CConstaterende datDoetinchem
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Ruimtelijke onderbouwing - ZP Wehl v2.pdf

gemeenteraad 26 oktober 2023, gemeente DoetinchemBij agendapunt: 5: Ontwerp Verklaring van geen bedenkingen zonnepark Heislagseweg-Nieuwestraat22.264 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Op deze manier wordt de waterveiligheid in de omgeving verbeterd en de kans op overstromingen verminderd. Droogte Droogtestress wilt zeggen dat de grond te droog is waardoor het verkoelend effect van groen minder wordt. De Klimaateffectatlas geeft aan dat het gebied binnen en rond Zonnepark Heislagseweg Nieuwestraat (incl. waterberging) een lage kans (<10%) heeft op opbrengstderving door droogte. Het zonnepark in combinatie met de waterberging zal ook hier geen negatieve gevolgen voor hebben. Tussen de panelen worden schaduwminnende grassoorten gezaaid en zal het water extra lang worden vastgehouden in de waterberging.

Blad 28 van 67

Ruimtelijke onderbouwing Zonnepark Heislagseweg Nieuwestraat (incl. waterberging) projectnummer 0475122.100 10 mei 2023 revisie 03 Solar Provider Group B.V.

Figuur 3-1 Kans op opbrengstderving door droogte. Bron: Klimaateffectatlas.

Hitte Hitte kan verschillende negatieve effecten hebben op mens en natuur. Stijgende temperaturen door klimaatsverandering zorgen ervoor dat de gevoelstemperatuur in de zomer stijgt, voornamelijk in bebouwde gebied. Onderstaande figuren tonen de huidige gevoelstemperatuur en de toekomstige (2050) gevoelstemperatuur volgens de Klimaatatlas. We zien dat de huidige gevoelstemperatuur ligt rond de 38 graden en dat dit voor 2050 4 graden hoger zal zijn, rond de 42 graden. Door de komst van het zonnepark zal er ook extra bebouwing komen in dit gebied. De zonnepanelen worden warmer doordat het zonlicht erop valt, maar door de open ruimtes tussen en onder de panelen kan deze warmte worden afgevoerd. Door 1 meter vrije ruimte te laten is er voldoende ventilatieruimte zodat de zonnepanelen kunnen afkoelen en de productieverwachtingen nog kunnen waar maken.

Blad 29 van 67

Ruimtelijke onderbouwing Zonnepark Heislagseweg Nieuwestraat (incl. waterberging) projectnummer 0475122.100 10 mei 2023 revisie 03 Solar Provider Group B.V.

Figuur 3-2 Huidige en toekomstige gevoelstemperatuur. Bron: Klimaateffectatlas.

3.2.3

Gelders Energieakkoord (2015) In maart 2015 hebben ruim honderd partijen het Gelders Energieakkoord (GEA) ondertekend om van Gelderland in 2050 een klimaat neutrale provincie te maken. De gemeente Doetinchem is medeondertekenaar van het Gelders Energieakkoord. De GEA volgt het SER Energieakkoord: 16% duurzaam opgewekte energie in 2023 en jaarlijks 1,5% energiebesparing. Gedurende die transitieperiode zal Nederland immers nog steeds broeikasgassen in de atmosfeer brengen. Om minimaal 50% CO2 reductie in 2030 te bereiken, zullen de Gelderse ondertekenaars grote inspanningen moeten gaan leveren. Samen met andere regio's en nationale partners streeft Gelderland naar een CO2 reductie van meer dan 60% in 2030. Dat heeft een enorme impact op de economie, ruimte en sociaal/maatschappelijke werkelijkheid in de provincie. De 'Toekomstagenda Duurzaam Gelderland' is nadrukkelijk geen definitief, vaststaand gegeven maar een proces met een 'rollende agenda' waaraan de ondertekenaars de komende jaren zullen meewerken. Op basis van het GEA is een uitvoeringsplan opgesteld dat een groot aantal onderwerpen, acties en maatregelen omvat om de transitie naar een klimaat neutrale provincie te versnellen. Binnen de organisatie van het GEA vindt kennisdeling en samenwerking plaats en worden innovatieve ideeën uitgewerkt. De ontwikkeling van het zonnepark past binnen het thema 'zon' van het GEA.

Naast de strategie van zon op daken zullen initiatiefnemers versnelling brengen in de productie van hernieuwbare energie met grootschalige grondgebonden zonneparken. Zonneparken zullen dan ook een integraal onderdeel gaan vormen van het landschap. In het GEA wordt aangegeven dat er ook gedacht moet worden aan collectieve of bedrijfsmatige ontwikkeling van grootschalige grondgebonden zonneparken. Hiervoor kan gedacht worden aan initiatieven zowel binnen als buiten de bebouwde kom. Door landschappelijk inpassing kan het zijn dat velden niet te zien zijn in een gesloten landschap of juist laag in het zicht liggen in open landschappen.

Blad 30 van 67

Ruimtelijke onderbouwing Zonnepark Heislagseweg Nieuwestraat (incl. waterberging) projectnummer 0475122.100 10 mei 2023 revisie 03 Solar Provider Group B.V.

Relatie met de voorgenomen ontwikkeling De ontwikkeling van het zonnepark draagt bij aan de ambitie van de het Gelders Energieakkoord voor een klimaat neutrale provincie.

3.2.4

ZonneWIJzer – Gelders gebiedsgids voor zonnevelden De ZonneWIJzer is opgesteld op initiatief van de tafel ‘Ruimte van het Gelders Energieakkoord’ met provincie Gelderland als opdrachtgever. Het betreft een handreiking om tot een goed zonneveld te komen met handvatten voor goede ruimtelijke inpassing, rekening houdend met landschappelijke en ecologische karakteristieken. De ZonneWIJzer doet geen uitspraak of en waar zonnevelden moeten worden ontwikkeld, maar brengt in beeld hoe zonnevelden een plek kunnen krijgen in het stedelijk gebied, langs infrastructurele lijnen en in het landelijk gebied van Gelderland. Algemene aandachtspunten bij zonnevelden: • Oriëntatie van de zonnepanelen dient parallel aan de dominante landschappelijke structuur te gebeuren. • Bij situering van de panelen moeten rafelige randen worden voorkomen. • Door meervoudig ruimtegebruik toe te passen kan de gebruikswaarde en soms ook de belevingswaarde van een zonneveld worden vergroot. Relatie tot de voorgenomen ontwikkeling Door het zonnepark landschappelijk in te passen wordt aangesloten bij de kwaliteiten van het landschap. De zonnepanelen worden door middel van een grondwal aan het zicht onttrokken, waardoor de oriëntering van de panelen ten opzichte van de dominante landschappelijke structuur en het voorkomen van ‘rafelige randen’ minder van belang is.

Wel wordt meervoudig ruimtegebruik toegepast door de landschappelijke inpassing en het creëren van een waterberging. De inpassing van het zonnepark is in lijn met de ZonneWIJzer.

3.2.5

Regionale Energiestrategie (RES) Achterhoek De energietransitie is volop gaande, ook in de Achterhoek zijn er steeds meer initiatieven voor windturbines of zonnepanelen. Die vloeien voort uit het Akkoord van Groenlo waarin de Achterhoek de ambitie heeft uitgesproken om in 2030 energieneutraal te zijn. Daarnaast wordt elke regio vanuit het Landelijke Klimaatakkoord (2019) verzocht om een Regionale Energiestrategie (RES) op te stellen. Dit is een regionaal plan voor het opwekken van duurzame energie, dus met behulp van zon en wind. De RES is gebaseerd op de volgende kernwaarden: • We doen het samen: ‘samen d’ran’. • We gaan resultaatgericht, realistisch en zorgvuldig te werk. • We willen win-win situaties creëren. • De ambitie ‘Achterhoek energieneutraal 2030’ blijft centraal staan. Deze deelnemers van de RES Achterhoek hebben samen afgestemd in dat ze 1,35 terawattuur (TWh) willen bijdragen aan de landelijke opgave vanuit het Klimaatakkoord om in Nederland in 2030 35 TWh grootschalig met zon en wind op te wekken. Onder het motto ‘Samen d’ran’ worden belanghebbenden betrokken bij het RES-proces om samen te komen tot een gedragen en geaccepteerde RES.

Blad 31 van 67

Ruimtelijke onderbouwing Zonnepark Heislagseweg Nieuwestraat (incl. waterberging) projectnummer 0475122.100 10 mei 2023 revisie 03 Solar Provider Group B.V.

