Bijlage 1 Fondsdocumentatie Energie Samen.pdf
Tekst van het document
Fondsdocumentatie Ontwikkelfonds Energiecoöperaties Versie 1.0
A Voorwaarden Ontwikkelfonds Energiecoöperaties voor Subsidiegevers en partners
Inhoudsopgave 1.
2.
Over het Ontwikkelfonds Energiecoöperaties ..................................................................... 4 1.1.
Welke kosten worden voorgefinancierd?..................................................................... 4
1.2.
Revolverend fonds .......................................................................................................... 4
1.3.
Waarom is het Ontwikkelfonds nodig? ......................................................................... 4
1.4.
Fondsreglement en -documentatie .............................................................................. 4
Samenwerking Subsidiegevers en partners ........................................................................ 6 2.1.
Rollen en verantwoordelijkheden.................................................................................. 6
2.2.
Organisatie en samenwerking in de voorbereiding .................................................... 7
2.2.1. 2.3. 3.
4.
5.
6.
Voorbereiding op openstelling fonds .................................................................... 8
Vergoeding activiteiten .................................................................................................. 9
Deelname aan het fonds door Subsidiegevers.................................................................. 10 3.1.
Procedure deelname additionele Subsidiegever ....................................................... 10
3.2.
Voorwaarden voor Subsidiegevers: ............................................................................ 10
Fondsmiddelen en match-funding....................................................................................... 11 4.1.
Storting EZK .................................................................................................................... 11
4.2.
Voorbereiding- en uitvoeringskosten .......................................................................... 11
4.3.
Storting sub-tegoeden en match-funding .................................................................. 11
Uitvoering .............................................................................................................................. 13 5.1.
Verstrekken van leningen aan coöperaties ................................................................ 13
5.2.
Terugbetalingen leningen en First Loss ...................................................................... 14
5.3.
Rapportages ................................................................................................................... 14
5.1.
Incidenten en wijzigingen ............................................................................................. 15
5.2.
Jaarlijkse terugblik werkgroepen ................................................................................ 15
5.3.
Jaarlijks overleg Subsidiegevers ................................................................................. 15
5.4.
Evaluatie en tussentijdse beëindiging deelname ...................................................... 16
5.5.
Rechtskeuze en geschillen ........................................................................................... 16
Beëindiging fonds ................................................................................................................. 17 6.1.
Verstrekte leningen ....................................................................................................... 17
6.2.
Terugbetaling saldo na beëindiging ............................................................................ 17
6.3.
Tussentijdse beëindiging .............................................................................................. 19
6.3.1.
Bij terugtrekking EZK ............................................................................................ 19
6.3.2.
Bij beëindiging van de Fondsmanager ................................................................ 19
6.1.
Reguliere beëindiging fonds op 31 december 2039 .................................................20
A Voorwaarden subsidiegevers en partners
2/20
Bijlagen: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.
ICA principes Deelnemende subsidiegevers en koepels Fasering wind- en zonprojecten Processchema’s Ontwikkelfonds Energiecoöperaties Overeenkomst Energie Samen – Projectbureau (open house) Financieringsovereenkomst Energie Samen -Energiecoöperatie Begrippen en afkortingen
A Voorwaarden subsidiegevers en partners
3/20
1. Over het Ontwikkelfonds Energiecoöperaties Met het Ontwikkelfonds wordt een deel van de aanloopkosten voor coöperatieve lokale duurzame energieprojecten; wind-, (grotere) zon-, warmte- en/of besparingsprojecten voorgefinancierd. Het gaat specifiek om de kosten die je maakt in de (risicovolle) voorfase van je project, wanneer je nog niet weet of het project doorgaat.
1.1. Welke kosten worden voorgefinancierd? Duurzame energiecoöperaties kunnen bij het Ontwikkelfonds geld lenen voor: -
personele ondersteuning (projectbegeleider), vanuit een aangesloten projectbureau out-of-pocket-kosten’ voor specialistische onderzoeken of andere noodzakelijke deelstappen om te komen tot een financierbare business case en een onherroepelijke vergunning voor je project.
1.2.
Revolverend fonds
Wanneer financial close voor het project is bereikt stort de coöperatie het beschikbaar gestelde geld terug, met een risico-opslag. Zo houdt het Ontwikkelfonds zich uiteindelijk zelf in stand. Mocht het project onverhoopt niet doorgaan, dan hoeft de coöperatie niets terug te betalen.
1.3.
Waarom is het Ontwikkelfonds nodig?
Duurzame energieprojecten van coöperaties kunnen vrijwel altijd rekenen op veel lokale steun, van omwonenden en gemeentebesturen. Niet alle energiecoöperaties kunnen echter de risicovolle aanloopkosten van projecten financieren. Energiecoöperaties verschillen van bedrijfsmatige projectontwikkelaars omdat zij vaak maar één project ontwikkelen. Zeker startende coöperaties. De meeste coöperaties werken met vrijwilligers, en zonder startkapitaal. Projectontwikkelaars hebben een portfolio van projecten waarover zij het risico van het niet doorgaan van projecten, kunnen spreiden. Met het beschikbaar stellen van gelden voor projectondersteuning en risicokapitaal wordt dit probleem opgelost. Kennis, kunde en geld kunnen nu beschikbaar komen voor initiatieven die kansrijk zijn. Uitgangspunt van het Ontwikkelfonds is de verdere professionalisering van de coöperatieve sector en hun projecten.
1.4.
Fondsreglement en -documentatie
De fondsdocumentatie bevat een toelichting en uitwerking van alle afspraken in het Fondsreglement en bestaat uit vier delen, opgedeeld voor de verschillende typen belanghebbenden in het fonds: A. Voorwaarden en afspraken subsidiegevers en partners B. Voorwaarden aanbieders C. Voorwaarden aanvragers en projecten D. Begrippenlijst Het volledige fondsreglement bestaat uit: 1.
Samenwerkingsovereenkomst Inzake Ontwikkelfonds Energiecoöperaties inclusief de bijlagen: A. Overzicht taakomschrijvingen B. Werkwijze t.b.v. Financiering projectkosten
A Voorwaarden subsidiegevers en partners
4/20
C. D.
2. 3.
4.
5. 6.
Uitvoeringsbepalingen Toelichting op financiering van Ontwikkelfonds aan Lokale Energiecoöperaties E. Toelichting en voorbeeld match-funding en boekingen Subsidieverzoek Ontwikkelfonds Energiecoöperaties aan EZK Besluit deelname ministerie Economische Zaken & Klimaat A. Subsidiebeschikking B. Leningsovereenkomst Ontwikkelfonds C. Wijzigingen op de beschikking Fondsdocumentatie met actuele voorwaarden, procedures en aanvullende afspraken n.a.v. evaluaties en wijzigingen A. Voorwaarden subsidiegevers B. Voorwaarden projectbureaus C. Voorwaarden aanvragers en projecten Subsidieverzoek Ontwikkelfonds Energiecoöperaties aan diverse subsidiegevers Besluiten deelname overige subsidiegevers A. Subsidiebeschikkingen B. Leningsovereenkomsten indien van toepassing C. Overige bijlagen en documentatie die onderdeel zijn van een besluit
A Voorwaarden subsidiegevers en partners
5/20
2. Samenwerking Subsidiegevers en partners Hieronder volgt een uitwerking van en waar nodig, aanvulling op alle afspraken in de samenwerkingsovereenkomst, bijlagen en onderlinge afspraken gemaakt tussen Subsidiegevers en koepels en platforms (partners) betrokken bij het fonds. De Fondsmanager ziet erop toe dat deze afspraken actueel zijn, bekend zijn bij alle (nieuwe) partners en Subsidiegevers en dat deze worden nageleefd. Fondsreglement bestaat uit de volgende documenten: 7. Samenwerkingsovereenkomst Inzake Ontwikkelfonds Energiecoöperaties (SOK) A. Overzicht taakomschrijvingen (SOK.A) B. Werkwijze t.b.v. Financiering projectkosten (SOK.B) C. Uitvoeringsbepalingen (SOK.D) D. Toelichting op financiering van Ontwikkelfonds aan Lokale Energiecoöperaties (SOK.D) E. Toelichting en voorbeeld match-funding en boekingen (SOK.E) 8. Besluit deelname EZK A. Subsidiebeschikking (SB.EZK) B. Leningsovereenkomst Ontwikkelfonds (LOK.EZK) C. Wijzigingen op de beschikking (indien van toepassing) (WB.EZK) 9. Fondsdocumentatie met voorwaarden en aanvullende afspraken A. Voorwaarden Subsidiegevers en partners (FDA) B. Voorwaarden projectbureaus (FDB) C. Voorwaarden aanvragers en projecten (FDC) D. Begrippenlijst (FDD) 10. Besluit deelname overige Subsidiegevers A. Subsidiebeschikkingen (SB.xx) B. Leningsovereenkomsten (indien van toepassing) (LOK.xx) C.
