CConstaterende datDoetinchem
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Uitgangspuntennota 2027 GGD Noord- en Oost-Gelderland.pdf

beeldvormende raad 12 februari 2026, gemeente DoetinchemBij agendapunt: 3: Uitgangspuntennota GGD Noord- en Oost-Gelderland4.192 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

L:LY

Noord- en Oost-GeLdertand —

Partner in het Centrum voor Jeugd en gezin Postbus 3, 7200 AA Zutphen 088 443 30 00 l ggd@ggdnog.nI. l www.ggdnog.ni.

Openbeer

lnhoud 1.

lnleiding

3

2.

Onderzoek naar bezuinigingsscenarios

6

3.

Toekomstbestendige Jeugdgezondheidszorg

6

4.

Voorbereiding op dreigende crises

8

5.

Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA)

9

6.

Overige relevante ontwikkelingen

10

6.1.

Raadsadviescommissie

10

6.2.

Project kengetallen en ¡ndicatoren

10

6.3.

wegvallen MedischeArrestantenzorg

11

6.4.

Vacci natievoorziening voor volwassenen

12

7.

Financiële kaders 2027

12

7.1.

1ndexering2027

12

Bijlage: lnwonerbijdragen 2027 gemeenten

14

2

Openbeer

1.

lnLeiding

De komende jaren bieden kansen om de ¡nzet op publieke gezondheid te versterken. Zo is het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord afgesloten; de uitwerking hiervan in 2026 en 2027 zorgt voor een sterkere verbinding tussen publieke en private partners en tussen zorg en sociaal domein. De GGD kan dankzij het akkoord gemeenten beter bijstaan om de kwaliteit van zorg en preventie te verhogen. Ook zal in 2026 en deels 2027 dankzij bijvoorbeeld de nieuwe volksgezondheid Toekomst Verkenning (VTV) van het RIVM en de verwachte nieuwe landelijke nota gezondheidsbeleid van VWS een herijking plaatsvinden van de themas waaraan landelijk, regionaal en lokaal gewerkt wordt. Tegelijkertijd leven we in een tijd die gekenmerkt wordt door onzekerheden. Er is in de afgelopen jaren veelveranderd in het risicoprofielvan regio Noord- en Oost Gelderland. We komen uit een COVID-19-pandemie, deweersomstandigheden laten zien dat klimaatveranderingen hun tol eisen en er is een oorlog in Oost-Europa uitgebroken. Daarmee zijn dreigingen en de daarmee gepaard gaande risicos fors. Steeds vaker worden we geconfronteerd met het gegeven dat veiligheid en gezondheid hand in hand gaan, ze staan niet los van elkaar. Het is nodig dat ook wij ons op de risicos voor de samenleving voorbereiden en daarbij de samenwerking met Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland verder uitbouwen.

Op lokaal niveau worden gemeenten geconfronteerd met bezuinigingen en soms ook met toenemende spanningen tussen bevolkingsgroepen. Dit alles raakt de inwoners van de gemeenten. De GGD, als onderdeelvan de publieke infrastructuur Een gevolg is dat de regio zich heroriënteert op de inrichtingvan de publieke infrastructuur (gemeenten, veiligheidsregio, omgevingsdiensten en andere publieke diensten) waar wij als GGD onderdeel van uitmaken. ln dit kader zijn een aantal vragen relevant. De antwoorden hierop bepalen in hoge mate de positionering, de robuustheid en de koers van de GGD in 2027 en verder. Dezevragen kunnen niet losvan elkaarworden gezien. 1

Publiekversus privaat: ls de GGD voor gemeenten de publieke organisatie waar zij hun taken op het gebied van de publieke gezondheidszorg willen beleggen of zien de gemeenten de GGD als een private partij waar zij taken kunnen beleggen en die moet concurreren met partijen in het private domein?

2

Expertise versus uitvoering: ls de GGD voor gemeenten een expertiseorganisatie waar zij gespecialiseerde bijstand en advies van ontvangen en tegelijkertijd een uitvoeringsorganisatie met een hyperlokale verbinding in het sociaal domein of zien zij de GGD enkel als expertiseorganisatie?

