Bijlage 1_15_Toelichting bijlage 7.pdf
Tekst van het document
Recreatiepark Koningsweg te Wehl Onderzoek externe veiligheid
Rapportnummer O 16488-3-RA-003 d.d. 14 april 2022
Recreatiepark Koningsweg te Wehl Onderzoek externe veiligheid
opdrachtgever
Oostzee Ontwerp & Omgeving
rapportnummer
O 1 64 88 - 3- R A - 00 3
datum
14 a p r i l 2 02 2
referentie
C D / P I / / O 16 48 8- 3 - R A- 0 03
verantwoordelijke ing. C. Dahrs opsteller
BSc P. Imminkhuizen +31858228612 p.imminkhuizen@peutz.nl
peutz bv, postbus 66, 6585 zh mook, +31 85 822 86 00, mook@peutz.nl, www.peutz.nl kvk 12028033, opdrachten volgens DNR 2011, lid NLingenieurs, btw NL.004933837B01, ISO-9001:2015 mook – zoetermeer – groningen – eindhoven – düsseldorf – dortmund – berlijn – leuven – parijs – lyon
O 16488-3-RA-003 2
Inhoudsopgave 1
Inleiding
4
2
We t - en re ge l g ev i n g
5
2.1
Algemeen
5
2.2
Relevante begrippen
5
2.3
Besluit ex terne veiligheid transpor troutes (Bevt)
6
2.4
Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb)
7
2.5
Rekenmethodiek
8
3
Plangebied
9
4
Uitgangspunten risicoberekening
11
Algemene uitgangspunten
11
Populatiegegevens
11
4.1 4.1.1
Uitgangspunten berekening RBM II
12
4.2.1
4.2
J a a r i n t e n s i t e i t e n v e r v o e r g e v a a r l i j k e s t o ff e n
12
4.2.2
E ff e c t - e n v e i l i g h e i d s a f s t a n d e n
12
4.2.3
Populatiegegevens
13
4.2.4
Overig (rekenparameters)
13
Uitgangspunten berekening CAROLA
14
4.3.1
Hogedruk aardgasbuisleiding
14
4.3.2
Invloedsgebied
14
4.3.3
Populatiegegevens
14
4.3.4
Overig (rekenparameters)
14
5
Rekenresultaten
15
5.1
Berekening RBM II
15
5.2
Berekening CAROLA
17
5.2.1
Plaatsgebonden risico
17
5.2.2
Groepsrisico
17
Conclusie
19
4.3
6
O 16488-3-RA-003 3
1
Inleiding In opdracht van Oostzee Ontwerp & Omgeving is onderzocht welke randvoorwaarden er vanuit het aspect externe veiligheid aan de orde zijn voor de realisatie van een recreatiepark aan de Koningsweg 5 te Wehl. Het voornemen is om enkele bestaande opstallen te slopen en een recreatiepark te realiseren met 51 nieuwe vakantiewoningen. De bestaande bedrijfswoning blijft in gebruik als beheerderswoning. Op het terrein van het geplande recreatiepark bevindt zich een hogedruk aardgastransportleiding. Het invloedsgebied van deze aardgasbuisleiding bedraagt ca. 140 meter, waardoor nagenoeg het gehele plangebied binnen dit invloedsgebied is gelegen. Verder is de snelweg A18 nabij het plangebied gelegen. Uit de Regeling Basisnet blijkt dat over deze A18 gevaarlijke stoffen worden getransporteerd. Voor een transportroute waarover gevaarlijke stoffen worden vervoerd, geldt een zone van 200 meter waarbinnen externe veiligheid beschouwd moet worden. Het plangebied is gelegen binnen 200 meter van de A18. Vanwege de hogedruk aardgastransportleiding en de snelweg A18 in de directe omgeving van het te realiseren recreatiepark, dient het aspect externe veiligheid nader beschouwd te worden. In voorliggende rapportage wordt hier door het uitvoeren van een kwantitatieve risicoanalyse (QRA) vorm aan gegeven.
