CConstaterende datDoetinchem
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 Volledige APV - inclusief wijzigingen.pdf

gemeenteraad 27 november 2025, gemeente DoetinchemBij agendapunt: 5.5: Achtste wijziging Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Doetinchem 201620.508 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Artikel 5:33 Beperking verkeer in natuurgebieden 1. Het is verboden binnen voor publiek toegankelijke natuurgebieden, parken, plantsoenen of voor recreatief gebruik beschikbare terreinen te rijden of zich te bevinden met een motorvoertuig, een bromfiets, een fiets of een paard. 2. Het verbod is niet van toepassing op door het college aangewezen terreinen. Het college kan nadere regels stellen voor het gebruik van deze terreinen in het belang van: 39

a. het voorkomen van overlast; b. de bescherming van natuur- of milieuwaarden; c. de veiligheid van het publiek. 3. Het verbod is niet van toepassing op motorvoertuigen, bromfietsen, fietsen en paarden: a. ten dienste van opsporingsambtenaren van de gemeente Doetinchem en BUHA BV, politie, brandweer en geneeskundige hulpverlening en van andere krachtens artikel 29, eerste lid, van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 door de bevoegde minister aangewezen hulpverleningsdiensten; b. die worden gebruikt in verband met beheer, onderhoud of exploitatie van de terreinen als in het eerste lid bedoeld; c. die worden gebruikt in verband met werken die krachtens wettelijk voorschrift moeten worden uitgevoerd; d. van de zakelijk gerechtigden, huurders en pachters van percelen die gelegen zijn binnen de terreinen als in het eerste lid bedoeld; e. voor het verkeer ten behoeve van bezoek en van de verzorging van de onder d bedoelde personen. 4. Het verbod is voorts niet van toepassing: a. op wegen die gelegen zijn binnen de in het eerste lid bedoelde gebieden of terreinen; b. binnen de bij of krachtens de provinciale omgevingsverordening aangewezen stiltegebieden ten aanzien van motorrijtuigen die bij of krachtens die verordening zijn aangewezen als toestel. 5. Het college kan ontheffing verlenen van het verbod. AFDELING 8.

VERBOD VUUR TE STOKEN Artikel 5:34 Verbod afvalstoffen te verbranden buiten inrichtingen of anderszins vuur te stoken 1. Het is verboden in de openlucht afvalstoffen te verbranden buiten een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer, zoals die wet luidde direct voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet, of anderszins vuur aan te leggen, te stoken of te hebben. 2. Voor zover dat geen gevaar, overlast of hinder voor de omgeving oplevert geldt het verbod niet voor: a. verlichting door middel van kaarsen, fakkels en dergelijke; b. sfeervuren, zoals terrashaarden en vuurkorven, indien geen afvalstoffen worden verbrand; c. vuur voor koken, bakken en braden. 3. Het college kan van dit verbod ontheffing verlenen. 4. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 kan de ontheffing worden geweigerd ter bescherming van de flora en fauna. 5. Het verbod geldt niet voor zover in het geregelde onderwerp wordt voorzien door artikel 429, aanhef en onder 1 of 3 van het Wetboek van Strafrecht of de provinciale omgevingsverordening. AFDELING 9. VERSTROOIING VAN AS Artikel 5:35 Begripsbepaling In deze afdeling wordt verstaan onder incidentele asverstrooiing: het verstrooien van as als bedoeld in de Wet op de lijkbezorging op een door de overledene of nabestaande(n) gewenste plek buiten een permanent daartoe bestemd terrein. Artikel 5:36 Verboden plaatsen 1.

Incidentele asverstrooiing is verboden op: a. verharde delen van de weg; 40

b. gemeentelijke begraafplaatsen en crematoriumterreinen; c. overige door de gemeente aangewezen plaatsen. 2. Het college kan een besluit nemen waarin voor een bepaalde termijn wordt verboden dat op andere plaatsen dan genoemd in het eerste lid asverstrooiing plaatsvindt. 3. Het college kan op verzoek van de nabestaande die zorg draagt voor de asbus op grond van bijzondere omstandigheden ontheffing verlenen van het verbod uit het eerste lid, behoudens de gemeentelijke begraafplaatsen en crematoriumterreinen. Artikel 5:37 Hinder of overlast Incidentele asverstrooiing is verboden indien daardoor hinder of overlast wordt veroorzaakt voor derden. AFDELING 10. DESTRUCTIE Artikel 5:38 Begripsbepalingen In deze afdeling wordt verstaan onder: a. wet: de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren; b. aangifteplichtige: degene die als houder of eigenaar van destructiemateriaal ingevolge de wet verplicht is daarvan aangifte te doen; c. destructiemateriaal: dode gezelschapsdieren. Artikel 5:39 Verzamelplaats Burgemeester en wethouders wijzen een of meer verzamelplaatsen aan waar het destructiemateriaal in ontvangst wordt genomen. Artikel 5:40 Afgifte 1. De aangifteplichtige is gehouden uiterlijk op de eerste werkdag die volgt op de dag waarop het destructiemateriaal is ontstaan, het materiaal: a.

