CConstaterende datDoetinchem
Koppel je AI →
Document · PDF

B7.15 Bijlage 15 onderbouwing Akkerhof - Trillingshinderonderzoek.pdf

gemeenteraad 30 maart 2026, gemeente DoetinchemBij agendapunt: 4.1: Wijzigingsbesluit omgevingsplan gemeente Doetinchem 2025-2G2.120 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Trillingshinderonderzoek woningbouw Akkerstraat te Gaanderen

Rapportnummer H 9731-1-RA d.d. 14 januari 2025

Trillingshinderonderzoek woningbouw Akkerstraat te Gaanderen

Opdrachtgever: BOO – Bureau Ontwerp & Omgeving Rapportnummer: H 9731-1-RA Datum: 14 januari 2025 Referentie: HH/OJ/JMa/H 9731-1-RA Verantwoordelijke: ir. J.A. Huizer Opsteller: MSEng O. Joostensz 085 8228 795 o.joostensz@peutz.nl

Peutz bv, postbus 696, 2700 ar zoetermeer, +31 85 822 87 00, info@peutz.nl, www.peutz.nl kvk 12028033, opdrachten volgens DNR 2011, lid NLingenieurs, btw NL.004933837B01, ISO-9001:2015 mook - zoetermeer - groningen - eindhoven - haps - düsseldorf - dortmund - berlijn - nürnberg - leuven - parijs - lyon

H 9731-1-RA 2

Inhoudsopgave 1

Inleiding

4

2

Uitgangspunten

5

2.1

Streefwaarden trillingniveaus

5

2.2

Situering planlocatie

6

Metingen en berekeningen

7

3.1

Meetmethode en meetinstrumenten

7

3.2

Meetposities

7

3.3

Meetresultaten

7

3

4

Beoordeling en conclusie

10

De inhoud van dit document mag niet worden gewijzigd. Het document mag zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Peutz niet in delen worden verspreid. Peutz aanvaardt geen aansprakelijkheid voor schade die voortvloeit uit of samenhangt met het wijzigen van de inhoud van dit document.

H 9731-1-RA 3

1

Inleiding In opdracht van BOO - Buro Ontwerp & Omgeving is onderzoek verricht naar de optredende trillingniveaus ten gevolge van railverkeer ter hoogte van de geprojecteerde woningbouwlocatie aan de Akkerstraat te Gaanderen. De beoogde nieuwbouwontwikkeling omvat de realisatie van circa 18 grondgebonden woningen. De dichtstbijgelegen gevellijn van de beoogde woningbouw is geprojecteerd op circa 16 meter van het spoor. Aangezien de afstand tot het spoor relatief klein is, zijn voelbare trillingen in de te realiseren woningen niet op voorhand uit te sluiten. Om woningbouw op de beoogde locatie planologisch inpasbaar te maken dient in het kader van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties onderzoek te worden verricht naar optredende trillingniveaus op maaiveld ten gevolge van railverkeer. Doel van het onderzoek is het meettechnisch vaststellen van de optredende trillingniveaus op maaiveld in horizontale (X, Y) en verticale (Z) richting ten gevolge van het railverkeer en deze te toetsen aan de richtwaarden uit SBR Richtlijn B 'Hinder voor personen in gebouwen'. Indien de trillingniveaus op maaiveldniveau voldoen aan de richtwaarden uit deze SBR Richtlijn, is trillinghinder in de woningen (vrijwel) uitgesloten. Het uitgevoerde onderzoek is in overeenstemming met de Handreiking Nieuwbouw en Spoortrillingen van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat.

