Bijlage 1.4.1 - Bijlage 1 bij ruimtelijke onderbouwing - Verkennend bodemonderzoek.pdf
Tekst van het document
S Tolueen
µg/l
-<0,20
S Ethylbenzeen
µg/l
-<0,20
S m,p-Xyleen
µg/l
-<0,20
S ortho-Xyleen
µg/l
-<0,10
S Som Xylenen (Factor 0,7)
µg/l
-0,21
S Naftaleen
µg/l
-<0,020
S Styreen
µg/l
-<0,20
#)
Chloorhoudende koolwaterstoffen (AS3000)
S Dichloormethaan
µg/l
-<0,20
S Trichloormethaan (Chloroform)
µg/l
-<0,20
S Tetrachloormethaan (Tetra)
µg/l
-<0,10
S 1,1-Dichloorethaan
µg/l
-<0,20
S 1,2-Dichloorethaan
µg/l
-<0,20
S 1,1,1-Trichloorethaan
µg/l
-<0,10
S 1,1,2-Trichloorethaan
µg/l
-<0,10
S Vinylchloride
µg/l
-<0,20
S 1,1-Dichlooretheen
µg/l
-<0,10
S Cis-1,2-Dichlooretheen
µg/l
-<0,10
S trans-1,2-Dichlooretheen
µg/l
-<0,10
µg/l
-0,14
#)
µg/l
-0,21
#)
µg/l
-<0,20
S S
Som cis/trans-1,2-Dichlooretheen (Factor 0,7) Som Dichlooretheen (Factor 0,7)
S Trichlooretheen (Tri)
Blad 2 van 4 Kamer van Koophandel Nr. 08110898 VAT/BTW-ID-Nr.: NL 811132559 B01
Directeur ppa. Marc van Gelder Dr. Paul Wimmer
AL-West B.V. Dortmundstraat 16B, 7418 BH Deventer, the Netherlands Postbus 693, 7400 AR Deventer Tel. +31(0)570 788110, Fax +31(0)570 788108 e-Mail: info@al-west.nl, www.al-west.nl
Opdracht 644706 Water
Eenheid
22690 W9, 09-1: 400-500
De in dit rapport vermelde analyses zijn geaccrediteerd volgens ISO/IEC 17025:2005, tenzij bij de analyse het symbool " * " staat vermeld.
DOC-13-9445207-NL-P3
Chloorhoudende koolwaterstoffen (AS3000)
S Tetrachlooretheen (Per)
µg/l
-<0,10
S 1,1-Dichloorpropaan
µg/l
-<0,20
S 1,2-Dichloorpropaan
µg/l
-<0,20
S 1,3-Dichloorpropaan
µg/l
-<0,20 #)
S Som Dichloorpropanen (Factor 0,7) µg/l Broomhoudende koolwaterstoffen
-0,42
S Tribroommethaan (bromoform) Minerale olie (AS3000)
µg/l
-<0,20
S Koolwaterstoffractie C10-C40
µg/l
--<50
Koolwaterstoffractie C10-C12
µg/l
-- * <10
Koolwaterstoffractie C12-C16
µg/l
-- * <10
Koolwaterstoffractie C16-C20
µg/l
-- * <5,0
Koolwaterstoffractie C20-C24
µg/l
-- * <5,0
Koolwaterstoffractie C24-C28
µg/l
-- * <5,0
Koolwaterstoffractie C28-C32
µg/l
-- * <5,0
Koolwaterstoffractie C32-C36
µg/l
-- * <5,0
Koolwaterstoffractie C36-C40
µg/l
-- * <5,0
#) Bij deze som zijn resultaten "<rapportagegrens" vermenigvuldigd met 0,7. S) Erkend volgens AS SIKB 3000 Verklaring:"<" of n.a. betekent dat het gehalte van de component lager is dan de rapportagegrens. Begin van de analyses: 13.03.2017 Einde van de analyses: 16.03.2017 De onderzoeksresultaten hebben alleen betrekking op het aangeleverde monstermateriaal . Monsters met onbekende herkomst kunnen slechts beperkt gecontroleerd worden op plausibiliteit .
AL-West B.V. Dhr. Laurens van Oene, Tel. 31/570788121 Klantenservice
Blad 3 van 4 Kamer van Koophandel Nr. 08110898 VAT/BTW-ID-Nr.: NL 811132559 B01
Directeur ppa. Marc van Gelder Dr. Paul Wimmer
AL-West B.V. Dortmundstraat 16B, 7418 BH Deventer, the Netherlands Postbus 693, 7400 AR Deventer Tel. +31(0)570 788110, Fax +31(0)570 788108 e-Mail: info@al-west.nl, www.al-west.nl
Opdracht 644706 Water
Toegepaste methoden eigen methode:
Koolwaterstoffractie C10-C12
Koolwaterstoffractie C12-C16
Koolwaterstoffractie C16-C20
Koolwaterstoffractie C20-C24 Koolwaterstoffractie C32-C36
Koolwaterstoffractie C24-C28 Koolwaterstoffractie C36-C40
Koolwaterstoffractie C28-C32
Protocollen AS 3100: Lood (Pb) Molybdeen (Mo) Koper (Cu) Zink (Zn) Nikkel (Ni) Kwik (Hg) Cadmium (Cd) Kobalt (Co) Barium (Ba) Tribroommethaan (bromoform) Dichloormethaan Trichloormethaan (Chloroform) Benzeen Tolueen Tetrachloormethaan (Tetra) 1,1-Dichloorethaan Ethylbenzeen 1,2-Dichloorethaan m,p-Xyleen ortho-Xyleen Som Xylenen (Factor 0,7) Naftaleen 1,1,1-Trichloorethaan Styreen 1,1,2-Trichloorethaan Vinylchloride 1,1-Dichlooretheen Cis-1,2-Dichlooretheen trans-1,2-Dichlooretheen Som cis/trans-1,2-Dichlooretheen (Factor 0,7) Som Dichlooretheen (Factor 0,7) Trichlooretheen (Tri) Tetrachlooretheen (Per) 1,1-Dichloorpropaan
De in dit rapport vermelde analyses zijn geaccrediteerd volgens ISO/IEC 17025:2005, tenzij bij de analyse het symbool " * " staat vermeld.