O 16488-3-RA-003 4
2
We t - e n r e g e l g e v i n g
2.1 A l g e m e e n
Externe veiligheid gaat over het beheersen van de risico's voor de omgeving ten gevolge van: − het vervoer van gevaarlijke stoffen over weg, water, spoor en door buisleidingen; − het gebruik, de opslag en de productie van gevaarlijke stoffen (inrichtingen); − het luchtvaartverkeer. Er zijn twee situaties waarbij externe veiligheid een rol speelt, namelijk bij het ontplooien van een risicovolle activiteit en bij het realiseren van een (beperkt) kwetsbaar object binnen het invloedsgebied van een dergelijke activiteit. Met betrekking tot de risico's voor de externe veiligheid zijn in het Besluit externe veiligheid transportroutes (Bevt) en het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb) richtafstanden en grenswaarden opgesteld betreffende de afstand tot kwetsbare objecten. 2.2 R e l e v a n t e b e g r i p p e n
Relevant voor toetsing van de externe veiligheid ter plaatse van objecten waar mensen aanwezig zijn, zijn onder andere de begrippen plaatsgebonden risico, groepsrisico, en veiligheidszone. Deze zijn als volgt gedefinieerd: − Plaatsgebonden risico (PR) Het plaatsgebonden risico is gedefinieerd als de kans per jaar dat een persoon die onafgebroken, onbeschermd op een bepaalde plaats verblijft, overlijdt als rechtstreeks gevolg van een ongewoon voorval binnen een inrichting of op een transportroute waarbij een gevaarlijke stof betrokken is. − Groepsrisico (GR) Het groepsrisico is gedefinieerd als de cumulatieve kans dat een groep van ten minste N personen overlijdt als rechtstreeks gevolg van een ongewoon voorval binnen een inrichting of op een transportroute waarbij een gevaarlijke stof betrokken is, of als rechtstreeks gevolg van een vliegtuigongeval. Bij het PR is het niet van belang of er daadwerkelijk personen op die bepaalde locatie aanwezig zijn. Voor het GR geldt dat in een gebied waar zich geen personen bevinden, het GR gelijk aan nul is. Voor het GR geldt dat hoe meer slachtoffers bij een ongeval in één keer kunnen vallen, hoe lager (strenger) de norm (de oriëntatiewaarde). Grote slachtofferaantallen geven namelijk meer kans op maatschappelijke ontwrichting.
O 16488-3-RA-003 5
− Invloedsgebied Het invloedsgebied is gedefinieerd als het gebied rondom een risicovolle activiteit waarbij gevaarlijke stoffen betrokken zijn en waar een onbeschermd persoon een kans van 1% op overlijden heeft, gegeven het risicoscenario en de weerklasse. Het invloedsgebied van een activiteit met gevaarlijke stoffen of het vervoer van gevaarlijke stoffen is normaliter de afstand tot de 1%-letaliteitsgrens. In het Basisnet1 worden aanvullend plasbrandaandachtsgebied gedefinieerd:
de
begrippen
veiligheidszone
en
− Veiligheidszone Een veiligheidszone is een zone langs een (spoor)weg waar gevaarlijke stoffen over worden getransporteerd en waarop het Basisnet van toepassing is waarbinnen geen nieuwe kwetsbare objecten zijn toegestaan. De veiligheidszone komt overeen met een gebied tussen de Basisnetroute en de locatie waar het plaatsgebonden risico ten hoogste 10-6 per jaar mag bedragen. De ligging van de veiligheidszone volgt uit bijlage I van de Regeling basisnet. − Plasbrandaandachtsgebied (PAG) Het plasbrandaandachtgebied is het gebied tot 30 meter van de weg waarbinnen, indien sprake is van het transport van grotere hoeveelheden brandbare vloeistoffen, bij de realisatie van kwetsbare objecten rekening dient te worden gehouden met de effecten van een plasbrand. Of sprake is van een PAG volgt uit bijlage I van de Regeling basisnet. Op een wegvak wordt de breedte van de zone van 30 meter gemeten vanaf de buitenste kantstrepen. 2.3 B e s l u i t e x t e r n e v e i l i g h e i d t r a n s p o r t r o u t e s ( B e v t )
