CConstaterende datDoetinchem
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2.3.34 - Publieksvriendelijke samenvatting Geluid Montferland.pdf

gemeenteraad 25 januari 2024, gemeente DoetinchemBij agendapunt: 5.3: Horen raad provinciaal inpassingsplan RegioExpres2.306 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

LOGO PROVINCIE EN PRORAIL

MEMO

AAN KENMERK PROJECTNUMMER STATUS VERSIE ONDERWERP DATUM

Raad Zevenaar, Montferland en omwonenden X03--HS-MEMO-23005836 MN002205 Vrijgegeven 1.1 Samenvatting geluid en de RegioExpres 27 november 2023

1.

Aanleiding

Geluid is één van de thema’s waar de meeste vragen over binnenkomen fijdens de procedure van het inpassingsplan. Het vormt ook een belangrijke reden voor mensen om een zienswijze in te dienen. Eén oorzaak hiervan is dat het geluidonderzoek vaak lasfig te begrijpen is. Movares, ProRail en provincie hebben daarom gekozen deze aanvullende toelichfing te schrijven op het geluidsonderzoek. In deze toelichfing staan twee dingen centraal: -

2.

De theorie: hoe werkt een geluidsonderzoek? De prakfijk: wat betekent dit voor aanwonenden in de toekomsfige situafie wanneer het spoor is aangepast en de RegioExpres rijdt?

Theorie

Voordat een spoorlijn wordt aangelegd of aangepast, vindt altijd geluidonderzoek plaats. Dit onderzoek gebeurt volgens een in de Wet Milieubeheer vastgestelde rekenmethode. Metingen aan een nog niet gerealiseerde spoorlijn zijn immers onmogelijk. In plaats daarvan wordt een rekenmodel gemaakt van de toekomstige situatie. Dit is de situatie zoals die bestaat 10 jaar nadat de spoorwijziging is gerealiseerd. Voor de RegioExpres is gekeken naar de situatie in 2035. Op deze manier wordt het geluidseffect van een toekomstige spoorweg bepaald. 2.1

Stap 1: geluidproductieplafonds

Voor spoorlijnen (en rijkswegen) gelden zogenaamde geluidproducfieplafonds (hierna: GPP’s). De GPP’s stellen een grens aan de maximale hoeveelheid geluid die alle treinen samen gemiddeld op een bepaald punt mogen maken per kalenderjaar. Dit wordt gemeten in decibels (hierna: dB’s). Er wordt onderscheid gemaakt in welke periode van het etmaal de trein rijdt. Treinen die in de avond en de nacht rijden tellen namelijk zwaarder mee dan treinen die overdag rijden. De hinderbeleving is midden in de nacht immers groter dan overdag. De dagperiode duurt van 7:00 tot 19:00 uur, de avondperiode van 19:00 tot 23:00 uur en de nachtperiode van 23:00 tot 7:00 uur.

1/13

MEMO

De GPP’s zijn vastgelegd op referenfiepunten die langs het spoor zijn gelegd op een onderlinge afstand van 100 m en 50 m uit het spoor, op 4 m hoogte. De referenfiepunten zijn geen fysieke punten, maar virtuele punten in een digitaal rekenmodel. Hieronder is dit in beeld gebracht.

Figuur 1: Geluidproducfieplafonds (GPP’s) langs een spoorlijn De eerste stap in het geluidsonderzoek is een toets van de toekomsfige situafie aan de GPP’s. De volgende twee uitkomsten zijn mogelijk: A. B.

2.2

Uitkomst Er vindt geen overschrijding plaats van de GPP’s. Er vindt een overschrijding of dreigende overschrijding plaats van de GPP’s.

Gevolg Geen verder onderzoek nodig. Stap 2.

Stap 2: geluidsgevoelige bestemmingen

Bij overschrijding of dreigende overschrijding van één of meer GPP’s wordt eerst bepaald of er geluidsgevoelige bestemmingen in de nabijheid zijn. Deze zijn beschermd in de Wet Geluidhinder. Woningen (en bedrijfswoningen) zijn een geluidsgevoelige bestemming, maar daarnaast worden ook andere geluidsgevoelige gebouwen en geluidsgevoelige terreinen beschermd. Wat dit zijn is vastgelegd in het Besluit Geluidhinder (hierna: Bgh):

X03--HS-MEMO-23005836 / Vrijgegeven / Versie 1.10

2/13

MEMO

Andere geluidsgevoelige gebouwen - onderwijsgebouwen; - ziekenhuizen en verpleeghuizen; - verzorgingstehuizen; - psychiatrische inrichfingen; - kinderdagverblijven

Geluidsgevoelige terreinen - woonwagenstandplaatsen - ligplaatsen voor woonschepen

De tweede stap in het geluidsonderzoek is een toets van de gebieden waar GPP’s worden overschreden/ dreigen overschreden te worden, op de aanwezigheid van geluidsgevoelige bestemmingen. De volgende twee uitkomsten zijn mogelijk: A. B.

