Bijlage 2 - Wijzigingsoverzicht ASV 2015 – ASV 2022.pdf
Tekst van het document
Overzicht wijzigingen Algemene subsidieverordening gemeente Doetinchem 2015 – Algemene subsidieverordening gemeente Doetinchem 2022 Artikel
Oud
Nieuw
Aanhef 1
2015 Algemene groepsvrijstellingsverordening: verordening (EG) nr. 800/2008 van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 6 augustus 2008 waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 87 en 88 van het Verdrag met de gemeenschappelijke markt verenigbaar worden verklaard („de algemene groepsvrijstellingsverordening”) (PbEU L 214/3), dan wel later daarvoor in de plaats tredende Europese regelgeving;
2022 Algemene Groepsvrijstellingsverordening (AGVV): Verordening (EU) nr. 651/2014 van de Commissie van 17 juni 2014 waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag met de interne markt verenigbaar worden verklaard.
Jaartal geactualiseerd Geactualiseerd n.a.v. modelverordening
1
-
Wet: Algemene wet bestuursrecht.
3
-
6 lid 3 sub a
a. een beschrijving van de activiteiten waarvoor de subsidie wordt aangevraagd; b. de doelen en resultaten welke met die activiteiten worden nagestreefd, en hoe de activiteiten daaraan bijdragen;
2. Burgemeester en wethouders kunnen in het kader van de verantwoording van de verleende subsidie een controleprotocol voor subsidies vaststellen. a. een activiteitenplan met daarin een beschrijving van de activiteiten en te bereiken resultaten waarvoor subsidie wordt gevraagd, hoe deze activiteiten aansluiten bij het gemeentelijk beleid, door en voor wie de activiteiten zullen worden uitgevoerd, met welke partijen wordt samengewerkt en hoe bewoners zijn betrokken;
Begripsomschrijving toegevoegd. Wijziging is in de gehele verordening doorgevoerd. Door het controleprotocol op te nemen in de verordening, heeft het protocol een grondslag in lokale regelgeving. Oude sub a en b samengevoegd en geherformuleerd.
7 lid 1 en 2 14 15
1. Een aanvraag om een subsidie die per kalenderjaar wordt verstrekt, wordt ingediend uiterlijk 1 september voorafgaand aan het jaar of de jaren waarop de aanvraag betrekking heeft. 2. Andere aanvragen om subsidie worden minimaal 13 weken voordat de aanvrager het voornemen heeft te beginnen met de activiteiten waarvoor de subsidie wordt aangevraagd.
1. Een aanvraag voor een jaarlijkse subsidie, wordt uiterlijk ingediend 1 oktober voorafgaand aan het jaar of de jaren waarop de aanvraag bektrekking heeft.
Toelichting
‘subsidie per kalenderjaar’ is geworden: ‘jaarlijkse subsidie’. De termijn voor een aanvraag is verschoven van 1 sept naar 1 okt. 1 sept is voor organisaties een ongunstige datum i.v.m. zomerreces. Daarnaast wacht de gemeente met toekennen van de subsidie tot de jaarlijkse begroting in november is vastgesteld.
9
Artikel 9. Weigerings-, intrekkings- en terugvorderingsgronden 1. Onverminderd de artikelen 4:25, tweede lid, en 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht weigeren burgemeester en wethouders de subsidie in ieder geval: a. als de Europese Commissie overeenkomstig artikel 108, derde lid, van het Verdrag heeft vastgesteld dat de subsidie onverenigbaar is met de interne markt; b. als het betreft een aanvrager tegen wie een bevel tot terugvordering uitstaat volgens een eerdere beschikking van de Europese Commissie waarin de steun onrechtmatig en onverenigbaar met de gemeenschappelijke markt is verklaard. 2. Onverminderd het vorige lid kunnen burgemeester en wethouders de subsidie verder in ieder geval weigeren: a. als de te subsidiëren activiteiten niet of niet in overwegende mate gericht zijn op de gemeente of haar ingezetenen of als ze onvoldoende ten goede komen aan de gemeente of haar ingezetenen; b. als niet is aangetoond dat de subsidie noodzakelijk is voor het verrichten van de activiteiten waarvoor deze wordt gevraagd; c. als de activiteiten niet bijdragen aan de realisering van gemeentelijk beleid; d. in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur; e. als de aanvraag niet voldoet aan regels die zijn gesteld om voor subsidie in aanmerking te komen; f.
als de subsidieverstrekking in strijd zou zijn met een wettelijk voorschrift; g. als de subsidieverstrekking niet is toegestaan totdat de Europese Commissie met toepassing van artikel 108, derde lid, van het Verdrag heeft vastgesteld dat de subsidie verenigbaar is met de interne markt; h. in de bij de betrokken subsidieregeling bepaalde gevallen. 3. Burgemeester en wethouders kunnen een subsidie in ieder geval intrekken in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur. 4. Burgemeester en wethouders vorderen een subsidie met rente terug als dit nodig is ter uitvoering van een terugvorderingsbesluit van de Europese Commissie of een onherroepelijke rechterlijke uitspraak.
