CConstaterende datDoetinchem
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 18 - Zienswijzennota.pdf

gemeenteraad 7 juli 2022, gemeente DoetinchemBij agendapunt: 4: Verklaring van geen bedenkingen zonnepark Keppelseweg7.626 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Zienswijzennota behorende bij de ontwerpomgevingsvergunning en ontwerp vvgb voor het realiseren van een zonnepark aan de Keppelseweg in Doetinchem (nummer 20190417) Burgemeester en wethouders zijn van plan een omgevingsvergunning te verlenen voor het in afwijking van de geldende beheersverordening realiseren van een zonnepark aan de Keppelseweg ong. (sectie B, perceelnummer 1430 en 3079) in Doetinchem. De ontwerp omgevingsvergunning voor de activiteiten ‘bouwen’, ‘werk of werkzaamheden uitvoeren’, ‘handelen in strijd met regels RO’ en ‘uitweg’ heeft vanaf 9 maart 2022 gedurende 6 weken ter inzage gelegen. Wie hebben zienswijzen ingediend? De volgende indieners hebben tegen het ontwerp van de omgevingsvergunning en VVGB een zienswijze ingediend. Datum ontvangen 8 maart 2022 8 maart 2022 10 maart 2022 19 april 2022

Indiener Indiener A Indiener B Indiener C (11 adressen) Indiener D

In deze zienswijzennota zal op de ingediende zienswijzen worden gereageerd. Daarbij zal bovenstaande volgorde worden aangehouden. Conclusie De ingediende zienswijzen geven geen aanleiding de omgevingsvergunning niet te verlenen.

1

Samenvatting van en reactie op ingediende zienswijzen Hieronder zijn de zienswijzen per indiener samengevat en van een reactie voorzien. A. Zienswijze indiener A A.1 Indiener A voert aan dat er eerst moet worden gekeken naar zonnepanelen op de daken van (bedrijfs)panden voordat er een stuk natuur wordt gebruikt voor een zonnepark. Reactie gemeente Er bestaat een behoefte om te komen tot een duurzame energievoorziening. Deze behoefte staat onder andere aangegeven in de Omgevingsvisie van de Provincie Gelderland, het Akkoord van Groenlo 2013 en in het Koersdocument Doetinchem natuurlijk Duurzaam van de gemeente Doetinchem. Zowel de provincie, de regio en de gemeente willen zich profileren als duurzame overheidsinstanties. Duurzame energieopwekking in de vorm van een zonneveld draagt bij aan deze behoefte en profilering. De gemeente Doetinchem heeft als opgave om energieneutraal te zijn in 2030. In het beleidskader ‘Duurzame Energie’ is gesteld dat het niet realistisch is om te verwachten dat zonnepanelen enkel op daken van gebouwen of op braakliggende terreinen worden geplaatst. Gesteld is dat maximaal 3% van de landbouwgrond gebruikt mag worden voor het realiseren van grootschalige zonneparken. De gronden in kwestie hebben de bestemming ‘agrarisch met waarden’ en dienen dus hoofdzakelijk ten behoeve van landbouw.

Het beleidskader stelt tevens dat ‘gezien de versnelling die nodig is om de energieneutraliteitsambitie te behalen kunnen we niet eerst het ene doen voor we aan het andere beginnen.’ In het kader van het behalen van de doelen is het juist belangrijk dat ook grootschalige initiatieven op landbouwgrond doorgang krijgen. Dat er maximaal 3% landbouwgrond gebruikt mag worden voor zonnevelden voorkomt dat er te veel vruchtbare landbouwgrond gebruikt gaat worden voor zonnevelden. Daarnaast stimuleren we als gemeente Doetinchem inwoners en bedrijven voor meer zonnepanelen op dak. We nemen actief deel aan een aantal regionale duurzaamheidsprogramma's, zoals 'Zonnige Bedrijven' en 'Achterhoek onderneemt duurzaam'. Dit om zoveel mogelijk zon op dak te realiseren. We bieden kennis en financieringsmogelijkheden aan voor duurzame energieopwekking. Het Energieloket Agem ondersteunt namens de gemeente Doetinchem inwoners en bedrijven. A.2 Indiener A voert aan hoe verandering van het coulisselandschap zal zorgen voor een afname van de cultuurhistorische waarde van de boerderij. Reactie gemeente Er is onafhankelijk onderzoek uitgevoerd naar de impact van de onderhavige ruimtelijke ontwikkeling op de cultuurhistorie binnen het plangebied. De conclusie van dat rapport was dat er met de realisatie van het zonneveld geen cultuurhistorische waarden in het geding worden gebracht.

De boerderij van indiener A valt niet onder het plangebied en is dus niet meegenomen in deze analyse. 2

Dat de woning cultuurhistorische waarde heeft staat los van het gebied rondom de woning. Het betreft momenteel landbouwgrond waarop voor een duur van 30 jaar een zonnepark wordt gerealiseerd. In de ‘Inventarisatie cultuurhistorische waarden bebouwing landelijk gebied – Doetinchem 2011’ wordt uiteengezet op basis van welke karakteristieken de cultuurhistorische waarde van een ensemble wordt bepaald. De omgeving van een ensemble wordt niet genoemd als één van de 13 karakteristieken op basis waarvan cultuurhistorische waarde wordt toegekend. Binnen het gestelde beleidskader voor cultuurhistorie is er dus geen sprake van afname van de cultuurhistorische waarde van de boerderij. Wij zien dan ook geen verband met de cultuurhistorische waarde van de woning van indiener A en het realiseren van een zonnepark. A.3 Indiener A voert redenen aan waarom de financiële waarde en het leefklimaat worden aangetast door de komst van het zonnepark. Denk hierbij aan een minder aantrekkelijk uitzicht, schittering en geluidshinder. Reactie gemeente Bij de landschappelijke inpassing van het zonnepark wordt ingezet op het behouden en versterken van het bestaande landschap. De randen van het zonnepark worden aangezet met brede struweelsingels van streekeigen beplanting. Naast het opwekken van zonenergie is het versterken van ecologische waarde in het gebied een belangrijk thema.

Daarnaast zal locatie-specifiek beplanting worden toegepast om het zicht op het zonneveld voor omwonenden te beperken. Toch kan het zonnepark niet volledig aan het zicht worden onttrokken. Uit de planschaderisicoanalyse komt naar voren dat, gelet op de korte afstand tot het zonnepark, de adviseur van oordeel is dat de planologische wijziging leidt tot enige aantasting van de uitzichtmogelijkheden voor indiener A. Dit betreft een beperkte aantasting gelet op de maximale bouwhoogten van 2 á 3 meter hoog en er dient ook rekening te worden gehouden met het inrichtingsplan bestaande uit o.a. los inheems struweel dat ook voor een deel het zicht op het zonnepark reduceert. Een toename van lichtschittering of lichtreflectie wordt niet aannemelijk geacht. Dit blijkt ook uit een studieonderzoek ten aanzien van lichtreflectie en/of lichtschittering die voor onderhavig perceel is uitgevoerd. Enige doch geringe toename van geluidshinder als gevolg van het zonnepark sluit de adviseur niet geheel uit. De transformator-/ omvormerstations en inkoopstations kunnen (permanent) geluid produceren. Gelet op de relatief korte afstand kan dit vanaf het woonperceel in lichte mate merkbaar zijn.