Wijzigingen op de beschikking (indien van toepassing) (WB.xx)
2.1.
Rollen en verantwoordelijkheden
Een doelstelling van het Ontwikkelfonds is om de beweging van onderop te ondersteunen. Daarom moet ruimte zijn voor lokale prioriteiten bij het inzetten van lokale middelen voor projecten vanuit de betrokken (samenwerkende) energiecoöperaties. Daarentegen is het noodzakelijk dat het fonds alle projectaanvragen objectief, transparant en gelijkwaardig beoordeelt. Dit spanningsveld vereist een goede afstemming van rollen en verantwoordelijkheden en transparante procedures bij alle betrokken partijen. Subsidiegevers • Subsidiegevers zijn overheden, die middelen beschikbaar stellen aan het fonds ten behoeve van projectontwikkeling in een zelf te bepalen gebied, bijvoorbeeld provincies en (samenwerkende) gemeenten. • Subsidiegevers maken middelen beschikbaar voor het fonds voor projectaanvragen, door een storting te doen in het fonds ten behoeve van een door Subsidiegever te specificeren gebied, • Houden toezicht op naleving van de subsidieaanvraag door de Fondsbeheerder en Fondsmanager en prestaties, de resultaten van het fonds, • Kunnen knelpunten signaleren naar Fondsbeheerder en Fondsmanager. Fondsbeheerder • Stichting Nationaal Groenfonds is Fondsbeheerder. • Beheert de rekening courant op naam van EZK en de sub-tegoeden per gebied van het OEC.
A Voorwaarden subsidiegevers en partners
6/20
Accordeert, verstrekt en documenteert de ontwikkelleningen aan Fondsmanager voor de projectleningen en heeft zelf geen directe relatie met de Energiecoöperaties • Houdt toezicht op de uitvoering door Fondsmanager, door procescontroles uit te voeren en de levering van afsproken activiteiten te monitoren. Fondsmanager • Coöperatie Energie Samen is Fondsmanager • Bedrijfsbureau ES zorgt namens Fondsmanager voor de uitvoering van het fonds, zoals beschreven in de Fondsdocumentatie. • Beoordeelt aanvragen voor projectleningen en draagt deze gebundeld voor bij de Fondsbeheerder. • Coördineert de samenwerking van alle partijen in het fonds. • Ondersteunt coöperaties waar nodig bij het organiseren van een gebiedsverband en de coördinatie van deze activiteiten. • Bewaakt de jaarlijkse kwaliteitscyclus (plan-do-check-act). Koepels en platforms (partners) • Is een samenwerkingsverband van de lokale energiecoöperaties in een deelnemend gebied • Organiseren de lokale samenwerking van coöperaties met betrekking tot het ontwikkelfonds. • Bepalen lokaal beleid hoe het fonds optimaal in te zetten in het gebied, door het prioriteren van projecten, en het stimuleren van hogere eigen bijdragen van coöperaties in een project. Dit beleid wordt uitgevoerd in de vorm van lokale evaluaties van projecten (zie provinciaal/regionaal coördinator).
• Bewaken de belangen van de energiecoöperaties in het gebied in het beleid en in de structurele evaluatie van de werking van het fonds, • Zetten zich in zodat alle initiatieven in het gebied die in aanmerking komen voor het fonds, onder gelijke voorwaarden mee kunnen doen, door een objectief lokaal beleid en transparante, open procedures, waaronder de mogelijkheid tot klachten en bezwaar, ten minste met betrekking tot de evaluatie en prioritering van projecten. • Wijzen een provinciaal coördinator aan per gebied • Werken actief mee aan verbetering van het programma via jaarlijkse evaluaties en signaleren van incidenten en verbetervoorstellen. Provinciaal/regionaal coördinator • Is adviseur voor (startende) energiecoöperaties met een overkoepelende blik • Coördineert samenwerking en organisatie van de koepel of platform m.b.t. het ontwikkelfonds • Is aanspreekpunt namens koepel/platform voor andere partijen in het fonds • Is verantwoordelijk voor de toepassing en uitvoering van lokaal beleid, zoals evaluaties van projectaanvragen en de begeleiding van startende initiatieven, in samenwerking met de lokale projectbureaus • Werkt samen met aangesloten projectbureaus om coöperaties de juiste ondersteuning te bieden bij projecten. •
2.2.
Organisatie en samenwerking in de voorbereiding
Om de samenwerking tussen alle partners te organiseren zijn vier werkgroepen opgericht. Deze komen regelmatig en tenminste jaarlijks bij elkaar. Hiervoor worden de bovengenoemde partners uitgenodigd om deel te nemen aan de relevante werkgroepen. Fondsmanager coördineert de werkgroepen, actiepunten de voortgang t.b.v.
A Voorwaarden subsidiegevers en partners
7/20
Het eerste jaar komen de werkgroepen vaker bij elkaar om mogelijke kinderziektes snel te signaleren en op te lossen. Zie ook 1.2.1). Werkgroep
Deelnemers
Takenpakket
Strategie & Beleid
• •
Fondsmanager Gebiedsverband (bestuur)
Evalueren en signaleren verbeterpunten in de fondsdocumentatie, met name in voorwaarden en criteria. Uitwisselen m.b.t. lokaal beleid, provinciaal / regionaal coördinator en organisatie samenwerking coöperaties en projectbureaus.
Implementatie
• •
Fondsmanager Provinciaal coördinatoren
Ontwikkelen en verbeteren van beschikbare instrumenten op basis van fondsdocumentatie - Aanvraagformulieren - Instructies - Formats en sjablonen (waaronder plan van aanpak) Evalueren en signaleren verbeterpunten in de fondsdocumentatie, met name in procedures en instrumenten.
Financiën en rapportage
• • •
Fondsmanager Fondsbeheerder Subsidiegevers
Promotie afstemmen met Subsidiegevers, koepels en platforms en projectbureaus (i.o.) Voorlichting over het fonds en de werking Adviseren instrumenten m.b.t. toegankelijkheid (helder, leesbaar, duidelijk).
Communicatie
• • • •
Fondsmanager Fondsbeheerder Subsidiegevers Koepels en platforms Provinciaal coördinatoren
Evalueren en afstemmen van de financiële administratie en rapportagebehoefte t.b.v. evaluatie en rapportageverplichtingen. - Rapportage prestaties subsidieaanvragen - Kennisgeving staatssteun Brussel • Rapportage effect prestaties
•
2.2.1. Voorbereiding op openstelling fonds Om van start te kunnen met het ontwikkelfonds moeten een aantal instrumenten worden opgeleverd door de werkgroepen. Per proces worden in de werkgroepen de instrumenten uitgewerkt op basis van de fondsdocumentatie. Deze instrumenten zijn o.a. beleid, modelovereenkomsten, formulieren, (reken- of document-)sjablonen, instructies en procedures.
A Voorwaarden subsidiegevers en partners
8/20
N.a.v. de eerste aanvragen bij openstelling van het fonds is het mogelijk dat situaties zich voordoen waar, in de documentatie, niet in is voorzien of waar een ongewenst effect zich opdoet. Daarom is de verwachting dat er tijdens het eerste jaar meer afstemming nodig zal zijn tussen alle partijen. Zo kunnen snel omissies en gebreken in de Fondsdocumentatie of de uitwerking worden aangevuld of aangepast, met een waar nodig een wijzigingsvoorstel richting subsidiegevers. Zie ook 3.1. Incidenten en wijzigingen. Resultaten voor 1 maart Strategie en beleid
Op basis van de eerste (voor-)aanmeldingen, signaleren kritische knel- en verbeterpunten in de fondsdocumentatie, met name in voorwaarden en criteria (waaronder de maximale bedragen per fase) en met name de • modelovereenkomst voor Projectbureaus (open house) • financieringsovereenkomst met energiecoöperaties Zodat de grootste knelpunten zijn opgelost en alle aanvragen starten op basis van dezelfde voorwaarden.