DOC-13-9445207-NL-P4
1,2-Dichloorpropaan 1,3-Dichloorpropaan Som Dichloorpropanen (Factor 0,7)
Koolwaterstoffractie C10-C40
Blad 4 van 4 Kamer van Koophandel Nr. 08110898 VAT/BTW-ID-Nr.: NL 811132559 B01
Directeur ppa. Marc van Gelder Dr. Paul Wimmer
AL-West B.V. Dortmundstraat 16B, 7418 BH Deventer, the Netherlands Postbus 693, 7400 AR Deventer Tel. +31(0)570 788110, Fax +31(0)570 788108 e-Mail: info@al-west.nl, www.al-west.nl [@ANALYNR_START=22690]
DOC-13-9445247-NL-P1
CHROMATOGRAM for Order No. 644706, Analysis No. 22690, created at 16.03.2017 10:29:34 Monsteromschrijving: W9, 09-1: 400-500
Blad 1 van 1 Kamer van Koophandel Nr. 08110898 VAT/BTW-ID-Nr.: NL 811132559 B01
Directeur ppa. Marc van Gelder Dr. Paul Wimmer
BIJLAGE V
AL-West B.V. - AL-West B.V. Dortmundstraat 16B NL - 7418 Deventer. Tel: +31 570 788110 Fax: +31 570 788108 Toetsingsinstellingen Versie 2.0.0 Toetsingsmethode Beoordeling kwaliteit van grond volgens Wbb [T.12] De toetsing is uitgevoerd volgens de vigerende wetgeving waarbij gebruik gemaakt is van de BOTOVA webservice (zie https://www.BOTOVA-service.nl/) Opdracht Opdrachtnummer Laboratorium Matrix Project Datum binnenkomst Rapportagedatum CRM
643237 AL-West B.V. Vaste stoffen 16218 Acacialaan 73 te Doetinchem 06.03.2017 10.03.2017 Dhr. Laurens van Oene
Monster Analysenummer Monsteromschrijving Datum monstername Monstersoort Versie
12760 MM1, 01: 0-50, 02: 0-50, 03: 0-40, 04: 0-50, 05: 0-50, 06: 0-50, 07: 0-50, 08: 0-50 06.03.2017 Bodem / Eluaat 1
Gehanteerde waarden voor dit monster Humus (%) Lutum (%) Resultaat voor dit monster Toetsingsresultaat
2,8 Gemeten waarde 2,8 Gemeten waarde
Voldoet aan Achtergrondwaarde
Resultaat BOTOVAResultaat Eenheid (G_standaard) eenheid Toetsing IRW AW I T-index IJzer (Fe2O3) <5 % Ds 3,5 % N Fractie < 2 µm 2,8 % Ds 2,8 % N Cadmium (Cd) < 0,2 mg/kg Ds 0,23 mg/kg <= Achtergrondwaarde N 0,6 13 -1 Kwik (Hg) < 0,05 mg/kg Ds 0,049 mg/kg <= Achtergrondwaarde N 0,15 36 -1 Barium (Ba) 20 mg/kg Ds 70,5 mg/kg N Kobalt (Co) 3,1 mg/kg Ds 10 mg/kg <= Achtergrondwaarde N 15 190 -1 Zink (Zn) 34 mg/kg Ds 76 mg/kg <= Achtergrondwaarde N 140 720 -1 Nikkel (Ni) 5,8 mg/kg Ds 15,9 mg/kg <= Achtergrondwaarde N 35 100 -1 Molybdeen (Mo) < 1,5 mg/kg Ds 1,05 mg/kg <= Achtergrondwaarde N 1,5 190 -1 Lood (Pb) 23 mg/kg Ds 35,2 mg/kg <= Achtergrondwaarde N 50 530 -1 Koper (Cu) 6,2 mg/kg Ds 12,2 mg/kg <= Achtergrondwaarde N 40 190 -1 Indeno-(1,2,3-c,d)pyreen 0,094 mg/kg Ds 0,094 mg/kg N Chryseen 0,11 mg/kg Ds 0,11 mg/kg N Fenanthreen 0,069 mg/kg Ds 0,069 mg/kg N Benzo(a)anthraceen 0,11 mg/kg Ds 0,11 mg/kg N Benzo(k)fluorantheen 0,062 mg/kg Ds 0,062 mg/kg N Benzo(ghi)peryleen < 0,05 mg/kg Ds 0,035 mg/kg N Anthraceen < 0,05 mg/kg Ds 0,035 mg/kg N Benzo-(a)-Pyreen 0,12 mg/kg Ds 0,12 mg/kg N Fluorantheen 0,19 mg/kg Ds 0,19 mg/kg N Naftaleen < 0,05 mg/kg Ds 0,035 mg/kg N Koolwaterstoffractie C10-C40 < 35 mg/kg Ds 87,5 mg/kg <= Achtergrondwaarde N 190 5000 -1 Koolwaterstoffractie C10-C12 < 3 mg/kg Ds 7,5 mg/kg N Koolwaterstoffractie C12-C16 < 3 mg/kg Ds 7,5 mg/kg N Koolwaterstoffractie
C16-C20 < 4 mg/kg Ds 10 mg/kg N Koolwaterstoffractie C20-C24 < 5 mg/kg Ds 12,5 mg/kg N Koolwaterstoffractie C24-C28 < 5 mg/kg Ds 12,5 mg/kg N Koolwaterstoffractie C28-C32 7 mg/kg Ds 25 mg/kg N Koolwaterstoffractie C32-C36 < 5 mg/kg Ds 12,5 mg/kg N Koolwaterstoffractie C36-C40 < 5 mg/kg Ds 12,5 mg/kg N PCB 28 < 0,001 mg/kg Ds 2,5 ug/kg N PCB 52 < 0,001 mg/kg Ds 2,5 ug/kg N PCB 101 < 0,001 mg/kg Ds 2,5 ug/kg N PCB 118 < 0,001 mg/kg Ds 2,5 ug/kg N PCB 138 < 0,001 mg/kg Ds 2,5 ug/kg N PCB 153 < 0,001 mg/kg Ds 2,5 ug/kg N PCB 180 < 0,001 mg/kg Ds 2,5 ug/kg N som 10 polyaromatische koolwaterstoffen (VROM) 0,86 mg/kg <= Achtergrondwaarde N 1,5 40 -1 som 7 polychloorbifenylen PCB28, 52, 101, 118, 138, 153, 180 17,5 ug/kg <= Achtergrondwaarde N 20 1000 -1 Parameter
