CConstaterende datDoetinchem
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 Landschappelijke inpassing en meervoudig ruimtegebruik - ZP Wehl v2.pdf

gemeenteraad 26 oktober 2023, gemeente DoetinchemBij agendapunt: 5: Ontwerp Verklaring van geen bedenkingen zonnepark Heislagseweg-Nieuwestraat2.134 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

ZONNEPARK HEISLAGSEWEG - NIEUWESTRAAT L A N D S C H A P P E L I J K E I N PAS S I N G E N M E E R VO U D I G R U I M T E G E B R U I K

COLOFON

Zonnepark Heislagseweg - Nieuwestraat Landschappelijke inpassing en meervoudig ruimtegebruik Oosterhout IND-0475122-01E Datum: 01-05-2023

Vestiging Oosterhout Beneluxweg 125 Postbus 40 4900 AA Oosterhout +31 (0) 162 487 500

Vestiging Maastricht Wim Duisenbergplantsoen 21 Postbus 959 6200 AZ Maastricht +31 (0) 43 325 32 23

Vestiging Oosterhout Beneluxweg 125 Postbus 40 4900 AA Oosterhout +31 (0) 162 487 000

Solar Provider Group Vliegend Hertlaan 15 3526 KS Utrecht

info@cb5.nl

www.cb5.nl

info.nl@anteagroup.nl

netherlands@solarprovidergroup.com

VRIJGAVE Opsteller(s):

Goedkeuring:

Vrijgave:

Eduard van Tilborg

Eduard van Tilborg

Mark van der Poll

Thijs Verschuren

2

INHOUDSOPGAVE

1.

LANDSCH AP SAN A LYS E 1.1 GEBIEDSKENMERKEN

2.

ONTW E RP ZON N E PA R K HE I S L AG S E W E G 2.1 PLANKAART 2.2 PROFIELEN 2.3 UITGANGSPUNTEN 2.4 BEPLANTING EN BEHEER

3

Plangebied en omgeving - zonnepark Schaal: 1:7500 Formaat: A3

1. LANDSCHAPSANALYSE 4

1.1 GEBIEDSKENMERKEN • •

van het landschap worden gevormd door de bomenrijen langs de plattelandswegen, de

weefsel van de stad Doetinchem.

erfbeplanting rondom de boerderijen en de gevels van de grote industriële gebouwen

Het gebied ligt geomorfologisch gezien op de overgang van de hogere dekzandruggen en

(Bedrijvenpark A18). De verkavelingsstructuur kent een tweedeling. De dekzandruggen

welvingen (regio Wehl) en de lager gelegen oude terrasvlakte van de Oude IJssel (regio

hebben een meer mozaïekachtige verkaveling, richting de terrasvlaktes gaat dit over in een

Doetinchem). Het ontstaan van dit landschap stamt uit de tijd dat het rivierzand vanuit de

meer een rechtlijnige kavelstructuur. •

De percelen rondom het plangebied hebben, op het bedrijvenpark na, een agrarische

Kilder weer neersloeg.

bestemming en zijn overwegend in gebruik voor de productie van gras en snijmais als

Het plangebied staat historisch bekend als Het Broek: Een drassig gebied met natte heide

voeding voor de melkvee- en veeteeltbedrijven.

en broekbossen. Op de slechtste gronden kwamen bossen voor. De nattere, maar wel

•

Het huidige landschap kent een relatief kleinschalige, halfopen opzet. De ruimtelijk kaders

Het plangebied ligt in het Oude IJsselvallei, ingeklemd tussen het dorp Wehl en het stedelijk

droge rivierbedding van de Oude IJssel opstoof en tegen de begroeiing rondom Wehl en •

•

•

De bodem bestaat uit veldpodzolgronden met leemarm en zwak lemig zand. Rondom het

vruchtbare gronden werden gebruikt voor grasland. Op de hoger gelegen droge gronden

perceel zijn overwegend vlakvaaggronden aanwezig. Het grondwater zit gemiddeld op een

kwamen meer de akkers en woningen voor (regio Wehl en Kilder).

diepte van 70 tot en met 170 cm onder maaiveld.

