Bijlage 1.2l Bijlagen toelichting Bijlage 12 Verkennend archeologisch onderzoek en beoordeling.pdf
Tekst van het document
Bureauonderzoek Archeologie Plangebied Varsseveldseweg 95-97 te Doetinchem, gemeente Doetinchem
Opdrachtgever Motivado BV Vossenstraat 8 7004 GX Doetinchem
Projectnummer 213163 Kenmerk AW/ALG/HAMA/213163
Eindredactie/kwaliteitscontrole
Drs. E.E.A. van der Kuijl
Hamaland Advies Vof, Ambachtsweg 9b, 7021 BT Zelhem, t. 06-51873933
Paraaf
Datum
03-03-2021
Project Kenmerk
: BO Plangebied Varsseveldseweg 95-97 te Doetinchem : AW/ALG/HAMA/213163
Colofon Opdrachtgever
Motivado BV
Project
BO Plangebied Varsseveldseweg 95-97 te Doetinchem
Projectnummer
213163
Titel
Bureauonderzoek Archeologie Plangebied Varsseveldseweg 95-97 te Doetinchem, gemeente Doetinchem
Datum en versie
03-03-2021, versie 1.1 (concept)
Auteurs
. drs. A. Wagner en drs. E.E.A. van der Kuijl
Kwaliteitscontrole
Drs. E.E.A. van der Kuijl (senior KNA archeoloog / senior KNA prospector)
Afbeelding voorzijde:
Luchtfoto (2020) van het plangebied. Bron: www.pdok.nl.
© Hamaland Advies, Ambachtsweg 9b, 7021 BT Zelhem
2 van 30
Project Kenmerk
: BO Plangebied Varsseveldseweg 95-97 te Doetinchem : AW/ALG/HAMA/213163
Inhoud Samenvatting ........................................................................................................................... 4 1.
2
Inleiding ............................................................................................................................. 6 1.1
Inleiding en onderzoekskader .................................................................................. 6
1.2
Doel en vraagstelling van het bureauonderzoek ...................................................... 7
1.3
Werkwijze Bureauonderzoek ................................................................................... 7
1.4
Beleidskaders ........................................................................................................... 7
1.5
Administratieve gegevens ...................................................................................... 10
Bureauonderzoek en verwachtingsmodel....................................................................... 11 2.1
Landschapsgenese ................................................................................................ 11
2.2
Historische ontwikkeling van Doetinchem en het plangebied ................................ 15
2.3
Bouwhistorische waarden ...................................................................................... 17
2.4
Archeologische waarden ........................................................................................ 17
2.5
Archeologisch verwachtingsmodel ......................................................................... 20
2.6
Selectieadvies ........................................................................................................ 22
2.7
Voorbehoud ............................................................................................................ 22
Gebruikte literatuur ................................................................................................................. 23 BIJLAGEN .............................................................................................................................. 25
© Hamaland Advies, Ambachtsweg 9b, 7021 BT Zelhem
3 van 30
Project Kenmerk
: BO Plangebied Varsseveldseweg 95-97 te Doetinchem : AW/ALG/HAMA/213163
Samenvatting Hamaland Advies heeft in overleg met dhr. R. Barthen in opdracht van Motivado BV een archeologisch bureauonderzoek conform de BRL 4002 uitgevoerd voor het plangebied aan de Varsseveldseweg 9597 te Doetinchem, gemeente Doetinchem. Het plangebied zal worden herontwikkeld. Het conceptinrichtingsplan gaat uit van de geclusterde bouw van zes woonhuizen met een totaal oppervlak van ca. 540 m2, een gemeenschappelijke berging (ca. 40 m2), een gemeenschappelijk parkeerterrein en een gemeenschappelijke tuin. Concrete bouwplannen zijn in dit stadium nog niet bekend. Het plangebied ligt binnen de bebouwde kom en heeft een oppervlakte van 2.697 m 2. Ten behoeve van de geplande ontwikkeling dienen een Ruimtelijke onderbouwing en een bestemmingsplan te worden opgesteld. Het ontwerp-bestemmingsplan Parapluherziening Archeologie – 2020 kent aan het huidige plangebied (nog) geen dubbelbestemming toe. Volgens de vigerende archeologische beleidskaart van de gemeente Doetinchem valt het plangebied in een Archeologisch Waardevol Verwachtingsgebied (AWG) categorie 5, hoge archeologische waarde, afgedekt. Archeologisch vooronderzoek is hier verplicht bij plangebieden met een omvang van meer dan 250 m2 en een verstoringsdiepte van meer dan 0,4 m -mv. De toekomstige bouwplannen zullen naar verwachting beide vrijstellingsgrenzen overschrijden.
Het door Hamaland Advies uitgevoerde onderzoek bestaat uit een KNA-conform bureauonderzoek met een gespecificeerd archeologisch verwachtingsmodel voor het plangebied. Conclusie bureauonderzoek Het plangebied ligt (na extrapolatie) waarschijnlijk op een dekzandrug met op de hogere delen soms een oud-bouwlanddek (10B53yc) en/of een al dan niet met dekzand bedekte terrasvlakte (1M42yd). Bodemkundig gezien is naar verwachting sprake van een hoge zwarte enkeerdgrond (zEZ21) en/of een beekeerdgrond, beide van leemarm en zwak lemig fijn zand (pZg21). Het plangebied is in 2004 archeologisch onderzocht. (Archis3 zaaknr. 2058959100). Op grond van de ligging op een dekzandrug met esdek gold voor het toenmalige plangebied een hoge verwachting op archeologische resten uit de periode laat-Paleolithicum tot en met de late middeleeuwen. Tijdens het veldonderzoek zijn zes boringen gezet met een Edelmanboor met een diameter van 15 cm tot een maximale diepte van 1,9 m -mv1. Uit het booronderzoek is gebleken dat de bodem in het toenmalige plangebied tot een diepte van 0,4 m-mv verstoord is. Onder de verstoring volgt direct de C-horizont bestaande uit (licht)bruingeel matig fijn dekzand (Formatie van Boxtel, Laagpakket van Wierden).
Alleen in B001 (ongeveer ter plaatse van de geplande berging) bestond de C-horizont uit grindrijk bruingeel matig grof rivierzand behorende tot de Formatie van Kreftenheye. Een es- of plaggendek is in de boringen niet waargenomen, archeologische indicatoren zijn in de boringen evenmin aangetroffen. Geadviseerd is het gebied vrij te geven voor de geplande ontwikkeling.2 Op grond van de resultaten van het bureauonderzoek geldt voor de perioden laat-Paleolithicum tot en met de late middeleeuwen een lage tot middelhoge archeologische verwachting op sporen en resten van bewoning en/of landgebruik. Voor de late Nieuwe tijd geldt op grond van de cartografische analyse een lage tot zeer lage archeologische verwachting op sporen van bewoning, maar een hoge verwachting op sporen en resten van bouwland en evt. infrastructuur. De lage verwachting is met name gebaseerd op de tijdens het booronderzoek in 2004 geconstateerde bodemopbouw welke duidt op een afgetopte Chorizont, alsmede het volgens de gegeven beschrijvingen ontbreken van archeologisch kansrijke lagen. Omdat onder de verstoring in beginsel nog restanten van diep ingegraven sporen aanwezig kunnen zijn, is de verwachting bijgesteld naar laag tot middelhoog.
Advies bureauonderzoek Conform de geactualiseerde archeologische beleidskaart van de gemeente Doetinchem (2019) dient in eerste instantie te worden nagegaan of het onderzoek uit 2004 heeft geresulteerd in een selectiebesluit. 3 Indien dit niet het geval is, verdient het aanbeveling om de boorstaten van het recente milieukundige bodemonderzoek door een archeoloog te laten beoordelen op mogelijke aanwijzingen voor archeologisch kansrijke lagen (bijv. begraven humushoudende lagen dieper dan 0,4 m -mv). Indien de boorstaten mogelijke aanwijzingen voor kansrijke lagen laten zien (de kans hierop lijkt echter gering) verdient het aanbeveling een (aanvullend) verkennend booronderzoek te laten uitvoeren naar de omvang (horizontaal en verticaal) van deze kagen en de intactheid van het bodemprofiel ter plaatse van de geplande bodemingrepen. Archeologisch kansrijke lagen en archeologische indicatoren kunnen in 1 De richtlijnen voor een karterend booronderzoek wijken anno 2021 af van die in 2004. 2 Meij 2004, 7-8. Het rapport bevat geen boorstaten. 3 Willemse et al. 2019, zie hier afb. 2; onderzoek 2004: Meij 2004, zie par. 2.4.
