CConstaterende datDoetinchem
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1.1 Toelichting en regels ontwerpbestemmingsplan Broekstraat 6 Wehl - 2022.pdf

beeldvormende raad 26 januari 2023, gemeente DoetinchemBij agendapunt: 1: Bestemmingsplan Broekstraat 6 - Wehl13.773 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

als de noodzaak van mantelzorg is vervallen, moet de situatie in en om de woning worden teruggebracht in de oude staat, dan wel in overeenstemming met het plan; dit betekent dat daarna geen sprake meer is van (extra) woonruimte of de tijdelijke woonunit is verwijderd. Deze afwijking van de bouwregels is alleen van toepassing voor woningen in de bestemming 'Wonen'.

10.3 Afwijken van de specifieke gebruiksregels 10.3.1 Aan huis gebonden bedrijven en/of beroepen Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in de specifieke gebruiksregels van de betreffende bestemming over aan huis gebonden bedrijven en/of beroepen in combinatie met 4.5.1 sub e voor het toelaten van bedrijven of beroepen aan huis, die naar aard, omvang en hinder gelijk te stellen zijn met de in Bijlage 4 Lijst van aan huis gebonden beroepen en bedrijven. Deze afwijking van de specifieke gebruiksregels is alleen van toepassing bij woningen inclusief eventueel aanwezige bijbehorende bouwwerken in de bestemming 'wonen'.

10.3.2 Mantelzorg a. Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in de (algemene)gebruiksregels en toestaan dat een (gedeelte van een) al dan niet vrijstaand bijbehorend bouwwerk bij een woning wordt gebruikt als woonruimte voor mantelzorg, waarbij de volgende regels gelden: 1. de mantelzorgwoning is functioneel verbonden met de woning; 2. de totale oppervlakte die voor mantelzorg in gebruik wordt genomen maakt onderdeel uit van de maximaal toegestane oppervlakte voor bijbehorende bouwwerken bij de desbetreffende woning; 3. er mag geen onevenredige aantasting plaatsvinden van de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden;

27

4. de afstand tussen het bijbehorende bouwwerk en de achterste perceelsgrens bedraagt minimaal 8 m bedraagt; deze afstand kan worden teruggebracht naar 3 m als de aangrenzende grond ter hoogte van de geplande woonruimte een groen-, natuur-, water-, verkeer of daarmee vergelijkbare bestemming heeft; 5. de hoogte norm voor bijbehorende bouwwerken bij de betreffende woning blijft onverminderd van kracht; 6. afhankelijke woonruimte voldoet aan de eisen van het Bouwbesluit; b. Het bevoegd gezag kan in uitzonderlijke gevallen, als er geen goede alternatieven zijn, toestaan dat de onder nummer 2 genoemde oppervlaktenorm wordt overschreden; c. als de noodzaak voor mantelzorg is vervallen, moet de situatie in en om de woning worden teruggebracht in de oude staat, dan wel in overeenstemming met het plan. Dat betekent dat daarna geen sprake meer is van (extra) woonruimte. Deze afwijking van de gebruiksregels is alleen van toepassing bij woningen in de bestemming 'Wonen'.

10.3.3 Opwekken duurzame energie met behulp van zonnepanelen Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in de gebruiksregels van de betreffende bestemming voor het toestaan van het opwekken van duurzame energie met behulp van zonnepanelen, onder voorwaarden dat: a. de zonnepanelen worden geplaatst op eigen grond, binnen het deel van het perceel dat als erf gebruikt wordt; b. de bouwhoogte van zonnepanelen maximaal 1,5 m mag bedragen; c. de oppervlakte van de zonnepanelen maximaal 100 m2 mag bedragen; d. de zonnepanelen landschappelijk zijn/worden ingepast en hierover vooraf advies is ingewonnen bij deskundigen op het gebied van landschap en groen.

