief)

Ruimtelijke onderbouwing realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

Centraal bij de gebiedsontwikkeling in De Schil staat een zodanige aanpak dat de ruimtelijke kwaliteit van De Schil verbetert, de centrumfunctie van Doetinchem sterker wordt, de investeringen en plankosten worden terugverdiend en er vanaf 2008 zichtbare resultaten zijn.

Figuur 13 Uitsnede Masterplan Schil

Onderzoek en conclusie Het plangebied maakt onderdeel uit van de ontwikkellocatie Heelweg (nummer 16 op bovenstaande afbeelding). De ontwikkeling van het Saronixterrein en de omliggende gronden is de beoogde uitwerking die in het Masterplan reeds is aangekondigd. Voorliggend bestemmingsplan voldoet dan ook aan hetgeen in het Masterplan Schil met betrekking tot dit plangebied is beschreven.

Versie 5 (definitief)

25

Ruimtelijke onderbouwing realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

3.4.3

Planologisch beleid

Op 6 januari 2011 heeft de gemeenteraad van Doetinchem ingestemd met het Planologisch beleid 2011. Bij de vaststelling van het bestemmingsplan 'Stedelijk gebied - najaar - 2019' op 30 maart 2020 heeft de gemeenteraad een aantal wijzigingen doorgevoerd. In deze paragraaf komt de integrale versie van het Planologisch beleid terug. Het planologisch beleid vormt het ruimtelijk beleidskader voor woningen en bijbehorende bouwwerken. In de nota wordt beleid geformuleerd voor kleine bouwplannen met betrekking tot woningen. Ook voorziet de nota in een belangrijke verruiming en versoepeling van de tot nu toe gehanteerde bouwvoorschriften. In de voorgestelde regeling is een onderscheid gemaakt tussen: a. ruimtelijke aspecten die betrekking hebben op het woonhuis en bijbehorende bouwwerken alleen; b. de ruimtelijke aspecten van de woning die alleen geregeld kunnen worden als de kenmerken van de omgeving daarbij betrokken worden. Daarnaast zijn een aantal relatief ondergeschikte bouwactiviteiten die voorheen als afwijking verleend kon worden, nu als 'bij recht' toegestane bouwactiviteiten opgenomen. Dit zijn bijvoorbeeld erkers, toegangspartijen en overkappingen in de voortuin van een woning. Verder zijn versoepelingen doorgevoerd voor: -

woonruimte in bijbehorende bouwwerken;

-

overkappingen;

-

erfafscheidingen;

-

beroepen en bedrijven aan huis;

-

mantelzorg.

Met het Planologisch beleid ligt er een vernieuwde basis voor omgevingsvergunningen en bestemmingsplannen. Daarnaast is het beleid de basis voor nieuwe planontwikkelingen.

Onderzoek en conclusie De drie startervilla’s wijken af van de reguliere woningbouw waarvoor het planologisch beleid is opgesteld. Vanwege de bijzondere bouwvorm en het gezamenlijke gebruik van de buitenruimte, is er niet echt sprake van voor- en achtertuinen. Voor de ruimtelijke beoordeling wordt de ontwikkeling daarom als één geheel gezien (en niet als drie losse kavels waarvoor onderling ook afstanden aangehouden moeten worden op grond van het planologisch beleid).

26

versie 5 (definitief)

Ruimtelijke onderbouwing realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

De bouwvlakdiepte is bij rijwoningen in principe 13 m en bij vrijstaande en dubbele woningen 15 m. Voorwaarde is wel, dat er een afstand van minimaal 8 meter is tussen (het verlengde van) de van de weg afgekeerde bouwgrens (achtergevelrooilijn) en de achterste perceelsgrens. In situaties, waarbij de achterste perceelsgrens niet evenwijdig loopt aan (het verlengde van) de van de weg afgekeerde bouwgrens, kan maatwerk worden geleverd. De verschillende starterswoningen kunnen worden gezien als rijwoningen. Voor de individuele woningen wordt voldaan aan de maximale bouwvlakdiepte van 13 meter. De woningen sluiten met de achtergevels op elkaar aan, waardoor per individuele woning niet voldaan wordt aan de minimale 8 meter tussen (het verlengde van) de van de weg afgekeerde bouwgrens (achtergevelrooilijn) en de achterste perceelsgrens. Voor dit project wordt van deze bepaling afgeweken (maatwerk), omdat het een gevolg is van de bijzondere bouwwijze en de opzet om de onbebouwde gronden als gezamenlijke tuin te gebruiken. Aan de oostzijde wordt minimaal 3 meter aangehouden t.o.v. de perceelgrens. De villa’s liggen aan de noordzijde op meer dan 3 meter van de grens met de supermarkt. Hier komt een strook openbare ruimte, de villa’s komen op circa 2 meter van de openbare ruimte te liggen. Deze afstand geldt ook voor de westzijde ten opzichte van de openbare ruimte.