Relatie tot de voorgenomen ontwikkeling. De realisatie van een zonneveld draagt bij aan de doelstellingen voor de opwekking van duurzame energie in de RES-regio Achterhoek.

3.2.6

Achterhoeks koersdocument voor duurzame energie In het Achterhoekse koersdocument voor duurzame energie zijn uitgangspunten opgenomen voor diverse ontwikkelingen met betrekking tot duurzame energie. Hieronder zijn de uitgangspunten opgenomen die betrekking hebben op de realisatie van een zonnepark: 1. Bij initiatieven voor (nieuwe) duurzame energie opwekkingsprojecten wordt door de gemeenten aan de volgende randvoorwaarden getoetst: • iedereen die het project aangaat, in het bijzonder lokale bewoners en bedrijven, is optimaal geïnformeerd en betrokken bij het initiatief, het ontwerp, de ontwikkeling en de exploitatie van het project. Betrokkenheid impliceert dus vooral ook de mogelijkheid om invloed uit te oefenen op de keuzes bij de projectontwikkeling. • de revenuen en effecten van het project zijn voor alle betrokkenen zo optimaal mogelijk. Om dit waar te maken is inzicht nodig in de geldstromen aan al de bij 1 genoemde betrokkenen. • binnen het project is gestreefd naar maximale deelname van het regionale bedrijfsleven (tegen marktconforme condities). • N.B. De mate van toepassing van dit uitgangspunt moet evenredig in verhouding staan tot de omvang en impact van een project. 2.

Ten behoeve van de realisatie van duurzame energie projecten worden geen bomen, struiken of houtwallen gekapt om het rendement te optimaliseren tenzij kap en/of herplant geen (cultuurhistorische) waardevermindering van het landschap met zich meebrengt dan wel dit juist zelfs ten goede komt aan de kwaliteit van het gebied dan wel de cultuurhistorische waarden. 3. De meest actuele gedragscode voor acceptatie en participatie is (voor zover mogelijk) van toepassing bij de realisatie van grootschalige zonnevelden vanaf 2,5 hectare. 4. Zonnevelden zijn niet toegestaan op essen in een grootschalig open landschap vanwege de hoge cultuurhistorische waarde. 5. Bij gebruik van agrarische grond voor zonnevelden zijn de Achterhoekse gemeenten voorstander van meervoudig ruimtegebruik door het zonneveld met agrarische functies te combineren. 6. De Achterhoekse gemeenten stellen voor de volgende locaties aan te wijzen als gebieden waarop de plaatsing van zonnepanelen > 2,5 ha. uitgesloten is, tenzij er bijzondere omstandigheden zijn om ze alsnog toe te staan: • landschappen, die zijn gewaardeerd als ‘hoog’ en ‘zeer hoog’; • in het voorerfgebied van beschermde stads- en dorpsgezichten en monumenten; • begraafplaatsen; • beschermde historische park- en tuinen; • in Natura 2000-gebieden (tenzij voor eigen gebruik terreinbeheerder); • uiterwaarden; • essen en dekzandruggen;

Blad 32 van 67

Ruimtelijke onderbouwing Zonnepark Heislagseweg Nieuwestraat (incl. waterberging) projectnummer 0475122.100 10 mei 2023 revisie 03 Solar Provider Group B.V.

• • •

in het Gelders Natuur Netwerk (GNN) vanwege aantasting van actuele en potentiële natuurwaarden, (hier geldt de natuur compensatieverplichting); gronden met de bestemming natuur vanwege aantasting van actuele en potentiële natuurwaarden; in gebieden met een hoge grondwaterstand te weten grondwatertrap I, II of III vanwege aantasting van actuele en potentiële natuur- en landschapswaarden.

Relatie tot de voorgenomen ontwikkeling. De ontwikkeling draagt bij aan de duurzame doelstelling, door middel van het opstellen van een landschappelijke inpassingsplan, door een zorgvuldige plaatsing van de panelen, rekening houdend met het landschap en communicatie en (financiële) participatieplan wordt voldaan aan de randvoorwaarden.

3.2.7

Structuurvisie nieuwe stijl Regio Achterhoek; speerpunten voor het regionale ruimtelijk beleid Achterhoek 2011-2020 In maart 2010 is in het bestuurlijk overleg afgesproken om een gezamenlijke visie op de ruimtelijke ontwikkeling van de regio Achterhoek op te stellen. De Achterhoek kiest hierin nadrukkelijk voor een bijdrage aan duurzame energieproductie. De Achterhoek heeft ambities om tot een 50% reductie van CO2 uitstoot in 2020 te komen en uiteindelijk tot een 100% duurzame energieopwekking. Dit is neergelegd in ‘Het akkoord van Groenlo’. De Achterhoek maakt daarbij met name de keuze voor biogas en zonne-energie. De verschillende landschapstypen binnen de Achterhoekse gemeenten vormen een leidraad voor de toekomstige ontwikkeling van de Achterhoek. Deze eigenschappen per landschapstype kunnen worden vertaald naar beleids- en inrichtingsprincipes voor de inpassing van nieuwe functies. Het projectgebied is gelegen in het landschapstype ‘heide-ontginningen’ Dit gebied wordt gekenmerkt als een gebied met een grote mate van openheid en langvormige structuren. Incidenteel komen er lijnvormige landschapselementen voor. Het landschap is in hoge mate van evenwicht, en het streven is ook gericht op het behouden van het totale beeld.

Er wordt gestreefd naar het behouden van het totale beeld waarbij nieuwe ontwikkelingen met de grootst mogelijke zorgvuldigheid worden ingepast, op basis van een landschappelijke visie op het heide-ontginningslandschap als geheel. Relatie met voorgenomen ontwikkeling De ontwikkeling van het zonnepark draagt bij aan de ambitie voor 100% duurzame energieopwekking. Daarbij wordt het zonnepark landschappelijk ingepast, waarbij de bestaande landschapselementen worden behouden.

3.3

Gemeentelijk beleid Doetinchem

3.3.1

Structuurvisie Doetinchem 2035 Op 26 september 2013 heeft de gemeenteraad van Doetinchem de Structuurvisie Doetinchem 2035 vastgesteld. Deze structuurvisie schetst een beeld van de huidige ruimtelijke situatie en gaat

Blad 33 van 67

Ruimtelijke onderbouwing Zonnepark Heislagseweg Nieuwestraat (incl. waterberging) projectnummer 0475122.100 10 mei 2023 revisie 03 Solar Provider Group B.V.

zowel in op de kwaliteiten als op onderdelen waar verbeteringen denkbaar zijn. Er worden ruimtelijke kaders geschetst waarbinnen de gemeente Doetinchem de komende jaren wil werken.

Figuur 3-3: Structuurvisie Doetinchem - 2013, Plankaart: 'Beleef het land'. Bron: Ruimtelijke plannen.nl.

Op de locatie geldt de overkoepelende opgave ‘Beleef het land’. Doelstelling van deze opgave is het behoud en de versterking van bestaande landschapskarakteristieken. Binnen het gevarieerde landschap moet er extra aandacht komen voor de cultuurhistorische parels. Dit samenspel kan de attractiviteit van het buitengebied verder vergroten. Door gebruik te maken van de grote verschillen in het landschap, wordt het mogelijk om functies onder te brengen in de gebieden die zich daar het beste voor lenen. Een recreatief netwerk verbindt in deze ambitie de uiteenlopende kwaliteiten met elkaar.

Blad 34 van 67

Ruimtelijke onderbouwing Zonnepark Heislagseweg Nieuwestraat (incl. waterberging) projectnummer 0475122.100 10 mei 2023 revisie 03 Solar Provider Group B.V.

Figuur 3-4: Thema 'Beleef het land', locatie van het projectgebied aangegeven in het rood (Bron: Structuurvisie Doetinchem 2035).

Binnen de structuurvisie is de link gelegd naar het 'Akkoord van Groenlo (2009)'. Daarin is een aantal uitgangspunten vastgesteld voor de aanpak van duurzame energiewinning. De gemeente Doetinchem heeft zich via dit akkoord verbonden aan de afspraak om net als de andere gemeenten 30.000 m2 aan zonnepanelen te realiseren. De realisatie van het beoogde zonnepark draagt bij aan die afspraak. Relatie met de voorgenomen ontwikkeling In de structuurvisie 'Doetinchem 2035' wordt voor zonne-energie aangegeven dat de gemeente Doetinchem zich verbonden heeft met het 'Akkoord van Groenlo (2009)' om 30.000m 2 aan zonnepanelen te realiseren. Het voorgenomen plan draagt bij aan deze doelstelling.

