Begroting gD gecorrigeerd - boekwerk def.pdf
Tekst van het document
GECORRIGEERDE
Begroting
2023
2
Inhoudsopgave 1. Hoofdlijnen van beleid .................................................................................................... 5 1. Doetinchem 2036.......................................................................................................... 5 2. Sociale en veerkrachtige samenleving ......................................................................... 7 3. Aantrekkelijke, gezonde en duurzame leefomgeving................................................ 8 4. Organisatie en financiën .............................................................................................. 9 2. Financiële positie tot en met 2026 ................................................................................ 11 2.1 Inleiding .................................................................................................................... 11 2.2 Hoofdlijnen financieel begrotingsbeleid ................................................................. 12 2.3 Financiële uitgangspositie 2023 ............................................................................... 13 2.4 Ontwikkelingen gemeentefonds .............................................................................
15 2.5 Financiële positie begroting 2023 na nieuwe ontwikkelingen en gemeentefonds 17 2.6 Structureel en reëel sluitende begroting................................................................. 19 2.7 Ontwikkeling algemene reserve .............................................................................. 21 2.8 Vermogenspositie ..................................................................................................... 21 3. Leeswijzer programma's ................................................................................................ 22 3.1 Programma - Doetinchem 2036 ................................................................................... 23 3.2 Programma - Sociale en veerkrachtige samenleving .................................................. 48 3.3 Programma - Aantrekkelijke, gezonde en duurzame leefomgeving ......................... 78 3.4 Programma - Organisatie en financiën ....................................................................... 96 4. Paragrafen .................................................................................................................... 125 4.1 Lokale heffingen .................................................................................................... 126 4.2 Weerstandsvermogen en risicobeheersing ............................................................
136 4.3 Onderhoud kapitaalgoederen ............................................................................... 148 4.4 Financiering ............................................................................................................ 157 4.5 Bedrijfsvoering........................................................................................................ 162 4.6 Verbonden partijen ................................................................................................ 174 4.7 Grondbeleid ............................................................................................................ 191
3
5. Financiële begroting .................................................................................................... 196 5.1 Beleidskaders en uitgangspunten voor de financiën in de begroting 2023......... 196 5.2 Baten en lasten ....................................................................................................... 200 5.3 Baten en lasten (meerjarig) .................................................................................... 200 5.4 Baten en lasten per taakveld ................................................................................. 201 5.5 Incidentele baten en lasten .................................................................................... 204 5.6 Geprognosticeerde balans...................................................................................... 217 5.8 Reserves en voorzieningen ..................................................................................... 221 5.9 Kredieten ten behoeve van vervangingsinvesteringen ......................................... 230 5.10 Overzicht overige nieuwe kredieten ................................................................... 231
Bijlagen............................................................................................................................. 232 Bijlage 1: Risicomatrix garanties en verstrekte leningen ............................................ 232 Bijlage 2: Verplichte beleidsindicatoren ...................................................................... 242 Bijlage 3: Gemeenteraad .............................................................................................. 245 Bijlage 4: College van burgemeester en wethouders ................................................. 247 Bijlage 5: Afkortingenlijst ............................................................................................ 250
4
1. Hoofdlijnen van beleid 1. Doetinchem 2036 Doetinchem heeft de ambitie om te groeien naar 70.000 inwoners. Als stip op de horizon staat het 2036, het jaar waarin Doetinchem 800 jaar stadsrechten heeft. Groeien in kwaliteit is nadrukkelijk ons streven! Dat is nodig om een sterke werkgemeente te kunnen blijven, om de draagkracht voor voorzieningen te behouden en versterken, om in te kunnen spelen op de veranderende bevolkingssamenstelling en om een aantrekkelijke gemeente te zijn voor inwoners, ondernemers en bezoekers. Een gemeente die groeit, moet investeren. De kost gaat immers voor de baat uit. Het zorgvuldige financieel beleid van de afgelopen jaren zorgt ervoor dat Doetinchem de financiële ruimte heeft om te investeren voor de huidige én de toekomstige generaties inwoners van onze mooie gemeente. Investeringsfonds Doetinchem 2036 Het ligt voor de hand om in te zetten op woningbouw en dat gaan we ook zeker doen. Om de gewenste kwaliteit te bereiken is het daarnaast net zo belangrijk om te investeren in aantrekkelijke en passende voorzieningen voor zorg en onderwijs, kunst en cultuur, evenementen, sport, spel en andere vormen van vrijetijdsbesteding, ontmoeting en natuurbeleving.
Al dit soort zaken dragen bij aan het welzijn en woongenot van onze inwoners, versterken de lokale identiteit en maken de stad, de dorpen en het buitengebied van Doetinchem tot een aantrekkelijk geheel. Veel van deze investeringen zullen gebeuren in partnerschap met private en maatschappelijke partijen en andere overheden, zoals provincie en het Rijk. In welke vorm dan ook, als gemeente zullen we boter bij de vis moeten kunnen doen, in de vorm van eigen investeringen, cofinanciering of anderszins. Vandaar dat een van de belangrijkste voorstellen in deze begroting het Investeringsfonds Doetinchem 2036 betreft. Met dit investeringsfonds zorgen we ervoor dat we ons ideaal voor de toekomst omzetten in concrete projecten. We hebben daartoe om te beginnen twee sleutelprojecten voor ogen die we vanuit dit investeringsfonds een boost willen geven. Ten eerste de spoorzone waar een mobiliteitshub, onderwijsvoorzieningen en wonen voor diverse doelgroepen een plek zullen krijgen en waarin kansen zijn om dit op hoogwaardige wijze in te vullen met aandacht voor klimaatadaptatie, duurzaamheid en het aantrekken van studenten en starters. Een tweede sleutelproject richt zich op de lang gekoesterde wens voor een dagattractie. Wij zien daarbij grote kansen voor een museum met allure, passend bij de centrumgemeente van de Achterhoek.
Doetinchem sterk in werk en onderwijs De lokale economie is evenwichtig en stabiel en behoort tot de meest solide van het land. Doetinchem heeft relatief veel banen in de (innovatieve) industrie. Het loont dan ook om stevig in te zetten op innovatie en innovatieve bedrijven. 5
Dat zien we ook aan de populariteit van onze bedrijventerreinen. Doetinchem heeft dus een prima uitgangspositie, maar dat moet wel zo blijven. Daarom onderzoeken we het komende jaar hoe we de ontwikkeling en uitbreiding van bedrijven kunnen faciliteren. Het op peil houden van de beroepsbevolking is een van de grootste uitdagingen voor de komende jaren. Niet alleen de deelname aan de arbeidsmarkt kan beter, maar ook de arbeidsproductiviteit. Daarin speelt onderwijs en een leven lang leren, een sleutelrol. We zien kansen om samen met het onderwijsveld en het bedrijfsleven de aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt nog verder te versterken. Met een educatieve agenda maken we van Doetinchem onderwijsstad voor de toekomst. Het bedrijfsleven, de gemeente en het onderwijs kunnen veel voor elkaar betekenen. Dat gaan we meer en beter benutten. We willen wederzijds netwerken verbinden en versterken. En door initiatieven te onderzoeken zoals de ‘Campus Doetinchem’. Dit verwoorden wij in onze dynamische economische agenda Toplocatie Oost. Focus op onderwijs betekent ook dat we gaan voor een kansrijke start voor alle kinderen. We pakken onze verantwoordelijkheid voor een toekomstgerichte huisvesting van het onderwijs, waarin kinderen zich goed kunnen ontwikkelen, ook voor de langere termijn. Doetinchem bruist We maken van Doetinchem een bruisende gemeente.