Het beleid geeft aan dat wanneer een gebouw grenst aan de openbare ruimte er afgeweken kan worden van de 3 meter-norm. Aan de zuidzijde liggen de linker- en middenvilla ook op minimaal 3 meter van de perceelsgrens. Dit geldt niet voor de rechter villa (zijde IJsselstraat). Vanuit ruimtelijke kwaliteit is het wenselijk om de drie villa’s aan de noordzijde op een gelijke afstand ten opzichte van de openbare ruimte te situeren. Daarnaast moet er vanuit milieuzonering voldoende afstand aangehouden worden tot de supermarkt. Vanwege het bouwconcept is het niet mogelijk om het gebouw te verkleinen. Een kleinere afstand ten opzichte van de zuidelijke perceelsgrens wordt daarom als stedenbouwkundig acceptabel gezien. De maximale goot- en bouwhoogte van hoofdgebouwen is op grond van het planologisch beleid in principe 6 respectievelijk 10 meter. Omdat hier sprake is van een bijzondere bouwstijl kan er maatwerk worden verleend. De goothoogte wijkt beperkt af (naar verwachting maximaal 6,5 meter), vanwege het platte dak in combinatie met een kleine footprint en de gedraaide constructie, maar dit is stedenbouwkundig passend in de omgeving. Aan de maximale bouwhoogte van 10 meter wordt voldaan. Elke woning krijgt aan de zuidzijde een eigen berging van circa 6 m2. Het totaal van alle bergingen (circa 60 m2) blijft hiermee onder de norm van 100 m2 per woning.

Daarnaast komt er aansluitend op de bergingen een gebouw (circa 9 m2) aan de zuidwestzijde voor het inpandig stallen van de afvalcontainers.

3.4.4

Woningbouwstrategie 2019

Op 28 november 2019 heeft de gemeenteraad de 'Woningbouwstrategie 2019' vastgesteld. De afgelopen jaren kon beperkt medewerking worden verleend aan woningbouwplannen. Aanleiding

Versie 5 (definitief)

27

Ruimtelijke onderbouwing realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

daarvoor waren regionale afspraken over het maximaal aantal toe te voegen woningen en bijbehorend lokaal beleid onder de noemer (uitvoering) herziene woningbouwstrategie uit 2015 en 2016. Tegelijkertijd heeft dit beleid ervoor gezorgd dat de gemeente de regie weer in handen heeft als het gaat om het toevoegen van nieuwe woningen; de latente woningbouwcapaciteit in bestemmingsplannen is geschrapt. De gemeente kan nu weer meewerken aan gewenste woningbouw ontwikkelingen. De groei van het aantal huishoudens in de regio Achterhoek alsook in de gemeente Doetinchem houdt langer aan dan eerder was voorzien ten tijde van het vaststellen van regionale afspraken over het maximaal aantal toe te voegen woningen en bijbehorend lokaal beleid onder de noemer (uitvoering) herziene woningbouwstrategie uit 2015 en 2016. Dat de groei van het aantal huishoudens langer aanhoudt dan verwacht, betekent dat er extra woningen moeten komen om te kunnen voorzien in de kwalitatieve behoefte die er nu en in de toekomst is. De gemeenteraad van Doetinchem heeft daartoe op 26 september 2019, net als de andere Achterhoekse gemeenten, de notitie 'Kwalitatieve toetsingscriteria woningbouw regio Achterhoek' vastgesteld. Daarmee is een nieuw regionaal kader gegeven waaraan nieuwe woningbouwontwikkelingen in de regio en dus ook in de gemeente Doetinchem moeten voldoen. Zie voor meer informatie paragraaf 3.3.1.

