Bijlage 1 02_B3_Regels_Inrichtingsplan - Landschapspark Op de Pol.pdf
Tekst van het document
Landschapspark “Op de Pol”
Locatie Hulleweg 5 Doetinchem
05-07-2023
Inhoudsopgave 2 Inhoudsopgave 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 18 19 20 22 23 24 25 26 27 28 32
Inleiding Locatie Locatiefoto's Open Topo kaart met projectgebied AHN DSM Dynamisch AHN DTM Dynamisch AHN Hillshade PDOK Geomorfologische kaart PDOK Bodemkaart Prov. Gelderland. Aardkundige waardevolle gebieden Groene Ontwikkelingszône en Gelders Natuur Netwerk Kernkwaliteiten van het gebied (Prov Gelderland) Pdok, Wandel- en fietsnetwerk Topotijdreis Beelden en tekeningen bouwkundig architect Ontwerp op onderlegger Pdok met padenstructuur Definitief ontwerp rond de bebouwing Parkeren Definitief ontwerp op luchtfoto Definitief ontwerp met GO en GNN Berging Maatvoering berging Definitief ontwerp ontwerp Referentiebeelden verharding Definitief ontwerp Referentiebeelden beplanting Definitief ontwerp Rivier- of landduinen
Inleiding 3 Projectomschrijving Het voornemen bestaat om op een bebouwd terrein aan de Hulleweg in bestaande bebouwing vier woningen en zes recreatieve verblijfsplekken en zestien parkeervoorzieningen te realiseren. Voor de zesde recreatieve verblijfsplek is indertijd een tijdelijke vergunning verleend, welke met voorliggende onderbouwing en een te volgen aanvraag vergunning een permanent karakter krijgt.
Projectgebied Het projectgebied is gelegen op de voormalige Vitenslocatie aan de Hulleweg 5 in Doetinchem waarop een pompstation was gevestigd. Deze historische plek bevind zit omringd van natuurschoon aan de zuidoostzijde van Doetinchem tegen een rivierduin. Tevens wordt deze omringd door het GNN en GO. (Gelders Natuurnetwerk en Groene Ontwikkeling zone) Het werkgebied in deze is zo gepositioneerd dat in het GO en GNN geen werkzaamheden worden verricht ten behoeven van de realisatie van woningen en bijbehorende bebouwing en verhardingen. Wensen en uitwerking De wens van de opdrachtgever is om een ensemble te creëren waarbij op een duurzame manier de inpassing van de gebouwen met de nieuwe functies inpassen in het landschap en hier min of meer in opgaan. Bij de diverse verblijfsplekken worden privé-terrassen gerealiseerd waarbij de aanblik van het geheel niet wordt verstoord door strakke erfscheidingen, maar waar deze tuindelen in elkaar overlopen. Daarbij is een industrieel karakter gewenst om aan te sluiten bij de gebouwen en de historie daarvan.
Hiervoor is de keuze gemaakt in strakke lijnen, gebruik van industrieplaten, gebakken klinkerverharding en wandelpaden van zand uit het projectgebied. Daarbij wordt indien mogelijk, zoveel als mogelijk gebruikt gemaakt van hergebruik van materialen of de inziet van gebruikte materialen. Qua beplanting wordt gekozen voor inheemse bomen, hagen, plantenborders, heesters en bloemrijk grasland waarbij zo veel als mogelijk streekeigen soorten worden gebruikt welke klimaat adaptief zijn, passend in de omgeving, grondsoort en locatie.
Locatie 4
Doetinchem
Locatie ten zuidoosten van Doetinchem
Project-, werkgebied
Kavel
Locatiefoto’s 5
Open Topo kaart met projectgebied 6
AHN DSM Dynamisch 7
AHN DTM Dynamisch 8
AHN Hillshade 9
PDOK Geomorfologische kaart 10
Landduinen met bijbehorende vlakten en laagten Dekzandwelving
Dekzandrug
Dalvormige laagte
Laagte ontstaan door afgravingen
Meanderruggen en geulen
Holleweg
PDOK Bodemkaart 11
Veldpodzolgronden, leemarm en zwaklemig fijn zand Vorstvaaggronden, leemarm en zwaklemig fijn zand
Hoge bruine enkeerdgronden, leemarm en zwak lemig fijn zand Kalkloze plodervaaggronden, zware zavel en lichte klei
Prov. Gelderland. Aardkundige waardevolle gebieden 12
Rivierduin Rivierduincomplex met hoge ruggen, gedeeltelijk opnieuw verstoven, waardevol door enkele zeldzame bodemtypes zoals onvergraven veldpodzolen, veengronden, oude kleigronden en vorstvaaggronden
Groene Ontwikkeling zone en Gelders Natuur Netwerk (Prov. Gelderland) 13
De Groene Ontwikkelingszone (GO) bestaat uit terreinen met een andere bestemming dan natuur die ruimtelijk vervlochten is met het Gelders Natuurnetwerk. Het gaat vooral om landbouwgrond, maar ook om terreinen voor verblijfs- en dagrecreatie, infrastructuur, woningen en bedrijven. Ook weidevogelgebieden en Ganzenfoerageergebieden maken deel uit van de Groene Ontwikkelingszone.