H 9731-1-RA 4

2

Uitgangspunten

2 .1 S tr ee fwaa rden tr il l ingni vea us

De trillingniveaus vanwege het railverkeer ter plaatse van de geprojecteerde woningbouwlocatie worden getoetst aan de streefwaarden uit de Richtlijn B 'Hinder voor personen in gebouwen door trillingen, Meet- en beoordelingsrichtlijn' uit augustus 2002 van de Stichting Bouwresearch (SBR Richtlijn B). Conform SBR Richtlijn-B worden voor nieuwe situaties en bij herhaald voorkomende trillingen gedurende lange tijd, waarvan in deze situatie sprake is, de in tabel weergegeven streefwaarden gehanteerd. De streefwaarden hebben betrekking op voelbare trillingen tot 100 Hz. Boven 100 Hz worden trillingen door de mens in het algemeen niet meer voelbaar geacht. Bij de bepaling van de beoordelingsgrootheden worden de trillingniveaus gewogen, waarbij rekening wordt gehouden met de trillinggevoeligheid voor verschillende frequenties door mensen. Door deze frequentieweging ontstaat een dimensieloze eenheid. t 2.1 Overzicht streefwaarden conform de Richtlijn SBR-B voor de gebouwfunctie wonen in een nieuwe situatie bij herhaald voorkomende trillingen gedurende lange tijd Periode

A1

A2

A3

Dagperiode (07.00 – 19.00 uur))

0,1

0,4

0,05

Avondperiode (19.00 - 23.00 uur)

0,1

0,4

0,05

Nachtperiode (23.00 - 07.00 uur)

0,1

0,2

0,05

De optredende trillingniveaus voldoen aan de streefwaarden indien voldaan wordt aan één van onderstaande twee voorwaarden: • de waarde van de maximale trillingsterkte in een ruimte (V max) is ten hoogste A1; • de waarde van de maximale trillingsterkte in een ruimte (V max) is ten hoogste A2 waarbij de trillingsterkte over de beoordelingsperiode in deze ruimte (V per) ten hoogste A3 is. Treinpassages vinden plaats zowel in de dag-, avond- als nachtperiode. Volgens de meest recente dienstregeling (d.d. 15 december) is er op het betreffende traject geen treinverkeer tussen 00:50 uur en 06:40 uur. Dit betekent dat de streefwaarden voor de nachtperiode maatgevend zijn voor de beoordeling. Bovengenoemde streefwaarden zijn overigens geen wettelijke grenswaarden. Wel worden de SBR-richtlijnen in de jurisprudentie gehanteerd ter bepaling van de beoordelingscriteria. Bij het voldoen aan de streefwaarden uit de SBR Richtlijn-B is er in het algemeen sprake van een acceptabele situatie, ondanks dat trillingniveaus groter dan 0,1 (zeer) licht voelbaar H 9731-1-RA 5

kunnen zijn. Door toetsing aan A3 wordt een groot aantal overschrijdingen van het voelbaarheidscriterium (0,1) beperkt. 2 .2 S itu er ing pl an lo ca ti e

In figuur f 2.1 is een uitsnede van de ligging van de geprojecteerde woningbouw ten opzichte van het spoor weergegeven.

Meetpositie III Meetpositie IV

Meetpositie II

Meetpositie I

f 2.1 Planlocatie beoogde nieuwbouw ontwikkeling Akkerstraat te Gaanderen

De geprojecteerde woningbouw is gelegen langs het railtraject Doetinchem-Terborg. Ter plaatse is sprake van een enkel spoor, zonder spoorwissels en/of bochten. De spoorlijn is gelegen op een aarden baan op maaiveldniveau. Op basis van de opgave van ProRail rijden er op het traject uitsluitend passagierstreinen, geen goederentreinen.