© Hamaland Advies, Ambachtsweg 9b, 7021 BT Zelhem
4 van 30
Project Kenmerk
: BO Plangebied Varsseveldseweg 95-97 te Doetinchem : AW/ALG/HAMA/213163
het boorprofiel worden herkend. Het door Hamaland Advies voorgestelde (aanvullende) verkennende booronderzoek naar de bodemopbouw en intactheid van het bodemprofiel dient voldoende informatie te genereren om de toekomstige bouwplannen indien nodig archeologievriendelijk vorm te geven en/of de noodzaak van planaanpassing en/of nader (karterend/waarderend) archeologisch onderzoek te kunnen bepalen. Voor het uitvoeren van een booronderzoek moet conform de BRL 4003 eerst een PvA opgesteld worden. Indien uit de boorstaten van het milieukundig bodemonderzoek evenmin aanwijzingen voor archeologisch kansrijke lagen naar voren komen wordt aanbevolen het gebied vrij te geven voor de geplande ontwikkeling. Voorbehoud Het uitgevoerde onderzoek is op zorgvuldige wijze verricht volgens de algemeen gebruikelijke inzichten en methoden. Het archeologisch onderzoek is erop gericht om de kans op het aantreffen dan wel vernietigen van archeologische waarden bij bouwwerkzaamheden in het plangebied te verkleinen. Wij wijzen erop dat het selectiebesluit van het bevoegd gezag af kan wijken van het selectieadvies van Hamaland Advies. Verder dient te allen tijde bij het afgeven van een omgevingsvergunning de wettelijke meldingsplicht (Erfgoedwet 1-7-2016, art.
5.10 en 5.11) kenbaar te worden gemaakt, om het documenteren van toevalsvondsten te garanderen: ‘Degene die anders dan bij het doen van opgravingen een zaak vindt waarvan hij weet dan wel redelijkerwijs moet vermoeden dat het een monument is (in roerende of onroerende zin), meldt die zaak zo spoedig mogelijk bij onze minister’. Deze aangifte dient te gebeuren bij de RCE te Amersfoort. Het verdient aanbeveling ook de verantwoordelijk ambtenaar van de gemeente Doetinchem (mw. G. Dutman) hiervan per direct in kennis te stellen.
© Hamaland Advies, Ambachtsweg 9b, 7021 BT Zelhem
5 van 30
Project Kenmerk
: BO Plangebied Varsseveldseweg 95-97 te Doetinchem : AW/ALG/HAMA/213163
1.
Inleiding
1.1
Inleiding en onderzoekskader Hamaland Advies heeft in opdracht van Motivado BV een archeologisch bureauonderzoek conform de BRL 4002 uitgevoerd voor het plangebied aan de Varsseveldseweg 95-97 te Doetinchem, gemeente Doetinchem. Het plangebied zal worden herontwikkeld. Het concept-inrichtingsplan gaat uit van de geclusterde bouw van zes woonhuizen met een totaal oppervlak van ca. 540 m2, een gemeenschappelijke berging (ca. 40 m2), een gemeenschappelijk parkeerterrein en een gemeenschappelijke tuin (bijl. 1). Concrete bouwplannen zijn in dit stadium nog niet bekend. Het plangebied ligt binnen de bebouwde kom en heeft een oppervlakte van 2.697 m2 (afb. 1). Ten behoeve van de geplande ontwikkeling dienen een Ruimtelijke onderbouwing en een bestemmingsplan te worden opgesteld.4 Het ontwerp-bestemmingsplan Parapluherziening Archeologie – 2020 kent aan het huidige plangebied (nog) geen dubbelbestemming toe.5 Volgens de vigerende archeologische beleidskaart van de gemeente Doetinchem valt het plangebied in een Archeologisch Waardevol Verwachtingsgebied (AWG) categorie 5, hoge archeologische waarde, afgedekt. Archeologisch vooronderzoek is hier verplicht bij plangebieden met een omvang van meer dan 250 m2 en een verstoringsdiepte van meer dan 0,4 m -mv. De toekomstige bouwplannen zullen naar verwachting beide vrijstellingsgrenzen overschrijden.
Het door Hamaland Advies uitgevoerde onderzoek bestaat uit een KNA-conform bureauonderzoek (BRL SIKB 4002) met een gespecificeerd archeologisch verwachtingsmodel voor het plangebied.
Afbeelding 1: Topografische kaart met het plangebied (bron: opentopo.nl).
4 Schr. med. (e-mail) directievoerder aan Hamaland Advies d.d. 09-02-2021. 5 Gemeente Doetinchem (ed.) 2020.
© Hamaland Advies, Ambachtsweg 9b, 7021 BT Zelhem
6 van 30
Project Kenmerk
1.2
: BO Plangebied Varsseveldseweg 95-97 te Doetinchem : AW/ALG/HAMA/213163
Doel en vraagstelling van het bureauonderzoek Het doel van het bureauonderzoek is het verkrijgen van inzicht in bekende en te verwachten archeologische waarden in en om het plangebied. Op basis van de verworven informatie wordt een archeologisch verwachtingsmodel voor de onderzoekslocatie opgesteld. De volgende vragen zullen, indien mogelijk, beantwoord worden: • Wat is de bodemopbouw en de vermoedelijke intactheid van het bodemprofiel binnen het plangebied? • Kunnen er archeologische vindplaatsen in het onderzoeksgebied aanwezig zijn en zo ja welke en waar (welke diepte) en in welke vorm? Het antwoord op deze vragen zal worden verwerkt in een archeologisch verwachtingsmodel voor het plangebied, waarbij aangegeven zal worden of een nader onderzoek door middel van boringen of proefsleuvenonderzoek nodig zal zijn of niet. • Is aanvullend veldonderzoek door middel van boringen en/of proefsleuvenonderzoek noodzakelijk?
1.3
Werkwijze Bureauonderzoek Het bureauonderzoek is uitgevoerd conform de eisen van de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (protocol 4002 Bureauonderzoek KNA, versie 4.1) en bestaat uit de volgende onderdelen: • • • • • •
afbakenen plan- en onderzoeksgebied, vermelden overheidsbeleid, vaststellen consequenties toekomstig gebruik (KNA-LS01) beschrijving van het huidig gebruik (KNA LS02); beschrijving van de historische situatie en de mogelijke verstoringen KNA LS03); beschrijving van de bekende archeologische, ondergrondse bouwhistorische en aardwetenschappelijk kenmerken (KNA LS04); het opstellen van een specifieke verwachting en formulering onderzoeksstrategie (KNA LS05); het opstellen van een standaardrapport (KNA LS06).
Om tot een gefundeerd archeologisch verwachtingsmodel te komen is voor het onderzoek relevant bronnenmateriaal geraadpleegd. Door informatie uit verschillende invalshoeken samen te voegen ontstaat de mogelijkheid dwarsverbanden te leggen tussen de diverse brontypen en aan de hand hiervan een geïntegreerd archeologisch verwachtingsmodel op te stellen. De gegevens voor het bureauonderzoek zijn ontleend aan: • • • •
•
1.4
Archis, het geautomatiseerde archeologische informatiesysteem voor Nederland; geomorfologisch, geologisch, bodemkundig, topografisch en historisch kaartmateriaal; archeologische verwachtings- en advieskaart gemeente Doetinchem; archeologische rapporten en publicaties; Archeologie met beleid. Afwegingskader voor archeologiebeleid in de Regio Achterhoek.6
Beleidskaders Rijksbeleid In 1992 werd in Valletta door de Ministers van Cultuur van de bij de Raad van Europa aangesloten landen het 'Europees Verdrag inzake de bescherming van het Archeologisch Erfgoed', beter bekend onder de naam 'Verdrag van Malta', ondertekend. De Wet op de Archeologische Monumentenzorg is op 1 september 2007 in werking getreden. De nieuwe wet heeft zijn beslag gekregen via een wijziging van de Monumentenwet 1988, aanpassingen in de Wet op de Ruimtelijke Ordening (WRO) en enkele andere wetten en met de invoering van de Wabo (2010). Met de nieuwe Wet op de Archeologische Monumentenzorg is het accent komen te liggen op het streven naar het behoud en beheer van archeologische waarden in de bodem (in situ) en het beperken van (de noodzaak van) archeologische opgravingen. Uitgangspunt van het nieuwe beleid is tevens het principe 'de verstoorder betaald'. Bij het 6 Willemse en Kocken 2012.
© Hamaland Advies, Ambachtsweg 9b, 7021 BT Zelhem
7 van 30
Project Kenmerk
: BO Plangebied Varsseveldseweg 95-97 te Doetinchem : AW/ALG/HAMA/213163
voorbereiden van werkzaamheden die het bodemarchief kunnen verstoren (zoals de aanleg van een weg, een nieuwe woonwijk, een bedrijventerrein), dient onderzocht te worden of daardoor archeologische resten verstoord kunnen worden. Als uit het onderzoek blijkt dat er archeologische waarden aanwezig zijn en deze niet ter plaatse behouden kunnen blijven, dan dient de initiatiefnemer van het werk de kosten te dragen die gepaard gaan met het opgraven en conserveren van de plaats. Met de introductie van de nieuwe wet zijn de kerntaken en bestuurlijke verantwoordelijkheden van gemeenten veranderd. Eén van de belangrijkste consequenties is, dat gemeenten een centrale rol is toegekend in de bescherming van archeologisch erfgoed. In de wet is bepaald, dat gemeenten door inzet van een planologisch instrumentarium het archeologisch belang dienen te waarborgen. Bescherming van het archeologisch erfgoed kan onder meer vorm krijgen door in bestemmingsplannen regels ter bescherming van bekende en te verwachten archeologische waarden op te nemen. In de regelgeving is vastgelegd dat in het kader van een omgevingsvergunning van de aanvrager geëist kan worden dat hij een rapport overlegd waarin de archeologische waarde van het te verstoren terrein voldoende is vastgesteld.