In 2010 is er een gebiedsvisie opgesteld voor het landelijk gebied tussen Wehl en

•

Het plangebied wordt omsloten door drie wegen: Heislagseweg, Nieuwestraat en

Doetinchem, bekend als de Wehlse Broeklanden. De visie heeft o.a. als uitgangspunt om het

Doetinchemseweg. Zowel vanaf de weg als vanuit de aanliggende huizen en agrarische

cultuurlandschap te behouden, belangrijke landschapselementen te herstellen en recreatieve

bedrijven is het plangebied goed zichtbaar.

verbindingen toe te voegen. Het landelijk gebied dient als uitloopgebied van Doetinchem en Wehl, dus een verbetering hierin is welkom.

Historische kaart omstreeks 1900 - Zichtbaar zijn de vruchtbare maar natte graslanden (middelgroen) en de natte broekbossen (donkergroen).

5

Aanzicht kruising Heislagseweg - Nieuwestraat (In wit het projectgebied omkaderd)

2. ONTWER P ZONNEPAR K HE I SL AG SEWEG 2.1 P L A NK A A RT

Ontwerp - zonnepark Schaal: 1:1000 Formaat: A3

6

2. 2 P R O F I E L E N

Profielen - zonnepark

7

Schaal: 1:200 Formaat: A3

2 .3 UI TGA N G S PU N TEN ON TW ERP Het plangebied staat historisch bekend als Het Broek: Een drassig gebied met natte heide en broekbossen. Op de slechtste gronden kwamen bossen voor. De nattere, maar wel vruchtbare gronden werden gebruikt voor grasland. Op de hoger gelegen droge gronden kwamen meer de akkers en woningen voor (regio Wehl en Kilder). Hiermee is het plangebied uitermate geschikt om te gaan functioneren als waterberging. De gemeente Doetinchem ziet ook de meerwaarde in van deze vorm van multifunctioneel ruimtegebruik. De waterberging wordt afgegraven tot een hoogte van 12.20 m +NAP en wordt door middel van een in- en uitstroomvoorziening in verbinding gebracht met het omliggende watersysteem. Het streefpeil van de watergang ten noorden van het plangebied is net als de waterberging gesteld op 12.20 m +NAP. Het bestaande maaiveld van het plangebied varieert van 12.80 m tot 13.20 m +NAP. Gemiddeld genomen wordt het plangebied met 80 cm afgegraven. Het plangebied heeft een oppervlakte van 2 hectare. De totale ontgronding bedraagt hiermee ca. 16.000 m3. Ca. 8.000 m³ wordt verwerkt in een grondwal rondom het zonnepark. De humusrijke bovenlaag bevindt zich in de bovenste 40 cm van de bodem. Het is de wens van de grondeigenaren om deze te verwerken in de grondwal, zodat deze behouden blijft. De overige grond die vrijkomt bij de ontgronding wordt afgevoerd.

De grondwal wordt aangelegd met een geleidelijk talud vanaf de buitenzijde, op die manier wordt de illusie gewekt van een ‘optische horizon’. De taluds worden ingezaaid met een bloemrijk mengsel. De noordzijde van de grondwal wordt voorzien van een houtwal, bestaande uit heesters en boomvormers. Ter plaatse van de gasleiding worden dichtere bosschages voorzien. de overige randen van de grondwal worden voorzien van plukjes struweel. Op deze manier ontstaat er een divers beeld van verschillende groenstructuren. De zonnepanelen hebben een hoogte van 1,8 meter en hebben een verdiepte ligging van 80 cm -maaiveld. Het zicht op de zonnepanelen wordt ontnomen door de grondwal rondom het zonnepark. De grondwal heeft een hoogte van 1,3 meter, waardoor het zicht niet geblokkeerd wordt, maar het juist mogelijk is om over het zonnepark heen kijken.