Cultuur, evenementen en vrijetijdseconomie spelen daarbij een belangrijke rol. Zichtbaarheid en een koppeling maken tussen de vele parels van onze stad is daarbij belangrijk. We gaan de stad en dorpen aantrekkelijk(er) en levendig(er) maken, ook door onze stad beter te promoten buiten de Achterhoek. In onze gastvrije binnenstad staan ontmoeting en beleving centraal; de horeca, winkels, evenementen en gezelligheid worden zeer gewaardeerd, evenals het gebied tussen binnenstad en Oude IJssel dat een complete metamorfose ondergaat. Doetinchem bereikbaar voor iedereen Voor onze groene centrumgemeente is een goede bereikbaarheid cruciaal. Een uitgekiende combinatie van openbaar vervoer, fiets en autobereikbaarheid zorgt ervoor dat onze gemeente aantrekkelijk, economisch sterk en gezond kan blijven. Met de groeiambitie van Doetinchem en een bevolking waarin het aandeel ouderen groeit, willen we de huidige infrastructuur nog eens goed tegen het licht houden en toekomstgericht maken. We kiezen daarbij voor meer ruimte voor fietsers en een uitstekende fietsbereikbaarheid, het actief stimuleren van de RegioExpres en het verder uitwerken van diverse vormen van deelvervoer. Er rijdt nog relatief veel autoverkeer langs en door het centrum van Doetinchem. Dat vinden we onwenselijk. Dit pakken we, in samenhang met andere knelpunten, op in het nieuwe mobiliteitsplan.
En steeds meer mensen rijden of fietsen elektrisch; wij vinden het belangrijk om dat te faciliteren, onder andere door het netwerk van laadpalen uit te breiden. Tot slot investeren we in verkeersveiligheid, waarbij de toename van het (elektrisch) fietsen een belangrijk aandachtspunt is. Om nu en in de toekomst een bereikbaar en verkeersveilige gemeente te kunnen zijn, is een mobiliteitsfonds nodig, waarbij de investeringen voor het komend jaar in deze begroting staan beschreven. 6
2. Sociale en veerkrachtige samenleving In Doetinchem, Gaanderen en Wehl gaat het leven niet voor iedereen altijd vanzelf. Er zijn mensen die een steuntje in de rug nodig hebben om te kunnen meedoen in ons maatschappelijke leven. Stads- en dorpsgenoten met een hulpvraag ondersteunen we van harte. Bij het bieden van zorg en ondersteuning is de menselijke maat, persoonlijke aandacht en maatwerk ons uitgangspunt. We kijken naar wat onze inwoners echt nodig hebben. Ondersteuning houdt niet op bij de afronding van een traject. Nazorg vinden wij minstens net zo belangrijk. Door preventie gericht in te zetten, werken we aan ‘positieve gezondheid’ in de wijk. Goed sociaal beleid begint bij preventie: op gezondheid, op financiële huishouding, op verslaving, op huisvesting. We zoeken naar slimme koppelingen tussen fysiek en sociaal, waarbij ook cultuur, sport en onderwijs nadrukkelijk worden meegenomen. Daarbij streven we naar een aanbod aan activiteiten en voorzieningen voor onze inwoners die een preventieve werking hebben voordat er een zorgvraag ontstaat. Preventie dus in een zo vroeg mogelijk stadium. Wijkregisseurs en wijkverbinders kunnen een belangrijke rol spelen in het aan elkaar linken van initiatieven. Preventie moet wijkgericht zijn en gedifferentieerd zijn naar de specifieke behoeftes van een wijk. Iedere wijk en buurt is anders en vraagt om specifieke acties.
Niet alleen op het gebeid van preventie, maar zelfs veel breder. Daarom gaan we ook veel meer focussen op initiatieven per wijk en data-gedreven werken. We zetten in op een vitale samenleving, waarin sport, spelen en cultuur een prominente plek hebben, ook voor mensen met een beperking. We kijken hoe we succesvolle experimenten en initiatieven van de afgelopen jaren kunnen inbedden en nieuwe initiatieven op gebied van gezondheid en preventie kunnen aanjagen. Ook maken we een nieuwe sportnota en frissen we het Meedoenarrangement op. Bestaanszekerheid Door stijgende energielasten en andere prijsstijgingen staat de bestaanszekerheid van meer inwoners onder druk. Daar willen we wat aan doen. We trekken de vermogensgrens van de bijzondere bijstand op, zodat meer inwoners er gebruik van kunnen maken. Naast het uitbetalen van de energietoeslag komen we met de aanpak ‘Grip op energie’. Met een stevige impuls bestaanszekerheid bereiken we vroegtijdig meer mensen en kijken we naar wat zij echt nodig hebben. Ook motiveren we inwoners om op tijd aan de bel te trekken als problemen dreigen te ontstaan. Doel is dat iedereen een goede basis heeft om mee te doen en zich te ontwikkelen.
7
3. Aantrekkelijke, gezonde en duurzame leefomgeving We hebben ambities en opgaven voor de toekomst die ruimte vragen en ruimte is schaars. We zoeken ruimte voor nieuwe ontwikkelingen zoals woningbouw, bedrijvigheid, vrijetijdsvoorzieningen, energieopwekking en klimaatadaptatie. Zo betekent groeien naar 70.000 inwoners dat er in de komende 15 jaar zo’n 5.000 à 6.000 nieuwe woningen gebouwd moeten worden. Tegelijk willen we ruimtelijke waarden en kwaliteiten die ons DNA bepalen, behouden. We zien het als een belangrijke opgave om, samen met alle betrokkenen, alle perspectieven in het buitengebied recht te doen. Wonen We zetten erop in om Doetinchem als woongemeente nog aantrekkelijker te maken. Dat betekent niet alleen dat Doetinchem zich goed moet profileren, maar ook dat we inzetten op bereikbaarheid en een aantrekkelijk woonklimaat. De woningmarkt is één van de belangrijkste opgaven voor onze gemeente. Veel mensen zoeken een passende woning. We zien hoe de grote vraag, het beperkte aanbod en de lage doorstroming tot urgente problemen voor onze inwoners leiden. We willen de diverse doelgroepen passende woonruimte kunnen bieden. Ook hebben we een ambitie om stevige regie te voeren op zowel duurzame transformatie, betaalbare woningen en voorrangregels om de horizon van Doetinchem 2036 weer een stap dichterbij te kunnen brengen.
Om studenten, afgestudeerden en unieke talenten aan Doetinchem te binden gaan we zoals gezegd samen met het onderwijs en ondernemers de diverse mogelijkheden van een ‘Campus Doetinchem’ onderzoeken. In het kader van de omgevingsvisie coördineren we diverse opgaven. Voor het landelijk gebied, de spoorzone, de binnenstad en de woonopgave pakken we de uitdagingen en de kansen zo integraal mogelijk op. Het is bij projecten en initiatieven van belang dat we voortvarend kunnen handelen, vandaar dat we een voorbereidingskrediet voor ruimtelijke projecten en een strategisch aankoopkrediet inzetten en het transformatieloket verder willen ontwikkelen. Duurzaam en groen We willen wonen, werken, bewegen, ontmoeten en beleven in een groene omgeving. Onze ambitie is de Achterhoek energieneutraal in 2050. Wat daarvoor nodig is, is een combinatie van energie besparen en de energie die nodig is vervolgens duurzaam opwekken. Het besparen van energie lijkt in alle discussies weleens onder te sneeuwen, terwijl dit een van de pijlers is voor een succesvolle energiestrategie. Vandaar dat we meer nadruk gaan leggen op het belang van energiebesparing. Het opwekken van schone energie gebeurt niet alleen op grote schaal; ook particulieren en ondernemers dragen hun steentje bij door hun woning of bedrijf te isoleren en zonnepanelen op hun daken te installeren.
We zetten in op energieneutraal, circulair en klimaatadaptief bouwen. Afval zien we als een grondstof en we stimuleren het hergebruik van afval op allerlei manieren.
8
Zo dragen we bij aan een circulaire economie. Een economie die we ook meer zichtbaar willen maken, laten zien wat er al gebeurt en bereikt is. Ondernemers en inwoners ervaren soms nog barrières om duurzame maatregelen te nemen. Wij gaan kijken hoe we het voor hen zo gemakkelijk mogelijk kunnen maken. Als gemeente hebben we een voorbeeldfunctie in het verduurzamen van ons eigen vastgoed. Een gezonde leefomgeving is ook een groene leefomgeving. Dat is een kwaliteit in onze gemeente die we blijvend willen versterken. Hier kijken we naar het grotere geheel van onze groenstructuren, maar ook naar initiatieven op kleine schaal. Maatregelen voor klimaatadaptatie lenen zich er bij uitstek voor om te koppelen aan andere (groene) projecten of initiatieven. Zo maken we middelen vrij om in de boerderij in Natuurpark Overstegen een natuurcentrum te ontwikkelen.