3.3.2

Landschapsontwikkelingsplan+ voor Doetinchem, Montferland en Oude IJsselstreek - ‘Van nieuwe noabers en brood op de plank’ (2008) In 2008 hebben de gemeenten Oude IJsselstreek, Doetinchem en Montferland een gezamenlijk landschapsontwikkelingsplan (LOP+) opgesteld met als doel om op korte en lange termijn te investeren in de kwaliteit van het landschap. Hierin hebben zij vastgelegd hoe zij het historisch cultuurlandschap willen beschermen, waar nodig verbeteren en ook bruikbaar maken. Het doel van de LOP+ is de inrichting van het gebied vorm te geven. Het stimuleert gewenste ontwikkelingen, zoals het aanleggen en beheren van landschapselementen, het realiseren van ecologische verbindingszones en het tegengaan van ongewenste ontwikkelingen zoals verrommeling van het landschap.

Blad 35 van 67

Ruimtelijke onderbouwing Zonnepark Heislagseweg Nieuwestraat (incl. waterberging) projectnummer 0475122.100 10 mei 2023 revisie 03 Solar Provider Group B.V.

Figuur 3-5: Kaart Rondom de Stad Doetinchem, de locatie van het zonnepark valt binnen 6 'Het broekgebied ten westen van de stad’ (Bron: Van nieuwe naobers en brood op de plank, 2008).

In de LOP+ is het projectgebied opgenomen in het deelgebied ‘het broekgebied ten westen van de stad Doetinchem’. Dit gebied vormt een mozaïek van broeklanden en hoger gelegen akkers, slingerende wegen en overal restanten van oude landschapselementen. Als stedelijk uitloopgebied biedt het tal van aanknopingspunten om het cultuurlandschap te verbeteren door beter beheer en herstel van het netwerk van landschapselementen en recreatieve paden. Relatie met de voorgenomen ontwikkeling De ontwikkeling van het zonnepark zal landschappelijk worden ingepast, zodat de karakteristieken van het bestaande landschap kunnen worden behouden.

3.3.3

Doetinchem Natuurlijk Duurzaam Op 18 februari 2016 heeft de gemeenteraad het koersdocument Doetinchem Natuurlijk Duurzaam vastgesteld. In het koersdocument staat beschreven wat duurzaamheid voor Doetinchem betekent, welke middelen de gemeente inzet en welke doelen de gemeente heeft om onze duurzaamheidsambities te behalen. Voor Doetinchem komt duurzaamheid terug op de

Blad 36 van 67

Ruimtelijke onderbouwing Zonnepark Heislagseweg Nieuwestraat (incl. waterberging) projectnummer 0475122.100 10 mei 2023 revisie 03 Solar Provider Group B.V.

beleidsvelden energie, natuur, klimaat, circulaire economie, mobiliteit en duurzame producten en diensten. De gemeente zet zichzelf in als verbinder die andere partijen ondersteunt en enthousiasmeert bij hun duurzame initiatieven. Met het koersdocument legt de gemeente de focus voornamelijk op het terrein van energie. Doetinchem wil, samen met de andere Achterhoekse gemeenten, in 2030 energieneutraal zijn. Dit doet de gemeente door zowel energie te besparen als schone energie op te wekken. De gemeente ziet het als taak om deze energietransitie te faciliteren en te stimuleren. Daarbij wil de gemeente het goede voorbeeld geven en de te banen wegen vrijmaken. Wat betreft de energiebesparing richt de gemeente zich voornamelijk op de bestaande woningvoorraad en het bedrijfsleven. De gemeente informeert en zorgt voor subsidieregelingen of leningen. Wat betreft energieopwekking zijn zon, biomassa en ook wind kansrijke duurzame energiebronnen. In theorie kan elk gebouw voorzien in zijn eigen duurzame energieopwekking. Daar waar dit niet mogelijk is bieden collectieve duurzame energievoorzieningen het alternatief. Ongebruikte bouwgronden kunnen, al dan niet in samenwerking met omwonenden, geschikt gemaakt worden voor grootschalige opwek van zonne-energie.

Relatie met voorgenomen ontwikkeling De ontwikkeling van het zonnepark draagt bij aan de ambitie voor energieneutraliteit in de gemeente Doetinchem. Daarnaast zijn omwonenden meegenomen in het proces van de ontwikkeling van het zonnepark.

3.3.4

Duurzame energieopwekking in Doetinchem; Ruimtelijk-maatschappelijk beleidskader In februari 2016 heeft de gemeenteraad het Koersdocument Doetinchem Natuurlijk Duurzaam vastgesteld. In dit document heeft de gemeente de focus gelegd op het thema energie met als doel om in 2030 energieneutraal te zijn. Vervolgens is er een interactief traject gestart met inwoners en belanghebbenden en heeft het koersdocument uiteindelijk geleidt tot het beleidsdocument ‘Duurzame energieopwekking in Doetinchem’ opgesteld om kaders te bieden aan ontwikkelingen teneinde de gemeente in 2030 geheel in eigen energiebehoefte op duurzame wijze te voorzien. De beleidsnotitie is uiteindelijk in de raad van 25 april 2019 vastgesteld. “Volgens ons is de eerste stap de kaders vast te stellen waaraan de opwekking van duurzame energie moet voldoen. In dit plan zijn de uitgangspunten geschetst. Wij vinden het belangrijk dat opwekkingsinitiatieven samen met belanghebbenden vormgegeven worden, waarbij ruimte geboden wordt aan medezeggenschap. We willen dat onze inwoners meeprofiteren van de kansen en opbrengsten. Ook willen we een eerlijke verdeling van deze lusten. De lusten kunnen in verschillende vormen tot uiting komen en van meerwaarde zijn voor mens of landschap. Daarbij blijven we als gemeente oog houden voor onze landschappelijke cultuurhistorische waarden.

Waar nodig herstellen we deze en indien mogelijk gaan we voor versterking.” De uitgangspunten die worden geschetst zijn als volgt: • Uitgangspunt 1: Alle bronnen en vormen van duurzame energieopwekking zijn nodig; • Uitgangspunt 2: Initiatieven voor grootschalige duurzame energieopwekking worden samen met de omgeving en belanghebbenden vormgegeven;

Blad 37 van 67

Ruimtelijke onderbouwing Zonnepark Heislagseweg Nieuwestraat (incl. waterberging) projectnummer 0475122.100 10 mei 2023 revisie 03 Solar Provider Group B.V.

•

Uitgangspunt 3: Initiatieven voor grootschalige duurzame energieopwekking worden landschappelijk ingepast

Ad 1. Bij de realisatie van duurzame energiebronnen heeft het de voorkeur eerst naar de beschikbare ruimte op daken te kijken. Dan naar locaties die dubbel gebruikt kunnen worden, en naar inefficiënt gelegen en slechte landbouwgronden. En dan pas andere gronden. Met alleen het gebruik van beschikbare ruimte in stedelijk gebied is er onvoldoende ruimte om de benodigde energie op te wekken. Omdat er ook ruimte moet zijn voor de landbouw om zich te ontwikkelen worden initiatieven in het Gelders Natuur Netwerk in principe niet toegestaan en is er een maximum van 3% aan het gebruik van landbouwgronden voor grootschalige zonneparken gesteld. Ad 2. De gemeente wil voorkomen dat inwoners geconfronteerd worden met een locatie die al vast ligt, een definitieve invulling en een inrichting waar weinig of geen invloed meer op uit te oefenen is. Afstemming is belangrijk. De gemeente wil ook een eerlijke verdeling van de lusten. Samenwerken met de omgeving en belanghebbenden en het daarbij bieden van ruimte voor lokaal medezeggenschap is een vereiste bij alle grootschalige duurzame initiatieven.

