Bijlage 1_08 Toelichting bijlage 1 Ruimtelijke onderbouwing Lamsweerde e.o. Wehl - 2023.pdf
Tekst van het document
Hinderveroorzakende functies in het plangebied 67 Ruimtelijke onderbouwing "Lamsweerde e.o. Wehl - 2023"
Voorliggende ontwikkeling voorziet in de toevoeging van een milieuhindergevoelige functie, in de vorm van 55 nieuwe appartementen verdeeld over vier gebouwen. Op de locatie van het plangebied worden geen milieuhinderveroorzakende functies gerealiseerd.
Hinderveroorzakende functies in de omgeving van het plangebied Naast voorgenoemde toetsing moet onderzocht worden of de functies in het plangebied hinder ondervinden van hinderveroorzakende functies in de omgeving van het plangebied. In de omgeving van het plangebied komt een aantal milieubelastende functies voor in de vorm van diverse bedrijven en voorzieningen. In de navolgende tabel zijn de aanbevolen afstanden (in meters) voor de aspecten geur, stof, geluid en gevaar weergegeven voor de omliggende bedrijven en voorzieningen, gevolgd door de werkelijke afstand (in meters) gemeten tot aan de gevels van de nieuwe appartementen in de appartementengebouwen.
Hinderveroorzakende functies in de omgeving van het plangebied (inclusief bijbehorende afstanden)
Geconcludeerd wordt dat de nieuwe appartementen goed ingepast kunnen worden in de omgeving van het plangebied. Hiermee is sprake van een goed woon- en leefklimaat.
Warmte- of koudeopwekking Binnen het plangebied zullen naar alle waarschijnlijkheid installaties voor warmte- en koudeopwekking worden gerealiseerd. Een zorgvuldige ruimtelijke inpassing van deze installaties is noodzakelijk en er moet voldaan worden aan een acceptabel geluidsniveau. Om overlast van installaties voor warmte- en koudeopwekking te voorkomen zijn in het bestemmingsplan regels opgenomen voor het gebruik van, laten gebruiken of in gebruik geven van deze installaties. Daarmee is geregeld dat een (gecumuleerd) geluidsniveau van de installatie(s) van meer dan 45 dB strijdig is met het bestemmingsplan. Of aan deze waarde 68 Ruimtelijke onderbouwing "Lamsweerde e.o. Wehl - 2023"
wordt voldaan dient aangetoond te worden met een akoestisch onderzoek.
Conclusie Het aspect bedrijven en milieuzonering vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van het plan.
4.9
Water
Algemeen Bij ruimtelijke ontwikkelingen moet worden aangetoond dat de waterhuishouding niet negatief wordt beïnvloed door de beoogde ruimtelijke ontwikkeling.
Beleid Het waterbeleid van Rijk en provincie is gericht op een veilig en goed bewoonbaar land met gezonde, duurzame watersystemen. Het plangebied ligt in het beheersgebied van het Waterschap Rijn en IJssel. In het Waterbeheerprogramma 2022-2027 van Waterschap Rijn en IJssel staat beschreven wat de doelen zijn voor de komende zes jaar in de Achterhoek en Liemers en hoe het waterschap deze wil halen. Naast het uitvoeren van kerntaken zijn het aanpassen van de leefomgeving aan de gevolgen van klimaatverandering en waterveiligheid de grootste prioriteiten. Ook een schone leefomgeving en de circulaire economie en energietransitie staan hoog op de agenda. Voor het waterbeheerprogramma zijn de werkzaamheden van het waterschap weergegeven in vier thema’s.
Klimaatrobuust gebied De ambitie is om richting 2050 wendbaar invulling te geven aan het beheer, het onderhoud en de inrichting van het regionaal watersysteem. Dit wordt gedaan in combinatie met aanpassingen in gebruik en inrichting van de omgeving, zodat jaarrond een optimale balans tussen te nat en te droog wordt bereikt en tegelijkertijd inwoners, bedrijven en medeoverheden voldoende weerbaar zijn tegen de onvermijdelijke gevolgen van extreem weer.
Veilig gebied De bescherming tegen hoog water is een randvoorwaarde om veilig te kunnen wonen en werken in ons gebied. Het waterschap zorgt voor veilige dijken, nu en in de toekomst. Dat 69 Ruimtelijke onderbouwing "Lamsweerde e.o. Wehl - 2023"
wordt gedaan door dagelijks beheer van de keringen en door continu inzicht in de keringen. Het beheer wordt op een duurzame wijze uitgevoerd en er wordt gewerkt aan behoud en verhoging van de biodiversiteit van de dijken. De ambitie is dat de keringen van het waterschap in 2050 voldoen aan de nieuwe normen voor waterveiligheid, en dat daarbij wendbaar ingespeeld wordt op ontwikkelingen.
Circulaire Economie en Energietransitie Het waterschap wil bij het uitvoeren van haar primaire taak zoveel mogelijk bijdragen aan het beperken van klimaatverandering. Daarbij wil zij in 2050 onderdeel zijn van een 100% circulaire economie waarin de taken klimaatneutraal worden uitgevoerd.
Gezonde leefomgeving Het waterschap zorgt voor een schoon en gezond watersysteem voor de mensen en de natuur in het gebied. Het waterschap streeft ernaar dat het water in de leefomgeving geschikt is voor verschillende maatschappelijke functies en dat het geen risico’s oplevert voor de volksgezondheid. Het doel is een oppervlaktewatersysteem te bereiken dat optimaal is voor ecologisch functioneren en biodiversiteit en natuurwaarden daarbinnen en -buiten bevordert.
Toetsing Watertoets Het plangebied ligt in het beheersgebied van het Waterschap Rijn en IJssel. Voor het doorlopen van de watertoets gebruikt dit waterschap de website www.dewatertoets.nl. Het waterschap kijkt, op basis van de antwoorden die op de website worden ingevuld, of bij de ruimtelijke ontwikkeling voldoende rekening is gehouden met de waterhuishouding ter plaatse en geeft een wateradvies. Op basis van de ingevulde Digitale Watertoets (zie Bijlage 9) wordt door het waterschap geconcludeerd dat de ontwikkeling waterschapsbelangen raakt. Er geldt een normale procedure, dit houdt in dat nader overleg met waterschap Rijn en IJssel dient plaats te vinden. Aansluitend hierop is het waterschap in een vroeg stadium (februari/maart 2023) door de initiatiefnemers verder geïnformeerd over de voorgenomen ontwikkeling en zijn er afspraken gemaakt voor wat betreft de waterschapsbelangen en de waterhuishouding in het plangebied.