3

Openbeer

3

Regulierversus crisis: Op welke wijze verwachten gemeenten dat de GGD haar rol als crisispartner invult? Zien zij de GGD als volwaardige crisispartner die ten tijde van een crisis een substantiële bijdrage kan leveren aan de operationele crisisbeheersing of zien zij de GGD als netwerkpartner die op strategisch en tactisch niveau adviseert?

Van belang voor ons daarbij is met name de uitkomst van het onderzoek naar een toekomstbestendige jeugdgezondheidszorg; deze uitkomst geeft in belangrijke mate richting aan bovenstaandevragen en aan de rolvan de GGD in de publieke infrastructuur. Ondanks investeringen in de GGD (GGD NOG Robuust), waardoor de GGD een kwaliteitsslag kon maken, blijft de GGD kwetsbaar in de huidige vorm. Redenen zijn onder meer de beperkte schaalgrootte, waardoor de overhead een hogere druk legt op het totaalbudget. Wij zoeken naar manieren om deze kwetsbaarheid het hoofd te bieden. De GGD, een publieke dienst ln dit krachtenveld zien wij de GGD als een publieke organisatie waarop men kan bouwen en vertrouwen. Een publieke dienst die bijdraagt aan het versterken van weerbaarheid en veerkracht in de samenleving, waar gemeenten terecht kunnen voor informatie en advies over zaken die de preventieve gezondheidszorg raken; een publieke dienst die zorgt voor de uitvoering van gemeentelijke taken op het terrein van de publieke gezondheid en die paraat staat bij crises door het leveren van bijstand en advies aan gemeenten. Bestuur1ijke aansturing A1s publieke organisatie worden wij in deze taken aangestuurd door de 22 gemeenten in Noorden Oost-Gelderland. ln 2026 zijn er gemeenteraadsverkiezingen, waardoor de samenstelling van het algemeen en het dagelijks bestuur van de GGD wijzigt.

Wij vertrouwen erop dat ook dit nieuwe bestuur staat voor een GGD die zijn publieke taken kan waarmaken. De beleidsmatige en financiële kaders voor 2027 Met het nieuw aan te treden algemeen bestuur gaan wij werken aan nieuwe meerjarige financiële en beleidsmatige kaders. Daarbij nemen wij de ervaringen van de huidige bestuursperiode mee. De raden van de gemeenten worden hierbij betrokken; zij kunnen een zienswijze hierop indienen. Een ander initiatiefvoor het betrekken van de gemeenteraden is de instellingvan een (informele) raadsadviescommissie. Wij wachten de evaluatie van de raadsadviescommissie van de veiligheidsregio af om te leren van de ervaringen daar en sluiten mogelijk bij het initiatief van de veiligheidsregio aan. Elders in deze Uitgangspuntennota gaan wij daar wat nader op in. Verdervindt u in deze Uitgangspuntennota vooral een schets van de belangrijkste ontwikkelingen voor zover deze op dit moment bekend zijn.

r1 Openbeer

Financiële kader Hetfinanciële kader betreft met name de ¡ndexeringvan de ¡nwonerbijdrage. Op basisvan CPBramingen wordt de indexeringvoor de inwonerbijdrage voor 2027 voorgesteld op 4,11%. Dit leidt tot een inwonerbijdrage van € 11,595 voor Publieke Gezondheid en € 12,809 voor Jeugdgezondheid. Raden kunnen een zienswijze indienen tot 1 maart 2026 De raden van de gemeenten die deelnemen in onze GGD kunnen tot 1 maart 2026 een zienswijze op deze beleidsmatige en financiële kaders bij het dagelijks bestuur van GGD NOG indienen. lndien u een zienswijze op de begrotingsstukken van de GGD wilt geven, dan nodigen wij u nadrukkelijk uit uw zienswijze op deze Uitgangspuntennota te geven. De beschreven uitgangspunten en de van de raden ontvangen zienswijzen betrekken wij bij het opstellen van de concept-Programmabegroting 2027. De Programmabegroting 2027 wordt in de vergadering van het algemeen bestuur van de GGD van april 2026 in concept vastgesteld en aan de raden van de gemeenten gezonden. Ook over de concept-Programmabegroting kunnen de raden een zienswijze indienen. ln september 2026 stelt het algemeen bestuur de begroting voor 2027 vast. Meer informatie Wanneer er naar aanleiding van deze uitgangspuntennota vragen zijn, kunt u contact opnemen met: Rob Schwebke, concern-controller (tel. 088 443 3525, e-mail: r.schwebke@ggdnog.nl), of •