Als voorwaarden hierbij wordt dan ook gesteld dat: • initiatieven voor grootschalige duurzame energieopwekking tot stand komen middels een door de initiatiefnemer, in samenwerking met omwonenden en belanghebbenden opgesteld participatieplan; • initiatieven voor grootschalige duurzame energieopwekking voor minimaal 50% opengesteld worden voor medezeggenschap door de omgeving. Ad 3. Afhankelijk van de omvang van een initiatief en de locatie moet een inrichtingsplan worden gemaakt dat aansluit op het gebied en met experts en omwonenden en belanghebbenden is afgestemd. Door met de ontwikkeling van duurzame initiatieven ook ruimtelijke kwaliteit toe te voegen in een gebied wordt de acceptatie voor het initiatief vergroot. Als voorwaarden die hierbij gesteld worden zijn: • bij het ontstaan van een grote concentratie zonnevelden vraagt biodiversiteit en ruimte voor landbouw een specifieke afweging; • geen onherstelbare schade aan het landschap; • landschappelijk goed ingepast. Bronnen van duurzame energieopwekking Zonneparken worden gezien als grootschalige bron van duurzame energie. In de gemeente mag maximaal 3% van het landbouwgrond gebruikt worden voor zonneparken. Daarnaast zijn zonneparken niet toegestaan in gebieden die onderdeel uitmaken van het Gelders Natuurnetwerk en dienen landschappelijk te worden ingepast.

De meeste mogelijkheden voor zonnevelden liggen in het buitengebied. Maar ook langs infrastructuur en op bedrijventerreinen en woonwijken die in (her)ontwikkeling zijn en waarvan de ontwikkeling nog een lange tijd duurt, zijn mogelijkheden voor een zonneveld. Combineren van zon en wind Zon en wind zijn complementair aan elkaar. De duurzame energiebronnen vullen elkaar aan omdat over het algemeen meer zonne-energie wordt opgewekt wanneer de wind niet waait, en juist windenergie wordt opgewerkt wanneer er minder zon is. Hierbij kan gedacht worden aan seizoensverschillen, maar ook verschillen tussen dag en nacht. Door gebruik te maken van

Blad 38 van 67

Ruimtelijke onderbouwing Zonnepark Heislagseweg Nieuwestraat (incl. waterberging) projectnummer 0475122.100 10 mei 2023 revisie 03 Solar Provider Group B.V.

verschillende energiebronnen is er een gelijkmatiger aanbod van energie op het net en is de energievoorziening minder kwetsbaar. Daarom wordt verwacht dat bij grootschalige initiatieven te mogelijkheden tot combineren worden overwogen. Energieopslag Opslag van energie is ook een belangrijke schakel voor meer balans op het netwerk. Hiervoor zijn verschillende opslagvormen die allen hun specifieke voor- en nadelen hebben. Naast het rendement zijn prijs en technische haalbaarheid belangrijk om een opslagmethode te beoordelen. Ook de huidige wet- en regelgeving speelt hierin een rol. De gemeente Doetinchem wil ontwikkelingen en innovaties op het gebied van (nieuwe) opslagsystemen de ruimte bieden, en vraagt daarom aandacht voor opslag bij elk nieuw grootschalig initiatief. Participatie De ontwikkelingen dienen tot stand te komen middels een door de initiatiefnemer opgesteld participatieplan, in samenwerking met omwonenden en belanghebbenden. Hierin wordt vastgelegd welke (mate van) betrokkenheid en invloed alle belanghebbenden hebben tijdens het proces van ontwikkeling tot exploitatie van een initiatief. Het participatieplan is gedurende het proces dynamisch. De initiatiefnemer is hierbij primair verantwoordelijk voor de communicatie rondom het project. De overheid is primair verantwoordelijk voor de communicatie rondom de ruimtelijke procedures.

Onderdelen van het proces(participatieplan) zijn discussie- en informatieavonden en ontwerp ateliers waarbij belanghebbenden hun wensen kenbaar kunnen maken en inbreng hebben op het ontwerp. Lokaal eigenaarschap is het streven van de gemeente Doetinchem. Individuele burgers dienen de kans te krijgen door middel van eigendom (en zeggenschap) financieel deel te nemen in de ontwikkeling van een grootschalige duurzame energiebron. Naast mede-eigenaarschap kan ook financieel deel worden genomen middels aandelen of obligaties of andere financiële voordelen. De oprichting van een lokaal fonds behoort ook tot de mogelijkheden, zeker in landschappelijk zeer waardevol gebied. Daarnaast bestaat ook de mogelijkheid voor een omwonendenregeling, waarbij omwonenden in een bepaalde straal korting op groene stroom kan worden aangeboden of een andere regeling met betrekking tot individueel verbruik. In alle gevallen is het van belang dat alle belanghebbenden inzicht hebben in de geldstromen en dat de businesscase transparant is. Het is belangrijk dat inwoners zowel bij de ontwikkeling als de exploitatie van energieopwekkingsprojecten worden betrokken. Om tot een “gelijkwaardige” samenwerking te komen stelt de gemeente Doetinchem de eis dat duurzame energieopwekkingsprojecten minimaal 50% opengesteld worden voor medezeggenschap door de omgeving.

Uit onderzoeken blijkt projecten die middels participatie vorm hebben gekregen een grotere slagingskans hebben, waarvoor meer acceptie en draagvlak is en waarvan de rendementen in de omgeving blijven. Ook is hiermee beter te borgen dat de opgewekte duurzame energie in de regio blijft. Ook wordt verwacht dat deze eis een positieve invloed heeft op werkgelegenheid en kennisontwikkeling.

Blad 39 van 67

Ruimtelijke onderbouwing Zonnepark Heislagseweg Nieuwestraat (incl. waterberging) projectnummer 0475122.100 10 mei 2023 revisie 03 Solar Provider Group B.V.

Landschappelijke inpassing zonneparken In het gemeentelijke beleidsdocument ‘Duurzame energieopwekking in Doetinchem’ is benoemd dat bij het realiseren van duurzame energiebronnen het de voorkeur heeft eerst te kijken naar de beschikbare ruimte op daken. Dan te kijken naar locaties die dubbel gebruikt kunnen worden (denk aan overkapping van parkeerterreinen, combinaties met waterberging, ruimte langs infrastructuur braakliggende terreinen, etc.) en gronden welke in aanmerking komen voor natuurontwikkeling en inefficiënt gelegen en slechte landbouwgronden. En pas dan andere gronden in aanmerking te laten komen. Dit is een vergelijkbare strategie met de Zonneladder zoals beschreven in paragraaf 3.1.1 van deze Ruimtelijke Onderbouwing. Voor zonneparken gaat het in eerste instantie om inpassing in een bestaand landschap, waarbij karakteristieken behouden of zelfs versterkt kunnen worden. Uitgangspunten hierbij zijn: • Bedenk vooraf welke uitstraling past bij de omgeving, industrieel of landschappelijk. • Volg de hoofdrichting in het landschap. • Gebruik de gebiedseigen landschapselementen en beplantingen. • Benut de kans om de landschapsstructuur te herstellen of versterken. • Gebruik de patronen, maat en schaal van de verkaveling als grondslag voor de opstelling.

Relatie met voorgenomen ontwikkeling Door middel van de volgende maatregelen wordt voldaan aan de voorwaarden van het beleidskader. De ontwikkeling van het zonnepark draagt bij aan de ambitie voor energieneutraliteit in de gemeente Doetinchem. De ontwikkeling vindt niet plaats binnen gebieden die vallen onder het Gelders Natuurnetwerk. Combinatie zon met wind Wind en zon zijn complementair aan elkaar zijn. De duurzame energievormen vullen elkaar aan, ook op aansluiting. Door gebruik te maken van verschillende energiebronnen, is er een gelijkmatiger aanbod van energie op het net en is de energievoorziening minder kwetsbaar. Er is door de initiatiefnemer gekeken of er windmolens in de omgeving worden ontwikkeld, maar dat is niet het geval. Voorlopig kan er dus geen combinatie worden gemaakt tussen zon en wind. Energieopslag Opslag van energie zal in de toekomst een belangrijke schakel zijn voor meer balans op het netwerk. Zowel opslag in accu’s aan huis, al dan niet met behulp van een elektrische auto, als op grote schaal door bijvoorbeeld het omzetten van energie in waterstof. Elke opslagvorm heeft zijn voor- en zijn nadelen. Naast het rendement zijn prijs en technische haalbaarheid belangrijk om een opslagmethode te beoordelen. Veel technologieën voor opslag en omzetting zijn nog erg duur, danwel hebben last van huidige wet- en regelgeving.