te vervoeren naar de naast bijgelegen verzamelplaats en het daar aan te geven en af te staan of; b. het over te dragen aan de ondernemer binnen wiens werkgebied het materiaal zich bevindt. 2. Tot het tijdstip van afgifte is de aangifteplichtige gehouden het destructiemateriaal zodanig te bewaren dat vermenging met ander materiaal wordt voorkomen. Artikel 5:41 Overeenkomst ondernemer Indien tussen de gemeente Doetinchem en de in artikel 3 bedoelde ondernemer een overeenkomst is gesloten omtrent de in dat artikel genoemde onderwerpen, wordt voor de voorschriften verwezen naar de overeenkomst die gesloten is tussen de ondernemer en de gemeente Doetinchem. Artikel 5:42 Verwerking 1. De ondernemer verwerkt de aan hem overgedragen dode gezelschapsdieren. 2. De in artikel 5:40 bedoelde voorschriften en het eerste lid zijn niet van toepassing indien dode gezelschapsdieren worden verwerkt of verwijderd op een wijze die ingevolge de krachtens artikel 81c van de wet gestelde voorschriften is toegestaan, niet zijnde de wijze waarop de ondernemer de dode gezelschapsdieren verwerkt. 3. Onze minister kan artikel 5:40, eerste lid, artikel 5:41 en artikel 5:42 eerste lid van overeenkomstige toepassing verklaren op soorten categorie 1-materiaal, niet zijnde dode gezelschapsdieren, of categorie 2-materiaal.

HOOFDSTUK 6 STRAF-, OVERGANGS- EN SLOTBEPALINGEN Artikel 6:1 Strafbepaling Overtreding van het bij of krachtens de volgende artikelen bepaalde en de daarbij op grond van artikel 1:4 gegeven voorschriften en beperkingen wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste 41

drie maanden of een geldboete van de tweede categorie en kan bovendien worden gestraft met openbaarmaking van de rechterlijke uitspraak: de artikelen 2:1, 2:3, 2:6, 2:9, 2:10, 2:12, 2:16, 2:23A, 2;25, 2:26A, 2:28, 2:28A, 2:29, 2:30, 2:31, 2:31b, 2:34a 2:34B, 2:34C, 2:34F, 2:41, 2:42, 2:43, 2:44, 2:44B, 2:45, 2:47, 2:47a, 2:48, 2:48A, 2:49, 2:50, 2:50a, 2:51, 2:52, 2:53, 2:53A, 2:56A, 2:57, 2:58, 2:59, 2:59a, 2:60, 2:62, 2:64A, 2:72, 2:73, 2:73A, 2:74, 2:74A, 2:76, 2:78, 2:79, 2:80, 3:3, 3:4, 3:6, 3:7, 3:8, 3:9, 3:10, 3:11, 4:2, 4:3, 4:5, 4:6, 4:8, 4:9, 4:13, 4:15, 4:18, 5:2, 5:3, 5:4, 5:5, 5:6, 5:9, 5:10, 5:11, 5:12, 5:13, 5:15, 5:16, 5:18, 5:19, 5:23, 5:24, 5:24A, 5:25, 5:26, 5:27, 5:28, 5:28a, 5;29, 5:31, 5:32, 5:33, 5:34, 5:36, 5.37, 5:40. Artikel 6:2 Toezichthouders 1. Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening zijn belast de opsporingsambtenaren van de politie zoals genoemd in artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering en de buitengewoon opsporingsambtenaren zoals bedoeld in artikel 142 van het Wetboek van Strafvordering en het Besluit buitengewone opsporingsambtenaren en de door het college of de burgemeester aangewezen toezichthouders. 2. Het college dan wel de burgemeester kan daarnaast andere personen met dit toezicht belasten.

Artikel 6:3 Binnentreden woningen Zij die belast zijn met het toezicht op de naleving of de opsporing van een overtreding van de bij of krachtens deze verordening gegeven voorschriften die strekken tot handhaving van de openbare orde of veiligheid of bescherming van het leven of de gezondheid van personen, zijn bevoegd tot het binnentreden in een woning zonder toestemming van de bewoner. Artikel 6:4 Inwerkingtreding nieuwe en intrekking oude verordening 1. De Algemene plaatselijke verordening gemeente Doetinchem 2016, zevende wijziging, wordt ingetrokken. 2. Deze verordening treedt in werking op de dag na die waarop zij is bekendgemaakt. Artikel 6:5 Overgangsbepaling Besluiten, genomen krachtens de verordening bedoeld in artikel 6:4, eerste lid, die golden op het moment van de inwerkingtreding van deze verordening en waarvoor deze verordening overeenkomstige besluiten kent, gelden als besluiten genomen krachtens deze verordening. Artikel 6:6 Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als Algemene plaatselijke verordening gemeente Doetinchem 2016, achtste wijziging. Ondertekening Aldus vastgesteld in de vergadering van 27 november 2025. De raad van de gemeente Doetinchem,

griffier

voorzitter

42

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://besluitvorming.doetinchem.nl/api/v1/meetings/8322/documents/51003