Artikel 9. Weigerings-, intrekkings- en terugvorderingsgronden 1. Onverminderd de artikelen 4:25, tweede lid, en 4:35 van de wet weigeren burgemeester en wethouders de subsidie in ieder geval: a. als de Europese Commissie overeenkomstig artikel 108, derde lid, van het Verdrag heeft vastgesteld dat de subsidie onverenigbaar is met de interne markt, of b. als het betreft een aanvrager tegen wie een bevel tot terugvordering uitstaat ingevolge een eerdere beschikking van de Europese Commissie waarin de steun van Nederland onrechtmatig en onverenigbaar met de interne markt is verklaard. 2. Onverminderd het vorige lid weigeren burgemeester en wethouders de subsidie in ieder geval als de subsidieverstrekking in strijd zou zijn met een Europees steunkader omdat: a. subsidie verstrekt zou worden aan een aanvrager die een onderneming drijft die in moeilijkheden verkeert als bedoeld in het desbetreffende steunkader, of b. de subsidie geen stimulerend effect heeft als bedoeld in het desbetreffende steunkader. 3. Onverminderd de vorige leden kunnen burgemeester en wethouders de subsidie verder in ieder geval weigeren: a. als de activiteiten niet bijdragen aan de realisering van gemeentelijk beleid; b. als niet is aangetoond dat de subsidie noodzakelijk is voor het verrichten van de activiteiten waarvoor deze wordt gevraagd; c.
als de aanvraag niet voldoet aan regels die zijn gesteld om voor subsidie in aanmerking te komen; d. als de subsidieverstrekking in strijd zou zijn met een wettelijk voorschrift; e. als de subsidieverstrekking niet is toegestaan totdat de Europese Commissie met toepassing van artikel 108, derde lid, van het Verdrag heeft vastgesteld dat de subsidie verenigbaar is met de interne markt; f. in de bij de betrokken subsidieregeling bepaalde gevallen.
Aangepast conform modelverordening, met uitzondering van 2c oud; 3a nieuw.
11 lid 1
12
12a
Als aannemelijk is dat een of meer van de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend niet of niet geheel zullen worden verricht of dat niet of niet geheel aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen zal worden voldaan, meldt de subsidieontvanger dat meteen aan burgemeester en wethouders. Aan een subsidie te verbinden bijzondere verplichtingen 1. Aan een beschikking tot subsidieverlening kunnen verplichtingen worden verbonden over het beheer en gebruik van wat met de subsidie tot stand is gebracht. 2. Bij subsidies vanaf € 100.000, verleend voor activiteiten die meer dan een jaar in beslag nemen, kan de verplichting worden opgelegd om tussentijds rekening en verantwoording af te leggen over de tot dan verrichte activiteiten en de daaraan verbonden uitgaven en inkomsten. De verantwoording wordt niet vaker dan één keer per jaar verlangd.
-
Als aannemelijk is dat een of meer van de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend niet, niet tijdig of niet geheel zullen worden verricht of dat niet of niet geheel aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen zal worden voldaan, meldt de subsidieontvanger dat meteen aan burgemeester en wethouders.
‘niet tijdig’ toegevoegd, conform modelverordening.
Aan een subsidie te verbinden bijzondere verplichtingen 1. Bij subsidies hoger dan € 100.000, verleend voor activiteiten die meer dan een jaar in beslag nemen, kan de verplichting worden opgelegd tot het tussentijds afleggen van rekening en verantwoording over de tot dan verrichte activiteiten en de daaraan verbonden uitgaven en inkomsten. De verantwoording wordt niet vaker dan één keer per jaar verlangd. 2. Bij subsidieregeling of verleningsbeschikking kunnen aan de subsidieontvanger ook andere verplichtingen dan genoemd in artikel 4:37, eerste lid, van de wet worden opgelegd, voor zover deze strekken tot verwezenlijking van het doel van de subsidie. In de toelichting bij de subsidieregeling wordt uiteengezet waarom daartoe wordt overgegaan. 3. Bij subsidieregeling kunnen verplichtingen die niet strekken tot verwezenlijking van het doel van de subsidie aan de subsidie worden verbonden, voor zover deze verplichtingen betrekking hebben op de wijze waarop of de middelen waarmee de gesubsidieerde activiteit wordt verricht. In de toelichting bij de subsidieregeling wordt uiteengezet waarom daartoe wordt overgegaan. 4.
