Bijlage 1.2f Bijlagen toelichting Bijlage 6 Notitie externe veiligheid.pdf
Tekst van het document
Quick scan externe veiligheid Varsseveldseweg 95/97 te Doetinchem Aan: Gemeente Doetinchem Van: Boudewijn BV Datum: 6 mei 2021
Inleiding Voor de locatie Varsseveldseweg 95/97 in Doetinchem is de gemeente voornemens medewerking te verlenen aan de realisatie van een gebouw met 20 appartementen. Op deze locatie heeft in het verleden een klompenfabriek gestaan, momenteel is het terrein braakliggend. Het geldende planologisch regime staat deze ontwikkeling niet toe. Bij de aanpassing hiervan moet aangetoond worden dat de betreffende activiteit niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening en dat de motivering van het besluit een goede ruimtelijke onderbouwing bevat. Om de haalbaarheid van deze ontwikkeling aan te tonen dient onder meer getoetst te worden aan het aspect externe veiligheid. Deze notitie gaat in op het aspect externe veiligheid met betrekking tot de voorgenomen ontwikkeling.
Beleidskader Externe veiligheid beschrijft de risico's die ontstaan als gevolg van opslag of handelingen met gevaarlijke stoffen. Dit kan betrekking hebben op inrichtingen (bedrijven) of transportroutes. Op beide categorieën is verschillende wet- en regelgeving van toepassing. Voor inrichtingen is het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) het relevante beleidskader, voor buisleidingen is dit het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb). Het beleid voor transportmodaliteiten staat in het Besluit externe veiligheid transportroutes (Bevt). Binnen het beleidskader voor externe veiligheid staan twee kernbegrippen centraal: het plaatsgebonden risico en het groepsrisico. Hoewel beide begrippen onderlinge samenhang vertonen zijn er belangrijke verschillen. Hieronder worden beide begrippen verder uitgewerkt. Plaatsgebonden risico (PR) Het plaatsgebonden risico (PR) geeft de kans, op een bepaalde plaats, om te overlijden ten gevolge van een ongeval bij een risicovolle activiteit. De kans heeft betrekking op een fictief persoon die de hele tijd op die plaats onbeschermd aanwezig is. Het PR kan op de kaart van het gebied worden weergeven met zogeheten risicocontouren: Lijnen die punten verbinden met eenzelfde PR. Binnen de 10-6/jaar-contour (welke als wettelijk harde norm fungeert) mogen geen nieuwe kwetsbare objecten geprojecteerd worden.
Voor beperkt kwetsbare objecten geldt de 10 -6/jaar-contour niet als grenswaarde, maar als een richtwaarde. Groepsrisico (GR) Het groepsrisico (GR) is een maat voor de kans dat bij een ongeval een groep slachtoffers valt met een bepaalde omvang. Het GR is daarmee een maat voor de maatschappelijke ontwrichting bij een calamiteit. Het GR wordt bepaald binnen het invloedsgebied van een risicovolle activiteit. Dit invloedsgebied wordt begrensd door de 1% letaliteitsgrens (tenzij anders bepaald): De afstand waarop nog 1% van de blootgestelde mensen in de omgeving komt te overlijden bij een calamiteit met gevaarlijke stoffen. Het GR kan niet ‘op de kaart’ worden weergegeven, maar wordt weergegeven in een grafiek waar de kans (f) afgezet wordt tegen het aantal slachtoffers (N): de fNcurve.
Figuur 1 Weergave plaatsgebonden risicocontouren, invloedsgebied en groepsrisicografiek met oriëntatiewaarde voor transport
Verantwoordingsplicht In het Bevi, het Bevb en het Bevt is een verplichting tot verantwoording van het groepsrisico opgenomen. Bij deze verantwoordingsplicht dient het bevoegd gezag op een juiste wijze de toename en ligging van het groepsrisico te onderbouwen en te verantwoorden. Hierbij geeft het bevoegd gezag aan of het groepsrisico in de betreffende situatie aanvaardbaar wordt geacht. Bij de verantwoording van het groepsrisico dient het bevoegd gezag advies in te winnen bij de veiligheidsregio. De verantwoordingsplicht van het groepsrisico dient naast de rekenkundige hoogte van het groepsrisico, dat berekend wordt door middel van een kwantitatieve risicoanalyse (QRA), tevens rekening te houden met een aantal kwalitatieve aspecten, zoals in figuur 2 weergegeven.
Figuur 2 Verplichte en onmisbare onderdelen van de verantwoordingsplicht van het groepsrisico Omgevingsveiligheid (Omgevingswet) Omgevingsveiligheid is een begrip dat hoort bij de Omgevingswet die naar verwachting in 2022 in werking zal treden. Door alle wetten en regelingen binnen het omgevingsrecht samen te voegen ontstaat een verandering onder het motto ‘Eenvoudig beter’. De Omgevingswet introduceert (in het Besluit kwaliteit leefomgeving) een aantal aandachtsgebieden. Deze aandachtsgebieden verschillen per risicobron. Voor transportroutes uit het Basisnet gaan bijvoorbeeld de volgende aandachtsgebieden gelden: • •
Een brandaandachtsgebied van 30 meter; Een explosieaandachtsgebied van 200 meter.