De 'Woningbouwstrategie 2019' vormt de uitwerking van dat kader c.q. de notitie 'Kwalitatieve toetsingscriteria woningbouw regio Achterhoek'. Met de 'Woningbouwstrategie 2019' kan de gemeente Doetinchem sturen op het toevoegen van woningen waar behoefte aan is voor de verschillende doelgroepen, op het toevoegen van stedenbouwkundige kwaliteit en op het bestrijden van leegstand. Daarmee geeft de 'Woningbouwstrategie 2019' mede invulling aan de opvatting van de gemeente dat degenen die in de gemeente Doetinchem willen wonen ook terecht moeten kunnen op de woningmarkt binnen de gemeente Doetinchem. Met de 'Woningbouwstrategie 2019' wordt het voor initiatiefnemers duidelijk aan welke voorwaarden hun initiatieven in ieder geval moeten voldoen om in principe medewerking van de gemeente te verkrijgen.

Onderzoek en conclusie Met het plan wordt tegemoet gekomen aan de behoefte aan goedkope woningen, die o.a. geschikt zijn voor starters en in een bijzondere woonvorm. Het plan verbetert de stedenbouwkundige kwaliteit van de directe omgeving, het vormt de afronding van de nieuwe woonwijk.

28

versie 5 (definitief)

Ruimtelijke onderbouwing realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

3.4.5

Beleidsregels zelfbewoningsplicht Gemeente Doetinchem 2021

Er is sprake van grote schaarste op de woningmarkt. Starters en inwoners met een (laag) middeninkomen hebben moeite om een betaalbare woning te kopen. Door het behouden van betaalbare koopwoningen voor inwoners, met een budget dat past bij deze woningen, streeft de gemeente Doetinchem het doel van de Huisvestingswet, om te komen tot een evenwichtige en rechtvaardige verdeling van woonruimte, na. Met deze beleidsregels verkleinen wij de concurrentie van potentiële kopers die nieuwbouw koopwoningen opkopen om deze te gaan verhuren. Het invoeren van de zelfbewoningsplicht heeft tot doel dat de beoogde doelgroep daadwerkelijk betaalbare koopwoningen kan bewonen. Met deze invoering is het voor ontwikkelaars en beleggers niet meer mogelijk om meerdere betaalbare koopwoningen op te kopen en op de vrije markt te verhuren.

Onderzoek en conclusie De beleidsregel is van toepassing op het project omdat de vrij op naam koopprijs lager ligt dan €350.000. De inhoud van de beleidsregel wordt opgenomen in de algemene verkoopvoorwaarden voor aankoop van het terrein van de gemeente Doetinchem.

3.4.6

Doetinchem Natuurlijk Duurzaam

Op 18 februari 2016 heeft de gemeenteraad het koersdocument Doetinchem Natuurlijk Duurzaam vastgesteld. In het koersdocument staat beschreven wat duurzaamheid voor Doetinchem betekent, welke middelen de gemeente inzet en welke doelen de gemeente heeft om de duurzaamheidsambities te behalen. Duurzaamheid is een heel breed begrip. Voor Doetinchem komt duurzaamheid terug op de beleidsvelden energie, natuur, klimaat, circulaire economie, mobiliteit en duurzame producten en diensten. De gemeente zet zichzelf in als verbinder die andere partijen ondersteunt en enthousiasmeert bij hun duurzame initiatieven. Met het koersdocument legt de gemeente de focus voornamelijk op het terrein van energie. Op dit terrein kan de gemeente grote 'winsten' behalen. Doetinchem wil, samen met de andere Achterhoekse gemeenten, in 2030 energieneutraal zijn. Dit doet de gemeente door zowel energie te besparen als schone energie op te wekken. De gemeente ziet het als taak om deze energietransitie te faciliteren en te stimuleren. Daarbij wil de gemeente het goede voorbeeld geven en de te banen wegen vrijmaken. Wat betreft de energiebesparing richten de gemeente zich voornamelijk op de bestaande woningvoorraad en het bedrijfsleven. De gemeente informeert en zorgt voor subsidieregelingen

Versie 5 (definitief)

29

Ruimtelijke onderbouwing realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

of leningen. Wat betreft energieopwekking zijn zon, biomassa en ook wind kansrijke duurzame energiebronnen. In theorie kan elk gebouw voorzien in zijn eigen duurzame energieopwekking. Daar waar dit niet mogelijk is bieden collectieve duurzame energievoorzieningen het alternatief.