4. Organisatie en financiën In onze dienstverlening aan inwoners en ondernemers werken we snel, persoonlijk en met de menselijke maat. Voor complexe opgaven zoeken we de samenwerking op met kennispartners, in de regio of met andere bestuursorganen. Inwonersparticipatie en data-gedreven werken In een snel veranderende samenleving is communicatie en participatie cruciaal. Het blijft een goed gebruik om onze inwoners en ondernemers bij ontwikkelingen en thema’s te betrekken. We zijn actief en open naar onze inwoners. Ook onze eigen ambtelijke organisatie is flink in ontwikkeling. Daarom investeren we in bewustzijn en vaardigheden op het gebied van communicatie en participatie. Dit past uitstekend bij onze organisatiewaarden: verantwoordelijkheid, initiatief en samenwerken. Ook zien we het belang van data-gedreven werken toenemen. We nemen deel aan het regionale DataLabGo en breiden ook onze eigen capaciteit op dit gebied uit, zodat we in beleid en projecten beter en preciezer kunnen kiezen en besluiten. Voor een centrumgemeente als Doetinchem met bijbehorende wettelijke regionale taken is het belangrijk om genoeg man- en vrouwkracht te hebben voor alle taken. We streven daarom naar een proactief personeelsbeleid. Gemeente Doetinchem zal bekend staan als een aantrekkelijke werkgever.
Zorgvuldig financieel beleid: inspelen op ambities en onzekerheden Al jaren voeren we een solide financieel beleid en dat blijven we ook doen. We investeren zorgvuldig en verstandig met het oog op groei in kwaliteit. Uit de coalitieagenda blijkt een duidelijk ambitie, met bijbehorende ontwikkelingsplannen. De plannen en voorstellen zijn complex en vertonen veel samenhang. In deze begroting vindt u een eerste deel van de financiële vertaling van de coalitieagenda.
9
Uitgangspunten hierbij zijn: • We geven niet meer geld uit dan dat er binnenkomt. • Er moet een voldoende financiële buffer zijn om daadwerkelijk te kunnen groeien en risico’s te kunnen opvangen, ook voor de langere termijn. • Bij de uitvoering van de taken blijven we binnen de vanuit medeoverheden beschikbaar gestelde geoormerkte middelen. Aandachtspunt hierbij is de nieuwe financieringssystematiek van het Rijk, die tot onzekerheden voor de toekomst leidt. In de contourennota van het Rijk wordt aangegeven dat het Coalitieakkoord en de Voorjaarsnota 2022 tot een sterk verbeterde financiële positie van medeoverheden en een goede financiële basis in de periode tot en met 2025 leiden. Dit biedt ruimte voor gemeenten om een financiële buffer op te bouwen, die verlichting kan bieden voor het jaar 2026. Daarbij is het kabinet zich ervan bewust dat gemeenten en provincies hun meerjarenbegroting structureel moeten sluiten en opgaven met een lange tijdshorizon structurele investeringen vergen, ook na 2026. Vooruitlopend op deze ontwikkelingen voert Doetinchem dan ook een voorzichtig financieel beleid; we investeren waar het kan en tegelijkertijd sparen we alvast, om ook in de toekomst de ambities uit de coalitieagenda te kunnen realiseren.
Naast bovengenoemde onzekerheden over de uitkering vanuit het gemeentefonds zijn er op dit moment ook nog onzekerheden rondom Corona en de opvang van vluchtelingen. Het gaat daarbij zowel om vluchtelingen uit de Oekraïne als om de opvang van vluchtelingen als gevolg van de overvolle asielzoekerscentra en aanmeldcentrum in Ter Apel. Onze verwachting is dat vanuit het Rijk voldoende middelen beschikbaar komen om de kosten die we lokaal maken voor de uitvoering van deze maatschappelijke taken te dekken.
10
2. Financiële positie tot en met 2026 2.1 Inleiding In dit hoofdstuk geven wij een samenvattend beeld van de hoofdlijnen van ons financieel begrotingsbeleid, onze financiële positie en het weerstandsvermogen. Deze begroting 2023-2026 is de eerste van deze nieuwe bestuursperiode. Ze bevat nieuws, maar toont tegelijk ook de nodige continuïteit. Uitgangspunt in deze begroting is een solide financieel beleid. Het door het kabinet in januari gepresenteerde Coalitieakkoord 'Omzien naar elkaar, vooruitkijken naar de toekomst' en de Rijksvoorjaarsnota 2022 hebben voor Doetinchem geleid tot een sterk verbeterde financiële positie. De meicirculaire 2022 kenmerkt zich voor Doetinchem door grote voordelen tot en met 2026. Het is echter onzeker hoe de financiën zich gaan ontwikkelen, dit vooral omdat het onduidelijk is hoe de nieuwe financieringssystematiek van het Rijk er uit gaat zien. Er wachten ons bovendien nog grote gemeentelijke opgaven die zich uitstrekken over de korte, middellange en lange termijn. Opgaven die niet alleen veel menskracht vergen, maar ook forse uitvoeringsbudgetten. Te denken valt aan de hervormingsagenda jeugd, onderwijshuisvesting, klimaatadaptatie, de warmtetransitie, de omgevingsvisie, duurzaamheid en circulariteit.
Ook is de verwachting dat de huidige economische ontwikkelingen zullen leiden tot forse loon- en prijsontwikkelingen, waarvoor we mogelijk vanuit het rijk niet volledig gecompenseerd zullen worden. We investeren in de komende begrotingsperiode dan ook zorgvuldig en verstandig met het oog op groei in kwaliteit. We investeren waar het kan en tegelijkertijd sparen we alvast, om ook in de toekomst de ambities te kunnen realiseren. Binnen de beschikbare financiële ruimte realiseren wij een Investeringsfonds Doetinchem, waarmee we kunnen investeren voor de huidige én de toekomstige generaties inwoners van onze mooie gemeente. Onze ramingen zijn behoedzaam. Zo hebben we de middelen voor jeugd vanaf 2024 niet voor 100% geraamd, maar net als vorig jaar voor 75%. Daarnaast hebben we voorzichtigheidshalve nog geen rekening gehouden met de tot een rijksverantwoordelijkheid gemaakte aanvullende besparing op jeugdmiddelen. Gemeenten hebben hierdoor minder middelen nodig of er worden alternatieve inkomsten gegenereerd. Ook hebben we voor het komende jaar rekening gehouden met een stelpost voor het opvangen van prijsstijgingen. Onze coalitieagenda ‘Samen groeien in kwaliteit’ is ambitieus. De plannen en voorstellen zijn complex en vertonen veel samenhang. In deze begroting vindt u een eerste deel van de financiële vertaling van de coalitieagenda.
11
De uitgangspunten hierbij zijn: • We geven niet meer geld uit dan dat er binnenkomt. • Er moet een voldoende financiële buffer zijn om daadwerkelijk te kunnen groeien en risico’s te kunnen opvangen, ook voor de langere termijn. • Bij de uitvoering van de taken blijven we binnen de vanuit medeoverheden beschikbaar gestelde geoormerkte middelen. De begroting vertoont een financieel meerjarenperspectief met voordelige saldi tot en met 2025. De laatste jaarschijf sluit incidenteel niet. De ontwikkelingen in de septembercirculaire, waarbij het kabinet in aanloop naar de nieuwe financieringssystematiek in 2026 eenmalig in jaarschijf 2026 landelijk € 1 miljard extra beschikbaar stelt, maken dat we in de volgende begroting de jaarschijf 2026 ook sluitend kunnen krijgen. Ondanks dat de laatste jaarschijf incidenteel niet sluit, hebben we wel een structureel voordelig begrotingssaldo (zie paragraaf 2.6). Het weerstandsvermogen ligt in alle jaarschijven ruim boven de norm. Dit zorgt ervoor dat we een gezonde financiële uitgangspositie hebben als basis voor het begrotingsjaar 2023 en voor deze coalitieperiode.