2.3

Uitkomst Er zijn geen geluidsgevoelige bestemmingen aanwezig. Er zijn geluidsgevoelige bestemmingen aanwezig.

Gevolg GPP’s worden opgehoogd tot de toekomsfige situafie. Stap 3.

Stap 3: voorkeurswaarde en streefwaarde

Wanneer uit de rekenresultaten blijkt dat in de toekomst de GPP’s overschreden worden en er geluidsgevoelige bestemmingen aanwezig zijn, wordt vervolgens onderzocht welke hier last van kunnen hebben. Er wordt getoetst of een overschrijding van de voorkeurswaarde of de streefwaarde optreedt. Hieronder wordt de toetsing toegelicht aan de hand van woningen, omdat deze in de prakfijk verreweg het meeste voorkomt. -

De voorkeurswaarde is vastgelegd in het Bgh en bedraagt 55 dB. De streefwaarde is de huidige geluidsbelasfing wanneer die op dit moment al hoger is dan 55 dB. Het maximale aantal dB bedraagt 68. Dit is de hoogst toelaatbare geluidsbelasfing.

In de derde stap zijn de volgende twee uitkomsten mogelijk: A. B.

Uitkomst Geluidsbelasfing is lager dan de voorkeurswaarde Geluidsbelasfing is hoger dan de streefwaarde of voorkeurswaarde.

X03--HS-MEMO-23005836 / Vrijgegeven / Versie 1.10

Gevolg GPP’s worden opgehoogd tot de toekomsfige situafie. Stap 4.

3/13

MEMO

2.4

Stap 4: clustering en doelmatigheid

De locafies waar sprake is van een hogere streefwaarde of voorkeurswaarde worden ingedeeld in zones, ook wel clusters genoemd. Deze clusters beginnen het bij de eerste geluidsgevoelige bestemming waar sprake is van een overschrijding en eindigen bij de laatste aaneengesloten overschrijding. Geluid is er natuurlijk niet alleen ter hoogte van een gevel, vandaar dat een hoek van 45˚ graden vanaf de gevel wordt afgeschermd. Wanneer er sprake is van een afstand van minder dan 50m tussen overschrijdingen, telt dit alsnog als 1 cluster. Hieronder is dit in beeld gebracht.

Figuur 2: clustering langs een spoorlijn Vervolgens wordt per cluster bepaald of maatregelen mogelijk zijn. Maatregelen kunnen bestaan uit zogenaamde raildempers of uit geluidschermen. Raildempers zijn blokken die aan weerszijden van de spoorstaven worden gemonteerd. Ze zorgen ervoor dat het geluid van de treinwielen op het spoor (rolgeluid) wordt verminderd.

X03--HS-MEMO-23005836 / Vrijgegeven / Versie 1.10

4/13

MEMO

Figuur 3: raildempers Het is niet alfijd mogelijk om maatregelen te nemen om het geluid te verminderen. Dat is het geval als er vanuit de techniek beperkingen zijn, of als het te duur is om maatregelen te nemen in verhouding tot de geluidsreducfie die ze opleveren. Dit laatste wordt doelmafigheid genoemd. Voorbeelden van technische beperkingen:  Een scherm mag niet zo hoog worden dat de machinist de seinen niet meer kan zien.  Raildempers kunnen niet in wissels geplaatst worden.  Er is geen ruimte om een geluidscherm te plaatsen. Niet-doelmafig zijn maatregelen in de volgende situafies:  De maatregel is te duur ten opzichte van de hoeveelheid geluid die de maatregel wegneemt.  Er staat al een scherm maar eigenlijk is er een hoger scherm nodig, waarvoor het bestaande scherm afgebroken moet worden.  Er zijn te weinig geluidsgevoelige bestemmingen die van de geluidmaatregel profiteren waardoor de maatregel te duur is. Doelmafigheid wordt bepaald met behulp van zogenoemde reducfiepunten. Dat wil zeggen: iedere geluidsgevoelige bestemming is een aantal reducfiepunten

X03--HS-MEMO-23005836 / Vrijgegeven / Versie 1.10

5/13

MEMO

waard. Iedere maatregel kost een aantal reducfiepunten. Wanneer de maatregel past binnen het aantal beschikbare reducfiepunten, is deze doelmafig. Na de vierde stap zijn de volgende drie uitkomsten mogelijk: A.

B.

C.