Onderzoek en conclusie In het geldende bestemmingsplan heeft de gemeente waar mogelijk al rekening gehouden met de energieneutraliteitsambitie. Zo is het in alle bestemmingen toegestaan om op daken van gebouwen zonnepanelen en -collectoren te plaatsen. Dit kan vergunningsvrij als rekening wordt gehouden met de bijbehorende randvoorwaarden. De woningen bestaan grotendeels uit prefabonderdelen van hout. Verwarming vindt elektrisch plaats (via elektrische vloerverwarming, infraroodfolie of -panelen, ventilatiewarmtepomp), de woningen krijgen geen gasaansluiting. De woonkamer betreft een ruimte van slechts ca 28m2 en is zeer goed geïsoleerd zodat dit met een beperkt gebruik kan. De woningen worden gebouwd zonder gasaansluiting. Op de daken van de benedenverdieping is sedum voorzien, op de daken van de bovenverdieping zonnepanelen. Aanvullend op de watertoets (zie paragraaf 4.8) is gekeken naar andere gevolgen door klimaatveranderingen. Hierbij is gebruik gemaakt van de Klimaatatlas Doetinchem. Op onderstaande afbeelding is het projectgebied en de beoogde bebouwing over de hittekaart gelegd De afbeelding geeft aan in welke gebieden het op warme dagen extra heet aanvoelt, bijvoorbeeld door de aanwezigheid van veel bebouwing en verharding.

Figuur 14 Uitsnede Klimaatatlas Doetinchem (hittestress)

30

versie 5 (definitief)

Ruimtelijke onderbouwing realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

De locatie ligt in een gebied waar het op warme dagen extra heet zal aanvoelen. Het oppervlak verharding neemt ten opzichte van de huidige feitelijke situatie toe, maar het oppervlak per woning met bijbehorend bouwwerk is beperkt t.o.v. reguliere woningbouw. Daarnaast wordt gebruik gemaakt van halfverharding en voorziet het plan in een groene, gezamenlijke inrichting van de onbebouwde ruimte. Ook is het voornemen om het dak van de eerste bouwlaag te voorzien van sedum. Hiermee worden de mogelijke maatregelen getroffen om hittestress te voorkomen. Om hittestress tegen te gaan en een goed klimaat te bieden aan de bewoners zijn de gevels gemaakt van hout dat veel minder warmte accumuleert dan baksteen. Tevens hebben de wanden een zeer hoge isolatiewaarde, waardoor er nauwelijks warmte via de gevel naar binnen dringt. De woningen met ramen aan de zuid- westzijde worden voorzien van buitenzonwering. Daarnaast wordt natuurlijke nachtventilatie toegepast, waardoor de woning in de nacht kan afkoelen.

Versie 5 (definitief)

31

Ruimtelijke onderbouwing realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

3.4.7

Waterplan Doetinchem

De klimaatsverandering en de druk op de beschikbare ruimte hebben ertoe geleid dat de visie op water de laatste jaren sterk is gewijzigd. Water wordt steeds meer gezien als een mede ordenend principe in de planvorming naast ruimtelijke, ecologische, economische en civieltechnische afwegingen. Integraal waterbeheer moet zorgen voor een hogere kwaliteit van de omgeving. Deze ontwikkelingen vragen om een integrale visie op hoe om te gaan met water in het stedelijk en buitengebied van Doetinchem. Deze visie dient als uitgangspunt voor de nieuwe woon- en werkgebieden en is richtinggevend voor toekomstige activiteiten en projecten.

Onderzoek en conclusie Voor de beoogde ontwikkeling is het proces van de watertoets doorlopen (zie paragraaf 4.8.2). Er wordt geen grondwater gewonnen en het verharde oppervlak wordt niet aangesloten op de riolering. Beheer van groen en verhardingen vindt plaats zonder bestrijdingsmiddelen en de nieuwbouw wordt duurzaam gerealiseerd. Hiermee sluit het plan aan op de uitgangspunten van het gemeentelijke waterplan.