Hierbij dient wel rekening te worden gehouden met het feit dat er planologisch bezien een bepaalde mate van geluidoverlast te dulden is gelet op de ligging aan de doorgaande weg (de Keppelseweg), extensief recreatief gebruik van de agrarische gronden, hinder van het naast gelegen agrarisch bedrijf en de situering van de boerderij binnen de aanduiding ‘geluidzone – motorcross’. Om omwonenden tegemoet te komen biedt LC Energy de mogelijkheid om op verschillende manieren (financieel) te participeren in het project. Zo wordt er gekeken naar de interesse en haalbaarheid voor de omgeving om 50% te investeren en daaruit rendement te halen, een donatie in de vorm van geld of zonnepanelen en het uitgeven obligaties. Eventuele 3

financiële nadelen die omwonenden kunnen ondervinden door de komst van het zonnepark, worden zo gecompenseerd of beperkt. De gemeente begrijpt dat uitzicht op een ongerept coulisselandschap door indiener A wordt verkozen boven zicht op een zonnepark. Om de klimaatdoelen te halen zullen er echter op steeds meer locaties zonne- en windenergie-installaties (moeten) komen. Uit jurisprudentie blijkt dat de Raad van State stelt dat er geen ‘recht op uitzicht’ voor omwonenden is. Bij planologische ontwikkelingen wordt namelijk uitgegaan van een normaal maatschappelijk risico. Dit houdt verband met het uitgangspunt dat iemand die deel uitmaakt van de maatschappij nou eenmaal wordt geconfronteerd met feitelijke of juridische veranderingen. A.4 Indiener A geeft aan dat LC Energy alleen financieel voordeel heeft aan het zonneveld en het zonneveld geen enkele manier een positieve bijdrage aan de omwonenden levert. Reactie gemeente Met LC Energy hebben we een anterieure overeenkomst gesloten. In deze overeenkomst hebben we afspraken gemaakt over de financiële participatie. Dit kan gerealiseerd worden door lokaal eigenaarschap, obligaties en een bijdrage in een omgevingsfonds. Volgens het beleidskader Duurzame energieopwekking biedt de initiatiefnemer 50% lokaal eigendom aan.

Lukt dit niet met de financiering dan worden de mogelijkheden van donatie aan een omgevingsfonds of obligaties aangeboden. A.5 Indiener A voert aan dat bij een bepaalde stand van de zon een schittering ontstaat, waarbij de woonboerderij en de buitenschoolse kinderopvang hinder ondervinden. Reactie gemeente Van lichtreflectie is geen sprake. De panelen worden maximaal 2,00 meter hoog (boven maaiveld), geplaatst onder een hoek van 12,5° en landschappelijk ingepast. Daarnaast worden de zonnepanelen in een zuidopstelling geplaatst. Hierbij zal de reflectie nooit naar beneden zijn gericht. De huidige kwalitatieve zonnepanelen zijn daarbij voorzien van een anti-reflectie coating of folie. Dit zal hinderlijke reflectie voorkomen tijdens normale weersituaties. A.6 Indiener A vreest geluidshinder doordat er transformatoren op de hoek bij de buitenschoolse kinderopvang zijn gepland. Reactie gemeente Er worden een inkoopstation, transformatorstations en omvormers geplaatst binnen het projectgebied. De transformatorstations hebben een bronvermogen van maximaal 10 MVA. In de VNG-uitgave 'Bedrijven en milieuzonering' is dit gelijk te stellen aan de activiteit 'elektriciteitsdistributiebedrijven. Bij een bronvermogen tot maximaal 10 MVA geldt een richtafstand voor geluid van 30 meter tot geluidsgevoelige functies.

De transformatorstations en de omvormers worden op aanmerkelijk grotere afstand van de bestaande woningen gesitueerd. Met betrekking tot geluid blijft dan ook een aanvaardbaar woon- en leefklimaat aanwezig. 4

A.7 Indiener A voert aan dat hun buitenschoolse kinderopvang binnen een agrarische setting plaats vindt. In hun aanbod wordt meestal gebruik gemaakt van de natuurrijke en veelzijdige landelijke en agrarische omgeving van de buitenschoolse kinderopvang. Door de komst van het zonnepark wordt de beleving van wat er zoal groeit en bloeit rond de buitenschoolse kinderopvang terdege vermindert. Reactie gemeente Het zonneveld komt in een vrij besloten landschap en heeft de kenmerken van een bos- en landgoederenlandschap, maar ook van het kampenlandschap. Veel structuren zijn in de loop der jaren door ruilverkaveling verdwenen waardoor de verschillende landschapstypes steeds minder herkenbaar zijn geworden. Met de ontwikkeling van het zonneveld wordt de kans gegrepen om een deel van de oorspronkelijke kleinschaligheid in het projectgebied terug te brengen. Dit gebeurt middels aanplant van een losse landschappelijke haag langs de zuidoostelijke kavelgrens en met een omzoming van gemengd struweel langs het erf van indiener A. Hiermee wordt ook ongewenst zicht op het zonneveld vanuit omwonenden gefilterd. De kinderopvang ligt en blijft in een landelijke omgeving met een natuurlijke uitstraling. De komst van het zonneveld verandert deze natuurlijke uitstraling niet.

Conclusie zienswijzen indiener A Gelet op het bovenstaande geven de ingediende zienswijzen geen aanleiding om de omgevingsvergunning niet te verlenen.

B. Zienswijze indiener B B.1 Indiener B voert aan dat het zonnepark wordt afgezet met een 2 m hoog hekwerk, waardoor reeën en hazen niet meer kunnen grazen op deze percelen. Ook vindt indiener B dat er eerst moet worden gekeken naar zonnepanelen op de daken van (bedrijfs)panden voordat er een stuk natuur wordt gebruikt voor een zonnepark. Reactie gemeente Met de realisering van dit zonnepark wordt het leefgebied van de das, steenmarter, steenuil, diverse amfibieën en reptielen verbeterd. Voor het behouden van het foerageergebied voor de grondgebonden zoogdieren als de haas, das en steenmarter wordt het gaas van het hekwerk 15 centimeter boven het maaiveld geplaatst. Kleine zoogdieren kunnen hieronder door kruipen. Ook zijn er mogelijkheden voor het bieden van interessante schuil- en verblijfplekken voor de aanwezige amfibieën. In hoofdstuk 4 en 5 van het landschappelijk inpassingsplan zijn meerdere maatregelen genomen om het leefgebied van de bovengenoemde diersoorten te versterken en reeën een doorgang te bieden. In het beleidskader ‘Duurzame Energie’ is gesteld dat het niet realistisch is om te verwachten dat zonnepanelen enkel op daken van gebouwen worden geplaatst of op braakliggende terreinen. Gesteld is dat maximaal 3% van de landbouwgrond gebruikt mag worden voor 5