Het toetsingskader voor vervoer over weg, spoor en water wordt gevormd door het Besluit externe veiligheid transportroutes (Bevt). Conform het Bevt geldt het volgende: − het plaatsgebonden risico van 10 -6 per jaar geldt als grenswaarde voor kwetsbare objecten en richtwaarde voor beperkt kwetsbare objecten; − het groepsrisico dient berekend te worden voor de realisatie van nieuwe ontwikkelingen binnen 200 meter van een Basisnetroute; − het groepsrisico dient berekend en (uitgebreid) verantwoord te worden indien: − het groepsrisico hoger is dan 10% van de oriëntatiewaarde, of − het groepsrisico met meer dan 10% toeneemt en − de oriëntatiewaarde wordt overschreden. − een verplichting tot het geven van een toelichting geldt op het moment dat nieuwe (beperkt) kwetsbare objecten worden mogelijk gemaakt in het plasbrandaandachtsgebied.
1 Het Basisnet beoogt voor de lange termijn aan de gemeenten duidelijkheid te bieden over de maximale risico's die het transport van gevaarlijke stoffen mag veroorzaken. Het Basisnet en het bijbehorende Besluit externe veiligheid transportroutes (Bevt) zijn op 1 april 2015 in werking getreden. O 16488-3-RA-003 6
De verantwoording van het groepsrisico is een gedeelde verantwoordelijkheid van initiatiefnemer en bevoegd gezag, waarbij de eindverantwoordelijkheid bij het bevoegd gezag ligt. Aspecten die in een eventuele uitgebreide groepsrisicoverantwoording aan de orde dienen te komen, zijn (conform artikel 8 Bevt): − de maatregelen ter beperking van het groepsrisico die bij de voorbereiding van het plan of de vergunning zijn overwogen en de in dat plan of die vergunning opgenomen maatregelen, waaronder de stedenbouwkundige opzet en voorzieningen met betrekking tot de inrichting van de openbare ruimte, en − de mogelijkheden voor ruimtelijke ontwikkelingen met een lager groepsrisico en de vooren nadelen daarvan. Onafhankelijk van de hoogte van het groepsrisico dient aandacht besteed te worden aan (conform artikel 7 Bevt): − mogelijkheden tot voorbereiding van bestrijding en beperking van de omvang van een ramp op die weg, spoorweg of dat binnenwater, en − voor zover dat plan of die vergunning betrekking heeft op nog niet aanwezige kwetsbare of beperkt kwetsbare objecten: de mogelijkheden voor personen om zich in veiligheid te brengen indien zich op die weg, spoorweg of dat binnenwater een ramp voordoet. 2.4 B e s l u i t e x t e r n e v e i l i g h e i d b u i s l e i d i n g e n ( B e v b )
Voor de beoordeling van de risico's van transport van gevaarlijke stoffen door buisleidingen is het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb) van toepassing met de bijbehorende Regeling externe veiligheid buisleidingen (Revb). Het Bevb regelt onder andere welke veiligheidsafstanden moeten worden aangehouden rond buisleidingen met gevaarlijke stoffen. Bij vaststelling van een bestemmingsplan, op grond waarvan de vestiging van een kwetsbaar object bij een buisleiding wordt toegelaten, wordt rekening gehouden met een grenswaarde van 10 -6 per jaar met betrekking tot het plaatsgebonden risico. Indien dit een beperkt kwetsbaar object betreft, geldt het plaatsgebonden risico van 10 -6 per jaar als richtwaarde. Het groepsrisico per kilometer buisleiding wordt vergeleken met de lijn die de kans weergeeft op een ongeval met 10 of meer dodelijke slachtoffers van ten hoogte 10 -4 per jaar en de kans op een ongeval met 100 of meer dodelijke slachtoffers van ten hoogste 10 -6 per jaar (de oriëntatiewaarde). Indien het groepsrisico kleiner dan 0,1 keer de oriëntatiewaarde is, of minder dan 10% toeneemt, mits de oriëntatiewaarde niet wordt overschreden, zijn maatregelen ter beperking van het groepsrisico niet noodzakelijk.