Voor de toetsing van archeologische waarden is een archeologisch bestel ontwikkeld, waarmee de archeologische waarde van een terrein bepaald kan worden door middel van een getrapt systeem van onderzoek. In het kader van het vrijstellingsbesluit volstaat in eerste instantie een bureauonderzoek en een inventariserend veldonderzoek. Per 1 juli 2016 is de Erfgoedwet van toepassing. De Erfgoedwet harmoniseert bestaande wet- en regelgeving, schrapt overbodige regels en legt de verantwoordelijkheid voor de bescherming van het cultureel erfgoed zoveel mogelijk bij het erfgoedveld zelf: musea, collectiebeheerders, archeologen, eigenaren en overheden. Bepaalde onderdelen van de wettelijke bescherming van het cultureel erfgoed verhuizen naar de nieuwe Omgevingswet. De vuistregel hierbij is: duiding van erfgoed in de Erfgoedwet, omgang met erfgoed in de fysieke leefomgeving in de Omgevingswet.
Provinciaal Beleid Het provinciaal beleid van Gelderland voor cultuurhistorie en archeologische monumentenzorg is vastgelegd in het Cultuur- en erfgoedprogramma:7 • Erfgoedwaarden zijn inzichtelijk van natuur en landschap, buitenplaatsen en buitenplaatsrijke gebieden • Bescherming van erfgoedwaarden in natuur en landschap en buitenplaatsen is verankerd in plannen • Maatwerk in de (toepassing van) regelgeving zodat ontwikkeling mogelijk is • Investeren in de instandhouding en kwaliteit van het erfgoed van natuur en landschap en van buitenplaatsen (restauratie, functieverandering, duurzaamheidsbevordering). Ook kunst en cultuur hiervoor inzetten • Versterken van de programmatische samenwerking en afstemming met het netwerk, vergroting van het cultuurhistorisch besef en draagvlak. In de Uitgangspuntennotitie aanpak Cultuur en Erfgoed zijn voor 2021 vier provinciale doelen geformuleerd:8 1. versterken van de culturele infrastructuur 2. stimuleren van deelname aan cultuur en erfgoed via cultuureducatie en participatie 3. versterken van de Gelderse identiteit 4. behouden en ontwikkelen van erfgoed Archeologie en de zorg voor het archeologisch erfgoed vallen onder de doelen 3 en 4. Bij de realisatie van de geformuleerde doelen treedt de provincie complementair op ten opzichte van de gemeenten.
De archeoregio laat zich op het regionale niveau van Oost-Gelderland onderverdelen in vijf subgebieden op basis van de geomorfologische gesteldheid:9 • het plateau van Winterswijk (subregio 1) • het stuwwallandschap van Montferland (subregio 2) • het vlakke midden, het centrale dekzandlandschap (subregio 3) • het stuwwal- en dekzandlandschap van het stroomgebied van de Berkel (subregio 4) • het rivierenlandschap van de Oer-Rijn, de Oude IJssel en IJssel (subregio 5).
7 http://www.gelderland.nl/4/Hier-werkt-de-provincie-Gelderland-aan/Cultuur-en-erfgoed/Landschap-enarcheologie.html. 8 Gedeputeerde Staten van Gelderland (ed.) 2020a-c. 9 http://www.gelderland.nl/4/Home/Kennisagenda-archeologieOostGelderland.html.
© Hamaland Advies, Ambachtsweg 9b, 7021 BT Zelhem
8 van 30
Project Kenmerk
: BO Plangebied Varsseveldseweg 95-97 te Doetinchem : AW/ALG/HAMA/213163
Gemeentelijk beleid Het archeologiebeleid en de bijbehorende archeologische beleidsadvieskaarten van de gemeente Doetinchem zijn recent (2019) geactualiseerd.10 De geactualiseerde documenten zijn als bijlagen opgenomen in het ontwerp-bestemmingplan Parapluherziening Archeologie – 2020.11 De geactualiseerde beleidsadvieskaart is gebruikt als toetsingskader voor de archeologische verwachting. Verder zijn de landelijke en provinciale richtlijnen leidend, voor het opstellen en toetsen van het onderhavig onderzoek. In 2012 is er in opdracht van de gemeenten in de Regio Achterhoek een afwegingskader voor archeologiebeleid opgesteld.12 De richtlijnen van dit beleid zijn bij het opstellen van onderhavig onderzoek toegepast. Volgens de archeologische beleidskaart van de gemeente Doetinchem ligt het plangebied in een archeologisch waardevol verwachtingsgebied categorie 5. Dit betreft een hoge verwachting en de archeologische resten zijn waarschijnlijk afgedekt door een beschermende laag. Bij deze categorie hoort een onderzoeksverplichting bij plangebieden vanaf 250 m2 en een bodemverstoring dieper dan 0,4 m mv. Het huidige plangebied valt in een zone die eerder archeologisch onderzocht is. De gemeente dient aan de hand van de onderzoeksresultaten een besluit te nemen over (verder) archeologisch onderzoek (afb. 2).13
Afbeelding 2: Detail van de archeologische beleidskaart (oostblad) van gemeente Doetinchem met ligging van het plangebied in het blauwe kader (Willemse et al. 2019).
10 Willemse et al. 2019. De themakaarten van dit rapport waren voor het bureauonderzoek niet beschikbaar. 11 Gemeente Doetinchem (ed.) 2020, zie boven par. 1.1. 12 Willemse en Kocken 2012. 13 Willemse et al. 2019.
© Hamaland Advies, Ambachtsweg 9b, 7021 BT Zelhem
9 van 30
Project Kenmerk
1.5
: BO Plangebied Varsseveldseweg 95-97 te Doetinchem : AW/ALG/HAMA/213163
Administratieve gegevens Tabel 1: Gegevens projectgebied Opdrachtgever
Motivado BV
Projectnaam
Plangebied Varsseveldseweg 95-97 te Doetinchem
Uitvoerder, Beheer documentatie
en
Plaats
Hamaland Advies, Ambachtsweg 9b, 7021 BT Zelhem
Bevoegd gezag
gemeente Doetinchem, mw. G. Dutman
Provincie, Gemeente, Plaats
Gelderland, Doetinchem, Doetinchem
Adres en Toponiem
Varsseveldseweg 95-97
Kaartblad
40Fz2
RD-coördinaten
Centrumcoörd.
NO
218.217/442.496
NW
218.164/442.482
218.210 / 442.467 ZO
218.234/442.442
ZW
218.202/442.433
Hoogte plangebied
13,99 m NAP (centrumcoördinaat)
CMA/AMK Status en nummer
n.v.t.
Kadastrale gegevens
kadastrale gemeente Ambt-Doetinchem, sectie D, perceel 2540
Archis3 zaaknummer
4966510100
Oppervlakte plangebied
2.697 m²
Oppervlakte onderzoeksgebied
ca. 78,5 ha
Huidig grondgebruik
braakliggend
Toekomstig grondgebruik
bebouwing
Geomorfologie (extrapolatie)
dekzandrug met korte hellingen (10B53yc), al dan niet met oud bouwlanddek, en/of terrasvlakte al dan niet bedekt met dekzand (1M42) hoge zwarte enkeerdgrond (zEZ21) en/of beekeerdgrond (pZg21), beide van leemarm en zwak lemig fijn zand
Bodemtype (extrapolatie) Grondwatertrap
VIo (GHG 40-80 cm -mv, GLG 120-180 cm -mv)
Geologie
rivierzand en -grind (Formatie van Kreftenheye; Kr1)
Periode
laat-Paleolithicum t/m recent
Het onderzoeksgebied voor dit bureauonderzoek is gedefinieerd als het gebied dat ligt in een straal van ca. 500 m rondom (de centrumcoördinaat van) het plangebied.