Waterhuishoudkundige analyse Voor de volledigheid is door Buro Ontwerp & Omgeving voor het plangebied in april 2023 70 Ruimtelijke onderbouwing "Lamsweerde e.o. Wehl - 2023"
een waterhuishoudkundige analyse uitgevoerd. Het onderzoek is als Bijlage 10 bijgevoegd. De samenvatting, conclusies en aanbevelingen uit het onderzoek worden hierna kort behandeld. Samenvatting: Uit de analyse blijkt dat: De bodemopbouw van het plangebied bestaat uit matig fijn tot matig grof en zwak siltig zand; De infiltratie van hemelwater binnen het plangebied waarschijnlijk kansrijk is. Op een latertijdstip zal de daadwerkelijke infiltratiecapaciteit nog bepaald worden; Het maaiveld gelegen is op een hoogte van 12,2 tot 13,2 m +NAP; De gemiddeld hoogste grondwaterstand (GHG) binnen het plangebied ingeschat wordt op circa 11,3 m-mv. Opgemerkt wordt dat dit een ruwe inschatting is en er geen grondwatermonitoring is uitgevoerd; De huidige maaiveldhoogte op basis van bovenstaande aan de ontwateringseisen voldoet; De woningen een vloerpeil dienen te hebben van minimaal 0,2 meter boven het wegpeil; Op basis van het beleid van Waterschap Rijn en IJssel circa 370 m3 hemelwater geborgen dient te worden binnen het plangebied; Berging, indien mogelijk, bij voorkeur gerealiseerd dient te worden in bovengrondse infiltratievoorzieningen; In de vijf voorziene wadi’s circa 408 m3 hemelwater geborgen kan worden; Middels de realisatie van het appartementencomplex rekening gehouden dient te worden met een droogweerafvoer (DWA) van circa 1,45 m3 per dag.
Conclusies en aanbevelingen: Gezien de resultaten van onderhavige analyse worden er met de voorgenomen ontwikkelingen binnen het plangebied geen negatieve gevolgen verwacht voor de waterhuishouding ter plaatse. Het aspect water vormt daarmee geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van de voorgenomen ontwikkeling. In het stedebouwkundig plan zijn, voor de berging van hemelwater, vijf wadi’s voorzien. Daarnaast kan berging plaatsvinden in ondergrondse voorzieningen, welke gerealiseerd kunnen worden onder de parkeerplaatsen. Bij de verdere (civieltechnische) uitwerking zal bekeken worden of er mogelijkheden zijn voor een andere wijze van berging, zoals groene daken. Door de gemeente is aangegeven dat de bergingseis, in overleg met het waterschap, mogelijk nog naar beneden kan worden bijgesteld. Dit is afhankelijk van de infiltratiecapaciteit van de bodem. In overleg met de gemeente moet tevens bepaald worden hoe en waar het vuilwater geloosd kan worden. Het hemelwatersysteem dient in een latere fase verder gedimensioneerd en civieltechnisch uitgewerkt te worden. Geadviseerd wordt om voor de verdere uitwerking in overleg te treden met de gemeente en 71 Ruimtelijke onderbouwing "Lamsweerde e.o. Wehl - 2023"
het waterschap om één en ander verder af te stemmen.
Waterhuishoudkundig plan Voortbordurend op de waterhuishoudkundige analyse wordt ten aanzien van de voorgenomen ontwikkeling in het plangebied een waterhuishoudkundig plan opgesteld.
Conclusie De ontwikkelingen binnen het plangebied vormen geen negatieve gevolgen voor de waterhuishouding ter plaatse. Het aspect water vormt daarmee geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van de voorgenomen ontwikkeling.
4.10 Archeologie en cultuurhistorie Algemeen Op basis van artikel 3.1.6, vijfde lid, onderdeel a, van het Bro moet bij ruimtelijke ontwikkelingen worden getoetst, hoe er wordt omgegaan met de aspecten archeologie en cultuurhistorie. De bescherming van archeologische waarden is verankerd in de Erfgoedwet. Het belangrijkste doel van deze wet is de bescherming van de aanwezige en de te verwachten archeologische waarden door het reguleren van bodemverstorende activiteiten. Ergoedwet artikel 5.10, Archeologische toevalsvondst, houdt in dat als men toevallig een vondst doet waarvan vermoed kan worden dat het een archeologische vondst betreft, deze zo spoedig mogelijk gemeld moet worden. Degene die de vondst heeft gedaan is verplicht om de vondst gedurende 6 maanden ter beschikking te stellen voor wetenschappelijk onderzoek.
Toetsing Archeologie Het plangebied heeft de dubbelbestemmingen 'Waarde - Archeologie' en 'Waarde Archeologische verwachting 3'. Deze gronden zijn bestemd voor het behoud, versterking bescherming en/of het herstel van te verwachten archeologische waarden in de bodem. Voor het uitvoeren van bodemingrepen groter dan 50 m2 en met een bodemverstoring dieper dan 30 cm ('Waarde - Archeologie') en groter dan 250 m2 en dieper dan 40 cm ('Waarde - Archeologische verwachting 3') zal archeologisch onderzoek uitgevoerd moeten worden. De ingreep van de voorgenomen ontwikkeling overschijdt de vrijstellingsgrens voor onderzoek. Derhalve is in oktober 2022 door Hamaland Advies een archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd. Het onderzoek is bijgevoegd als Bijlage 11.
72 Ruimtelijke onderbouwing "Lamsweerde e.o. Wehl - 2023"
Bureauonderzoek Het plangebied is gelegen in de fysisch geografische regio van de hogere zandgronden in een overgangsgebied van een relatief hoge dekzandrug ten westen van het plangebied naar een verspoeld dekzandvlakte ten noord(oost)en van het plangebied. Boven de natuurlijke dekzandafzettingen is waarschijnlijk sprake van een meer dan 50 cm dik eerddek van een hoge bruine enkeerdgrond, dat geleidelijk ontstaan is als gevolg van plaggenbemesting vanaf de Late Middeleeuwen. De archeologische verwachting van het plangebied is afhankelijk van de landschappelijke ligging. Indien (delen van) het plangebied gelegen is op (de flank van) een relatief hoge, droge dekzandrug in de nabijheid van water, dan is het plangebied een gunstige vestigingslocatie voor zowel rondtrekkende jagers-verzamelaars vanaf het Laat-Paleolithicum als voor landbouwsamenlevingen vanaf het Neolithicum en geldt een hoge archeologische verwachting. Als het plangebied daarentegen een lagere ligging heeft gekend in een verspoelde dekzandvlakte met natte bodemomstandigheden, dan is het plangebied minder aantrekkelijk als vestigingslocatie en is de archeologische verwachting laag. Door de verwachte aanwezigheid van een meer dan 50 cm dik eerddek van kunnen eventuele archeologische resten in het plangebied goed geconserveerd zijn gebleven.
Met name in en rond AMK-terrein 4726 in het westen van het plangebied worden op de dekzandrug resten van bewoning uit de Middeleeuwen verwacht, op basis van vondsten gedaan tijdens veldkarteringen in 1985. Bij eerder onderzoek in het westelijke deel van het AMK-terrein en ten westen38 en zuidwesten39 daarvan is op de dekzandrug een nederzettingsterrein uit de Late IJzertijd – Romeinse Tijd aangetroffen. Verder zijn in de omgeving van het plangebied meerdere vondsten bekend uit het Neolithicum tot en met de Late Middeleeuwen en kunnen resten aanwezig zijn van een loopgravenstelsel uit WO II. Op grond van het uitgevoerde cartografisch onderzoek blijkt dat het plangebied in 1811-1832 onbebouwd is en gebruikt wordt als landbouwgrond. Op kaarten vanaf 1890 verschijnt in het zuidoosten van het plangebied de huidige villa, die op basis van de BAG40 uit 1845 stamt. In de loop van de 20e eeuw worden verspreid in het plangebied bijgebouwen gebouwd. Op kaarten vanaf 1962 staat in het noordoosten van het plangebied een gebouw, dat in 1970 is uitgebreid. Dit gebouw is in de huidige situatie niet meer aanwezig. Hoewel historisch kaartmateriaal geen aanwijzingen geeft voor historische erflocaties uit de Nieuwe Tijd, kunnen oudere resten van bewoning uit de (Late) Middeleeuwen vanwege de aanwezigheid van het AMK-terrein in het westen van het plangebied niet worden uitgesloten.