artikel 11 algemene wijzigingsregels Burgemeester en wethouders kunnen, op grond van artikel 3.6 van de Wet ruimtelijke ordening, het plan wijzigen voor: a. het in geringe mate aanpassen van het plan, teneinde enig onderdeel van het plan, zoals een bestemmingsgrens of een bouwgrens, te veranderen, als bij definitieve uitmeting of verkaveling blijkt, dat deze aanpassing in het belang van een juiste verwezenlijking van het plan gewenst of noodzakelijk is en de bestemmingsgrens niet meer dan 5 m en de bouwgrens niet meer dan 10 m worden verschoven; b. het oprichten van gebouwen van openbaar nut (zoals transformatiehuisjes en gemaalgebouwtjes) met een inhoud van maximaal 100 m2 en een goothoogte van maximaal 4m; c. het enigzins anders situeren en/of begrenzen van bouwvlakken, als dit voor de uitvoering van een bouwplan nodig mocht blijken, een en ander, mits de oppervlakte van het desbetreffende bouwvlak met niet meer dan 20% van het in het plan vastgelegde afwijkt; d. het geheel of gedeeltelijk verwijderen of wijzigen van een aanduidingsvlak als bedoeld in Artikel 9 Algemene aanduidingsregels als vaststaat dat ter plaatse van de aanduiding, hetzij geen functie of waarde meer aanwezig is, hetzij de begrenzing van de functie of waarde veranderd is, hetzij de wijziging meer recht doet aan het beoogde doel van de regeling.

Vooraf moet advies worden ingewonnen bij een ter zake deskundige op het gebied van het onderwerp in kwestie.

artikel 12 Overige regels Waar in dit plan wordt verwezen naar wettelijke regelingen wordt geduid op die regelingen, zoals zij luidden op het tijdstip van vaststelling van het bestemmingsplan.

28

hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels artikel 13 Overgangsrecht 13.1 Overgangsrecht bouwwerken Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, a. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; b. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan.

13.2 Afwijking Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van het eerste lid een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in het eerste lid met maximaal 10%.

13.3 Uitzondering op het overgangsrecht bouwwerken Het eerste lid is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.

13.4 Overgangsrecht gebruik 1. Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet; 2. Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in het eerste lid, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind; 3. Indien het gebruik, bedoeld in het eerste lid, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten; 4. Het eerste lid is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

13.5 Persoonsgebonden overgangsrecht Indien toepassing van het in het in lid 13.4 opgenomen overgangsrecht gebruik zou kunnen leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard voor een of meer natuurlijke personen die op het tijdstip van de inwerkingtreding van het bestemmingsplan grond en opstallen gebruikten in strijd met het voordien geldende bestemmingsplan, kunnen burgemeester en wethouders met het oog op beëindiging op termijn van die met het bestemmingsplan strijdige situatie, voor die persoon of personen dat overgangsrecht buiten toepassing laten.

artikel 14 Slotregel Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan 'Broekstraat 6 Wehl - 2022'.

29

BIJLAGEN BIJ REGELS

30

Bijlage 1 Richtlijn 'Verrekening bij landschappelijke inpassing' Bijlage 1 Richtlijn 'Verrekening bij landschappelijke inpassing'

31

Bijlage 2 Landschapstypen Bijlage 2 Landschapstypen

32

Bijlage 3 Leidraad Toetsingskader Landschapelementen Bijlage 3 Leidraad Toetsingskader Landschapelementen

33

Bijlage 4 Lijst van aan huis gebonden beroepen en bedrijven Bijlage 4 Lijst van aan huis gebonden beroepen en bedrijven

34

Bijlage 5 Lijst van vrije beroepsbeoefenaars Bijlage 5 Lijst van vrije beroepsbeoefenaars

35

Bijlage 6 Inventarisatie cultuurhistorische waarden - bebouwing Wehl Bijlage 6 Inventarisatie cultuurhistorische waarden - bebouwing Wehl

36

Bijlage 7 Nota Parkeernormen Auto en Fiets Gemeente Doetinchem Bijlage 7 Nota Parkeernormen Auto en Fiets Gemeente Doetinchem

37

Bijlage 8 Landschappelijk inpassingsplan Broekstraat 6 Wehl Bijlage 8 Landschappelijk inpassingsplan Broekstraat 6 Wehl

38

Bijlage 9 Ruimtelijke richtlijnen VAB Bijlage 9 Ruimtelijke richtlijnen VAB

39

TOELICHTING

40

1 Inleiding 1.1 Aanleiding en doel De eigenaren van de percelen Broekstraat 6 en 8 te Wehl zijn voornemens het agrarisch (varkens)bedrijf te beëindigen, de agrarische bedrijfsgebouwen (circa 2.100 m²) te slopen om vervolgens vier woningen in twee woongebouwen te realiseren. Het agrarisch bouwvlak voor een intensief agrarisch bedrijf komt daarmee te vervallen en de twee bedrijfswoningen (Broekstraat 6 en 8) worden omgezet naar twee burgerwoningen. Het initiatief past niet binnen de geldende beheersverordening 'Landelijk gebied 2020, reparatie 2022'. Om de beoogde plannen mogelijk te kunnen maken is een bestemmingsplanprocedure noodzakelijk. Daarom is het voorliggende bestemmingsplan 'Broekstraat 6 Wehl - 2022 opgesteld. Vooruitlopend op voorliggend bestemmingsplan is een ruimtelijke onderbouwing (Bijlage 1 Ruimtelijke onderbouwing Broekstraat 6 Wehl) opgesteld welke als bijlage bij deze toelichting is opgenomen.