3.4.8

Gemeentelijk Rioleringsplan 2016-2020

Het Gemeentelijk Rioleringsplan 2016-2020 vormt de basis voor de omgang met water in het algemeen en het rioleringsstelsel in het bijzonder. Met betrekking tot de ruimtelijke ordening en het stedelijk gebied zijn de volgende gidsprincipes voor integraal waterbeheer van belang: -

het toepassen van de drietrapsstrategie: vasthouden, bergen en afvoeren;

-

water van schoon naar minder schoon laten stromen (geen afwenteling);

-

met water de identiteit van een plek zichtbaar maken;

-

een goede communicatie opzetten (intern en extern);

-

water als mede-ordenend principe toepassen bij ruimtelijke plannen;

-

samenwerken en afstemmen;

-

balans in watersysteem en waterketen.

Door het toepassen van deze principes wordt gewerkt aan de ontwikkeling van een robuust, veerkrachtig en gezond watersysteem binnen de gemeentegrenzen, gecombineerd met een aantrekkelijke woonomgeving met optimale belevings- en gebruiksmogelijkheden van het water. Er is een goede samenwerking en afstemming tussen alle bij het waterbeheer betrokken partijen, en er vindt geen bestuurlijke, financiële of ruimtelijke afwenteling plaats. Dit is het algemene streefbeeld voor 2030.

32

versie 5 (definitief)

Ruimtelijke onderbouwing realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

Onderzoek en conclusie Het plan sluit aan op het gestelde in het Gemeentelijk Rioleringsplan. In paragraaf 4.8 Water wordt nader op het aspect water ingegaan.

3.4.9

Groenstructuurplan Doetinchem 2017

Het Groenstructuurplan Doetinchem 2017 vormt de basis van de groene bestemmingen in dit plan. Het groenstructuurplan is recent geactualiseerd en op 27 juni 2017 vastgesteld door het college. Het plan is het beleidsdocument waarin beleid en ambities ten aanzien van de groen- en bomenstructuren zijn vastgelegd. Het gaat daarbij zowel om de functionele als de visueelruimtelijke aspecten van het groen. Het groenstructuurplan is leidend bij ruimtelijke vraagstukken waar zij onderdeel van uitmaakt. De beleidsuitgangspunten voor het plan komen voort uit de Structuurvisie Doetinchem 2035.

De belangrijkste doelen van het plan zijn: -

vastleggen van bestaande, te behouden, te versterken en nieuw te ontwikkelen (hoofd)groen- en bomenstructuren;

-

verwoorden groene ambities en uitwerken naar concrete projecten en acties;

-

handvatten bieden voor afwegingen bij ruimtelijke claims, afstoten en verkoop van het openbaar groen;

-

functioneren als toetsingsinstrument voor de Bomenverordening;

-

mede richting geven aan aanleg, beheer en onderhoud.

Versie 5 (definitief)

33

Ruimtelijke onderbouwing realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

Figuur 15 Groenstructuurkaart, Kaart 1 Doetinchem (de rode cirkel geeft de ligging van het plangebied aan)

Onderzoek en conclusie Het plangebied ligt buiten de aardkundig waardevolle rivierduinen en de locatie sluit niet aan op aangeduide groenstructuren (ligt langs de Keppelseweg). Het voorliggende plan is hiermee in overeenstemming met het groenstructuurplan.

34

versie 5 (definitief)

Ruimtelijke onderbouwing realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

3.4.10 Bomenbeleid en de Bomenverordening De bescherming, de herplant en het kappen van bomen is geregeld in de gemeentelijke bomenverordening. De beleidsregels voor toepassing van deze regelgeving zijn opgenomen in de Bomenverordening 2015. Deze verordening bevat regels ten aanzien van de beoordeling kapaanvragen en belangenafweging, bijzondere bomen en de duurzame instandhouding en bescherming van bomen. Het bomenbeleid is in essentie gericht op het behoud van (toekomstig) waardevolle bomen en boomstructuren. Bomen dragen in belangrijke mate bij aan de structuur, identiteit, belevingswaarde, ecologische waarde en gebruikswaarde van de (woon)omgeving en worden dan ook beschouwd als de belangrijkste groenelementen in de stedelijke omgeving. Hierbij geldt dat naarmate bomen ouder zijn de waarde voor de omgeving toeneemt. Om deze reden is het van belang in de bestaande situatie en bij nieuwe ontwikkelingen met zorg om te gaan met aspecten van beheer en inrichting van de boom en zijn groeiplaats. Onderzoek en conclusie De woningen komen op een braakliggend terrein waarop geen bomen aanwezig zijn. Het plan vormt hiermee geen belemmering voor het Bomenbeleid en de Bomenverordening.