Wel dienen de mogelijkheden tot voorbereiding en beperking van de omvang van de ramp of zwaar ongeval en de zelfredzaamheid van personen die zich bevinden binnen het invloedsgebied beschouwd te worden. Ten behoeve van onderhoud van de buisleidingen geldt (afhankelijk van de werkdruk) een belemmeringenstrook van ten minste 4 of 5 meter aan weerszijden van een buisleiding, gemeten uit het hart van de buisleiding. O 16488-3-RA-003 7
2.5 R e k e n m e t h o d i e k
Conform artikel 14 tweede lid van de Regeling basisnet dienen berekeningen te worden uitgevoerd met het computerprogramma RBM II overeenkomstig de 'Handleiding Risicoanalyse Transport' (hierna: HART). Van het computerprogramma RBM II is versie 2.3 de meest recente versie, van de 'Handleiding Risicoanalyse Transport' is versie 1.2 de meest recente versie. In artikel 6 van de Regeling externe veiligheid buisleidingen (Revb) wordt het toepassen van de rekenmethodiek Bevb aangewezen. Deze rekenmethodiek bestaat uit het toepassen van de door het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu Centrum Externe Veiligheid (RIVM CEV) opgesteld 'Handleiding risicoberekeningen Bevb', versie 3.2 (d.d. 1 januari 2021). In deze handleiding worden de uitgangspunten van de berekeningen met het rekenpakket CAROLA versie 1.0.0.52 2 beschreven. Tevens is beschreven hoe een risicoanalyse uitgevoerd dient te worden.
2 CAROLA = Computer Applicatie voor Risicoberekeningen aan Ondergrondse Leidingen met Aardgas O 16488-3-RA-003 8
3
Plangebied De beoogde ontwikkellocatie is gelegen aan de Koningsweg 5 te Wehl. In het verleden is het betreffende terrein in gebruik geweest als stacaravanterrein. Volgens het vigerende bestemmingsplan mogen de gronden worden gebruikt voor intensieve vormen van dagrecreatie. Volgens het geldende bestemmingsplan Buitengebied 2012 zijn op het noordelijke deel van de locatie met de bestemming 'Recreatie' 64 stacaravans toegestaan (met een maximaal oppervlak van 50 m 2 per stacaravan). Ook de bedrijfswoning is toegestaan binnen dit bestemmingsplan. In figuur 3.1 is de ligging van het plangebied weergegeven.
f3.1 Situering plangebied Koningsweg te Wehl
Het voornemen is om op deze locatie een recreatiepark te vestigen. De bestaande bedrijfswoning blijft in gebruik als beheerderswoning, alle overige thans aanwezige bebouwing zal worden gesloopt. Ten behoeve van het recreatiepark zullen 51 nieuwe vakantiewoningen gerealiseerd worden. Een situatieschets van de toekomstige bebouwing, alsmede de ligging van de gasleiding (rode lijn) is weergegeven in figuur 3.2.
