Bijlage 1.20 Beoordeling rapport archeologie .pdf
Tekst van het document
Beoordeling archeologisch rapport Aan Zaaknummer Onderwerp Behandeld door Datum Opsteller rapport Rapportnummer Rapportdatum Titel
: Gemeente Doetinchem, t.a.v. Gerdien Dutman : 2021EA1102 : Broekstraat 6 Wehl, archeologisch booronderzoek : Davy Kastelein : 25 oktober 2021 : E. Bosman &. E.E.A. van der Kuijl : 213448 : 9 oktober 2021 : Bureauonderzoek en Verkennend Booronderzoek Archeologie Plangebied Broekstraat 6 te Wehl, gemeente Doetinchem
Advies Geen vervolgonderzoek noodzakelijk.
Inleiding Hamaland Advies heeft in opdracht van de ’T Bonte Paard Advies ten behoeve van de bestemmingsplanwijziging een archeologisch onderzoek uitgevoerd aan de Broekstraat 6 te Wehl. In het plangebied wordt de agrarische bestemming omgevormd naar wonen. De in het plangebied aanwezige onderkelderde varkensstallen worden hierbij gesloopt. Deze hebben een oppervlakte van 2.100 m2. Daarvoor in de plaats worden twee nieuwe gebouwen met ieder twee woningen gebouwd. Deze gebouwen hebben een inhoud van 375 m3 en er wordt een bijgebouw van 50 m2 gerealiseerd. De resultaten van dit onderzoek zijn vastgelegd in een rapport. De gemeente Doetinchem vraagt de Omgevingsdienst Achterhoek om dit rapport te beoordelen.
Afb. 1. Ligging plangebied. Beoordeling Het onderzoek met bijbehorende rapportage voldoet aan de hiervoor geldende richtlijn uit de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA versie 4.1
Het onderzoek voldoet aan het archeologiebeleid van de gemeente Doetinchem. Ik heb de volgende opmerkingen op de rapportage: De bevindingen zijn helder onderbouwd. Er zijn voldoende aanwijzingen om aan te nemen dat bij het uitvoeren van de geplande werkzaamheden geen archeologisch waardevolle resten verloren zullen gaan. Conclusie/advies Vervolgonderzoek is niet noodzakelijk. Aandachtspunten Aanbevolen wordt om in de omgevingsvergunning de wettelijke meldingsplicht bij toevalsvondsten (Erfgoedwet, art. 5.10) op te nemen: “Degene die anders dan bij het verrichten van opgravingen een vondst doet waarvan hij weet dan wel redelijkerwijs moet vermoeden dat het een archeologische vondst betreft, meldt dit zo spoedig mogelijk bij Onze Minister.” In praktijk wordt de melding gedaan bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Het gaat dan bijvoorbeeld om archeologische vondsten, oud muurwerk, een beerput of een waterput. Ook wordt geadviseerd om de verantwoordelijk ambtenaar van de gemeente mevrouw G. Dutman hierover direct te informeren.
2 van 2