1.2 Plangebied Het plangebied is gelegen aan de Broekstraat 6 in het buitengebied van de gemeente Doetinchem en ligt ten zuidoosten van het dorp Wehl. Het betreffende kadastrale perceel is Wehl sectie K nummer 873. De onderstaande afbeeldingen laten de ligging van dit perceel zien.

Ligging ten opzichte van Wehl Ligging in de directe omgeving

1.3 Geldend ruimtelijk plan

41

De locatie Broekstraat 6 ligt in het plangebied van de 'Beheersverordening - Landelijk gebied 2020, reparatie 2022'. De beheersverordening 'Landelijk gebied 2020, reparatie 2022 is op 7 juli 2022 vastgesteld door de raad en op 21 juli 2022 in werking getreden. Voor het plangebied aan de Broekstraat 6 geldt de hoofdfunctie 'Agrarisch' met de functieaanduiding 'niet-grondgebonden (ng)'. De huidige twee bedrijfswoningen hebben de functieaanduiding 'cultuurhistorie (ch)'. Daarnaast heeft het perceel ook de dubbelhoofdfunctie 'Waarde - Archeologische verwachting 6 (WR-A)'' en de gebiedsaanduiding 'overige zone - nieuwe risicobronnen uitgesloten (oz-nru).

Uitsnede beheersverordeningskaart Landelijk gebied - 2020, reparatie 2022

42

2 Planbeschrijving 2.1 Huidige situatie Het plangebied is grotendeels bebouwd met agrarische bedrijfsgebouwen en twee bedrijfswoningen. De bedrijfsbebouwing is in gebruik voor het varkensbedrijf. Onderstaande afbeelding geeft een impressie van het plangebied. In de huidige situatie is er een fokzeugenhouderij voor het houden van 280 zeugen. De niet cultuurhistorisch waardevolle bebouwing wordt verwijderd voorafgaande aan de nieuw te bouwen woningen.

Luchtfoto en begrenzing plangebied

Zicht op het erf vanaf de Broekstraat met rechts de veeschuren en centraal de bestaande woning.

2.2 Ruimtelijke analyse Voor de ruimtelijke analyse wordt verwezen naar hoofdstuk 4 Ruimtelijke analyse van de ruimtelijke onderbouwing (Bijlage 1 Ruimtelijke onderbouwing Broekstraat 6 Wehl).

2.3 Toekomstige situatie Het initiatief voorziet in de sloop van alle voormalig agrarische bedrijfsgebouwen en de realisatie van een nieuw erf voor twee woongebouwen met ieder twee woningen. Daarnaast wordt er een gezamenlijk bijgebouw gerealiseerd. De bestaande bedrijfswoningen worden omgezet naar burgerwoningen, waarbij het bouwvlak aan de zuid- en westzijde wordt verkleind ten opzichte van de vigerende beheersverordening Dit betreft een juridische (planologische) wijziging. Feitelijk zal er aan de bestaande woningen niets wijzigen. Het perceel wordt zorgvuldig landschappelijk ingepast, ook is in de erfopzet rekening gehouden met de landschappelijke kwaliteiten van het gebied en de locatie. Voor een uitgebreide toelichting wordt verwezen naar hoofdstuk 4 van de ruimtelijke onderbouwing (Bijlage 1 Ruimtelijke onderbouwing Broekstraat 6 Wehl) en Bijlage 2 bij ruimtelijke onderbouwing - Landschappelijk inpassingsplan.

43

Inrichtingsplan (Bron: Architekten Groep Gelderland)

44

3 Beleidskader De voorgenomen ontwikkeling is getoest aan de relevante beleidstukken op rijks-, provinciaal-, regionaal-, en gemeentelijk niveau, zie hoofdstuk 5 van de ruimtelijke onderbouwing (Bijlage 1 Ruimtelijke onderbouwing Broekstraat 6 Wehl).