O 16488-3-RA-003 9
f3.2 Situatieschets recreatiepark Koningsweg te Wehl
O 16488-3-RA-003 10
4
Uitgangspunten risicoberekening
4.1 A l g e m e n e u i t g a n g s p u n t e n
Voor de berekening van het plaatsgebonden risico en het groepsrisico ten gevolge van het transport van gevaarlijke stoffen over de rijksweg A18 is gebruik gemaakt van het rekenmodel RBM II. De uitgangspunten voor deze berekening zijn opgenomen in hoofdstuk 4.2. Voor de berekening met betrekking tot de hogedruk aardgastransportleiding is gebruik gemaakt van het rekenmodel CAROLA. In hoofdstuk 4.3 zijn de gebruikte uitgangspunten voor deze berekening beschreven. 4.1.1 P o p u l a t i e g e g e v e n s
Voor beide rekenmodellen zijn de populatiegegevens binnen het plangebied gelijk. De populatiegegevens zijn aangeleverd door de opdrachtgever voor zowel de huidige (vergunde) situatie als de toekomstige situatie. Voor de populatiegegevens in de huidige (vergunde) situatie wordt aangesloten bij het Bestemmingsplan 2012, waarin 64 stacaravans en een bedrijfswoning vergund zijn. Volgens de opdrachtgever kan voor wat betreft de populatie van de stacaravans gerekend worden met een totaal van 240 personen per dag. Voor de bedrijfswoning wordt uitgegaan van het kental 2,4 personen per woning (afkomstig uit de HART). Ook voor het populatieaantal van de toekomstige situatie wordt gebruik gemaakt van dit kental per vakantiewoning. Voor de stacaravans, vakantiewoningen en de bedrijfswoning wordt uitgegaan van een dag/nachtverdeling van 1/1. De populatiegegevens (per dag gemiddeld, 365 dagen per jaar aanwezig) zijn weergegeven in tabel 4.1. t4.1 Populatiegevens plangebied Koningsweg te Wehl Bestemmingsplan 2012 Type
Populatie dag
Toekomstige situatie
Populatie nacht
Populatie dag
Populatie nacht
Bedrijfswoning
2,4
2,4
2,4
2,4
Stacaravan
240
240
-
-
Vakantiewoningen
-
-
122,4
122,4
242,4
242,4
124,8
124,8
Totaal
In de toekomstige situatie bevinden dus zich minder personen op het terrein dan in de huidige (vergunde) situatie.
O 16488-3-RA-003 11
4.2 U i t g a n g s p u n t e n b e r e k e n i n g R B M I I
4.2.1 J a a r i n t e n s i t e i t e n v e r v o e r g e v a a r l i j k e s t o ff e n
De rand van het terrein van het recreatiepark is gelegen op minimaal 69 meter van de rijksweg A18 (parkeerplaats niet beschouwd). De rijksweg A18 is in het Basisnet onderverdeeld in verschillende wegvakken. Voor de risicoberekening van het recreatiepark is het wegvak G18 relevant. Dit wegvak betreft de rijksweg A18 tussen Knooppunt Oud-Dijk en afrit 4 (Doetinchem Oost). In het Basisnet is voor het betreffende wegvak een vervoershoeveelheid van 4.000 tankauto's per jaar met stofcategorie GF3 (brandbare gassen) opgenomen. Opgemerkt dient te worden dat ook andere gevaarlijke stoffen over deze weg worden vervoerd, maar dat deze stoffen niet tot nauwelijks invloed hebben op de plaatsgebonden risico's en het groepsrisico. 3 4.2.2 E ff e c t - e n v e i l i g h e i d s a f s t a n d e n Invloedsgebied
Voor de berekening van het groepsrisico is het van belang om de populatie binnen het invloedsgebied van het wegtraject te inventariseren. Het invloedsgebied (het gebied binnen de 1% letaliteitsafstand) is afhankelijk van de stoffen die worden vervoerd. Over het nabijgelegen wegtraject worden brandbare gassen (GF3) getransporteerd. Het invloedsgebied (1% letaliteitsafstand) hiervan is 355 meter vanuit het hart van de weg. 4 Het gehele plangebied valt binnen het invloedsgebied. Plasbrandaandachtsgebied
In de Regeling basisnet is een plasbrandaandachtsgebied (PAG) voor een wegvak gedefinieerd als het gebied tot 30 meter van het wegvak waarin, bij de realisering van kwetsbare objecten, rekening dient te worden gehouden met de effecten van een plasbrand. Een dergelijk PAG is op dit wegtraject niet van toepassing, waardoor hiervoor geen extra maatregelen noodzakelijk zijn. Plaatsgebonden risico
In de Regeling basisnet is voor het thans relevante wegtraject nabij het plangebied een veiligheidsafstand (PR 10-6 per jaar) van 0 meter opgenomen, gemeten vanaf de middenberm van de weg. Hierdoor is het terrein van het toekomstige recreatiepark gelegen buiten de plaatsgebonden risicocontour van 10 -6 per jaar ten gevolge van het wegtraject rijksweg A18 tussen Knooppunt Oud-Dijk en afrit 4 (Doetinchem Oost). Hiermee is voldaan aan de grenswaarde.