2.5

Uitkomst Er zijn geen doelmafige maatregelen mogelijk.

Gevolg Stap 5. GPP’s worden opgehoogd tot de toekomsfige situafie. Doelmafige maatregelen mogelijk. Er is niet Doelmafige maatregelen langer sprake van een overschrijding van worden meegenomen in de streefwaarde. het project. Doelmafige maatregelen mogelijk. Er is nog Doelmafige maatregelen steeds sprake van een overschrijding van worden meegenomen in de streefwaarde. het project, GPP’s worden opgehoogd tot de toekomsfige situafie. Stap 5: binnenwaarde

Voor de woningen en overige geluidgevoelige bestemmingen waarvan de geluidbelasfing met doelmafige maatregelen niet kan worden teruggebracht tot de streefwaarde of de voorkeurswaarde, moet onderzocht worden of er maatregelen aan de woning zelf getroffen moeten worden om de geluidbelasfing binnen de woning te laten voldoen aan de weftelijk voorgeschreven maximale geluidbelasfing, de zogeheten binnenwaarde. Van deze binnenwaarde mag niet worden afgeweken. De binnenwaarde garandeert daarmee dat mensen in hun woning worden behoed tegen te hoge geluidbelasfingen. Als de binnenwaarde niet voldoet dan worden er na toestemming van de woningeigenaar maatregelen genomen om de geluidwerendheid van de gevel te verbeteren. Dat kan bijvoorbeeld door het dichten van kieren of door het toepassen van glas dat beter geluid isoleert. A. B.

C.

Uitkomst Gevolg De binnenwaarde wordt niet overschreden. GPP’s worden opgehoogd tot de toekomsfige situafie. De binnenwaarde wordt overschreden, Maatregelen aan de maar dit wordt met maatregelen opgelost. woning als de bewoner medewerking verleent. De binnenwaarde wordt overschreden, In dit geval is maatwerk maar dit kan niet met maatregelen worden nodig. opgelost.

X03--HS-MEMO-23005836 / Vrijgegeven / Versie 1.10

6/13

MEMO

3.

Uitkomsten voor de RegioExpres

3.1

Veranderingen in de toekomstige situatie

3.1.1

Aantal en type treinen

Het project RegioExpres betekent dat er ten opzichte van de huidige situafie meer treinen gaan rijden. Het gaat om 1 extra trein per uur, heen en terug, alleen op werkdagen vanaf de start van de dienstregeling tot 20:00 uur. Het aantal treinen sfijgt alleen tussen Arnhem en Doefinchem, tussen Doefinchem en Winterswijk verandert de frequenfie niet. Dit geldt ook voor het materieel, er komen geen nieuwe treinen. De huidige treinen worden alleen anders ingezet. 3.1.2

Snelheid van de treinen

Het project RegioExpres zorgt niet voor een verandering in de maximaal toegestane snelheid op het spoor. Maar, doordat de RegioExpres niet stopt tussen Arnhem en Doefinchem rijdt deze wel alle tussengelegen stafions op hogere snelheid door.  Voor de stafions Arnhem Velperpoort, Westervoort, Duiven en Zevenaar is dit geen grote verandering, hier rijden andere treinen in de huidige situafie ook al op hogere snelheid door;  Voor de stafions Didam, Wehl en Doefinchem De Huet is deze verandering groter, omdat hier in de huidige situafie alle stoptreinen stoppen en treinen dus een lagere snelheid hebben. 3.1.3

Ligging van de sporen

Het project RegioExpres betekent dat vanaf stafion Didam tot en met stafion Doefinchem De Huet een tweede spoor wordt toegevoegd (met uitzondering van een gedeelte in Wehl waar nu ook al twee sporen liggen). In het geluidsonderzoek is meegenomen:  

De exacte locafie van de sporen in de toekomsfige situafie. Zowel horizontaal als verficaal (hoogte); De construcfie van de sporen. Het maakt verschil of een spoor op een stalen brug ligt of op een zogenaamde aarden baan. Ook met het soort dwarsligger wordt rekening gehouden; De verdeling van de treinen tussen de nieuwe sporen. In de huidige situafie rijden alle treinen over één spoor, in de toekomsfige situafie is er met uitzondering van het laatste stuk in Doefinchem één spoor per rijrichfing beschikbaar.

Stap 1: GPP’s De toekomsfige situafie is getoetst aan de GPP’s. 3.2

X03--HS-MEMO-23005836 / Vrijgegeven / Versie 1.10

7/13

MEMO

Arnhem – Zevenaar

Op het trajectdeel Arnhem - Zevenaar vinden er tot aan de spoorboog bij Zevenaar geen overschrijdingen plaats. Dit heeft ermee te maken dat op dit traject ook andere (internafionale) treinen en goederentreinen rijden. De bijdrage van de RegioExpres op het totaalgeluid zal daardoor minder zijn dan 1 dB. Die bijdrage is dermate laag dat de RegioExpres hier niet tot belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu zal leiden.