45

4 Haalbaarheid In de ruimtelijke onderbouwing is de haalbaarheid van de beoogde ontwikkeling van het plangebied onderbouwd. Verwezen wordt naar hoofdstuk 6 Haalbaarheid van de ruimtelijke onderbouwing (Bijlage 1 Ruimtelijke onderbouwing Broekstraat 6 Wehl). In dit hoofdstuk zijn ook de uitkomsten en conlusies terug te vinden van de diverse onderzoeken die zijn uitgevoerd (Bijlage 3 bij ruimtelijke onderbouwing - Verkennend bodemonderzoek, Bijlage 5 bij ruimtelijke onderbouwing - Stikstofberekening, Bijlage 5a bij ruimtelijke onderbouwing - Bijlage stikstofberekening, Bijlage 6 bij ruimtelijke onderbouwing - Quickscan flora en fauna, Bijlage 7 bij ruimtelijke onderbouwing - Bureauonderzoek en verkennend booronderzoek archeologie en Bijlage 7a bij ruimtelijke onderbouwing - Boorstaten verkennend booronderzoek archeologie). Mede op basis daarvan is te concluderen dat de beoogde ontwikkeling geen problemen oplevert ten aanzien van de onderzochte milieukundige en ruimtelijke aandachtspunten (milieueffectrapportage, bodem, akoestiek, lucht, externe veiligheid, milieuzonering, flora en fauna, water, archeologie & cultuurhistorie en verkeer & parkeren) mits voldaan wordt aan de voorwaarden uit de onderzoeken.

Daarbij gaat het om om de volgende zaken: Wegverkeerslawaai Voor wat betreft het wegverkeerslawaai wordt door het bevoegd gezag een ontheffing hogere waarde geluid verleend om een hogere geluidsbelasting toe te staan dan de voorkeurswaarde. Uit akoestische onderzoek (Bijlage 4 bij Ruimtelijke onderbouwing - Akoetisch onderzoek) blijkt namelijk dat de geluidbelasting ten gevolge van de A18 ten hoogste 51 dB (incl. aftrek art. 110g Wgh) bedraagt. Daarmee wordt de voorkeursgrenswaarde van 48 dB op de zuidgevels overschreden. De te verlenen ontheffing hogere waarde geluid sluit aan op de resultaten van het uitgevoerde onderzoek.

46

5 Wijze van bestemmen 5.1 Inleiding Met dit bestemmingsplan wordt de huidige bestemming 'Agrarisch' herzien in de bestemming 'Wonen', waarmee de bouw van vier woningen en het omzetten van twee bedrijfwoningen naar twee burgerwoningen met een gezamelijk bijgebouw mogelijk wordt gemaakt. Duidelijk is voor welke doeleinden de grond en de gebouwen mogen worden gebruikt en wat er in nieuwe bebouwing wordt toegestaan. Dit biedt rechtszekerheid aan de burger. Het plan is daarom opgezet als gedetailleerd bestemmingsplan.

5.2 Toelichting op de regels De regels bestaan uit de volgende onderdelen: • hoofdstuk 1: Inleidende regels; • hoofdstuk 2: Bestemmingsregels; • hoofdstuk 3: Algemene regels; • hoofdstuk 4: Overgangs- en slotregels.

5.2.1 Inleidende regels De inleidende regels omvatten de in de planregels gebruikte begripsomschrijvingen (artikel 1) en de wijze van meten (artikel 2). Hiermee is planspecifiek vastgelegd wat bedoeld wordt en hoe gemeten moet worden. Als een begrip niet omschreven is, dan geldt de algemeen gangbare uitleg van het begrip.

5.2.2 Bestemmingsregels In de bestemmingsregels zijn de regels voor de verschillende bestemmingen omschreven. Elke bestemmingsregel is, overeenkomstig de RO-Standaarden 2012 waaronder de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (2012) waaronder de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (2012), in beginsel opgebouwd uit: • een bestemmingsomschrijving: een omschrijving van de doeleinden waarvoor de gronden zijn bestemd en de toegelaten bijbehorende bebouwing; • de bouwregels: deze bevatten de voorgeschreven maatvoering van de bouwwerken; • nadere eisen; • afwijken van de bouwregels; • specifieke gebruiksrgels; • afwijken van de gebruiksregels; • omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, of van werkzaamheden; • wijzigingsbevoegdheid.