Implementatie
Ontwikkelen van instrumenten op basis van fondsdocumentatie - Aanvraagformulieren - Instructies - Formats en sjablonen (waaronder plan van aanpak) Op basis van eerste aanvragen signaleren kritische knel- en verbeterpunten in de fondsdocumentatie, met name in procedure en instrumenten.
Communicatie
Promotie en voorlichting afstemmen met subsidiegevers, gebiedsverbanden en projectbureaus (i.o.)
Financiën en rapportage
Afstemming en stroomlijnen van de financiële administratie en rapportagebehoefte t.b.v. evaluatie en diverse rapportageverplichtingen. -
2.3.
Rapportage prestaties subsidieaanvragen Melding staatssteun Brussel Rapportage effect prestaties (CO2)
Vergoeding activiteiten
Binnen de werkgroepen worden afspraken gemaakt over de vergoeding van de uren van deelnemers aan de werkgroepen door koepels en platforms, provinciaal coördinatoren en projectbureaus. Vergoeding voor de activiteiten van de provinciaal/regionaal coördinator die betrekking hebben op het ondersteunen van initiatieven, coöperaties en projecten worden gedekt uit de betreffende projectleningen. Inzet van de Subsidiegevers wordt niet vergoed uit de voorbereiding- of uitvoeringskosten van het ontwikkelfonds. De afspraken over de vergoeding worden meegenomen in de structurele evaluaties en jaarlijkse overleggen (zie ook par 3.1. en 2.4. Voorbereiding- en uitvoeringskosten.)
A Voorwaarden subsidiegevers en partners
9/20
3. Deelname aan het fonds door Subsidiegevers 3.1.
Procedure deelname additionele Subsidiegever
Overheden kunnen zich bij de Fondsmanager Energie Samen melden om deel te nemen aan het Ontwikkelfonds Energiecoöperaties. 1. Potentiële Subsidiegever meldt interesse deelname bij Fondsmanager 2. Fondsmanager informeert EZK over geïnteresseerde Subsidiegever 3. Fondsmanager stemt inhoud subsidieverzoek af met Subsidiegever, a. Fondsreglement en formele stukken, b. Het grondgebied van de projecten die in aanmerking komen; c. De procedure om subsidieverzoek in te dienen bij Subsidiegever d. Omvang van de inleg (max. € 2.000.000) 4. Als het aangewezen grondgebied overlapt met die van een andere Subsidiegever, zal de Fondsmanager dit melden bij beide Subsidiegevers, om afspraken te maken over de inzet van middelen, zo mogelijk bundeling, en terugbetaling bij beëindiging deelname (zie ook H4 Beëindiging fonds). 5. Fondsbeheerder en Fondsmanager doen subsidieverzoek bij Subsidiegever voor fondsmiddelen 6. Subsidiegever stemt de beschikking zo nodig af met de andere Subsidiegevers om conflicten te voorkomen. Beschikkingen en eventuele leningsovereenkomsten worden opgenomen in het Fondsreglement. 7. Subsidiegever beschikt subsidie en gaat daarmee akkoord met het Fondsreglement inclusief fondsdocumentatie. 8.
Subsidiegever stemt met andere Subsidiegevers af of een eigen of additionele kennisgeving van geoorloofde staatssteun naar Brussel noodzakelijk is en blijft zelf verantwoordelijk voor de bewaking van de kennisgeving. (NB: kennisgeving kan ook voor het hele fonds worden gedaan. De staatssteunanalyse van Lysias advies is beschikbaar voor ter ondersteuning.) 9. Fondsbeheerder maakt (indien nodig) een nieuw sub-tegoed voor subsidiegever. 10. Fondsbeheerder stuurt instructie voor storting fondsmiddelen 1. 11. Subsidiegever stort de initiële fondsmiddelen in het fonds bij Fondsbeheerder 12. Fondsbeheerder boekt de middelen Subsidiegevers op juiste sub-tegoed per Gebied. 13. Fondsbeheerder boekt indien van toepassing matching EZK op sub-tegoed. 14. Fondsmanager neemt, in overleg met Subsidiegever, contact op met samenwerkende coöperaties in het gebied over een koepel of platform.
3.2. •
1
Voorwaarden voor Subsidiegevers:
De Subsidiegever is een Nederlandse overheidsinstelling of een samenwerkingsverband van Nederlandse overheidsinstellingen.
Zie ook LOK.EZK artikel 4.1
A Voorwaarden subsidiegevers en partners
10/20
4. Fondsmiddelen en match-funding De fondsmiddelen worden beschikbaar gesteld via de rekening courant van het Ontwikkelfonds op naam van het ministerie van EZK 2. Fondsbeheerder maakt een sub-tegoed voor elke Subsidiegever met een specifiek grondgebied, waarin de beschikbare middelen voor projecten in dat gebied worden geboekt en geadministreerd.
4.1.
Storting EZK
Ministerie van EZK heeft € 10.000.000 beschikbaar gesteld voor het Ontwikkelfonds. Deze middelen van het ministerie zijn bedoeld voor: - de uitvoeringskosten in de eerste vijf jaar door Fondsbeheerder en Fondsmanager - match-funding voor andere Subsidiegevers
4.2.
Voorbereiding- en uitvoeringskosten
Voor de voorbereidings- en uitvoeringskosten (apparaatskosten) bestaat een apart subtegoed. Hierin is een bedrag gereserveerd om de kosten de komende vijf jaar te dekken uit de middelen van EZK. Deze worden jaarlijks gefactureerd door de Fondsmanager en Fondsbeheerder De eenmalige middelen voor voorbereidingskosten door de Fondsbeheerder en Fondsmanager bedragen € 150.000 exclusief btw. Uitvoeringskosten bedragen 2.0% van de ingebrachte middelen per jaar en minimaal € 299.000 per jaar exclusief btw. Deze worden per jaar gefactureerd door de Fondsmanager en de Fondsbeheerder. Bij de jaarlijkse evaluatie zijn de uitvoeringskosten en dekking daarvan na 1 oktober 2025 een vast agendapunt bij het jaarlijks overleg met Subsidiegevers en de evaluaties (zie ook 3.3. en 3.4. ). De huidige intentie van Subsidiegevers is om de kosten na vijf jaar te dekken uit het aandeel van de terugbetaalde risico-opslagen. Zie ook Bijlage SOK.E. Voorbeeldboekingen Boekingen 1.2, 1.6 en 2.1 3.
4.3.
Storting sub-tegoeden en match-funding
Een Subsidiegever met een bepaald gebied mag maximaal 2.000.000 storten in het bijbehorende sub-tegoed. Deze inleg kan tot 1 oktober 2022 in aanmerking komen voor match-funding (aanvulling) vanuit de middelen van EZK. Deze match-funding dekt de eerste verliezen door gefaalde projecten (first loss - zie ook 4 Beëindiging fonds.) De match-funding bedraagt maximaal 1.000.000 en is beschikbaar voor: - Initiële storting eerste provincies (Drenthe, Limburg, Utrecht en Zuid-Holland): 100% van de eigen inleg - Additionele Subsidiegevers (besluit uiterlijk 1 oktober 2022): 50% van de eigen inleg - Additionele stortingen (op uiterlijk 1 oktober 2022): 50% van de eigen inleg Als er na 1 oktober 2022 nog een saldo op de Rekening Courant beschikbaar is, wordt dit op het jaarlijks overleg met Subsidiegevers besproken, samen met de dekking van de uitvoeringskosten (zie ook 3.3. ).
2 3
SOK art. 4 SOK.E p. 25-26
A Voorwaarden subsidiegevers en partners
11/20
Hieronder zijn een additionele voorbeeldboekingen opgenomen in aanvulling op bijlage SOK.E – 1 Opstarten fonds. Fondsbeheerder mag zelfstandig boekingen verrichten in overeenstemming met het Fondsreglement. Een debetstand op de Rekening Courant of de sub-tegoeden is niet toegestaan 4. Eventuele negatieve creditrente wordt doorgerekend ten laste van de Rekening Courant 5.
Figuur 1 SOK.E p.25
….