2.2 Hoofdlijnen financieel begrotingsbeleid De financiën van onze gemeente zijn op orde en die houden we op orde. We geven niet meer geld uit dan dat er binnen komt. Door onze relatief lage schuldpositie en de hoogte van de algemene reserve kunnen we op zoek naar nieuwe investeringsruimte. Er is voldoende financiële buffer om daadwerkelijk te kunnen groeien en risico’s te kunnen opvangen. Uitgangspunt bij de uitvoering van taken is dat we binnen de vanuit medeoverheden beschikbaar gestelde geoormerkte middelen blijven. Deze uitgangspunten uit de coalitieagenda ‘Samen groeien in kwaliteit’ passen binnen de afgelopen jaren gehanteerde financiële hoofduitgangspunten: • Een structureel sluitende begroting en een gezond meerjarenperspectief Structureel sluitend wil zeggen dat we ervoor zorgen dat langjarige uitgaven ook worden gedekt door langjarige inkomsten. Dat is ook het belangrijkste toetsingscriterium van de provincie als toezichthouder. We ramen in de gemeentebegroting ook incidentele lasten en baten. Die worden voor drie jaren of korter geraamd. Het totaal van de structurele en incidentele uitgaven minus de inkomsten leidt tot het totale resultaat van de gemeentebegroting. Begrotingsoverschotten of -tekorten worden gemuteerd op de algemene reserve. De begroting vertoont een financieel meerjarenperspectief met voordelige saldi tot en met 2025.
De laatste jaarschijf sluit incidenteel niet. Wel hebben we een structureel sluitende begroting voor de gehele perspectiefperiode en bovendien voldoende weerstandsvermogen.
12
• Voldoende weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen geeft de verhouding weer tussen onze weerstandscapaciteit (algemene reserve en de stelpost onvoorziene uitgaven) en de financiële risico’s. Die verhouding drukken we uit in de ratio van ons weerstandsvermogen. Vorig jaar heeft de raad besloten dat, wanneer de ratio tussen de 1 en 1,5 is, we dan beschikken over voldoende buffer om risico’s op te vangen. De risico's vormen dan geen bedreiging voor onze financiële positie. Beneden de ondernorm dienen maatregelen te worden genomen om de weerstandscapaciteit aan te vullen en/of de risico’s te beperken. Boven de norm geeft ruimte om de weerstandscapaciteit in te zetten voor andere doeleinden. Bij de afwegingen hierover worden ook de financiële kengetallen ‘solvabiliteit’ en ‘schuldpositie’ betrokken. In de afgelopen jaren hebben we meer ervaring opgedaan met risicomanagement. Daarbij zien we dat naast de gekwantificeerde risico's, zich in de komende jaren ontwikkelingen en/of risico's voordoen die op dit moment (nog) niet of nauwelijks zijn te kwantificeren, maar die wel een beroep zullen doen op onze algemene reserve. De omvang ervan hangt af van bestuurlijke keuzes van rijk en onze gemeente en van maatschappelijke ontwikkelingen.
Denk hierbij aan hervormingsagenda jeugd, onderwijshuisvesting, klimaatadaptatie, de warmtetransitie, de omgevingsvisie, duurzaamheid en circulariteit en onze groei-ambities in het kader van 2036. Op dit moment zijn de crisis in de Oekraïne, de enorm inflatie, de schaarste aan arbeidskrachten en soms ook productiemiddelen (bijv. in de woningbouw) grotere risico’s. De ontwikkelingen in de algemene uitkering van het gemeentefonds (m.n. de meicirculaire 2022) hebben positief uitgepakt voor de financiële positie van onze gemeente. Met deze begroting hebben we op een gepaste wijze gebruik gemaakt van deze mogelijkheden om invulling te geven aan de coalitieagenda. De afhankelijkheid van en de onzekerheid over het rijksbeleid blijft een grote factor. We achten het daarom gewenst om over een algemene reserve te beschikken die ruimer is dan alleen de gekwantificeerde risico's. In het verleden hebben we ervaren welke impact rijksmaatregelen kunnen hebben op onze financiële positie. Het blijft belangrijk dat raad en college voortdurend het open gesprek voeren over het weerstandsvermogen. Immers, een incidentele uitschieter buiten de onder- of bovennorm hoeft niet onmiddellijk te leiden tot maatregelen of geeft bestedingsruimte. Het gaat om de tendens van het weerstandsvermogen in relatie tot een gezonde financiële positie op langere termijn.
2.3 Financiële uitgangspositie 2023 In de begroting 2023 nemen we het financieel meerjarenperspectief 2022 – 2026 op. De basis voor dit overzicht is de begroting 2022. Normaal gesproken maken we de ontwikkeling van het saldo inzichtelijk aan de hand van de Kadernota.
13
Dit jaar is er met de wisseling van het college geen Kadernota opgesteld. De bouwstenen zijn echter identiek aan voorgaande jaren, nl.: - Het resultaat van de jaarrekening 2021; - De afwijkingen in het Meerjarenperspectief Ontwikkellocaties (MPO) 2022 ten opzichte van het MPO 2021; - De afwijkingen uit de 1e bestuurlijke monitor 2022; - De mutaties van het rijk op het Gemeentefonds tot en met de decembercirculaire 2021. Uitgangspositie financieel meerjarenperspectief voor de begroting 2023
2022
2023
2024
2025
2026
Resultaat geamendeerde begroting 2022 t.g.v. algemene reserve
6.820 3.222
771
582
582
Resultaat jaarrekening 2021 t.g.v. algemene reserve na bestemmingsvoorstellen
10.243
Bedragen x € 1.000,-
MPO 2022 (mutaties t.o.v. MPO 2021) Subtotaal Septembercirculaire 2021 Gemeentefonds
-411
221
-66
38
0
9.832
221
-66
38
0
1.863 1.454 1.466 1.768 1.768
Decembercirculaire 2021 Gemeentefonds
-26 Totaal gemeentefonds
-112
174
236
236
1.837 1.342 1.640 2.004 2.004
Uitgangspositie 1e bestuurlijke monitor
18.489 4.785 2.345 2.624 2.586
Aanmeldingen uit 1e Bestuurlijke monitor 2022
-5.096
kosten corona 1e Bestuurlijke monitor 2022 tlv reserve corona Dekking uit reserve corona tbv 1e Bestuurlijke monitor 2022 Totaal eerste bestuurlijke monitor Totaal uitgangspositie begroting 2023 na 1e bestuurlijke monitor
-732 732 -5.096
0
0
0
0
13.393 4.785 2.345 2.624 2.586
Vervolgens nemen we voor de begroting 2023-2026 de volgende ontwikkelingen mee: • Ontwikkelingen in het Gemeentefonds zoals die opgenomen in de meicirculaire 2022; • Het resultaat van de 2e bestuurlijke monitor 2022 en de aanmeldingen in deze begroting. Hierbij is ook een financiële vertaling gemaakt van de ambities zoals die zijn opgenomen de coalitieagenda ‘Samen groeien in kwaliteit’. In paragraaf 2.4 worden de ontwikkelingen van het gemeentefonds toegelicht.