5.2.2.1 Agrarisch De bestemming 'Agrarisch' is toegekend aan de omliggende gronden die buiten het plangebied liggen. Op deze gronden is eenvoudig agrarisch gebruik toegestaan zonder bebouwingsmogelijkheden voor gebouwen. Er is dus geen agrarisch bouwvlak (meer) aanwezig binnen dit bestemmingsvlak. Met de regels is dus het huidige gebruik van deze gronden vastgelegd. Regels die elders in het landelijk gebied van de gemeente ook gelden voor agrarische gronden, zijn ook in dit bestemmingsplan opgenomen. Bijvoorbeeld een afwijking voor terreinafscheiding en een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden. Deze regels staan zowel in de beheersverordening 'Landelijk gebied - 2020, reparatie 2022' (vastgesteld door de raad op 7 juli 2022) als in de beleidsregel 'Planologisch kader voor het landelijk gebied - 2021' (vastgesteld door de raad op 8 juli 2021). De landschappelijke inpassing, die nog gerealiseerd moet worden, ligt deels op deze gronden. Dit past ook in de agrarische bestemming.

47

5.2.2.2 Wonen De bestemming 'Wonen' omvat alle percelen waarop woningen en bijbehorende bouwwerken zijn toegelaten. Op het perceel zijn twee nieuwe twee-onder-een-kap woning toegestaan en de bestaande woning twee-onder-een-kap woning. De hoofdgebouwen moeten binnen het bouwvlak worden gebouwd. De inhoud van de woning is 750 m3, tenzij de bestaande inhoud al meer is of op de verbeelding een afwijkende inhoud is aagegeven door middel van de aanduiding 'maximum volume (m3)'.Het kan ook zijn, dat de afwijkende inhoud onder de 'bestaande maten-regeling' valt. Bijbehorende bijgebouwen zijn toegestaan binnen de bestemming 'Wonen' en het daarin gelegen bouwvlak, zover aanwezig. De toegestane oppervlakte bedraagt maximaal 100 m2 per woning. Bij de woningen is 1 gezamelijk bijgebouw toegestaan op de locatie die op de verbeelding is aangeduid als 'specifieke bouwaanduiding - bijgebouwen'. Bij de woningen met de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - inpandige bijgebouwen' zijn de regels dat deze bijbehorende bouwwerken zowel op de begane grond als op de verdieping mogen komen en dat deze per bouwlaag meegeteld moeten worden voor de maximaal toegestane oppervlakte bijbehorende bouwwerken. De inhoud van inpandige bijbehorende bouwwerken telt niet mee bij de maximale toegestane inhoud van de woning.

In de begrippenlijst is gedefinieerd wat onder 'inpandig bijbehorend bouwwerk' wordt verstaan. Op het gezamenlijke erf is de aanduiding ‘bijgebouwen uitgesloten’ gelegd om vergunningsvrije bijbehorende bouwwerken uit te sluiten. Dit om geen afbreuk te doen aan de erfgedachte. Op gronden met de bestemming 'Wonen' is de uitoefening van een aan huis gebonden beroep of bedrijf dan wel een vrij beroep toegestaan. Voorwaarde daarvoor is dat de woonfunctie in alle gevallen de hoofdfunctie binnen de bestemming blijft. In beperkte mate mag bij de uitoefening van een aan huis gebonden beroep of bedrijf ook detailhandel plaatsvinden. Overige detailhandel is binnen de bestemming 'Wonen' nadrukkelijk uitgesloten. Afwijkende regeling voor bepaling oppervlakte bedrijf of beroep aan huis Uitgangspunt is dat 40% van het vloeroppervlakte van de woning én de bijbehorende bouwwerken van de woning voor een aan huis gebonden bedrijf en/of beroep gebruikt mag worden. In het landelijk gebied komen vaak situaties voor dat bij een woning veel meer bijbehorende bouwwerken staan dan in de basis bij een woning is toegestaan (100 m2). Als we de algemene regel zouden aanhouden dan leidt dit tot ongewenst grote bedrijven 'aan huis' in het landelijk gebied.