Figuur 4: Overschrijding van de geluidproducfieplafonds (GPP’s) binnen gemeente Zevenaar na komst van de RegioExpres (* = overschrijding) Zevenaar – Doetinchem

Tussen Zevenaar en Doefinchem vinden veel overschrijdingen plaats. In figuur 5 is te zien welke GPP’s tussen Zevenaar en Doefinchem overschreden worden.

X03--HS-MEMO-23005836 / Vrijgegeven / Versie 1.10

8/13

MEMO

Figuur 5: Overschrijding van de geluidproducfieplafonds (GPP’s) tussen Zevenaar en Doefinchem na komst van de RegioExpres (* = overschrijding) 3.3

Stap 2: geluidsgevoelige bestemmingen

Ter plaatse van de stafions zijn de meeste overschrijdingen van de GPP’s. Daar bevinden zich geluidgevoelige bestemmingen (vooral woningen) dichtbij het spoor. Bovendien is daar de invloed van de verandering het grootst: de RegioExpres stopt immers niet op de stafions maar rijdt op hogere snelheid door. In meer landelijk gebied staan de woningen minder dicht op elkaar. De woningen in de buurt van een geluidproducfieplafond dat in de toekomst overschreden wordt zijn in stap 3 onderzocht op overschrijding van de streefwaarde of de voorkeurswaarde. 3.4

Stap 3: voorkeurswaarde en grenswaarde

Uit de berekeningen blijkt dat met de komst van de RegioExpres de streefwaarde of de voorkeurswaarde voor meer dan 120 woningen langs de spoorlijn in de gemeenten Zevenaar en Monfferland wordt overschreden. De overschrijding bedraagt in verreweg de meeste gevallen 1 á 2 dB. Om de overschrijdingen teniet te doen wordt er in stap 4 gezocht naar doelmafige maatregelen. 3.5

Stap 4: clustering en doelmatigheid

De plekken waar de streefwaarde of de voorkeurswaarde overschreden worden zijn ingedeeld in 14 cluster. Vervolgens is onderzoek gedaan naar doelmafige geluidmaatregelen. Uit dit onderzoek komt naar voren dat voor 13 van de 14 X03--HS-MEMO-23005836 / Vrijgegeven / Versie 1.10

9/13

MEMO

clusters geluidmaatregelen raildempers doelmafig zijn. In bijlage 1 staan de clusters weergegeven, en ook op welke delen van het spoor raildempers zullen komen te liggen. Ter hoogte van cluster 7 (in Didam) zal een grondwal nabij de Eg teruggeplaatst worden, nadat de spoorverdubbeling is voltooid. 3.6

Stap 5: binnenwaarde en aanpassing GPP’s

Na het treffen van doelmafige maatregelen blijven er nog steeds woningen over waar de streefwaarde of de voorkeurswaarde overschreden zal worden. Deze woningen staan genoemd in tabel 2. De nabijgelegen GPP’s zullen worden opgehoogd door middel van een Besluit wijziging geluidproducfieplafonds. Voor deze woningen zal middels een bouwkundig onderzoek onderzocht worden of de maximale binnenwaarde gegarandeerd wordt. Zo niet, dan worden er passende maatregelen aan de gevel voorgesteld aan de woningeigenaar. Dit onderzoek zal plaatsvinden nadat het besluit tot wijziging van de GPP’s onherroepelijk is geworden. Tabel 2: Resterende woningen waar een ‘knelpunt’ (overschrijding van de streefwaarde of de voorkeurswaarde) overblijft Adres

Waarneemhoogte (m)

Huidige geluidbelasting (dB)

Toekomstige geluidbelasting (dB)

Eg 10

8,00

55

56

Parallelweg 27

5,00

54

56

Parkweg 1

8,00

55

56

Spoorstraat 38

5,00

58

59

X03--HS-MEMO-23005836 / Vrijgegeven / Versie 1.10

10/13

MEMO

BIJLAGE 1: Clusters en ligging van toekomsfige raildempers

X03--HS-MEMO-23005836 / Vrijgegeven / Versie 1.10

11/13

MEMO

X03--HS-MEMO-23005836 / Vrijgegeven / Versie 1.10

12/13

MEMO

X03--HS-MEMO-23005836 / Vrijgegeven / Versie 1.10

13/13

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://besluitvorming.doetinchem.nl/api/v1/meetings/7969/documents/45424