Toets oordeel
<= AW <= AW <= AW <= AW <= AW <= AW <= AW <= AW
<= AW
<= AW <= AW
Monster Analysenummer Monsteromschrijving Datum monstername Monstersoort Versie Gehanteerde waarden voor dit monster Humus (%) Lutum (%) Resultaat voor dit monster Toetsingsresultaat
12769 MM2, 09: 10-50, 10: 10-50, 11: 0-50, 12: 0-50, 13: 0-50, 14: 0-50, 15: 0-50 06.03.2017 Bodem / Eluaat 1
1,8 Gemeten waarde 3,1 Gemeten waarde
Voldoet aan Achtergrondwaarde
Resultaat BOTOVAToets Resultaat Eenheid (G_standaard) eenheid Toetsing IRW AW I T-index oordeel IJzer (Fe2O3) <5 % Ds 3,5 % N Fractie < 2 µm 3,1 % Ds 3,1 % N Cadmium (Cd) 0,24 mg/kg Ds 0,4 mg/kg <= Achtergrondwaarde N 0,6 13 -1 <= AW Kwik (Hg) < 0,05 mg/kg Ds 0,049 mg/kg <= Achtergrondwaarde N 0,15 36 -1 <= AW Barium (Ba) 33 mg/kg Ds 112 mg/kg N Kobalt (Co) 3,1 mg/kg Ds 9,73 mg/kg <= Achtergrondwaarde N 15 190 -1 <= AW Zink (Zn) 55 mg/kg Ds 124 mg/kg <= Achtergrondwaarde N 140 720 -1 <= AW Nikkel (Ni) 5,9 mg/kg Ds 15,8 mg/kg <= Achtergrondwaarde N 35 100 -1 <= AW Molybdeen (Mo) < 1,5 mg/kg Ds 1,05 mg/kg <= Achtergrondwaarde N 1,5 190 -1 <= AW Lood (Pb) 25 mg/kg Ds 38,6 mg/kg <= Achtergrondwaarde N 50 530 -1 <= AW Koper (Cu) 8,8 mg/kg Ds 17,5 mg/kg <= Achtergrondwaarde N 40 190 -1 <= AW Indeno-(1,2,3-c,d)pyreen 0,19 mg/kg Ds 0,19 mg/kg N Chryseen 0,24 mg/kg Ds 0,24 mg/kg N Fenanthreen 0,43 mg/kg Ds 0,43 mg/kg N Benzo(a)anthraceen 0,27 mg/kg Ds 0,27 mg/kg N Benzo(k)fluorantheen 0,13 mg/kg Ds 0,13 mg/kg N Benzo(ghi)peryleen 0,11 mg/kg Ds 0,11 mg/kg N Anthraceen 0,11 mg/kg Ds 0,11 mg/kg N Benzo-(a)-Pyreen 0,22 mg/kg Ds 0,22 mg/kg N Fluorantheen 0,54 mg/kg Ds 0,54 mg/kg N Naftaleen < 0,05 mg/kg Ds 0,035 mg/kg N Koolwaterstoffractie C10-C40 < 35 mg/kg Ds 122 mg/kg <= Achtergrondwaarde N 190 5000 -1 <= AW Koolwaterstoffractie C10-C12 < 3 mg/kg Ds 10,5 mg/kg N Koolwaterstoffractie
C12-C16 < 3 mg/kg Ds 10,5 mg/kg N Koolwaterstoffractie C16-C20 < 4 mg/kg Ds 14 mg/kg N Koolwaterstoffractie C20-C24 < 5 mg/kg Ds 17,5 mg/kg N Koolwaterstoffractie C24-C28 6 mg/kg Ds 30 mg/kg N Koolwaterstoffractie C28-C32 7 mg/kg Ds 35 mg/kg N Koolwaterstoffractie C32-C36 < 5 mg/kg Ds 17,5 mg/kg N Koolwaterstoffractie C36-C40 < 5 mg/kg Ds 17,5 mg/kg N PCB 28 < 0,001 mg/kg Ds 3,5 ug/kg N PCB 52 < 0,001 mg/kg Ds 3,5 ug/kg N PCB 101 < 0,001 mg/kg Ds 3,5 ug/kg N PCB 118 < 0,001 mg/kg Ds 3,5 ug/kg N PCB 138 < 0,001 mg/kg Ds 3,5 ug/kg N PCB 153 < 0,001 mg/kg Ds 3,5 ug/kg N PCB 180 < 0,001 mg/kg Ds 3,5 ug/kg N som 7 polychloorbifenylen PCB28, 52, 101, 118, 138, 153, 180 24,5 ug/kg <= Achtergrondwaarde N 20 1000 -1 <= AW som 10 polyaromatische koolwaterstoffen (VROM) 2,27 mg/kg Wonen N 1,5 40 0,02> AW en <= T Parameter
Monster Analysenummer Monsteromschrijving Datum monstername Monstersoort Versie Gehanteerde waarden voor dit monster Humus (%) Lutum (%) Resultaat voor dit monster Toetsingsresultaat
12777 MM3, 03: 40-90, 03: 90-140, 03: 150-200, 09: 50-90, 09: 90-140, 09: 140-190, 14: 50-80, 14: 100-150, 14: 150-200 06.03.2017 Bodem / Eluaat 1
0,9 Gemeten waarde 1,7 Gemeten waarde
Voldoet aan Achtergrondwaarde