Het Gelders Natuurnetwerk (GNN) bevat bestaande en nieuwe natuurgebieden.
Kernkwaliteiten van het gebied (Prov Gelderland) 14 • bij Aalten de rand van het Oost-Nederlands Plateau met duidelijk herkenbaar hoogteverschil; onderdeel van Nationaal Landschap Winterswijk • cultuurhistorische en landschappelijke waarden van de landgoederen, beken, oude ontginningen en kavelpatronen, hakhout, houtwallen, singels en boerderijen • abiotiek: aardkundige waarden, kwel, bodem, grondwaterreservoir
Met betrekking tot het projectgebied vertaald zich dit op de volgende manier:
De Kernkwaliteiten van het gebied. In de provincie Gelderland zijn diverse gebieden aangegeven als GNN (Gelders NatuurNetwerk) en GO (Groene Ontwikkelingszônes). Deze zijn bedoeld om de huidige waardevolle natuur (GNN) en de beoogde uitbreidingen (GO) daarvan te versterken en te zorgen voor een sterk netwerk van verbonden natuur in de provincie Gelderland. Al deze gebieden zijn onderverdeeld in deelgebieden (zie de kaart hierboven) om zo per gebied de kernkwaliteiten aan te geven welke voor die specifieke gebieden gelden. Het projectgebied waar ‘Landschapspark Op De Pol zich bevind wordt beschreven als ‘ Boven Slinge en Slangenburg.
(Gebied 36) De Kernkwaliteiten van dit gebied worden als volgt omschreven: • Overwegend kleinschalig kampenlandschap en wat grootschaliger heideontginnings- en ruilverkavelingslandschap met de Boven-Slinge • De evz Boven-Slinge verbindt dit gebied met het land van Winterswijk en Duitsland; modellen: das, kamsalamander, ijsvogelvlinder en winde • De evz Oude IJssel-oost verbindt dit gebied met de IJssel en de Veluwe en naar het zuiden met Duitsland; modellen: das en winde • De evz Montferland - De Wrange verbindt Slangenburg met Montferland; model: das • Parel Slangenburg: oud bos op vochtige leemgrond met een rijke ondergroei, oud landgoed met abdij • Parel De Zumpe: kwelgebied met waardevol beekbegeleidend bos en broekbos en een klein deel schraal grasland; goede amfibieënpopulatie met o.m. kamsalamander • leefgebied steenuil • leefgebied kamsalamander • bijzondere, langgerekte dekzandrug: Romienendiek aan de noordzijde
Het projectgebied ligt in het gebied ‘Rivierduin’. Parallel aan de Oude IJssel ligt een opvallende en langgerekte rivierduin, die zich uitstrekt van het Montferland tot aan Duitsland. Het duin is ontstaan doordat zand langs de rivier werd opgestoven. Ter hoogte van Gaanderen is hij vrij breed met op sommige plekken behoorlijke reliëfverschillen. Verstoven zand kent doordat het droge gronden met weinig bodemvorming zijn weinig geschiktheid voor landbouw. Daarom is er in het verleden vaak bos aangeplant, wat het nu extra herkenbaar maakt. Het beeld van het gebied is een afwisseling van bossen en open ruimtes, waarbij met name de open ruimtes hun oorsprong hebben als landbouwgrond. Tevens is de Wrange onderdeel van het Nationaal Natuurnetwerk en van de Ecologische Verbindingszone die tussen Gaanderen en Doetinchem ligt. Deze zone verbindt Montferland met Wrange, Zumpe en Slangenburg. Het glooiende landschap van het projectgebied is langs de perceelsgrens, grenzend aan het kleinschalige landbouwgebied, begrensd middels een steilrand. Een steilrand is in de geomorfologie een abrupt hoogteverschil, wat kan variëren van enkele tot vele meters. Met het herstellen van de steilranden wordt cultuurhistorie teruggebracht in het landschap. Daarnaast hebben de randen ook ecologische waarde. De randen vormen beschutting voor bijvoorbeeld diverse soorten wilde bijen.