Indien er in het plangebied archeologische resten aanwezig zijn, worden archeologische resten uit de Late Middeleeuwen en de Nieuwe Tijd in of direct onder de bouwvoor verwacht in de eerddek van de hoge bruine enkeerdgrond. Oudere archeologische resten vanaf het Laat-Paleolithicum tot en met de Vroege Middeleeuwen worden onder de eerddek verwacht in een eventuele akkerlaag en in de top van het dekzand. 73 Ruimtelijke onderbouwing "Lamsweerde e.o. Wehl - 2023"
Selectieadvies (1) Uit de resultaten van het bureauonderzoek blijkt dat het plangebied een hoge archeologische verwachting heeft op basis van de (gedeeltelijke) ligging op een dekzandrug en de aanwezigheid van een AMK-terrein van hoge archeologische waarde in het westen van het plangebied, waar vondsten uit de Late Middeleeuwen zijn gedaan. Hamaland Advies adviseert de archeologische verwachting uit het bureauonderzoek te toetsen door middel van een verkennend booronderzoek. Het verkennend booronderzoek heeft als doel de aard en mate van intactheid van het bodemprofiel te toetsen. Uitgaande van 6 boringen per ha dienen verspreid in het plangebied (circa 1,5 ha) 9 boringen te worden geplaatst. Voorafgaand aan het verkennend booronderzoek is een Plan van Aanpak (PvA) opgesteld (zie Bijlage 12).
Verkennend booronderzoek De bodemopbouw in het plangebied bestaat uit een subrecente bouwvoor met een dikte variërend van 15 cm in boring 4 tot 65 cm in boring 1. In boring 7 is tot 110 cm-mv een dikke subrecente ophooglaag aangetroffen met kiezels en bouwpuin. Onder de subrecente bouwvoor en ophooglaag bevindt zich in alle boringen m.u.v. boring 2 een intacte eerdlaag van bruingrijs fijn siltig zand. In enkele boringen zijn in de eerdlaag enkele fragmenten oud (oranje) baksteenpuin aangetroffen. Onder de eerdlaag is in boring 5 tussen 95 cm-mv en 120 cm-mv een ouder plaggendek aangetroffen van lichtbruin fijn siltig zand. In boring 2 gaat de subrecente bouwvoor scherp over in het onderliggende dekzand en ontbreekt de eerdlaag. In alle boringen bestaat de basis van het bodemprofiel uit fijn dekzand van de Formatie van Boxtel, Laagpakket van Wierden. De top van het dekzand bevindt zich op dieptes variërend van 60 cm-mv in boring 2 tot 150 cm-mv in boring 1. Het grote diepteverschil is veroorzaakt doordat de tuin achter de villa in het verleden sterk opgehoogd is. Het verkennend booronderzoek is bijgevoegd als Bijlage 11.
Selectieadvies (2) Vervolgonderzoek wordt noodzakelijk geacht indien in het plangebied nieuwe bodemingrepen plaatsvinden. In het plangebied bevinden zich naar verwachting resten van een erf uit de Volle Middeleeuwen (1000-1200) en mogelijk resten van een (urnen)grafveld uit de IJzertijd-Romeinse Tijd. Een vervolgonderzoek bestaat uit een proefsleuvenonderzoek om de aangetroffen resten te kunnen karteren en waarderen. Voorafgaand aan een proefsleuvenonderzoek dient een Programma van Eisen opgesteld te worden dat getoetst wordt door het bevoegd gezag. Om de archeologische waarden in het plangebied te borgen/beschermen, wordt een dubbelbestemming archeologie opgenomen voor het plangebied. 74 Ruimtelijke onderbouwing "Lamsweerde e.o. Wehl - 2023"
Proefsleuvenonderzoek Voortbordurend op het selectieadvies is inmiddels ten aanzien van de voorgenomen ontwikkeling in het plangebied een proefsleuvenonderzoek gaande. Middels de archeologische dubbelbestemming worden eventuele archeologische waarden beschermd. Ten tijde van het verlenen van de omgevingsvergunning moet het proefsleuvenonderzoek afgerond zijn.
Cultuurhistorie In het plangebied zijn wel degelijk cultuurhistorische waarden aanwezig die op een enkele manier verstoord zouden kunnen worden door onderhavige ontwikkeling. Een cultuurhistorische analyse zorgt ervoor dat de planontwikkeling optimaal aan kan sluiten bij nog aanwezige cultuurhistorische waarden in het plangebied. Binnen het plangebied bevindt zich aan de zuidoostzijde het St. Rosaklooster. Volgens de Monumentenkaart van de gemeente Doetinchem is het St. Rosaklooster een gemeentelijk monument. De planontwikkeling moet aansluiten bij de nog aanwezig monumentale en cultuurhistorische waarden van gebouw en gebied. Bij voorkeur vindt ook een versterking van die waarden plaats. Historische elementen en verwijzingen zijn dan ook onderdeel van de planontwikkeling. In overleg met de commissie Welstand en monumenten is besproken dat binnen de planontwikkeling een (cultuurhistorische) verwijzing naar de voormalige wasserij terug komt. In het ontwerp van het plangebied is hier dan ook rekening mee gehouden. Op de plek van de voormalige wasserij worden namelijk zichtbaar de contouren van de voormalige wasserij gerealiseerd. Hierbij worden de contouren van de voormalige wasserij aangezet met enerzijds een gemengde haag en anderzijds een schanskorf. De schanskorf wordt gevuld met gebroken puin van de wasserij (circulaire gedachte).
Met informatieborden kunnen de verhalen van de geschiedenis van de plek worden verteld. De plek van de voormalige wasserij wordt een gezamenlijke verblijfsplek voor iedereen, waar ontmoeting kan plaatsvinden. De ingangen (de huidige deuren) van de voormalige wasserij doen dienst als ingang door de hagen naar de verblijfplek. De paden markeren dus de deuren. Ook is hierbij aangegeven dat de monumentale waarden van het voormalige St. Rosaklooster uitgangspunt moeten zijn bij de gewenste verbouwing en dat de relatie van de appartementengebouwen met het omliggende groen aanwezig moet blijven en versterkt wordt.
Conclusie Het aspect archeologie en cultuurhistorie vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid 75 Ruimtelijke onderbouwing "Lamsweerde e.o. Wehl - 2023"
van het plan. Voorafgaand aan vergunningverlening moet er nog wel archeologisch vervolgonderzoek plaatsvinden.
4.11 Ecologie Algemeen Bij ruimtelijke ontwikkelingen moet rekening gehouden worden met de aanwezige natuurwaarden in en om het plangebied. Vanaf 1 januari 2017 geldt hiervoor de Wet natuurbescherming. Deze wet beschermt bepaalde plant- en diersoorten, natuurgebieden en bossen. Voordat ontwikkelingen mogen plaatsvinden, moet worden aangetoond dat in het kader van de huidige natuurwet- en regelgeving van een negatief effect geen sprake is, dan wel dat daarvoor respectievelijk een vergunning of ontheffing kan worden verkregen.