1A additionele Subsidiegever eerste storting
Rek.Courant
Additionele storting
Middelen EZK
Startsaldo
6.306.000
Sub-tegoed additionele Subsidiegever 1
….
Beschikbare middelen
Gereserveerde leningen
-
2.1 Storting additionele Subsidiegever
Uitgezette leningen -
-
-
-
+1.000.000
2.2 Match funding uit middelen EZK
-500.000
+500.000
Openingssaldo sub-tegoed
+5.806.000
+1.500.000
Figuur 2 aanvulling op Figuur 1 additionele subsidiegever …. 1B additionele storting
Rek.Courant
Openingssaldo
Middelen EZK
Startsaldo
6.806.000
Additionele storting startende 2.1 provincie
Sub-tegoed bestaande Subsidiegever 1
….
Beschikbare middelen 2.000.000-
Gereserveerde leningen
Uitgezette leningen -
-
-
-
+1.000.000
2.2 Match funding uit middelen EZK
-500.000
+500.000
Openingssaldo sub-tegoed
+6.306.000
+3.500.000
Figuur 3 aanvulling op Figuur 1 additionele storting
4 5
SOK art. 10 SOK art. 11
A Voorwaarden subsidiegevers en partners
12/20
5. Uitvoering Hieronder volgt een beschrijving van de uitvoering op hoofdlijnen. Voor een gedetailleerde beschrijving van het proces voor aanvragers en projecten, zie C Voorwaarden aanvragers en projecten.
5.1.
Verstrekken van leningen aan coöperaties
1. Fondsmanager behandelt aanvragen voor een projectlening (zie C Voorwaarden aanvragers en projecten). 2. Fondsmanager bundelt positief beoordeelde projectleningen, in een ontwikkellening en draagt de aanvragen voor bij Fondsbeheerder. 3. Fondsbeheerder voert een procescontrole uit en besluit over de aangevraagde leningen. 4. Fondsbeheerder boekt de ontwikkellening uit het bijbehorende sub-tegoed en keert de bedragen voor de actuele fase uit aan Fondsmanager voor de goedgekeurde projectleningen (zie Figuur 1). 5. Fondsmanager maakt de goedgekeurde projectleningen beschikbaar voor coöperaties in de vorm van een projectdepot of een directe geldlening door het aangevraagde bedrag uit te keren aan de coöperatie (zie ook C Voorwaarden aanvragers en projecten). 6. Fondsmanager vraagt kwartaalrapportages op bij de coöperaties over de lopende projecten t.b.v. de rapportages aan Subsidiegevers en partners. 7. Fondsmanager informeert coöperaties elk jaar over de stand van de lening. 8. Coöperatie melden faseovergangen en vragen daarmee de lening voor de volgende fase bij Fondsmanager (zie ook C Voorwaarden aanvragers en projecten) 9. Fondsmanager beoordeelt de projecten en zet de aanvraag met beoordeling door naar de Fondsbeheerder. Die beoordelingscriteria voor faseovergangen zijn benoemd in C Voorwaarden aanvragers en projecten) 10. Zie ook stappen 3 t/m 7. 11.
Als een project financial close bereikt, meldt Fondsmanager dit bij de Fondsbeheerder om de lening met risico-opslag terug te vorderen van de coöperatie. 12. Fondsbeheerder boekt de hoofdlening op het sub-tegoed van de betreffende Subsidiegever en de risico-opslag in overeenstemming met de afspraken over first loss (zie ook 3.2. Terugbetalingen ) 13. Als een project moet worden gestaakt en alle kansen voor een doorstart of overname zijn benut, wordt de lening kwijtgescholden aan de coöperatie. Eventuele restwaarde van het project wordt ingezet om de lening deels terug te betalen.
Figuur 4 Bijlage SOK.E voorboeking 3 op p. 27
A Voorwaarden subsidiegevers en partners
13/20
5.2.
Terugbetalingen leningen en First Loss
Bij terugbetaling van een lening bestaat uit een hoofdsom en een risico-opslag. De hoofdsom wordt altijd teruggeboekt op het sub-tegoed waar de lening uit betaald is. De bestemming van de risico-opslag is afhankelijk van eventueel verliezen, in overeenstemming met de afspraken over first loss bij de match-funding. Als er sprake is van first loss bij een sub-tegoed, het saldo is lager dan de inleg, gaat de risico-opslag in z’n geheel naar het betreffende sub-tegoed. Zodra er sprake is van winst, het saldo is hoger dan de inleg, wordt de risico-opslag naar rato van de inleg verdeeld over het sub-tegoed en de Rekening Courant.
Figuur 5 Bijlage SOK.E voorbeeldboekingen 4 a t/m b Lening terugbetaling met risico-opslag.
5.3.
Rapportages
Fondsmanager en Fondsbeheerder rapporteren jaarlijkse uiterlijk op 31 maart over het voorgaande jaar 6. De planning, vorm en inhoud van deze rapportage wordt afgestemd in de werkgroep Financiën en rapportage (zie 1.2. Organisatie en samenwerking in de voorbereiding). Gegevens worden per sub-tegoed/gebied (provincie of regio) gerapporteerd en bevat: Alle Subsidiegevers en partners krijgen dezelfde rapportage toegezonden, tenzij nadrukkelijk anders is afgesproken. De rapportages kunnen worden verrijkt met gegevens over de prestaties en effectiviteit van het fonds op verzoek van de werkgroep Strategie en Beleid. De rapportage bevat ten minste, deze elementen: • Jaarmutatieoverzicht met saldoverklaring • De uitstaande leningen met kasstroomprognose • Een overzicht van oninbare leningen met toelichting over staking van betreffende project 7. • Verloop matching • Verloop first-loss Rijk gekoppeld aan de eigen provincie/regio • De mate waarin een organisatie vanuit dit fonds staatssteun heeft ontvangen:
6 7
SOK art. 12 en 13 Zie ook C Voorwaarden aanvragers en projecten 3.1. Staking project.
A Voorwaarden subsidiegevers en partners
14/20
Projecten nog actief of als de lening n.a.v. de staking van project wordt kwijtgescholden, telt hele bedrag nog als staatssteun voor de aanvragende coöperatie. o Als projecten zijn geslaagd en de lening is terugbetaald, wordt de staatssteun bijgesteld naar het eventuele marktvoordeel, de risico-opslag minus vastgestelde marktrente. De voortgang in de ontwikkeling van projecten De werking van het fonds, waaronder evaluatie punten uit de werkgroepen incl. stand van zaken verbeterpunten Ontwikkeling vermogen voor het sub-tegoed van de Provincie tot einde looptijd fonds (2039). Dit om inzicht te krijgen over het revolverendheid van de verstrekte lening/subsidie. o
• • •
5.1.
Incidenten en wijzigingen
Als een incident zich voordoet, waardoor een urgente wijziging nodig blijkt in het Fondsreglement, zullen Fondsmanager en Fondsbeheerder, de Subsidiegevers en partners informeren en in overleg treden. Alle partijen zullen incidenten zo snel mogelijk te signaleren bij de Fondsmanager, als deze (kritische) schadelijke gevolgen kunnen hebben voor een project of voor de resultaten van het fonds. De Fondsmanager zorgt dat alle betrokken partijen worden geïnformeerd en zo snel mogelijk overleg plaats vindt om de schade te beperken.
5.2.
Jaarlijkse terugblik werkgroepen
Fondsmanager organiseert elk jaar een terugblik met de werkgroepen om de werking van het fonds te blijven verbeteren. Verbeterpunten en signalen kunnen leiden tot aanpassingen in de fondsdocumentatie, procedures of instrumenten. Deze terugblik wordt daarom gepland voor het jaarlijkse overleg met de Subsidiegevers. Tussentijdse verbetervoorstellen en signalen uit de werkgroepen, worden door de Fondsmanager bijgehouden en met de jaarlijkse terugblik besproken in de relevante werkgroep en zo nodig bij het jaarlijks overleg met Subsidiegevers.
5.3.