Resultaat BOTOVAResultaat Eenheid (G_standaard) eenheid Toetsing IRW AW I T-index IJzer (Fe2O3) <5 % Ds 3,5 % N Fractie < 2 µm 1,7 % Ds 1,7 % N Cadmium (Cd) < 0,2 mg/kg Ds 0,24 mg/kg <= Achtergrondwaarde N 0,6 13 -1 Kwik (Hg) < 0,05 mg/kg Ds 0,05 mg/kg <= Achtergrondwaarde N 0,15 36 -1 Barium (Ba) < 20 mg/kg Ds 54,2 mg/kg N Kobalt (Co) 3,4 mg/kg Ds 12 mg/kg <= Achtergrondwaarde N 15 190 -1 Zink (Zn) < 20 mg/kg Ds 33,2 mg/kg <= Achtergrondwaarde N 140 720 -1 Nikkel (Ni) 7,2 mg/kg Ds 21 mg/kg <= Achtergrondwaarde N 35 100 -1 Molybdeen (Mo) < 1,5 mg/kg Ds 1,05 mg/kg <= Achtergrondwaarde N 1,5 190 -1 Lood (Pb) < 10 mg/kg Ds 11 mg/kg <= Achtergrondwaarde N 50 530 -1 Koper (Cu) < 5 mg/kg Ds 7,24 mg/kg <= Achtergrondwaarde N 40 190 -1 Indeno-(1,2,3-c,d)pyreen < 0,05 mg/kg Ds 0,035 mg/kg N Chryseen < 0,05 mg/kg Ds 0,035 mg/kg N Fenanthreen < 0,05 mg/kg Ds 0,035 mg/kg N Benzo(a)anthraceen < 0,05 mg/kg Ds 0,035 mg/kg N Benzo(k)fluorantheen < 0,05 mg/kg Ds 0,035 mg/kg N Benzo(ghi)peryleen < 0,05 mg/kg Ds 0,035 mg/kg N Anthraceen < 0,05 mg/kg Ds 0,035 mg/kg N Benzo-(a)-Pyreen < 0,05 mg/kg Ds 0,035 mg/kg N Fluorantheen < 0,05 mg/kg Ds 0,035 mg/kg N Naftaleen < 0,05 mg/kg Ds 0,035 mg/kg N Koolwaterstoffractie C10-C40 < 35 mg/kg Ds 122 mg/kg <= Achtergrondwaarde N 190 5000 -1 Koolwaterstoffractie C10-C12 < 3 mg/kg Ds 10,5 mg/kg N Koolwaterstoffractie C12-C16 < 3 mg/kg Ds 10,5 mg/kg N
Koolwaterstoffractie C16-C20 < 4 mg/kg Ds 14 mg/kg N Koolwaterstoffractie C20-C24 < 5 mg/kg Ds 17,5 mg/kg N Koolwaterstoffractie C24-C28 < 5 mg/kg Ds 17,5 mg/kg N Koolwaterstoffractie C28-C32 < 5 mg/kg Ds 17,5 mg/kg N Koolwaterstoffractie C32-C36 < 5 mg/kg Ds 17,5 mg/kg N Koolwaterstoffractie C36-C40 < 5 mg/kg Ds 17,5 mg/kg N PCB 28 < 0,001 mg/kg Ds 3,5 ug/kg N PCB 52 < 0,001 mg/kg Ds 3,5 ug/kg N PCB 101 < 0,001 mg/kg Ds 3,5 ug/kg N PCB 118 < 0,001 mg/kg Ds 3,5 ug/kg N PCB 138 < 0,001 mg/kg Ds 3,5 ug/kg N PCB 153 < 0,001 mg/kg Ds 3,5 ug/kg N PCB 180 < 0,001 mg/kg Ds 3,5 ug/kg N som 10 polyaromatische koolwaterstoffen (VROM) 0,35 mg/kg <= Achtergrondwaarde N 1,5 40 -1 som 7 polychloorbifenylen PCB28, 52, 101, 118, 138, 153, 180 24,5 ug/kg <= Achtergrondwaarde N 20 1000 -1 Parameter
Tabelinformatie Toetsing BOTOVA IRW AW I T-index Toets oordeel
Toetsresultaat uit BOTOVA Indicatieve Referentie Waarden (Bijlage 1, Tabel 2, Staatscourant 2013 nr 16675) Achtergrondwaarde Interventiewaarde Index voor de afwijking van Gstandaard tov gemiddelde van Streefwaarde en Interventiewaarde Parameteroordeel op basis van de waarde bij 'T Index'
Tabelinformatie Index < 0 0 < Index < 0,5 0,5 < Index < 1 Index > 1
GStandaard < AW GStandaard ligt tussen de AW en de oude T GStandaard ligt tussen de oude T en I I overschreden
Toets oordeel
<= AW <= AW <= AW <= AW <= AW <= AW <= AW <= AW
<= AW
<= AW <= AW
AL-West B.V. - AL-West B.V. Dortmundstraat 16B NL - 7418 Deventer. Tel: +31 570 788110 Fax: +31 570 788108 Toetsingsinstellingen Versie 1.1.0 Toetsingsmethode Beoordeling kwaliteit van grondwater volgens Wbb [T.13] De toetsing is uitgevoerd volgens de vigerende wetgeving waarbij gebruik gemaakt is van de BOTOVA webservice (zie https://www.BOTOVA-service.nl/) Opdracht Opdrachtnummer Laboratorium Matrix Project Datum binnenkomst Rapportagedatum CRM
644706 AL-West B.V. Water 16218 Acacialaan 73 te Doetinchem 13.03.2017 16.03.2017 Dhr. Laurens van Oene Monster
Analysenummer Monsteromschrijving Datum monstername Monstersoort Versie
22690 W9, 09-1: 400-500 13.03.2017 Water 1