Toetsing Quickscan natuurtoets Door Buro Ontwerp & Omgeving is in augustus 2021 een quickscan natuurtoets uitgevoerd, dit onderzoek is bijgevoegd als Bijlage 13. Ten aanzien van de uitgevoerde quickscan natuurtoets is de begrenzing van het plangebied in een later stadium vergroot. Om deze vergroting van het plangebied nader uiteen te zetten, is er een memo opgesteld ten behoeve van een beoordeling van het plangebied van de ecologische quickscan. Deze memo is bijgevoegd als Bijlage 14. De belangrijkste resultaten van de quickscan natuurtoets ten aanzien van gebiedsbescherming, houtopstanden en soortenbescherming zijn in de volgende alinea's samengevat.
Gebiedsbescherming Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied is gelegen op circa 7,4 kilometer afstand van het projectgebied. Hierdoor is er geen sprake van negatieve effecten als oppervlakteverlies, versnippering, verontreiniging, verdroging, optische verstoring en verstoring door trilling, geluid en mechanische effecten. Indirecte negatieve effecten als gevolg van stikstofdepositie kunnen echter niet op voorhand worden uitgesloten. Er is daarom een AERIUS-berekening uitgevoerd. Het projectgebied ligt op circa 980 meter afstand van gebieden die behoren tot het Gelders Natuurnetwerk (GNN) en op 830 meter afstand van gebieden die behoren tot de Groene Ontwikkelingszone (GO). Gezien de ligging buiten deze gebieden worden de kernkwaliteiten en ontwikkelingsdoelen van het GNN en de GO bij de werkzaamheden niet aangetast.
76 Ruimtelijke onderbouwing "Lamsweerde e.o. Wehl - 2023"
Ligging plangebied (rood) t.o.v. GNN (donkergroen) en GO (lichtgroen) (Bron: QGIS)
Houtopstanden De bomen in het projectgebied vallen niet onder de definitie houtopstanden, zoals bedoeld in paragraaf 4.1 van de Wet natuurbescherming. De te kappen bomen bevinden zich binnen de bebouwde kom en vallen binnen de categorie houtopstanden op erven of in tuinen. Daarnaast staan er in het plangebied acht paardenkastanjes op de bijzondere bomenkaart van de gemeente Doetinchem. Bij de kap van bomen is een kapvergunning van de gemeente Doetinchem vereist. Dit is het geval indien: de boom een stamomtrek heeft van >120 centimeter (= diameter van 38 cm) gemeten op 130 centimeter hoogte vanaf het maaiveld; het om bijzondere bomen gaat (aan de hand van de 'bijzondere bomenkaart'); het gaat om het kappen van grotere groepen bomen zoals houtwallen en lintbeplantingen. Meer informatie over de te kappen bomen in het plangebied en de kapvergunning is verderop in deze paragraaf vermeld onder het kopje 'Bomen Effect Analyse'.
Soortenbescherming Van een aantal soorten is de aanwezigheid in het projectgebied niet uit te sluiten. Hieronder wordt per soort ingegaan op de bescherming en de mogelijke effecten die zij kunnen ondervinden door de werkzaamheden. Vleermuizen Tijdens het veldbezoek werden diverse invliegopeningen in de gebouwen en een 77 Ruimtelijke onderbouwing "Lamsweerde e.o. Wehl - 2023"
moerascipres aangetrofffen die als rust- of verblijfplaats van vleermuizen kunnen dienen. Daarnaast kan de tuin een essentieel foerageergebied zijn. Alle vleermuissoorten vallen onder de Habitatrichtlijn en zijn beschermd volgens artikel 3.5 van de Wet natuurbescherming. Hierdoor is het verboden om de soorten opzettelijk te doden of vangen, opzettelijk te verstoren of de vaste voortplantingsplaatsen of rustplaatsen te beschadigen of vernielen. De sloop en/of renovatie van de gebouwen en het vellen van de moerascipres zou kunnen leiden tot overtreding van de Wet natuurbescherming als deze als verblijfplaats fungeren. Ook kan de bouw van woningen in de tuin een negatief effect hebben op een potentieel aanwezig essentieel foerageergebied. De aanwezigheid en het terreingebruik van vleermuizen is nader onderzocht in de periode augustus/september 2021 en mei/juni/juli 2022. De uitkomsten van dit nader onderzoek worden hieronder toegelicht. Indien wordt besloten de moerascipres te behouden is geen nader onderzoek naar boombewonende vleermuizen nodig. Steenmarter Van de steenmarter is de aanwezigheid in het projectgebied niet uit te sluiten. Tijdens de quickscan is de tuin geschikt bevonden door de aanwezigheid van dichte bosschages en takkenrillen. De steenmarter is nationaal beschermd (art. 3.10 Wnb) en is in de provincie Gelderland niet vrijgesteld.
Hierdoor is het verboden om de soort opzettelijk te vangen of doden en hun vaste verblijf- of rustplaatsen opzettelijk te beschadigen of vernielen. In de quickscan is geconcludeerd dat nader onderzoek naar de steenmarter noodzakelijk was. Het nader onderzoek is daarop uitgevoerd in de periode april t/m juni 2022. De uitkomsten van dit nader onderzoek worden hieronder toegelicht. Bunzing, hermelijn en wezel Van de bunzing, hermelijn en wezel is de aanwezigheid in het projectgebied niet uit te sluiten. Tijdens de quickscan is het terrein geschikt bevonden door de aanwezigheid van dichte bosschages en takkenrillen. Hierdoor kunnen negatieve effecten op de kleine marterachtigen niet worden uitgesloten. De bunzing, hermelijn en wezel zijn nationaal beschermd (art. 3.10 Wnb) en zijn in de provincie Gelderland niet vrijgesteld. Hierdoor is het verboden om de soorten opzettelijk te vangen of doden en hun vaste verblijf- of rustplaatsen opzettelijk te beschadigen of vernielen. In de quickscan is geconcludeerd dat nader onderzoek naar de bunzing, hermelijn en wezel noodzakelijk was. Het nader onderzoek is daarop uitgevoerd in de periode april t/m juni 2022. De uitkomsten van dit nader onderzoek worden hieronder toegelicht. Eekhoorn Tijdens het veldbezoek is het terrein geschikt bevonden door de aanwezigheid van een geschikte boomholte en een nestkast.