Binnen deze aandachtsgebieden kunnen aanvullende bouwkundige maatregelen van toepassing zijn. De afwegingsruimte ligt hierbij primair bij het bevoegd gezag, met uitzondering van zeer kwetsbare gebouwen (zoals gebouwen bestemd voor het verblijf van jonge kinderen). Voor zeer kwetsbare gebouwen binnen het aandachtsgebied gelden de aanvullende bouwkundige maatregelen (of gelijkwaardige maatregelen) altijd.
Beleidsvisie externe veiligheid gemeente Doetinchem Naast het wettelijk kader geldt het door de raad vastgestelde beleidsvisie externe veiligheid (vastgesteld door de gemeenteraad van Doetinchem in december 2013). De gemeente Doetinchem heeft in haar beleid vastgelegd dat externe veiligheid erop is gericht om te streven naar een verantwoord evenwicht tussen risico’s en de behoefte aan de activiteiten die de risico’s veroorzaken. Op basis van gebiedstyperingen zijn drie gebieden gedefinieerd: woongebieden, bedrijventerreinen en het buitengebied. Voor deze gebieden zijn vervolgens uitgangspunten en gebiedsgerichte ambities geformuleerd.
Beschouwing risicobronnen Hieronder worden de (potentiële) risicobronnen in de omgeving van het plangebied nader beschouwd: de provinciale weg N315 (J.F. Kennedylaan/Varsseveldseweg), een hogedruk aardgastransportleiding van Gasunie, het spoortraject Doetinchem - Winterswijk en de Rijksweg A18. Provinciale weg N315 De provinciale weg N315 (J.F. Kennedylaan/Varsseveldseweg) bevindt zich op ca 15 meter van het plangebied. Voor deze weg zijn geen telgegevens voor het vervoer van gevaarlijke stoffen beschikbaar. Daarmee dient aangenomen te worden dat er geen significant vervoer van gevaarlijke stoffen over deze weg plaatsvindt. Het is daarmee geen relevante risicobron in relatie tot de voorgenomen ontwikkeling. Hogedruk aardgastransportleiding Een hogedruk aardgastransportleiding van Gasunie met kenmerk N-566-12 bevindt zich circa 1.000 meter ten zuidwesten van het plangebied. Het invloedsgebied van deze leiding bedraagt 50 meter. Dit invloedsgebied reikt niet tot het plangebied, de leiding is daarmee geen relevante risicobron in relatie tot de voorgenomen ontwikkeling. Spoortraject Doetinchem - Winterswijk Het spoortraject Doetinchem - Winterswijk bevindt zich ten zuiden van het plangebied. Dit spoortraject is niet opgenomen in de Regeling basisnet. Er vindt derhalve geen significant vervoer van gevaarlijke stoffen plaats over dit spoortraject.
Het spoortraject Doetinchem - Winterswijk is daarmee geen relevante risicobron in relatie tot het plangebied. Rijksweg A18 De Rijksweg A18 bevindt zich ten zuiden van het plangebied, op circa 2.300 meter van het plangebied. Over deze weg vindt transport van gevaarlijke stoffen plaats. De weg is opgenomen in de Regeling basisnet, daarin staat vermeld dat de weg geen plasbrandaandachtsgebied (PAG) heeft. Het invloedsgebied van de A18 bedraagt 355 meter (op basis van stofcategorie GF3). Daarmee reikt het invloedsgebied van de A18 niet tot het plangebied. De A18 is daarmee geen relevante risicobron in relatie tot de voorgenomen ontwikkelingen.
Concluderend Het voornemen bestaat om op de locatie Varsseveldseweg 95-97 te Doetinchem 20 appartementen te realiseren. Uit de beschouwing ten aanzien van het aspect externe veiligheid blijkt dat het plangebied niet binnen het invloedsgebied van een risicobron is gelegen. Na de inwerkintreding van de Omgevingswet bevindt het plangebied zich eveneens niet binnen een aandachtsgebied van een risicobron. Er wordt derhalve voldaan aan de grens- en richtwaarden ten aanzien van het plaatsgebonden risico. De voorgenomen ontwikkeling is niet van invloed op de hoogte van het groepsrisico van één van de nabijgelegen risicobronnen. Daarnaast bevindt het plangebied zich niet binnen het plasbrandaandachtsgebied van een transportroute gevaarlijke stoffen. Het plan is in lijn met de uitgangspunten en ambities voor woongebieden uit de gemeentelijke beleidsvisie externe veiligheid (het plangebied ligt niet binnen het invloedsgebied van een risicobron) en verantwoording van het groepsrisico is niet van toepassing in het kader van deze ruimtelijke procedure.