Martien de Vries, beleidsadviseur (tel. 088 443 3401, e-mail: m.devries@ggdnog.nl).

Het dagelijks bestuurvan GGD Noord- en Oost-Gelderland

5

Openbeer

2.

Onderzoek naar bezuinigingsscenarios

Het algemeen bestuur van de GGD heeft op 10 september 2025 besloten voor het jaar 2026 niet te bezuinigen op de GGD. De raden zijn hierover in oktober 2025 geïnformeerd. Dit besluit is het resultaat van een traject in 2025 waarin diverse bezuinigingsscenarios tegen het licht zijn gehouden. Redenen om niet te bezuinigen Het algemeen bestuur geeft aan dat er verschillende redenen zijn om in 2026 niet te bezuinigen op de GGD. Zo loopt er een onderzoek naar een toekomstbestendige jeugdgezondheidszorg in de regio, waarvan de uitkomst grote impact heeft op de GGD. ln deze Uitgangspuntennota is daarover meer te vinden. Daarnaast zijn er verschillende landelijke ontwikkelingen die gevolgen hebben voor de GGD, waaronder onzekerheid over mogelijke landelijke kortingen op subsidies, het niet gegund krijgen van de taak medische arrestantenzorg en de rol van de GGD in (de voorbereiding op) crises. Ruimte voor meer inhoudelijke afwegingen Het is goed mogelijk dat in de jaren na 2026 gemeenten te maken hebben met bezuinigingen vanuit het rijk. îegelijkertijd mag verwacht worden dat er in 2026 meer duidelijk is over onder meer de organisatie van de jeugdgezondheidszorg in de regio, over landelijke ontwikkelingen en wat ervan de GGD gevraagd wordt aan investeringen in het bevorderen van de weerbaarheid in het licht van de (inter)nationale dreigingen.

Gemeenten kunnen op basis van die informatie een meer inhoudelijke afweging maken bij het inventariseren en wegen van eventuele besparingen bij de GGD. Daarbij speelt nadrukkelijk de vraag wat voor type GGD-organisatie de gemeenten in de toekomst nodig achten. Deze afweging wordt gemaakt in de context van toenemende (inter)nationale spanningen en klimaatrisicos. Deze ontwikkelingen raken ook de zorg aan onze inwoners en hun algehele gezondheid. Daarbij speelt de GGD een belangrijke rol in het kader van crisisbestrijding en de voorbereiding hierop (weerbaarheid en veerkracht). Om deze inhoudelijke afweging te maken zijn gemeenten en GGD nauw met elkaar in gesprek. De uitkomst van deze afweging kan gevolgen hebben voor de begroting 2027 van de GGD.

3.

Toekomstbestendige Jeugdgezondheidszorg

ln de regio Noord- en Oost-Gelderland is de jeugdgezondheidszorg (JGZ) voor 0-1 8-jarigen verdeeld overvier private zorgorganisaties en de GGD. Dit brengt inhoudelijke, organisatorische en financiële uitdagingen met zich mee. Mede in het licht van de veranderde landelijke