© Hamaland Advies, Ambachtsweg 9b, 7021 BT Zelhem
10 van 30
Project Kenmerk
: BO Plangebied Varsseveldseweg 95-97 te Doetinchem : AW/ALG/HAMA/213163
2
Bureauonderzoek en verwachtingsmodel
2.1
Landschapsgenese Geologie Het onderzoeksterrein is gelegen in het stroomgebied van de Oude IJssel. Het huidige oppervlaktereliëf is voornamelijk gevormd tijdens de laatste ijstijd, het Weichselien (115.000-ca. 11.700 jaar geleden, zie bijl. 2). Gedurende deze periode bereikte het landijs Nederland niet. Nederland veranderde in een poolwoestijn, waarin vrijwel geen plantengroei mogelijk was. In de warmere perioden van het Weichselien de Bølling-Allerød interstadiaal, ontstond een open taiga-achtig landschap met geïsoleerde bosopstanden met pioniersplanten als berk, den, poolwilg, ratelpopulier en, spar, dwergstruiken zoals lariks en jeneverbes, heide en kruiden. Het plangebied ligt op een rivierterras dat in deze periode is gevomd.14 De ondergrond van het plangebied bestaat dan ook uit rivierzand en -grind dat wordt gerekend tot de Formatie van Kreftenheye (Kr1).15 Aan het einde van het Laat-Weichselien werden tijdens het Late Dryas (ca. 12.700-11.700 jaar geleden) langs droogliggende, ondiepe en brede rivierbeddingen in het stroomgebied van de Oude IJssel rivierduinen gevormd. De overwegend zuidwestelijke wind stond loodrecht op deze beddingen en verstoof hieruit matig grof zand. Tijdens het Holoceen, de huidige warme periode (vanaf ca. 10.000 jaar geleden), vindt bodemvorming plaats.
Doordat dekzand relatief mineraalarm is en een goede ontwatering heeft, trad hier podzolisatie op. In laaggelegen delen en op hogere ruggen waar tijdens de bodemvorming hoge grondwaterstanden voorkwamen, zijn veldpodzolen gevormd. In de laagste delen van het dekzandlandschap zijn door de hogere grondwaterstanden beekeerdgronden gevormd. Vanaf de late middeleeuwen werd op de zandgronden op grote schaal het systeem van potstalbemesting toegepast. Hierbij werden de landbouwgronden bemest met plaggen en schapenmest uit de potstal. Deze landbouwgronden lagen rondom de dorpen op de overgang van de hoge naar de lage terreindelen. Door deze eeuwenlange bemesting met potstalmest (vermengd met plaggen) werden enkeerdgronden gevormd. Dit zijn bodems die een meer dan 0,5 m dikke, donkere humeuze bovenlaag (A-horizont) hebben.
Geomorfologie Op de Geomorfologische kaart 2019 is het plangebied niet gekarteerd vanwege de ligging in de bebouwde kom. Extrapolatie duidt erop dat het plangebied waarschijnlijk ligt op een dekzandrug met korte hellingen (steilste hellingen >1°) en een lokaal maximaal hoogteverschil van 0,5-1,5 m met op de hogere delen soms een oud-bouwlanddek (10B53yc) en/of een terrasvlakte met een lokaal maximaal hoogteverschil van 0,0-0,25 m en al dan niet bedekt met dekzand (1M42yd, zie afb. 3).16
Bodem Op de Bodemkaart is het plangebied niet gekarteerd vanwege de ligging in de bebouwde kom. Op basis van extrapolatie is in het plangebied waarschijnlijk sprake van een hoge zwarte enkeerdgrond (zEZ21) en/of een beekeerdgrond, beide van leemarm en zwak lemig fijn zand (pZg21, afb. 4). Beekeerdgronden worden gekenmerkt door een voedselrijke humuslaag die overgaat in een voedselarme laag van dekzand.17
14 Cohen et al. 2012. 15 Schokker 2010. 16 Geomorfologische kaart BRO 2019, geraadpleegd via Dinoloket, 24-02-2021. 17 Bodemkaart BRO 2018, geraadpleegd via Dinoloket, 24-02-2021.
© Hamaland Advies, Ambachtsweg 9b, 7021 BT Zelhem
11 van 30
Project Kenmerk
: BO Plangebied Varsseveldseweg 95-97 te Doetinchem : AW/ALG/HAMA/213163
Afbeelding 3: Detail van de Geomorfologische kaart 2019 met het plangebied (bron: Dinoloket).
Afbeelding 4: Detail van de Bodemkaart 2018 met het plangebied. zVz: meerveengronden; zWz: moerige eerdgronden (bron: Dinoloket).
© Hamaland Advies, Ambachtsweg 9b, 7021 BT Zelhem
12 van 30
Project Kenmerk
: BO Plangebied Varsseveldseweg 95-97 te Doetinchem : AW/ALG/HAMA/213163
Grondwater Voor het plangebied geldt volgens de Grondwatertrappenkaart van Nederland (2018) de grondwatertrap (Gt) VIo. Bij Gt VIo ligt de gemiddeld hoogste grondwaterstand (winter) tussen 40-80 cm -mv en de gemiddeld laagste grondwaterstand (zomer) tussen 120-180 cm -mv.18
Hoogte Het Actueel Hoogtebestand Nederland laat zien dat het plangebied op een vlakke, ongeveer noordwestzuidoost lopende rug ligt. De maaiveldhoogte van het plangebied varieert van 14,47 m NAP in het noordwesten tot 13,88 m NAP in het zuiden. Het centrale deel van het plangebied heeft een hoogte van 13,99 m NAP (afb. 5).19
Afbeelding 5: Hoogtekaart met de situering van het plangebied (bron: AHN3 ruw).
Gaafheid bodem Het plangebied is in de recente tijd bebouwd geweest. Ter plaatse van de voormalige, inmiddels gesloopte bebouwing moet worden uitgegaan van bodemverstoringen voor de funderingen en eventueel een bouwput. Daarnaast kunnen natuurlijke verstoringen door wortels van bomen en struiken opgetreden zijn aangezien het plangebied vanaf in ieder geval de vroege 19 e eeuw tot en met begin 20e eeuw onderdeel uitmaakte van een bos. Eerder uitgevoerd archeologisch onderzoek in het plangebied duidt op een verstoring tot 0,4 m -mv.20
Milieu- en geotechnische gegevens Het bodemloket vermeldt voor het plangebied alleen een historisch onderzoek (identificatiecode GE022201838, gemeentelijk BIS AA022201838) en geeft aan dat er een oriënterend milieukundig bodemonderzoek dient te worden uitgevoerd naar de aard en ernst van de (mogelijke) verontreiniging.21 18 Knotters et al. 2018. 19 AHN3 en AHN3 ruw, geraadpleegd via https://ahn.arcgisonline.nl/ahnviewer/, 24-02-2021. 20 Zie beneden par. 2.2-2.4. 21 www.bodemloket.nl, geraadpleegd 24-02-2021.
© Hamaland Advies, Ambachtsweg 9b, 7021 BT Zelhem
13 van 30
Project Kenmerk
: BO Plangebied Varsseveldseweg 95-97 te Doetinchem : AW/ALG/HAMA/213163
De resultaten van het recent uitgevoerde milieukundige bodemonderzoek waren tijdens van het schrijven van dit bureauonderzoek niet beschikbaar. Binnen het onderzoeksgebied zijn in het Dinoloket negen geologische boringen geregistreerd (afb. 6). De het dichtst bij het plangebied gelegen boring B40F1035, op een afstand van ca. 190 m ten oosten ervan, laat de volgende bodemopbouw zien:22 B40F1035 (boordiepte 4,0 m -mv) Diepte in m-mv 0,0-1,3 1,3-2,0 2,0-2,1 2,1-2,2 2,2-2,5 2,5-3,3 3,3-3,4 3,4-4,0
Grondsoort zand, matig grof, matig humeus zand, matig grof, siltig zand, sterk humeus klei, humeus zand, kleiig, sterk siltig zand, zeer grof, zwak grindig zand, matig fijn, sterk siltig zand, uiterst grof
Afbeelding 6: Geologische boringen rondom het plangebied (bron: Dinoloket).
De overige geraadpleegde boringen laten een vergelijkbare bodemopbouw zien waarbij de ingeschakelde kleilaag deels wordt afgedekt door één of meer veenlagen (B40F1030, B40F1032 en B404F1036); in de boringen B40F1033 en B40F1037 wederom wordt de veenlaag afgedekt door de kleilaag. Alleen in B40F1033 ten zuidoosten van het plangebied is in het bovenste grofzandige pakket eveneens een dun (5 cm) veenbandje ingeschakeld. De ingeschakelde kleilaag kan waarschijnlijk worden gerekend tot de Laag van Wijchen, de veenlagen duiden op lokale depressies met natte/drassige omstandigheden. Van twee boringen zijn in het Dinoloket geen boorstaten opgenomen.23
22 www.dinoloket.nl/ondergrondgegevens, geraadpleegd 24-02-2021. 23 Boringen B40F1884 en B40F1885; www.dinoloket.nl/ondergrondgegevens, geraadpleegd 24-02-2021.