3.4.11 Archeologische beleidskaarten Met de ondertekening van het Verdrag van Valletta (Malta) in 1992 is in Nederland de zorg voor het archeologisch bodemarchief aanzienlijk toegenomen. In het verdrag staat: Archeologische waarden moeten als onvervangbaar onderdeel van het culturele erfgoed worden meegenomen en te worden ontzien bij de ontwikkeling en besluitvorming van ruimtelijke plannen. Met het in werking treden van de Wet op de archeologische monumentenzorg (Wamz) in september 2007 is het verdrag wettelijk verankerd en is de Monumentenwet 1988 herzien. Sinds 1 juli 2016 is de Erfgoedwet van kracht, die de Wamz en de Monumentenwet 1988 heeft vervangen. Een betere bescherming van de archeologie en het tijdig meewegen van de archeologische belangen vraagt om goed inzicht in de verwachte ligging, verspreiding en aard van het archeologisch bodemarchief. Daarom heeft de gemeente Doetinchem een archeologische beleidskaart laten opstellen door adviesbureau RAAP, waarop de archeologische vindplaatsen en verwachtingszones zijn aangegeven. Afhankelijk van de (verwachtings)waarde in een gebied zal het beschermingsregime meer of minder streng zijn. De archeologische beleidskaarten zijn op 18 november 2010 door de gemeenteraad van Doetinchem vastgesteld.

De archeologische beleidskaarten worden periodiek geactualiseerd aan de hand van uitgevoerd archeologisch onderzoek (laatste actualisatie vastgesteld op 30 maart 2020).

Versie 5 (definitief)

35

Ruimtelijke onderbouwing realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

Onderzoek en conclusie De volgende archeologische gebieden komen in het plangebied voor: Dubbelbestemming

uitgangspunten archeologiebeleid

Waarde - Archeologische verwachting 5

bij bodemingrepen dieper dan 30 centimeter maaiveld en bij bouwwerken met een totaal oppervlak groter dan 1.000 m2 vroegtijdig inventariserend archeologisch onderzoek

De aangegeven oppervlaktenorm wordt niet overschreden, er hoeft daarom geen archeologisch onderzoek uitgevoerd te worden. Voor meer informatie hierover zie paragraaf 4.9.1. Op basis van de informatie in die paragraaf is de conclusie dat de ontwikkeling in overeenstemming is met de archeologische beleidskaarten.

3.4.12 Nota bodembeheer Regio Achterhoek 2020 De nota bodembeheer voor de regio Achterhoek is een gemeenschappelijke nota van de gemeenten Aalten, Berkelland, Bronckhorst, Doetinchem, Lochem, Montferland, Oost Gelre, Oude IJsselstreek, Winterswijk en Zutphen. In deze nota bodembeheer staat welke mogelijkheden er zijn voor het toepassen en hergebruiken van grond en baggerspecie. De nota bodembeheer geeft regels en richtlijnen voor iedereen die bij het voorbereiden van projecten of het uitvoeren van bodemwerken rekening moet houden met de kwaliteit van de bodem.

Onderzoek en conclusie Bij het uitvoeren van de bodemonderzoeken is de nota bodembeheer als uitgangspunt gehanteerd. Conclusie van het onderzoek is dat er geen bezwaar is tegen de voorgenomen herinrichting. De bodem wordt onder voorwaarden geschikt geacht voor het huidige en toekomstige gebruik. Voor meer informatie zie paragraaf 4.2.

3.4.13 Extern veiligheidsbeleid Doetinchem Door de gemeente Doetinchem is 'Het Extern Veiligheidsbeleid' vastgesteld op 19 december 2013. De gemeente streeft naar een verantwoord evenwicht tussen risico's en de behoefte aan de activiteiten die de risico's veroorzaken. Daar waar de gemeente als bevoegd gezag een beoordelingsvrijheid heeft maakt zij in dit beleidsdocument keuzes op het gebied van externe veiligheid.

36

versie 5 (definitief)

Ruimtelijke onderbouwing realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

Die keuzes hebben de vorm van algemene uitgangspunten en gebiedsgerichte ambities: -

Voor de toepassing van dit externe veiligheidsbeleid onderscheidt de gemeente Doetinchem drie gebiedstypen: woongebieden, bedrijventerrein en buitengebied.