Openbeer

(kwaliteits-)richtlijnen voor uitvoeringvan dejeugdgezondheidszorg is het nodig het gesprek hierover te voeren. ln de Uitgangspuntennota 2026 is aangekondigd dat wij met de subregios en de betrokken partijen oplossingsrichtingen willen verkennen en uitwerken. Het algemeen bestuur van de GGD heeft daarop in februari 2025 ingestemd met een onderzoek naar een toekomstbestendige jeugdgezondheidszorg. Het onderzoek wordt onafhankelijk begeleid vanuit de gemeenten. Doel van het onderzoek Het doel van het onderzoek is te komen tot een advies om de jeugdgezondheidszorg op een toekomstbestendige manier in Noord- en Oost-Gelderland organiseren. ln het onderzoek staat centraal hoe de gemeenten hun inwoners het beste kunnen bedienen. Het onderzoek richt zich op drie scenarios: —

Voortzetten huidige situatie aan de hand van mogelijke verbeteringen.

—

lntegrale JGZ 0-1 8 bij een of meer private zorgorganisaties.

—

lntegrale JGZ 0-1 8 bij de GGD.

Fasering in het onderzoek Het onderzoek kent een fasering. ln de eerste fase wordt op hoofdlijnen vastgesteld hoe houdbaar de huidige situatie is en wat er nodig zou zijn om die situatie te optimaliseren. Dit leidt tot een (tussen)conclusie over de vraag of het zinvol is optimalisatie verder te onderzoeken. ln een tweede fase worden de 2 of 3 overblijvende scenarios onderzocht. oevolgen voor de GGD De besluiten die gemeenten nemen naar aanleiding van dit onderzoek naar een toekomstbestending jeugdgezondheidszorg hebben grote impact op de toekomstige rol en positie van de GGD. Voor ons is een ononderbroken jeugdgezondheidszorg voor 0-18 jaar in het belang van (de dienstverlening aan) kinderen/jongeren en hun ouders. Dat belang staat voorop. Eén uitvoeringsorganisatievoordejeugdgezondheidszorgvan 0-l8jaarvoorkomt concurrentie tussen organisaties bij het aantrekken van deskundige medewerkers in een fluctuerende arbeidsmarkt. Eén uitvoeringsorganisatie biedt ook meer mogelijkheden — en is daarmee aantrekkelijker — voor artsen en verpleegkundigen. Of de GGD uitvoering geeft aan jeugdgezondheidszorg of niet staat ook in verbinding met de andere taken van de Wet publieke gezondheid, zoals infectieziektebestrijding, publieke gezondheidszorgvoorasielzoekers, onderzoek, gezondheidsbevorderingen kinderopvang.

A1s uitvoerder van integrale jeugdgezondheidszorg kunnen wij proactief een rol vervullen als publieke organisatie in een veranderende wereld. Dankzij het brede spectrum kan de GGD dan ontwikkelingen in wijken en dorpen beter volgen en daar met kennis van de lokale situatie op

7

Openbeer

¡nspelen. Ook biedt het de capaciteit om direct en doortastend te kunnen handelen in crisissituaties. Zonder uitvoering van jeugdgezondheidszorg is de GGD voornamelijk een kennis- en netwerkpartner. Eén die goede adviezen levert aan lokale professionals van andere organisaties en die de verbinding kan leggen tussen verschillende organisaties.

4.

Voorbereiding op dreigende crises

Er is momenteel veel aandacht voor toenemende lokale, regionale en (inter)nationale risicos die te maken hebben met geopolitiek, klimaat en gezondheid. Deze risicos maken datvoorbereiding op een grootschalige en langdurige crisisaanpak nodig is. De Rijksoverheid zet samen met regionale en lokale overheden in op het vergroten van het veiligheidsbewustzijn en het versterken van de paraatheid voor een weerbare samenleving. Dit brengt een groter beroep op weerbaarheid en veerkracht van inwoners met zich mee. îegelijkertijd is de afstand van inwoners tot de overheid en publieke diensten toegenomen. Dat vraagtvoorzoweltaken binnen publiekegezondheid als binnen publiekeveiligheid een zoektocht naar nabijheid bij inwoners. Het is van belang dat publieke diensten zichtbaar zijn voor lokale gemeenschappen en nabij zijn bij die lokale gemeenschappen, met inbreng van expertise en autoriteit. De mate van nabijheid en zichtbaarheid van de GGD heeft invloed op de omvang en de aard van de rol die wij in het kader van weerbaarheid kunnen spelen. Reguliere crisistaken van de GGD zijn infectieziektebestrijding, psychosociale hulpverlening, medische milieukunde en gezondheidsonderzoek na rampen. Daarnaast kan de GGD een rol spelen in het versterken van de weerbaarheid en veerkracht van inwoners. Ook hebben wij opschalingscapaciteit die ingezet kan worden ten tijde van een crisis.