8

Grondwal rondom zonnepark zorgt voor een ‘optische horizon’

Het overgrote deel van de grondwal heeft een talud 1:4. Op deze manier wordt een geleidelijke overgang gecreëerd. Op een aantal locaties is het mogelijk om een flauwer talud aan te leggen. Rondom de zone bij de gasleiding is het mogelijk om een talud 1:35 aan te leggen. In deze zone kan gerecreëerd worden. Het is mogelijk om rond te struinen en naar het verhoogde deel te wandelen, waar een uitzicht is over het zonnepark en de omgeving. Deze zone is vanwege het flauwe talud ook geschikt als entree tot het zonnepark voor onderhoud en beheer. Om het flauwe talud optimaal te realiseren is het noodzakelijk om ook de gasleiding incl. vrijwaringszone te voorzien van een grondlichaam. Ter plaatse van de gasleiding heeft het grondlichaam een dikte van 1 meter. Conform het vigerende bestemmingsplan is het niet mogelijk om af te graven, grond op te brengen of beplanting te realiseren in de vrijwaringszone van de gasleiding. Dit is alleen mogelijk in afstemming met de Gasunie en een verleende omgevingsvergunning. Voor de binnenzijde van de grondwal is gekozen voor een talud 1:1. Het hekwerk wordt op de grondwal geplaatst en ingepast met beplanting. Aan de oostzijde van het plangebied wordt een zone ingericht om te recreëren. De zone wordt voorzien van een bloemrijk grasmengsel en bosschages. Op de grondwal is een uitkijkpunt.

Verder wordt de zone voorzien van een zitelement en een informatiebord. Door het afgraven van de bodem met 80 cm is de voedselrijke toplaag niet meer aanwezig en kan zich een diverse vegetatie ontwikkelen in de open ruimtes tussen de zonnepanelen (rijafstand 1 meter). Deze zone wordt dan ook niet ingezaaid met een bloemrijk mengsel, maar gaat uit van spontane ontwikkeling van grassen en kruiden.

9

Zonnepark in combinatie met waterberging

2.4 B EPL A NT I NG EN BE HE ER

•

Onderstaande elementen zullen binnen het eerste plantseizoen na inbedrijfstelling van het zonnepark worden aangeplant. Tijdens de gehele looptijd van de vergunning zal de landschappelijke inpassing worden beheerd en onderhouden.

•

Bloemrijk grasland De grondwal rondom het zonnepark wordt ingezaaid met een inheems en biodivers kruidenmengsel, de totale oppervlakte bedraagt 1,06 hectare. Het betreft een G1 bloemrijk graslandmengsel (Cruydthoeck) bestaande uit een meerjarig mengsel van zowel kruiden als vaste planten. Het mengsel bestaat uit de volgende soorten: • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • •

Achillea millefolium - Duizendblad Barbarea vulgaris - Gewoon barbarakruid Centaurea jacea - Knoopkruid Crepis biennis - Groot streepzaad Daucus carota - Peen Echium vulgare - Slangenkruid Erodium cicutarium - Gewone reigersbek Galium mollugo - Glad walstro Hieracium laevigatum - Stijf havikskruid Hieracium umbellatum - Schermhavikskruid Hypericum perforatum - Sint janskruid Hypochaeris radicata - Gewoon biggenkruid Jasione montana - Zandblauwtje Leontodon autumnalis - Vertakte leeuwentand Leucanthemum vulgare - Gewone margriet Luzula campestris - Gewone veldbies Malva moschata - Muskuskaasjeskruid Oenothera biennis - Middelste teunisbloem Plantago lanceolata - Smalle weegbree Prunella vulgaris - Gewone brunel Ranunculus acris - Scherpe boterbloem Rhinanthus minor - Kleine ratelaar Silene dioica - Dagkoekoeksbloem Tragopogon pratensis - Gele morgenster Trifolium arvense – Hazenpootje

Eisen ten aanzien van inrichting en beheer: • Het eerste jaar is een investeringsjaar met helaas weinig bloei in het bloemrijk grasland. Door bewerking van de ondergrond, ontwikkelen er veel snelgroeiende onkruiden. Dit bestrijd men door drie tot vijf keer per jaar te maaien, om hiermee voldoende zonlicht op de ondergrond te krijgen, om daarmee de zaden van het meerjarig mengsel te laten ontkiemen. • Minimaal twee, maximaal drie keer per jaar maaien. Maai jaarlijks steeds in dezelfde periode, met een speling van maximaal twee weken. Het maaisel moet na circa 2 á 3 dagen gehooid en afgevoerd worden, om de ondergrond niet te laten verrijken. Immers gedijt bloemrijk grasland het beste bij een schrale, voedselarme ondergrond. • Het maaien van het bloemrijk grasland dient gefaseerd te worden uitgevoerd. Dit om insecten, zoals bijen en vlinders, het hele jaarrond in voldoende nectar en stuifmeel te voorzien. Door gefaseerd te maaien wordt bloeispreiding gecreëerd, waardoor ook in het najaar nog voldoende voedsel aanwezig is. De periode tussen twee maaibeurten is minimaal twee maanden. • Het bloemrijk grasland mag niet worden bemest en er mag geen slootmaaisel en/of bagger op slootkanten aangebracht worden.