Het is daarom gewenst om vast te leggen dat maximaal 40% van de vloeroppervlakte van de woning met daarbij maximaal 100 m2 van de vloeroppervlakte van de bijbehorende bouwwerken voor een bedrijf gebruikt mag worden. Aanwezige bijbehorende bouwwerken die de grens van 100 m2 overschrijden tellen hierdoor niet mee bij de bepaling van de 40% van de vloeroppervlakte voor het aan huisgebonden bedrijf of beroep. Dit is in lijn met het Planologisch beleid. In de specifieke gebruiksregels is een voorwaardelijke verplichting opgenomen om te verzekeren dat het perceel binnen 1 jaar van het in gebruik nemen van de gronden overeenkomstig de bestemming 'Wonen', de landschappelijke inrichting is gerealiseerd en vervolgens in stand wordt gehouden overeenkomstig het landschappelijke inpassingsplan, zoals opgenomen in Bijlage 2 bij ruimtelijke onderbouwing - Landschappelijk inpassingsplan.

5.2.2 Waarde- Archeologische verwachting 6 Deze dubbelbestemming ter bescherming van de archeologie zijn opgenomen in overeenstemming met het gemeentelijke archeologiebeleid en met name de herziene archeologische beleidskaart. Daarop zijn de archeologische waardevolle gebieden en archeologische verwachtingszones aangegeven. Afhankelijk van de (verwachtings)waarde in een (deel)gebied is het beschermingsregime meer of minder streng. De bescherming van de archeologische waarden is in de Beheersverordening 'Landelijk gebied - 2020, reparatie 2022' vertaald in verschillende archeologische dubbelhoofdfuncties. Uitgaan van waarde die past bij onderliggende verwachtingszone Met de waarde die past bij de onderliggende verwachtingszone wordt bedoeld, dat de verwachtingszone bepaalt

48

wanneer er een archeologische onderzoekverplichting geldt: • in een hoge verwachtingszone geldt dat onderzoek moet worden uitgevoerd bij een ingreep dieper dan 30cm – Maaiveld, en een plangebied groter dan 250 m2, • bij een middelmatige verwachtingszone moet onderzoek worden uitgevoerd bij 30 cm beneden Maaiveld en een plangebied groter dan 1000 m2, • bij een lage verwachtingszone bij 30 cm beneden maaiveld, en een plangebied groter dan 5000 m2. Voor het gebied waar de woningen zijn geprojecteerd is een archeologisch onderzoek uitgevoerd. Er zijn geen archeologische vondsten gedaan, waardoor op dit deel de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologische verwachting 6' is komen te vervallen. Voor het overige deel van het plangebied geldt deze dubbelbestemming nog wel.

5.2.2 Referentiekader nadere eisen- en afwijkingsbevoegdheden Een aantal planregels geeft burgemeester en wethouders de bevoegdheid om nadere eisen te stellen of een afwijking te verlenen als bedoeld in artikel 3.6, lid 1, onder d, respectievelijk onder c, van de Wet ruimtelijke ordening. De nadere eisen kunnen betrekking hebben op de plaats en afmetingen van de bebouwing. Deze kunnen toegepast worden als het concrete bouwplan voor de genoemde onderdelen, naar het oordeel van burgemeester en wethouders, een ongewenst gevolg voor de omgeving heeft. Binnen de afwijkings- en wijzigingsbevoegdheden komen veelal de volgende voorwaarden voor: a. daardoor geen onaanvaardbare gevolgen ontstaan voor aangrenzende percelen betreffende de gebruiksmogelijkheden van die percelen; b. de ruimtelijke uitwerking aanvaardbaar is; c. de uitvoerbaarheid gewaarborgd is. Deze voorwaarden zijn als volgt uit te leggen: a. daardoor geen onaanvaardbare gevolgen ontstaan voor aangrenzende percelen betreffende de gebruiksmogelijkheden van die percelen: als een afwijking of wijziging op een aangrenzend perceel van zodanige invloed is dat deze grond, minder goed te gebruiken is dan het was, dan is het niet gewenst om aan de afwijking of wijziging mee te werken; b.

de ruimtelijke uitwerking aanvaardbaar is: ten aanzien van de binnen een regeling toegelaten gebruiksvormen moet rekening worden gehouden met de milieu- en andere aspecten, zoals hinder voor omwonenden en verkeersaantrekkende werking. Als hierdoor de omgeving nadelig belast wordt, dan is medewerking niet gewenst; c. de uitvoerbaarheid gewaarborgd is: de (met name) financiële uitvoerbaarheid van een plan moet hierbij onderbouwd worden. Aan een (financieel) niet haalbaar plan kan niet meegewerkt worden.