Daarbij valt te denken aan bijvoorbeeld artsen en verpleegkundigen, maar ook aan medewerkers in ondersteunende functies (communicatie, telefonie, ict, facilitair etc.). Wij hebben aandacht voor de training en opleiding van reguliere medewerkers, zodat zij snel en adequaat ingezet kunnen worden bij een crisis. De voorbereiding op crises wordt dus steeds belangrijker. Wij breiden de samenwerking met veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland daarom verder uit. Zowel op ambtelijk als bestuurlijk niveau zijn er goede contacten en er wordt steeds meer samengewerkt.

E:i Openbeer

5.

AanvuLLend Zorg- en WeLzijnsakkoord (AZWA)

Het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA) ¡s een recent akkoord, waarin overheid, zorg, welzijns- en maatschappelijke partijen afspraken maken om de zorg en welzijn beter toekomstbestendig te maken. AZWA is een aanvulling op het lntegraal Zorgakkoord (IZA) met als doel dit te verbreden, verdiepen en versnellen. De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en GGD GHOR Nederland hebben het AZWA medeondertekend. Raakvlak AZWA en publieke gezondheid ln het AZWA-akkoord staat beschreven dat gezondheid medebepalend is voor de mate waarin we kunnen meedoen in de maatschappij en hoe zelfredzaam we zijn. Roken, overgewicht, te weinig bewegen, eenzaamheid en mentale klachten hebben een grote impact op de gezondheid en daarmee op de ziektelast en zorgvraag. Het streven is een gezonde bevolking met zo min mogelijk sociaaleconomische gezondheidsachterstanden. Daarom moet er aandacht zijn voor preventie, een gezonde leefomgeving en een sterk sociaal netwerk. Samenwerking tussen het sociaal domein en de publieke gezondheidszorg is nodig om mensen gezond te houden en voor een gelijkwaardige toegang tot welzijn en zorg. Relevantie voor GGD en gemeenten GGD GHOR Nederland geeft aan dat een aantal specifieke onderdelen van het AZWA relevant zijn voor de publieke gezondheid, zoals: .

Medische preventie doorvaccinaties en screeningsprogrammas. De inrichting van basisfunctionaliteiten (onder andere de huidige GALA-ketenaanpakken) en een basisinfrastructuur in alle gemeenten, met daarbij de coördinerende rolvan de GGD in de regionale preventie- en kennisinfrastructuur op het gebied van gezondheid, waaronder de ketenaanpakken. De impuls voor Gezonde School en Nu Niet Zwanger.

.

Een betere aansluiting van de jeugdgezondheidszorg op andere netwerken.

.

GGD-medewerkers en JGZ-verpleegkundigen kunnen bijdragen aan inloopvoorzieningen sociaal en gezond, zodat inwoners laagdrempelig toegang hebben tot deze voorzieningen.

Uit deze voorbeelden wordt duidelijk dat er vanuit het AZWA ook van de GGD inzet wordt gevraagd. Deze inzet betreft onder meer een voortzetting van de coördinatie van regionale ketenaanpakken en verdere investeringen in Nu Niet Zwanger en Gezonde School. Ook is duidelijk dat eerder in deze Uitgangspuntennota genoemde ontwikkelingen (besparingen, toekomstbestendige Jeugdgezondheidzorg en voorbereiding op crises) van belang zijn voor de mate waarin en de wijze waarop wij aan deze inzet in het kadervan AZWA invulling kan geven. Het spreekt vanzelf dat de specifieke invulling van de rol van de GGD in nauwe samenspraak met de gemeenten moet plaatsvinden.