Jaarlijks overleg Subsidiegevers
Fondsmanager organiseert elk jaar het overleg met Subsidiegevers 8 om de werking van het fonds en jaarrapportages te bespreken. Bij dit jaarlijks overleg zal ook worden gekeken naar de dekking van de uitvoeringskosten in relatie tot de cashflowprognose, om de afspraken over de dekking van deze kosten na de eerst vijf jaar te verlengen of aan te passen. Zie ook 2.4. Voorbereiding- en uitvoeringskosten. Verbeterpunten die tijdens het jaarlijkse overleg met Subsidiegevers worden gesignaleerd, worden voor het daaropvolgende evaluatiemoment met Subsidiegevers doorgevoerd, tenzij daar andere afspraken over gemaakt i.v.m. de haalbaarheid van een wijziging 9. Subsidiegevers worden tijdens het jaarlijks overleg geïnformeerd bij wijzigingsvoorstellen in het proces 10 of de fondsdocumentatie 11.
SOK art. 17 Deze uitwerking van SOK art. 13 is mondeling afgestemd n.a.v. vragen uit de provincies. 10 Zie ook SOK art. 16 en SOK.A Processchema Ontwikkelfonds Energiecoöperaties’ 11 Zie ook SOK art. 17 Evaluatie en overleg 8
9
A Voorwaarden subsidiegevers en partners
15/20
5.4.
Evaluatie en tussentijdse beëindiging deelname
Op de onderstaande evaluatiedata kan een evaluatie worden uitgevoerd door Subsidiegevers om te bepalen of het fonds doorgang moet vinden, vroegtijdig beëindigd moet worden of juist verlengd; - 31 december 2022 - 31 december 2025 - 31 december 2029 - 31 december 2035 Op deze momenten kunnen Subsidiegevers besluiten hun eigen deelname te beëindigen 12. Zie ook4 Beëindiging fonds.
5.5.
Rechtskeuze en geschillen
Alle geschillen die ontstaan naar aanleiding van het Fondsreglement zullen worden beslecht in overeenstemming met het Arbitrage Reglement van het Nederland Arbitrageinstituut, in Den Haag, door drie arbiters. Eén arbiter wordt aangewezen door de subsidiegevers, één door het Nationaal Groenfonds en één door Energie Samen 13 De kosten voor de arbiter van de Subsidiegevers worden verdeeld tussen de partijen die de zaak aanspannen 14.
Zie LOK 1 art. 9 Zie SOK art.19 14 Mondeling afgestemd in voorbereidend overleg met subsidiegevers 12
13
A Voorwaarden subsidiegevers en partners
16/20
6. Beëindiging fonds De volgende algemene afspraken de beëindiging van het fonds gelden ongeacht aanleiding of moment:
6.1.
Verstrekte leningen
Bij beëindiging van het fonds (of van deelname van een Subsidiegever), worden geen nieuwe projectleningen meer aangegaan (van het betreffende sub-tegoed). Reeds goedgekeurde leningen van lopende projecten worden verstrekt om zoveel mogelijk projecten nog tot financial close te kunnen brengen. Op basis van het actuele leningsportfolio met cashflowprognose kunnen afspraken worden gemaakt over de terugbetalingen van de resterende projecten. Zie ook voorbeeldboekingen hieronder in Figuur 3 en Figuur 4.
6.2.
Terugbetaling saldo na beëindiging
De terugbetaling van het fonds aan de Subsidiegevers, is afhankelijk van het saldo van een sub-tegoed, in overeenstemming met de afspraken over First Loss. Saldo sub-tegoed
Terugbetaling bij beëindiging
> inleg incl. match-funding
Het saldo wordt naar rato van inleg verdeeld en terugbetaald aan Subsidiegevers
< inleg incl. match-funding > inleg excl. match-funding
De overheid van sub-tegoed krijgt volledige inleg terug. EZK krijgt het restant.
< inleg excl. match-funding
De overheid van sub-tegoed krijgt volledige saldo terug. Bij een gedeeld sub-tegoed 15 wordt het saldo verdeeld naar rato inleg.
Het saldo van de Rekening Courant wordt terugbetaald aan het ministerie van EZK. Latere terugbetalingen van projecten die nog moeten worden afgesloten, worden ook volgens deze afspraken terugbetaald. Dan geldt niet het actuele saldo van het subtegoed, maar het saldo + eerdere terugbetalingen aan Subsidiegevers. Voor afspraken over de verdeling van de risico-opslag van deze projecten zoals beschreven in par.4.1. geldt dit ook. In de bijlage SOK.E zijn voorbeeldboekingen opgenomen voor deze drie scenario’s bij een tussentijdse beëindiging van deelname door een Subsidiegever, zoals in Figuur 3. Figuur 4 met scenario 6 voor de beëindiging van het gehele fonds is gelijk aan Figuur 3 scenario 5a.
Zie ook 2.1. Procedure deelname additionele Subsidiegever stap 4 Subsidiegevers met overlappende gebieden. 15
A Voorwaarden subsidiegevers en partners
17/20
5
Tussentijdse beëindiging fonds door provincie 1
Zie art. 4 de Samenwerkingsovereenkomst ‘Tussentijdse beëindiging deelname door Provincie’.
Rek.Courant
Sub-tegoed Provincie 1
Zolang er nog sprake is van verliezen, worden de partijen in deze volgorde terugbetaald: 1. 2. 3.
Provincie krijgt oorspronkelijke inleg terug Min EZK krijgt inleg terug Als er vervolgens sprake is van winst, ook na eventuele latere terugbetaling, wordt het saldo naar rato inleg terugbetaald.
Dit geldt ook voor latere terugbetalingen uit nog lopende leningen.
Middelen EZK
Middelen Prov 1
Gereserveerde leningen Prov 1
Uitgezette leningen Prov 1
5a: Fonds omvang groter dan 2.000.000 met lopende projecten Startsaldo
6.939.750
2.711.250
150.000
-355.000
5a.1 5a.2
Inleg Provincie terug naar Provincie Match-funding terug naar EZK
1.000.000
-1.000.000 -1.000.000
-
5a.3 5a.4
Terugboeking EZK restant saldo naar rato inleg Terugboeking Prov 1 restant saldo Subtotaal Saldo direct na beëindiging deelname Goedkeuring aanvraag Lening A Prov 1 - Fase 4
5a.5 5a.6 5a.7
Terugbetaling lening A Prov 1 hoofdsom Terugbetaling lening Lening A Prov 1 opslag (50%) Subtotaal na terugbetaling Lening A 5a.8 Terugboeking EZK restant saldo naar rato inleg 5a.9 Terugboeking Prov 1 restant saldo Eindsaldo 5a 5b: Fonds omvang kleiner dan 2.000.000 met lopende projecten Saldo 5b.1 Inleg Provincie terug naar Provincie 5b.2 Match-funding terug naar EZK Subtotaal Saldo direct na beëindiging deelname 5b.3 Goedkeuring aanvraag Lening A Prov 1 - Fase 4 5b.4 Terugbetaling lening A Prov 1 hoofdsom 5b.5 Terugbetaling lening Lening A Prov 1 opslag (50%) Subtotaal na terugbetaling Lening A Terugboeking EZK restant match-funding Terugboeking EZK restant saldo naar rato inleg Terugboeking Prov 1 restant saldo Eindsaldo 5b 5c: Fonds omvang kleiner dan inleg provincie (1.000.000) Saldo 5c.1 Inleg Provincie terug naar Provincie 5c.2 Match-funding terug naar EZK Subtotaal Saldo direct na beëindiging deelname 5c.3 Goedkeuring aanvraag Lening A Prov 1 - Fase 4
355.625 8.295.375
133.750 8.429.125 334.375 8.763.500 6.806.000
5c.6 5c.7 5c.8 5c.9
Terugbetaling lening A Prov 1 hoofdsom Terugbetaling lening Lening A Prov 1 opslag (50%) Subtotaal na terugbetaling Lening A Inleg Provincie terug naar Provincie Terugboeking EZK restant match-funding Terugboeking EZK restant saldo naar rato inleg Terugboeking Prov 1 restant saldo Eindsaldo 5c
535.000 133.750 668.750 334.375 -334.375 -
150.000 -150.000
-355.000 150.000 Conform voorbeeld 4 Terugbetaling met risico-535.000 opslag.
-
-
-
-
150.000
385.000
150.000 -150.000
385.000 150.000 Conform voorbeeld 4 -535.000 Terugbetaling met risicoopslag.
Winst wordt naar rato inleg terugbetaald
265.000 7.071.000
1.265.000 -1.000.000 -265.000 -
7.071.000
535.000 267.500 802.500
-
-
-735.000 -33.750 -33.750 -
-
-
150.000
385.000
150.000 -150.000
385.000 150.000 Conform voorbeeld 4 - Terugbetaling met risico535.000 opslag.