3 Eindrapport Basisnet Weg, hoofdrapport 4 Handleiding Risicoanalyse Transport versie 1.2 d.d. 11 januari 2017 O 16488-3-RA-003 12
4.2.3 P o p u l a t i e g e g e v e n s
Voor het onderzoek is de populatie in een ruim gebied rondom het plangebied meegenomen op basis van de bevolkingsgegevens, tot ca. 2 kilometer aan weerszijden van het wegtraject. De populatiegegevens zijn, met uitzondering van het plangebied, afkomstig van de BAG populatieservice en zijn d.d. 11 april 2022 opgevraagd. De populatiegegevens van het plangebied zijn aangeleverd door de opdrachtgever en staan beschreven in hoofdstuk 4.1.1. In figuur 4.1 is weergegeven op welke wijze de bevolking is opgenomen in het rekenmodel. f4.1 Schematische weergave rekenmodel met daarin de ligging van het plangebied, het wegtraject en het bevolkingsgrid (dag)
4.2.4 O v e r i g ( r e k e n p a r a m e t e r s )
Voor de berekening is uitgegaan van de volgende uitgangspunten: − type wegtraject: snelweg; − frequentie (1/vtg.km): 8,300*10 -8; − breedte van het wegtraject: 20,5 m; − percentage transporten overdag: 70%; − percentage transporten werkweek: 100%; − weerstation Deelen. Beschouwd is een wegtraject dat zich aan weerszijden van de bebouwing meer dan 1.000 meter uitstrekt. De totale lengte van het beschouwde wegtraject bedraagt ca. 2.500 meter. De invoergegevens van het RBM II-rekenmodel zijn opgenomen in bijlage 1.
O 16488-3-RA-003 13
4.3 U i t g a n g s p u n t e n b e r e k e n i n g C A R O L A
4.3.1 H o g e d r u k a a r d g a s b u i s l e i d i n g
Nabij de beoogde ontwikkelingen is een hogedruk aardgasbuisleiding van de Gasunie gelegen. De eigenschappen van de betreffende hogedruk aardgasbuisleiding zijn weergegeven in tabel 4.2. t4.2 Kenmerken hogedruk aargasbuisleiding binnen plangebied Koningsweg te Wehl Naam
Uitwendige diameter (mm)
Inwendige druk (bar)
323,8
40
N-566-01-deel-1
4.3.2 I n v l o e d s g e b i e d
Ook bij de berekening van het groepsrisico ten gevolge van de hogedruk aardgasleiding is het van belang dat de populatie binnen het invloedgebied van de aardgasleiding geïnventariseerd wordt. Het invloedsgebied (het gebied binnen de 1% letaliteitsafstand) is ca. 140 meter voor de betreffende hogedruk aargasbuisleiding. Nagenoeg het gehele plangebied valt dus binnen het invloedsgebied. 4.3.3 P o p u l a t i e g e g e v e n s
Voor het onderzoek is de populatie in een ruim gebied rondom het plangebied meegenomen op basis van de bevolkingsgegevens, tot ca. 2 kilometer aan weerszijden van de buisleiding. De populatiegegevens zijn, met uitzondering van het plangebied, afkomstig van de BAG populatieservice en zijn d.d. 11 april 2022 opgevraagd. De populatiegegevens van het plangebied zijn aangeleverd door de opdrachtgever en staan beschreven in hoofdstuk 4.1.1. 4.3.4 O v e r i g ( r e k e n p a r a m e t e r s )
De leidinggegevens zijn op 4 april 2022 verstrekt door de beheerder Gasunie. Deze leidinggegevens zijn aangeleverd als een versleuteld leidingbestand. Hierdoor is geborgd dat de leidinggegevens afkomstig zijn van de leidingexploitant. De invoergegevens van het CAROLA rekenmodel zijn opgenomen in bijlage 2.