Openbeer

6.

Overige reLeva nte ontwikkeLingen

Hiervoor ¡s ¡ngegaan op enkele grote kwesties die voor GGD en gemeenten gevolgen hebben voor de komende jaren. Daarnaast zijn er enkele lopende ontwikkelingen waar aandacht voor wordt gevraagd, aangezien gemeenten hier mee te maken hebben of krijgen.

6.1.

Raadsadviescommissie

Artikel 24a, lid 1 van de Wet gemeenschappelijke regeling (Wgr) bepaalt dat het algemeen bestuur op voorstel van de raden van de deelnemende gemeenten gezamenlijk een gemeenschappelijke adviescommissie instelt. De wetgever beoogt hiermee een instrument te bieden om de democratische legitimiteit van de gemeenschappelijke regeling te versterken. lnstelling van een dergelijke adviescommissie vereist unanimiteit van alle deelnemende raden. Binnen de regio Noord- en Oost-Gelderland heeft een gemeente explicietverzocht om geen raadsadviescommissie in te stellen. Daarmee wordt niet voldaan aan de vereiste unanimiteit en kan geen formele raadsadviescommissie worden ingesteld. VNOG als voorbeeld veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland is gestart met een informele adviescommissie. Hiervoor is een werkwijze opgesteld. Deze is grotendeels gelijk aan het Reglement van Orde dat was opgesteld voor de formele gemeenschappelijke adviescommissie. De VNOG doet met de pilot ervaring op en dit wordt betrokken bij de evaluatie die gepland is in de eerste helft 2026. Wij kunnen hierbij aansluiten en hiervan leren. lndien de VNOG doorgaat met de informele adviescommissie kan ook onderzocht worden of het wenselijk is om een gezamenlijke raadsadviescommissie in te stellen.

Om die reden is het algemeen bestuurvoorgesteld de evaluatie van de gemeenschappelijke raadsadviescommissie van de VNOG af te wachten en daarna te onderzoeken of het aansluiten bij een informele gemeenschappelijke adviescommissie gezamenlijk met de VNOG tot de mogelijkheden behoort.

6.2.

Project kengetaLLen en indicatoren

Door verschillende raden is de afgelopen jaren gevraagd meer inzicht te bieden in de prestaties van de GGD. Hierdoor kan de raad de kaderstellende en controlerende rol op een goede wijze toepassen.

10

Openbeer

Wij hebben daartoe het project Kengetallen en ¡ndicatoren gestart. Dit project heeft als doel om de activiteiten van de GGD inzichtelijk te maken voor de gemeenteraden. Er is een werkgroep samengesteld, bestaande uit afgevaardigde ambtenaren uit iedere subregio. Via deze werkgroep wordt relevante informatie opgehaald bij de deelnemende gemeenten. De focus van de werkgroep ligt op de speerpunten uit de bestuursagenda. Binnen het project wordt een koppeling gelegd tussen onze producten en diensten en deze speerpunten. Voor deze producten en diensten worden kengetallen gedefinieerd en ontwikkeld. Deze kengetallen worden gepubliceerd op het Kompas volksgezondheid. Daarnaast wordt binnen het project een proces ingericht voor de continue doorontwikkeling en monitoringvan de kengetallen. De aansluitingvan de planning- en controlcyclus (P&C-cyclus) op dit proces valt buiten de kortetermijnscope van het huidige project, maar wordt gezien als een belangrijke doorontwikkeling voor de toekomst.

6.3.