© Hamaland Advies, Ambachtsweg 9b, 7021 BT Zelhem
14 van 30
Project Kenmerk
2.2
: BO Plangebied Varsseveldseweg 95-97 te Doetinchem : AW/ALG/HAMA/213163
Historische ontwikkeling van Doetinchem en het plangebied Uit archeologisch onderzoek blijkt dat er op het grondgebied van de gemeente Doetinchem al meer dan 11.000 jaar mensen leven. Hoewel al vanaf ca. 9.000 v.Chr. af en toe mensen in de regio woonden ontstond de eerste permanente bewoning in de vroege bronstijd (1700 v.Chr. - 1500 v.Chr.). Uit diverse opgravingen is gebleken dat ten tijde van het Romeinse Rijk in ieder geval sprake is geweest van permanente bewoning. Na de Romeinse tijd zijn deze bewoners echter weer weg getrokken. De naam Doetinchem behoort tot de met het Frankische suffix -heem gevormde namen. Heemnamen duiden over het algemeen op een ontstaan van de nederzetting in de periode vóór 1.000 n.Chr. Het vermoeden is dat Doetinchem tussen 796 en 838 n.Chr. is gesticht. De plaats wordt voor het eerst in 838 genoemd in een oorkonde van bisschop Albericus van Utrecht als ‘villa Duetinghem’. In de nederzetting, die op de locatie van de latere stad Doetinchem lag, was toen een kerk aanwezig. Tussen 1182 en 1207 of tussen 1229 en 1271 kreeg Doetinchem stadsrechten. Rond 1400 was het plangebied gelegen in het ambt Langerak.24 De recent door Willemse et al. geïnventariseerde militairhistorische informatie heeft voor het huidige plangebied geen gegevens opgeleverd.
25 De Indicatieve Kaart Militair Erfgoed (IKME) geeft voor het plangebied alleen een algemene verwachting op voormalige (nood-) begraafplaatsen en veldgraven, loopgraven en geschutsopstellingen buiten linies en slagvelden, schuilloopgraven en schuilkelders, opstellingen voor zoeklichten, waarnemingsposten etc., onderduikholen (‘verborgen dorpen’), opmarsen deportatieroutes, geallieerde kampementen en/of dumplocaties.26 Vliegtuigcrashes en inslagen van V1- en V2-rakketten zijn in het plangebied niet gebeurd.27 De Hottingerkaart en topografische kaarten uit de vroege 19e eeuw laten alleen zien dat het plangebied langs de weg naar Varsseveld ligt maar geven verder geen details met betrekking tot het concrete landgebruik (afb. 7). Volgens de kadastrale minuut was het plangebied in de vroege 19e eeuw grotendeels begroeid met bos (percelen 376 en 378) en viel alleen de westelijke hoek in bouwland (perceel 379).28 Deze situatie blijft tot in het begin van de 20e eeuw ongewijzigd. In 1908 is het deel van het bos waarin het plangebied lag, gerooid en is het perceel in gebruik genomen als bouwland. Vanaf 1930 is ook de rest van het bos ontgonnen en valt de zuidoostelijke hoek van het plangebied in een weiland (afb. 8). Deze situatie verandert pas in 1957 toen in het plangebied voor het eerst bebouwing is weergegeven. Het betreft de voormalige klompenfabriek.
De Topografische kaart van 1993 laat zien dat de bebouwing uitgebreid is. Vanaf 2006 is de bebouwing gesloopt en wordt het plangebied als onbebouwd weergegeven. Luchtfoto’s uit 2006 laten geen sporen herkennen van de sloopwerkzaamheden. In de periode 2008-2012 is het plangebied volgens de luchtfoto’s in gebruik als parkeerplaats.29
24 Gemeente Doetinchem (ed.) 2006, Boogman en Oosterhaven (red.) 1986. 25 Willemse et al. 2019, 53-69. 26 www.ikme.nl, geraadpleegd 24-02-2021. 27 Studiegeroep luchtoorlog 1939-1945 en vergeltungswaffen.nl, beide geraadpleegd 24-02-2021. 28 Kadastrale minuut 1811-1832, minuut Ambt Doetinchem, sectie D, blad 02 en bijbehorende OAT via Archis3, overige kaarten via topotijdreis.nl geraadpleegd 24-02-2021. 29 Dotkadata.nl en topotijdreis.nl, beide geraadpleegd 24-02-2021.
© Hamaland Advies, Ambachtsweg 9b, 7021 BT Zelhem
15 van 30
Project Kenmerk
: BO Plangebied Varsseveldseweg 95-97 te Doetinchem : AW/ALG/HAMA/213163
Afbeelding 7: Het plangebied op topografische kaarten uit 1775-1780, 1811-1832, 1890 en 1908 (bron: Versfelt 2003 [Hottingerkaart]; Archis3 [kadastrale minuut]; topotijdreis.nl).
Afbeelding 8: Het plangebied op topografische kaarten uit 1930, 1957, 1993 en 2006 (bron: topotijdreis.nl).
© Hamaland Advies, Ambachtsweg 9b, 7021 BT Zelhem
16 van 30
Project Kenmerk
2.3
: BO Plangebied Varsseveldseweg 95-97 te Doetinchem : AW/ALG/HAMA/213163
Bouwhistorische waarden In het plangebied zijn geen rijks- of gemeentelijke monumenten geregistreerd.30 Het bouwarchief van de gemeente Doetinchem bevat vier bouwtekeningen die betrekking hebben op het plangebied. In 1953 is vergunning verleend voor de bouw van een droogloods voor de klompenfabriek en in 1955/1956 voor de bouw van een walhijsbalk. De vergunning van 1964 heeft betrekking op de rioolaansluiting van het bedrijf en in hetzelfde jaar is vergunning verleend voor de bouw van een garage. 31 Afgezien van mogelijke ondergrondse restanten van deze voormalige bebouwing zijn binnen het plangebied geen andere ondergrondse bouwhistorische resten bekend, deze worden op grond van het uitgevoerde historische en cartografische onderzoek in beginsel ook niet verwacht.32
2.4
Archeologische waarden In Archis3 zijn geen waarnemingen of vondstmeldingen in het plangebied geregistreerd. Het plangebied valt binnen de contour van een eerder archeologisch onderzoek (afb. 9-10). Archis3 vermeldt binnen een straal van ca. 500 m rondom het plangebied in totaal 15 archeologische onderzoeken en één vondstlocatie (afb. 9, tabel 2):33
Afbeelding 9: Vindplaatsen en archeologische onderzoeken in de omgeving van het plangebied (bron: Archis3). Zie voor de zaaknrs. tabel 2. Het plangebied bevindt zich binnen het rode kader.
30 Archis3 (rijksmonumenten), geraadpleegd 24-02-2021; Bureau Helsdingen (red.) 2011 (gemeentelijke monumenten). De resultaten van het onderzoek naar cultuurhistorisch waardevolle panden in de gemeente Doetinchem (2020) waren voor het bureauonderzoek niet beschikbaar. 31 Gemeentebestuur Doetinchem, bouwvergunningen (1910) 1945-1989 (1993), dossier 7244 geraadpleegd via ecal.nu. De bouwtekeningen zelf zijn niet digitaal beschikbaar en ten gevolge van de sluiting i.v.m. Covid-19 momenteel niet in te zien. 32 cultuurhistorie gelderland geraadpleegd 25-02-2021 via via geoportaal gelderland.nl; molendatabase.nl (werkende molens) en molendatabase.org (verdwenen molens), beide geraadpleegd 25-02-2021. 33 Zie voor de onderliggende rapportages de literatuurlijst.
© Hamaland Advies, Ambachtsweg 9b, 7021 BT Zelhem
17 van 30
Project Kenmerk
: BO Plangebied Varsseveldseweg 95-97 te Doetinchem : AW/ALG/HAMA/213163
Tabel 2: Vondstlocaties en onderzoeken in de omgeving van het plangebied (met de klok mee) Zaaknr.