14
2.4 Ontwikkelingen gemeentefonds Met de raadsmededeling 2022-49 d.d. 5 juli 2022 is de raad geïnformeerd over de financiële consequenties van de meicirculaire 2022 van het Rijk over het Gemeentefonds. Helaas hebben wij onlangs, bij het doorrekenen van de septembercirculaire 2022 moeten constateren dat wij in de doorrekening van de meicirculaire 2022 een fout hebben gemaakt. Door in een invulveld bij de maatstaf ‘extra groei jongeren jonger dan 18 jaar’ een komma in plaats van een punt te hebben ingevuld is de ontwikkeling van de algemene uitkering in de raadsmededeling te positief berekend. Dit is in deze begroting aangepast. Met ingang van 2023 wordt de verdeling van het gemeentefonds herijkt. Deze financiële vertaling daarvan vindt plaats in de voorliggende begroting. Ontwikkeling omvang gemeentefonds De meicirculaire 2022 kent een aanzienlijke verhoging van het gemeentefonds. Desondanks dienen enkele aspecten in het achterhoofd gehouden te worden. Tot op dit moment heeft het rijk geen duidelijkheid gegeven over de wijze waarop structureel invulling wordt gegeven aan de opschalingskorting. Ook voor wat betreft de extra middelen voor de jeugdzorg bestaat nog onzekerheid. Daarnaast is de huidige prijs- en loonontwikkeling hoger dan de aanpassing die nu in het accres is verwerkt. Financieel effect meicirculaire 2022
2022
2023
2024
2025
2026
Bedragen x € 1.000,algemene mutaties 2021
-473
nominaal accres
3.514
9.201
14.831
18.600
9.990
loon- en prijsontwikkelingen
-2.331
-2.964
-5.583
-8.015
opschalingskorting
1.442
1.920
2.404
0
stelpost herverdeeleffect
549
112
-471
-471
extra middelen jeugdzorg
3.261
889
-780
-2.311
ozb hoeveelheidsverschillen/ontwikkeling uitkeringsbasis/herverdeling Totaal
151
278
404
656
-1.524
-4.030
-379
1.443
5.938
1.517
8.243
14.687
16.017
5.787
Herijking gemeentefonds In het meerjarenperspectief is de herijking van het gemeentefonds verwerkt. Met ingang van 2023 wordt de verdeling van het gemeentefonds gewijzigd door een aanpassing in de maatstaven en de indeling van de clusters. Door deze systeemwijziging ontstaat voor de gemeente Doetinchem een nadeel. Deze wordt gefaseerd doorgevoerd met behulp van een suppletieuitkering. In 2027 worden eventuele ongewenste gevolgen van de herijking op basis van onderzoek verwerkt. Daarnaast worden in de komende jaren al enkele specifieke aspecten tegen het voetlicht gehouden en zonodig aangepast. 15
Taakmutaties gemeentefonds Naast de wijziging van het accres en de herijking van het gemeentefonds kent de meicirculaire een aantal taakmutaties. In de berekening van de omvang van het gemeentefonds is er rekening mee gehouden alle taakmutaties worden doorgegeven aan het beleidsveld. Overzicht taakmutaties meicirculaire 2022
2022
2023
2024
2025
2026
Bedragen x € 1.000,Taakmutaties algemeen (A) Wmo beschermd wonen
1.227
1.868
1.868
1.867
1.866
Wsw
525
510
482
469
460
Jeugdzorg, vanaf 2023 naar algemene uitkering
130
18
18
19
19
Re-integratie: beschut werk
44
140
143
147
152
Maatschappelijke opvang en OGGz
-34
-34
-34
-34
-34
Gezond in de stad
15
0
0
0
0
Suppletie-uitkering bommenregeling
40
0
0
0
0
Inburgering
18
0
0
0
0
Armoedebestrijding kinderen
0
7
7
7
7
Crisisdienstverlening
541
0
0
0
0
Brede aanpak dak- en thuisloosheid
609
0
0
0
0
6
0
0
0
0
Regionale energiestrategie
301
0
0
0
0
Uitvoeringskosten klimaatakkoord
365
0
0
0
0
Extra capaciteit BOA's
39
39
39
39
39
Leefbaarheidstoets
0
21
21
21
22
Valpreventie bij ouderen (coalitieakkoord)
0
-47
-71
-73
-80
Versterking dienstverlening bij gemeenten: systeemleren
0
23
23
24
24
2.426
0
0
0
0
-33
0
0
0
0
0
0
0
-427
-441
Toezicht en handhaving voor EPBD III
5
0
0
0
0
Prenataal huisbezoek
-7
0
0
0
0
6.217
2.545
2.496
2.059
2.034
Einde lening inburgeringsplicht
Energietoeslag Continuiteïtsregeling cruciale jeugdzorg Eigen bijdrage huishoudelijke hulp (coalitieakkoord)
Subtotaal B Compensatiepakket Corona Handhaving quarantaine
1
0
0
0
0
Subtotaal
1
0
0
0
0
Totaal A+B
6.218
2.545
2.496
2.059
2.034
Een uitzondering is gemaakt voor de Rijkskorting voor valpreventie. Voorgesteld wordt om deze ten laste van de algemene middelen te brengen, hiervoor is in het programma Sociale en veerkrachtige samenleving een aanmelding opgenomen (50 Niet realiseren korting meicirculaire Valpreventie).
16
Raming extra middelen jeugdzorg Het Rijk en VNG werken op dit moment aan de Hervormingagenda jeugdzorg. Deze zal naar verwachting dit najaar worden afgerond. Vooruitlopend hierop zijn voor de jaren 2022 en 2023 reeds aanvullende, incidentele middelen toegevoegd aan het gemeentefonds, in lijn met de financiële reeks van de uitspraak van de Commissie van Wijzen (CvW). Naast de besparingsopgave die volgt uit de uitspraak van de Commissie van Wijzen heeft het kabinet besloten tot het realiseren van de aanvullende besparing van structureel € 511 miljoen, die tot een Rijksverantwoordelijkheid is gemaakt. Concreet betekent dit dat het aan de Rijksoverheid is om de besparing in te vullen met (wettelijke) maatregelen. Het gaat daarbij om maatregelen waardoor gemeenten minder middelen nodig hebben of waarbij alternatieve inkomsten gegenereerd worden (bv door middel van de invoering van een eigen bijdrage). Ook draagt het Rijk het budgettaire risico ingeval (een deel van) deze maatregelen geen of niet tijdig doorgang vinden. Het Rijk en InterProvinciaalOverleg hebben om op deze ontwikkelingen te anticiperen aanvullende afspraken gemaakt op welke wijze gemeenten mogen omgaan met deze te verwachten ruimte in de gemeentelijke begroting aanvullend op de meicirculaire.
Zij bieden de mogelijkheid om vanaf 2024 de stelpost op 100% te ramen en geen rekening te houden met de besparing die op basis van de Hervormingsagenda gerealiseerd moet worden. In lijn met het voorgaande jaar blijven we voor de jeugdzorg rekenen met een stelpost van 75% voor de jeugdzorg vanaf 2024. Wij kiezen voor deze voorzichtige raming, omdat uit de Hervormingsagenda een combinatie van een set maatregelen en een financieel kader zal volgen waarmee een structureel houdbaarder jeugdstelsel wordt gerealiseerd. Meer duidelijkheid hierover wordt dit najaar verwacht , wanneer de Hervormingsagenda gepresenteerd wordt door Rijk en de VNG. Daarnaast werkt het ministerie aan een wetsvoorstel ter verbetering van de Jeugdwet. Ook deze wordt verwacht in het najaar 2022. Voor 2023 ramen we overigens de middelen jeugd , zoals we die volgens de meicirculaire krijgen. Wanneer de geschetste ontwikkelingen aanleiding vormen voor bijstelling van de begroting in relatie tot de middelen jeugd, dan volgt bijstelling in een volgend cyclusdocument.
2.5 Financiële positie begroting 2023 na nieuwe ontwikkelingen en gemeentefonds In verband met de verkiezingen is er in tegenstelling tot voorgaande jaren dit jaar geen Kadernota opgesteld. De afwijkingen en ontwikkelingen voor 2023 en verder zijn geïnventariseerd als onderdeel van het proces van totstandkoming van de eerste en de tweede bestuurlijke monitor 2022.