het realiseren van grootschalige zonneparken. De gronden in kwestie hebben de bestemming ‘agrarisch met waarden’ en dienen dus hoofdzakelijk ten behoeve van landbouw. Het beleidskader stelt tevens dat ‘gezien de versnelling die nodig is om de energieneutraliteitsambitie te behalen kunnen we niet eerst het ene doen voor we aan het andere beginnen.’ In het kader van het behalen van de doelen is het juist belangrijk dat ook grootschalige initiatieven op landbouwgrond doorgang krijgen. Dat er maximaal 3% landbouwgrond gebruikt mag worden voor zonnevelden voorkomt dat er te veel vruchtbare landbouwgrond gebruikt gaat worden voor zonnevelden. Daarnaast stimuleren we als gemeente Doetinchem inwoners en bedrijven voor meer zon op dak. We nemen actief deel aan een aantal regionale duurzaamheidsprogramma's, zoals 'Zonnige Bedrijven' en 'Achterhoek onderneemt duurzaam'. Dit om zoveel mogelijk zonnepalen op daken te realiseren. We bieden kennis en financieringsmogelijkheden aan voor duurzame energieopwekking. Het Energieloket Agem ondersteunt namens de gemeente Doetinchem inwoners en bedrijven. B.2 Indiener B voert aan dat de cultuurhistorische waarde van zijn boerderij en de omliggende boerderijen in het oude coulisselandschap achteruitgaat.

Reactie gemeente Er is onafhankelijk onderzoek uitgevoerd naar de impact van de onderhavige ruimtelijke ontwikkeling op de cultuurhistorie binnen het plangebied. De conclusie van dat rapport was dat er met de realisatie van het zonneveld geen cultuurhistorische waarden in het geding worden gebracht. De boerderij van indiener B valt niet onder het plangebied en is dus niet meegenomen in deze analyse. Dat de woning cultuurhistorische waarde heeft staat los van het gebied rondom de woning. Het betreft momenteel landbouwgrond waarop voor een duur van 30 jaar een zonnepark wordt gerealiseerd. In de ‘Inventarisatie cultuurhistorische waarden bebouwing landelijk gebied – Doetinchem 2011’ wordt uiteengezet op basis van welke karakteristieken de cultuurhistorische waarde van een ensemble wordt bepaald. De omgeving van een ensemble wordt niet genoemd als één van de 13 karakteristieken op basis waarvan cultuurhistorische waarde wordt toegekend. Binnen het gestelde beleidskader voor cultuurhistorie is er dus geen sprake van afname van de cultuurhistorische waarde van de boerderij. Wij zien dan ook geen verband met de cultuurhistorische waarde van de woning van indiener en het realiseren van een zonnepark. B.3 Indiener B geeft aan dat de verkoopwaarde van de woning en de recreatiewoning zal dalen of minder hard zal stijgen dan wanneer er geen zonnepark aan grenst.

Reactie gemeente Bij de landschappelijke inpassing van het zonnepark wordt ingezet op het behouden en versterken van het bestaande landschap. De randen van het zonnepark worden aangezet met brede struweelsingels van streekeigen beplanting. Naast het opwekken van zonenergie is het versterken van ecologische waarde in het gebied een belangrijk thema. Daarnaast zal locatie-specifiek beplanting worden toegepast om het zicht op het zonneveld voor omwonenden te beperken. 6

Desalniettemin kan het zonnepark niet volledig aan het zicht worden onttrokken. Uit de planschaderisicoanalyse komt naar voren dat, gelet op de korte afstand tot het zonnepark is de adviseur van oordeel dat de planologische wijziging leidt tot enige aantasting van de uitzichtmogelijkheden voor de onderhavige eigenaar. Dit betreft een beperkte aantasting gelet op de maximale bouwhoogten van 2 á 3 meter hoog en er dient ook rekening te worden gehouden met het inrichtingsplan bestaande uit o.a. los inheems struweel dat ook voor een deel het zicht op het zonnepark reduceert. Gelet op de hoogte van de zonnepanelen en bijbehorende voorzieningen, de afstand en baan van de zon zal geen sprake kunnen zijn van schaduwhinder. De voorgestane planologische wijzing zal naar het oordeel van adviseur ook niet leiden tot een intensivering van het gebruik van de gronden. In de nieuwe situatie zullen nauwelijks mensen aanwezig zijn in het plangebied, anders dan bij de bouw of ten behoeve van onderhoud van het zonnepark. Van een verminderde privacy zal ook mede gelet op de afstand per saldo geen sprake zijn. Enige doch geringe toename van geluidshinder als gevolg van het zonnepark sluit de adviseur niet geheel uit. De afstand tot de transformator-/ omvormerstations en inkoopstations kunnen geluid (permanent) produceren.

Gelet op de afstand kan dit vanaf het woonperceel in lichte mate merkbaar zijn. Hierbij dient wel rekening te worden gehouden dat in de huidige situatie planologisch bezien ook enige geluidhinder aanwezig kan zijn door extensief recreatief gebruik van de gronden, de ligging aan de doorgaande weg Keppelseweg en hinder van het naastgelegen agrarisch bedrijf. Het gebruik van het zonnepark zal niet of nauwelijks extra verkeer genereren. Ondanks dat er een ontsluitingspad in de nabijheid wordt gerealiseerd voor onderhoud e.d. zal per saldo geen toename van verkeer ontstaan. Immers kunnen de gronden van het plangebied onder het huidige planregime ook al voor zandwegen (bijv. agrarisch verkeer) en fiets- en wandelpaden worden ingericht waar ook hinder door kan ontstaan. Ten aanzien van de situeringswaarde van onderhavig woonperceel met recreatiewoning wordt opgemerkt dat het perceel in de toekomstige situatie zal zijn gelegen bij een groot zonnepark. Momenteel ligt het perceel bij agrarische, voornamelijk onbebouwde gronden met een meer landelijke uitstraling. In de nieuwe situatie zal het woonperceel gelegen zijn aan een gebied met een meer industriële uitstraling en functie, hetgeen als nadelig aangemerkt wordt. De gemeente begrijpt dat uitzicht op een ongerept coulisselandschap door indiener wordt verkozen boven zicht op een zonnepark.

Om de klimaatdoelen te halen zullen er echter op steeds meer locaties zonne- en windenergie-installaties (moeten) komen. Uit jurisprudentie blijkt dat de Raad van State stelt dat er geen ‘recht op uitzicht’ voor omwonenden is. Bij planologische ontwikkelingen wordt namelijk uitgegaan van een normaal maatschappelijk risico. Dit houdt verband met het uitgangspunt dat iemand die deel uitmaakt van de maatschappij nou eenmaal wordt geconfronteerd met feitelijke of juridische veranderingen. Gelet op het voorgaande wordt geconcludeerd dat de voorgestane planologische wijziging kan leiden tot een beperkt/middelzwaar planologisch nadeel voor het onderhavige woonperceel. Hiervoor kan indiener B, met in acht name van het normaal maatschappelijk risico, een tegemoetkoming in planschade bij de gemeente aanvragen.