In de tuin staan ook diverse bomen die in de voedselvoorziening van de soort kunnen voorzien. Hierdoor kunnen negatieve effecten op de eekhoorn niet worden uitgesloten. De eekhoorn is nationaal beschermd (art. 3.10 Wnb) en is in de provincie Gelderland niet vrijgesteld. Hierdoor is het verboden om de soort opzettelijk te vangen of doden en hun vaste verblijf- of rustplaatsen opzettelijk te 78 Ruimtelijke onderbouwing "Lamsweerde e.o. Wehl - 2023"
beschadigen of vernielen. In de quickscan is geconcludeerd dat nader onderzoek naar de eekhoorn noodzakelijk was. Het nader onderzoek is daarop uitgevoerd in de periode december 2021 en april 2022. De uitkomsten van dit nader onderzoek worden hieronder toegelicht. Steenuil Gezien de ligging aan de rand van de bebouwde kom en de aanwezigheid van elementen als een boomgaard kan het projectgebied deel uitmaken van het territorium in de omgeving broedende steenuilen en daarmee de essentiële functionele leefomgeving. De steenuil wordt beschermd volgens artikel 3.1 van de Wet natuurbescherming. Hierdoor is het verboden om de soort opzettelijk te storen, vangen of doden en de nest- of rustplaatsen opzettelijk te beschadigen of vernielen. Aangezien de functionele leefomgeving van de steenuil ook beschermd is moet de aanwezigheid van de soort nader worden onderzocht. Het nader onderzoek is daarop uitgevoerd in de periode februari t/m april 2022. De uitkomsten van dit nader onderzoek worden hieronder toegelicht. Gierzwaluw Tijdens het veldbezoek zijn potentieel geschikte nestlocaties aangetroffen in Huize Lamsweerde. De gierzwaluw is beschermd volgens artikel 3.1 van de Wet natuurbescherming. Hierdoor is het verboden om de soort opzettelijk te storen, vangen of doden en zijn vaste verblijf- of rustplaatsen opzettelijk te beschadigen of vernielen.
De renovatie van het dak zou kunnen leiden tot overtreding van de Wet natuurbescherming als deze als nestplaats fungeert voor de gierzwaluw. De aanwezigheid van gierzwaluwen in het gebouw moet daarom nader worden onderzocht. Het nader onderzoek is daarop uitgevoerd in de periode juni/juli 2022. De uitkomsten van dit nader onderzoek worden hieronder toegelicht. Huismus Tijdens het veldbezoek zijn potentieel geschikte nestlocaties aangetroffen in Huize Lamsweerde. De huismus wordt beschermd volgens artikel 3.1 van de Wet natuurbescherming. Hierdoor is het verboden om de soort opzettelijk te storen, vangen of doden en de nest- of rustplaatsen opzettelijk te beschadigen of ver-nielen. De renovatie van het dak zou kunnen leiden tot overtreding van de Wet natuurbescherming als deze als nestlocatie fungeert. Daarnaast is ook de functionele leefomgeving van de huismus beschermd. De aanwezigheid van huismussen moet daarom nader worden onderzocht. Het nader onderzoek is daarop uitgevoerd in de periode april 2022. De uitkomsten van dit nader onderzoek worden hieronder toegelicht. Sperwer en ransuil Tijdens het veldbezoek werden geen nesten of sporen van de sperwer en ransuil aangetroffen. Beide soorten worden beschermd volgens artikel 3.1 van de Wet natuurbescherming.
Hierdoor is het verboden om de soorten opzettelijk te storen, vangen of doden en zijn vaste verblijf- of rustplaatsen opzettelijk te beschadigen of vernielen. Het 79 Ruimtelijke onderbouwing "Lamsweerde e.o. Wehl - 2023"
kappen van bomen met nesten kan leiden tot overtreding van de Wet natuur-bescherming. Er zat echter nog teveel blad aan de bomen om de aanwezigheid van potentiële nesten definitief uit te sluiten. Een bezoek in de periode december t/m maart kan daarom uitsluitsel geven. Het nader onderzoek is daarop uitgevoerd in de periode februari/maart/april/juni 2022. De uitkomsten van dit nader onderzoek worden hieronder toegelicht. Algemene diersoorten Het kan zijn dat er tijdens de werkzaamheden algemene diersoorten op het perceel voorkomen. Hierbij moet de algemene zorgplicht in acht worden genomen (artikel 1.11 Wnb). Indien dit niet redelijkerwijs mogelijk is, moeten nadelige gevolgen zoveel mogelijk worden beperkt. Daarnaast moeten de werkzaamheden plaatsvinden buiten het vogelbroedseizoen omwille de aanwezigheid van algemene broedvogelsoorten. Bij onvoorziene situaties dient contact opgenomen te worden met een ecoloog.
Nader onderzoek ecologie Door Buro Ontwerp & Omgeving is gedurende diverse maanden in 2022 een nader onderzoek uitgevoerd naar de bovenstaande soorten. De begrenzing van het plangebied voor het nader onderzoek, activiteitenplan en ontheffingsaanvraag is in navolgende afbeelding weergegeven.
Begrenzing plangebied nader onderzoek, activiteitenplan en ontheffingsaanvraag (rode markering)
80 Ruimtelijke onderbouwing "Lamsweerde e.o. Wehl - 2023"
De gronden waar het nieuwe parkeerterrein is beoogd (gele markering) vallen niet geheel binnen de begrenzing van het nader onderzoek, activiteitenplan en ontheffingsaanvraag omdat deze niet geschikt zijn voor strikt beschermde soorten die in de ruime omgeving van het plangebied kunnen voorkomen. Het betreft hier agrarische productiegrond dat op het moment van bezoek in gebruik was voor het verbouwen van maïs. Om die reden zijn deze gronden buiten beschouwing gelaten en maakte ze geen onderdeel uit van het nader onderzoek. Negatieve effecten op strikt beschermde soorten zijn uitgesloten. Het nader onderzoek is bijgevoegd als Bijlage 15. De conclusie van het onderzoek wordt hieronder kort behandeld. Uit het nader onderzoek is gebleken dat drie soorten zijn aangetroffen danwel dat het plangebied als functionele leefomgeving voor deze soorten fungeert. Op basis van het nader onderzoek is een activiteitenplan in combinatie met een ontheffingsaanvraag noodzakelijk voor de vleermuizen, steenmarter en ransuil. In onderstaande tabel staat een samenvatting van de resultaten. Met de benoemde vrijstaande woning wordt de voormalige wasserij bedoeld, achterliggend op het terrein aan de zuidwestzijde van het plangebied.
Overzicht conclusie nader onderzoek ecologie
Voor het overtreden van de verbodsbepalingen uit artikel 3.1 lid 2 en 4 (ransuil), artikel 3.5 lid 2 en 4 (vleermuizen) en artikel 3.10 lid 1b (steenmarter) is een ontheffing in het kader 81 Ruimtelijke onderbouwing "Lamsweerde e.o. Wehl - 2023"
van de Wet natuurbescherming noodzakelijk. Deze artikelen hebben betrekking op het vernietigen van rust- of verblijfplaatsen en/of het verstoren van soorten. Ten behoeve van de ontheffingsaanvraag dient een activiteitenplan te worden opgesteld. Daarnaast zijn ook artikel 3.1 lid 1, artikel 3.5 lid 1 en artikel 3.10 lid 1a van de Wet natuurbescherming relevant voor deze soorten. Deze artikelen hebben betrekking op het doden en vangen van soorten. Er is echter geen ontheffing in het kader van de Wet natuurbescherming noodzakelijk indien mitigerende maatregelen worden getroffen en zorgvuldig wordt gehandeld. Dit dient opgenomen te worden in het activiteitenplan. Voor bovenstaande soorten is een activiteitenplan opgesteld (zie Bijlage 16), waaraan in februari 2023 een memo is toegevoegd ten behoeve van inhoudelijke wijzingen aan het activiteitenplan (zie Bijlage 17). Tevens is er een ontheffing in het kader van de Wet natuurbescherming aangevraagd. Het is een realistisch vooruitzicht dat de ontheffing verkegen wordt, waardoor de uitvoerbaarheid van dit plan vaststaat.