17
Nieuwe ontwikkelingen begroting 2023 vanuit de 1e en 2e bestuurlijke monitor per programma
2022
2023
2024
2025
2026
Doetinchem 2036
-194
-194
-194
-194
Sociale en veerkrachtige samenleving
-104
-83
-83
61
Aantrekkelijke, gezonde en duurzame leefomgeving
-18
-17
-17
123
Bedragen x € 1.000,Nieuwe ontwikkelingen begroting 2023 vanuit 1e bestuurlijke monitor per programma
Organisatie en Financiën
40
34
95
95
0
-276
-260
-199
85
7
-1.658
-7.104
-9.904
-904
-1.260
-2.527
-4.086
-4.004
-3.992
-204
-1.061
-2.237
-659
-841
-2.399
-6.775
-2.683
-2.919
-3.156
Subtotaal
-3.856
-12.022
-16.109
-17.486
-8.892
Totaal
-3.856
-12.297
-16.369
-17.685
-8.807
Subtotaal Nieuwe ontwikkelingen begroting 2023 vanuit 2e bestuurlijke monitor per programma Doetinchem 2036 Sociale en veerkrachtige samenleving Aantrekkelijke, gezonde en duurzame leefomgeving Organisatie en Financiën
In de inventarisatie bij de tweede bestuurlijke monitor heeft ook de financiële vertaling van de Coalitieagenda een plek gekregen. In onderstaande tabel is inzichtelijk gemaakt wat de herkomst is van financiële aanpassingen. Nieuwe ontwikkelingen 2e bestuurlijke monitor per soort
2022
2023
2024
2025
2026
Bedragen x € 1.000,Coalitie-agenda gerelateerd (CA)
-511
-6.194
-9.965
-11.133
-2.137
-3.345
-5.828
-6.144
-6.353
-6.755
Corona (Cor)
-750
0
0
0
0
Ten laste van de Coronareserve (CorRes)
750
0
0
0
0
-3.856
-12.022
-16.109
-17.486
-8.892
Overige ontwikkelingen (OV)
Totaal
Op basis van de in paragraaf 2.4 geschetste ontwikkelingen van het Gemeentefonds en de in de programma’s (in hoofdstuk 3) beschreven financiële ontwikkelingen ontstaat het volgende financieel meerjarenperspectief. Het overzicht toont tot en met 2025 voordelige saldi. De laatste jaarschijf sluit incidenteel niet. Wel hebben we een structureel sluitende begroting voor de gehele perspectiefperiode (zie 2.6). De saldi worden tot en met 2025 toegevoegd aan de algemene reserve en dragen daarmee bij aan de verdere versterking van onze vermogenspositie (en weerstandsvermogen) van onze gemeente.
18
Het saldo van jaarschijf 2026 wordt onttrokken aan de algemene reserve. Echter de ontwikkelingen in de septembercirculaire, waarbij het kabinet in aanloop naar de nieuwe financieringssystematiek in 2026 eenmalig in jaarschijf 2026 landelijk € 1 miljard extra beschikbaar stelt, maakt dat we in de volgende begroting de jaarschijf 2026 ook sluitend kunnen krijgen. Financieel meerjarenperspectief begroting 2023
2022
2023
2024
2025
2026
Totaal uitgangspositie begroting 2023 na 1e bestuurlijke monitor
13.393
4.785
2.345
2.624
2.586
Meicirculaire 2022 Gemeentefonds, gecorrigeerde berekening
1.517
8.243
14.687
16.017
5.787
1.517
8.243
14.687
16.017
5.787
Doetinchem 2036
0
-194
-194
-194
-194
Sociale en veerkrachtige samenleving
0
-104
-83
-83
61
Aantrekkelijke, gezonde en duurzame leefomgeving
0
-18
-17
-17
123
Organisatie en Financien
0
40
34
95
95
0
-276
-260
-199
85
Bedragen x € 1.000,-
Totaal gemeentefonds Aanmeldingen programma's eerste bestuurlijke monitor
Totaal eerste bestuurlijke monitor Aanmeldingen programma's begroting 2023 Doetinchem 2036 Sociale en veerkrachtige samenleving Aantrekkelijke, gezonde en duurzame leefomgeving
7
-1.658
-7.104
-9.904
-904
-1.260
-2.527
-4.086
-4.004
-3.992
-204
-1.061
-2.237
-659
-841
-2.399
-6.775
-2.683
-2.919
-3.156
-3.856
-12.022
-16.109
-17.486
-8.892
Afwijkingen 2e Bestuurlijke monitor 2022 tlv algemene reserve
-749
0
0
0
0
kosten corona 2e Bestuurlijke monitor 2022 tlv reserve corona
749
0
0
0
0
0
0
0
0
0
11.054
731
663
956
-434
Organisatie en Financien Totaal begroting 2023 Corona tweede bestuurlijke monitor
Totaal Corona tweede bestuurlijke monitor Resultaat Begroting 2023 tgv de algemene reserve
2.6 Structureel en reëel sluitende begroting Structureel evenwicht Het eerste hoofduitgangspunt van ons financieel begrotingsbeleid is een structureel sluitende begroting. Bij de toelichting op de uitgangspunten in paragraaf 2.2 is aangegeven dat het erom gaat dat we ervoor zorgen dat de langjarige (=structurele) uitgaven ook worden gedekt door langjarige (=structurele) inkomsten. In onderstaand overzicht is het financieel beeld uitgedrukt in structurele en incidentele ontwikkelingen. 19
In het overzicht is de meerjarige ontwikkeling van het structurele begrotingssaldo weergegeven. Ter bepaling van dit saldo moet duidelijk zijn welke geraamde baten en lasten structureel zijn en welke incidenteel. In deel 5, de financiële begroting treft u de onderdelen aan die gebruikt zijn voor dit overzicht: • het overzicht van baten en lasten (artikel 17 BBV). • het overzicht van beoogde structurele toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves (artikel 19 lid d BBV); • het overzicht van de geraamde incidentele baten en lasten (artikel 19 lid c BBV) en de toelichting daarop. Uit onderstaand overzicht blijkt dat de structurele lasten in de begroting 2023 meerjarig worden gedekt door structurele baten. Ontwikkeling structurele begrotingssaldo per 1 januari
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
bedragen x € 1.000 Baten (a)
255.045
258.923
264.355
255.356
Lasten
254.315
258.260
263.399
255.791
Saldo baten en lasten tgv/tlv AR (A)
731
663
956
-434
Waarvan saldo incidentele baten (b)
2.203
-123
-57
-57
Waarvan saldo incidentele lasten
3.836
10.429
11.131
2.091
Waarvan incidentele lasten en baten (saldo) excl reserves (B)
6.039
10.306
11.074
2.034
Saldo structureel cf meerjarenperspectief (A+B)
6.770
10.968
12.030
1.600
Toevoegingen aan reserves
1.517
10.748
12.274
3.304
onttrekkingen aan reserves (c)
-2.470
-2.481
-2.463
-2.437
Saldo structurele mutatie reserves kap lastn (d)
1.093
1.094
1.099
1.106
Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves (C)
140
9.361
10.910
1.973
6.910
20.329
22.940
3.572
structurele baten (a+b+c+d)
255.872
257.413
262.935
253.967
structurele saldo/structurele baten
2,70%
7,90%
8,72%
1,41%
Strucureel begrotingssaldo (A+B+C)
Reëel evenwicht Naast structureel evenwicht moet de begroting ook in reëel evenwicht zijn. De geraamde bedragen in deze begroting zijn volledig en realistisch. De provinciale toezichthouder stelt de (wettelijke) eis dat de structurele baten de structurele lasten dekken en de ramingen realistisch zijn. Wanneer de jaarschijf 2023 van de begroting 2023 niet structureel en reëel in evenwicht is, dan moet aannemelijk zijn dat dit evenwicht uiterlijk in het laatste jaar van de meerjarenraming tot stand wordt gebracht. Als aan beide normen wordt voldaan komt de gemeente in aanmerking voor de minst belastende vorm van toezicht, namelijk repressief toezicht door de provincie.
20
We stellen vast dat de begroting 2023 in alle jaarschijven structureel sluitend is en reëel in evenwicht in jaarschijf 2023 tot en met 2025. Hiermee voldoen we aan beide normen.
2.7 Ontwikkeling algemene reserve Het hiervoor gepresenteerde financiële beeld leidt tot mutaties op de algemene reserve. De algemene reserve vormt het hoofdbestanddeel van de weerstandscapaciteit, naast de stelpost onvoorziene uitgaven. De weerstandscapaciteit vormt de buffer tegenover de financiële risico's van de gemeente. De verhouding tussen beide bestanddelen noemen we het weerstandsvermogen. Ontwikkeling van de algemene reserve
2022
2023
2024
2025
2026
Bedragen x € 1.000,Stand 1 januari (geamendeerde begroting 2022) Rente (omslagrente vanaf 2022 1,65%)
19.162 30.532 31.767 32.954 34.454 316
504
524
544
568
Resultaat 1e en 2e bestuurlijke monitor en begroting 2023 ev tgv algemene reserve
11.054
731
663
956
-434
Algemene reserve per eind van het jaar
30.532 31.767 32.954 34.454 34.588
2.8 Vermogenspositie Het tweede financiële hoofduitgangspunt van de begroting betreft voldoende weerstandsvermogen. Dat geeft de verhouding weer tussen onze weerstandscapaciteit en de financiële risico’s. Deze verhouding wordt uitgedrukt in de weerstandsratio. Zoals in paragraaf 1 van dit hoofdstuk al is vermeld, stellen we vanaf de begroting 2022 de norm voor de weerstandsratio tussen de 1,0 en 1,5. In de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing is de meest recente vermogenspositie geschetst. Daarbij zijn de mutaties op de algemene reserve verwerkt, die voortvloeien uit het financieel meerjarenperspectief. Hieruit blijkt dat wanneer de beschikbare weerstandscapaciteit in de gehele perspectiefperiode 2023-2026 wordt geconfronteerd met de gekwantificeerde risico's, de gemeente Doetinchem over voldoende weerstandsvermogen beschikt. De weerstandsratio bedraagt in 2023 circa 2 en loopt in de jaren erna af tot circa 1,87. Dit ligt boven de norm zoals die in de begroting 2022 is vastgesteld. Zoals eerder in dit hoofdstuk en in de 'Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing' al wordt betoogd, dient de weerstandsratio te worden bezien in relatie tot maatschappelijke ontwikkelingen en nog niet te kwantificeren risico's voor onze gemeente.