Gehanteerde waarden voor dit monster Water diep/ondiep
Ondiep
Resultaat voor dit monster Toetsingsresultaat
Overschrijding Streefwaarde
Parameter Molybdeen (Mo) Kobalt (Co) Barium (Ba) Zink (Zn) Nikkel (Ni) Lood (Pb) Koper (Cu) Cadmium (Cd) Kwik (Hg) Benzeen Tolueen Ethylbenzeen ortho-Xyleen m,p-Xyleen Naftaleen Styreen Dichloormethaan Trichloormethaan (Chloroform) Tetrachloormethaan (Tetra) 1,1-Dichloorethaan 1,2-Dichloorethaan 1,1,1-Trichloorethaan 1,1,2-Trichloorethaan Vinylchloride 1,1-Dichlooretheen Cis-1,2-Dichlooretheen trans-1,2-Dichlooretheen Trichlooretheen (Tri) Tetrachlooretheen (Per) 1,1-Dichloorpropaan 1,2-Dichloorpropaan 1,3-Dichloorpropaan Tribroommethaan (bromoform) Koolwaterstoffractie C10-C40 Koolwaterstoffractie C10-C12 Koolwaterstoffractie C12-C16 Koolwaterstoffractie C16-C20 Koolwaterstoffractie C20-C24 Koolwaterstoffractie C24-C28 Koolwaterstoffractie C28-C32 Koolwaterstoffractie C32-C36 Koolwaterstoffractie C36-C40 som 16 aromatische oplosmiddelen (Bbk, 1-1-2008) som dichlooretheen-isomeren som 3 dichloorpropanen (som 1,1- en 1,2- en 1,3-) som xyleen-isomeren
Resultaat <2 <2 59 < 10 <3 <2 <2 < 0,2 < 0,05 < 0,2 < 0,2 < 0,2 < 0,1 < 0,2 < 0,02 < 0,2 < 0,2 < 0,2 < 0,1 < 0,2 < 0,2 < 0,1 < 0,1 < 0,2 < 0,1 < 0,1 < 0,1 < 0,2 < 0,1 < 0,2 < 0,2 < 0,2 < 0,2 < 50 < 10 < 10 <5 <5 <5 <5 <5 <5
Resultaat BOTOVAEenheid (G_standaard) eenheid µg/l 1,4 ug/l µg/l 1,4 ug/l µg/l 59 ug/l µg/l 7 ug/l µg/l 2,1 ug/l µg/l 1,4 ug/l µg/l 1,4 ug/l µg/l 0,14 ug/l µg/l 0,035 ug/l µg/l 0,14 ug/l µg/l 0,14 ug/l µg/l 0,14 ug/l µg/l 0,07 ug/l µg/l 0,14 ug/l µg/l 0,014 ug/l µg/l 0,14 ug/l µg/l 0,14 ug/l µg/l 0,14 ug/l µg/l 0,07 ug/l µg/l 0,14 ug/l µg/l 0,14 ug/l µg/l 0,07 ug/l µg/l 0,07 ug/l µg/l 0,14 ug/l µg/l 0,07 ug/l µg/l 0,07 ug/l µg/l 0,07 ug/l µg/l 0,14 ug/l µg/l 0,07 ug/l µg/l 0,14 ug/l µg/l 0,14 ug/l µg/l 0,14 ug/l µg/l 0,14 ug/l µg/l 35 ug/l µg/l 7 ug/l µg/l 7 ug/l µg/l 3,5 ug/l µg/l 3,5 ug/l µg/l 3,5 ug/l µg/l 3,5 ug/l µg/l 3,5 ug/l µg/l 3,5 ug/l 0,77 ug/l 0,14 ug/l 0,42 ug/l 0,21 ug/l
Toetsing IRW <= Streefwaarde N <= Streefwaarde N > Streefwaarde N <= Streefwaarde N <= Streefwaarde N <= Streefwaarde N <= Streefwaarde N <= Streefwaarde N <= Streefwaarde N <= Streefwaarde N <= Streefwaarde N <= Streefwaarde N N N <= Streefwaarde N <= Streefwaarde N <= Streefwaarde N <= Streefwaarde N <= Streefwaarde N <= Streefwaarde N <= Streefwaarde N <= Streefwaarde N <= Streefwaarde N <= Streefwaarde N <= Streefwaarde N N N <= Streefwaarde N <= Streefwaarde N N N N N <= Streefwaarde N N N N N N N N N J <= Streefwaarde N <= Streefwaarde N <= Streefwaarde N
Toets SW IW T-index oordeel 5 300 -1 <= SW 20 100 -1 <= SW 50 625 0,016> SW en <= T 65 800 -1 <= SW 15 75 -1 <= SW 15 75 -1 <= SW 15 75 -1 <= SW 0,4 6 -1 <= SW 0,05 0,3 -1 <= SW 0,2 30 -1 <= SW 7 1000 -1 <= SW 4 150 -1 <= SW
0,01 70 6 300 0,01 1000 6 400 0,01 10 7 900 7 400 0,01 300 0,01 130 0,01 5 0,01 10
-1 -1 -1 -1 -1 -1 -1 -1 -1 -1 -1
<= SW <= SW <= SW <= SW <= SW <= SW <= SW <= SW <= SW <= SW <= SW
24 0,01
500 40
-1 -1
<= SW <= SW
50
630 600
-1
<= SW
0,01 0,8 0,2
150 20 80 70
-1 -1 -1
<= SW <= SW <= SW
Enkele parameters ontbreken in de volgende somparameters:: som 16 aromatische oplosmiddelen (Bbk, 1-1-2008) Tabelinformatie Toetsing BOTOVA IRW SW IW T-index Toets oordeel
Toetsresultaat uit BOTOVA Indicatieve Referentie Waarden (Bijlage 1, Tabel 2, Staatscourant 2013 nr 16675) Streefwaarde Interventiewaarde Index voor de afwijking van Gstandaard tov gemiddelde van Streefwaarde en Interventiewaarde Parameteroordeel op basis van de waarde bij 'T Index' Tabelinformatie