De gemeente ziet op dit moment duidelijk dat voor energieopslag nog geen echt goede kant en klare oplossing is. De gemeente vindt het van belang om ontwikkelingen en innovaties de ruimte te bieden om te komen tot (nieuwe) opslagsystemen. Bij het zonnepark van SPG zal batterijopslag worden toegevoegd aan de technische voorzieningen. Communicatie en participatie Voor de ontwikkeling van het zonnepark is het “Communicatie- en participatieplan Zonnepark Doetinchemseweg” opgesteld (Solar Provider Group, december 2022). Hierin is een

Blad 40 van 67

Ruimtelijke onderbouwing Zonnepark Heislagseweg Nieuwestraat (incl. waterberging) projectnummer 0475122.100 10 mei 2023 revisie 03 Solar Provider Group B.V.

stakeholderanalyse opgenomen, waarbij contact is gezocht met de omwonenden en andere belanghebbenden en een eerste inventarisatie is gemaakt van de verschillende belangen. Middels een stakeholderdossier worden de lopende contactmomenten en afspraken vastgelegd. Ook zijn er verschillende thema’s vastgesteld, waarbij lokaal thema’s spelen zoals zichthinder, geluidshinder en landschappelijke inpassing. Het participatietraject bestaat uit vier verschillende fasen, dit zijn i) voorbereiding, ii) uitwerking, iii) realisatie en iv) exploitatie (zie figuur 3-6). In elke fase wordt gebruik gemaakt van verschillende soorten sessies (zie figuur 3-7). Het uiteindelijke aantal sessies wordt altijd specifiek aangepast naar de behoefte van de omgeving. Tijdens elke sessie wordt op een ander niveau geparticipeerd. De eerste haal-, breng- en werksessies hebben reeds plaatsgevonden en staan beschreven in het participatieplan.

Figuur 3-6: Vier fase aanpak. Bron: Solar Provider Group B.V.

Figuur 3-7: De verschillende soorten sessies. Bron: Solar Provider Group B.V.

Financiële participatie Verder is er voor dit plan ook mogelijkheid tot financiële participatie. 1. Allereerst spant de initiatiefnemer zich, zolang de realisatie van het project nog niet is voltooid, maximaal in om de lokale omgeving rechtstreeks financieel te laten participeren in het project tot 50% van de investeringswaarde van het project, via een (al dan niet nog op te richten) lokale

Blad 41 van 67

Ruimtelijke onderbouwing Zonnepark Heislagseweg Nieuwestraat (incl. waterberging) projectnummer 0475122.100 10 mei 2023 revisie 03 Solar Provider Group B.V.

energiecoöperatie en daartoe een omgevingsovereenkomst aan te gaan. Via deze vorm van directe participatie worden de (lokale) investeerders direct (deels) eigenaar van het project middels de verkrijging van aandelen in de projectvennootschap door de energiecoöperatie. Deelname in de projectvennootschap zal kunnen geschieden op basis van de intrinsieke waarde van de aandelen, eventueel te vermeerderen met een redelijke risico-opslag, en naar evenredigheid van het aandelenbezit. De initiatiefnemer zal voorafgaand aan de realisatie van het project samenwerken met lokale belanghebbenden en coöperaties (indien aanwezig) om lokaal mede-eigendom of zeggenschap mogelijk te maken. Tevens onderzoekt de initiatiefnemer in samenwerking en afstemming met de gemeente of bij de inwoners van de gemeente Doetinchem (in de eerste plaats bij de direct omwonenden) voldoende belangstelling is voor lokaal eigenaarschap. Met de energie coöperatie Wehlse Broek zijn al geruime tijd gesprekken gaande over het inrichtingen van een samenwerken. Wij werken nu naar een intentieovereenkomst toe. 2. Donatie: indien lokaal eigenaarschap, zoals hiervoor omschreven, niet mogelijk blijkt, biedt de initiatiefnemer mogelijkheid om een donatie te doen. Deze donatie kan in de vorm van geld of in de vorm van zonnepanelen voor een lokaal gemeenschapsgebouw, zoals een school.

Per megawattuur (MWh) opwek wordt 0,45 euro (vijfenveertig eurocent) gedoneerd gedurende de looptijd van de SDE. In plaats van de donatie gedurende de looptijd van de SDE, kan de initiatiefnemer eenmalig vooraf een donatie doen. Bij een eenmalige donatie wordt het bedrag verdisconteerd op basis van de dan gangbare disconteringsvoet. 3. Obligaties: indien lokaal eigenaarschap, zoals hiervoor omschreven, niet mogelijk blijkt en indien onvoldoende belangstelling bestaat voor de donatie zoals hiervoor omschreven, zullen via een online platform (bijvoorbeeld duurzaaminvesteren.nl of zonnepanelendelen.nl) obligaties uitgegeven worden aan de inwoners van de gemeente Doetinchem (in de eerste plaats bij de direct omwonenden). De financiële constructie zoals die is gebruikt voor het windpark Den Tol te Netterden dient daarbij als voorbeeld, waarbij lokale omwonenden de eerste kans kregen te investeren tegen een iets hoger rendement en er tevens een donatie werd gedaan. Landschappelijke inpassing Tot slot wordt het zonnepark landschappelijk ingepast. Het behouden en het versterken van de ruimtelijke kwaliteit staan centraal in de ontwikkeling, waarbij gebruik wordt gemaakt van gebiedseigen landschapselementen en beplantingen. Zie voor een uitgebreide beschrijving van de landschappelijke inpassing hoofdstuk 2.3.

Zie voor het kader met betrekking tot het gebruik van landbouwgronden paragraaf 3.1.1.

Blad 42 van 67

Ruimtelijke onderbouwing Zonnepark Heislagseweg Nieuwestraat (incl. waterberging) projectnummer 0475122.100 10 mei 2023 revisie 03 Solar Provider Group B.V.

4

Milieu- en omgevingsaspecten

4.1

Archeologie en cultuurhistorie Kader De Erfgoedwet bevat de geldende wet- en regelgeving voor behoud en beheer van het cultureel erfgoed in Nederland. De wet regelt tevens de bescherming van archeologisch erfgoed in de bodem. De uitvoering van de Erfgoedwet en de integratie van archeologie en ruimtelijke ordening is primair een gemeentelijke opgave. De gemeente is verplicht om in nieuwe bestemmingsplannen rekening te houden met de mogelijke aanwezigheid van archeologische waarden. Dit volgt uit een wijziging van het Besluit ruimtelijke ordening en maakt onderdeel uit van de modernisering van de monumentenzorg. De Erfgoedwet is een voorloper op de Omgevingswet. Toetsing Archeologie Ten behoeve van de voorgenomen ontwikkeling zijn diverse archeologische onderzoeken uitgevoerd. De bevindingen uit de onderzoeken zijn hieronder toegelicht. Archeologisch bureauonderzoek2 Op de gemeentelijke beleidsadvieskaart heeft het terrein een middelmatige verwachting (figuur 41). Het beleid voor terreinen met een middelmatige verwachting is dat bij bodemverstoringen vanaf 1000 m2 en een diepte van meer dan 0,3 m -mv archeologisch onderzoek noodzakelijk is. Dit komt overeen met de geldende dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologische verwachting 5’. Vlakbij het projectgebied ligt een bekende archeologische vindplaats, die ook op de kaart is aangegeven.

De vrijstellingsgrenzen voor vindplaatsen met de attentiezone eromheen zijn 100 m 2 en 0,3 m -mv. Ook dit komt overeen met het bestemmingsplan, waarvoor op deze locatie een ‘Waarde – Archeologische verwachting 2’ geldt. In het projectgebied geldt een archeologische verwachting op resten uit de steentijd tot en met de late middeleeuwen. De hoogste verwachting geldt echter op vondsten uit het neolithicum t/m de late middeleeuwen, gebaseerd op de kennis die is verkregen uit de onderzoeken die in de directe omgeving van het projectgebied uitgevoerd zijn. Op basis van het historisch kaartmateriaal zijn waarschijnlijk geen (bewonings)resten uit de nieuwe tijd te verwachten. Hooguit kunnen resten van agrarische activiteit worden verwacht uit deze periode. Uit het paleolithicum tot en met het laat neolithicum kunnen resten verwacht worden die samenhangen met de mobiele leefwijze van de mens, zoals kleine kampementen die slechts tijdelijk en/of periodiek bewoond werden. Dergelijke vindplaatsen zijn te herkennen aan vuursteenconcentraties en haardkuilen.

2

Antea Group (december 2022). Bureauonderzoek Kruising Heislagseweg Nieuwestraat te Wehl (gemeente Doetinchem).

Blad 43 van 67

Ruimtelijke onderbouwing Zonnepark Heislagseweg Nieuwestraat (incl. waterberging) projectnummer 0475122.100 10 mei 2023 revisie 03 Solar Provider Group B.V.