Toponiem; ligging t.o.v. plangebied
Onderzoek
Resultaten en advies
2058959100
Varsseveldseweg; omvat huidig plangebied
ABO RAAP 2004
bodem verstoord tot 0,4 m -mv, geen archeologische resten/ vrijgave. Zie de bespreking verderop in de tekst
2054868100
Natuurpark Overstegen; 500 m NNO
ABE ADC 1999
bijzonder weinig vondsten aangetroffen, geen complextypen te definiëren
2068662100
Boddens Hosangstraat; 395 m NO
ABO 2005
geen resultaten in Archis3 geregistreerd, (tot dusver?) geen vervolgonderzoek
4876471100
4876488100
Verdilaan 295 m NO
Synthegra
ABU Econsultancy 2020
hoge verwachting op archeologische resten uit de periode PALEOL-ME, lage verwachting voor NT/verkennend ABO
ABO Econsultancy 2020
vervolgonderzoek op 4876471100: muv B004 (intact restant B/C-horizont holtpodzol) bodem plangebied verstoord tot in C-horizont. Geen relevante archeologische indicatoren of kansrijke lagen/ vrijgave
14a;
221825100
Oost-Doetinchem; 450 m O
ABO RAAP 2008
bodemopbouw grotendeels intact, plaatselijk afgetopt. Vindplaatsen IJZER(-MEV) en MEL buiten onderzoeksgebied/ aanvullend karterend ABO in uiteindelijk gekozen tracé
2074583100
Varsseveldseweg; 240 m OZO
ABO 2005
geen resultaten in Archis3 geregistreerd, (tot dusver?) geen vervolgonderzoek
2231252100
2232557100
Synthegra
ABU Econsultancy 2009
hoge verwachting op archeologische resten vanaf PALEOL, laag ter plaatse van bestaande verstoringen/ verkennend ABO
ABO ADC 2009
vervolgonderzoek op 2231252100: NO bodem verstoord tot in de C-horizont, overig terrein intact vanaf 0,6/0,75 m -mv/ vervolgonderzoek dmv APP in intacte delen plangebied
APP ADC 2010
vervolgonderzoek op 2232557100: veldpodzol in dekzand, top opgenomen in esdek. M.u.v. één greppel/sloot geen sporen of vondsten, spoor derhalve niet dateerbaar/ vrijgave
ABO RAAP 2007
geen resultaten in Archis3 geregistreerd, (tot dusver?) geen vervolgonderzoek
ABU Econsultancy 2014
hoge verwachting op archeologische resten vanaf PALEOL/ verkennend ABO
ABO Econsultancy 2014
vervolgonderzoek op 2440954100: geen vindplaats, losse aardewerkfragmenten (mestaardewerk)/ vrijgave. Selectiebesluit conform advies
Mackaylaan 41; 250 m (APP 270 m) ZO
2281473100
2140476100
Kennedylaan 430 m ZW
2440954100
2440962100
Van Hogendorplaan 3; 475 m ZW
(b);
2140451100
Veemarkt; 500 m ZW
ABO RAAP 2007
grootschalige verstoringen, in delen plangebied (deels) intact plaggendek, vindplaats (IJZER) buiten onderzoeksgebied/ vervolgonderzoek na sloop bestaande bebouwing
2987827100
Slingevliet; 485 m NW
vondstmelding 1994
verdwenen buitenplaats Slingevliet afgebeeld op oude kaarten
© Hamaland Advies, Ambachtsweg 9b, 7021 BT Zelhem
zoals
18 van 30
Project Kenmerk
: BO Plangebied Varsseveldseweg 95-97 te Doetinchem : AW/ALG/HAMA/213163
4889756100
Heijermansstraat 450 m NW
21;
ABU RAAP 2020
lage kans op archeologische resten vanaf PALEOL i.v.m. hoge verstoringsgraad van de bodem/ vrijgave
Legenda bij tabel 2: ABE: archeologische begeleiding (protocol); ABO: inventariserend veldonderzoek d.m.v. boringen; ABU: archeologisch bureauonderzoek; APP: inventariserend veldonderzoek d.m.v. proefputten/ proefsleuven; IJZER: ijzertijd; MEL: late middeleeuwen; MEV: vroege middeleeuwen; NT: Nieuwe tijd; PALEOL: laatPaleolithicum.
Naar aanleiding van de toen geplande herontwikkeling van het terrein is het gebied waarin het huidige plangebied ligt, in 2004 archeologisch onderzocht door middel van een bureau- en karterend booronderzoek (Archis3 zaaknr. 2058959100, zie afb. 9).34 Op grond van de ligging op een dekzandrug met esdek gold voor het toenmalige plangebied een hoge verwachting op archeologische resten uit de periode laat-Paleolithicum tot en met de late middeleeuwen. Tijdens het veldonderzoek zijn zes boringen gezet met een Edelmanboor met een diameter van 15 cm tot een maximale diepte van 1,9 m -mv (afb. 10). Uit het booronderzoek is gebleken dat de bodem in het toenmalige plangebied tot een diepte van 0,4 m -mv verstoord is. Onder de verstoring volgt direct de C-horizont bestaande uit (licht)bruingeel matig fijn dekzand (Formatie van Boxtel, Laagpakket van Wierden). Alleen in B001 bestond de C-horizont uit grindrijk bruingeel matig grof rivierzand behorende tot de Formatie van Kreftenheye. Een es- of plaggendek is in de boringen niet waargenomen, archeologische indicatoren zijn in de boringen evenmin aangetroffen. Geadviseerd is het gebied vrij te geven voor de geplande ontwikkeling.35
Afbeelding 10: Boorpuntenkaart van het onderzoek in 2004 in (de omgeving van) het plangebied (bron: Meij 2004, Figuur 1).
Gelet op de beschrijving in de rapportage zijn er ten tijde van het veldonderzoek in 2004 geen tekenen van bodemvorming waargenomen. Dit duidt erop dat in het plangebied waarschijnlijk geen archeologisch kansrijke lagen meer te verwachten zijn.
34 Meij 2004. Met dank aan drs. J.C. Pouwels, RAAP, voor het toezenden van de rapportage. 35 Meij 2004, 7-8. Het rapport bevat geen boorstaten.
© Hamaland Advies, Ambachtsweg 9b, 7021 BT Zelhem
19 van 30
Project Kenmerk
: BO Plangebied Varsseveldseweg 95-97 te Doetinchem : AW/ALG/HAMA/213163
Aangezien de recente geactualiseerde archeologische beleidskaart van de gemeente Doetinchem (2019) vermeldt dat de gemeente de resultaten van dit onderzoek moet beoordelen, kan ervan worden uitgegaan dat het onderzoek destijds ofwel door de provincie Gelderland niet beoordeeld is, ofwel dat het toenmalige selectiebesluit ten tijde van de actualisering van de beleidskaart niet (binnen redelijke termijn) traceerbaar was. De overige vondstmeldingen en onderzoeken binnen het onderzoeksgebied (tabel 2) hebben slechts sporadisch sporen en/of vondsten opgeleverd. Voor de Nieuwe tijd kan dit verband houden met het feit dat het gebied lang buiten de bebouwde kom heeft gelegen en pas laat gecultiveerd is. Met betrekking tot de vroegere perioden kan de schaarste aan sporen en vondsten te wijten zijn aan moderne verstoringen en/of verband houden met het oorspronkelijke reliëf van verspreide dekzandruggen en welvingen op de terrasvlakte. De in de diverse geraadpleegde DINO-boringen aanwezige veenlagen duiden erop dat de omstandigheden plaatselijk te nat zijn geweest voor bewoning.
2.5
Archeologisch verwachtingsmodel Op grond van de bekende geologische, landschappelijke, aardkundige, archeologische en historische gegevens in en rond het plangebied kan de archeologische verwachting worden bepaald. Voor het dekzandlandschap geldt dat de meest reliëfrijke delen (goed ontwaterde dekzandruggen en – koppen) die grenzen aan of worden omgeven door laaggelegen, natte gebieden een hoge archeologische verwachting hebben. Door plaggenbemesting zijn esdekken ontstaan op het dekzand. Binnen het plangebied kan sprake zijn van een dekzandrug. Door de geo(morfo)logische situatie ter plaatse was het gebied geschikt voor bewoning en/of landgebruik vanaf de vroegste prehistorie. Eventuele vindplaatsen uit het Paleolithicum en Mesolithicum, de tijd van de jagers/verzamelaars, kunnen bestaan uit basis- en/of jachtkampementen die zich kenmerken door een strooiing van vuursteen, alsmede resten van houtskool, haardkuilen, kookstenen en andere stenen gebruiksvoorwerpen. Eventuele resten van (on)verbrande gereedschappen en gebruiksvoorwerpen van organisch materiaal (hout, leer, bot) zullen gezien de zandige ondergrond minder goed bewaard zijn gebleven.
Gelet op de weinige bekende vondsten uit deze periode die tot dusver binnen het onderzoeksgebied zijn aangetroffen en het feit dat de bodem in het plangebied getuige het onderzoek uit 2004 afgetopt lijkt, wordt voor dit onderzoek uitgegaan van een lage tot middelhoge archeologische verwachting voor het Paleolithicum en Mesolithicum. Vanaf het Neolithicum deed de landbouw zijn intrede en werden de nederzettingen meer plaatsvast. Uit de periode Neolithicum tot en met de ijzertijd kunnen daarom ook resten van nederzettingen (met o.a. paalsporen, wandstructuren en funderingsgreppels van houtbouw, haardkuilen en afvalkuilen, waterputten, erfafscheidingen, veekralen) worden verwacht, hoewel deze binnen het huidige onderzoeksgebied nog niet zijn aangetoond. Naast deze sporen van (agrarisch) landgebruik kunnen tevens off–site fenomenen zoals infrastructuur, alsmede resten van kleinschalige ambachtelijke activiteiten worden verwacht. Naast de eerder genoemde voorwerpen kunnen vanaf het Neolithicum ook (fragmenten van) handgevormd aardewerk en voorwerpen van metaal, en vanaf de ijzertijd ook van glas worden verwacht. Gelet op het vrijwel volledig ontbreken van vondsten uit deze periode is de verwachting voor het Neolithicum en de bronstijd voor het onderzoeksgebied eveneens laag tot middelhoog.