7

B.4 Indiener B voert aan dat door de komst van een zonnepark het uitzicht vanuit de recreatiewoning aanzienlijk zal veranderen en het minder aantrekkelijk zal worden om de recreatiewoning te huren. Het uitzicht vanaf de recreatiewoning zal inderdaad anders worden. Feitelijk is het zo dat iemand geen recht op uitzicht over andermans gronden heeft. Direct achter het perceel van indiener B komt een dassenakker. Deze dassenakker heeft een diepte van 50 m. en deze akker wordt begrensd door een brede struweelhaag met een hoogte van 3 tot 5 m. De randen van het zonnepark worden aangezet met brede struweelsingels van streekeigen beplanting. Daarnaast zal locatie-specifiek beplanting worden toegepast om het zicht op het zonneveld voor omwonenden te beperken. Toch kan het zonnepark niet volledig aan het zicht worden onttrokken.

B.5 Indiener B geeft aan dat LC Energy alleen financieel voordeel heeft aan het zonneveld en het zonneveld geen enkele manier een positieve bijdrage aan de omwonenden levert. Reactie gemeente Met LC Energy hebben we een anterieure overeenkomst gesloten. In deze overeenkomst hebben we afspraken gemaakt over de financiële participatie. Dit kan gerealiseerd worden door lokaal eigenaarschap, obligaties en een bijdrage in een omgevingsfonds. Conform het beleidskader Duurzame energieopwekking biedt de initiatiefnemer 50% lokaal eigendom aan. Lukt dit niet met de financiering dan worden de mogelijkheden van donatie aan een omgevingsfonds of obligaties aangeboden. B.6 Indiener B geeft aan zijn haag 1,40 m. hoog is in plaats van 2 tot 3 m. Ook ligt de woonkamer een verdieping hoger met vol uitzicht op het veld. Reactie gemeente Achter het perceel van indiener B komt een dassenakker met een diepte van 50 m. De dassenakker wordt begrensd door een brede struweelhaag met een hoogte van 3 tot 5 m. De randen van het zonnepark worden aangezet met brede struweelsingels van streekeigen beplanting. Daarnaast zal locatie-specifiek beplanting worden toegepast om het zicht op het zonneveld voor omwonenden te beperken. Dat de haag van indiener B minder hoog is dan op de dwarsdoorsneden is weergegeven doet geen afbreuk aan het goedgekeurde landschappelijke inpassingsplan.

De haag van indiener B is niet meegenomen in de afweging. B.7 Indiener B geeft aan dat het nog jaren kan duren voordat het struweel 3 tot 5 m. hoog is. Verder is het zo dat inheems struweel zijn blad zal verliezen, waardoor vol op de zonnepanelen gekeken wordt. Reactie gemeente

8

Het duurt inderdaad enkele jaren voordat de struweelhaag is volgroeid en het zonnepark volledig aan het zicht onttrekt. Het planten van groter plantmateriaal levert echter te veel risico van verdroging op. B.8 Indiener B voert aan dat bij een bepaalde stand van de zon een schittering ontstaat, waarbij de woonboerderij en de buitenschoolse kinderopvang hinder ondervinden. Reactie gemeente Van lichtreflectie is geen sprake. De panelen worden maximaal 2,00 meter hoog (boven maaiveld), geplaatst onder een hoek van 12,5° en landschappelijk ingepast. Daarnaast worden de zonnepanelen in een zuid opstelling geplaatst. Hierbij zal de reflectie nooit naar beneden zijn gericht. De huidige kwalitatieve zonnepanelen zijn daarbij voorzien van een anti-reflectie coating of folie. Dit zal hinderlijke reflectie voorkomen tijdens normale weersituaties. B.9 Indiener B vreest geluidshinder doordat er transformatoren op de hoek bij de buitenschoolse kinderopvang zijn gepland. Reactie gemeente Er worden een inkoopstation, transformatorstations en omvormers geplaatst binnen het projectgebied. De transformatorstations hebben een bronvermogen van maximaal 10 MVA. In de VNG-uitgave 'Bedrijven en milieuzonering' is dit gelijk te stellen aan de activiteit 'elektriciteitsdistributiebedrijven.

Bij een bronvermogen tot maximaal 10 MVA geldt een richtafstand voor geluid van 30 meter tot geluidsgevoelige functies. De transformatorstations en de omvormers worden op aanmerkelijk grotere afstand van de bestaande woningen gesitueerd. Met betrekking tot geluid blijft dan ook een aanvaardbaar woon- en leefklimaat aanwezig. Conclusie zienswijzen indiener B Gelet op het bovenstaande geven de ingediende zienswijzen geen aanleiding om de omgevingsvergunning niet te verlenen.

C. Zienswijze indiener C C.1 Indiener C voert aan dat het gemeentelijke besluit c.q. projectvoorstel niet voldoet aan de participatie-eisen die de (gemeentelijke) overheid aan participatie stelt. Zo is er bijvoorbeeld geen invulling gegeven aan de eis van minimaal 50% medezeggenschap voor bewoners. Reactie gemeente In het participatiedocument zet LC Energy uiteen op welke manieren omwonenden zouden kunnen profiteren van de komst van het zonnepark. Allereerst spant de initiatiefnemer zich, zolang de realisatie van het project nog niet is voltooid, in om de lokale omgeving rechtstreeks financieel te laten participeren in het project tot 50% van de investeringswaarde van het project, via een (al dan niet nog op te 9

richten) lokale energiecoöperatie en daartoe een omgevingsovereenkomst aan te gaan. Via deze vorm van directe participatie worden de (lokale) investeerders direct (deels) eigenaar van het project middels aandelen in de projectvennootschap door de energiecoöperatie. Nadat de subsidies en vergunningen geregeld zijn zal duidelijk worden hoe LC Energy precies invulling kan geven aan de financiële participatie. C.2 Indiener C voert aan dat het participatieproces procedureel en inhoudelijk slecht is uitgevoerd. De aandachtspunten zoals genoemd in de beleidsnotitie ‘Handreiking participatie’ zijn niet door LC Energy in acht genomen. Reactie gemeente Het initiatief is tot stand gekomen op basis van een in samenwerking met omwonenden en belanghebbende opgesteld participatieplan. De initiatiefnemer heeft het participatieplan diverse keren besproken met de omwonenden. Nadat LC Energy in 2018 de locatie had gevonden en vastgelegd, zijn ze gestart met éénop-één gesprekken met dichtbijgelegen omwonenden. Ook is er een inloopavond georganiseerd in de Kruisberg waarvoor 190 huishoudens zijn uitgenodigd en er ca. 75 mensen aanwezig waren. Parallel hieraan zijn gesprekken gevoerd met het waterschap en met landgoed Hagen. De input uit al die gesprekken en de inloopavond is onderzocht op haalbaarheid en zo goed mogelijk verwerkt in het projectontwerp.