5b.6 5b.7 5b.8
5c.4 5c.5
-355.625 -355.625 -
Toelichting
735.000 33.750 7.839.750 6.806.000 6.806.000
6.806.000 567.500 7.373.500
765.000 -765.000 535.000 267.500 802.500 -235.000 -567.500 -
-
Min EZK krijgt matchfunding vergoed Winst wordt naar rato inleg terugbetaald.
-
Geen winst om naar rato te verdelen. -
-
Figuur 6 SOK.E voorbeeldboeking tussentijdse beëindiging deelname provincie geldt ook voor gehele beëindiging fonds.
A Voorwaarden subsidiegevers en partners
18/20
6
Reguliere beëindiging Fonds 2040 Zie ook art. 15
Oorspronkelijke inleg fonds. Startsaldo 6.1 Verdeling saldo naar rato inbreng 6.2 Onttrekking fondsmiddelen Prov 1 6.3 Onttrekking fondsmiddelen Prov 2 6.4 Onttrekking fondsen EZK Saldo direct na beëindiging fonds 6.5 Goedkeuring aanvraag Lening A Prov 1 - Fase 4 6.6 Terugbetaling leningen Prov 1 hoofdsommen 6.7 Terugbetaling leningen Prov 1 opslagen Saldo na terugbetaling lening 6.8 Verdeling saldo naar rato inbreng 6.9 Onttrekking fondsmiddelen Prov 1 6.10 Onttrekking fondsen EZK Eindsaldo
Rek. Courant
Middelen EZK 10.000.000 1.644.709 2.322.355
Sub-tegoed Provincie 2
Sub-tegoed Provincie 1
Gereserveerde Uitgezette Middelen leningen Prov leningen Prov 1 1 Prov 1 1.000.000 2.788.809 150.000 740.000 -1.394.405 -1.394.405
Gereserveerde U Middelen leningen Prov 2 Prov 2 500.000 1.855.900 -927.950 -927.950
-3.967.064 -
654.615 -654.615 -
-
150.000 -150.000
890.000 419.230 1.309.230 -654.615 -654.615
740.000 150.000 -890.000
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
Figuur 7 Reguliere beëindiging fonds gelden dezelfde afspraken voor terugbetaling als bij tussentijdse beëindiging deelname Subsidiegever.
6.3.
Tussentijdse beëindiging
6.3.1. Bij terugtrekking EZK Als EZK besluit deelname aan het fonds op te zeggen, n.a.v. een evaluatie, zal eerst een overleg worden gehouden met de Fondsmanager, Fondsbeheerder en de andere Subsidiegevers. Daarna kan met een schriftelijke mededeling worden opgezegd met een termijn van tenminste zes maanden 16. Als de overige Subsidiegevers wel doorgang wensen, worden nieuwe afspraken worden gemaakt over de dekking van de uitvoeringskosten en eventuele terugbetalingen of kwijtschelding van de inleg van EZK. Als de Fondsmanager en Fondsbeheerder hun verplichtingen uit de leenovereenkomst(en) of beschikking(en) niet nakomen, moet minimaal twee keer overleg hebben plaatsgevonden met EZK om mogelijke oplossingen te vinden. Lukt dat niet, geldt ook een opzegtermijn van tenminste zes maanden. Als de Fondsmanager en Fondsbeheerder failliet worden verklaard kan het fonds ook tussentijds worden beëindigd door EZK. 6.3.2. Bij beëindiging van de Fondsmanager Terugtrekking van Fondsmanager of Fondsbeheerder zal de continuïteit van het fonds in het geding brengen. De samenwerking is onderwerp van regulier overleg om dit te voorkomen. Als dit toch gebeurt zullen alle partners in gesprek moeten om maatregelen te treffen. Eerst worden getracht een vervanger te zoeken. De terugtrekkende partij zal medewerking verlenen aan overdracht.
Als het niet lukt om een oplossing te vinden zullen afspraken moeten worden gemaakt om de lopende projecten tot een goed einde te brengen. Als het fonds geen doorgang kent, gaat SOK art 15 in werking (zie ook 4.1. Reguliere beëindiging fonds op 31 december 2039).
16
LOK 1 art. 11.1
A Voorwaarden subsidiegevers en partners
19/20
6.1.
Reguliere beëindiging fonds op 31 december 2039
Als zich geen wijzigingen voordoen in de looptijd van het fonds, zal deze beëindigen op 31 december 2039. Paragraaf 4.1. Verstrekte leningen en 4.2. Terugbetaling saldo na beëindiging zijn dan ook van toepassing, tenzij hier eerder andere afspraken over worden gemaakt.
A Voorwaarden subsidiegevers en partners
20/20
B. Voorwaarden Ontwikkelfonds Energiecoöperaties voor projectbureaus
1 Aanmeldprocedure projectbureaus In dit document worden inschrijvingsprocedure en voorwaarden beschreven voor projectbureaus van projectbegeleiding die voor energiecoöperaties opdrachten willen uitvoeren binnen het ontwikkelfonds. Dit vormt het startmodel die door Energie Samen en de koepelcoöperaties van de betrokken provincies verder uitgewerkt, gemonitord, geëvalueerd en verbeterd gaat worden. 1.1
Inschrijvingsprocedure
Projectbureaus dienen zich in te schrijven voor een open house contract met Energie Samen. De inschrijving gaat als volgt 1: 1. Projectbureaus vullen het aanmeldformulier in. 2. Het ingevulde aanmeldformulier wordt gestuurd naar door de provinciale coördinator ter kennisgeving. De provinciaal coördinator kan eventuele hiaten of aandachtspunten in de aanvraag signaleren bij Energie Samen. 3. Energie Samen controleert het aanmeldformulier. 4. Indien de aanmelding juist en volledig is en aan de voorwaarden wordt voldaan, stelt Energie Samen een open house contract op voor het projectbureau. 5. Met het open house contract is het projectbureau beschikbaar voor energiecoöperaties die bij het ontwikkelfonds een projectlening willen aanvragen. 6. De provinciaal coördinator van het werkgebied wordt geïnformeerd over een nieuwe het projectbureau die beschikbaar is geworden voor coöperaties. 1.2
Voorwaarden Projectbureau
Om in aanmerking te komen voor een open house contract dient een projectbureau aan te tonen dat zij voldoen aan en instemmen met de voorwaarden voor de uitvoering van projecten. Voorwaarden waar projectbureaus aan dienen te voldoen omvatten: 1
Voorwaarden Fase 1 - haalbaarheid
Controle
Voorwaarden aanvrager 1.1.
Het projectbureau onderschrijft het streven naar minimaal 50% lokaal eigendom en de zeven coöperatieve principes.
Verklaring
1.2.
Het projectbureau kan twee referentieprojecten opgeven, die zouden voldoen aan de voorwaarden van het ontwikkelfonds, ook buiten de deelnemende gebieden, waarbij personen betrokken zijn geweest die bij het projectbureau werkzaam zijn.
Twee referentieprojecten opgeven en namen betrokken personen.
1.3.
Het projectbureau beschikt over kennis en kunde op het gebied van ten minste vier van deze competenties:
CV’s van relevante projectleiders
-
Projectontwikkeling wind en/of zon RO, business case, (financiële) compliance, juridische contractering, participatie,
En toegang tot partners met expertise op het gebied van de resterende bovenstaande competenties en: 1
Participatie
Op deze procedure is de aanbestedingswet niet van toepassing.
en Partners Expertisematrix
-
Financiering Omgevingsmanagement & communicatie Overige relevante expertise
Het projectbureau beschikt over minimaal twee medewerkers of een samenwerking met partners binnen elk expertisegebied met voldoende ervaring en kennis om voor zon-, wind- of andere projecten die het projectbureau binnen het ontwikkelfonds wil begeleiden.
CV’s
1.5.
Het projectbureau is bereid zich door te ontwikkelen en deel te nemen aan evaluaties om de werking van het Ontwikkelfonds en de resultaten en dienstverlening van de projectbureaus te blijven verbeteren.
Verklaring aanmelding & modelovereenkomst
1.6.
Het projectbureau is bereid om gebruik te maken van de beschikbare standaarden en werkmethoden van Energie Samen en draagt zo bij aan efficiënt en effectieve dienstverlening, kennisdeling en benchmarking.