O 16488-3-RA-003 14
5
Rekenresultaten
5.1 B e r e k e n i n g R B M I I
Figuren 5.1 en 5.2 geven de berekende fN-curves (groepsrisico) ten gevolge van het transport van gevaarlijke stoffen over de weg voor de maatgevende kilometer van het beschouwde traject weer. In figuur 5.1 en 5.2 wordt het groepsrisico (GR) voor respectievelijk de huidige (vergunde) situatie en de toekomstige situatie weergegeven. De fN-curves zijn berekend tot een frequentie van 1*10 -9 per jaar voor de huidige (vergunde) situatie en voor de toekomstige situatie. De ligging van de maatgevende kilometer voor de toekomstige situatie is weergegeven in figuur 5.3. f5.1 Berekende fN-curve (GR) huidige (vergunde) situatie (0,005*OW)
f5.2 Berekende fN-curve (GR) toekomstige situatie (0,001*OW)
O 16488-3-RA-003 15
f5.3 Situering bebouwing, beschouwd wegtraject en maatgevende kilometer voor de toekomstige situatie
Voor de huidige (vergunde) situatie wordt een normwaarde onder de oriëntatiewaarde berekend (0,005*OW). Ook voor de toekomstige situatie met daarin de lagere populatiegegevens van het recreatiepark wordt een normwaarde onder de oriëntatiewaarde berekend (0,001*OW). De waarden voor de huidige en toekomstige situatie zijn allebei minder dan 10% van de oriëntatiewaarde, waardoor geen verantwoording van het groepsrisico conform artikel 8 van het Bevt hoeft plaats te vinden. Het maximale aantal slachtoffers bedraagt in de huidige (vergunde) situatie ca. 144 bij een frequentie van 5*10 -8 per jaar. In de toekomstige situatie bedraagt het maximale aantal slachtoffers ca. 75 bij een frequentie van 6*10 -8 per jaar. Uit figuur 5.3 blijkt dat er plaatse van het plangebied de oriëntatiewaarde niet wordt overschreden (groene bolletjes).
O 16488-3-RA-003 16
5.2 B e r e k e n i n g C A R O L A
5.2.1 P l a a t s g e b o n d e n r i s i c o
Het plaatsgebonden risico van de hogedruk aardgasbuisleiding N-566-01-deel-1 voor de toekomstige situatie is weergegeven in figuur 5.4. f5.4 Plaatsgebonden risicocontouren van 10 -7 (blauw) en 10-8 (groen) per jaar voor de gasleiding N-566-01-deel-1
Er is geen sprake van een plaatsgebonden risicocontour van 10 -6 per jaar nabij het beoogde plangebied. Conform artikel 5 van de Revb is sprake van een belemmeringenstrook van 4 meter aan weerszijden van de buisleiding, gemeten vanaf het hart van de buisleiding. Met deze afstand wordt ook bij de ontwikkeling rekening gehouden (zie ook figuur 3.2). De beoogde ontwikkeling is niet gelegen binnen een plaatsgebonden risicocontour van 10 -6 per jaar, aangezien voor de beschouwde aardgasbuisleiding geen sprake is van een risicocontour van 10 -6 per jaar. Aan deze grenswaarde wordt aldus voldaan. 5.2.2 G r o e p s r i s i c o
In figuur 5.5 en 5.6 zijn de berekende fN-curves (groepsrisico) ten gevolge van de aardgasbuisleiding N-566-01-deel-1 weergegeven voor respectievelijk de huidige (vergunde) situatie en de toekomstige situatie.