Figuur 4-1: Verwachtingskaart archeologie van de gemeente Doetinchem (bron Willemse et al., 2019 in Archeologisch bureauonderzoek Antea Group, 2022).

Vanaf het laat-neolithicum tot en met de middeleeuwen kunnen resten van grotere huizen/nederzettingen worden verwacht, net als schuren, spiekers en opstallen. Verder kunnen sporen van agrarische activiteit worden aangetroffen, zoals perceleringsgreppels. Daarnaast kunnen ook menselijke begravingen/crematies worden aangetroffen, afhankelijk van de datering variërend van vlakgraven tot crematiegraven. Verkennend archeologisch onderzoek3 Het booronderzoek wees uit dat in het projectgebied eolische afzettingen voorkomen afgezet op fluviatiele afzettingen van (een zijtak van) de Rijn. In het zuiden lijken de eolische afzettingen te zijn verspoeld. Een duidelijk inspoelingslaag is echter in geen enkele boring waargenomen. Enkel in boring 1, 2 en 3 in het noorden is een BC-horizont waargenomen. Dit kan worden verklaard door de ligging van de dekzandrug in het noorden. In tegenstelling tot wat in het bureauonderzoek werd verwacht, heeft zich in de bodem een (vlak) vaaggrond ontwikkeld. De bodem in het projectgebied is grotendeels intact. De bouwvoor is maximaal 40 tot 50 cm dik, waaronder natuurlijke afzettingen liggen. Er is geen duidelijke inspoelingslaag herkend, omdat er in het projectgebied geen sprake is van een podzolgrond, maar een vaaggrond. Daarom kunnen archeologische waarden nog in situ worden verwacht onder de bouwvoor.

Archeologische waarden kunnen worden verwacht onder de bouwvoor, op een diepte van 30 tot 50 cm -mv, in de top van de (B)C-horizont. De bodem ter hoogte van boring 7 en 9 is verstoord tot 130 cm -mv.

3

Geonius (april 2022). Archeologisch onderzoek IVO-O Nieuwestraat Heislagseweg te Wehl, gemeente Doetinchem.

Blad 44 van 67

Ruimtelijke onderbouwing Zonnepark Heislagseweg Nieuwestraat (incl. waterberging) projectnummer 0475122.100 10 mei 2023 revisie 03 Solar Provider Group B.V.

In het projectgebied werden met name archeologische waarden verwacht uit het neolithicum t/m de late middeleeuwen. Uit het booronderzoek blijkt dat er in het projectgebied geen podzolgrond ligt, maar een vaaggrond. Deze vaaggrond zal waarschijnlijk langere tijd onder water hebben gestaan dan de in het noordelijk gelegen dekzandrug. Eventuele nederzettingsresten zullen daarom met name in het noorden van het projectgebied voor kunnen komen, waar nog een (deel van een) inspoelingslaag is waargenomen. Het midden en zuiden van het projectgebied zal minder aantrekkelijk zijn geweest voor bewoning. Hier kunnen echter nog wel off-site sporen voorkomen, zoals perceleringsgreppels of afvalkuilen.

Figuur 4-2: Advieskaart vervolgonderzoek archeologie Bron: Geonius (2022).

Proefsleuvenonderzoek4 Conform de bevindingen van het vooronderzoek bestond de natuurlijke ondergrond van het onderzoeksgebied uit zwak siltig, matig fijn zand, dat is geïnterpreteerd als dekzand. De top van het bodemprofiel was volledig verploegd tot in de C-horizont (figuur 4-3). In de top van de natuurlijke ondergrond tekenden zich humeuze vlekken af, die afkomstig zijn van de bebossing in de tweede helft van de negentiende eeuw. In het westelijke deel van het onderzoeksgebied was de C-horizont sterk ijzerhoudend. Hoewel dit tijdens het voorafgaande booronderzoek als B-horizont van een podzolbodem is geïnterpreteerd, is dit ijzer waarschijnlijk afkomstig van hoge grondwaterstanden (gley).

4

RAAP Archeologisch adviesbureau B.V. (december 2022). Plangebied Zonnepark Heislagseweg te Wehl, Gemeente Doetinchem; Archeologisch vooronderzoek: proefsleuvenonderzoek.

Blad 45 van 67

Ruimtelijke onderbouwing Zonnepark Heislagseweg Nieuwestraat (incl. waterberging) projectnummer 0475122.100 10 mei 2023 revisie 03 Solar Provider Group B.V.

Het onderzoek heeft geen relevante archeologische sporen opgeleverd. In het vlak tekenden zich enkel sporen af van het agrarisch gebruik van het gebied vanaf het begin van de twintigste eeuw. Enerzijds betreft dit noord-zuid georiënteerde gediepploegde banen (niet apart gedocumenteerd; zichtbaar op luchtfoto) en anderzijds oost-west georiënteerde greppeltjes (S1; S2). Deze greppels (ontginningsgreppels) werden tijdens de ontginning in de 19e eeuw parallel aan elkaar gegraven om een snellere afvoer van overtollig water naar de ondergrond mogelijk te maken. Het onderzoek heeft geen archeologische sporen of vondsten opgeleverd. De archeologische verwachting kon dan ook niet worden bevestigd. Omdat het onderzoek geen aanwijzingen heeft opgeleverd voor de aanwezigheid van archeologische resten binnen het projectgebied, kan worden geconcludeerd dat het terrein niet van archeologische waarde is. Op basis van de resultaten van dit onderzoek blijkt dat in het projectgebied geen archeologische resten bedreigd worden. Daarom wordt in het kader van de voorgenomen bodemingrepen geen vervolgstap uit het proces van de Archeologische Monumentenzorg (AMZ) aanbevolen.

Figuur 4-3 bodemopbouw binnen het onderzoeksgebied (links: profielopname wp 1; rechts: profielopname wp 3) Bron: RAAP Archeologisch Adviesbureau B.V. (2022).

Blad 46 van 67

Ruimtelijke onderbouwing Zonnepark Heislagseweg Nieuwestraat (incl. waterberging) projectnummer 0475122.100 10 mei 2023 revisie 03 Solar Provider Group B.V.

Figuur 4-4 ploegbanen in wp 4 Bron: RAAP Archeologisch Adviesbureau B.V.

Figuur 4-5 Coupe door één van de greppeltjes S2 in werkput 2

Bevoegd gezag Het archeologisch bureauonderzoek, het verkennend booronderzoek en het proefsleuvenonderzoek zijn beoordeeld door het bevoegd gezag. De Omgevingsdienst Achterhoek (ODA) laat weten dat de archeologische verwachting voldoende is getoetst en niet juist is gebleken. Er is geen archeologisch vervolgonderzoek nodig.

Blad 47 van 67

Ruimtelijke onderbouwing Zonnepark Heislagseweg Nieuwestraat (incl. waterberging) projectnummer 0475122.100 10 mei 2023 revisie 03 Solar Provider Group B.V.

Meldingsplicht Archeologie Indien bij de uitvoering van de werkzaamheden onverwacht toch archeologische resten worden aangetroffen, dan is conform paragraaf 5.4 van de Erfgoedwet aanmelding van de desbetreffende vondsten bij de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap c.q. de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed verplicht. Ook adviseert het bevoegd gezag de verantwoordelijk ambtenaar van de gemeente Doetinchem hierover direct te informeren. Cultuurhistorie In 2010 is er een gebiedsvisie opgesteld voor het landelijk gebied tussen Wehl en Doetinchem, bekend als de Wehlse Broeklanden. De visie heeft o.a. als uitgangspunt om het cultuurlandschap te behouden en belangrijke landschapselementen te herstellen. Het projectgebied ligt in het Oude IJsselvallei, en staat historisch bekend als Het Broek: Een drassig gebied met natte heide en broekbossen. Op de slechtste gronden kwamen bossen voor. De nattere, maar wel vruchtbare gronden werden gebruikt voor grasland. Op de hoger gelegen droge gronden kwamen meer de akkers en woningen voor. Het huidige landschap kent hierdoor een relatief kleinschalige, halfopen opzet. De ruimtelijk kaders van het landschap worden gevormd door de bomenrijen langs de plattelandswegen, de erfbeplanting rondom de boerderijen en de gevels van de grote industriële gebouwen (Bedrijvenpark A18). De verkavelingsstructuur kent een tweedeling.