21
3. Leeswijzer programma's Elk programma is opgebouwd volgens de vier W-vragen: - Wat willen we bereiken? - Wat gaan we daarvoor doen? - Wie zijn daarbij betrokken? - Wat mag het kosten? Bij de eerste W-vraag ‘Wat willen we bereiken?’ worden de doelstellingen beschreven (A. Doelstelling). Bij de tweede W-vraag ‘Wat gaan we daarvoor doen?’ worden de activiteiten beschreven die die ervoor moeten zorgen dat de doelstellingen behaald worden (A1. Activiteit). De derde W-vraag ‘Wie zijn daarbij betrokken?’ gaat in op de vraag welke verbonden partijen en overige partijen betrokken zijn bij de realisatie van de doelstellingen. Tot slot worden bij de vierde W-vraag ‘Wat mag het kosten?’ de baten en lasten per programma gepresenteerd.
22
3.1 Programma - Doetinchem 2036 Voor dit thema zijn de volgende doelstellingen geformuleerd: A. Doetinchem heeft een herkenbaar profiel als centrumstad van de Achterhoek. B. Doetinchem heeft een spilfunctie in de regionale economie met nadruk op smart industry en innovatie. C. Doetinchem heeft aantrekkelijke voorzieningen voor bewoners en bezoekers en is een gastvrije gemeente D. Doetinchem heeft een aantrekkelijk woonklimaat voor alle doelgroepen. E. Er is een goede bereikbaarheid per fiets, openbaar vervoer en met de auto. F. Doetinchem is een veilige gemeente. G. Groeiambitie Doetinchem 2036
Wat willen we bereiken? A. Doetinchem heeft een herkenbaar profiel als centrumstad van de Achterhoek en zesde stad van Gelderland voor bewoners, bezoekers en ondernemers Doetinchem is een sterke stad in een sterke regio. Tegelijkertijd wil Doetinchem kansen grijpen om haar economische positie en die van de Achterhoek te versterken. Mede omdat Doetinchem een sterke strategische positie in de Regio Oost-Nederland heeft. Stad en streek hebben elkaar nodig, ze versterken elkaar. Vanwege infrastructuur, werk en voorzieningen is Doetinchem niet alleen de ‘stad’ voor de directe regio, maar ook een springplank naar regio’s in de wijdere omtrek: Arnhem-Nijmegen en Twente. Doetinchem kan door haar beperkte omvang wendbaar en in staat zijn tot het ‘spelen met schalen’. Voor het ene vraagstuk kunnen we samenwerken met de regiogemeenten, voor het andere met een grotere, nabijgelegen stad of zelfs met de bredere regio – elk beleidsthema vereist zijn eigen schaalniveau. We zetten er op in om Doetinchem als werkgemeente nog meer op de kaart te zetten. Dit doen we door de aantrekkelijkheid (ook qua profilering) te verhogen en kansen te grijpen. Arbeidskrachten zijn schaars en moeten behouden en geworven worden. Dat betekent niet alleen dat Doetinchem zich goed moet profileren, maar ook dat we inzetten op bereikbaarheid en een aantrekkelijk woonklimaat.
Daarom gaan we de economische kracht versterken met betrokkenheid van alle ondernemers in de gemeente Doetinchem. We stimuleren van ontmoeting en beleving, met name door kunst en cultuur, cultuurhistorie, evenementen en sport. Het verruimen van de mogelijkheden om functies te vermengen (bijv. winkel en horeca) draagt hier ook aan bij. Bij de uitbreiding van bedrijventerreinen leggen we de focus op innovatie, kwaliteit en brede welvaart.
23
Wat gaan we daarvoor doen? A1 . In het kader van Doetinchem 2036 de centrumrol van Doetinchem verder uitwerken in de vorm van een visie We werken aan een toekomstbestendige binnenstad in een economisch vitaal Doetinchem. Deze opgave houdt nauw verband met andere opgaven zoals de ontwikkeling van de spoorzone en de woonopgave. We maken een ontwikkelstrategie voor de binnenstad die aansluit op de economische kansen en uitdagingen van de gehele gemeente. Daarin gaan we beschrijven wat nodig is om de binnenstad toekomstbestendig te maken op de onderdelen die passen bij ons DNA: Gastvrij, Groen en Water. Het beschikken over een passend en onderscheidend voorzieningenniveau op deze onderdelen maakt hier onderdeel van uit. Tevens voegen we daar het onderdeel Wonen aan toe, gezien de huidige brede problematiek en ambitie die speelt op dit thema. A2 . Doetinchem werkt aan een aantrekkelijke binnenstad waar altijd wat te beleven is De binnenstad van Doetinchem staat er goed voor. Er is volop geïnvesteerd in fysieke projecten die verblijven in het centrum aantrekkelijker maken (Aanvalsplan Binnenstad). Daarnaast is er organisatiecapaciteit om de binnenstad te promoten en om evenementen te faciliteren en te organiseren (Binnenstadbedrijf). Er zijn veel lege winkels omgezet naar woningen en we gaan daar mee door. Het transformatieloket ondersteunt hierbij.
Kortom er gebeurt veel om de binnenstad bruisender te maken. De binnenstad is ook kwetsbaar, zeker nu de economische situatie lijkt te veranderen. Met name het inhaaleffect van faillissementen in de komende periode met het wegvallen van de coronasteunmaatregelen, de stijgende energieprijzen en het feit dat belastingen weer moeten worden betaald zal zijn weerslag hebben op de binnenstad. In 2023 werken we aan een nieuw plan voor de binnenstad. Hiervoor vragen we de raad om een werkbudget. Met dit budget werken we aan een nieuwe visie en uitvoeringsagenda voor de stad en hebben we incidenteel ruimte voor pilots en nieuwe initiatieven.
Wat willen we bereiken? B. Doetinchem heeft een spilfunctie in de regionale economie met nadruk op smart industry en innovatie De kracht van de Doetinchemse economie is de diversiteit aan bedrijvigheid in onze gemeente. Wij zijn een evenwichtige en stabiele bedrijventerrein-stad. De divers samengestelde economie vertaalt zich in bestendigheid. Daarnaast zijn er in Doetinchem veel innovatieve en toonaangevende bedrijven actief in relatief wat kleinere markten (small giants). Tegelijkertijd zien we de behoefte aan groei, personeel en uitbreiding.
24
Het belang van een stabiele economie wordt in tijden als deze maar al te duidelijk. Doetinchem wil de basis op orde houden en uitgroeien tot ‘Toplocatie Oost’; een zelfbewuste netwerkstad met een spilfunctie in het oosten van het land. Om uit te groeien tot ‘Toplocatie Oost’ willen we de verbinding tussen het bedrijfsleven en het onderwijs optimaliseren om (nieuw) personeel te boeien en binden, en bedrijven en publieke instellingen toekomstbestendig draaiende houden. Daarnaast willen we innovaties tussen bedrijven stimuleren, de circulariteit van de economie vergroten en onze netwerkkracht buiten de Achterhoek sterker inzetten.