De wijze waarop dat is gedaan is vastgelegd in ‘Zonnepark Keppelseweg, participatiedocument’. Dit traject is gepauzeerd omdat de gemeente eerst beleid wilde maken voor dergelijke grootschalige projecten. In dit beleidskader (Duurzame energieopwekking in Doetinchem) zijn ook de vereisten ten aanzien van participatie geformuleerd. In het najaar van 2019 is de draad weer opgepakt en heeft initiatiefnemer in overleg met de gemeente eerst het voornoemde projectdocument teruggekoppeld aan de 190 huishoudens via een nieuwsbrief per post. Vervolgens heeft LC Energy met de gemeente de anterieure overeenkomst uitgewerkt en is er een planschadeonderzoek uitgevoerd. In oktober 2020 is een checklist uitgebracht voor een goed participatieproces. In overleg met de gemeente is toen besloten het participatieproces deels over te doen op basis van deze nieuwe standaard. Dit moment is ook aangegrepen om ontwerpaanpassingen (meer groenbuffers) te communiceren. In februari 2021 heeft LC Energy een tweede inloopavond georganiseerd. In verband met Covid-19 maatregelen was dit een digitale informatieavond 1 . Tijdens deze avond is er een update gegeven van het project en is ook het aangepaste ontwerp gepresenteerd. Een verslag van deze bijeenkomst, inclusief de vragen die zijn gesteld en de antwoorden die hierop zijn gegeven, zijn verwerkt in het participatie document.

Al met al heeft de initiatiefnemer naar de richtlijnen van het beleidskader ‘Duurzame energieopwekking in Doetinchem’ gehandeld. C.3 Indiener C voert aan dat er door er niet voldoende rekening wordt gehouden met de waardedaling van het omliggende vastgoed. LC Energy zou bereid zijn enkele duizenden euro’s vergoeding te bieden aan 2 of 3 omwonenden, maar dit compenseert geenszins voor de te verwachte waardedaling. 1

Dit is terug te zien op onze website (https://www.lcenergy.nl/projecten/zonnepark-keppelseweg/ )

10

Reactie gemeente Bij de landschappelijke inpassing van het zonnepark wordt ingezet op het behouden en versterken van het bestaande landschap. De randen van het zonnepark worden aangezet met brede struweelsingels van streekeigen beplanting. Naast het opwekken van zonnenergie is het versterken van ecologische waarde in het gebied een belangrijk thema. Daarnaast zal locatie-specifiek beplanting worden toegepast om het zicht op het zonneveld voor omwonenden te beperken. Desalniettemin kan het zonnepark niet volledig aan het zicht worden onttrokken. Uit de planschaderisicoanalyse komt naar voren dat, gelet op de korte afstand tot het zonnepark is de adviseur van oordeel dat de planologische wijziging leidt tot enige aantasting van de uitzichtmogelijkheden voor de onderhavige eigenaar. Dit betreft een beperkte aantasting gelet op de maximale bouwhoogten van 2 á 3 meter hoog en er dient ook rekening te worden gehouden met het inrichtingsplan bestaande uit o.a. los inheems struweel dat ook voor een deel het zicht op het zonnepark reduceert. Gelet op de hoogte van de zonnepanelen en bijbehorende voorzieningen, de afstand en baan van de zon zal geen sprake kunnen zijn van schaduwhinder. De voorgestane planologische wijzing zal naar het oordeel van adviseur ook niet leiden tot een intensivering van het gebruik van de gronden.

In de nieuwe situatie zullen nauwelijks mensen aanwezig zijn in het plangebied, anders dan bij de bouw of ten behoeve van onderhoud van het zonnepark. Van een verminderde privacy zal ook mede gelet op de afstand per saldo geen sprake zijn. De gemeente begrijpt dat uitzicht op een ongerept coulisselandschap door de indiener wordt verkozen boven zicht op een zonnepark. Om de klimaatdoelen te halen zullen er echter op steeds meer locaties zonne- en windenergie-installaties (moeten) komen. Uit jurisprudentie blijkt dat de Raad van State stelt dat er geen ‘recht op uitzicht’ voor omwonenden is. Bij planologische ontwikkelingen wordt namelijk uitgegaan van een normaal maatschappelijk risico. Dit houdt verband met het uitgangspunt dat iemand die deel uitmaakt van de maatschappij nou eenmaal wordt geconfronteerd met feitelijke of juridische veranderingen. Gelet op het voorgaande wordt geconcludeerd dat de voorgestane planologische wijziging kan leiden tot een beperkt/middelzwaar planologisch nadeel voor het onderhavige woonperceel. Hiervoor kan men, met in acht name van het normaal maatschappelijk risico, een tegemoetkoming in planschade bij de gemeente aanvragen. C.4 Indiener C voert aan dat er in het gemeentelijke besluit c.q. projectvoorstel geen rekening wordt gehouden met de cultuurhistorische waarde van 3 omliggende panden.

Reactie gemeente Er is onafhankelijk onderzoek uitgevoerd naar de impact van de onderhavige ruimtelijke ontwikkeling op de cultuurhistorie binnen het plangebied. De conclusie van dat rapport was dat er met de realisatie van het zonneveld geen cultuurhistorische waarden in het geding worden gebracht. De door indiener B genoemde panden vallen niet onder het plangebied en zijn dus niet meegenomen in deze analyse. Dat de panden cultuurhistorische waarde hebben staat los van het gebied rondom het pand. Het betreft momenteel landbouwgrond waarop voor een duur van 30 jaar een zonnepark 11

wordt gerealiseerd. In de ‘Inventarisatie cultuurhistorische waarden bebouwing landelijk gebied – Doetinchem 2011’ wordt uiteengezet op basis van welke karakteristieken de cultuurhistorische waarde van een ensemble wordt bepaald. De omgeving van een ensemble wordt niet genoemd als één van de 13 karakteristieken op basis waarvan cultuurhistorische waarde wordt toegekend. Binnen het gestelde beleidskader voor cultuurhistorie is er dus geen sprake van afname van de cultuurhistorische waarde van de panden. Wij zien dan ook geen verband tussen de cultuurhistorische waarde van de omliggende panden en het realiseren van een zonnepark. C.5 Indiener C voert aan dat het projectvoorstel niet voldoet aan de zonneladder, zoals genoemd in de nationale RES. In RES 1.0 is ook vastgesteld dat Achterhoekers zonnepanelen op daken i.p.v. landbouwgrond willen. Reactie gemeente In het beleidskader is gesteld dat het niet realistisch is om te verwachten dat zonnepanelen enkel op daken van gebouwen worden geplaatst of op braakliggende terreinen. Gesteld is dat maximaal 3% van de landbouwgrond gebruikt mag worden voor het realiseren van grootschalige zonneparken.