Uiteindelijk krijgt de totale beleving van het landschap hiermee een impuls. Boven de steilrand bevindt zich de schrale zandgrond van de rivierduinen met daarop het industriële gebouw van het voormalig pompstation De Pol. Deze bevat tal van aangeplante bomen. Deze bomen dienen nog op hun kwaliteit beoordeeld te worden. Er zal dan een keuze kunnen worden gemaakt om meer openheid te creëren door het verwijderen van één of meerdere bomen. Tussen deze bomen zal de oude loop van de Woudlaan middels een karrespoor worden hersteld waarbij het omliggende grasland middels verschralen. Daardoor kan de aanwezige zadenbank zich spontaan ontwikkelen. Mocht deze zaadbank verdwenen zijn, dan kunnen deze worden bij gezaaid middels regionale zaden. Deze zal in samenspraak met een ecoloog worden samengesteld. (Op pagina 27 een voorbeeld van een speciaal mengsel voor rivierduinen van de firma Cruydt-hoeck.) Er zal dus in eerste instantie worden gekeken naar opkomende spontane begroeiing door het aanpassen van het maaibeleid. Hier kan dan op worden aangesloten middels stinzenbeplanting . Meer gevarieerde beplanting zorgt voor een grotere diversiteit van zowel flora als fauna. Langs de Hulleweg (toegangsweg welke doorloopt tot het Onland) ligt binnen het projectgebied een klein en nat bosgebied. Deze strekt zich verder uit aan de andere zijde van de Hulleweg en rondom Orangerie De Pol.
Hierin bevinden zich met name Beuken. Het gebied ligt enigszins verlaagd en is daardoor natter dan de omliggende gronden. Hierdoor zal een ander biotoop ontstaan met de daarbij behorende flora en fauna. Ingrijpende maatregelen zijn hier niet gewenst, slechts het verwijderen van invasieve soorten (zowel bomen als onder begroeiing) en wildgroei van bramen vinden hier plaats. Hierdoor kan een kruidenrijke onder begroeiing ontstaan met soorten als dalkruid en bosanemoon
Pdok, Wandel- en fietsnetwerk 15
Lange afstands wandelpaden (Pieterpad)
Regionaal wandelnetwerk
Fietsnetwerk
Topotijdreis 16
1889 - 2021
1950 - 2021
1975 - 2021
1990 - 2021
Beelden en tekeningen bouwkundig architect 17
Beelden en tekeningen bouwkundig architect 18
Ontwerp op onderlegger Pdok met padenstructuur 19
Definitief ontwerp rond de bebouwing 20
Definitief ontwerp rond de bebouwing 21
Definitief ontwerp (V7) Parkeren 22
Inrichting parkeervakken
Noordzijde Lange parkeerkoffer ‘Trafohuisje’
2x auto’s 16x auto’s 3x auto’s
Totaal:
21x auto’s
Definitief ontwerp op luchtfoto 23
Definitief ontwerp met GO en GNN 24
Het natuurnetwerk is een netwerk van gebieden in Nederland waar de natuur voorrang heeft. Het netwerk helpt voorkomen dat planten en dieren in geïsoleerde gebieden uitsterven en natuurgebieden hun waarde verliezen. Grotere natuurgebieden zijn gunstig voor de biodiversiteit en de kwaliteit van de leefomgeving. Als natuurgebieden ook nog met elkaar verbonden zijn, kunnen dieren en planten gemakkelijker overleven. De Groene ontwikkelingszone (GO) is het gebied dat tussen en rondom natuurgebieden ligt. Hierin liggen onder andere de ecologische verbindingszones, de verbindende schakels tussen de natuurgebieden Alle werkzaamheden met betrekking tot de inrichting van het terrein bevinden zich buiten de GO en GNN gebieden
Berging 25
Maatvoering berging 26
Definitief ontwerp Referentiebeelden verharding 27
Karrespoor en looppaden opgebouwd uit zand uit het terrein
Terrassen en entrees van betonnen industrieplaten met daartussen ‘voegen’ van groen en gebakken klinkers
Definitief ontwerp Referentiebeelden beplanting 28 Half- en hoogstam fruitbomen, oude rassen pruim en appel
Inheems bosplantsoen vogelbosje met oa. Hulst Meidoorn Sporkehout Krent Hazelaar
Definitief ontwerp Referentiebeelden beplanting 29 Bloemrijk grasland / bloemenweide met op locatie afgestemd inheems mengsel In eerste instantie zal worden gekeken wat het effect is van verschralen middels extensief maaibeheer waarbij het maaisel wordt afgevoerd.