H 9731-1-RA 6

3

Metingen en berekeningen

3 .1 M e e tme thod e en me et inst ru men t en

De trillingmetingen zijn uitgevoerd conform SBR Richtlijn-B en de 'Handreiking Nieuwbouw en Spoortrillingen'. De trillingmetingen zijn uitgevoerd met behulp van vier trillingrecorders, fabricaat SYSCOM, type MR3000C met geïntegreerde XYZ-opnemer. De metingen zijn geanalyseerd met behulp van het analyseprogramma Octave Syscom Program, fabricaat Peutz. De trillingopnemer is een triaxiale snelheidssensor en heeft een frequentiebereik van 1 tot 315 Hz. 3 .2 M e e tpos it i es

In figuur f 2.1 zijn de locaties van de trillingopnemers tijdens de metingen weergegeven. De metingen zijn verricht op drie locaties nabij de toekomstige gevellijn van de meest nabij het spoor geprojecteerde woningen en op een locatie nabij de toekomstige gevellijn van verder gelegen woningen. Op alle meetlocaties is gedurende enkele uren bemand gemeten. Hierbij zijn passages van twintig treinen geregistreerd en gerelateerd aan de gemeten trillingniveaus. Dit aantal is voldoende om van een representatieve situatie te spreken. Er is geen noodzaak om langer te meten vanwege de afwezigheid van goederentreinen. De meetposities I t/m III zijn gesitueerd op een afstand van circa 16 meter van de dichtstbijgelegen spoorstaaf. De meetpositie IV is gesitueerd op een afstand van circa 40 meter van de dichtstbijgelegen spoorstaaf. 3 .3 M e e tr esul ta t en

In tabel t 3.1 zijn voor alle meetposities de gemeten waarden (Veff,max) opgenomen, alsmede de waarde voor V per. De in tabel gegeven trillingniveaus in de X-richting zijn evenwijdig aan het spoor, de trillingniveaus in Y-richting zijn loodrecht op het spoor. De optredende trillingniveaus zijn uitsluitend vanwege passerende treinen. Bij meetpositie 1 zijn in de horizontale richting (zowel in X-richting als in Y-richting) verhoogde trillingniveaus gemeten.

H 9731-1-RA 7

t 3.1 Trillingniveaus gemeten op meetposities op 16 m vanaf de buitenste spoorstaaf Meetpositie 1 x