Het beleidskader stelt tevens dat ‘gezien de versnelling die nodig is om de energieneutraliteitsambitie te behalen kunnen we niet eerst het ene doen voor we aan het andere beginnen.’ In het kader van het behalen van de doelen is het juist belangrijk dat ook grootschalige initiatieven op landbouwgrond doorgang krijgen. Dat er maximaal 3% landbouwgrond gebruikt mag worden voor zonnevelden voorkomt dat er te veel vruchtbare landbouwgrond gebruikt gaat worden voor zonnevelden. Daarnaast stimuleren we als gemeente Doetinchem inwoners en bedrijven voor meer zon op dak. We nemen actief deel aan een aantal regionale duurzaamheidsprogramma's, zoals 'Zonnige Bedrijven' en 'Achterhoek onderneemt duurzaam'. Dit om zoveel mogelijk zonnepanelen op daken te realiseren. We bieden kennis en financieringsmogelijkheden aan voor duurzame energieopwekking. Het Energieloket Agem ondersteunt namens de gemeente Doetinchem inwoners en bedrijven. C.6 Indiener C voert aan dat door de komst van een zonnepark het uitzicht vanuit de recreatiewoning aanzienlijk zal veranderen en het minder aantrekkelijk zal worden om de recreatiewoning te huren. Het uitzicht vanaf de recreatiewoning zal inderdaad anders worden. Feitelijk is het zo dat iemand geen recht op uitzicht over andermans gronden heeft. Direct achter het perceel van de recreatiewoning komt een dassenakker. Deze dassenakker heeft een diepte van 50 m.

en deze akker wordt begrensd door een brede struweelhaag met een hoogte van 3 tot 5 m. De randen van het zonnepark worden aangezet met brede struweelsingels van streekeigen beplanting. Daarnaast zal locatie-specifiek beplanting worden toegepast om het zicht op het zonneveld voor omwonenden te beperken. Desalniettemin kan het zonnepark niet volledig aan het zicht worden onttrokken. C.7 Indiener C geeft aan dat de maatvoering van het plan niet juist is. 12

Reactie gemeente Op de dwarsdoorsnedes zijn de NAP-hoogtes weergegeven. Op deze tekeningen zijn niet specifiek de NAP-hoogtes van de woning en recreatiewoning van indiener B aangegeven. We hebben geen foute NAP-hoogtes van deze gebouwen geconstateerd. Achter het perceel van indiener B komt een dassenakker met een diepte van 50 m. De dassenakker wordt begrensd door een brede struweelhaag met een hoogte van 3 tot 5 m. De randen van het zonnepark worden aangezet met brede struweelsingels van streekeigen beplanting. Daarnaast zal locatie-specifiek beplanting worden toegepast om het zicht op het zonneveld voor omwonenden te beperken. Dat de haag van indiener B minder hoog is dan op de dwarsdoorsneden is weergegeven doet geen afbreuk aan het goedgekeurde landschappelijke inpassingsplan. De haag van indiener B is niet meegenomen in de afweging. Wat de hoogte van de struweelhaag van 3 tot 5 meter betreft duurt het inderdaad enkele jaren voordat de struweelhaag is volgroeid en het zonnepark volledig aan het zicht onttrekt. Het planten van groter plantmateriaal levert echter te veel risico van verdroging op.

C.8 Indiener C vreest geluidshinder van het zonnepark. Reactie gemeente Er worden een inkoopstation, transformatorstations en omvormers geplaatst binnen het projectgebied. De transformatorstations hebben een bronvermogen van maximaal 10 MVA. In de VNG-uitgave 'Bedrijven en milieuzonering' is dit gelijk te stellen aan de activiteit 'elektriciteitsdistributiebedrijven. Bij een bronvermogen tot maximaal 10 MVA geldt een richtafstand voor geluid van 30 meter tot geluidsgevoelige functies. De transformatorstations en de omvormers worden op aanmerkelijk grotere afstand van de bestaande woningen gesitueerd. Met betrekking tot geluid blijft dan ook een aanvaardbaar woon- en leefklimaat aanwezig. Conclusie zienswijzen indiener C Gelet op het bovenstaande geven de ingediende zienswijzen geen aanleiding om de omgevingsvergunning niet te verlenen.

D. Zienswijze indiener D

D.1 Indiener D voert aan dat hij verbaasd is dat de gemeente Doetinchem heeft besloten om akkoord te gaan met het plan van LC-energy, een zonne-energie centrale te verwezenlijken op de locatie rond de Keppelseweg tussen Doetinchem en Langerak. De druk op dit deel van de Kruisbergse bossen is al groot en neemt toe. Naast de bestaande druk door de Crossbaan en Vulcanus, is ook de woningbouw in Langerak richting het bos uitgebreid. En op de Lubberslaan is een wijkje aan het ontstaan, daar waar woningen voor stallen terug zijn gekomen. Zo wordt er meer en meer aan het gebied geknabbeld en de druk op het gebied opgevoerd. Reactie gemeente 13

Bij de vaststelling van de RES 1.0 Achterhoek is de gemeenteraad akkoord gegaan met de vier in procedure zijnde zonneparken. Het zonnepark Keppelseweg behoort ook tot de in procedure zijnde plannen. Of de druk op de Kruisbergse bossen toeneemt door de Crossbaan en Vulcanus betwijfelen we. Dit zijn bestaande functies die al langere tijd in deze omgeving aanwezig zijn. Voor de nieuwe woningen aan de Lubberslaan zijn de nodige stallen en bebouwing gesloopt. De oppervlakte van de woningen zijn aanzienlijk minder dan de oppervlakte van de gesloopte bebouwing. D.2 Indiener D voert aan dat naast de functie die de Kruisbergsebossen hebben als recreatiegebied en ontspanningsgebied is het gebied ook een GNN-gebied met een wildwissel/ ecologische verbindingszone. Indiener betoogt dat de netwerkfunctie door het Zonnepark wordt onderbroken en de groene verbindingszone die volgens het ontwerp langs de Teerinksloot overblijft, onvoldoende is als ecologische verbindingszone. Reactie gemeente De Kruisbergse bossen zijn waardevolle recreatie- en ontspanningsgebieden. Het zonnepark Keppelseweg wordt niet in een Gelders Natuurnetwerk (GNN) of in de Groene Ontwikkelingszone (GO) gerealiseerd. Er is geen sprake van een ecologische verbindingszone. Van een onderbreking van de natuur netwerkfunctie door het zonnepark is geen sprake.