Door de aftopping van de C-horizont zullen met name eventuele restanten van diep ingegraven sporen bewaard zijn gebleven. Vanaf de Romeinse tijd kunnen naast de tot dan toe gebruikelijke houtbouw in beginsel ook resten van gedeeltelijk in steen opgetrokken gebouwen worden verwacht, vanaf de laat-Romeinse tijd ook inhumatiegraven. Hoewel voor het gebied op grond van de geologische gegevens een hoge verwachting geldt voor archeologische resten uit alle perioden wordt voor het huidige plangebied voor de Romeinse tijd en vroege middeleeuwen uitgegaan van een lage tot middelhoge verwachting. De reden hiervoor is het (vrijwel) volledig ontbreken binnen het onderzoeksgebied van archeologische resten die eenduidig aan deze periode kunnen worden toegeschreven,36 in combinatie met de schraalheid van de grond die het gebied minder aantrekkelijk maakte voor bewoning en de verstoring van de bodemopbouw binnen het plangebied. Vanaf de late middeleeuwen zijn de zandgronden grootschalig ontgonnen. Uit deze periode dateren de ook in de omgeving van het plangebied ruim aanwezige enkeerdgronden, bouwland dat in de loop van de tijd door bemesting met potstalmest, d.w.z. stalmest vermengd met huishoudelijk afval, heideplaggen 36 Het beeld kan vertekend zijn doordat het handgevormde aardewerk uit het onderzoeksgebied slechts algemeen in de periode ijzertijd-middeleeuwen kan worden gedateerd.
© Hamaland Advies, Ambachtsweg 9b, 7021 BT Zelhem
20 van 30
Project Kenmerk
: BO Plangebied Varsseveldseweg 95-97 te Doetinchem : AW/ALG/HAMA/213163
en eventueel bosstrooisel en/of zand steeds hoger kwam te liggen. Ter plaatse van het plangebied is volgens het booronderzoek uit 2004 geen plaggendek (meer) aanwezig en indien het er ooit aanwezig is geweest, is het (vrijwel) volledig afgegraven. Voor het plangebied wordt daarom uitgegaan van een lage tot middelhoge trefkans op sporen van bewoning en/of (agrarisch) landgebruik en infrastructuur. Gelet op de cartografische informatie geldt voor de (late) Nieuwe tijd een hoge archeologische verwachting op resten van bouwland en evt. infrastructuur maar een lage tot zeer lage verwachting op nederzettingsresten. Tabel 3: Archeologische verwachting plangebied Periode Tweede Wereldoorlog
Verwachting Laag
Nieuwe tijd
Hoog
late middeleeuwen
Laag Laag tot middelhoog
Romeinse tijd/vroege middeleeuwen
Laag tot middelhoog
ijzertijd
Laag tot middelhoog
Neolithicumbronstijd
Laag tot middelhoog
Paleolithicum/ Mesolithicum
Laag tot middelhoog
Verwachte vindplaatstypen Geen concrete verwachting, evt. losse vondsten, veldgraven en onderduikholen bouwland, eventueel infrastructuur bebouwing nederzettingsresten (hout- en ged. steenbouw) met archeologische laag, akkerlagen/sporen van agrarische activiteiten, infrastructuur nederzettingsresten (hout- en ged. steenbouw) met archeologische laag, hutkommen; sporen van landgebruik (akkerbouw, infrastructuur). Grafvelden/ groepen graven nederzettingsterreinen (paalsporen, kuilen, waterputten), evt. met archeologische laag; sporen van landgebruik (akkerbouw, infrastructuur), resten van smeedhaarden, meilers. Graven nederzettingsterreinen (paalsporen, kuilen, waterputten), evt. met archeologische laag; sporen van landgebruik (akkerbouw, infrastructuur), resten van smeedhaarden, meilers. Graven Jachtkampen, haardplaatsen/haardkuilen, vuursteenconcentraties en strooivondsten
Verwachte bodemlaag (diepte) Vanaf maaiveld
Vanaf maaiveld Vanaf maaiveld Vanaf maaiveld
In de top van de C-horizont, vanaf ca. 0,4 m -mv
In de top van de C-horizont, vanaf ca. 0,4 m -mv
In de top van de C-horizont, vanaf ca. 0,4 m -mv
In de top van de C-horizont, vanaf ca. 0,4 m -mv
Gaafheid en conservering Het in 2004 uitgevoerde booronderzoek heeft laten zien dat de bodem in het plangebied tot 0,4 m -mv verstoord is en deze verstoring direct overgaat in de C-horizont (dekzand c.q. rivierzand).37 Archeologisch kansrijke lagen zijn volgens de gegeven beschrijving niet waargenomen, archeologische indicatoren evenmin. De waarnemingen duiden erop dat de oorspronkelijke bodemopbouw tot in de top van de C-horizont afgetopt en/of verstoord is. Binnen de verstoring zouden eventueel nog losse, verspreid geraakte vondsten verwacht kunnen worden, onder de verstoring blijft de kans bestaan op restanten van diep ingegraven sporen. Ter plaatse van de voormalige bebouwing is de bodem verstoord tot een onbekende diepte. De kans op het aantreffen van vondsten van organisch materiaal en van paleo–ecologische resten is sterk afhankelijk van de bodemgesteldheid ter plaatse. Onverbrande vondsten van organisch materiaal en paleo–ecologische resten zullen over het algemeen slechts beneden de grondwaterspiegel kunnen worden aangetroffen. Gelet op de grondwatertrap is dit hier mogelijk vanaf 1,8 m –mv (Gt VIo). Verbrande vondsten van organisch materiaal en paleo–ecologische resten kunnen daarnaast ook in 37 Meij 2004, 7. Het rapport bevat geen boorstaten.
© Hamaland Advies, Ambachtsweg 9b, 7021 BT Zelhem
21 van 30
Project Kenmerk
: BO Plangebied Varsseveldseweg 95-97 te Doetinchem : AW/ALG/HAMA/213163
grondsporen worden aangetroffen. Algemeen is de zandige bodem ongunstig voor de conservering van organisch materiaal.
2.6
Selectieadvies Conform de archeologische beleidskaart van de gemeente Doetinchem dient in eerste instantie nagegaan te worden of het onderzoek uit 2004 heeft geresulteerd in een selectiebesluit.38 Indien dit niet het geval is, verdient het aanbeveling om de boorstaten van het recent uitgevoerde milieukundige bodemonderzoek door een archeoloog te laten beoordelen op mogelijke aanwijzingen voor archeologisch kansrijke lagen (bijv. begraven humushoudende lagen dieper dan 0,4 m -mv). Indien de boorstaten mogelijke aanwijzingen voor kansrijke lagen laten zien (de kans hierop lijkt echter gering) verdient het aanbeveling een (aanvullend) verkennend booronderzoek te laten uitvoeren naar de omvang (horizontaal en verticaal) van deze kagen en de intactheid van het bodemprofiel ter plaatse van de geplande bodemingrepen. Archeologisch kansrijke lagen en archeologische indicatoren kunnen in het boorprofiel worden herkend. Het door Hamaland Advies voorgestelde (aanvullende) verkennende booronderzoek naar de bodemopbouw en intactheid van het bodemprofiel dient voldoende informatie te genereren om de toekomstige bouwplannen indien nodig archeologievriendelijk vorm te geven en/of de noodzaak van planaanpassing en/of nader (karterend/waarderend) archeologisch onderzoek te kunnen bepalen. Voor het uitvoeren van een booronderzoek moet conform de BRL 4003 eerst een PvA opgesteld worden.
Indien uit de boorstaten van het milieukundig bodemonderzoek evenmin aanwijzingen voor archeologisch kansrijke lagen naar voren komen, wordt aanbevolen het gebied vrij te geven voor de geplande ontwikkeling.
2.7
Voorbehoud Het uitgevoerde onderzoek is op zorgvuldige wijze verricht volgens de algemeen gebruikelijke inzichten en methoden. Het archeologisch onderzoek is erop gericht om de kans op het aantreffen dan wel vernietigen van archeologische waarden bij bouwwerkzaamheden in het plangebied te verkleinen. Wij wijzen erop dat het selectiebesluit van het bevoegd gezag af kan wijken van het selectieadvies van Hamaland Advies. Verder dient te allen tijde bij het afgeven van een omgevingsvergunning de wettelijke meldingsplicht (Erfgoedwet 1-7-2016, art. 5.10 en 5.11) kenbaar te worden gemaakt, om het documenteren van toevalsvondsten te garanderen: ‘Degene die anders dan bij het doen van opgravingen een zaak vindt waarvan hij weet dan wel redelijkerwijs moet vermoeden dat het een monument is (in roerende of onroerende zin), meldt die zaak zo spoedig mogelijk bij onze minister’. Deze aangifte dient te gebeuren bij de RCE te Amersfoort. Het verdient aanbeveling ook de verantwoordelijk ambtenaar van de gemeente Doetinchem (mw. G. Dutman) hiervan per direct in kennis te stellen.