5.2.3 Algemene regels 5.2.3.1 Anti-dubbeltelregel Deze standaardbepaling heeft als doel te voorkomen dat van ruimte die in een bestemmingsplan voor de realisering van een bepaald gebruik of functie is mogelijk gemaakt, na realisering daarvan, ten gevolgde van feitelijke functie- of gebruiksverandering van het gerealiseerde, opnieuw ten tweede male zou kunnen worden gebruik gemaakt.

5.2.3.2 Algemene bouwregels In de algeme bouwregels is onder andere omschreven wanneer er geen verbod geldt voor het overschrijden van de bouw- en of bestemmingsgrenzen voor bepaalde bouwdelen. Ook is omschreven wanneer het bevoegd gezag kan afwijken van bouw- en/of bestemmingsgrenzen.

49

De regeling voor bestaande maten is bedoeld voor legale bouwwerken die afwijken van de vastgestelde situering, goot - en/of bouwhoogte, afstand, oppervlakte en/of inhoud van de bouwregels in dit plan. De bestaande afwijking is daarmee toegestaan. In het artikel 'Ondergronds bouwen' is aangegeven dat de opgenomen bouwregels zijn bedoeld voor bouwwerken boven de grond.

5.2.3.3 Algemene gebruiksregels De algemene gebruiksregel luidt dat het verboden is om gronden en opstallen te gebruiken in strijd met de bestemming. Hierbij zijn een aantal gebruiksvormen specifiek benoemd. Gebruik ten behoeve van de realisering en/of handhaving van de bestemming of het normale onderhoud van de gronden en/of bouwwerken wordt toegelaten. In de algeme gebruiksregels is ook benadrukt welk gebruik sowieso is toegestaan. Namelijk het opwekken van duurzame energie met behulp van zonnepanelen of andere - op grond van de bestemmingsregels geoorloofde - voorzieningen op het dak. De landschappelijke inpassing is in dit artikel vastgelegd. Het niet in stand houden van deze inpassing is hier vastgelegd als een verboden gebruik.

5.2.3.4 Algemene aanduidingsregels In de algemene aanduidingsregels kunnen zo nodig de regels met betrekking tot één of meer gebiedsaanduidingen een plaats krijgen. De volgende algemene aanduidingsregel komt in dit bestemmingsplan voor: Overige zone - nieuwe risicobronnen uitgesloten In deze zone is het verboden om nieuwe risicobronnen te vestigen. Met een afwijkingsbevoegdheid is vestiging onder voorwaarden wel mogelijk.

5.2.3.5 Algemene afwijkings- en wijzigingsregels De algemene afwijkingsregel voorziet in de mogelijkheid om op ondergeschikte onderdelen af te wijken van de regels van het bestemmingsplan. Bijvoorbeeld voor kleine bouwwerken voor nutsvoorzieningen. De in het plan opgenomen algemene wijzigingsbevoegdheden laat meer ingrijpende afwijkingen toe en wordt daarom gekoppeld aan een zwaardere procedure dan die voor het verlenen van een afwijking van de bouw- en gebruiksregels. Voor het opwekken van kleinschalige duurzame energie is hier ook een afwijking opgenomen. Hierbij moet gedacht worden aan zonnepanelen op eigen grond. Daarnaast is ook bepaald dat deze grond in gebruik moet zijn als erf. De oppervlakte maat van 100 vierkante meter is extra t.o.v. de standaard oppervlakte van 20 vierkante meter (bouwwerken, geen gebouwen zijnde).

5.2.3.5 Overige regels Onder overige regels zijn die regels geplaatst die niet onder een andere regel zijn te vatten.

5.2.5 Overgangs- en slotregels In de loop van de tijd kan het gebruik van gronden of bouwwerken gaan afwijken van datgene wat mogelijk is op basis van het bestemmingsplan. In de overgangsregels wordt geregeld hoe met deze afwijking acceptabel zijn. De naam van het plan wordt in de slotregel aangehaald.