Met de realisering van dit zonnepark wordt het leefgebied van de das, steenmarter, steenuil, diverse amfibieën en reptielen verbeterd. Voor het behouden van het foerageergebied voor de grondgebonden zoogdieren als de haas, das en steenmarter wordt het gaas van het hekwerk 15 centimeter boven het maaiveld geplaatst. Kleine zoogdieren kunnen hieronder door kruipen. Ook zijn er mogelijkheden voor het bieden van interessante schuil- en verblijfplekken voor de aanwezige amfibieën. In hoofdstuk 4 en 5 van het landschappelijk inpassingsplan zijn meerdere maatregelen genomen om het 14

leefgebied van de bovengenoemde diersoorten te versterken en reeën een doorgang te bieden. Wat de wildwissel voor reeën betreft verwachten we dat de reeën van nieuwe wildwissels gebruik gaan maken. Eén van de mogelijkheden voor een nieuwe wildwissel voor reeën is inderdaad langs de Teerinksloot. D.3 Indiener D voert aan dat de gemeente Doetinchem in de" Agenda Omgevingsvisie De Kruisberg, Kruisbergsebossen en Langerak 2040", het gebied aangewezen heeft als groene toegang tot Doetinchem. "De Keppelseweg is de oude uitvalsweg van Doetinchem. Deze uitvalsweg moet een herkenbaar profiel houden als laan, ongeacht de functie van de weg. De velden tussen bos en stad die buiten de clusters vallen, moeten open blijven en dus onbebouwd. Dit geldt ook voor de open ruimten rondom Langerak". En Bovendien wordt in deze Agenda gesteld: "Landschap aangrenzend aan het Kruisbergsebos waarderen en vrijhouden van grootschalige ontwikkelingen", en "Zonnepanelen in open buitengebied niet toestaan. Wel zonnepanelen op daken" en "Grootschalige opwek kan hier in de vorm van zonnepanelen op grote (bedrijfs)daken en in de vorm van wko systemen. De aanwezige energie infrastructuur hiervoor benutten", "De Keppelseweg dient bij toekomstige aanpassingen in het kader van Provinciale hoofdroute het karakter van een ‘parklane’ te behouden. De aansluiting en het zicht op het landschap zijn van grote waarde.

Oude IJssel ter hoogte van bedrijventerrein Keppelseweg/buitengebied Langerak recreatief toegankelijk maken". Reactie gemeente We hebben samen met inwoners en ondernemers onderzocht welke kansen er zijn in de verschillende deelgebieden. Zo ook voor het deelgebied De Kruisberg, Kruisbergse bossen en Langerak. Al deze kansen zijn vertaald in de deelvisie De Kruisberg, Kruisbergse bossen en Langerak. Belangrijk is om te realiseren dat de deelvisies niet de definitieve plannen presenteren. We gebruiken de documenten uit de 11 deelgebieden om tot één Omgevingsvisie te komen. Keuzes maken hierin is onvermijdelijk. Dat geldt ook voor de locaties voor grootschalige duurzame opwekking. We zijn van mening dat het zonnepark landschappelijk goed wordt ingepast. De heg parallel aan de Keppelseweg versterkt het laan-effect van de Keppelseweg. Ook blijft het zicht op de glooiing van het gebied en de bosrand gehandhaafd. Daarnaast wordt door de aanleg van struwelen en bloem- en kruidenrijke graslanden de biodiversiteit vergroot. Er bestaat een behoefte om te komen tot een duurzame energievoorziening. Deze behoefte staat onder andere aangegeven in de Omgevingsvisie van de Provincie Gelderland, het Akkoord van Groenlo 2013 en in het Koersdocument Doetinchem natuurlijk Duurzaam van de gemeente Doetinchem.

Zowel de provincie, de regio en de gemeente willen zich profileren als duurzame overheidsinstanties. Duurzame energieopwekking in de vorm van een zonneveld draagt bij aan deze behoefte en profilering. De gemeente Doetinchem heeft als opgave om energieneutraal te zijn in 2030. In het beleidskader ‘Duurzame Energie’ is gesteld dat het niet realistisch is om te verwachten dat zonnepanelen enkel op daken van gebouwen of op braakliggende terreinen worden geplaatst. Gesteld is dat maximaal 3% van de landbouwgrond gebruikt mag worden voor het realiseren van grootschalige zonneparken. De gronden in kwestie hebben de bestemming ‘agrarisch met waarden’ en dienen dus hoofdzakelijk ten behoeve van landbouw. Het beleidskader stelt ook dat ‘gezien de versnelling die nodig is om de 15

energieneutraliteitsambitie te behalen kunnen we niet eerst het ene doen voor we aan het andere beginnen.’ In het kader van het behalen van de doelen is het juist belangrijk dat ook grootschalige initiatieven op landbouwgrond doorgang krijgen. Dat er maximaal 3% landbouwgrond gebruikt mag worden voor zonnevelden voorkomt dat er te veel vruchtbare landbouwgrond gebruikt gaat worden voor zonnevelden. Daarnaast stimuleren we als gemeente Doetinchem inwoners en bedrijven voor meer zonnepanelen op dak. We nemen actief deel aan een aantal regionale duurzaamheidsprogramma's, zoals 'Zonnige Bedrijven' en 'Achterhoek onderneemt duurzaam'. Dit om zoveel mogelijk zon op dak te realiseren. We bieden kennis en financieringsmogelijkheden aan voor duurzame energieopwekking. Het Energieloket Agem ondersteunt namens de gemeente Doetinchem inwoners en bedrijven. D.4 Indiener D voert aan dat hij zich niet kan voorstellen dat wanneer er een tekort is aan ruimte voor het aanleggen van zonneparken je een beroep gaat doen op een gebied dat zo mooi glooiend ligt en zo landschappelijk waardevol is. Reactie gemeente Het plangebied ligt in een vrij besloten landschap en heeft de kenmerken van een bos- en landgoederenlandschap, maar ook van het kampenlandschap.

Veel structuren zijn in de loop der jaren door ruilverkaveling verdwenen waardoor de verschillende landschapstypes steeds minder herkenbaar zijn geworden (zie historische reeks in de landschappelijke analyse). Met de ontwikkeling van het zonneveld wordt de kans gegrepen om een deel van de oorspronkelijke kleinschaligheid in het plangebied terug te brengen. Dit gebeurt middels aanplant van een losse landschappelijke haag langs de zuidoostelijke kavelgrens en met een omzoming van gemengd struweel langs het erf van de Keppelseweg 300. Hiermee wordt ook ongewenst zicht op het zonneveld vanuit omwonenden gefilterd. Het zonneveld wordt verder zo minimaal mogelijk ingepakt, hiermee wordt het zicht op de landduin (het kenmerkende reliëf) en de bosrand van landgoed Hagen behouden. Dit was mede een wens van de omwonenden en passanten in het gebied. D.5 Indiener D voert aan dat in de RES 1.0 wordt gesteld dat er eigenlijk al in 94% van de zonne-energie behoefte is voorzien. Bovendien zou een wenselijke verhouding zonne/windenergie ongeveer 1:3 á 4 zijn. Komen er nu ook windturbines aan deze kant van de IJssel te staan zodat de Cable pooling mogelijk is? Het park schept een precedent voor andere initiatiefnemers. Reactie gemeente De bijdragen van de gemeente Doetinchem aan de RES 1.0 zijn in ieder geval de vier zonneparken die in procedure zijn.