Index < 0 0 < Index < 0,5 0,5 < Index < 1 Index > 1
GStandaard < AW GStandaard ligt tussen de AW en de oude T GStandaard ligt tussen de oude T en I I overschreden
Toelichting / wijzigingen op de toetsingswaarden Somparameters (faktor 0,7)
Bij de berekening van de somparameter worden voor de individuele componenten de resultaten, welke beneden de rapportagegrens liggen vermenigvuldigd met 0,7. De zo verkregen somwaarde kan worden getoetst aan de van toepassing zijnde normwaarde. Het toetsingsresultaat, alsmede de somwaarde (faktor 0,7) heeft geen verplichtend karakter. Het is aan de onderzoeker/adviseur om eventueel onderbouwd aan te geven hoe de toetsingsresultaten geïnterpreteerd dienen te worden. Barium
Ten tijde van de inwerkingtreding van het Besluit bodemkwaliteit is afgesproken om het standaard analysepakket voor bodem uit te breiden met de stof barium. Door het opnemen van deze stof in het standaard analysepakket, is sinds de inwerkingtreding van het Besluit bodemkwaliteit veel inzicht verkregen in de aanwezigheid van deze stof in de bodem. Barium wordt vaak in hoge gehalten aangetroffen, omdat deze stof van nature voorkomt in de bodem. Het hoge gehalte van barium in de bodem leidt tot stagnatie en tot meer saneringsgevallen. De normstelling voor barium veronderstelt dat barium mogelijk in een meer toxische variant voorkomt in de (water)bodem, grond en baggerspecie dan in de vorm waarvan in werkelijkheid sprake is. RIVM is gevraagd om advies te geven over de aanpassing van de norm voor barium. In afwachting van dit advies is besloten om voor barium (tijdelijk) geen normen te hanteren. Deze tijdelijk buitenwerkingstelling geldt niet voor die situaties waarvan met zekerheid kan worden vastgesteld dat het om een antropogene (door menselijk handelen) bodemverontreiniging gaat. Het streven is om voor barium binnen enkele jaren een nieuw toetsingskader te introduceren. Drins en DDT/DDE/DDD
Per 1 oktober 2008 zijn via de inwerkingtreding van de Circulaire bodemsanering, voor een aantal stoffen de interventiewaarden voor grond gewijzigd. De bodemnormen werden geactualiseerd op basis van nieuwe wettenschappelijke inzichten. Voor drins(som) betekende dit toen een verstrenging van de interventiewaarde van 4,0 mg/kg d.s. naar 0,14 mg/kg d.s., welke gebaseerd is op de risico’s voor de ecologie. Het gevolg van deze verstrenging bleek de toename van het aantal gevallen van ernstige bodemverontreinigingen met uitsluitend risico’s voor ecologie, welke ongewenst is. Daarom heeft er een hernieuwde maatschappelijke afweging plaatsgevonden, waarbij weer teruggevallen wordt op de oude waarde van 4,0 mg/kg d.s. Vervolgens is gebleken dat er naast (som)drins de noodzaak bestaat om een aparte interventiewaarde voor aldrin vast te stellen. Voor aldrin is de interventiewaarde op 0,32 mg/kg d.s. vastgesteld (gebaseerd op onaanvaardbare humane risico’s bij gebruik van de bodem voor wonen en tuin). Voor DDT/DDE/DDD geldt hetzelfde als voor (som)drins, maar wijkt in die zin af dat de per 1 oktober 2008 geïntroduceerde aparte toets per stof van kracht blijft. Bij de heroverweging is vastgesteld dat de interventiewaarden voor DDT en DDE respectievelijk 1,7 en 2,3 mg/kg d.s. is (som is 4 mg/kg d.s.) en de interventiewaarde voor DDD blijft 34 mg/kg d.s.
Bij deze interventiewaarden zijn er geen humane risico’s.