De dekzandruggen hebben een meer mozaïekachtige verkaveling, richting de terrasvlaktes gaat dit over in een meer een rechtlijnige kavelstructuur. Het cultuurhistorisch landschap is in de uitgangspunten van het landschappelijk inpassingsplan meegenomen. In het projectgebied bevinden zich geen rijks- of gemeentelijke monumenten. Conclusie In het projectgebied bevinden zich geen rijks- of gemeentelijke monumenten. Het zonnepark moet zich schikken naar het cultuurhistorisch landschap, waarbij aandacht wordt besteed aan de kenmerkende landschapselementen. Deze uitgangspunten zijn meegenomen in het landschappelijk inpassingsplan. Daarnaast geldt op basis van een archeologisch bureauonderzoek een brede archeologische verwachting voor het projectgebied. Om uitsluitsel te bieden over de daadwerkelijke archeologische waarden is er een verkennend booronderzoek uitgevoerd en vervolgens in het noordelijke deel ook een proefsleuvenonderzoek. Uit het proefsleuvenonderzoek volgt dat er met de voorgenomen ontwikkeling geen archeologische resten worden bedreigd. deze conclusie wordt onderschreven door het bevoegd gezag. De bescherming van eventueel aanwezige archeologische resten is geborgd in de vergunningenprocedure voorafgaand aan de realisatie. Vanuit het aspect archeologie en cultuurhistorie zijn derhalve geen belemmeringen voor de voorgenomen ontwikkeling.

4.2

Ecologie Kader Sinds 1 januari 2017 is één wet van toepassing die de natuurwetgeving in Nederland regelt: de Wet natuurbescherming. De wet ligt in de lijn van Europese wetgeving, zoals de Vogelrichtlijn en de Habitatrichtlijn. De Wet natuurbescherming vervangt de Boswet, de Flora- en Faunawet en de Natuurbeschermingswet 1998.

Blad 48 van 67

Ruimtelijke onderbouwing Zonnepark Heislagseweg Nieuwestraat (incl. waterberging) projectnummer 0475122.100 10 mei 2023 revisie 03 Solar Provider Group B.V.

Via de Wet natuurbescherming wordt de soortenbescherming en gebiedsbescherming geregeld. De soortenbescherming heeft betrekking op alle, in Nederland in het wild voorkomende zoogdieren, (trek)vogels, reptielen en amfibieën, op een aantal vissen, libellen en vlinders, op enkele bijzondere en min of meer zeldzame ongewervelde diersoorten en op een honderdtal vaatplanten. Welke soorten planten en dieren wettelijke bescherming genieten, is vastgelegd in de bijlage van de Wet natuurbescherming. Dat houdt in dat, bij planvorming, uitdrukkelijk rekening gehouden moet worden met gevolgen die ruimtelijke ingrepen hebben voor instandhouding van de beschermde soort. Gebiedsbescherming wordt geregeld middels de Natura 2000-gebieden. Daarnaast kan de provincie ervoor kiezen om een gebied aan te wijzen als bijzonder nationaal natuurgebied of landschap of als Natuurnetwerk Nederland (NNN). In de provincie Gelderland heet het NNN het Gelders natuurnetwerk (GNN). Daarnaast zijn in de provinciale verordening ruimte nog de Groene ontwikkelingszone (GO) en de Beschermingszone voor natte landnatuur opgenomen. Toetsing Bij de toetsing is onderscheid gemaakt tussen gebiedsbescherming en soortenbescherming. Ten behoeve van de voorgenomen ontwikkeling is een natuurtoets opgesteld door Antea Group.

5 Soortenbescherming Uit de natuurtoets is gebleken dat (leefgebied van) de volgende in het kader van de Wet natuurbescherming beschermde soorten aanwezig zijn en/of mogelijk verwacht worden in het projectgebied: • Algemene broedvogels (mogelijk nestplaatsen). Algemene broedvogels Alle in gebruik zijnde nesten van vogelsoorten in Nederland zijn beschermd onder de Wet natuurbescherming (artikel 3.1). In vegetatie aan de zuidoostelijke en zuidwestelijke randen van het projectgebied kunnen mogelijk nesten gebouwd worden door soorten zoals duiven, merels en/of zangvogels. Indien nesten aanwezig zijn mogen deze tijdens de broedperiode (en wanneer deze in gebruik zijn) niet verwijderd of verstoord worden. Met de meeste broedvogels kan over het algemeen relatief eenvoudig rekening worden gehouden door eventuele kap- en sloopwerkzaamheden niet uit te voeren in de broedperiode (circa maart t/m juli) en indien concrete broedgevallen aanwezig zijn. Op deze wijze is er geen sprake van belemmeringen vanuit de Wet natuurbescherming. Indien het niet mogelijk is om buiten het broedseizoen om te werken dan dient het projectgebied vóór het broedseizoen ongeschikt gemaakt te worden voor algemene (broed)vogels. Mocht dit niet mogelijk zijn dan dient vooraf aan de werkzaamheden het projectgebied gecontroleerd te worden op de aanwezigheid van broedvogels door een erkend ecoloog.

Indien vastgesteld wordt dat er sprake is van actuele broedgevallen binnen het projectgebied dan worden locatie-specifieke maatregelen voorgesteld en/of wordt het projectgebied niet vrijgegeven en dienen de werkzaamheden uitgesteld te worden totdat het nest niet meer in gebruik is.

5

Antea Group (maart 2023). Natuurtoets, Zonnepark Heislagseweg Nieuwestraat (incl. waterberging), Toetsing Wet natuurbescherming en Gelders natuurnetwerk.

Blad 49 van 67

Ruimtelijke onderbouwing Zonnepark Heislagseweg Nieuwestraat (incl. waterberging) projectnummer 0475122.100 10 mei 2023 revisie 03 Solar Provider Group B.V.

Naast het bovenstaande is het tevens van belang om het projectgebied tijdens de werkzaamheden ongeschikt te houden voor broedvogels. Dit kan gedaan worden door geen geschikte broedbiotopen te creëren of toegankelijk te maken, voorafgaand aan het broedseizoen te starten met de werkzaamheden waardoor continue verstoring plaatsvindt zodat de vogels uitwijken, en door te voorkomen dat er een rustperiode ontstaat in het broedseizoen door te zorgen dat er continu doorgewerkt wordt. Op Nieuwestraat 1 bevindt zich een broedterritorium van een steenuil. De akker binnen het projectgebied maakt waarschijnlijk onderdeel uit van het foerageergebied van deze steenuilen, echter is er geen sprake van een essentieel foerageergebied, mede gezien de beperkte grootte en de aanwezigheid van voldoende alternatieven in de omgeving. Er is derhalve geen sprake van essentieel functioneel leefgebied van steenuilen of andere vogels. In de onderstaande tabel is aangegeven welke gevolgen aanwezigheid van (het leefgebied van) deze bovenstaande soorten heeft voor de beoogde ontwikkeling. Er is aangegeven of er sprake is van overtreding van de Wet natuurbescherming en onder welke voorwaarden het plan uitvoerbaar is. Tabel 4-1: Toetsing en vervolgstappen soortbescherming Soortgroep

Algemene broedvogelsoorten

Mogelijke functie projectgebi ed

Mogelijk nestplaatsen

Overtreding Wet nb?

Nee, indien gewerkt wordt buiten broedseizoen

Nader soort onderzoek nodig?

Nee, indien gewerkt wordt buiten broedseizoen

Is plan uitvoerbaar?

Ja. door te werken buiten het broedseizoen óf het terrein vóór het broedseizoen ongeschikt te maken

Algemene Zorgplicht In de Wet natuurbescherming is een Algemene Zorgplicht opgenomen. In het tekstkader in Bijlage 1 staat het wetsartikel uitgeschreven. De zorgplicht houdt in dat planten en dieren niet onnodig beschadigd, gedood of verstoord mogen worden. De initiatiefnemer/uitvoerder is verantwoordelijk voor een adequate naleving van de algemene zorgplicht tijdens de uitvoering van de werkzaamheden. Gebiedsbescherming Natura 2000-gebieden Het projectgebied maakt geen onderdeel uit van Natura 2000-gebied. Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied ‘Rijntakken’ ligt op circa 9,4 kilometer afstand ten oosten van het projectgebied. Er is geen sprake van directe aantasting van Natura 2000-gebied ten gevolge van de beoogde ontwikkeling.

Blad 50 van 67

Ruimtelijke onderbouwing Zonnepark Heislagseweg Nieuwestraat (incl. waterberging) projectnummer 0475122.100 10 mei 2023 revisie 03 Solar Provider Group B.V.