WegvaLLen Medische Arrestantenzorg

ln vrijwel geheel Nederland heeft de politie de aanbesteding van de medische arrestantenzorg (MAZ) niet gegund aan de GGDen. Dit heeft invloed op de overige dienstverleningvan forensische geneeskunde en dan met name voor de 24/7-bezetting en de kosten voor lijkschouw. Hoewel nog een beroepsprocedure gaande is, zijn GGDen zich aan het voorbereiden op het scenario dat de MAZ wegvalt. Wij werken verschillende scenarios uit voor uitvoering van de taken voor lijkschouw (wettelijke taakvan gemeente die belegd is bij de GGD), de forensische medische expertise (FME is een plustaak) en de kosten hiervan. Samenwerking met de 5 GGDen in de regio Oost is hierin een belangrijk aspect om de 24/7-bezetting te borgen, mede met het oog op een chronisch tekort aan forensisch artsen. Landelijke publieke organisatie voor forensische geneeskunde De directeuren publieke gezondheid in Nederland hebben aangegeven dat de continuïteit van de publieke taakforensische geneeskunde in heel Nederland belangrijk is. Daarom gaan GGDen samenwerken om dit te borgen voor alle inwoners in de toekomst en zetten zij stappen om te gaan bouwen aan een landelijke publieke organisatie voor de forensische geneeskunde.

Elementen hierbij zijn onder meer landelijk werkgeverschap, landelijke sturing op dekking en continuïteit, aansluiting bij de wensen en behoeften van de opdrachtgevers en een governancemodel dat aansluit bij de publieke taak en bestuurlijke verantwoordelijkheden. Wat hiervan gerealiseerd gaat worden en welke consequenties dit gaat hebben voor onze GGD is nu nog moeilijk in te schatten. Uiteraard houden wij gemeenten van de ontwikkelingen op de hoogte. 11

Openbeer

6.4.

Vaccinatievoorziening voor voLwassenen

Een aantaljaren geleden ¡s ¡n een Uitgangspuntennota de opzetvan een vaccinatievoorziening volwassenen genoemd. Momenteel ligt dit vraagstuk opnieuwvoor, met het voornemen van het ministerie van VWS om hier opnieuw opdracht voor te verstrekken. Met de kennis en ervaringvan met name COVID-19 binnen de GGD, is het ookvoor ons een optie om een voorziening op te starten, gebruik makend van COVID-19-expertise. ln het verlengde van een vaccinatievoorziening speelt het Klantcontactcentrum (KCC). Hiervoor is binnen de GGD een tijdelijke voorziening ingericht die mogelijkerwijs uitgebreid en structureel kan worden opgezet. Dit zorgt voor een strakke regie op toeleiding voor vaccinaties en overig klantcontact. De mogelijkheden voor het opzetten van een vaccinatiecentrum voor volwassenen en een klantcontactcentrum worden in 2026 nader onderzocht, mits het ministerie van VWS hier opnieuw opdracht voor verstrekt.

7.

FinanciëLe kaders 2027

7.1.

lndexering 2027

lndexeringssystematiek Om de ontwikkelingvan de personele en materiële kosten van de GGD bij te blijven, worden de inwonerbijdragen van de gemeenten jaarlijks geïndexeerd. Het algemeen bestuur heeft in zijn vergadering van 21 november 2019 de indexeringssystematiek vastgesteld. Deze systematiek gaat uitvan: het basisjaar is het jaar van de begroting minus twee jaar; de indexcijfers uit de CPB-kortetermijnramingvan september; (NB Het CPB [Centraal Planbureau] publiceert alleen nog ramingen in september en maart. Voor de uitgangspuntennota maken we vanaf 2023 gebruik van de CPB-cijfers uit de septembercirculaire.) de verdeling van de kosten in 70% loonkosten (loonvoet sector overheid) en 30% materiële kosten (prijs overheidsconsumptie, netto materieel).

Mutaties inwonerbijdrage 2027 Het algemeen bestuur beslist in haarvergaderingvan 27 november 2025 over de uitvoeringvan het rijksvaccinatieprogramma. Een onderdeelvan dit besluit is de verhoging van de inwonerbijdrage van 2027.