Verklaring aanmelding & modelovereenkomst
1.7.
Is het projectbureau bereid eigen kennis, ontwikkelingen en instrumenten, modellen en andere vormen van intellectueel eigendom die bijdragen aan de kwaliteit van projecten binnen het ontwikkelfonds, open source beschikbaar te stellen, en te delen met andere deelnemende projectbureaus en coöperaties zodat de coöperatieve sector in het geheel verder ontwikkelt?
Verklaring aanmelding & modelovereenkomst
1.8.
Een projectbureau is in de afgelopen vier jaar niet betrokken geweest bij of veroordeeld voor één van de volgende zaken:
Verklaring en steekproef
1.4.
•
•
•
•
Deelneming aan een criminele organisatie in de zin van artikel 2, eerste lid, van Gemeenschappelijk Optreden 98/733/JBZ van de Raad, (PbEG 1998, L 351); Omkoping in de zin van artikel 3 van het besluit van de Raad van 26 mei 1997 (PbEG 1997, L 195) respectievelijk artikel 3, eerste lid, van Gemeenschappelijk Optreden 98/742/JBZ van de Raad (PbEG 1998, L 358); Fraude in de zin van artikel 1 van de overeenkomst aangaande de bescherming van de financiële belangen van de Gemeenschap (PbEG 1995, C 316); Het witwassen van geld in de zin van artikel 1 van richtlijn nr. 91/308/EEG van de Raad van 10 juni 1991 tot voorkoming van het gebruik van het financiële stelsel voor het witwassen van geld (PbEG L 1991, L 166) zoals gewijzigd bij richtlijn nr. 2001/97/EG van het Europees Parlement en de Raad (PbEG L 2001, 344).
Veroordelingen als bedoeld in het tweede lid worden in ieder geval aangemerkt veroordelingen op grond van artikel 140, 177, 178, 225, 226, 227, 227a, 227b of 323a, 328ter,
Modelovereenkomst Expertisematrix
tweede lid, 420bis, 420ter of 420quater van het Wetboek van Strafrecht. Deze voorwaarden zijn opgenomen in het aanmeldformulier.
Bijlagen: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.
ICA principes Deelnemende subsidiegevers en koepels Fasering wind- en zonprojecten Processchema’s Ontwikkelfonds Energiecoöperaties Overeenkomst Energie Samen – Projectbureau (open house) Financieringsovereenkomst Energie Samen -Energiecoöperatie Begrippen en afkortingenlijst
C Voorwaarden Ontwikkelfonds Energiecoöperaties voor aanvragers en projecten
C Voorwaarden aanvragers en projecten
1/17
Inhoudsopgave 1.
2.
3.
Over het Ontwikkelfonds Energiecoöperaties ..................................................................... 3 1.1.
Welke kosten worden voorgefinancierd?..................................................................... 3
1.2.
Revolverend fonds .......................................................................................................... 3
1.3.
Waarom is het Ontwikkelfonds nodig? ......................................................................... 3
Aanvragen ontwikkellening ................................................................................................... 4 2.1.
Aanvraag - fase 1 Haalbaarheid .................................................................................... 5
2.2.
Aanvraag vanaf fase 2 ontwikkel - vergunning.......................................................... 7
2.3.
Aanvraag vervolgaanvraag bij faseovergang ........................................................... 10
2.4.
Toelichting lokale evaluatie en landelijke beoordeling ............................................. 12
2.5.
Toelichting aanvraag lening bij Groenfonds .............................................................. 12
2.6.
Toelichting vereisten i.v.m. staatssteun ..................................................................... 12
Uitvoering en rapportage .................................................................................................... 14 3.1.
Betalingen vanuit projectdepot ................................................................................... 14
3.2.
Kwartaalrapportage aan Energie Samen ................................................................... 15
3.2.1.
4.
Toelichting kwartaalrapportage........................................................................... 16
3.3.
Jaarlijks overzicht stand lening ................................................................................... 16
3.4.
Incidenten en kritische wijzigingen ............................................................................. 16
Afsluiting project ................................................................................................................... 17 4.1.
Staking project............................................................................................................... 17
4.1.1. 4.2.
Overdracht ............................................................................................................. 17
Bereik financial close .................................................................................................... 17
Bijlagen: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.
ICA principes Deelnemende subsidiegevers en koepels Fasering wind- en zonprojecten Processchema’s Ontwikkelfonds Energiecoöperaties Overeenkomst Energie Samen – Projectbureau (open house) Financieringsovereenkomst Energie Samen -Energiecoöperatie Begrippen en afkortingenlijst
C Voorwaarden aanvragers en projecten
2/17
1. Over het Ontwikkelfonds Energiecoöperaties Met het Ontwikkelfonds wordt een deel van de aanloopkosten voor coöperatieve lokale duurzame energieprojecten; wind-, (grotere) zon-, warmte- en/of besparingsprojecten voorgefinancierd. Het gaat specifiek om de kosten die je maakt in de (risicovolle) voorfase van je project, wanneer je nog niet weet of het project doorgaat.
1.1. Welke kosten worden voorgefinancierd? Duurzame energiecoöperaties kunnen bij het Ontwikkelfonds geld lenen voor: -
personele ondersteuning (projectbegeleider), vanuit een aangesloten projectbureau out-of-pocket-kosten’ voor specialistische onderzoeken of andere noodzakelijke deelstappen om te komen tot een financierbare business case en een onherroepelijke vergunning voor je project.
1.2. Revolverend fonds Wanneer financial close voor het project is bereikt stort de coöperatie het beschikbaar gestelde geld terug, met een risico-opslag. Zo houdt het Ontwikkelfonds zich uiteindelijk zelf in stand. Mocht het project onverhoopt niet doorgaan, dan hoeft de coöperatie niets terug te betalen.
1.3. Waarom is het Ontwikkelfonds nodig? Duurzame energieprojecten van coöperaties kunnen vrijwel altijd rekenen op veel lokale steun, van omwonenden en gemeentebesturen. Niet alle energiecoöperaties kunnen echter de risicovolle aanloopkosten van projecten financieren. Energiecoöperaties verschillen van bedrijfsmatige projectontwikkelaars omdat zij vaak maar één project ontwikkelen. Zeker startende coöperaties. De meeste coöperaties werken met vrijwilligers, en zonder startkapitaal. Projectontwikkelaars hebben een portfolio van projecten waarover zij het risico van het niet doorgaan van projecten, kunnen spreiden. Met het beschikbaar stellen van gelden voor projectondersteuning en risicokapitaal wordt dit probleem opgelost. Kennis, kunde en geld kunnen nu beschikbaar komen voor initiatieven die kansrijk zijn. Uitgangspunt van het Ontwikkelfonds is de verdere professionalisering van de coöperatieve sector en hun projecten.
C Voorwaarden aanvragers en projecten
3/17
2. Aanvragen ontwikkellening Het ontwikkelfonds is bedoeld voor de ontwikkeling van projecten van bierviltje of keukentafel tot financial close. Deze ontwikkeling kent een viertal fasen: 1. 2. 3. 4. 5.
Haalbaarheid Ontwikkelfase vergunning Ontwikkelfase SDE (SCE) Voorbereiding bouw Zie ook hieronder Tabel 1 en Tabel 1 Maximale leenbedragen per fase Wind en Bijlage 3 Fasering wind- en zonprojecten.
Maximale lening per fase Wind
Max leenbedrag Risicoper fase opslag
Haalbaarheidsonderzoeken/PvA
€ 10.000
200%
Ontwikkelfase I
€ 75.000
50%
Ontwikkelfase II
€ 150.000
50%
Voorbereiding bouw
€ 300.000
25%
Totaal (bij maximale lening)
€ 535.000
Tabel 1 Maximale leenbedragen per fase Wind
Maximale lening per fase Zon
Max leenbedrag Risicoper fase opslag
Haalbaarheidsonderzoeken/PvA
€ 3.000
100%
Ontwikkelfase I
€ 25.000
25%
Ontwikkelfase II
€ 25.000
25%
Voorbereiding bouw
€ 20.000
25%
Totaal (bij maximale lening)
€ 73.000
Tabel 2 Maximale leenbedragen per fase Zon
Om zoveel mogelijk projecten tot realisatie te brengen, wordt de ontwikkeling van het project per fase gevolgd en worden ervaringen en kennis gedeeld. Afhankelijk van de fase en voortgang, zijn verschillende momenten waarop een Energiecoöperaties een aanvraag moet indienen bij het ontwikkelfonds.