Effectbeoordeling stikstofdepositie In Nederland zijn 162 Natura 2000-gebieden aangewezen. Dit zijn gebieden met een Europese beschermingsstatus. Veel van die gebieden zijn gevoelig voor stikstofdepositie. Het meest nabijgelegen Natura 2000-gebied betreft de Rijntakken dat op een afstand van circa 7,4 km ten noordwesten van het plangebied ligt. Andere Natura 2000-gebieden liggen op een afstand van meer dan 10 km. Volgens de Wet natuurbescherming moet worden uitgesloten dat significante negatieve effecten kunnen optreden in Natura 2000-gebieden. Stikstofdepositie kan verslechterende gevolgen hebben voor stikstofgevoelige habitattypen of leefgebieden waarvoor een Natura 2000-gebied is aangewezen. Deze gevolgen kunnen significant zijn wanneer een plan, project of andere handeling leidt tot een toename van stikstofdepositie op stikstofgevoelige habitattypen of leefgebieden die overbelast zijn. Een verdere toename van de stikstofdepositie is alleen toegestaan met een vergunning Wet natuurbescherming (Wnb). Daarom dient voor nieuwe plannen en projecten onderzocht te worden of er sprake is van een significante depositie van stikstof op relevante Natura 2000-gebieden. Door Buro Ontwerp & Omgeving is in maart 2023 een (geactualiseerde) memo effectbeoordeling stikstofdepositie uitgevoerd.
Uit de opgestelde effectbeoordeling stikstofdepositie (zie Bijlage 18) blijkt dat er bij de voorgenomen ontwikkeling van 55 appartementen in het plangebied (in een uiteengezet worst case scenario) in zowel de realisatiefase (de bouw) als de gebruiksfase (bewoning) geen stikstofdepositie groter dan 0,00 mol/ha/jr plaatsvindt op stikstofgevoelige habitattypen en leefgebieden van Natura 2000-gebieden. Met betrekking tot stikstofdepositie kan worden opgemerkt dat er geen vergunning van de Wet natuurbescherming nodig is om de ontwikkeling mogelijk te maken.
82 Ruimtelijke onderbouwing "Lamsweerde e.o. Wehl - 2023"
Bomenveiligheidscontrole Door Foreest Green Consult is een bomenveiligheidscontrole (BVC) uitgevoerd in het plangebied (bijgevoegd als Bijlage 19). Bij deze inspectie zijn de bomen geïnventariseerd en op veiligheidskenmerken beoordeeld. Vast onderdeel hierbij is de beoordeling van de vitaliteit, de bepaling van de resterende levensverwachting en eventuele vervolgmaatregelen die noodzakelijk zijn. Bij het overgrote deel van de bestaande bomen in het plangebied is geconcludeerd dat deze veilig zijn. Naar voren komt dat voor een aantal bomen als maatregel de mineermot aangepakt dient te worden. Daarnaast wordt geadviseerd om minimaal de bomen met nummers 1 en 8 nader te onderzoeken. Daarnaast is onderzoek gedaan naar de aanwezige cultuurhistorische en flora en fauna waarden van de bomen. Hieruit is gebleken dat alle bomen met meerwaarde in het plangebied een historische waarde, beeldwaarde en/of natuurwaarde bevatten en daarom (indien mogelijk) gehandhaafd moeten worden. Bij het ontwerpen van het schetsontwerp is ingezet op het maximaal behouden van zoveel mogelijk waardevolle bomen en respect voor het groene karakter van het gebied en de uitstraling die dit heeft op de directe omgeving en de entree van Wehl. Bij de plaatsing van gebouwen is rekening gehouden met de positie van bestaande (waardevolle) bomen.
De meeste bomen (en een haag) met waarde, waaronder de boomgaard, kunnen ingepast worden. Navolgende afbeelding laat de uitwerking van de bomeninspectie in het plangebied zien.
83 Ruimtelijke onderbouwing "Lamsweerde e.o. Wehl - 2023"
Bomeninspectie plangebied
Bomen Effect Analyse Een aantal bomen (met waarde; oranje cirkel in onderstaande afbeelding) is niet in te passen met de huidige configuratie. De twee noordelijke kastanjes (nummers 4 en 5) moeten wijken ten behoeve van de noordelijke toegang/ontsluiting van het plangebied, waardoor deze gekapt worden. Hiervoor is een kapvergunning benodigd, aangezien deze bomen op de bijzondere bomenkaart van de gemeente Doetinchem staan. Daarbij is het wel een harde eis dat de overgebleven bomen duurzaam (in tijd) ingepast worden en dat de gekapte bomen in het plan gecompenseerd worden. Voor deze ingepaste bomen dienen ook beheersmaatregelen en groeiplaatsverbeteringen onderzocht en gerealiseerd te worden. Zodanig dat er in de toekomstige situatie een gezonde, duurzame en veilige groenstructuur staat. Gerelateerd aan de toekomstige situatie is hiervoor gericht aan de noordoostzijde van het plangebied voor de bomen met nummers 1, 2, 3, 6, 7 en 8 nader onderzoek uitgevoerd met een Bomen Effect Analyse. Deze is toegevoegd als Bijlage 20. Qua resterende levensverwachting hebben de te behouden bomen met nummers 2, 3, 6 en 7 op grond van de goede mechanische kwaliteit en redelijke conditie, een toekomstverwachting van meer dan 15 jaar. Bomen met nummers 1 en 8 zijn allebei oudere exemplaren met een markante verschijning. 84 Ruimtelijke onderbouwing "Lamsweerde e.o. Wehl - 2023"
In beide stammen bevinden zich holtes met een zich voortschrijdende houtrot. Op dit moment kan de veiligheid van de omgeving gewaarborgd worden door het uitvoeren van veiligheidssnoei. Door de aanwezige mechanische gebreken wordt de resterende levensverwachting geschat op maximaal 10 jaar. Ten aanzien van de toekomst van bomen wordt geadviseerd om bomen met een resterende levensverwachting (lager dan) 10 jaar te vellen en niet te behouden, aangezien deze niet duurzaam inpasbaar zijn. Dit wordt ook geconcludeerd voor bomen nummer 1 en 8. Deze bomen bevinden zich op deze grens van deze levensverwachting en hebben een monumentale omvang. Bovendien is binnen het huidige stedenbouwkundige plan boom nummer 1 niet inpaspaar vanwege de ligging van appartementengebouw 4 in het plangebied. In samenspraak met de gemeente Doetinchem is geconcludeerd dat ten behoeve van een optimale inrichting, voor zowel de bomen als parkeren, alle acht bomen ter plaatse van het nieuwe parkeerterrein (aan de Keppelseweg) geveld worden. In plaats van deze bestaande bomen wordt een goed alternatief aangeboden in de vorm van substantiële bomen van goed formaat (1e grootte), zodat ze ruimtelijk en qua groene massa overeenkomen met de bestaande kastanjes in de huidige situatie. Dit zijn mogelijk bomen met een niet te brede kroon.