BIJLAGE VI
Normatieve verwijzingen Norm NEN 5104 NEN 5706
NEN 5707 NEN 5709 NVN 5720 NEN 5725 NTA 5727 NPR 5741
NEN 5742
NEN 5743
ontwerp NEN 5744
NEN 5745
NEN 5766
NEN 5861 NEN 5896
Titel Geotechniek - Classificatie van onverharde grondmonsters Richtlijnen voor de beschrijving van zintuiglijke waarnemingen tijdens de uitvoering van milieukundig bodemonderzoek Bodem - Inspectie, monsterneming en analyse van asbest in bodem Bodem - Monstervoorbehandeling voor de bepaling van organische en anorganische parameters in grond Bodem - Waterbodem - Onderzoeksstrategie bij verkennend bodemonderzoek in waterbodem Bodem - Landbodem - strategie voor het uitvoeren van vooronderzoek bij verkennend en nader onderzoek Bodem - Monsterneming en analyse van asbest in waterbodem en baggerspecie Bodem - Boorsystemen en monsternemingstoestellen voor grond, sediment en grondwater, die worden toegepast bij bodemverontreinigingsonderzoek
Bodem - Monsterneming van grond en sediment ten behoeve van de bepaling van metalen, anorganische verbindingen, matig-vluchtige organische verbindingen en fysisch-chemische bodemkenmerken Bodem - Monsterneming van grond en sediment voor de bepaling van vluchtige verbindingen
Bodem - Monsterneming van grondwater ten behoeve van de bepaling van metalen, anorganische verbindingen, matigvluchtige organische verbindingen en fysisch-chemische eigenschappen Bodem - Monsterneming van grondwater ten behoeve van de bepaling van vluchtige verbindingen
Bodem - Plaatsing van peilbuizen ten behoeve van milieukundig bodemonderzoek
Afwijkingen
In afwijking op bijlage A, is het gebruik van een spuitboring tijdens het veldwerk niet toegestaan. In afwijking op artikel 6.2, zijn de in dit artikel genoemde richtlijnen t.a.v. diepten informatief en worden niet als beoordelingscriteria gehanteerd. In afwijking op artikel 6.6.1 is filtergrind vereist, tot 0,5 m boven de bovenzijde van het filter. Tevens wordt een laag bentoniet aangebracht direct op de grindlaag en is een halve meter dikke laag bentoniet op circa 0,5 meter beneden het grondoppervlak niet vereist.
In afwijking op artikel 5.3, moeten de grondmonsters, die geanalyseerd worden op vluchtige verbindingen (steekbussen), geconditioneerd bewaard worden in het veld en tijdens transport opdat de monsters niet opwarmen om de vervluchtiging en afbraak tegen te gaan. Dit bijvoorbeeld in een koelbox met koelelementen (ijs) of en koelkast. In afwijking op artikel 5.2 is siliconenslang toegestaan voor de werking van een slangenpomp of als verbindingsmateriaal, mits de siliconenslang middels blanco monsterneming (zie BRL SIKB 2000 of AS SIKB 2000: Blanco bemonstering grondwater) gecontroleerd is op afgifte van stoffen. In afwijking op artikel 5.5 en in aansluiting op de NEN 5742, artikel 5.3, moeten de grondwatermonsters geconditioneerd bewaard worden in het veld en tijdens transport opdat de monsters niet opwarmen om de vervluchtiging en afbraak tegen te gaan. Dit bijvoorbeeld in een koelbox met koelelementen (of ijs) of een koelkast, zodat de ideale bewaarcondities, zijnde donker en een temperatuur van 1-5ºC, wordt nagestreefd. In afwijking op artikel 6.1.2 is filtergrind vereist, tot 0,5 m boven de bovenzijde van het filter. Tevens wordt een laag bentoniet aangebracht direct op de grindlaag en is een halve meter dikke laag bentoniet op circa 0,5 meter beneden het grondoppervlak niet vereist.
In afwijking op artikel 6.3.2 is een duurzaam label met daarop de gegevens van de peilbuis (monsternemingsfilter) niet nodig, indien een andere duurzame identificatiemethode van de peilbuis wordt gebruikt.
Milieu - Procedures voor de monsteroverdracht Kwalitatieve analyse van asbest in materialen met polarisatiemicroscopie NEN 5897 Monsterneming en analyse van asbest in onbewerkt bouwen sloopafval en granulaat NEN 6411 Water - Bepaling van de pH NEN 7777 Milieu - Prestatiekenmerken van meetmethoden NEN-EN-ISO 5667-3 Water - Monsterneming - Deel 3: Richtlijn voor de conservering en behandeling van watermonsters NEN-ISO 7888 Water - Bepaling van het elektrisch geleidend vermogen ADV 223 Leeswijzer voor het gebruik van asbest-bodemnormen SKB-rapport SV 515 Asbest in bodem Bij ongedateerde verwijzingen is de laatste versie van het document (met inbegrip van wijzigingsbladen) waarnaar is verwezen van toepassing.
TOEGEPASTE WERKWIJZE EN BEMONSTERINGSTECHNIEKEN De werkwijze en de manier van monstername worden, tenzij anders vermeld, uitgevoerd conform het gestelde in de Voorlopige Praktijkrichtlijnen voor monstername en analyse bij bodemverontreiniging van het Ministerie van VROM (VPR, 1988). 1.
Grondboringen tot aan de grondwaterspiegel Voor het verrichten van grondboringen tot aan de grondwaterspiegel, wordt in de meeste gevallen gebruik gemaakt van de Edelmanboor met een diameter van 60 of 90 mm. Indien er grindrijke lagen of puin in de bodem voorkomen, dan wordt gebruik gemaakt van een grind- of puinboor. In veenachtige- of ongerijpte kleigronden, wordt gebruik gemaakt van een guts.
2.
Grondboringen onder de grondwaterspiegel Bij grondboringen onder de grondwaterspiegel wordt, afhankelijk van de samenstelling van de bodem, gebruik gemaakt van een Edelmanboor of een pulsboor. Als de bodem voldoende samenhangend vermogen bezit, om de vorm van het boorgat te behouden (bijvoorbeeld in klei of leem), dan wordt gebruik gemaakt van een Edelmanboor. Wanneer de structuur van de bodem zodanig is dat de vorm van het boorgat niet behouden blijft tijdens het omhoog halen van de grondboor, dan wordt een boorgatmantel toegepast. Deze bestaat uit een kunststofbuis met een diameter van 90 mm. Het boren gebeurt dan met pulsapparatuur, waarbij de grond door de aanwezigheid van het grondwater in vloeibare vorm naar boven wordt gehaald. Indien dit noodzakelijk is wordt bij het pulsen (zo weinig mogelijk) werkwater toegepast.