10

In het broedseizoen (15 maart en 15 juli) mogen geen onderhoudswerkzaamheden plaatsvinden. Buiten deze periode dient de Wet natuurbescherming in acht genomen te worden. Het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen in het element is niet toegestaan.

Door het afgraven van de bodem met 80 cm is de voedselrijke toplaag niet meer aanwezig en kan zich een diverse vegetatie ontwikkelen in de waterberging. Deze zone wordt dan ook niet ingezaaid met een bloemrijk mengsel, maar gaat uit van spontane ontwikkeling van grassen en kruiden. Plukjes struweel De randen van het zonnepark worden ingeplant met plukjes struweel, in totaal een oppervlakte van 655 m². De struweelgroepen worden groepsgewijs met elkaar gemengd met een minimum van 2 en maximum van 4 soorten bij elkaar. De plantafstand tot elkaar is 1 x 1 meter. Er wordt gebruik gemaakt van een mix van de volgende inheemse soorten. Ned. Naam: Hazelaar Geoorde wilg Sporkehout Grauwe wilg Eenstijlige meidoorn

Wet. Naam: Corylus avellana Salix aurita Rhamnus frangula ` Salix cinerea Crateagus monogyna

Percentage: 15% 20% 15% 20% 30%

Hoeveelheid 98 stuks 131 stuks 98 stuks 131 stuks 197 stuks

Maat 60/80 60/80 60/80 60/80 60/80

Bosschages - Houtwal Aan de oost- en noordzijde van het plangebied worden bosschages en een houtwal voorzien. De bosschages en houtwal hebben een oppervlakte van 2.265 m². De plantafstand tot elkaar is 1 x 1 meter. Er wordt gebruik gemaakt van een mix van de onderstaande inheemse soorten. Het sortiment voor de houtwal en bosschages is grotendeels identiek. Voor de houtwal wordt daarbij Quercus robur (Zomereik) toegevoegd. Ned. Naam: Hazelaar Geoorde wilg Sporkehout Grauwe wilg Gelderse roos Prunus padus Quercus robur

Wet. Naam: Corylus avellana Salix aurita Rhamnus frangula ` Salix cinerea Viburnum opulus Vogelkers Zomereik

Percentage: 15% 20% 15% 20% 20% 10% -

Hoeveelheid 340 stuks 453 stuks 340 stuks 453 stuks 453 stuks 227 stuks 14 stuks

Maat 60/80 60/80 60/80 60/80 60/80 60/80 250/300 spil

De bosschage en houtwal worden ecologisch beheerd. Dit houdt in dat bosschage en houtwal niet tegelijk wordt afgezet, maar ieder jaar een gedeelte. Vanaf het vijfde jaar na aanplant, wordt ieder jaar een 1/3 afgezet. Overhangende takken aan de zijkanten mogen maximaal 1 maal per 3 jaar worden teruggesnoeid. Op die manier ontbreekt het dieren niet aan voedsel, nestgelegenheid en schuilplekken. De afgezaagde takken worden op rillen gelegd. Een takkenril is namelijk een zeer waardevol element voor fauna om in te schuilen en de wintermaanden in door te brengen.

Vestiging Maastricht Wim Duisenbergplantsoen 21 Postbus 959 6200 AZ Maastricht +31 (0) 43 325 32 23

Vestiging Oosterhout Beneluxweg 125 Postbus 40 4900 AA Oosterhout +31 (0) 162 487 500

Vestiging Oosterhout Beneluxweg 125 Postbus 40 4900 AA Oosterhout +31 (0) 162 487 000

www.cb5.nl

info@cb5.nl

info.nl@anteagroup.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://besluitvorming.doetinchem.nl/api/v1/meetings/7997/documents/44356