Alle bomen in het plangebied dienen verplicht voorzien te zijn van een goede ondergrondse groeiplaats, ook ter plaatse waar bovengronds parkeren wordt gerealiseerd. Hierbij geldt ca. 25 m3 voor 1 e grootte bomen. Het nieuwe parkeerterrein is ook weergegeven in het schetsontwerp van de inrichting van de parkruimte in het plangebied (zie Bijlage 4), inclusief de inpassing van nieuw te planten bomen op het parkeerterrein ten oosten van appartementengebouw 4. Op deze wijze kan er in dit gedeelte van het plangebied een duurzaam appartementengebouw worden gerealiseerd dat vele jaren mee moet gaan en voor nieuwe (noodzakelijke) woningvoorraad in de gemeente Doetinchem zorgt.
Conclusie Het aspect ecologie vormt, mits een ontheffing in het kader van de Wet natuurbescherming verkregen wordt, geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van het plan.
4.12 Verkeer en parkeren Algemeen Bij ruimtelijke plannen moet worden aangetoond dat de ontwikkeling geen negatieve gevolgen heeft voor de verkeer- en parkeersituatie ter plaatse.
Toetsing Verkeer 85 Ruimtelijke onderbouwing "Lamsweerde e.o. Wehl - 2023"
De realisatie van 55 appartementen in het plangebied zorgt voor een verkeersaantrekkende werking. Voor wat betreft het te verwachten aantal verkeersbewegingen per appartement is uitgegaan van de CROW-publicatie uit 2018 'Toekomstbestendig parkeren'. Uitgaande van het gewenste woonprogramma (zie paragraaf 2.2.1) is er sprake van de volgende indeling conform de CROW-publicatie: 7 keer Huur - Sociaal: 'Huur, appartement, midden/goedkoop (incl. sociale huur)' 13 keer Huur - Middenhuur: 'Huur, appartement, midden/goedkoop (incl. sociale huur)' 4 keer Koop - Goedkoop: 'Koop, appartement, goedkoop' 4 keer Koop - Middelduur laag: 'Koop, appartement, midden' 12 keer Koop - Middelduur hoog: 'Koop, appartement, midden' 15 keer Koop - Duur: 'Koop, appartement, duur' Voor het plangebied is de verstedelijkingsgraad 'Weinig stedelijk' en het gebiedstype 'Rest bebouwde kom' van toepassing. Dit betekent dat met de realisatie van voorliggende planontwikkeling, inclusief het gewenste woonprogramma, gemiddeld in totaal ((7 x 4,1) + (13 x 4,1) + (4 x 5,6) + (4 x 6,0) + (12 x 6,0) + (15 x 7,4) =) 311 verkeersbewegingen per dag tot stand komen. De woningen worden ontsloten op de Keppelseweg. De Keppelseweg is voor de woonwijk 't Hagelkruis en het dorp Wehl een belangrijke gebiedsontsluitingsweg. De Keppelseweg is dusdanig vormgegeven dat deze extra verkeersbewegingen verwerkt kunnen worden.
Parkeren Het aantal benodigde parkeerplaatsen wordt bepaald door de aard en omvang van de activiteit waarin het plan voorziet. Voorliggende ontwikkeling voorziet in de realisatie van 55 appartementen verspreid over vier gebouwen en de herontwikkeling van de bijbehorende openbaar toegankelijke tuin. De gemeente Doetinchem gaat voor deze ontwikkeling uit van een gemiddelde parkeernorm voor de appartementen van 1,6 (conform mondelinge afspraak met de gemeente Doetinchem). Volgens deze norm is het gemiddeld benodigde aantal parkeerplaatsen voor onderhavige ontwikkeling (55 app x 1,6 =) 88 parkeerplaatsen. Verspreid in de openbaar toegankelijke ruimte binnen het plangebied wordt voorzien in vijf parkeerterreinen verschillend in grootte. Hierbij zijn er drie parkeerterreinen direct aangrenzend bij de appartementengebouwen gelegen (met afzonderlijk 5, 6 en 35 parkeerplaatsen) en zijn er twee vrijliggende parkeerterreinen aanwezig aan de noordwestzijde van het plangebied (met afzonderlijk tweemaal 22 parkeerplaatsen). Ten aanzien van de aanwezige bomen op het parkeerterrein gelegen aan de Keppelseweg aan de noordoostzijde van het plangebied is een Bomen Effect Analyse (BEA) uitgevoerd. Dit onderzoek is verder uitgewerkt in paragraaf 4.11. In totaal bevat het plangebied 90 parkeerplaatsen. Binnen het plangebied wordt dus voldaan 86 Ruimtelijke onderbouwing "Lamsweerde e.o. Wehl - 2023"
aan de afgesproken parkeernorm en is er dus voldoende ruimte aanwezig om te voorzien in de benodigde parkeerbehoefte die ontstaat als gevolg van de voorgenomen ontwikkeling. Navolgende afbeelding laat de ligging en grootte van de vijf verschillende parkeerterreinen in het plangebied zien.
Parkeren in het plangebied (vijf parkeerterreinen)
Conclusie Het aspect verkeer en parkeren vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van het plan.
4.13 Vormvrije m.e.r.-beoordeling Algemeen Om te bepalen of voor het project een milieueffectrapport (M.E.R.) moet worden opgesteld, is het van belang om te kijken of de ontwikkeling een activiteit is als opgenomen in de bijlage van het Besluit milieueffectrapportage (m.e.r.). 87 Ruimtelijke onderbouwing "Lamsweerde e.o. Wehl - 2023"
In de bijlage van het Besluit m.e.r. zijn twee onderdelen (C en D) opgenomen. Het onderscheid tussen deze twee bijlagen is dat in bijlage C er direct sprake is van een m.e.r.-plicht voor besluiten met een omvang boven de drempelwaarden en besluiten onder de drempelwaarden zijn niet m.e.r.-plichtig. Onderdeel D geeft aan of er voor besluiten beoordeeld moet worden of er m.e.r. noodzakelijk is. Voor besluiten met een omvang boven de drempelwaarden moet een m.e.r.-beoordeling worden uitgevoerd en voor besluiten met een omvang onder de drempelwaarden een zogenaamde vormvrije m.e.r.-beoordeling. Pas na het uitvoeren van een (vormvrije) m.e.r-beoordeling is duidelijk of er een M.E.R. moet worden opgesteld.
Toetsing Voor de ontwikkeling is een aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling opgesteld. Deze is als Bijlage 21 bijgevoegd. Op grond van de aanmeldnotitie kan geconcludeerd worden dat mogelijke belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu als gevolg van het plan kunnen worden uitgesloten. Het voorgenomen plan kan zonder m.e.r.(-beoordeling) worden vastgesteld.
Conclusie Het aspect vormvrije m.e.r.-beoordeling vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van het plan.
4.14 Kabels en leidingen Algemeen Bij ruimtelijke plannen dient rekening te worden gehouden met de aanwezigheid van ondergrondse planologisch relevante kabels en leidingen.
Toetsing In en om het plangebied zijn geen kabels en leidingen gelegen, die een juridisch- planologische bescherming genieten. Het plangebied valt niet samen met een zakelijk rechtstrook of een toetsingszone van een leiding, lijn of straalverbinding - gemeten uit het hart van een kabel, leiding of verbinding.