Bij subsidieregeling of verleningsbeschikking kan worden bepaald dat de subsidieontvanger, voor zover het verstrekken van de subsidie heeft geleid tot vermogensvorming, daarvoor aan burgemeester en wethouders een vergoeding verschuldigd is als zich een gebeurtenis voordoet als bedoeld in artikel 4:41, tweede lid, van de wet. Daarbij wordt tevens aangegeven hoe de hoogte van de vergoeding wordt bepaald. 1. Bij verleningsbeschikking kan worden bepaald dat de subsidieontvanger van een per kalender- of boekjaar verstrekte subsidie die meer dan 100.000 bedraagt een egalisatiereserve als bedoeld in artikel 4:72, eerste lid, van de wet vormt. 2. De ontvanger van een andere subsidie dan bedoeld in het eerste lid kan burgemeester en wethouders verzoeken een egalisatiereserve te mogen vormen. In dat geval is artikel 4:72 van de wet van overeenkomstige toepassing.
Aangepast conform modelverordening. Bedrag uit vorige verordening aangehouden.
Toegevoegd conform modelverordening.
13
Eindverantwoording subsidies tot en met € 20.000 1. Subsidies tot en met € 20.000 worden door burgemeester en wethouders direct vastgesteld of verleend en – tenzij toepassing wordt gegeven aan het volgende lid – binnen 13 weken nadat de activiteiten uiterlijk moeten zijn verricht, ambtshalve vastgesteld. 2. Bij een ambtshalve vaststelling als bedoeld in het vorige lid kan de aanvrager worden verplicht om op de daarbij aangegeven wijze aan te tonen dat de activiteiten waarvoor de subsidie wordt verstrekt, zijn verricht en dat is voldaan aan de subsidie verbonden verplichtingen. In dat geval vindt de vaststelling plaats binnen 13 weken nadat de gevraagde inlichtingen zijn verstrekt.
14 lid 2 en 3
Artikel 14. Eindverantwoording subsidies tussen € 20.000 en € 100.000 2. De aanvraag bevat een inhoudelijk verslag waaruit blijkt in hoeverre de gesubsidieerde activiteiten zijn verricht. 3. Bij subsidieregeling kan worden bepaald dat op een andere manier wordt aangetoond in hoeverre de activiteiten zijn verricht.
15 lid 2 en 3
Artikel 15. Eindverantwoording subsidies vanaf € 100.000 2. De aanvraag bevat: a. een inhoudelijk verslag waaruit blijkt in hoeverre de gesubsidieerde activiteiten zijn verricht; b. een overzicht van de gesubsidieerde activiteiten en de hieraan verbonden uitgaven en inkomsten (financieel verslag of jaarrekening); c. een balans van het afgelopen subsidietijdvak met een toelichting daarop; en d. een controleverklaring, opgesteld door een onafhankelijk accountant. 3. Burgemeester en wethouders kunnen een aanwijzing voor de controleverklaring als bedoeld in artikel 4:79, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht, vaststellen. 4. Bij subsidieregeling kunnen andere termijnen worden vastgesteld of andere gegevens worden verlangd.
Wijze van verstrekking en eindverantwoording subsidies tot en met € 20.000 1. Subsidies tot en met € 20.000 worden door burgemeester en wethouders direct vastgesteld of verleend. Bij subsidies die worden verleend dient de subsidieontvanger een aanvraag tot vaststelling in: a. in geval van een jaarlijkse subsidie, uiterlijk1april van het jaar dat volgt op het betrokken kalenderjaar; b. in geval van een kortdurende subsidie13 weken nadat de gesubsidieerde activiteiten zijn verricht. 2. Als bij verleningsbeschikking de subsidieaanvrager wordt verplicht om op de daarbij aangegeven wijze aan te tonen dat de activiteiten waarvoor de subsidie wordt verstrekt zijn verricht en dat is voldaan aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen, vindt de vaststelling plaats binnen 13 weken nadat de gevraagde inlichtingen zijn verstrekt. Artikel 14. Eindverantwoording subsidies tussen € 20.000 en € 100.000 2. De aanvraag bevat een inhoudelijk verslag waaruit blijkt in hoeverre de gesubsidieerde activiteiten zijn verricht en aan de verplichtingen is voldaan. 3. Bij subsidieregeling kan worden bepaald dat op een andere manier wordt aangetoond in hoeverre de activiteiten zijn verricht en aan de verplichtingen is voldaan. Artikel 15. Eindverantwoording subsidies vanaf € 100.000 2. De aanvraag bevat: a.