De aanwezige zadenbank dient de mogelijk te krijgen om zich zelf te ontwikkelen. Eventuele aanbrenging van extra mengsels zal in overleg met een ecoloog worden bepaald. Zie hiernaast een voorbeeld van een speciaal mengsel Dit betreft de delen binnen het werkgebied
Definitief ontwerp Referentiebeelden beplanting 30
Inheemse solitaire heesters als de Krent Meidoorn Ruwe Berk
Inheemse solitaire bomen als; Linde, Kastanje, Zwarte Els
Definitief ontwerp Referentiebeelden beplanting 31 Bloeiende vaste planten border Vaste planten, voornamelijk inheems als groene plint rondom het gebouw
Definitief ontwerp Rivier- of landduinen 32 Ontstaan De rivierduinen in het dal van de Oude IJssel zijn in de laatste ijstijd gevormd door het uitstuiven van het zand uit de droge rivierbedding. Rivierduinen zijn ontstaan in de laatste koude fase, het Weichselien, dat circa 10.000 jaargeleden eindigde en ruim 40.000 jaar duurde. Het landijs bereikte Nederland niet, maar het was zo koud, dat er bijna niets kon groeien. De wind had vrij spel en nam zand van de kale bodem op om het elders als dekzand weer af te zetten. De toen brede en ondiepe rivierbeddingen stonden ‘s winters droog. De overwegend zuidwestenwind voerde het zand uit de droge rivierbeddingen mee en zette het weer af ten noordoosten ervan. Hierdoor ontstonden de rivierduinen. Beheer Er zijn vier beheerstrategieën voor aardkundig landschapsbeheer: behoud, accentuering, herstel en reconstructie. Ingeval van rivierduinen ligt het accent bij beheer vooral op de eerste twee. Reconstructie ligt bij rivierduinen niet echt voor de hand omdat deze elementen immers een fossiel zijn uit het verleden. Wil een terreinbeheerder echt aan natuurontwikkeling doen, dan zou het stimuleren van rivierduinontwikkeling op plaatsen waar deze(kunnen) worden gevormd uitgangspunt moeten zijn. Hiertoe kan men het ‘strand’ vergroten zodat er voldoende zand voorhanden is. Hierbij kan begrazing en vertrapping door vee een positieve rol spelen.
Vanuit aardkundig oogpunt komt het beheer van rivierduinen neer op behoud en – waar mogelijk - accentuering of herstel.
De hoge en droge rivierduinen zorgen voor belangrijke gradiënten in het landschap. Overgangen naar de vochtige en voedselarme vennen en afvoer loze laagten, of overgangen naar het voedselrijke stromend water, zijn interessant voor de ontwikkeling van natuur waarden. Hogere zandgronden, als de rivierduinen werden vanwege het droge en minder vruchtbare zand vaak gebruikt voor kleine veehouderij waarbij ook delen werden ingeplant met hak- en gerief hout. In de loop der jaren is de functie van deze opstanden verdwenen en is her en der een verhouting van de gebieden ontstaan. Tevens is daardoor de vruchtbaarheid van die gebieden hoger geworden waardoor de specifieke flora en fauna behorende bij de rivierduinen is verdwenen / vertrokken. Door het terugbrengen van die verschraalde zanddelen is het mogelijk deze biotopen terug te brengen met de daarbij behorende flora en fauna. In plan ‘Op de Pol’ zal het beheer en behoud van de delen welke binnen het Natuurnetwerk Nederland vallen, maar buiten het werkgebied, met name bestaan uit het maaien en afvoeren van de vegetatie om zo verschraling te bewerkstelligen. In deze verschaalde gronden zal spontane begroeiing de kans krijgen en mogen soorten welke van oorsprong voorkomen in het gebied groeien.
Afhankelijk van de nog aanwezige zadenbank Het hogere deel welke binnen de werkgrens ligt, langs de bebouwing, zal indien nodig worden bij gezaaid met een bloemrijk mengsel van inheemse en streekeigen soorten kruiden. Hiermee zal de algemene biodiversiteit kunnen worden verhoogd door het aantrekken van insecten en kleine zoogdieren.
Verschraalde bodem met spontane begroeiing
Bloemrijke weide
33
Bedankt voor uw aandacht. “Samenwerken aan een levende en duurzame leefomgeving”
Website
www.nicowissing.com
info@nicowissing.com