Conclusie Het aspect kabels en leidingen vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van het plan. 88 Ruimtelijke onderbouwing "Lamsweerde e.o. Wehl - 2023"
4.15 Economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid 4.15.1 Economische uitvoerbaarheid De Wet ruimtelijke ordening maakt met het bepaalde in afdeling 6.4 het vaststellen van een exploitatieplan verplicht voor een aantal bouwactiviteiten, wanneer de bouw planologisch mogelijk wordt gemaakt in het bestemmingsplan. De zogenaamde “aangewezen bouwplannen” waarbij een exploitatieplan verplicht is en welke zijn opgenomen in artikel 6.2.1 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) zijn: de bouw van één of meer woningen; de bouw van één of meer andere hoofdgebouwen; de uitbreiding van een hoofdgebouw met ten minste 1000 m² of met een of meer woningen; de verbouwing van één of meer aangesloten gebouwen die voor andere doeleinden in gebruik of ingericht waren, voor woondoeleinden, mits ten minste 10 woningen worden gerealiseerd; de verbouwing van één of meer aaneengesloten gebouwen die voor andere doeleinden in gebruik of ingericht waren, mits de cumulatieve oppervlakte van de nieuwe functies ten minste 1000 m² bedraagt; de bouw van kassen met een oppervlakte van tenminste 1000 m². De activiteiten van de initiatiefnemers hebben betrekking op het bouwen van één of meer woningen waarvoor een verplichting tot het vaststellen van een exploitatieplan geldt. Het kostenverhaal wordt echter op een andere wijze verzekerd, art. 6.12, lid 2.
onder a, van de Wro, namelijk via de anterieure overeenkomst. De anterieure overeenkomst, waarin ook het onderdeel planschade wordt opgenomen, dient te zijn getekend voordat het ontwerpbestemmingsplan ter inzage wordt gelegd. Het vaststellen van een exploitatieplan kan dan achterwege blijven. Het plan zal door de initiatiefnemers worden gerealiseerd. Alle kosten van de planrealisatie worden gedragen door de initiatiefnemers. De verplichting tot betaling van alle kosten door de initiatiefnemers is vastgelegd in een anterieure overeenkomst. De economische uitvoerbaarheid van het plan wordt daarmee geacht te zijn aangetoond. 4.15.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid Het ontwerp bestemmingsplan zal zes weken ter inzage worden gelegd. Publicatie hiervan vindt plaats via de officiële richtlijn. Tijdens deze termijn wordt de mogelijkheid geboden voor het indienen van zienswijzen. Vervolgens zal het vastgestelde bestemmingsplan nogmaals zes weken ter inzage liggen. Gedurende deze periode is er mogelijkheid tot het instellen van beroep bij de rechtbank.
Participatie 89 Ruimtelijke onderbouwing "Lamsweerde e.o. Wehl - 2023"
Participatie is een van de belangrijkste pijlers binnen het proces van het ontwerp bestemmingsplan en de aanstaande Omgevingswet. Vroegtijdig samenwerken vergroot de kwaliteit van oplossingen en zorgt ervoor dat verschillende perspectieven, kennis en creativiteit direct op tafel komen. Participatie is maatwerk. Er is geen voorgeschreven weten regelgeving hoe dit moet plaatsvinden. Er is voor gekozen om voor de voorgenomen planontwikkeling een participatieplan op te stellen. Deze is toegevoegd als Bijlage 22. Om te komen tot een ontwerp bestemmingsplan voor voorliggend plan in Wehl, zijn de participatie en de communicatie wezenlijke onderdelen van elke stap in het proces. Open en aantrekkelijke communicatie verbetert de kwaliteit van de plannen en uitvoering in grote mate. Vooraf wordt duidelijk gecommuniceerd over de inbreng en invloed van de mensen. Juist ook in een gemeenschap als Wehl waar het verenigingsleven hoog in het vaandel staat, de betrokkenheid naar elkaar toe enorm is en zeker het zorgdragen dat de leefbaarheid op peil blijft. Daarom is het des te belangrijker om met elkaar in overleg te blijven, zodat er goede informatieuitwisseling plaatsvindt over wat er ontwikkeld gaat worden op deze locatie aan de Keppelseweg. Als belanghebbenden voor dit plan wordt in ieder geval aangemerkt met: 1. 2. 3. 4.
Direct omwonenden Sité Woondiensten Dorpsraad Wehl Andere belangstellenden
Behalve diverse communicatiemomenten (fysiek en digitaal) worden ook inloopbijeenkomsten voor de gemeenschap, buurt en andere belangstellenden georganiseerd, waarbij op actieve wijze meegedacht kan worden met de planontwikkeling. Daarnaast wordt gedurende het proces regelmatig, als onderdeel van de participatie- en communicatiestromen, een digitale nieuwsbrief verspreid met informatie over onder andere bijeenkomsten, aardige wetenswaardigheden, verkoop en formele inspraakmomenten. Iedereen heeft de mogelijkheid om zich hiervoor aan te melden.
90 Ruimtelijke onderbouwing "Lamsweerde e.o. Wehl - 2023"
Hoofdstuk 5
Conclusie
In voorgaande hoofdstukken is de beoogde realisatie van 55 appartementen verdeeld over vier gebouwen en de herontwikkeling van de bijbehorende openbaar toegankelijke tuin op de ontwikkelingslocatie Lamsweerde e.o. in Wehl besproken. In voorliggende ruimtelijke onderbouwing is een toets naar relevante beleids-, milieu- en omgevingsaspecten uitgevoerd. In dit hoofdstuk worden hier de voornaamste conclusies uitgetrokken. De locatie van het plangebied is in de huidige situatie met opstallen van een voormalig klooster- en schoolterrein. Verspreid over het plangebied is het St. Rosaklooster (en diverse overige bebouwing) gevestigd. Daarnaast zijn er ook houtopstanden, een boomgaard en een stuk braakliggend terrein aanwezig op de locatie. In het noordwesten van het plangebied is agrarische grond in de vorm van een (maïs)akker gelegen. Het plangebied bestaat uit gronden gelegen aan de Keppelseweg tussen diverse woonpercelen, agrarische percelen en een begraafplaats. Het realiseren van de gehele woningbouwontwikkeling zorgt voor een toekomstbestendige impuls voor de kern Wehl. Daarnaast draagt het plan inclusief de inpassing ten aanzien van wonen, parkeren en landschap bij aan de totale toekomstige ruimtelijke kwaliteit van deze ontwikkelingslocatie en de directe omgeving. Om de ontwikkeling mogelijk te maken is een herziening van het bestemmingsplan nodig.
Uit de toetsing aan de verschillende milieu- en haalbaarheidsaspecten blijkt dat er voldaan wordt aan de wet- en regelgeving. Er zijn geen nadelige effecten te verwachten ten aanzien van de bestaande situatie in en in de omgeving van het plangebied, mits voldaan wordt aan de voorwaarden uit de diverse onderzoeken. Te weten: hogere waarden besluit; ontheffing Wet natuurbeheer; uitkomsten proefsleuvenonderzoek.
91 Ruimtelijke onderbouwing "Lamsweerde e.o. Wehl - 2023"