een inhoudelijk verslag waaruit blijkt in hoeverre de gesubsidieerde activiteiten zijn verricht en aan de verplichtingen is voldaan; b. een overzicht van de gesubsidieerde activiteiten en de hieraan verbonden uitgaven en inkomsten (financieel verslag of jaarrekening); c. een balans van het afgelopen subsidietijdvak met een toelichting daarop; en d. een controleverklaring, opgesteld door een onafhankelijk accountant. 3. Bij subsidieregeling kunnen andere termijnen worden vastgesteld of andere gegevens worden verlangd.
Titel aangepast conform modelverordening en termijnen aangepast.
Lid 2 en 3 aangevuld met ‘en aan de verplichtingen is voldaan’
Aangepast conform modelverordening.
16 lid 1
Burgemeester en wethouders stellen de subsidie vast binnen 13 weken na de ontvangst van een aanvraag tot subsidievaststelling, tenzij bij subsidieregeling anders is bepaald.
Burgemeester en wethouders stellen de subsidie vast voor 1 juli van het jaar dat volgt op het betrokken kalenderjaar na de ontvangst van een aanvraag tot subsidievaststelling, tenzij bij subsidieregeling anders is bepaald. In andere gevallen uiterlijk 13 weken na ontvangst van een aanvraag tot subsidievaststelling.
Datum toegevoegd.
18
1. Burgemeester en wethouders kunnen deze verordening, met uitzondering van de artikelen 2, 3 en 4, in individuele gevallen buiten toepassing laten. Of daarvan afwijken voor zover de toepassing van die bepalingen voor de subsidieaanvrager of -ontvanger gevolgen zou hebben die onevenredig zijn in verhouding tot de met de betrokken bepalingen te dienen doelen. 2. Toepassing van het vorige lid wordt gemotiveerd in het besluit en hiervan wordt periodiek verslag gedaan aan de raad.
1. Als een bij of krachtens verordening gestelde termijn voor een subsidieaanvrager of -ontvanger gevolgen heeft die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zouden zijn tot de te dienen belangen, kunnen burgemeester en wethouders een andere termijn vaststellen. 2. In een subsidieregeling kan worden bepaald dat door burgemeester en wethouders van een of meer bepaalde artikelen of artikelleden van die regeling kan worden afgeweken als daaraan vasthouden voor een subsidieaanvrager of -ontvanger gevolgen zou hebben die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zouden zijn tot de daarmee te dienen belangen. 3. Toepassing van de vorige leden wordt gemotiveerd in het besluit en hiervan wordt jaarlijks verslag gedaan aan de raad.
Aangepast conform modelverordening.
1. De Algemene subsidieverordening gemeente Doetinchem 2015 wordt ingetrokken. 2. De Subsidieregeling deelnamesubsidie, Subsidieregeling evenementen, Subsidieregeling investering in clubaccommodaties, Subsidieregeling mantelzorgondersteuning 2015, Subsidieregeling wijken dorpsraden, Subsidieregeling vrijwilligerswerk Doetinchem 2015 en Toelichting op de subsidieregeling Vrijwilligerswerk Doetinchem 2015 berusten op artikel 3 lid 1 van deze verordening. 3. Deze verordening treedt in werking op …. 2022. 4. Op aanvragen om subsidie die zijn ingediend voor deze datum zijn de bepalingen van de Algemene subsidieverordening gemeente Doetinchem 2015 van toepassing. 5. Deze verordening wordt aangehaald als: Algemene subsidieverordening gemeente Doetinchem 2022.
Slotbepaling geactualiseerd en lid 2 toegevoegd. Hierdoor worden onder de vorige verordening uit 2015 vastgestelde subsidieregelingen, geacht te zijn vastgesteld onder de Algemene subsidie verordening 2022
19