12

Openbeer

De cao SGO 2025-2027 ¡s per 1 april 2025 ¡ngegaan. De loonsverhoging in deze cao is veel lager dan de loonindex die we hebben gebruikt bij het bepalen van de inwonerbijdrage in de programmabegroting 2025. De verwachting was dit in de CPB-kortetermijnraming van september 2025 werd rechtgetrokken. ln de ontwikkeling 2026 zien we echter slechts een kleine correctie van 0,3%. Dat is ruim minder dan het incidentele cao-voordeel zoals wij dit presenteren in onze rapportages. De huidige reiskostenregelingvan de GGD stamt uit 201 7. Vanuit GGD-medewerkers, Ondernemingsraad en de vakbonden in het Lokaal overleg zijn vragen gesteld over de regeling. De regeling is onder andere te ingewikkeld en niet alle kosten van medewerkers worden vergoed. Daarnaast is er ook een vraag om de regeling te vergroenen. Om tegemoet te komen aan de wensen van alle partijen willen wij de reiskostenregelingvan de GGD aanpassen. Deze ontwikkelingen zijn nog nietverwerkt in de berekeningvan de inwonerbijdrage 2027.

lndexering 2027 Op basis van de actuele informatie van het CPB is de indexering van de inwonerbijdragen van de deelnemende gemeenten voor het jaar 2027 berekend op 4,11%. De gebruikte indexcijfers zijn: .

Loonkosten

: 5,10% (loonvoet sector overheid septembercirculaire 2025)

.

Materiële kosten : 2,20% (prijs overheid consumptie netto materiaal septembercirculaire 2025).

De kosten van de GGD bestaan voor 70% uit loonkosten en 30% uit materiële kosten. De bovenstaande berekening leidt tot het volgende indexeringsvoorstelvoor de inwonerbijdrage voor de deelnemende gemeenten:

CI ,A,L.J] 1 111 [

L

loonkosten 0,7

* 4,80% + materiële kosten 0,3 * 2,50% = 4,11%.

De indexering leidt tot een inwonerbijdrage van € 11,595 per inwoner voor Publieke Gezondheid en € 12,809 per inwoner voorJeugdgezondheid. ln de bijlage op de volgende pagina staan de inwonerbijdragen per deelnemende gemeente. 13

Openbeer

BijLage: lnwonerbijdragen 2027 gemeenten

Aalten Berkelland

27.567 43.926

27.567 43.926

Bronckhorst Doetinchem

35.981

35.981

60.356 36.997 29.960

60.356 36.997 29.960

509.305 417.185 699.804

353.118 562.668

672.747 1.071.972

460.897 773.127

878.082 1.472.931

428.966 347.374

473.911 383.771

902.877 731.145

Winterswijk Regio Achterhoek

39.605 29.328 303.720

39.605 29.328 303.720

459.204

507.318

966.522

340.047 3.521.513

375.675 3.890.485

715.722 7.411.999

Apeldoorn Brummen

169.119 21.522

0 21.522

1.960.868 249.539

0 275.685

1.960.868 525.224

Epe

33.752

33.752

391.341

432.344

823.686

Hattem

12.815

12.815

148.585

164.153

312.738

Heerde Lochem

19.300 34.270

19.300 34.270

223.776 397.347

247.222 438.980

470.998 836.327

Voorst Korting Voorst

25.604

25.604

296.868 0

327.973 -8.777

624.841 -8.777

Zutphen

49.322

49.322

571.869

631.788

1.203.657

Regio Midden-lJsseL /Oost-VeLuwe

365.704

196.585

4.240.193

2.509.368

6.749.561

E1bu rg Ermelo

23.977 28.200

23.977 28.200

278.004 326.968

307.132 361.226

585.136 688.194

Harderwijk

50.496

50.496

585.481

646.826

1.232.307

Nunspeet Oldebroek

29.677 24.487

29.677 24.487

344.093 283.917

380.146 313.665

724.239 597.582

Putten

25.047

25.047

290.410

320.838

611.248

Regio Noord-VeLuwe

¡ Í: P:I:!

¡ Í: P:I:!

2.108.873

2.329.834

4.438.707

8.777

8.777

8.738.464

18.609.044

Montferland Oost Gelre Oude lisselstreek

319.628

KortingVoorst i.v.m. logopedie Totaal inwonerbijdrage

9.870.580

14

Openbeer

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://besluitvorming.doetinchem.nl/api/v1/meetings/8363/documents/51418