Wat gaan we daarvoor doen? B1 . Uitvoering geven aan de economische agenda Onze ambitie is om van de Doetinchemse economie Toplocatie Oost te maken. Qua economische bedrijvigheid willen we in de top van Gelderland en Landsdeel Oost plaatsnemen. We willen het hoofd bieden aan de uitdagingen en kansen van de toekomst op het gebied van arbeidsmarkt, wonen en innovatie. De economie van Doetinchem heeft zich gunstig ontwikkeld. Dit willen we graag behouden en versterken. De ambitie voor Doetinchem is dan ook om sterker te benutten waar we al goed in zijn en te ontwikkelen waar we onderscheidend in kunnen worden. Dit vraagt focus, we spelen in op een beperkt aantal strategische pijlers. De grootste uitdagingen voor de komende jaren liggen vooral op de volgende vlakken. Personeel, op alle niveaus: hoe trekken, binden en boeien we werknemers? Locatie, met name bereikbaarheid: hoe zorgen we voor een kortere reistijd? Bekendheid van Doetinchem en bedrijven: hoe komen we meer op het netvlies? Netwerken, binnen stad en regio: hoe zetten we de netwerken effectiever in? We bouwen samen aan het fundament vanuit de overtuiging dat hoezeer we ook individueel ons best doen, de economische ontwikkeling om gezamenlijke oplossingen vraagt. We willen niet alleen praten over oplossingen. We willen doen.
De Strategische Agenda geeft daarom voor de periode 2023 – 2027 focus aan onze gezamenlijke inzet op de ontwikkeling van de economie, daar waar onze verantwoordelijkheid en invloed ligt. Samen zetten we ons daarom in voor een florerende en toekomstbestendige economie, waarin iedereen talenten en kansen benut en waar werkgevers en ondernemers ruimte hebben om te groeien. B2 . Behouden, versterken en aantrekken (nieuwe) bedrijvigheid Er zijn geen vrije bedrijfskavels meer beschikbaar die worden uitgegeven door de gemeente. Er is alleen nog sprake van een flexibele schil van kavels die we bijvoorbeeld kunnen inzetten voor gewenste bedrijfsverplaatsingen. Dit vraagt om een verkenning hoe we het bedrijfsleven in de toekomst ontwikkelruimte geven. In 2023 voeren we hier een onderzoek naar uit welke mogelijkheden er liggen voor inbreiding en uitbreiding om de groei van het bedrijfsleven te faciliteren. We vragen hiervoor een 25
krediet om dit onderzoek uit te voeren. Daarnaast willen we onze bedrijven goed van dienst blijven en versterken we de bereikbaarheid van onze organisatie. We maken ons ondernemersportaal toegankelijker en persoonlijker. B3 . Ruimtelijke economisch beleid In 2023 gaan we aan de slag met een nieuw ruimtelijk economisch beleidskader (REB). Hiervoor evalueren we onder anderen de bestaande economische beleidskaders, zoals de BIVA (Bedrijventerreinen in Verandering). Het doel is om aan te sluiten bij de omgevingsvisie en te komen tot een integrale gebiedsafweging op basis van economische functies. Het REB is een toetsingskader voor initiatieven en verzoeken die niet (of deels) binnen de huidige bestemming passen. Met dit nieuwe kader beogen we meer maatwerk te kunnen leveren en innovaties mogelijk te maken ten aanzien van economische functies op verschillende plekken. Inzetten op innovatie en innovatieve bedrijven is een terugkerend thema met het oog op de ambities naar 2036. Bij toetsing leggen we dan ook de focus op innovatie, duurzaamheid, kwaliteit en brede welvaart. B4 . Aanpak tekorten arbeidsmarkt Op dit moment is binnen een groot aantal sectoren een urgent tekort op de Achterhoekse arbeidsmarkt. Het grootste economische risico op dit moment is dat bepaalde (basis)activiteiten niet opgepakt of uitgevoerd kunnen worden doordat de arbeidskrachten er niet voor zijn.
Bedrijven doen er alles aan om nieuwe mensen aan te trekken, maar dit lukt maar beperkt: er wordt in dezelfde vijver gevist, er is een groot onbenut arbeidspotentieel en mensen van buiten weten Doetinchem/de Achterhoek niet goed te vinden. Binnen regio wordt hierop al vol ingezet en dit willen we ook lokaal versterken door ons ook sterker te focussen op de kracht van Doetinchem binnen de regio. In samenwerking met het Doetinchemse bedrijfsleven en het onderwijsveld gaan wij ons gericht inzetten om de kansen te benutten om Doetinchem als werkgemeente te profileren, kansen creëren om onbenut arbeidspotentieel in te zetten, inclusieve arbeidsmarkt te realiseren, talenten te binden aan Doetinchem, etc. Hiervoor is uitvoeringsbudget nodig om de strategische alliantie tussen onderwijs, bedrijfsleven en overheid te versterken en om activiteiten te kunnen uit voeren zoals uitvoeren promotie-acties, de citymarketing en versterken van het recruiten. B5 . Uitvoering geven aan programma Doetinchem Natuurlijk Duurzaam: ondernemers activeren tot verduurzaming van het bedrijf Ondernemers worden wegwijs gemaakt in de benodigde maatregelen in het kader van verduurzaming (energiescan, zon op bedrijfsdaken) en beschikbare subsidie en/of leningen. Waar netcongestie bestaat zoeken wij samen met Agem naar oplossingen.
Duurzaamheid (energie, circulair, biodiversiteit, klimaatadaptatie) en het stimuleren hiervan wordt een vast punt op agenda’s bij overleggen en bijvoorbeeld bij kavelverkoop en revitalisering.
26
We willen de overgang van een lineaire naar een circulaire economie waarin geen verspilling bestaat stimuleren. Een circulaire economie vraagt om nieuwe businessconcepten en andere vormen van ketensamenwerking. Afval van het ene wordt grondstof voor het andere. Grondstoffen en materialen vormen sluitende ketens en behouden hun waarde. We stimuleren processen waarbij minder (primaire) grondstoffen nodig zijn. We haken aan op ideeën vanuit het bedrijfsleven en de regio. Het uitvoeringskrediet van 200.000 euro voor toekomstbestendigheid en verduurzaming van bedrijventerreinen gebruiken we om circulaire initiatieven aan te jagen, te communiceren en te verbinden. We faciliteren advies en stimuleren programma’s die inzicht geven in grondstoffenverbruik. op bedrijventerreinen kijken we ook naar maatregelen om deze klimaatadaptief in te richten, bijvoorbeeld met maatregelen tegen hittestress. Een voorbeeld is Verheulsweide, waar de gemeente samen met het parkmanagement en het Zonecollege samenwerkt aan het werklandschap van de toekomst.
Wat willen we bereiken? C. Doetinchem heeft aantrekkelijke voorzieningen voor bewoners en bezoekers en is een gastvrije gemeente Doetinchem heeft een hoogwaardig voorzieningenniveau en dat willen we graag behouden en versterken. Met goede voorzieningen zijn we een gemeente waar inwoners, bezoekers uit de regio en toeristen graag verblijven en/of op bezoek komen. Langer verblijven en vaker terugkomen is een belangrijke bouwsteen voor een goed vestigingsklimaat in de gemeente. Gastvrij zijn zit in ons dna. We nemen (fysieke) maatregelen die de ervaren gastvrijheid versterken.
Wat gaan we daarvoor doen? C1 . Verbinden van parels Doetinchem en de Achterhoek Om de belevingswaarde van Doetinchem te versterken en uit te dragen wordt in de Koersnotitie- en Uitvoeringsagenda Vrijetijdeconomie de focus op zowel de binnenstad én het buitengebied gelegd. Bezoekers weten daardoor de weg naar Doetinchem beter te vinden en de inwoners recreëren aangenamer en meer in hun eigen gemeente. Kansen dienen zich aan bij de, in de Uitvoeringsagenda Vrijetijdseconomie geformuleerde speerpunten, ‘Doetinchem beleven’ en ‘Buiten-leven’. Voorbeelden van kansrijke projecten zijn de realisatie van een VVV Inspiratiecentrum in de binnenstad, het faciliteren van een bezoekerscentrum voor Achterhoekse kastelen en landgoederen in kasteel Slangenburg en het verbinden van de binnenstad met attracties daarbuiten. Ook wordt gefocust op het recreatief beter verbinden van de binnenstad met het water van de Oude IJssel.