Met deze zonneparken is rekening gehouden in de 94% van de zonne-energie behoefte. Hierbij hoort ook het zonnepark Keppelseweg. Voorlopig zijn dit de zonneparken waaraan medewerking wordt verleend. De verwachting is dat hier geen precedentwerking van uit gaat. De verwachting is dat er aan deze kant van de Oude IJssel geen windturbines gerealiseerd. Op dit moment loopt er wel een initiatief aan de andere kant van de Oude IJssel (omgeving Barlhammerweg). Cable pooling ligt dan ook niet voor de hand. D.6 Indiener D voert aan dat dit soort initiatieven moeilijk gezien kunnen worden als initiatieven van onderaf. Ook de gewenste inspraak is volgens indiener onvoldoende 16

geweest. Er zijn 2 informatieavonden geweest waarbij overrompelde bewoners vragen konden stellen. Bewoners die voor de ene informatieavond werden uitgenodigd wisten niets van een volgende informatieavond. Reactie gemeente Het initiatief is tot stand gekomen op basis van een in samenwerking met omwonenden en belanghebbende opgesteld participatieplan. De initiatiefnemer heeft het participatieplan diverse keren besproken met de omwonenden. Nadat LC Energy in 2018 de locatie had gevonden en vastgelegd, zijn ze gestart met éénop-één gesprekken met dichtbijgelegen omwonenden. Ook is er een inloopavond georganiseerd in de Kruisberg waarvoor 190 huishoudens zijn uitgenodigd en er ca. 75 mensen aanwezig waren. Parallel hieraan zijn gesprekken gevoerd met het waterschap en met landgoed Hagen. De input uit al die gesprekken en de inloopavond is onderzocht op haalbaarheid en zo goed mogelijk verwerkt in het projectontwerp. De wijze waarop dat is gedaan is vastgelegd in ‘Zonnepark Keppelseweg, participatiedocument’. Dit traject is gepauzeerd omdat de gemeente eerst beleid wilde maken voor dergelijke grootschalige projecten. In dit beleidskader (Duurzame energieopwekking in Doetinchem) zijn ook de vereisten ten aanzien van participatie geformuleerd.

In het najaar van 2019 is de draad weer opgepakt en heeft initiatiefnemer in overleg met de gemeente eerst het voornoemde projectdocument teruggekoppeld aan de 190 huishoudens via een nieuwsbrief per post. Vervolgens heeft LC Energy met de gemeente de anterieure overeenkomst uitgewerkt en is er een planschadeonderzoek uitgevoerd. In oktober 2020 is een checklist uitgebracht voor een goed participatieproces. In overleg met de gemeente is toen besloten het participatieproces deels over te doen op basis van deze nieuwe standaard. Dit moment is ook aangegrepen om ontwerpaanpassingen (meer groenbuffers) te communiceren. In februari 2021 heeft LC Energy een tweede inloopavond georganiseerd. In verband met Covid-19 maatregelen was dit een digitale informatieavond2 . Tijdens deze avond is er een update gegeven van het project en is ook het aangepaste ontwerp gepresenteerd. Een verslag van deze bijeenkomst, inclusief de vragen die zijn gesteld en de antwoorden die hierop zijn gegeven, zijn verwerkt in het participatie document. Al met al heeft de initiatiefnemer naar de richtlijnen van het beleidskader ‘Duurzame energieopwekking in Doetinchem’ gehandeld. D.7 Indiener D voert aan dat de gemeente stelt dat er koffietafel gesprekken zijn geweest. Deze keukentafel gesprekken hebben alleen met een zeer beperkt aantal direct aanwonende plaats gevonden.

Deze aanwonende worden volgens eigen zeggen van LCEnergy financieel gecompenseerd. Hierop zal ik bij mijn bezwaar na inzien van de communicatie tussen de gemeente en LC-Energy via een WOB verzoek nog terug komen. Reactie gemeente Op 18 adressen hebben keukentafelgesprekken plaatsgevonden. Het gaat hierbij om de adressen in de directe omgeving van het te realiseren zonnepark. We vinden het logisch dat de keukentafelgesprekken met direct omwonenden heeft plaatsgevonden. LC Energy heeft hierbij een ruime straal rondom het te realiseren zonnepark aangehouden. D.8 Indiener D is van mening dat alleen een heg die om het park heen gezet wordt niet voldoende is voor het inpassen in het landschap. Door de sterke glooiing van het

2

Dit is terug te zien op onze website (https://www.lcenergy.nl/projecten/zonnepark-keppelseweg/ )

17

gebied kijk je vanaf het wandelpad dat in het verlengde ligt van de Keppelseweg/Prins Alexanderstraat op de zonnepanelen neer. Het landschapsprofiel profiel dat door LG Energy is gehanteerd in haar ontwerp voor het landschappelijk inpassen is op een plek genomen waarop dit het gunstigst lijkt voor het verbloemen van het park door een heg met die hoogte. Op andere plekken kijk je er van het pad over de heg heen en dat geldt ook voor plekken vanaf de Keppelseweg. Landschappelijke inpassing van het Park is onvoldoende. Reactie gemeente Er is bewust gekozen voor een lagere heg parallel aan de Keppelseweg. Hierdoor ervaart men de glooiing van het gebied en blijft het zicht op de bosrand aanwezig. Bij een struweelhaag met een hogere hoogte is dit effect niet meer aanwezig. Het plangebied ligt in een vrij besloten landschap en heeft de kenmerken van een bos- en landgoederenlandschap, maar ook van het kampenlandschap. Veel structuren zijn in de loop der jaren door ruilverkaveling verdwenen waardoor de verschillende landschapstypes steeds minder herkenbaar zijn geworden (zie historische reeks in de landschappelijke analyse.) Met de ontwikkeling van het zonneveld wordt de kans gegrepen om een deel van de oorspronkelijke kleinschaligheid in het plangebied terug te brengen.

Dit gebeurt middels aanplant van een losse landschappelijke haag langs de zuidoostelijke kavelgrens en met een omzoming van gemengd struweel langs het erf van de Keppelseweg 300. Hiermee wordt ook ongewenst zicht op het zonneveld vanuit omwonenden gefilterd. Het zonneveld wordt verder zo minimaal mogelijk ingepakt, hiermee wordt het zicht op de landduin (het kenmerkende reliëf) en de bosrand van landgoed Hagen behouden. Dit was mede een wens van de omwonenden en passanten in het gebied. D.9 Indiener D voert aan dat de aanleg en realisatie van het park door de uitstoot van CO2 en stikstof nog een extra belastende aanslag op het gebied geeft. Reactie gemeente Uit de Aerius berekeningen blijkt dat de werkzaamheden behorende bij de aanleg en ingebruikname van het zonneveld aan de Keppelseweg en de bijbehorende landschappelijke inpassing geen depositieresultaten boven 0,00 mol/ha/jaar tot gevolg heeft. Wat de CO2-uitstoot betreft is het opwekken van energie door zonnepanelen duurzamer dan fossiele energie. Dit levert in ieder geval CO2 winst op. Conclusie zienswijzen indiener D Gelet op het bovenstaande geven de ingediende zienswijzen geen aanleiding om de omgevingsvergunning niet te verlenen.

18

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://besluitvorming.doetinchem.nl/api/v1/meetings/7669/documents/40287