-

Een balans dient gevonden te worden tussen enerzijds wonen en werken en anderzijds veiligheid en risico, waarbij de nadruk ligt op veiligheid.

-

In woongebieden staat de veiligheid voorop. In woongebieden worden dan ook geen nieuwe risicobronnen toegelaten.

-

Vestiging van nieuwe risicovolle bedrijven is mogelijk, hiervoor is het A18 Bedrijvenpark aangewezen.

-

Op het bedrijventerrein en in het buitengebied accepteert de gemeente een enigszins minder streng veiligheidsregime en is de komst van inrichtingen met enige risicobelasting op de omgeving onder voorwaarden mogelijk.

-

Waar zich externe veiligheidsknelpunten voor (kunnen) doen, besteedt de gemeente vooral aandacht aan bronmaatregelen om het risico te verkleinen. Pas daarna komen effectmaatregelen aan de orde.

-

Bij het beoordelen van risicosituaties worden aanvullend op de beoordeling van het plaatsgebonden risico en het groepsrisico ook de mogelijke effecten en beheersbaarheid van een calamiteit betrokken. Hierbij wordt zorgvuldig rekening gehouden met het advies van de veiligheidsregio in het kader van de verantwoordingplicht groepsrisico.

Onderzoek en conclusie De locatie valt onder gebiedstype ‘woongebied’. De voorgenomen ontwikkeling bevat de realisatie van (beperkt) kwetsbare objecten. Het geldende bestemmingsplan sluit de vestiging van nieuwe externe veiligheidsbronnen in de omgeving van het plangebied uit. Voor de beoordeling van externe veiligheid is de Risicokaart Nederland geraadpleegd. Er zijn geen stationaire of mobiele bronnen in de nabijheid van het plangebied aanwezig. De beoogde ontwikkeling sluit hiermee aan op het gemeentelijk beleid. Voor meer informatie over externe veiligheid zie paragraaf 4.5.

Versie 5 (definitief)

37

Ruimtelijke onderbouwing realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

3.4.14 Parkeervisie Gemeente Doetinchem 2017 - 2020 Op 8 juni 2017 heeft de gemeenteraad de 'Parkeervisie Gemeente Doetinchem 2017-2020' en de 'Nota Parkeernormen Auto en Fiets Gemeente Doetinchem' vastgesteld. De gemeente biedt voor haar eigen inwoners en bezoekers een aantrekkelijke binnenstad waarbij bereikbaarheid en parkeren belangrijke pijlers zijn. Het parkeren biedt in en rond de binnenstad van Doetinchem, in de kernen van Wehl en Gaanderen en in woongebieden en buitengebied ondersteuning aan de daar aanwezige functies (zoals: wonen, winkelen, werken en recreëren). De parkeervisie is opgedeeld in vier pijlers: 1. parkeerlocatie en kwaliteit: alle openbare parkeerplaatsen moeten sociaal veilig, beschikbaar, vindbaar en te financieren zijn; 2. doelgroep gericht: per locatie hebben specifieke parkeerdersgroepen prioriteit. a. binnenstad - personeel en publiek; b. woongebieden - bewoners en bezoek; c. bedrijfsterreinen - personeel; 3. flexibiliteit: de uitvoering van de werkzaamheden uit de parkeervisie moeten gefaseerd uitgevoerd kunnen worden; 4. exploiteerbaarheid: de parkeerexploitatie dient te voldoen aan de financiële taakstelling.

Parkeernormen hebben tot doel een zodanig aantal parkeerplaatsen voor nieuwe ontwikkelingen voor te schrijven, dat voorzien wordt in de in te schatten parkeervraag. Dat aantal voorkomt dat door de aanleg van te weinig plaatsen er een tekort ontstaat. Ook voorkomt het toepassen van de normen dat er teveel plaatsen komen, waardoor de automobiliteit gestimuleerd wordt en de leefbaarheid, ruimtelijke kwaliteit en bereikbaarheid nadelig worden beïnvloed. De nota wil ook de toepassing van de normen voor burgers, bedrijven, gebouweigenaren, ontwikkelaars, e.d. inzichtelijk maken. Onderzoek en conclusie In de 'Nota Parkeernormen Auto en Fiets Gemeente Doetinchem' staat per situatie de parkeernormen. Het parkeerbeleid is voor het plangebied nader uitgewerkt in paragraaf 4.10 Verkeer en parkeren.