O 16488-3-RA-003 17
f5.5 Berekende fN-curve (GR) huidige (vergunde) situatie
f 5.6 Berekende fN-curve (GR) toekomstige situatie
Het groepsrisico van de beschouwde buisleiding overschrijdt de oriëntatiewaarde niet. Het berekende groepsrisico is in beide situaties kleiner dan 10% van de oriëntatiewaarde. Een verantwoording van het groepsrisico is conform artikel 12 derde lid onder b van het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb) dus niet aan de orde.
O 16488-3-RA-003 18
6
Conclusie In opdracht van Oostzee Ontwerp & Omgeving is onderzocht welke randvoorwaarden er vanuit het aspect externe veiligheid aan de orde zijn voor de realisatie van een recreatiepark aan de Koningsweg 5 te Wehl. Het plangebied bevindt zich binnen het invloedsgebied van een transportroute waarover gevaarlijke stoffen worden vervoerd. Ook is een hogedruk aardgasbuisleiding op het terrein van het plangebied gelegen. In voorliggende rapportage is in de vorm van een kwantitatieve risicoanalyse (QRA) nader ingegaan op het vervoer van gevaarlijke stoffen over de transportroute en door de aardgasbuisleiding.
Op basis van het uitgevoerde onderzoek kan het volgende worden geconcludeerd: − voor de beschouwde risicobronnen geldt dat de beoogde ontwikkeling is gelegen buiten de plaatsgebonden risicocontour van 10 -6 per jaar van zowel de rijksweg A18 als buisleiding N-566-01-deel-1; − voor het relevante deel van de rijksweg A18 is geen plasbrandaandachtgebied van toepassing; − met betrekking tot het groepsrisico als gevolg van het transport van gevaarlijke stoffen over de rijksweg A18 is voor de maatgevende kilometer van het beschouwde wegtraject bepaald dat de oriëntatiewaarde voor zowel de huidige (vergunde) situatie als de toekomstige situatie niet wordt overschreden; − uit de risicoanalyse voor de hogedruk aardgasbuisleiding volgt dat de oriëntatiewaarde zowel in de huidige (vergunde) situatie als in de toekomstige situatie niet wordt overschreden. Ook neemt het groepsrisico ten gevolge van de beoogde ontwikkelingen niet toe (het neemt juist af ). Voor het groepsrisico geldt geen harde norm maar een oriëntatiewaarde en in bepaalde gevallen een verantwoordingsplicht. Aangezien sprake is van een groepsrisico kleiner dan 10% van de oriëntatiewaarde is de verantwoordingsplicht niet aan de orde. Dit geldt voor zowel de verantwoording volgens het Besluit externe veiligheid transportroutes (Bevt) als de verantwoording volgens het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb).
Derhalve vormt het aspect externe veiligheid in de nabijheid van de transportroute voor gevaarlijke stoffen en de buisleiding geen belemmering voor de beoogde ontwikkeling.
Mook, Dit rapport bevat 19 pagina's en 2 bijlagen
O 16488-3-RA-003 19
Bijlage 1 Invoergegevens rekenmodel RBM II
Situatieplot huidige (vergunde) situatie
Invoergegevens RBM II
O 16488-3-RA-003 1. 20
Bijlage 1 Invoergegevens rekenmodel RBM II
Situatieplot toekomstige situatie
Invoergegevens RBM II
O 16488-3-RA-003 1. 21
Bijlage 2 Invoergegevens rekenmodel CAROLA
I n v l o e d s g e b i e d h o g e d r u k a a r d g a s b u i s l e i d i n g t e r p l a a t s e va n h e t p l a n g e b i e d
Invoergegevens CAROLA huidige (vergunde) situatie en toekomstige situatie
O 16488-3-RA-003 2. 22