C Voorwaarden aanvragers en projecten
4/17
uren & onkosten
Aanvraag vervolglening voor volgende fase
Afsluiting project
•Oprichting coöperatie •Haalbaarheidsonderzoek •maken Plan van aanpak
Aanvraag voor projectlening tot financial close
Aanvraag faseovergang
Aanvraag fase 1
Ondersteuning bij
Aanvraag fase 2
Er zijn drie soorten aanvragen tot de afsluiting het project:
Terugbetaling bij financial close
Go / no go
Hieronder volgt per type aanvraag een beschrijving van de procedure voor de aanvraag en de voorwaarden waaraan de aanvraag moet voldoen.
2.1. Aanvraag - fase 1 Haalbaarheid Een project zit in fase 1 als de coöperatie nog niet is opgericht, de haalbaarheid van het project nog niet duidelijk is, of als nog niet alle informatie beschikbaar is om een volledige projectlening aan te vragen, zoals een plan van aanpak, begroting en/of business case. Voor de eerste projectaanvraag in fase 1 Haalbaarheid, geldt de volgende aanvraagprocedure: 1. De initiatiefnemer of coöperatie meldt zich voor het eerst en het project bij Energie Samen via het intakeformulier. 2. Energie Samen beoordeelt de aanmelding in overleg met de provinciaal coördinator en stemt het benodigde budget af voor de gevraagde ondersteuning. 3. Als de aanvrager en het project aan de voorwaarden voldoen, wordt de projectlening voorgedragen bij het Groenfonds. 4. Energie Samen bundelt de voor te dragen aanvragen en vraagt eenmaal per maand een ontwikkellening bij het Groenfonds. 5. Als het project door het Groenfonds wordt goedgekeurd, maakt het Groenfonds de middelen voor de eerste fase van het project over aan Energie Samen t.b.v. een projectdepot waaruit de projectkosten kunnen worden betaald. 6. Energie Samen stelt de financieringsovereenkomst op tussen Energie Samen en de aanvrager voor de eerste fase. De lening voor de eerste fase wordt beschikbaar gesteld in de vorm van een projectdepot. 7.
De aanvrager krijgt toegang tot projectdossiers en kan aan de slag met de provinciaal coördinator om het project verder uit te werken en de voorbereiden van een aanvraag voor de volgende fase. 1.
Voorwaarden Fase 1 - haalbaarheid
Controle
Voorwaarden aanvrager 1.1.
De aanvrager onderschrijft (aantoonbaar) de zeven coöperatieve principes (ICA-principes). Dit blijkt bijvoorbeeld uit de statuten, reglementen en/of een schriftelijke verklaring.
C Voorwaarden aanvragers en projecten
Verklaring en statuten
5/17
1.2.
De aanvrager is een coöperatieve vereniging OF een initiatief met de intentie om een coöperatieve vereniging in oprichting (i.o.).
Intentieverklaring of statuten
1.3.
De initiatiefnemer gaat akkoord met de financieringsvoorwaarden zoals vastgesteld in het model financieringsovereenkomst (zie ook Bijlage 6 Financieringsovereenkomst Energie Samen Energiecoöperatie).
Verklaring
1.4.
De aanvrager is bereid kennis en ervaring beschikbaar te stellen voor andere initiatiefnemers, middels evaluaties en benchmarking, zolang er geen sprake is van een vertrouwelijke status waarbij het project schade zou kunnen oplopen of schending van privacy van betrokken personen zwaarder weegt dan het belang van het project.
Verklaring
1.1.
De aanvrager gaat akkoord met de voorwaarden voor projectbureaus voor de uitvoering van een project en daarmee, de voorwaarden in de open-house-overeenkomst Energie Samen - Projectbureaus.
Verklaring
Projectbureaus en coöperaties (i.o.) zijn vrij om onderling aanvullende afspraken te maken, zolang deze niet in strijd zijn met de bepalingen in het open house contract met Energie Samen. 1.5.
De aanvrager heeft onvoldoende eigen middelen, beschikbaar om het project voor te financieren en het bijbehorend risico te dragen.
Laatste jaarstukken
Vereisten staatssteun (zie ook 2.6): 1.6.
De aanvrager heeft niet eerder onrechtmatige of onverenigbare staatssteun ontvangen, die hij moet terugbetalen.
Verklaring
1.7.
De aanvrager verkeert niet in financiële problemen en is een KMO (MKB) met grootte micro of klein. Dat wil zeggen
MKB-verklaring
minder dan 50 werknemers (personen) EN hoogstens EUR 10 miljoen jaaromzet EN/OF
Laatste jaarstukken
Jaarbalans kleiner of gelijk aan EUR 10 miljoen Voorwaarden voor het project 1.8.
Het project is voldoende haalbaar o Het project heeft een realistische kans om financial close te bereiken, te bepalen m.b.v. format risicoanalyse / quickscan. o Het project is voor zover bekend ruimtelijk en politiek haalbaar
Projectbeschrijving
1.2.
Het betreft een project(kans) voor de opwek van Zon- of Windenergie met een (verwachtte) investeringswaarde van tenminste € 500.000.
Projectbeschrijving
Een project kan bestaan uit een aantal deelprojecten met verschillende kleinere installaties;
C Voorwaarden aanvragers en projecten
6/17
1.3.
Het (potentiële) project heeft nog geen vergunning, SDEsubsidie of financial close bereikt.
Projectbeschrijving
1.4.
De aanvrager is voor ten minste 50% mede-eigenaar van het te financieren project 1 of heeft de intentie en mogelijkheid om dat (met de gevraagde ondersteuning) te worden;
Projectbeschrijving
2.2. Aanvraag vanaf fase 2 ontwikkel - vergunning Een aanvraag voor fase 2 kan worden gedaan als alle benodigde documentatie beschikbaar is en de coöperatie is opgericht (zie ook de voorwaarden hieronder). Als het project een aanvraag indient voor fase 2 Ontwikkeling vergunning of verder, geldt de volgende aanvraagprocedure: 1. De coöperatie meldt zich bij Energie Samen als aanvrager of heeft dit eerder al gedaan. 2. Energie Samen beoordeelt de aanvrager op de voorwaarden. 3. De aanvrager bereidt het projectdossier voor t.b.v. de aanvraag met ondersteuning van de provinciaal coördinator. Deze bevat de volgende documenten: a. Projectplan met begroting voor de ontwikkeling van het project Zie ook bijlage 3 Fasering wind- en zonprojecten b. Begroting voor het projectplan c. Business case van het project d. Risico-analyse 4. De provinciaal coördinator evalueert het project volgens het lokale beleid van de koepel of platform in de regio of provincie en voegt de evaluatie toe aan het dossier 5. De aanvrager dient de (vervolg-)aanvraag in door het project gereed te melden 6. Energie Samen beoordeelt de aanvraag 7. Indien positief, voegt Energie Samen de projectaanvraag toe aan de volgende aanvraagronde bij het Groenfonds en informeert de aanvrager en provinciaal coördinator over de termijn. Zie ook 2.5 Toelichting aanvraag lening bij Groenfonds. 8.
Het Groenfonds controleert bij nieuwe projecten of de aanvraag compleet is en of Energie Samen alle voorwaarden heeft gecontroleerd. 9. Bij positieve beoordeling door het Groenfonds, wordt de lening gereserveerd en het bedrag voor de volgende fase aan Energie Samen uitgekeerd. 10. Energie Samen stelt de financieringsovereenkomst op tussen Energie Samen en de aanvrager voor de aangevraagde projectlening tot financial close. 11. Energie Samen informeert de aanvrager en de provinciaal coördinator dat de projectlening beschikbaar is. 2.
Voorwaarden vanaf Fase 2 – ontwikkelfase vergunning
Controle
Voorwaarden aanvrager 2.1.
De aanvrager voldoet (nog steeds) aan alle voorwaarden die gelden vanaf fase 1.
Zie Fase 1
Er is sprake van financieel eigendom en zeggenschap over het project én over de besteding van de baten bij exploitatie. Zie ook Factsheet 50% lokaal eigendom (regionale-energiestrategie.nl) 1