50

6 Economische uitvoerbaarheid Bij de voorbereiding van een planologische wijziging dient, op grond van artikel 3.1.6 lid 1, sub f van het Bro, onderzoek plaats te vinden naar de (economische) uitvoerbaarheid van het plan. In principe dient bij vaststelling van een ruimtelijk besluit tevens een exploitatieplan vastgesteld te worden om verhaal van plankosten zeker te stellen. Op basis van 'afdeling 6.4 grondexploitatie', artikel 6.12, lid 2 van de Wro kan de gemeenteraad bij het besluit tot vaststelling van het bestemmingsplan echter besluiten geen exploitatieplan vast te stellen indien: • het verhaal van kosten van de grondexploitatie over de in het plan of besluit begrepen gronden anderszins verzekerd is; • het bepalen van een tijdvak of fasering als bedoeld in artikel 6.13, eerste lid, onder c, 4°, onderscheidenlijk 5°, niet noodzakelijk is; • het stellen van eisen, regels, of een uitwerking van regels als bedoeld in artikel 6.13, tweede lid, onderscheidenlijk b, c of d, niet noodzakelijk is. In het plan wordt voldaan aan bovenstaande voorwaarden.De ontwikkelingskosten komen geheel voor rekening van de initiatiefnemer. Hiertoe zal de gemeente voorafgaand aan de planologische procedure met de initiatiefnemer een anterieure overeenkomst afsluiten, waarin het kostenverhaal in voldoende mate gewaarborgd is.

De kosten voor het volgen van de procedure zullen via de gemeentelijke legesverordening aan initiatiefnemer worden doorberekend. Op basis van het bovenstaande kan geconcludeerd worden dat het plan economisch uitvoerbaar is.

51

7 Procedure 7.1 Algemeen Dit bestemmingsplan doorloopt de procedure als bedoeld in afdeling 3.2 van de Wet ruimtelijke ordening. Afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing. Voor start van deze procedure zal het plan voor vooroverleg op grond van artikel 3.1.1. Besluit ruimtelijke ordening voorgelegd worden aan de bestuurlijke partners. In dit hoofdstuk zullen de resultaten van dit vooroverleg worden behandeld. De resultaten van de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan worden niet toegevoegd aan dit hoofdstuk. Deze maken onderdeel uit van het raadsvoorstel en -besluit omtrent de vaststelling, niet van het bestemmingsplan zelf.

7.2 Overleg Het plan is op basis van artikel 3.1.1. Bro overlegd met de volgende instanties: • Provincie Gelderland; • Waterschap Rijn en IJssel. Het Waterschap Rijn en IJssel heeft op 3 oktober 2022 gereageerd op het bestemmingsplan en kan hiermee instemmen. De provincie Gelderland heeft op 26 september 2022 gereageerd op het plan. Het onderdeel soortenbescherming vanuit de Wet natuurbescherming dient nog verder uitgewerkt te worden. Naar aanleiding van deze reactie is het onderdeel soortenbescherming nader onderbouwd.

52

BIJLAGEN BIJ TOELICHTING

53

Bijlage 1 Ruimtelijke onderbouwing Broekstraat 6 Wehl Bijlage 1 Ruimtelijke onderbouwing Broekstraat 6 Wehl

54

Bijlage 2 bij ruimtelijke onderbouwing - Landschappelijk inpassingsplan Bijlage 2 bij ruimtelijke onderbouwing - Landschappelijk inpassingsplan

55

Bijlage 3 bij ruimtelijke onderbouwing - Verkennend bodemonderzoek Bijlage 3 bij ruimtelijke onderbouwing - Verkennend bodemonderzoek

56

Bijlage 4 bij ruimtelijke onderbouwing - Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai Bijlage 4 bij ruimtelijke onderbouwing - Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai

57

Bijlage 5 bij ruimtelijke onderbouwing - Stikstofberekening Bijlage 5 bij ruimtelijke onderbouwing - Stikstofberekening

58

Bijlage 5a bij ruimtelijke onderbouwing - Bijlage stikstofberekening Bijlage 5a bij ruimtelijke onderbouwing - Bijlage stikstofberekening

59

Bijlage 6 bij ruimtelijke onderbouwing - Quickscan flora en fauna Bijlage 6 bij ruimtelijke onderbouwing - Quickscan flora en fauna

60

Bijlage 7 bij ruimtelijke onderbouwing - Bureauonderzoek en verkennend booronderzoek archeologie Bijlage 7 bij ruimtelijke onderbouwing - Bureauonderzoek en verkennend booronderzoek archeologie

61

Bijlage 7a bij ruimtelijke onderbouwing - Boorstaten verkennend booronderzoek archeologie Bijlage 7a bij ruimtelijke onderbouwing - Boorstaten verkennend booronderzoek archeologie

62

Bijlage 8 Beoordeling rapport archeologie ODA Broekstraat 6 Wehl Bijlage 8 Beoordeling rapport archeologie ODA Broekstraat 6 Wehl

63

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://besluitvorming.doetinchem.nl/api/v1/meetings/7893/documents/41997