y

Meetpositie 2

Meetpositie 3

Meetpositie 4

z

x

y

z

x

y

z

x

y

z

Top 15 Veff,max,30,i 1,23

1,22

0,48

0,36

0,46

0,35

0,45

0,35

0,35

0,24

0,25

0,18

1,04

1,14

0,42

0,32

0,42

0,33

0,36

0,34

0,32

0,24

0,23

0,17

1,03

1,14

0,42

0,32

0,42

0,32

0,34

0,33

0,27

0,23

0,23

0,17

1,01

1,07

0,41

0,32

0,41

0,32

0,33

0,32

0,26

0,21

0,22

0,17

0,98

0,69

0,40

0,30

0,38

0,29

0,31

0,31

0,25

0,21

0,21

0,16

0,58

0,58

0,27

0,29

0,37

0,29

0,29

0,30

0,25

0,21

0,20

0,16

0,50

0,53

0,27

0,28

0,37

0,29

0,28

0,29

0,24

0,20

0,19

0,16

0,49

0,48

0,26

0,28

0,35

0,28

0,26

0,23

0,24

0,20

0,19

0,16

0,42

0,47

0,25

0,26

0,30

0,26

0,26

0,20

0,22

0,19

0,18

0,15

0,41

0,35

0,24

0,26

0,30

0,26

0,26

0,20

0,20

0,19

0,18

0,14

0,40

0,33

0,23

0,26

0,29

0,26

0,25

0,20

0,18

0,18

0,18

0,13

0,39

0,32

0,23

0,25

0,29

0,24

0,25

0,19

0,17

0,18

0,15

0,12

0,38

0,28

0,23

0,24

0,28

0,22

0,24

0,17

0,16

0,17

0,14

0,12

0,33

0,25

0,23

0,23

0,26

0,22

0,23

0,17

0,16

0,15

0,13

0,11

0,30

0,24

0,19

0,22

0,21

0,21

0,23

0,16

0,16

0,14

0,12

0,10

0,703

0,285

0,262

0,314

0,256

0,271

0,236

0,214

0,182

0,173

0,135

0,304

0,123

0,113

0,136

0,111

0,117

0,102

0,093

0,079

0,075

0,058

Vper;dag / Vper;avond 0,623 Vper;nacht 0,270

In bijlage 1 zijn de gemeten trillingniveaus gedurende de meetperiode weergegeven voor alle meetposities. In bijlage 2 is voor elke meetpositie het spectrum in alle drie de meetrichtingen van een maatgevende treinpassage gegeven. Uit bijlage 2 volgt dat ten gevolge van treinpassages dominante trillingniveaus in het frequentiegebied 25 en 31,5 Hz optreden. Treinpassages geven op alle meetposities intermitterend optredende piekniveaus gedurende het passeren van de betreffende trein. Het tijdniveauplaatje van de maatgevende passage is voor alle posities weergegeven in bijlage 3. Op meetpositie I zijn de gemeten trillingniveaus in alle richtingen aanzienlijk hoger dan op de overige meetposities. Dit verschijnsel treedt met name op in vijf van de twintig treinpassages. Het betreft hierbij treinen vertrekkende vanaf het station (treinen in de richting van Winterswijk). De reden voor deze hoge waarden is onbekend.

H 9731-1-RA 8

Meetpositie IV bevindt zich op een grotere afstand tot het spoor dan de overige drie meetposities. De grotere afstand tot het spoor leidt tot lagere waarden van de maximaal optredende trillingniveaus.

H 9731-1-RA 9

4

Beoordeling en conclusie Uit de resultaten blijkt dat ter hoogte van de geprojecteerde gevellijn nabij het spoor de Vmax-waarde vanwege treinpassages in de maatgevende (verticale) richting ten hoogste (afgerond) 0,52 bedraagt. In de horizontale richting bedraagt het maximale trillingniveau 1,71. Op grotere afstand van het spoor betreffen de maximale waarden voor de verticale en horizontale richting 0,18 en 0,25, respectievelijk. De gemeten trillingniveaus op maaiveldniveau zijn hoger dan streefwaarde A 2 van 0,2 voor nieuwe situaties in de nachtperiode. De trillingniveaus op grotere afstand van het spoor zijn eveneens hoger dan streefwaarde A 2. De gemeten trillingsniveaus hebben een aanstootfrequentie van 25 à 31,5 Hz. Dergelijke hoogfrequente trillingen worden doorgaans sterk gedempt door een relatief zwaar en stijve fundering. Daarmee zal het mogelijk zijn om te voldoen aan de streefwaarden voor maximaal toelaatbare trillingniveaus in de geprojecteerde woningen, zowel ten aanzien van de streefwaarde A 2 voor het maximale trillingniveau als ten aanzien van de streefwaarde A 3 voor het gemiddelde trillingniveau V per. Bij de verdere uitwerking van het ontwerp van de woningen is het raadzaam na te gaan in hoeverre voldoende trillingreductie daadwerkelijk wordt gerealiseerd.

Daarbij zal er ook zorg voor gedragen moeten worden dat eigenfrequenties van vloeren niet worden aangesloten op de aanstootfrequentie van de treinpassages ten einde resonantie te voorkomen. Geadviseerd wordt in een volgend stadium het ontwerp van de beoogde woningbouw door te rekenen op dempend vermogen van de fundatie om opslingering (resonantie) door aanstoting van eigenfrequenties van vloeren te voorkomen.

Dit rapport bevat 10 pagina’s en 3 bijlagen.

H 9731-1-RA 10

Bijlage 1 Gemeten triliingniveaus

H 9731-1-RA 1.1

Bijlage 2 Maatgevende treinpassages

H 9731-1-RA 2.1

Bijlage 3 Trillingniveau in de tijd

H 9731-1-RA 3.1

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://besluitvorming.doetinchem.nl/api/v1/meetings/8376/documents/51877