38

versie 5 (definitief)

Ruimtelijke onderbouwing realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

Hoofdstuk 4

Haalbaarheid

In dit hoofdstuk wordt getoetst in hoeverre dit initiatief haalbaar is in het kader van milieu- en omgevingsaspecten.

4.1

Milieueffectrapportage - (vormvrije) m.e.r.-(beoordelings)plicht

Bij ruimtelijke plannen en besluiten die mogelijk gevolgen kunnen hebben voor het milieu dient te worden beoordeeld of ten behoeve van de voorgenomen ruimtelijke ontwikkeling een milieueffectrapportage moet worden opgesteld. Een milieueffectrapportage is bedoeld om milieubelangen bij verschillende ruimtelijke procedures een volwaardige plaats bij de besluitvorming te geven. Het wettelijk kader voor de m.e.r. is hoofdstuk 7 van de Wet milieubeheer (Wm) en het daarbij behorende Besluit milieueffectrapportage (Besluit m.e.r.). In het Besluit m.e.r. is geregeld voor welke plannen en besluiten die nieuwe ontwikkelingen mogelijk maken daadwerkelijk een m.e.r.-(beoordelings)procedure doorlopen moet worden dan wel een vormvrije m.e.r.-beoordeling dient te worden uitgevoerd. Bij het toetsen van plannen en besluiten aan het Besluit m.e.r. zijn er vier mogelijkheden: 1. De activiteit(en) die het plan of besluit mogelijk maakt, komt niet voor in of kan niet worden beschouwd als een activiteit zoals opgenomen in kolom 1 van onderdeel C (Clijst) of D (D-lijst) van de bijlage van het Besluit m.e.r. Er geldt geen m.e.r.-plicht of (vormvrije) m.e.r.-beoordelingsplicht. 2. Een m.e.r.-plicht: voor (onderdelen van) het plan of besluit is het uitvoeren van een m.e.r. verplicht; a. M.e.r. is verplicht bij een plan als: i.

het plan kaders stelt voor activiteiten in het plangebied waarvoor volgens de Wet milieubeheer een project-m.e.r. of een m.e.r.beoordeling verplicht is. ii. of als de ontwikkelingen binnen het plan mogelijk tot significante gevolgen leiden voor Natura 2000-gebieden waardoor een Passende beoordeling nodig is. b. M.e.r. is verplicht bij een project: i. als de activiteit die mogelijk wordt gemaakt is opgenomen in kolom 1 van de C-lijst. ii. als de omvang van de activiteit de drempelwaarde van kolom 2 van de C-lijst overschrijdt. iii. en er een besluit als genoemd in kolom 4 van de C-lijst nodig is.

Versie 5 (definitief)

39

Ruimtelijke onderbouwing realisatie startervilla’s Saronixterrein Doetinchem

3. Een formele m.e.r.-beoordelingsplicht: indien sprake is van een formele beoordelingsplicht, dan moet het bevoegd gezag (aan de hand van de criteria in bijlage III van de EEGrichtlijn milieueffectbeoordeling) met een m.e.r.-beoordelingsbesluit beoordelen of de voorgenomen activiteit (door de initiatiefnemer bij bevoegd gezag gemeld in de vorm van een aanmeldnotitie) belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu kan hebben c.q. of belangrijke gevolgen voor het milieu kunnen worden uitgesloten. Indien belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu niet kunnen worden uitgesloten, dan geldt een m.e.r.plicht. Kunnen belangrijke nadelige milieugevolgen wel worden uitgesloten, dan is een m.e.r. niet noodzakelijk. Er is sprake van een formele m.e.r.-beoordelingsplicht als de voorgenomen activiteit: a. voorkomt/beschouwd kan worden als een activiteit in kolom 1 van de D-lijst, en b. groter is dan de drempelwaarde in kolom 2 van de D-lijst, en c. mogelijk gemaakt wordt door een besluit in kolom 4 van de D-lijst (indien de activiteit mogelijk wordt gemaakt door een plan in kolom 3, dan geldt een planm.e.r.-plicht). 4.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://besluitvorming.doetinchem.nl/api/v1/meetings/7856/documents/42471