Stikstofdepositie Uit de stikstofberekening door Eelerwoude6 van de realisatiefase en de gebruiksfase blijkt dat het voornemen niet leidt tot een toename van stikstofdepositie ter plaatse van enig Natura 2000gebied. Significante gevolgen voor de habitats in Natura 2000-gebieden ten gevolge van stikstofdepositie zijn daarmee uitgesloten. Het aspect stikstofdepositie staat verdere besluitvorming derhalve niet in de weg.

Figuur 4-6: Ligging projectgebied (rode stip) ten opzichte van Natura 2000-gebieden. Bron: Aerius-Calculator, versie 2020.

Gelders Natuurnetwerk Voor wat betreft het GNN dienen bij directe effecten vervolgstappen genomen te worden. Er bevindt zich geen GNN in het projectgebied. Van directe aantasting van wezenlijke kenmerken en waarden van het GNN is derhalve geen sprake. In de omgeving van het projectgebied liggen wel GNN gebieden. Het dichtstbijzijnde GNN gebied ligt op circa 1,5 km afstand (Zie Figuur 4-7). Significant negatieve effecten op de wezenlijke kenmerken en waarden van omliggende GNN gebieden kunnen eveneens worden uitgesloten, gezien de afstand en de aard van de ontwikkeling. Het GNN-beleid staat de uitvoering van het plan niet in de weg.

6

Eelerwoude (februari 2023). Stikstofberekening Zonnepark Heislagseweg Nieuwestraat.

Blad 51 van 67

Ruimtelijke onderbouwing Zonnepark Heislagseweg Nieuwestraat (incl. waterberging) projectnummer 0475122.100 10 mei 2023 revisie 03 Solar Provider Group B.V.

Figuur 4-7: Ligging projectgebied (rood omkaderd) ten opzichte van het Gelders Natuurnetwerk en de Groene ontwikkelingszone. Bron: Arcgis.com, 2021.

Groene Ontwikkelingszone Het projectgebied ligt niet in een Groene Ontwikkelingszone (GO). Het dichtstbijzijnde GO-gebied ligt op circa 1,6 km (Zie Figuur 4-7). Derhalve zijn er geen vervolgstappen benodigd met betrekking tot het GO-beleid. In onderstaand tabel zijn bovenstaande bevindingen kort samengevat. Beschermingszone natte landnatuur In de provincie Gelderland zijn een aantal gebieden aangewezen als Beschermingszone natte landnatuur. Binnen deze gebieden mogen geen ontwikkelingen plaatsvinden die significant nadelige effecten kunnen hebben op de instandhouding van de natte landnatuur. Er bevindt zich binnen het projectgebied geen beschermingszone natte landnatuur. Van directe aantasting van wezenlijke kenmerken en waarden van de Beschermingszones natte landnatuur is derhalve geen sprake. Het beleid met betrekking tot Beschermingszones natte landnatuur staat de uitvoering van het plan niet in de weg.

Blad 52 van 67

Ruimtelijke onderbouwing Zonnepark Heislagseweg Nieuwestraat (incl. waterberging) projectnummer 0475122.100 10 mei 2023 revisie 03 Solar Provider Group B.V.

Figuur 4-8: Ligging projectgebied (rood omkaderd) ten opzichte van de Beschermingszone natte landnatuur. Bron: Planviewer provincie Gelderland, 2022.

Conclusie Ten aanzien van soortenbescherming is er (beperkte) potentie voor het voorkomen van nesten van algemene broedvogels aangetroffen. De werkzaamheden dienen uitgevoerd te worden buiten het broedseizoen (indicatief 15 maart-15 juli). Indien hiermee rekening wordt gehouden vormt het aspect ‘ecologie’ geen belemmering voor de voorgenomen ontwikkeling. Ten aanzien van gebiedsbescherming is er geen sprake van directe of indirecte aantasting van GNN-gebied, GOgebied of beschermingszones natte landnatuur ten gevolge van de beoogde ontwikkeling. Er is geen sprake van directe aantasting van Natura 2000-gebieden. Ook is er geen sprake van een significante toename in stikstofdepositie in zowel de realisatiefase als de gebruiksfase. De verbodsbepalingen omtrent gebiedsbescherming uit de Wet natuurbescherming staan de uitvoering van de beoogde ontwikkeling derhalve niet in de weg.

4.3

Bodem Kader Volgens artikel 3.1.6., van het Besluit ruimtelijke ordening dient in verband met de uitvoerbaarheid van een plan onderzoek te worden verricht naar de bodemgesteldheid in het projectgebied. Bij functiewijzigingen dient te worden bekeken of de bodemkwaliteit voldoende is voor de beoogde nieuwe functie.

Blad 53 van 67

Ruimtelijke onderbouwing Zonnepark Heislagseweg Nieuwestraat (incl. waterberging) projectnummer 0475122.100 10 mei 2023 revisie 03 Solar Provider Group B.V.

Toets In het kader van de voorgenomen ontwikkeling is een vooronderzoek uitgevoerd door Antea Group7 volgens de NEN 5725 (Bodem ‐ Landbodem ‐ Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek) met als richtlijn paragraaf 6.2.2 (opstellen van een hypothese over de aanwezigheid van potentieel bodembedreigende (bedrijf)activiteiten bij nul situatie- en eindsituatie-onderzoek). Uit de bodemkwaliteitskaarten zoals weergegeven in figuur 4-4 blijkt dat zowel boven- als ondergrond geclassificeerd zijn als bodemkwaliteitsklasse ‘Natuur/landbouw’. Op basis van de verzamelde informatie wordt verwacht dat de huidige bodemkwaliteit in het algemeen voldoet aan de bodemkwaliteitsklasse ‘Natuur/landbouw’. Plaatselijk (licht) verhoogde gehalten met bestrijdingsmiddelen zijn niet uit te sluiten op basis van het historisch gebruik van het gebied. In het kader van de voorgenomen activiteit (zonnepark) is de bodemkwaliteit in principe voldoende bekend.

Figuur 4-9 Ontgravingsklasse bovengrond en ondergrond ter plaatse van projectgebied (rood omkaderd). Bron: Gisviewer Omgevingsdienst Achterhoek, 2022

De bodemkwaliteit zal op basis van de bekende gegevens geen belemmering opleveren voor de voorgenomen aanleg van een zonnepark. Om zekerheid te krijgen over de verwachte bodemkwaliteit en discussies in de toekomst te voorkomen is het wel aan te bevelen om de kwaliteit van de bovengrond vast te leggen in een nulsituatie-onderzoek conform de NEN 5740. Aanbevolen wordt om hierin ook aandacht te hebben voor PFAS. Dit is overigens wel afhankelijk van de coating van de zonnepanelen. Ten aanzien van de aanleg van de waterberging is met name het afvoeren en/of hergebruik van de grond doorslaggevend. Wanneer de grond binnen de projectlocatie wordt hergebruikt wordt het standstill principe toegepast, wat betekent dat de bodemkwaliteit niet mag verslechteren. Hiervoor worden geen problemen voorzien aangezien geen verontreinigde grond wordt verwacht. Wanneer vrijkomende grond wordt afgevoerd van de locatie gelden aanvullende eisen en mogelijke maatregelen. Deze worden verder besproken in de bureaustudie. Conclusie Op basis van de bekende gegevens wordt geconcludeerd dat de bodem hooguit licht verhoogde gehalten aan onderzochte stoffen bevat en doorgaans zal voldoen aan de bodemkwaliteitsklasse 7

Antea Group (maart 2023). Memo Zonnepark Heislagseweg Nieuwestraat (incl. waterberging). Bureaustudie bodemkwaliteit.

Blad 54 van 67

Ruimtelijke onderbouwing Zonnepark Heislagseweg Nieuwestraat (incl. waterberging) projectnummer 0475122.100 10 mei 2023 revisie 03 Solar Provider Group B.V.

‘Natuur/landbouw’. Zekerheidshalve kan er voor gekozen worden om de nulsituatie vast te leggen. Het onderzoek dient te worden beoordeeld door de gemeente. Vrijkomende grond mag binnen de projectlocatie worden hergebruikt onder het standstill principe. Wanneer grond wordt afgevoerd gelden aanvullende eisen en mogelijk maatregelen. Het aspect ‘bodem’ vormt met inachtneming van bovenstaande geen belemmering voor de onderhavige ontwikkeling.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://besluitvorming.doetinchem.nl/api/v1/meetings/7997/documents/44354