3.
Plaatsing van peilbuizen Bij de plaatsing van peilbuizen wordt gebruik gemaakt van uit HDPE of PVC bestaande buisstukken. De buisverbindingen bestaan uit schroefdraad- of mofverbindingen. Deze verbindingen worden niet gelijmd. De onderste meter (filter) van de peilbuis is geperforeerd. Aan de onderzijde wordt de peilbuis afgesloten met een kunststof dop. Om de filterbuis wordt, enkel bij slecht doorlatende grondsoorten, tot circa 0,20 m. boven het filter, om de instroming van fijn grondmateriaal in de filterbuis zo veel mogelijk tegen te gaan, een gewassen naylonkous aangebracht. Het boorgat rondom de ingebrachte filterbuis wordt indien dit voor de goede werking van de peilbuis noodzakelijk mocht zijn, tot 0,50 m. boven het filter gevuld met uitgegloeid filtergrind. Indien in het doorboorde boorprofiel slecht doorlatende lagen worden aangetroffen, worden ter hoogte van deze lagen kleikorrels (bentoniet) in het boorgat gebracht. Worden er in de peilbuis meerdere filters op verschillende diepten geplaatst, dan worden in het boorgat tussen de verschillende filters kleikorrels aangebracht, om verticale waterstroming te voorkomen. De bovenste 0,50 m. van het boorgat wordt indien er sprake kan zijn van instroming van regenwater afgewerkt met kleikorrels. Na het plaatsen van de peilbuis, wordt deze schoon gepompt door minimaal drie maal de inhoud van het boorgat af te pompen.
Indien werkwater is gebruikt, wordt behoudens driemaal de inhoud van het boorgat, tevens de hoeveelheid ingebracht werkwater afgepompt. Ter controle wordt doorgepompt totdat de EC van het grondwater constant is.
4.
Grondmonstername Het uit een boring komende materiaal wordt zodanig uitgelegd, dat een strook geboorde grond overeenkomt met een meter boorgat. Indien nodig wordt de grond uitgelegd op een folie, teneinde bijmenging van de ondergrond te voorkomen. De monstername vindt plaats door de grond in nieuwe glazen potten over te brengen. Ten einde vervluchtiging van componenten tegen te gaan worden de potten volledig gevuld met grond. Indien geen zintuiglijke verontreinigingen worden waargenomen, wordt de grond bemonsterd via trajecten van een halve meter (bijvoorbeeld B1-1 is het monster van MV 0,00 tot MV - 0,50 etcetera). Indien zintuiglijke verontreinigingen worden waargenomen, wordt per verontreinigde laag bemonsterd. Bij zeer vluchtige stoffen wordt in de regel gebruik gemaakt van steekbussen waarin het monster luchtdicht wordt opgeslagen ten behoeve van analyse in het laboratorium. Bij minder vluchtige stoffen worden de monsters genomen voordat de boorbeschrijving wordt gemaakt, teneinde vervluchtiging zo veel mogelijk te voorkomen. De grondmonsters worden in afwachting van de afvoer naar het laboratorium gekoeld opgeslagen.
5.
Grondwatermonstername Grondwatermonsters worden -indien er gezien de situering geen gevaar bestaat voor het storen van de peilbuis door vandalen of anderszins- minimaal één week nadat de peilbuis is geplaatst genomen. Indien het filter tussen de MV - 5,00 m. en MV - 10,00 m. is geplaatst, wordt een wachttijd van twee weken in acht genomen. Voordat een grondwatermonster wordt genomen, wordt de peilbuis nogmaals afgepompt. Het afpompen gebeurt met een accupompje. De monstername van het grondwater wordt uitgevoerd met een vacuumpomp of een kogelkleppompje. Indien het grondwater dieper dan MV - 5,00 m. aanwezig is, dan vindt de monstername plaats met een kogelkleppompje. Bij het opvangen van het watermonster wordt turbulentie in de monsterfles zo veel mogelijk voorkomen. Voor de analyse op zware metalen, wordt het watermonster in het laboratorium gefiltreerd over een filter van 0,45 µm en vervolgens aangezuurd met HNO3 tot pH=2,00. De monsters worden opgevangen in speciaal voorbehandelde glazen flessen (t.b.v. analyse op zware metalen in kunststof fles). De flessen worden volledig gevuld, teneinde vervluchtiging van componenten uit het grondwater tegen te gaan. Vervolgens worden de flessen gekoeld opgeslagen.
BIJLAGE VII
GERAADPLEEGDE BRONNEN
Informatiebron
Te raadplegen bron
Historie
Eigenaar / gebruiker Archief bouw- en woningtoezicht Gemeente-ambtenaar milieuzaken Hinderwet archief Archief Wet Milieubeheer Archief ondergrondse tanks Vergunningen (eventueel) Luchtfoto (eventueel) Oud kaartmateriaal (eventueel) Interviews (eventueel) Kamer van Koophandel (eventueel) Streek- of Rijksarchief (eventueel) Eigenaar / gebruiker Gemeente-ambtenaar milieuzaken Locatie-inspectie Omwonenden (eventueel) Eigenaar / gebruiker Gemeente-ambtenaar milieuzaken Bodemkaart Nederland Grondwaterkaart Geologische kaart Archief bodemonderzoeken
Huidige situatie
Toekomstige situatie Bodemopbouw en geohydrologie
BIJLAGE VII
Geraadpleegd X X X X X X X X X X X X X X X
Opmerkingen
BIJLAGE VIII
Foto Acacialaan 73 te Doetinchem genomen tijdens het veldwerk
Foto 1
Foto 2
Foto 3