38 Willemse et al. 2019, zie ook hier afb. 2; onderzoek 2004: Meij 2004, zie ook boven par. 2.4.
© Hamaland Advies, Ambachtsweg 9b, 7021 BT Zelhem
22 van 30
Project Kenmerk
: BO Plangebied Varsseveldseweg 95-97 te Doetinchem : AW/ALG/HAMA/213163
Gebruikte literatuur Bakker, H. de, en J. Schelling, 1989: Systeem van bodemclassificatie voor Nederland: de hogere niveaus, Wageningen. Benthem, A. van, en J.M. Brijker, 2010: Mackaylaan 41 (Gemeente Doetinchem). Een inventariserend veldonderzoek in de vorm van Proefsleuven, Amersfoort (ADC Rapport 2289). Berendsen, H.J.A., 2005: Landschappelijk Nederland: De fysisch-geografische regio’s, Assen. Berendsen, H.J.A., 2008: De vorming van het land: inleiding in de geologie en de geomorfologie, Assen. Boogman, J.C., en S. Oosterhaven (red.), 1986: Geschiedenis van Doetinchem, Doetinchem. Broeke, E.M. ten, 2009: Archeologisch bureauonderzoek Mackaylaan 41, gemeente Doetinchem, Doetinchem (Econsultancy Archeologie rapport 08126228). Broeke, E.M. ten, en H.J. Gerritsen, 2020: Archeologisch bureauonderzoek en gecombineerd verkennend en karterend booronderzoek Verdilaan 14a te Doetinchem, Doetinchem (Econsultancy Archeologie rapport 13048.002). Bureau Helsdingen (red.), 2011: Inventarisatie cultuurhistorische waarde in de gemeente Doetinchem 2010, Vianen. Cohen, K.M., E. Stouthamer, H.J. Pierik en A.H. Geurts, 2012: Digitaal Basisbestand Paleogeografie van de RijnMaas Delta. Digitale dataset, Utrecht. Duoplan Doetinchem, 2020: 20167 invulling 20 wooneenheden Varsseveldseweg Doetinchem, Doetinchem (conceptontwerp d.d. 18-11-2020).
Gedeputeerde Staten van Gelderland (ed.), 2020a: Uitgangspuntennotitie aanpak Cultuur en Erfgoed, Arnhem. Gedeputeerde Staten van Gelderland (ed.), 2020b: Statenbrief Vervolgvoorstel Uitgangspuntennotitie aanpak Cultuur en Erfgoed, Arnhem (brief d.d. 8 december 2020, zaaknummer 2019-012596). Gedeputeerde Staten van Gelderland (ed.), 2020c: Bijlage bij Statenbrief. Overzicht financiële middelen, Arnhem (brief d.d. 8 december 2020, zaaknummer 2019-012596). Gemeente Doetinchem (ed.) 2006: De geschiedenis van Doetinchem, Wehl en Gaanderen, Doetinchem. Gemeente Doetinchem (ed.), 2020: Ontwerp-bestemmingsplan Parapluherziening Archeologie – 2020, NL.IMRO,0222.R70B017A-0001, ontwerp d.d. 03-12-2020, via ruimtelijkeplannen.nl geraadpleegd 08-01-2021. Keunen, L.J., 2008: Randweg-Oost te Doetinchem. Gemeente Doetinchem. Archeologisch vooronderzoek: een bureau- en verkennend veldonderzoek ten behoeve van een MER, Weesp (RAAP-notitie 2951). Knotters, M., D. Walvoort, F. Brouwer, L. Stuyt en J. Okx, 2018: Landsdekkende, actuele informatie over grondwatertrappen digitaal beschikbaar, H2O-Online d.d. 28 november 2018. Meij, A.M.V., 2004: Varsseveldseweg te Doetinchem. Gemeente Doetinchem. Een inventariserend archeologisch onderzoek, Amsterdam (RAAP-notitie 626). Nijdam, L.C., 2009: Mackaylaan 41 te Doetinchem (gemeente Doetinchem).
Een Inventariserend Veldonderzoek in de vorm van een verkennend booronderzoek, Amersfoort (ADC Rapport 1842). Porreij-Lyklema, T.E., 2020: Plangebied Heijermansstraat 21 te Doetinchem, gemeente Doetinchem. Archeologisch vooronderzoek: een bureauonderzoek, Weesp (RAAP-Rapport 4706). Schokker, J., 2010: Geologische overzichtskaart van Nederland, Utrecht (TNO Bouw en Ondergrond). Spanjaard, G.W.J., 2014: Archeologisch bureauonderzoek en gecombineerd verkennend en karterend booronderzoek Van Hogendorplaan 3 te Doetinchem in de gemeente Doetinchem, Doetinchem (Econsultancy Archeologie rapport 14035335). Tol A.J., et al., 2012: Leidraad inventariserend veldonderzoek; Deel: Verkennend booronderzoek Archeologie. Status: versie 2.0. Geactualiseerd op 4 december 2012. Versie 1.0 van deze leidraad is op 30 maart 2006 vastgesteld door het CCvD.
© Hamaland Advies, Ambachtsweg 9b, 7021 BT Zelhem
23 van 30
Project Kenmerk
: BO Plangebied Varsseveldseweg 95-97 te Doetinchem : AW/ALG/HAMA/213163
Willemse, N.W., L.J. Keunen, R.S. Kok, J.A.T. Wijnen en S. van der Veen, 2019: Archeologie in de gemeente Doetinchem. Actualisatie van de archeologische waarden- en verwachtingskaart, Weesp (RAAP-rapport 2877, tweede herziene eindversie). Willemse, N.W., en M.H.J.M. Kocken, 2012: Archeologie met beleid. Afwegingskader voor archeologiebeleid in de Regio Achterhoek, Weesp (RAAP-rapport 2501).
Geraadpleegde websites: https://archis.cultureelerfgoed.nl/#/ voor informatie over meldingen, kadastraal minuutplan, Bonneblad ca. 1900, geomorfologie, bodem, luchtfoto, kadaster, RD-coördinaten en het doen van de zaakmelding http://ahn.maps.arcgis.com/ voor hoogte-informatie www.topotijdreis.nl; voor informatie m.b.t. historische kaarten en luchtfoto’s http://www.dinoloket.nl/ondergrondgegevens en /ondergrondmodellen voor informatie over bodemopbouw www.dans.easy.nl voor rapporten www.ruimtelijkeplannen.nl voor bestemmingsplaninformatie www.molendatabase.nl voor werkende en www.molendatabase.org voor verdwenen molens https://www.bodemloket.nl/kaart voor milieukundige informatie http://www.ikme.nl voor informatie over de Tweede Wereldoorlog https://monumentenregister.cultureelerfgoed.nl voor gebouwde monumenten http://decentrale.regelgeving.overheid.nl https://originals.dotkadata.com voor luchtfoto’s https://www.ecal.nu voor bouwdossiers
© Hamaland Advies, Ambachtsweg 9b, 7021 BT Zelhem
24 van 30
Project Kenmerk
: BO Plangebied Varsseveldseweg 95-97 te Doetinchem : AW/ALG/HAMA/213163
BIJLAGEN
© Hamaland Advies, Ambachtsweg 9b, 7021 BT Zelhem
25 van 30
Project Kenmerk
: BO Plangebied Varsseveldseweg 95-97 te Doetinchem : AW/ALG/HAMA/213163
Bijlage 1: Concept-inrichtingsplan voor het plangebied (Duoplan Doetinchem, 2020)
© Hamaland Advies, Ambachtsweg 9b, 7021 BT Zelhem
Project Kenmerk
: BO Plangebied Varsseveldseweg 95-97 te Doetinchem : AW/ALG/HAMA/213163
© Hamaland Advies, Ambachtsweg 9b, 7021 BT Zelhem
Project Kenmerk
: BO Plangebied Varsseveldseweg 95-97 te Doetinchem : AW/ALG/HAMA/213163
Bijlage 2: Overzicht van geologische en archeologische perioden
© Hamaland Advies, Ambachtsweg 9b, 7021 BT Zelhem
Project Kenmerk
: BO Plangebied Varsseveldseweg 95-97 te Doetinchem : AW/ALG/HAMA/213163
© Hamaland Advies, Ambachtsweg 9b, 7021 BT Zelhem
Project Kenmerk
: BO Plangebied Varsseveldseweg 95-97 te Doetinchem : AW/ALG/HAMA/213163
© Hamaland Advies, Ambachtsweg 9b, 7021 BT Zelhem
Beoordeling archeologisch rapport Aan Zaaknummer Onderwerp Behandeld door Datum Opsteller rapport Rapportnummer Rapportdatum Titel
: Gemeente Doetinchem, t.a.v. Gerdien Dutman : 2021EA0410 : Nieuwbouw woningen, Varsseveldseweg 95-97, Doetinchem : Annemieke Lugtigheid : 12 april 2021 : Hamaland Advies, drs. A. Wagner, drs. E.E.A. van der Kuijl en mw. ing. J.F.M. Rohling : 213163 : 7 april 2021 : Bureauonderzoek en Verkennend Booronderzoek Archeologie, Plangebied Varsseveldseweg 95-97 te Doetinchem, gemeente Doetinchem